RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling strafrecht Zittingslocatie Utrecht parketnummer: 16/700767-12 [P] vonnis van de meervoudige kamer d.d. 12 april 2013 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [1986] te [geboorteplaats] wonende te [adres] te [woonplaats] gedetineerd te PI Nieuwegein, HvB Nieuwegein te Nieuwegein 1 Onderzoek van de zaak De zaak is pro forma behandeld op de terechtzitting van 4 januari
(5x). Het betroffen in/uitgaande telefoongesprekken en sms-berichten. In de periode tussen 1 februari 2012 en 26 februari 2012 heeft dit nummer van [medeverdachte 2] 455 contacten gehad met het telefoonnummer [telefoonnumer]. Uit de bevraagde historische verkeersgegevens bleek dat het telefoonnummer [telefoonnumer] sinds 26 februari 2012 buiten gebruik is. Aangestraalde masten rond het tijdstip van de overval door telefoonnummer [telefoonnumer] Vanaf 25 februari 2012 omstreeks 21:15 uur heeft telefoonnummer [telefoonnumer] frequent contact met nummer [telefoonnumer]. Aanvankelijk wordt een mast in de wijk Overvecht in Utrecht aangestraald en vanaf 21:41 uur het basisstation (Vodafone) aan de [adres] te [woonplaats]. Dit gebeurt vanuit een segment waarbinnen de plaats delict ligt. Telefoonnummer [telefoonnumer] Uit de historische verkeersgegevens van telefoonnummer [telefoonnumer] bleek dat dit telefoonnummer tussen 1 oktober 2011 en 26 februari 2012 onder meer contact heeft gehad met telefoonnummers die op naam staan van personen met de familienaam [verdachte]. Tijdens de doorzoeking van de woning van [medeverdachte 1] is de telefoon van zijn zus [A] in beslag genomen. In de contactenlijst van deze telefoon bleek het nummer [telefoonnumer] te staan met vermelding van contact ‘Broer’. [A] heeft één broer en dat is [medeverdachte 1]. Uit onderzoek in het geautomatiseerde politiesysteem Blue View bleek dat [medeverdachte 1] op 3 maart 2011 aangifte heeft gedaan van vermissing van zijn identiteitskaart, waarbij hij als zijn telefoonnummer heeft opgegeven het telefoonnummer [telefoonnumer]. Uit de bevraagde historische verkeersgegevens bleek dat het telefoonnummer [telefoonnumer] sinds 26 februari 2012 buiten gebruik is. Aangestraalde masten rond het tijdstip van de overval door telefoonnummer [telefoonnumer] Op 25 februari 2012 omstreeks 22:10 uur wordt door het telefoonnummer [telefoonnumer] de mast aan de [adres] te [woonplaats] aangestraald. Daarvoor, tussen 21:07 en 21:16 uur, worden masten in de wijk Overvecht te Utrecht aangestraald. Vanaf omstreeks 23:20 uur wordt de mast aan de [adres] te [woonplaats] aangestraald. Het nummer [telefoonnumer] straalt op 26 februari 2012 tussen 00:07 en 00:36 uur aan op het basisstation (KPN) aan de Remiseweg in Nieuwegein en het basisstation aan de [adres] te [woonplaats]. Beide masten staan op 900 respectievelijk 400 meter van de plaats delict. Telefoonnummer [telefoonnumer] Uit onderzoek van de historische gegevens van het nummer [telefoonnumer] bleek dat dit nummer in de periode 1 oktober 2011 tot en met 16 maart 2012 ongeveer 560 keer contact heeft gehad met het nummer [telefoonnumer]. Laatstgenoemd nummer bleek in gebruik te zijn bij [B] Op de facebookaccount van [verdachte] stond geschreven dat [verdachte] een relatie heeft met [B] Uit de bevraagde historische verkeersgegevens bleek dat het telefoonnummer [telefoonnumer] sinds 26 februari 2012 buiten gebruik is. Tijdens de doorzoeking van de woning aan de [adres] te [woonplaats] (het GBA-adres van [verdachte]) werd een HTC P4350 aangetroffen en in beslag genomen. Uit de historische gegevens van het telefoonnummer [telefoonnumer] bleek dat dit nummer tussen 1 februari 2012 tot en met 26 februari 2012 in deze telefoon had gezeten. Uit het onderzoek van deze telefoon bleek voorts dat op 26 februari 2012 rondom het tijdstip van de overval de volgende sms’jes zijn verzonden vanuit deze telefoon: 00:04:45 naar [telefoonnumer] ([medeverdachte 2]): “Ey is die man al daar?” 00:11:26 naar [telefoonnumer] (eigen nummer): “Als je hebt verloren…Kom nu naar buiten alsof je weggaat” 00:25:44 naar [telefoonnumer] (eigen nummer): “Wie kwam binnen zonet”. Aangever [slachtoffer 2] heeft verklaard dat [slachtoffer 9] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 9]) twee minuten voor de overval binnenkwam. Aangestraalde masten rond het tijdstip van de overval door telefoonnummer [telefoonnumer] Op 25 februari 2012 omstreeks 22:30 uur straalt het