Uitspraak vonnis RECHTBANK MIDDELBURG 56130HA ZA 07-5156130HA ZA 07-5112 december 2007 Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 57087 / HA ZA 07-159 Vonnis van 23 januari 2008 in de zaak van de vereniging VERENIGING VAN EIGENAREN DUKDALF, gevestigd te Terneuzen, eiseres, procureur mr. J.J. Brugge, tegen de naamloze vennootschap naar buitenlands recht INVESTPA N.V. gevestigd en kantoorhoudende te Maldegem, België, gedaagde, procureur mr. C.J. IJdema. De procedure Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 18 juli 2007; het proces-verbaal van comparitie van 31 oktober 2007. De feiten Investpa is sinds 21 december 2005 eigenaar van het appartementsrecht [nummer] in het flatgebouw “Dukdalf” te Terneuzen. Dit appartementsrecht omvat de bovenste twee etages ([verdieping]) van het flatgebouw. Tussen partijen is een splitsingsakte van toepassing. Deze akte luidt, voor zover van belang, als volgt: “(…) Artikel 2 Ieder der eigenaars is in de gemeenschap gerechtigd voor (…) wat index [nummer] betreft eenduizend vijfhonderddrieenzestig/tienduizendste gedeelte. (…) De eigenaars zijn in verhouding tot de in het eerste lid bedoelde breukdelen verplicht bij te dragen in de schulden en kosten, die voor rekening van de gezamenlijke eigenaars zijn, met dien verstande dat: kosten die rechtstreeks toegerekend kunnen worden aan een bepaald appartementsrecht ook ten laste van het betreffende appartementsrecht gebracht worden; (…) De schoonmaakkosten voor zover deze niet ten laste komen van appartementsrecht [nummer], ten laste komen van de appartementsrechten 1 tot en met 120 ieder voor een gelijk deel. (…) C. SCHULDEN EN KOSTEN VOOR REKENING VAN DE GEZAMENLIJKE EIGENAARS Artikel 3 Tot de schulden en kosten als bedoeld in artikel 5:112 eerste lid onder a van het Burgerlijk Wetboek worden gerekend: die welke gemaakt zijn in verband met het onderhoud of het gebruik van de gemeenschappelijke gedeelten of van de gemeenschappelijke zaken of tot het behoud daarvan; (…) h. de verwarmingskosten, waaronder begrepen de kosten van de warmwaterinstallaties, de brandstofkosten, de kosten van het onderhoud van de verwarmingsinstallaties, de op de desbetreffende kosten betrekking hebbende administratie, alsmede, voor zover van toepassing, de kosten van registratie en de berekening van het warmteverbruik, alles voor zover het gemeenschappelijke installaties betreft; i. de kosten van het waterverbruik door de eigenaar van een appartementsrecht voor zover de eigenaars daarvoor niet afzonderlijk worden aangeslagen; j. alle overige schulden en kosten, gemaakt in het belang van de gezamenlijke eigenaars als zodanig. (…) D. JAARLIJKSE EXPLOITATIEREKENING, BEGROTING EN TE STORTEN BIJDRAGEN Artikel 4 Na afloop van elk boekjaar, dat gelijk is aan het kalenderjaar, wordt door het bestuur een exploitatierekening over dat boekjaar opgesteld en ter vaststelling aan de jaarlijkse vergadering voorgelegd. Deze exploitatierekening omvat enerzijds de baten en anderzijds de lasten over dat boekjaar, waaronder begrepen een naar tijdsduur evenredig gedeelte van de te begroten onderhoudskosten die op meer jaren betrekking hebben, inbegrepen noodzakelijke vernieuwingen. Zo tot vorming van een reservefonds als bedoeld in artikel 32 eerste lid is besloten, wordt onder de lasten begrepen een telkenjare door de vergadering vast te stellen bedrag ten behoeve van een zodanig reservefonds. (…) Artikel 5 Van de gezamenlijke schulden en kosten – waaronder begrepen een naar tijdsduur evenredig gedeelte van de te begroten kosten als bedoeld in artikel 4 eerste lid – wordt jaarlijks door het bestuur een begroting voor het aangevangen of het komende boekjaar ontworpen en aan de jaarlijkse vergadering voorgelegd. Deze vergadering stelt de begroting vast. Bij het vaststellen van de begroting bepaalt de vergadering tevens het bedrag, dat bij wijze van voorschotbijdragen door de eigenaars verschuldigd is, alsmede het aandeel van iedere eigenaar daarin, vastgesteld met inachtneming van de verhouding als is bepaald in