vonnis RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling civiel recht kantonrechter zitting houdend te Almere Zaak- en rolnummer: 3210137 MV EXPL 14-146 Datum vonnis: 27 augustus 2014 Vonnis in de zaak van [eiseres] ,wonende te [woonplaats],eiseres,gemachtigde mr. A.A. Camonier, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheidMOOD FOR MAGAZINES B.V.,gevestigd te Naarden,gedaagde,gemachtigde J.A. Tersteeg en mr. N.A. de Leeuw. Partijen zullen hierna [eiseres] en MFM genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 4 juli 2014 met producties 1 tot en met 11 zijdens [eiseres]; de brief van 5 augustus 2014 van mr. N.A. de Leeuw met producties 1 tot en met 12 zijdens MFM; de brief van 6 augustus 2014 van mr. A.A. Camonier met aanvullende producties 12 tot en met 25 zijdens [eiseres]; de mondelinge behandeling; de pleitnota van mr. Camonier; de pleitnota van mr. Tersteeg. 1.2. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 7 augustus 2014. Ter zitting zijn verschenen [eiseres], vergezeld van haar echtgenoot en bijgestaan door haar advocaat. Namens MFM is verschenen mevrouw [A] (Managing Director bij MFM), vergezeld van mevrouw [B] (HR Manager bij Sanoma Media), bijgestaan door haar advocaten. 1.3. Bij aanvang van de zitting heeft mr. Tersteeg namens MFM bezwaar gemaakt tegen het laattijdig indienen door mr. Camonier van de producties 12 tot en met 25. De kantonrechter stelt vast dat mr. Camonier de aanvullende producties niet conform artikel 6.2. van het Landelijk Procesreglement kort gedingen en rechtbanken / kantonzaken is ingediend. Mr. Camonier heeft (kort weergegeven) betoogd dat de door hem in het geding gebrachte aanvullende producties niet op de dagvaarding zien, maar dat deze dienen als reactie op de door MFM daags daarvoor in het geding gebracht producties. Volgens mr. Camonier heeft hij deze producties, mede gelet op het feit dat MFM niet eerder inhoudelijk verweer heeft gevoerd, niet eerder kunnen indienen dan op 7 augustus 2014. Mr. Tersteeg heeft op dit betoog van mr. Camonier nadien niet meer gereageerd, zodat de kantonrechter dit zal volgen. De producties zullen daarom, voor zover deze relevant zijn, worden betrokken in de verdere beoordeling. 2De feiten 2.1. MFM is een 100% dochtervennootschap van Sanoma Media Netherlands B.V. De aan Sanoma Media Netherlands B.V. gelieerde entiteiten zijn als volgt schematisch weergegeven: 2.2. MFM is met name de uitgever van het glossyblad Linda. 2.3. [eiseres] is op 20 september 2010 in dienst getreden van P/flex T&L B.V. Dit is een payroll organisatie die [eiseres] heeft geplaatst bij Sanoma Uitgevers B.V. (niet opgenomen in de registers van de Kamer van Koophandel en niet geduid in bovenstaand organigram) in de functie van Accountmanager Dialoog Marketing Home Deco, op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd voor de duur van zes maanden. Deze arbeidsovereenkomst is op 21 mei 2011 verlengd voor de duur van zes maanden, tot 31 december 2011. [eiseres] is toen geplaatst bij Sanoma Media B.V. Haar werkzaamheden en haar werkplek bleven onveranderd. 2.4. [eiseres] is op 10 oktober 2011 rechtstreeks bij Sanoma Digital The Nederlands B.V. in dienst getreden in de functie van Accountmanagers op de afdeling Sales / Team News op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd voor de duur van twaalf maanden. Als Accountmanager was [eiseres] verantwoordelijk voor de Sales van het digitaal platform van NU.nl. Deze arbeidsovereenkomst is op 2 oktober 2012 verlengd voor de duur van twaalf maanden, tot en met 9 oktober 2013. 2.5. In 2011 is Sanoma Digital The Netherlands gefuseerd met Sanoma Media Netherlands B.V., waarbij op enig moment het kantoor van Sanoma Digital The Netherlands B.V., waar [eiseres] gewoonlijk haar werkzaamheden verrichtte, is verhuisd van Amsterdam naar Hoofddorp. 