telefoonnummer [telefoonnumer] de mast Meibergdreef te Amsterdam aan. Daarvoor, omstreeks 21:52 uur, wordt een mast in de wijk Overvecht te Utrecht aangestraald. Vanaf omstreeks 23:25 uur wordt de mast aan de Liesbosch in Nieuwegein aangestraald. Deze mast bevindt zich op hetzelfde bedrijventerrein als de plaats delict. Het nummer [telefoonnumer] straalt op 26 februari 2012 tussen 00:01 en 00:32 uur aan op het basisstation (Vodafone) aan de [adres] te [woonplaats]. Dit gebeurt vanuit een segment waarbinnen de plaats delict ligt. Opname vertrouwelijke communicatie in VW Polo, kenteken [kenteken] In de VW Polo, met het kenteken [kenteken] (in gebruik bij [verdachte]), is een technisch hulpmiddel geplaatst ten einde gesprekken in die auto te kunnen opnemen. Op 29 september 2012 zegt een stem, die door verbalisant [verbalisant 3] wordt herkend als de stem van [verdachte]: “Heeft hij gesproken echt. Dan ga ik echt los op hem. Maar wat is het, hij had het deur voor ons open gehouden toch, toen ik rende, hij hield het deur voor ons open.” Verklaring verdachte [verdachte] ter terechtzitting d.d. 29 maart 2013 Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat [B] zijn vriendin is, dat het telefoonnummer [telefoonnumer] van haar is en dat de VW Polo met het kenteken [kenteken] van hem is. Voorts heeft verdachte verklaard dat hij op de avond van 25 februari 2012 samen met zijn neef [medeverdachte 1] en diens Spaanse vriendin bij de McDonald’s in Nieuwegein is geweest. Verdachte had zich niet eerder gerealiseerd dat de avond dat hij met [medeverdachte 1] en diens Spaanse vriendin bij de MacDonalds in Nieuwegein was geweest op 25 februari was. Hij had dat in de verklaring van [medeverdachte 1] gelezen en daardoor wist hij het weer. 4.3.2 De bewijsoverwegingen De rechtbank is van oordeel dat voormelde feiten en omstandigheden, in onderling verband en samenhang bezien, redengevende feiten en omstandigheden zijn voor het bewijs dat verdachte betrokken is geweest bij de overval, samen met anderen waaronder [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1], en dat verdachte het primair ten laste gelegde feit heeft begaan, zoals hieronder bewezen is verklaard. Gelet op de verklaringen van aangever en enkele getuigen vertoonde [medeverdachte 2] die avond vreemd gedrag voor een pokerspeler tijdens het pokerspel, hij liep driemaal van de speeltafel weg met medeneming van zijn telefoon en verliet dan de speelzaal en hij verstuurde tijdens het pokeren sms-jes. Na de overval, heeft [slachtoffer 2] tegen [medeverdachte 2] gezegd dat hij dacht dat [medeverdachte 2] iets met de overval te maken had. Ook heeft [slachtoffer 2] er bij [medeverdachte 2] op aangedrongen zijn telefoon aan hem af te staan, hetgeen [medeverdachte 2] heeft geweigerd. In reactie op dit ‘verzoek’ van [slachtoffer 2] heeft [medeverdachte 2] diverse toetsen op zijn telefoontoestel ingedrukt en daarmee de indruk gewekt dat hij gegevens wiste. Hoewel [medeverdachte 2], toen hij als getuige werd gehoord, heeft verklaard dat hij zijn telefoon die avond maar één keer heeft gebruikt en alleen na de overval, blijkt uit het onderzoek naar zijn telefoonnummer [telefoonnumer] heel anders. Zie de hiervoor genoemde bewijsmiddelen. Voorts vroeg [medeverdachte 2] na de overval aan een van de aanwezige politieagenten meerdere keren om op de plaats delict belangrijke papieren te mogen pakken, maar kon hij niet aangeven wat hij precies zocht. De rechtbank leidt uit bovenstaande bewijsmiddelen voorts af dat [medeverdachte 1] en [verdachte] rond het tijdstip van de overval respectievelijk telefoonnummer [telefoonnumer] en [telefoonnumer] in gebruik hadden. Tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] is er op 26 februari 2012 tussen 00:19:11 uur en 00:24:52 uur levendig sms- een telefonisch contact. In deze vijf minuten stuurt [medeverdachte 2] 9 sms-jes naar [medeverdachte 1]. 