vonnis RECHTBANK MIDDELBURG 81578 / HA ZA 11-4529 mei 2012 Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 81578 / HA ZA 11-452 Vonnis van 6 juni 2012 in de zaak van [eiseres] wonende te Waalwijk, eiseres, advocaat mr. A.M.J. van Uitert te Kaatsheuvel, tegen de besloten vennootschap BTSW GROEP B.V., gevestigd te Burgh-Haamstede, gedaagde, na verwijzing niet (meer) verschenen. Partijen zullen hierna [eiseres] en BTSW worden genoemd. 1de procedure 1.
- Bij vonnis van de kantonrechter te Middelburg van 5 december 2011 is de zaak verwezen naar de rolzitting van de sector civiel van deze rechtbank op 11 januari
- BTSW is op deze datum niet verschenen. Nadat hij daartoe deugdelijk was opgeroepen, is BTSW opnieuw niet verschenen op 14 maart
- 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2de beoordeling 2.
- [eiseres] vordert dat BTSW op grond van art. 417a Rv zal worden veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 35.547,59, te vermeerderen met de na dagvaarding nog te vervallen alimentatietermijnen van € 2.161,60 m.i.v. 1 november 2011, als ware zij daarvan zelf schuldenaar, alsmede veroordeling van BTSW in de proceskosten. 2.
- Na verwijzing door de kantonrechter heeft zich namens BTSW geen advocaat gesteld. De rechtbank overweegt dat de zaak moet worden afgedaan op tegenspraak, omdat BTSW aanvankelijk wel is verschenen bij de kantonrechter. BTSW is in de gelegenheid gesteld verweer te voeren ten aanzien van hetgeen door [eiseres] is gesteld, maar heeft hier geen gebruik van gemaakt. De stellingen van [eiseres] kunnen het gevorderde dragen en het gevorderde moet daarom worden toegewezen. Uit de dagvaarding blijkt dat in de vordering de vervallen alimentatietermijnen van april 2011 tot en met oktober 2011 zijn opgenomen. De rechtbank begrijpt de vordering van [eiseres] zo dat de hoofdsom moet worden vermeerderd met de vervallen alimentatietermijnen van november 2011 tot en met mei 2012, zijnde een bedrag van € 15.131,20 (7 × € 2.161,60), en de na heden nog te vervallen alimentatietermijnen. De vordering zal aldus worden toegewezen. 2.
- BTSW zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiseres] worden begroot op: dagvaarding € 101,02 betaald vast recht 71,00 in debet gesteld vast recht 750,00 salaris advocaat 579,00 (1,0punt × tarief € 579,00) Totaal € 1.501,02 3De beslissing De rechtbank 3.
- veroordeelt BTSW om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 50.678,79 (vijftigduizendzeshonderdachtenzeventig euro en negenenzeventig eurocent), te vermeerderen met de na heden nog te vervallen alimentatietermijnen van € 2.161,
- 3.
- veroordeelt BTSW in de proceskosten, aan de zijde van [eiseres] tot op heden begroot op € 1.501,02, 3.
- bepaalt dat, nu [eiseres] met een toevoeging procedeert, die kostenbetaling dient te geschieden door voldoening: A. aan de griffier van deze rechtbank door door overmaking op rekeningnummer 56.99.90.653 ten name van MvJ Arrondissement Middelburg
(543)onder vermelding van "proceskostenveroordeling" en het zaak- en rolnummer: - wegens dagvaardingskosten: € 101,02 - wegens het in debet gestelde deel van het vast recht: € 750,00 - wegens salaris advocaat: € 579,00 B. aan [eiseres] : - wegens het voor haar rekening gekomen deel van het vast recht: € 71,00, 3.
- veroordeelt BTSW in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat BTSW niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, 3.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. J. de Graaf en in het openbaar uitgesproken op 6 juni
- Type: IM