RECHTBANK MAASTRICHT Sector Kanton Locatie Maastricht zaaknr: 347049 CV EXPL 09-4147 typ: MH coll: MH vonnis van 27 januari 2010 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TELE2 NEDERLAND B.V., gevestigd te Amsterdam, eisende partij, hierna te noemen: Tele2, gemachtigden: J.H.L. Sinkiewicz, deurwaarder te Maastricht en mr. P.L.J.M. Guinée, incasso-adviseur te Den Haag (Intrum Jusititia Nederland B.V.) tegen [gedaagde], wonend te [adres], gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde], gemachtigde: mw. mr. A.F.G. Jeurissen, advocaat te Maastricht. VERLOOP VAN DE PROCEDURE Tele2 heeft bij exploot van dagvaarding van 20 augustus 2009 een vordering ingesteld tegen [gedaagde] onder medebetekening van één productie. [gedaagde] heeft - na gevraagd en verkregen uitstel - schriftelijk geantwoord onder verwijzing naar drie, deels meervoudige, producties. Tele2 heeft daarop voor repliek geconcludeerd onder verwijzing naar vijf, deels meervoudige producties. [gedaagde] heeft voor dupliek geconcludeerd. Hierna is vonnis bepaald, waarvan de uitspraak is bepaald op heden. MOTIVERING het geschil Tele2 vordert de veroordeling van [gedaagde] – bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad – tot betaling van een bedrag van € 332,98 ( samengesteld uit een hoofdsom van € 303,41, vervallen rente van € 14,47 en buitengerechtelijke kosten van € 75,00, verminderd met een betaling van € 59,90), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding tot de dag van algehele voldoening, alles onder verwijzing van [gedaagde] in de proceskosten. Tele2 legt aan haar vordering het volgende ten grondslag. Tele2 is gespecialiseerd in het verlenen van diensten op het gebied van (tele)communicatie. Die diensten bestaan “onder meer” in het toegang verlenen tot netwerken voor mobiele en vaste telefonie en tot het internet. [gedaagde] heeft zich bij Tele2 aangemeld om tegen betaling van deze diensten gebruik te maken. De aanvaag is gehonoreerd en [gedaagde] is bij Tele2 geregistreerd. Volgens Tele2 zijn op deze overeenkomst de door haar gehanteerde algemene voorwaarden van toepassing. [gedaagde] heeft na aanmaning een bedrag van € 59,90 betaald. Voor het overige is [gedaagde], ondanks diverse betalingsherinneringen, toerekenbaar tekortgeschoten in zijn betalingsverplichtingen. [gedaagde] heeft bij conclusie van antwoord – samengevat – het volgende verweer gevoerd. Als primair standpunt roept [gedaagde] op grond van de artikelen 7:46c, 7:46j en 3:40 lid 2 BW de vernietigbaarheid van de overeenkomst in. Subsidiair heeft [gedaagde] zich op het standpunt gesteld dat de eventueel niet vernietigde overeenkomst bij brief van 20 september 2007 van [gedaagde] per 31 januari 2008 door opzegging is beëindigd. [gedaagde] benadrukt dat hij, in tegenstelling tot hetgeen in het exploot van dagvaarding staat vermeld, wel degelijk verweer heeft gevoerd. Hij heeft diverse brieven naar Tele2 gestuurd, waarop hij echter nooit reactie heeft ontvangen. Tele2 heeft deze procedure ten onrechte en nodeloos gestart en dient daarom te worden verwezen in de proceskosten van [gedaagde]. Bij repliek stelt Tele2 dat [gedaagde] sinds november 2006 gedurende langere tijd gebruik heeft gemaakt van de diensten van Tele2 en een aantal facturen van Tele2 heeft voldaan. Tele2 betwist dat [gedaagde] de overeenkomst bij brief van 20 september 2007 heeft opgezegd en verwijst daartoe naar een in het geding gebracht gefotokopieerd e-mailbericht van 20 februari 2008 (productie 5). In de door [gedaagde] overgelegde brief van Intrum Justitia van 3 april 2009 staat ten onrechte dat [gedaagde] de overeenkomst heeft opgezegd. De overeenkomst is geëindigd “als gevolg van ontbinding wegens wanbetaling”. Bij dupliek handhaaft [gedaagde] zowel zijn primaire als zijn subsidiaire standpunt. de beoordeling De kantonrechter overweegt dat Tele2 haar vordering volstrekt onvoldoende heeft onderbouwd, zowel naar de feitelijke als naar de juridische grondslag. Het enige dat gelet op de overgelegde stukken als vaststaand kan worden aangenomen, is dat [gedaagde] in de periode 12 juli tot en met 11 oktober 2007 gebruik heeft gemaakt van diensten van Tele
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.