16 seconden na het laatste smsje rennen drie overvallers richting plaats delict. Op de camerabeelden is te zien dat even voordat [slachtoffer 5] en [medeverdachte 2] naar buiten komen, er iets oplicht in de hand van een van de vier overvallers. [medeverdachte 2] heeft bij het verlaten van het pand [adres] de deur open laten staan - terwijl hij redelijkerwijs kon weten dat de deur van het pand altijd gesloten diende te worden - waardoor de vier overvallers vrij toegang hadden tot het pand. Deze overvallers bleken bovendien goed geïnformeerd over de stand van zaken in de speelzaal, aangezien één van de overvallers meteen naar de niet direct zichtbare en op dat moment door getuige [slachtoffer 10] in gebruik zijnde wc liep en op de deur klopte. Uit het sms-je op 26 februari 2012 om 00:25:44 uur van het telefoonnummer [telefoonnumer] (“Wie kwam binnen zonet”. ) blijkt dat [verdachte] zicht had op de plaats delict. Vast staat dat getuige [slachtoffer 9] kort daarvoor naar binnen was gegaan. De opname vertrouwelijke communicatie in de auto van [verdachte] d.d. 29 september 2012 bevestigt het beeld dat [verdachte] betrokken is bij de overval. Alle hiervoor genoemde telefoonnummers straalden rond het tijdstip van de overval aan op masten in de directe nabijheid van de plaats delict. Opvallend is voorts dat de hiervoor genoemde telefoonnummers sedert de dag van de overval alle drie buiten gebruik zijn. Met betrekking tot het signalement van de overvallers hebben de getuigen verklaard dat de overvallers een negroïde huidskleur hadden, hetgeen overeenkomt met de huidskleur van [medeverdachte 1] en [verdachte]. De verklaring van [medeverdachte 2], inhoudende dat hij medeverdachte [medeverdachte 1] niet kende, wordt weersproken door de verklaring van [medeverdachte 1] en door het grote aantal van 455 telefonische contacten dat er in de periode van krap vier weken voor de overval heeft plaatsgevonden tussen de telefoons die in die periode in gebruik waren bij [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1]. Met betrekking tot de vraag of bewezen kan worden dat de overval tezamen en in vereniging is gepleegd, overweegt de rechtbank tenslotte nog als volgt. Uit de onder 4.3.1. weergegeven bewijsmiddelen blijkt naar het oordeel van de rechtbank dat zowel verdachte als [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] een actieve rol hebben gehad in het feitencomplex. Uit de bewijsmiddelen leidt de rechtbank af dat sprake is van gezamenlijke uitvoeringshandelingen en van voorafgaande afspraken met betrekking tot de overval. Concluderend acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat tussen verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] van een dusdanige nauwe en bewuste samenwerking sprake is geweest, dat kan worden bewezen dat verdachte zich tezamen en in vereniging met anderen schuldig heeft gemaakt aan de overval. Voorwaardelijk verzoek horen getuige De rechtbank heeft vastgesteld dat verdachte medepleger is van de diefstal met geweld/afpersing, gepleegd in de nacht van 25 op 26 februari 2012 te Nieuwegein. De raadsman van verdachte heeft vrijspraak bepleit en een voorwaardelijk verzoek gedaan voor het geval de rechtbank niet tot een vrijspraak zou concluderen. Het verzoek houdt in het horen van een Spaanse getuige, de door medeverdachte [medeverdachte 1] genoemde ‘scharrel’, die in de avond en nacht van 25 februari 2012 in het gezelschap van verdachte en medeverdachte zou zijn geweest en derhalve hun lezing zou kunnen bevestigen. De raadsman heeft ter zitting van 29 maart 2013 het (voorwaardelijke) verzoek tot het horen van een getuige gedaan. Derhalve zal het verzoek worden getoetst aan het noodzaakcriterium. De rechtbank acht het horen van de getuige [getuige 1], tegen de achtergrond van de aangehaalde bewijsmiddelen en de inhoud van het dossier, niet noodzakelijk. Zij zal het verzoek derhalve afwijzen. 4.4 De bewezenverklaring De rechtbank acht op grond van hetgeen hiervoor is vastgesteld en overwogen wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 26 februari 2012 te Nieuwegein, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen mobiele telefoons/smartphones en bankpasjes en creditcards en portemonnees en hoeveelheden geld, toebehorende aan - bezoekers/spelers, te weten [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 9]), van een pokerhal (gevestigd aan de [adres]), en/of - [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 5], welke diefstal werd voorafgegaan door en vergezeld van geweld en/of bedreiging met geweld tegen - de bezoekers (van die pokerhal), te weten die [slachtoffer 7] en die [slachtoffer 8] en die [slachtoffer 3] en die [slachtoffer 6] en die [slachtoffer 4] en die [slachtoffer 9] en die [slachtoffer 5] en [slachtoffer 10], en - die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestond(
- en)dat zijn mededader(
