← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2013:3145

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Strafrecht Zittingslocatie Utrecht Parketnummer: -Rekestnummer: 13/1023 en 13/1024 Beschikking van de enkelvoudige raadkamer in strafzaken, op het op 25 april 2013 ter griffie van deze rechtbank ingekomen verzoekschrift, op grond van het bepaalde in de artikelen 89 (rekestnummer 13/1023) en 591a (rekestnummer 13/1024) van het Wetboek van Strafvordering (Sv), van [verzoeker], (hierna te noemen: verzoeker). geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], wonende te [woonplaats], domicilie kiezende ten kantore van diens raadsvrouw, mr. S. Wortel. Het verzoekschrift is in openbare raadkamer behandeld op 25 juni

  1. Voorafgaand aan de zitting is door de griffier aan de raadsvrouw medegedeeld dat het verzoek op voorhand geheel zal worden toegewezen, waardoor de raadsvrouw en verzoeker niet meer hoeven te verschijnen ter zitting van de raadkamer. Het verzoekschrift ex artikel 89 Sv strekt er toe dat de rechtbank een vergoeding toekent voor de schade die verzoeker tengevolge van ondergane verzekering stelt te hebben geleden tot een bedrag van € 105,-. Het verzoekschrift ex artikel 591a Sv strekt er toe dat de rechtbank een vergoeding toekent voor de kosten van de raadsvrouw voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift. De rechtbank heeft kennis genomen van een afschrift van het proces-verbaal in de strafzaak tegen verzoeker als verdachte (met proces-verbaalnummer PL0920 2013076277), van het schriftelijk advies van de officier van justitie d.d. 18 juni 2013 en van voornoemd verzoekschrift. De rechtbank gaat bij de beoordeling van de onderhavige verzoeken uit van de navolgende feiten en omstandigheden:
  2. verzoeker is op 8 april 2013 in verzekering gesteld, en is op 9 april 2013 heengezonden;
  3. in totaal gaat het om 1 (hele) dag, doorgebracht in een politiebureau;
  4. op 9 april 2013 is aan verzoeker een kennisgeving van niet verdere vervolging verstuurd, inhoudende dat hij niet verder vervolgd zal worden. Overwegingen Nu de strafzaak van verzoeker is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel, kan hij aanspraak maken op een vergoeding zoals hierna is vermeld. Ter zake het verzoekschrift ex artikel 89 Sv Verzoeker kan aanspraak maken op een vergoeding van de schade die is geleden ten gevolge van ondergane verzekering, klinische observatie of voorlopige hechtenis. Schadevergoeding wordt toegekend indien en voorzover daartoe, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn. De rechtbank is van oordeel dat verzoeker alles in aanmerking genomen een vergoeding toekomt van € 105,-. De rechtbank gaat daarbij uit van de dagen doorgebracht in verzekering als hierboven opgenomen en van de bedragen die over het algemeen worden toegekend als vergoeding daarvoor, te weten 1 dag à € 105,-. Ter zake het verzoekschrift ex artikel 591a Sv De rechtbank is van oordeel dat aan kosten van de raadsvrouw voor het indienen van het verzoekschrift een vergoeding op zijn plaats is zoals die gewoonlijk wordt toegewezen, te weten € 280,00 (inclusief BTW). In totaal is derhalve naar het oordeel van de rechtbank, alle omstandigheden in aanmerking nemend, een vergoeding toewijsbaar tot een bedrag van € 385,-. Beslissing De rechtbank beslist als volgt: Op de voet van artikel 89 Sv: kent verzoeker ten laste van de Staat een vergoeding toe ten bedrage van € 105,- (zegge: honderdvijf euro); Op de voet van artikel 591a Sv: kent toe aan verzoeker uit 's Rijks kas een vergoeding ten bedrage van € 280,- (zegge: tweehonderdtachtig euro); beveelt de griffier van deze rechtbank voormelde bedragen aan verzoeker uit te betalen op rekeningnummer [rekeningnummer], t.n.v. [bedrijf], o.v.v. dossier 2013.0259 SW. Deze beslissing is gewezen door mr. C.A.M. van Straalen, rechter, als lid van de enkelvoudige raadkamer, in tegenwoordigheid van mr. J. van Elk, griffier en uitgesproken in openbare raadkamer van deze rechtbank van 9 juli 2013.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.