vonnis RECHTBANK MIDDELBURG 63499 / HA ZA 08-31614 oktober 2009 Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 63499 / HA ZA 08-316 Vonnis van 6 januari 2010 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid HEROS SLUISKIL B.V., gevestigd te Sluiskil, eiseres, advocaat mr. K.P.T.G. Flos te Middelburg, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid SAGRO ZEEUWS VLAANDEREN B.V., gevestigd te Sluiskil, gedaagde, advocaat mr. C.J. IJdema te Middelburg. Partijen zullen hierna Heros en Sagro genoemd worden. De procedure Het verloop van de procedure blijkt uit: Het vonnis in incident van 3 december 2008 de conclusie van antwoord de conclusie van repliek de conclusie van dupliek de akte uitlaten producties. De feiten Heros voert een onderneming in de vervaardiging van en de handel in hergebruikte bouwstoffen voor onder meer wegenbouw. Sagro exploiteert (onder meer) een sloopbedrijf, onder de handelsnaam Vermeulen Breskens B.V.. 2.2. Heros is eigenaar van een fabrieksterrein te Sluiskil; in het verleden is op dat terrein een cokesfabriek (ACZC) gevestigd geweest. Heros heeft Sagro bij brief van 13 maart 2003 opdracht gegeven tot sloop op haar terrein; het betrof de achtste fase van de sloopwerkzaamheden ter plaatse en omvatte (onder meer) de sloop van de voormalige cokesovens en van kolentoren 3. De opdracht bevatte onder meer de navolgende bepaling: “Voordat de sloopwerkzaamheden aanvangen zijn de nog voor Heros bruikbare onderdelen verwijderd. (..) Sloop vindt plaats tot een niveau van ca. 3,00 m + maaiveld, bordeshoogte. De centrale elektriciteitsruimte is van grote waarden en wordt door Vermeulen beschermd zodat geen schade kan ontstaan aan deze installaties. Het bordesdek wordt vlak afgesloopt waarbij ontstane schade tijdens de sloop achteraf worden gerepareerd door Vermeulen.” 2.3. Sagro heeft de opdracht aanvaard en deze – in onderaanneming – uitbesteed aan Euro Demolition B.V. te Beverwijk. Bij de sloopwerkzaamheden is de kolentoren 3 ingestort en daarbij is de daaronder gelegen centrale elektriciteitsruimte met de daarin aanwezige apparatuur verloren gegaan. Het geschil Heros vordert dat de rechtbank Sagro veroordeelt tot betaling van € 590.460,--, vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf 6 juni 2003 (de datum van aansprakelijkstelling) tot de dag der algehele voldoening – althans een in goede justitie te bepalen bedrag – en tot betaling van € 5.160,--, als vergoeding voor (gelet op het tijdsverloop waarin een minnelijke regeling is beproefd, daadwerkelijk gemaakte) buitengerechtelijke kosten, berekend overeenkomstig Voorwerk II, vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf 26 maart 2008 tot aan de dag der algehele voldoening, met veroordeling van Sagro in de kosten van de procedure. 3.2.1 Zij stelt daartoe het volgende. Sagro is toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van haar verbintenissen uit de onder 2.2 genoemde overeenkomst: zij heeft nagelaten de elektriciteitsruimte te beschermen. Voorts komt zij haar reparatieverplichting niet na. Bovendien heeft zij inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van Heros. Zij is dus aansprakelijk voor de door Heros geleden schade. 3.2.2. Heros dient in de positie te worden gebracht waarin zij zou hebben verkeerd als het schadeveroorzakend voorval niet had plaatsgevonden; de schade is gelijk aan de waardevermindering van de electriciteitsruimte. Heros maakt aanspraak op vergoeding van de kosten van herbouw van de elektriciteitsruimte. De aldus abstract – onafhankelijk van de vraag of daadwerkelijk wordt herbouwd – te berekenen schade is de minimale vergoeding. Van dat uitgangspunt kan niet snel worden afgeweken. De stelling van Sagro dat de ruimte voor Heros geen waarde had, is irrelevant en onjuist. Heros heeft expliciet gevraagd de ruimte te sparen; deze had gebruiksmogelijkheden, kreeg in de plannen met het terrein een