- s)- een (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) hebben getoond en dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en op die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en - met dat (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) een schot gelost in de richting van het plafond van die pokerhal en - een (op een) stroomstootwapen (gelijkend voorwerp) hebben getoond en dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en - tegen een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] (op dreigende toon) hebben/heeft gezegd: "Geef geld, geef geld" en/of "Geld, geld, allemaal zakken leggen" en/of "Schiet er maar een af", althans woorden van gelijke aard of strekking, en/of op 26 februari 2012 te Nieuwegein, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld - een of meer bezoeker(s)/speler(s), te weten [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 9]), van een pokerhal (gevestigd aan de [adres]), en/of - [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 5] hebben gedwongen tot de afgifte van mobiele telefoons/smartphones en bankpasjes en creditcards en portemonnees en hoeveelheden geld, toebehorende aan voornoemde bezoekers/spelers en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5], welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestond(
- en)dat zijn mededader(
- s)- een (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) hebben getoond en dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en - met dat (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) een schot gelost in de richting van het plafond van die pokergelegenheid en - een (op een) stroomstootwapen (gelijkend voorwerp) hebben getoond en/of dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [slachtoffer 10] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en - tegen een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] (op dreigende toon) hebben gezegd: "Geef geld, geef geld" en/of "Geld, geld, allemaal zakken leggen" en/of "Schiet er maar een af", althans woorden van gelijke aard of strekking; De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken. 5 De strafbaarheid 5.1 De strafbaarheid van het feit Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert het navolgende strafbare feit op: diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, en/of afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen. 5.2 De strafbaarheid van verdachte Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit. 6 De strafoplegging 6.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft op grond van hetgeen hij bewezen heeft geacht gevorderd aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 3,5 jaar, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. 6.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft vrijspraak bepleit. 6.3 Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de op te leggen straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt diefstal met geweld en afpersing, in vereniging, waarbij drie van de overvallers bivakmutsen droegen en aldus hun gezicht hadden verhuld en waarbij gebruik is gemaakt van (vuur)wapens. Tijdens die overval waren de aanwezigen overgeleverd aan de luimen van de overvallers en is angst ontstaan. Met name het geroepen voorstel van een van de overvallers om iemand neer te schieten en het schot in lucht dat daarop volgde is als zeer beangstigend ervaren. Bovendien waren de meeste aanwezigen hun mobiele telefoon en geld kwijt na de overval. Wat betreft de persoon van de verdachte let de rechtbank ook op: - het de verdachte betreffende uittreksel uit het justitieel documentatieregister van 21 november 2012 waarop geen recente relevante documentatie staat; - het advies van Reclassering Nederland d.d. 29 december 2012 waarin staat dat interventie geïndiceerd is. De officier van justitie heeft bij zijn strafeis, gelet op de beslotenheid van de setting waarop de overval plaatsvond, aangehaakt bij het LOVS-oriëntatiepunt voor een overval op een woning. Naar het oordeel van de rechtbank is echter een overval op een besloten speelzaal met bezoekers qua ernst en impact niet vergelijkbaar met een overval op een woning met bewoners. Eerder is een overval op een dergelijke speelzaal vergelijkbaar met een overval op een winkel. Als uitgangspunt voor een voltooide overval van een winkel wordt in voormelde richtlijn een gevangenisstraf van 2 jaren onvoorwaardelijk gegeven. Alles afwegende komt de rechtbank tot het oordeel dat in het onderhavige geval oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 jaren passend en geboden is. 7 De benadeelde partij 7.1 De benadeelde partij [slachtoffer 3] De benadeelde partij [slachtoffer 3] vordert een schadevergoeding van € 7.450,- voor het feit, te weten € 6.450,- ter zake van materiële schade (€ 4.000,- cash uit eigen zak, € 1.600,- cash in de andere portemonnee, € 850,- voor 1 week oude Iphone 4S) en € 1.000,- ter zake van immateriële schade. 