2.6. In of omstreeks medio maart 2013 heeft MFM op het intranet van het Sanoma-concern een vacature geplaatst met onder meer de volgende beschrijving: “Mood for Magazines / Linda. is per direct op zoek naar een digitale salesspecialist. […] Er komt een nieuwe functie bij: Accountmanager Digital Sales voor 32-36 uur per week. Functieomschrijving: Wij zoeken een digitale salesspecialist met aantoonbare saleservaring, die ons merk wil omarmen en het met grote vaart verder wil brengen in de digitale markt. Hij/zij is verantwoordelijk voor zowel new business als voor onze bestaande relaties, heeft een breed (digitaal) netwerk en is gewend zelfstandig te werken en het voortouw te nemen. Jouw taken: De werkzaamheden zullen bestaan uit het ontwikkelen en verkopen van digitale advertentieproposities en het ontwikkelen van marketing partnerships en samenwerkingen met onze relaties, zowel mediabureaus als adverteerders zelf. Ook van belang is het goed kunnen samenwerken met verschillende mensen buiten (digitale redactie, marketing) en binnen de salesafdeling (sales support, collega accountmanagers). […]” 2.7. [eiseres] is op 1 juli 2013 bij MFM in dienst getreden in de functie van Digital Salesmanager op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd voor de duur van twaalf maanden, tegen een salaris van € 3.768,75 bruto per maand, exclusief 8% vakantietoeslag. Op deze arbeidsovereenkomst is de CAO voor het Boeken- en Tijdschriftenuitgeversbedrijf van toepassing. Het dienstverband tussen [eiseres] en Sanoma Digital The Netherlands B.V., althans Sanoma Media the Netherlands B.V. is in dat verband met wederzijds goedvinden beëindigd. 2.8. [eiseres] heeft zich per 6 mei 2014 ziek gemeld in verband met burn-out klachten. 2.9. Per e-mail van 27 mei 2014 heeft [C], direct leidinggevende van [eiseres], aan [eiseres] onder meer het volgende bericht: “Ik heb helaas geconstateerd dat ik met de kijk op de toekomst toch onvoldoende vertrouwen heb in jouw functioneren binnen Mood for Magazines. Dit betekent helaas dat van rechtswege jouw contract per 1 juli a.s. niet zal worden verlengd. […] Of als je liever contact met een onafhankelijk persoon wilt hebben kan je eventueel bellen met [B] van de afdeling HR van Sanoma […]”. 2.10. Dit bericht is later bij aangetekende brief van 30 mei 2014 aan [eiseres] bevestigd. 2.11. Bij brief van 6 juni 2014 van (de gemachtigde van) [eiseres] aan MFM heeft [eiseres] tegen de beëindiging van haar dienstverband geprotesteerd (samengevat) stellende dat er gelet op de arbeidshistorie sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, zodat van een beëindiging van de arbeidsovereenkomst van rechtswege, geen sprake kan zijn. Zij heeft zich beschikbaar gehouden voor het verrichten van arbeid, voor zover haar arbeidsongeschiktheid zulks toelaat, en aanspraak gemaakt op doorbetaling van loon. 2.12. Op de brief van 6 juni 2014 heeft [eiseres] een reactie ontvangen van Sanoma Media Netherlands B.V., een week later gevolgd door een reactie van de gemachtigde van MFM. 3Het geschil 3.1. [eiseres] vordert – na eisvermindering – dat de kantonrechter bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, 1. MFM veroordeelt om binnen twee dagen na betekening van dit vonnis aan [eiseres] te betalen: - het loon over de periode vanaf 1 juli 2014 tot de datum dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig zal zijn geëindigd, te vermeerderen met de wettelijke rente, - het achterstallig loon te vermeerderen met de wettelijke verhoging van 50% ex artikel 7:625 BW, - een bedrag van € 952,-- aan buitengerechtelijke kosten, rechtstreeks te voldoen aan de gemachtigde van [eiseres]; 2. MFM gebiedt om de reguliere salarisbetalingen en vakantieopbouw te hervatten tot de dag waarop de verplichting tot salarisbetaling van MFM jegens [eiseres] zal zijn geëindigd; 3. dit alles met veroordeling van MFM in de kosten van dit geding. 