artikel 2 derde lid. (…)” Voor het jaar 2006 is voor het appartementsrecht [nummer] een maandelijks te betalen voorschotbedrag terzake de servicekosten van € 3.467,51 vastgesteld. Voor 2007 bedraagt dit voorschotbedrag € 3.541,84. Ondanks aanmaningen heeft Investpa de maandelijkse bedragen niet (volledig) betaald. VvE Dukdalf heeft op 27 juni 2007 conservatoir beslag doen leggen op de aan Investpa in eigendom toebehorende onroerende zaak. Het geschil VvE Dukdalf vordert, na vermeerdering van eis, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Investpa te veroordelen om tegen bewijs van kwijting aan VvE Dukdalf te betalen: een bedrag van € 66.449,97, terzake vervallen termijnen van servicekosten vanaf 1 januari 2006 tot en met 1 oktober 2007; de termijnen van vervallen servicekosten vanaf 1 november 2007 tot aan het einde van deze procedure; de wettelijke rente over voornoemde bedragen; de buitengerechtelijke incassokosten ad € 1.119,--; alsmede veroordeling van Investpa in de kosten van deze procedure, waaronder begrepen de kosten van het door VvE Dukdalf gelegde conservatoire beslag. VvE Dukdalf legt aan haar vordering het volgende ten grondslag. Over 2006 is Investpa een bedrag aan servicekosten verschuldigd van € 41.610,12 en over 2007 (tot november) € 35.418,40. Investpa heeft tot op heden een bedrag van € 13.000,-- voldaan. Ondanks herhaalde verzoeken blijft Investpa in gebreke het restant te betalen. Investpa verzet zich allereerst tegen de vermeerdering van eis, nu zij daardoor in haar verdediging wordt geschaad. Zij verzet zich bovendien tegen de vordering. De door VvE Dukdalf gehanteerde berekeningswijze teneinde de kosten te verdelen over de eigenaren is in strijd met de splitsingsakte, dan wel (subsidiair) met de redelijkheid en billijkheid. Zij voert daartoe aan geen daadwerkelijk gebruik te maken van de ruimtes. De twee verdiepingen zijn bestemd om volledig te worden verbouwd, maar tot op heden is met de verbouwingswerkzaamheden nog geen aanvang genomen. Er worden dan ook geen elektra, water of andere voorzieningen verbruikt. Investpa bestrijdt buitengerechtelijke kosten verschuldigd te zijn. De beoordeling De vermeerdering van eis waartegen Investpa zich verzet behelst de maandelijkse servicekosten vanaf april 2007 totdat de procedure tot een einde is gekomen, alsmede de beslagkosten. De rechtbank is van oordeel dat deze uitbreiding van de vordering al zodanig in de gronden van de oorspronkelijke vordering besloten zit, dat nauwelijks van een vermeerdering gesproken kan worden. In wezen houdt deze niets anders in dan dat VvE Dukdalf haar vanaf het begin ingenomen standpunt (namelijk dat Investpa de maandelijkse servicekosten dient te voldoen) vertaalt in een aanvulling van het petitum. Dit zo zijnde is de rechtbank van oordeel dat Investpa door deze aanpassing niet onredelijk in haar verdediging wordt geschaad, terwijl van een onredelijke vertraging van de procedure ook geen sprake is. Dit geldt ook voor de thans gevorderde kosten van beslaglegging, nu het conservatoire beslag op 27 juni 2007 is gelegd en Investpa er rekening mee had kunnen houden dat die kosten alsnog door VvE Dukdalf teruggevorderd zouden worden. De vermeerdering van eis wordt dan ook toegestaan. De rechtbank is van oordeel dat, bij gebreke van een rechtskeuze door partijen, op het onderhavige geschil Nederlands recht van toepassing is op grond van artikel 4, eerste lid juncto tweede lid van het EG-Verbintenissenverdrag. Uit de begroting blijkt dat de bij Investpa in rekening gebrachte servicekosten zien op de volgende posten: gas, water, elektra; containers abonnement CV + pompen abonnement liften opstalverzekering WA verzekering Administratiekosten dagelijks onderhoud bestuurskosten reservering Investpa heeft bij gelegenheid van de comparitie verklaard dat de abonnementskosten van de cv, de kosten van dagelijks onderhoud, de bestuurskosten, de opstalverzekering, de WA-verzekering en de reserveringskosten (c, e, f, h, i en
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.