7.1.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie is van mening dat, gelet op de aangifte/getuigenverklaring van deze benadeelde partij, een bedrag van € 4.460,- ter zake van materiële schade en een bedrag van € 800,- ter zake van immateriële schade voor toewijzing in aanmerking komt. Voor het overige dient de benadeelde partij naar de mening van de officier van justitie niet ontvankelijk te worden verklaard. 7.1.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft de vordering niet betwist. 7.1.3 Het oordeel van de rechtbank Uit de stellingen van de benadeelde partij volgt dat het gevorderde bedrag een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde feit en dat degene die zich daar schuldig aan heeft gemaakt aansprakelijk is voor de schade. Met de bewezenverklaring van het feit staat vast dat het verdachte is die het feit heeft begaan en dus aansprakelijk is voor de schade. Het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade is niet betwist. De gestelde hoogte van de schade is evenmin betwist. Om die reden staat de hoogte van de schade tussen partijen in dit geding vast en zal de vordering als onweersproken worden toegewezen. 7.2 De benadeelde partij [slachtoffer 1] De benadeelde partij [slachtoffer 1] vordert een schadevergoeding van € 1.172,92 voor het feit, te weten € 367,92 ter zake van materiële schade (€ 17,92 aan reiskosten, € 350,- voor 1 jaar oude Iphone 4GS) en € 805,- ter zake van immateriële schade. 7.2.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie is van mening dat, gelet op de aangifte/getuigenverklaring en de slachtofferverklaring van deze benadeelde partij, een bedrag van € 367,92 ter zake van materiële schade en een bedrag van € 1.000,- ter zake van immateriële schade voor toewijzing in aanmerking komt. Voor het overige dient de benadeelde partij naar de mening van de officier van justitie niet ontvankelijk te worden verklaard. 7.2.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft de vordering niet betwist. 7.2.3 Het oordeel van de rechtbank Uit de stellingen van de benadeelde partij volgt dat het gevorderde bedrag een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde feit en dat degene die zich daar schuldig aan heeft gemaakt aansprakelijk is voor de schade. Met de bewezenverklaring van het feit staat vast dat het verdachte is die het feit heeft begaan en dus aansprakelijk is voor de schade. Het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade is niet betwist. De gestelde hoogte van de schade is evenmin betwist. Om die reden staat de hoogte van de schade tussen partijen in dit geding vast en zal de vordering als onweersproken worden toegewezen. 7.3 De benadeelde partij [slachtoffer 2] De benadeelde partij [slachtoffer 2] vordert een schadevergoeding van € 5.012,91 voor het feit, te weten € 4.212,91 ter zake van materiële schade (€ 17,92 aan reiskosten, € 675,- voor een minder dan 1 jaar oude Iphone 4S, € 179,99 voor een minder dan 1 jaar oude Blackberry Curve 9300, een inleg van € 1.000,- tijdens het kaartspel, € 2.340,- aan huurkosten van het pand in de periode juni, juli, augustus 2012 toen de gemeente het pand als gevolg van de overval had afgesloten) en € 800,- ter zake van immateriële schade. 7.3.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie is van mening dat, gelet op de aangifte van deze benadeelde partij, een bedrag van € 872,91 ter zake van materiële schade en een bedrag van € 800,- ter zake van immateriële schade voor toewijzing in aanmerking komt. Voor het overige dient de benadeelde partij naar de mening van de officier van justitie niet ontvankelijk te worden verklaard. 7.3.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft de vordering niet betwist. 7.3.3 Het oordeel van de rechtbank Uit de stellingen van de benadeelde partij volgt dat het gevorderde bedrag een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde feit en dat degene die zich daar schuldig aan heeft gemaakt aansprakelijk is voor de schade. Met de bewezenverklaring van het feit staat vast dat het verdachte is die het feit heeft begaan en dus aansprakelijk is voor de schade. Het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade is niet betwist. De gestelde hoogte van de schade is evenmin betwist. Om die reden staat de hoogte van de schade tussen partijen in dit geding vast en zal de vordering als onweersproken worden toegewezen. 