3.2. [eiseres] legt aan haar vordering ten grondslag dat Sanoma Media Netherlands B.V. en MFM ten aanzien van de verrichte arbeid redelijkerwijze moeten worden geacht elkaars opvolger te zijn. Dat betekent dat [eiseres] inmiddels vijf, althans drie opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd heeft gehad. Op basis van artikel 7:668a BW heeft [eiseres] derhalve een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met MFM. Op grond van de CAO geldt, in afwijking van het wettelijke tijdvak van 36 maanden, zelfs een tijdvak van 24 maanden, waardoor de facto nog eerder een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan. De arbeidsovereenkomst met MFM eindigt derhalve niet van rechtswege, doch zal rechtsgeldig moeten worden opgezegd. 3.3. MFM heeft gemotiveerd verweer gevoerd als volgt. Het blad Linda. is een joint venture van Sanoma Media Netherlands B.V. en [D]. MFM is 100% dochter van Sanoma Media Netherlands B.V. MFM is een zelfstandig bedrijf, heeft een eigen zelfstandige directie, voert een eigen (aanstellings- en ontslag)beleid en is gevestigd in een andere stad. De interne band tussen Sanoma Media Netherlands B.V. en MFM bestaat slechts uit aandeelhouderschap. Voor het overige neemt MFM van Sanoma Media Netherlands B.V. diensten af op financieel en administratief gebied. MFM zocht daarom iemand met technische sales-expertise, omdat zij die zelf niet in huis had. [eiseres] heeft op eigen initiatief gesolliciteerd naar de functie van Digital Sales Manager bij MFM. Nadat [eiseres] een sollicitatieprocedure heeft doorlopen, heeft MFM de functie aangeboden, die [eiseres] heeft aanvaard. [eiseres] heeft zelfstandig haar dienstverband bij Sanoma Media Netherlands B.V. opgezegd. De functie bij MFM heeft een wezenlijk andere inhoud, en is aangegaan onder andere arbeidsvoorwaarden, dan de functie van [eiseres] bij Sanoma Media Netherlands B.V. De situatie als bedoeld in artikel 7:668a BW doet zich niet voor en van opvolgend werkgeverschap is geen sprake. MFM betwist dat [eiseres] buitengerechtelijke kosten heeft gemaakt. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.1. Met de aard van de vordering, doorbetaling van loon, is het spoedeisend belang van [eiseres] bij de vordering gegeven. 4.2. In deze kort geding procedure moet aan de hand van de door partijen gepresenteerde feiten, zonder nader onderzoek, beoordeeld worden of de vordering van [eiseres] in een bodemprocedure een zo grote kans van slagen heeft dat daarop reeds nu door toewijzing kan worden vooruitgelopen. Beoordeeld moet dus worden of het dienstverband van [eiseres] bij MFM per 1 juli 2014 van rechtswege is geëindigd, of dat sprake is van een dienstverband voor onbepaalde tijd. 4.3. De grondslag van de vordering van [eiseres] rust op de stelling dat sprake is van een keten van vijf opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd in een aaneengesloten periode van bijna vier jaar en dat MFM ten aanzien van de door [eiseres] verrichte arbeid moet worden beschouwd als de opvolger van Sanoma Media Netherlands B.V. Volgens [eiseres] is daarmee op grond van artikel 7:668a lid 1 en 2 een dienstverband tussen [eiseres] en MFM voor onbepaalde tijd ontstaan. 4.4. Het verweer van MFM verzet zich in de kern tegen de stelling van [eiseres] dat MFM als opvolger van Sanoma Media Netherlands B.V. in de zin van artikel 7:668 lid 2 moet worden beschouwd. MFM heeft geen verweer gevoerd tegen de stelling van [eiseres] dat voor het overige, voor wat betreft het aantal elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, aan het bepaalde in artikel 7:668a lid 1 is voldaan, zodat de kantonrechter bij de verdere beoordeling uitgaat van de juistheid van die stelling van [eiseres]. De kantonrechter heeft aldus slechts te beoordelen of aan het bepaalde in artikel 7:668a lid 2 is voldaan. 4.5. In dat verband heeft [eiseres] gewezen op het arrest van de Hoge Raad van 11 mei 2012 (LJN BV 9603, RvdW 2012/725) waarin is geoordeeld dat aan artikel 7:668a lid 2 BW in de regel is voldaan wanneer (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.