RECHTBANK MAASTRICHT Sector Civiel Datum uitspraak: 15 juli 2011 Zaaknummer: 160950 / FA RK 11-518 De enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de navolgende beschikking gege[de minderjarige] de zaak van: [naam 1], verder te noemen [de minderjarige], wonende te [woonplaats], Belanghebbenden: [belanghebbende 1], verder te noemen de moeder, wonende te [woonplaats], en [belanghebbende 2], verder te noemen de vader, wonende te [woonplaats].
- Het verloop van de procedure Ter griffie van de rechtbank is een brief d.d. 25 april 2011 van de minderjarige [de minderjarige] ontvangen, waarin hij, kort gezegd, verzoekt om zijn hoofdverblijfplaats bij zijn vader vast te stellen. De vader heeft een brief d.d. 5 mei 2011 ter griffie ingediend. De moeder heeft een brief d.d. 23 mei 2011 ter griffie ingediend. [de minderjarige] is op 17 mei 2011 door de kinderrechter gehoord. De ouders van [de minderjarige] zijn gehoord op 8 juli
- De feiten [de minderjarige] is op [1997] te [geboorteplaats] geboren uit het huwelijk van de ouders. Bij beschikking van 30 juni 2004 van deze rechtbank is de echtscheiding tussen de ouders uitgesproken en daarbij is het hoofdverblijf van [de minderjarige] bij de moeder bepaald. De ouders hebben gezamenlijk het ouderlijk gezag over [de minderjarige].
- Het verzoek [de minderjarige] heeft in zijn brief van 25 april 2011 aangegeven dat hij liever bij zijn vader wil wonen. Tijdens het verhoor op 17 mei 2011 heeft [de minderjarige] uitgelegd wat hem heeft bewogen voormelde brief te schrijven. Hij heeft toen herhaald dat het zijn wens is om bij zijn vader te wonen. Ter zitting van 8 juli 2011 hebben de beide ouders aangegeven dat zij de wens van [de minderjarige] willen respecteren en dat zij ermee instemmen dat het hoofdverblijf van [de minderjarige] bij de vader wordt bepaald. De raad voor de kinderbescherming, verder te noemen de raad, heeft ter zitting van 8 juli 2011 gesteld zich te kunnen vinden in een wijziging van het hoofdverblijf.
- Beoordeling De rechtbank acht het verzoek om het hoofdverblijf van [de minderjarige] te wijzigen ontvankelijk. In artikel 1:253a lid 4 Burgerlijk Wetboek, hierna BW, wordt artikel 1:377g BW van overeenkomstige toepassing verklaard. Hieruit leidt de rechtbank af dat de in artikel 1:377g BW genoemde informele rechtsingang voor minderjarigen van twaalf jaar en ouder ook open staat voor minderjarigen die een ambtshalve beslissing wensen betreffende het in artikel 1:253a lid 2 onder b BW genoemde hoofdverblijf. Gebleken is dat [de minderjarige] en zijn ouders overeenstemming hebben bereikt over een wijziging van het hoofdverblijf en dat de raad daarmee instemt. De rechtbank zal daarom bepalen dat het hoofdverblijf van [de minderjarige] bij de vader zal zijn, nu de rechtbank dit ook in het belang van [de minderjarige] acht.
- Beslissing De rechtbank: Wijzigt de beschikking van deze rechtbank van 30 juni 2004 en bepaalt dat [de minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [1997], zijn hoofdverblijf bij zijn vader, [belanghebbende 2], zal hebben. Verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. M.E. Salemans-Wijnen, rechter, tevens kinderrechter en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2011 in tegenwoordigheid van de griffier. Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch: a. door de verzoekende partij en degenen aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden, binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak; b. door andere belanghebbenden binnen 3 maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.