bestemming en had dus waarde. Dat de ruimte (nog) niet is herbouwd maakt dat niet anders. Door vergoeding van herbouwkosten wordt Heros niet bevoordeeld. Er is evenmin grond om (slechts) van de marktwaarde uit te gaan. Sagro stelt ongemotiveerd dat Heros geen elektriciteitsruimte nodig had. Heros was niet voornemens te verkopen; verkoop van de onlosmakelijk deel van het fabrieksterrein uitmakende ruimte is ook niet mogelijk. Heros wilde fabrieksterrein met elektriciteitsruimte zelf te gaan gebruiken. Herbouw is economisch verantwoord. Heros was niet verplicht te onderzoeken of herbouw op een andere plaats op het terrein goedkoper zou zijn; zij hoeft niet voor de goedkoopste oplossing te kiezen. 3.2.3. De omvang van de schade beloopt – zo blijkt uit het expertiserapport van 14 juni 2007, in overleg tussen (de experts van) beide partijen opgemaakt door Arntz|Van Helden Expertisebureau – € 590.460,--. Ook als het rapport als partijrapportage wordt gezien, is het, gelet op de wijze van totstandkoming, objectief en van doorslaggevende (bewijs-)waarde. Voor de schade aan de inrichting is uitgegaan van gegevens van de vorige eigenaar (die de ruimte in 1998/1999 heeft gerenoveerd); rekening is gehouden met nieuw-voor-oud en met prijsstijgingen, als stelpost zijn kosten voor klimaatregeling opgenomen. Voor “herstel en aansluiting grondkabels” – uit oogpunt van veiligheid noodzakelijk – is een offerte opgevraagd; de kosten voor graafwerkzaamheden zijn geraamd. Voor de bouwkundige schade is aansluiting gezocht bij een in 2002 ten behoeve van de brandverzekering uitgevoerde taxatie. Een geprefabriceerde traforuimte – zoals door Sagro voorgesteld – is geen reëel alternatief, gelet op de vorm en afmetingen van de verloren gegane ruimte. Voor “engineering” en “begeleiding” zijn stelposten opgenomen. De schadeopstelling is vervolgens vergeleken met opgevraagde offertes en bleek daarmee overeen te stemmen. Tenslotte is voor goedkopere trafo’s een correctie opgenomen, is indexering toegepast en zijn de expertisekosten (gespecificeerd) vastgesteld. De schade is aldus voldoende inzichtelijk gemaakt. 3.2.4. Heros betwist gehouden te zijn de door Sagro in de vrijwaringsprocedure gemaakte kosten te vergoeden. 3.3.1 Sagro voert verweer. Zij erkent de door Heros gestelde tekortkoming. De door Heros genoemde reparatieverplichting betrof niet de elektriciteitsruimte, zodat die verplichting hier niet aan de orde is. Sagro betwist ook overigens schadeplichtig te zijn. 3.3.2. Primair stelt Sagro dat Heros geen voor vergoeding in aanmerking komende schade heeft geleden. De elektriciteitsruimte en de daarin aanwezige apparatuur hadden voor Heros ten tijde van het schadeveroorzakend voorval binnen haar bedrijfsvoering geen relevante economische (gebruiks-)waarde. Gelet op de bedrijfsactiviteiten van Heros heeft zij immers een eigen elektriciteitsruimte niet nodig. Aanvankelijk zou de ruimte gesloopt worden; later is dat kennelijk gewijzigd, maar Heros heeft de apparatuur kennelijk niet bruikbaar geacht, want zij heeft die niet voor de sloop verwijderd. Dat de ruimte geen functie had blijkt ook uit het feit dat ze niet is hersteld en dat evenmin (terwijl al meer dan 5 jaar is verlopen sinds het schadevoorval) een andere voorziening is getroffen. Bij vergoeding van herbouwwaarde zou Heros dan ook onredelijk profiteren. 3.3.3. Subsidiair stelt Sagro dat het niet redelijk en verantwoord is tot herstel over te gaan. De ruimte had voor Heros geen functie en zou die ook niet gaan vervullen. Daarnaast is van belang dat Heros zich rekenschap behoort te geven van mogelijke alternatieve locaties op haar terrein en andersoortige voorzieningen (zoals een geprefabriceerde ruimte) voor een elektriciteitsruimte. Schadevergoeding op basis van volledige herstelkosten is dan (economisch) onverantwoord en zou de ernst van het nadeel – de feitelijke waardevermindering – ruimschoots overstijgen. Ter vaststelling van de waardevermindering dient aansluiting te worden gezocht bij de verkoop-/marktwaarde van de ruimte ten tijde van de sloopwerkzaamheden. Gesteld noch gebleken is dat er een dergelijke waarde was. In elk geval was de ruimte zelf, gelegen op het bedrijfsterrein van Heros, niet voor verkoop geschikt; hooguit had de apparatuur erin enige marktwaarde. 