← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2014:286

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Strafrecht Zittingslocatie Utrecht Parketnummer: 16/600444-11 Datum uitspraak: 24 januari 2014 Beslissing na voorwaardelijke veroordeling Beslissing van de rechtbank Midden-Nederland, meervoudige kamer voor strafzaken, naar aanleiding van de vordering van de officier van justitie in dit arrondissement, ingekomen ter griffie van deze rechtbank op 8 januari 2013, strekkende tot tenuitvoerlegging van de straf, voor zover deze voorwaardelijk is opgelegd bij het onherroepelijk geworden vonnis van de politierechter in deze rechtbank van 12 mei 2011 en voor zover deze nog niet ten uitvoer is gelegd, in de zaak tegen de veroordeelde: [Veroordeelde], geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [1982], wonende te[adres]([woonplaats] De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier van de veroordeelde bevindende stukken, waaronder: - een afschrift van voormeld vonnis, waarbij de veroordeelde onder meer is veroordeeld tot -kort gezegd- een gevangenisstraf van 16 weken, waarvan 14 weken voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren en de volgende bijzondere voorwaarden: * de veroordeelde moet zich zodra hij in vrijheid wordt gesteld zo spoedig mogelijk melden bij het Centrum Maliebaan te Utrecht; * de veroordeelde moet zich gedurende de proeftijd gedragen naar de aanwijzingen van Centrum Maliebaan te Utrecht zolang die instelling dat nodig vindt, ook als dat inhoudt dat hij zich in een afkickkliniek moet laten behandelen gedurende ten hoogste 6 maanden; - een kennisgeving als bedoeld in artikel 366a, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering; - een afschrift van het vonnis van deze rechtbank van 7 juni 2012, waaruit blijkt dat van voormelde (voorwaardelijk opgelegde) straf 4 weken ten uitvoer zijn gelegd en de proeftijd is verlengd met 1 jaar; - een afschrift van het vonnis van deze rechtbank van 19 maart 2013, waaruit blijkt dat opnieuw 4 weken van voormelde (voorwaardelijk opgelegde) straf zijn ten uitvoer gelegd en de bijzondere voorwaarden als volgt zijn gewijzigd: * veroordeelde moet zich zodra hij in vrijheid wordt gesteld zo spoedig mogelijk, doch binnen 2 werkdagen, melden bij Victas, voorheen Centrum Maliebaan, te Utrecht; * veroordeelde dient zich gedurende de proeftijd te houden aan de aanwijzingen van Victas, zolang die instelling dat nodig acht, ook indien dat inhoudt een klinische opname in Wier of een soortgelijke instelling voor een maximale duur van 12 maanden. - een advies van de Reclassering Nederland, unit Limburg d.d. 24 oktober 2013, waaruit blijkt dat de veroordeelde voormelde bijzondere voorwaarde, te weten het zich houden aan de aanwijzingen in het kader van een klinische behandeling, niet heeft nageleefd. Het onderzoek heeft plaats gevonden ter zitting van 10 januari 2014, waarbij zijn gehoord de officier van justitie, de veroordeelde en zijn raadsman. OVERWEGINGEN: Op grond van het onderzoek ter zitting en gelet op de inhoud van voormeld advies van de Reclassering Nederland acht de rechtbank redenen aanwezig de tenuitvoerlegging van genoemde voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 weken te gelasten. Door de officier van justitie is gevorderd de gevangenisstraf van 42 dagen om te zetten in een werkstraf voor de duur van 84 uren. Veroordeelde heeft ter terechtzitting verklaard dat hij op zoek is naar werk maar nog geen werk heeft en dat hij bereid is een werkstraf uit te voeren. Gelet op het voorgaande zal de rechtbank in plaats van een last tot tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf te geven, gelasten dat veroordeelde een taakstraf van 84 uren moet verrichten. De rechtbank heeft gelet op artikel 14g van het Wetboek van Strafrecht. BESLISSING: De rechtbank: - gelast de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf van 6 weken voor zover deze voorwaardelijk is opgelegd bij voormeld vonnis; - gelast, in plaats van de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 weken, een taakstraf bestaande deze straf uit een werkstraf voor de duur van 84 uren, te vervangen door hechtenis voor de duur van 42 dagen indien de veroordeelde deze straf niet naar behoren verricht. Aldus gedaan door mr. S. Wijna, voorzitter, mrs. E.M. de Stigter en J.M. Bruins, rechters, bijgestaan door mr. M.C. van Reenen als griffier en uitgesproken ter openbare zitting van deze rechtbank van 24 januari 2014.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.