7.4 De benadeelde partij [slachtoffer 4] De benadeelde partij [slachtoffer 4] vordert een schadevergoeding van € 5.588,96 voor het feit ter zake van materiële schade (€ 4.500,- cash, € 400,- cash aan Amerikaanse dollars, € 688,96 voor enkele maanden oude Iphone). 7.4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie is van mening dat, gelet op de aangifte/getuigenverklaring van deze benadeelde partij, het volledige bedrag van € 5.588,96 ter zake van materiële schade voor toewijzing in aanmerking komt. 7.4.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft de vordering niet betwist. 7.4.3 Het oordeel van de rechtbank Uit de stellingen van de benadeelde partij volgt dat het gevorderde bedrag een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde feit en dat degene die zich daar schuldig aan heeft gemaakt aansprakelijk is voor de schade. Met de bewezenverklaring van het feit staat vast dat het verdachte is die het feit heeft begaan en dus aansprakelijk is voor de schade. Het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade is niet betwist. De gestelde hoogte van de schade is evenmin betwist. Om die reden staat de hoogte van de schade tussen partijen in dit geding vast en zal de vordering als onweersproken worden toegewezen. 7.5 De benadeelde partij [slachtoffer 6] De benadeelde partij [slachtoffer 6] vordert een schadevergoeding van € 5.879,95 voor het feit, te weten € 4.629,95 ter zake van materiële schade (€ 2.500,- cash uit eigen zak, zijn aandeel van € 1.500,- cash uit de portemonnee met contact geld van de tien spelers die op tafel lag, € 629,95 voor Iphone 4S) en € 1.250,- ter zake van immateriële schade. 7.5.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie is van mening dat, gelet op de aangifte/getuigenverklaring van deze benadeelde partij, een bedrag van € 629,95 ter zake van materiële schade en een bedrag van € 800,- ter zake van immateriële schade voor toewijzing in aanmerking komt. Voor het overige dient de benadeelde partij naar de mening van de officier van justitie niet- ontvankelijk te worden verklaard. 7.5.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft de vordering niet betwist. 7.5.3 Het oordeel van de rechtbank Uit de stellingen van de benadeelde partij volgt dat het gevorderde bedrag een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde feit en dat degene die zich daar schuldig aan heeft gemaakt aansprakelijk is voor de schade. Met de bewezenverklaring van het feit staat vast dat het verdachte is die het feit heeft begaan en dus aansprakelijk is voor de schade. Het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade is niet betwist. De gestelde hoogte van de schade is evenmin betwist. Om die reden staat de hoogte van de schade tussen partijen in dit geding vast en zal de vordering als onweersproken worden toegewezen. 7.6 Schadevergoedingsmaatregel De rechtbank zal er niet toe overgaan om de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. De benadeelde partijen zijn bestolen en beroofd in een illegaal gokhol. Daar speelden zij kennelijk met grote sommen geld, waarvan de herkomst onbekend is gebleven. Het bij zich hebben van dergelijke grote sommen geld in een milieu waarin illegaal wordt gegokt brengt een zeker risico op beroving of afpersing met zich mee door lieden die zich in datzelfde milieu of de periferie daarvan bevinden. Dat risico heeft zich in dit geval verwezenlijkt. Het staat buiten kijf dat het handelen van de daders onrechtmatig is geweest jegens de slachtoffers en dat de daders daardoor jegens hen schadeplichtig zijn geworden. Om die reden heeft de rechtbank de vorderingen van de benadeelde partijen ook toegewezen. Toepassing van de schadevergoedingsmaatregel zou in dit geval niet alleen betekenen dat de staat de inning van de toegewezen vordering op zich neemt, maar ook dat indien dit niet binnen acht maanden lukt, de staat de toegewezen vordering uit eigen middelen voorschiet. Daarmee wordt het risico dat de benadeelde partijen hebben genomen op de staat afgewenteld. De rechtbank acht dat in dit geval niet gerechtvaardigd, te meer nu, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, er geen enkele reden is om aan te nemen dat de verdachte voldoende verhaal biedt. 