← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2013:7831

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND afdeling strafrecht zittingslocatie Utrecht Parketnummer: 16/120291-02 Beslissing afwijzing verlenging terbeschikkingstelling d.d. 26 augustus 2013 in de zaak van de officier van justitie onder het hierboven genoemde parketnummer tegen [veroordeelde], geboren op [1976] te [geboorteplaats] wonende te [woonplaats], [adres] heeft de officier van justitie de verlenging van de terbeschikkingstelling gevorderd. Op deze vordering heeft de rechtbank de volgende beslissing gegeven. 1Destukken De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier bevindende stukken, waaronder: - het vonnis van de rechtbank te Utrecht d.d. 28 maart 2003 waarbij [veroordeelde] ter zake van de voortgezette handeling van poging tot doodslag, opzettelijk brand stichten met levensgevaar voor een ander en gemeen gevaar voor goederen en mishandeling werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 jaar en terbeschikkingstelling met dwangverpleging; - de beslissing van de rechtbank Utrecht d.d. 3 september 2012, waarbij de termijn van de terbeschikkingstelling voor het laatst is verlengd voor de duur van één jaar; - de beslissing van de rechtbank Utrecht d.d. 30 november 2012, waarbij de verpleging van overheidswege onder voorwaarden is beëindigd; - het voortgangsverslag TBS en verlengingsadvies van de Reclassering Nederland, toezichtunit Utrecht d.d. 1 juli 2013, opgemaakt door K. van Scherpenzeel (voorzitter) en M. Hooijer, reclasseringswerker; - de pro justitia rapportage d.d. 22 augustus 2013 van J.M.J.F. Offermans, psychiater; - de vordering van de officier van justitie d.d. 18 juli 2013, die strekt tot verlenging van de terbeschikkingstelling van [veroordeelde] met één jaar; 2De procesgang Het onderzoek heeft plaatsgevonden ter zitting van 26 augustus 2013, waarbij zijn gehoord de officier van justitie en de terbeschikkinggestelde en diens raadsman, mr. J. Michels, advocaat te Amersfoort. Voorts is de deskundige M. Hooijer, werkzaam bij de Reclassering Nederland, gehoord. 3Het standpunt van de deskundigen 3.1 Het standpunt van de reclassering Mw. Hooijer heeft ter zitting het standpunt en het advies van de reclassering toegelicht. [veroordeelde] is gedurende de voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging blootgesteld aan diverse destabiliserende factoren, zoals frustraties, teleurstellingen en spanningen. Betrokkene heeft laten zien dat hij hier op adequate wijze mee om kan gaan en maakt zaken bespreekbaar, doet de juiste dingen en zoekt hiervoor contact met de juiste personen. Er zijn geen agressieregulatieproblemen bij betrokkene vastgesteld. Betrokkene heeft zich goed aan de afspraken en voorwaarden gehouden en stelde zich in het contact met de reclassering open en meewerkend op en heeft zich niet onttrokken aan reclasseringstoezicht. Indien betrokkene zijn huidige leefwijze weet vast te houden wordt de kans op recidive ingeschat als gering. De reclassering adviseert de terbeschikkingstelling onvoorwaardelijk te beëindigen. 3.2 Het standpunt van de deskundige J.M.J.F. Offermans heeft geadviseerd de terbeschikkingstelling onvoorwaardelijk te beëindigen. De deskundige heeft geconcludeerd dat er thans bij [veroordeelde] geen sprake meer is van een ziekelijke stoornis van de geestvermogens of van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Het recidiverisico op (seksueel) gewelddadig gedrag wordt voor de korte en middellange termijn ingeschat als laag en voor de lange termijn als laag tot matig. 4Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft ter zitting d.d. 26 augustus 2013 haar standpunt gewijzigd, in die zin dat zij thans de afwijzing van de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling vordert. 5Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft zich gerefereerd aan het standpunt van de officier van justitie. 6De beoordeling De rechtbank overweegt dat uit voornoemde rapportages van de deskundige en de reclassering en het verhandelde ter zitting volgt dat er bij betrokkene thans geen sprake meer is van een ziekelijke stoornis van de geestvermogens of van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Voorts wordt het recidiverisico ingeschat als laag. De rechtbank is op basis van het vorenstaande van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de terbeschikkingstelling niet meer eist en dat de vordering van de officier van justitie dient te worden afgewezen. 7De beslissing De rechtbank wijst de vordering van de officier van justitie d.d. 18 juli 2013 af. Deze beslissing is gegeven door mr. A. van Maanen, voorzitter, mr. C.S.K. Fung Fen Chung en mr. V. van Dam, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier G. van Engelenburg en is uitgesproken ter openbare zitting op 26 augustus 2013.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.