3.3.4. Meer subsidiair betwist Sagro de door Heros gestelde schadeomvang. Het overgelegde expertiserapport is eenzijdig opgesteld. Het rapport kan niet als uitgangspunt gelden. Sagro heeft bezwaren tegen de inhoud en wijze van totstandkoming ervan. De rekensom in het rapport klopt niet. Voorts is de schade onvoldoende inzichtelijk gemaakt. De door een vorige eigenaar gemaakte renovatiekosten bewijzen de schade van Heros niet. Heros exploiteert een ander bedrijf dan haar voorganger en verbouwing was onvermijdelijk geweest; zouden de renovatiekosten als uitgangspunt gelden, dan wordt Heros onredelijk bevoordeeld. De overgelegde taxatie is onvoldoende om de gestelde bouwkundige schade te onderbouwen; die taxatie gaat uit van een met de kolentoren verbonden ruimte, die meer omvat dan de elektriciteitsruimte en de controlekamer. Verder is relevant dat ter vervanging van de elektriciteitsruimte een goedkoper alternatief (een geprefabriceerde ruimte) voorhanden is. De kosten voor aanleg van voedingskabels komt niet voor vergoeding in aanmerking, nu niet blijkt dat die kabels waren aangetast. Voorts is het opgevoerde bedrag niet inzichtelijk. De kosten van een klimaatregeling, die er ten tijde van het schadevoorval niet was, kunnen niet als schade worden opgevoerd. Die kosten zijn bovendien niet inzichtelijk gemaakt. De aan het rapport gehechte offertes kunnen niet tot bewijs dienen nu zij niet concurrerend zijn opgevraagd. Er dient nog een aftrek nieuw-voor-oud – van 50% – te worden toegepast; de apparatuur was 5 jaar oud en had een levensduur van 10 jaar en het gebouw was al 45 jaar oud. Heros heeft haar schade onvoldoende beperkt. Zij heeft een elektriciteitsruimte, althans één van de omvang als die welke verloren is gegaan, niet nodig. Zij dient, als zij herbouwt, dat elders op haar terrein te doen nu dat economisch voordeliger is. Tenslotte is van belang dat haar goedkope bruikbare traforuimtes zijn aangeboden, op welk aanbod zij niet is ingegaan. 3.3.5. De gestelde buitengerechtelijke kosten kunnen de dubbele redelijkheidstoets niet doorstaan. De kosten zijn niet gespecificeerd. Dat geldt ook voor de in het schadebedrag vervatte expertisekosten. Tenslotte stelt Sagro dat als de vordering wordt afgewezen, Heros ook in de kosten van de door Sagro in deze zaak begonnen vrijwaringsprocedure (waarin zij Euro Demolition B.V. in vrijwaring heeft opgeroepen) dient te worden veroordeeld. De beoordeling Kern van het geschil is de vraag of Heros als gevolg van het verloren gaan van de elektriciteitsruimte op haar terrein schade heeft geleden. Vooropgesteld dient te worden dat de eigenaar van een gebouw door beschadiging of volledig verlies daarvan, onafhankelijk van herstel, in zijn vermogen een nadeel lijdt, gelijk aan de waardevermindering van dat gebouw, welke waardevermindering in het algemeen – in geval herbouw mogelijk en verantwoord is – kan worden gesteld op een geldbedrag gelijk aan de naar objectieve maatstaven berekende kosten die met die herbouw zijn gemoeid. 4.2. Van vorenstaand uitgangspunt kan niet te snel worden afgeweken. Dat betekent dat in geval de kosten van herbouw van het verloren gegane gebouw het bedrag van de als gevolg van de schade opgetreden waardevermindering overtreffen, niet zonder meer kan worden geconcludeerd dat die herbouw onverantwoord is. Of in dat geval die herbouw onverantwoord is, hangt af van de omstandigheden van het geval; in elk geval dient dan in overweging te worden genomen (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.