8 Het beslag De officier van justitie heeft verbeurdverklaring gevorderd van de telefoon die bij de huiszoeking op 1 oktober 2012 op het adres [adres] te [woonplaats] is aangetroffen, te weten een mobiele telefoon van het merk HTC, met IMEI nummer [nummer], waar het telefoonnummer [telefoonnumer] in had gezeten, en waarvan ten tijde van de overval door verdachte gebruik is gemaakt. 8.1 De verbeurdverklaring Het hierna in de beslissing genoemde in beslag genomen voorwerp is vatbaar voor verbeurdverklaring. 9 De wettelijke voorschriften De beslissing berust op de artikelen 27, 33, 33a, 55, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 10 De beslissing De rechtbank: Voorvragen - verklaart de officier van justitie ontvankelijk in de vervolging van verdachte; Bewezenverklaring - verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven; - spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd; Strafbaarheid - verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert: diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, en/of afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen. - verklaart verdachte strafbaar; Strafoplegging - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van twee jaren; - bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf; Beslag - verklaart verbeurd het inbeslaggenomen voorwerp, te weten een mobiele telefoon van het merk HTC, IBN-code [nummer]; Benadeelde partij [slachtoffer 3] - veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 3] van € 7.450,-, waarvan € 6.450,- ter zake van materiële schade en € 1.000,- ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 26 februari 2012 tot aan de dag der algehele voldoening; - bepaalt dat voor zover dit bedrag door één of meer mededaders is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen; - veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil; Benadeelde partij [slachtoffer 1] - veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] van € 1.172,92, waarvan € 367,92 ter zake van materiële schade en € 805,- ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 26 februari 2012 tot aan de dag der algehele voldoening; - bepaalt dat voor zover dit bedrag door één of meer mededaders is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen; - veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil; Benadeelde partij [slachtoffer 2] - veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van € 5.012,91, waarvan € 4.212,91 ter zake van materiële schade en € 800,- ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 26 februari 2012 tot aan de dag der algehele voldoening; - bepaalt dat voor zover dit bedrag door één of meer mededaders is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen. (BP.20) - veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil; Benadeelde partij [slachtoffer 4] - veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 4] van € 5.588,96 ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 26 februari 2012 tot aan de dag der algehele voldoening; - bepaalt dat voor zover dit bedrag door één of meer mededaders is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen; - veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil; Benadeelde partij [slachtoffer 6] - veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 6] van € 5.879,95, waarvan € 4.629,95 ter zake van materiële schade en € 1.250,- ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 26 februari 2012 tot aan de dag der algehele voldoening; - bepaalt dat voor zover dit bedrag door één of meer mededaders is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen; - veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil; Schadevergoedingsmaatregel - wijst de verzoeken tot het opleggen van de schadevergoedingsmaatregel af. Dit vonnis is gewezen door mr. M.A.A.T. Engbers, voorzitter, mr. M.A.E. Somsen en mr. I.M. Vanwersch, rechters, in tegenwoordigheid van A. Heijboer, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 12 april 2013. BIJLAGE I: De tenlastelegging BIJLAGE I Aan bovenbedoelde gedagvaarde persoon wordt na wijziging ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 26 februari 2012 te Nieuwegein , althans in het arrondissement Utrecht, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een of meer mobiele telefoon(s)/smartphone(
- s)en/of een of meer bankpasje(
- s)en/of en of meer creditcard(
- s)en/of en/of een of meer portemonnee(
- s)en/of een of meer hoeveelheid/heden geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan - een of meer bezoeker(s)/speler(s), te weten [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 9]) en/of - een of meer (zogenaamde) deler(s), te weten [getuige 2] en/of [getuige 3], van een (illegaal) casino/pokerhal (gevestigd aan de [adres]), en/of - [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en / of vergezeld en / of gevolgd van geweld en / of bedreiging met geweld tegen - de bezoeker(
- s)(van dat/die (illegale) casino/pokerhal), te weten die [slachtoffer 7] en/of die [slachtoffer 8] en/of die [slachtoffer 3] en/of die [slachtoffer 6] en/of die [slachtoffer 4] en/of die [slachtoffer 9] en/of die [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer 10], en/of - die [getuige 2] en/of die [getuige 3] - die [slachoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en / of gemakkelijk te maken en / of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en / of aan (een) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en / of welke bedreiging met geweld hierin bestond(
- en)dat hij, verdachte en/of zijn mededader(
- s)- een (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) hebben/heeft getoond en/of dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of op die [getuige 2] en/of die [getuige 3] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en/of - met dat (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) een schot gelost in de richting van het plafond van dat/die (illegale) casino/pokerhal en/of - een (op een) stroomstootwapen (gelijkend voorwerp) hebben/heeft getoond en/of dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [getuige 2] en/of die [getuige 3] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en/of - tegen een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [getuige 2] en/of die [getuige 3] en/of die [slachtoffer 2} en/of die [slachtoffer 5] (op dreigende toon) hebben/heeft gezegd: "Geef geld, geef geld" en/of "Geld, geld, allemaal zakken leggen" en/of "Schiet er maar een af", althans woorden van gelijke aard of strekking, en/of hij op of omstreeks 26 februari 2012 te Nieuwegein , althans in het arrondissement Utrecht, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en / of (een) ander(
- en)wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en / of bedreiging met geweld - een of meer bezoeker(s)/speler(s), te weten [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 9]), en/of - een of meer (zogenaamde) deler(s), te weten [getuige 2] en/of [getuige 3], van een (illegaal) casino/pokerhal (gevestigd aan de [adres]), en/of - [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 5] hebben/heeft gedwongen tot de afgifte van een of meer mobiele telefoon(s)/smartphone(
- s)en/of een of meer bankpasje(s ) en/of een of meer creditcard(
- s)en/of een of meer portemonnee(
- s)en/of een of meer hoeveelheid/heden geld, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een of meer van voornoemde bezoekers/spelers en/of die [getuige 2] en/of die [getuige 3] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(
- en)dat hij, verdachte en/of zijn mededader(
- s)- een (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) hebben/heeft getoond en/of dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of [slachtoffer 10] en/of die [getuige 2] en/of die [getuige 3] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en/of - met dat (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp) een schot gelost in de richting van het plafond van dat/die (illegale) casino/pokergelegenheid en/of - een (op een) stroomstootwapen (gelijkend voorwerp) hebben/heeft getoond en/of dreigend gericht op een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [slachtoffer 10] en/of die [getuige 2] en/of die [getuige 3] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] en/of - tegen een of meer van voornoemde bezoeker(s)/speler(
- s)en/of die [slachtoffer 10] en/of die [getuige 2] en/of die [getuige 3] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 5] (op dreigende toon) hebben/heeft gezegd: "Geef geld, geef geld" en/of "Geld, geld, allemaal zakken leggen" en/of "Schiet er maar een af", althans woorden van gelijke aard of strekking; art 310 Wetboek van Strafrecht art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht