RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Strafrecht Zittingslocatie Utrecht Parketnummers: 16/661457-14 en 22/001493-12 (tul) Vonnis van de meervoudige strafkamer van 1 augustus 2014 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [1994] te [geboorteplaats] wonende te ([postcode]) [woonplaats], [adres] 1Het onderzoek ter terechtzitting Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 1 augustus
- De verdachte is niet verschenen. Als raadsman van verdachte is verschenen mr. F.J.E. Hogewind, advocaat te Amsterdam. 2Tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: op 4 mei 2014 in Utrecht heeft geprobeerd [slachtoffer] van het leven te beroven, dan wel heeft gepoogd die [slachtoffer] zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, dan wel voornoemde persoon heeft mishandeld. 3Voorvragen De geldigheid van de dagvaarding/oproeping Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de verdachte bij de gemeentelijke basisadministratie staat ingeschreven op het adres [adres] te [woonplaats]. Dit is ook het adres dat de verdachte heeft opgegeven bij zijn eerste verhoor bij de politie. De dagvaarding en de oproeping zijn echter op 3 juli 2014 uitgereikt aan de moeder van de verdachte op het adres [adres] te [woonplaats]. Nu niet is gebleken dat de uitreiking van de dagvaarding en de oproeping van de verdachte op de juiste wijze, namelijk (ook) op het GBA-adres van de verdachte heeft plaatsgevonden, en de verdachte niet ter terechtzitting is verschenen zal de rechtbank zowel de dagvaarding als ook de oproeping nietig verklaren. 4Beslissing De rechtbank: Ten aanzien van parketnummer 16/661457-14: verklaart de dagvaarding nietig. Ten aanzien van parketnummer 22/001493-12: verklaart de oproeping nietig. Dit vonnis is gewezen door mr. M.P. Glerum, voorzitter, mrs. L.M.G. de Weerd en P.P.C.M. Waarts, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. van der Meulen, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 1 augustus
- BIJLAGE: De tenlastelegging Aan bovenbedoelde gedagvaarde persoon wordt tenlastegelegd dat Primair hij op of omstreeks 4 mei 2014 te Utrecht, althans in het arrondissement Midden-Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk [slachtoffer] van het leven te beroven, met dat opzet meermalen, althans eenmaal, met kracht met een verfkrabber, in elk geval met een scherp/puntig voorwerp, heeft gestoken en/of geprikt en/of geslagen op/tegen het hoofd/gezicht en/of op/tegen het bovenlichaam van die [slachtoffer], zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid; art 287 Wetboek van Strafrecht art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht Subsidiair hij op of omstreeks 4 mei 2014 te Utrecht, althans in het arrondissement Midden-Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet meermalen, althans eenmaal, met kracht met een verfkrabber, in elk geval met een scherp/puntig voorwerp, heeft gestoken en/of geprikt en/of geslagen op/tegen het hoofd/gezicht en/of op/tegen het bovenlichaam van die [slachtoffer], zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid art 302 lid 1 Wetboek van Strafrecht art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht Meer subsidiair hij op of omstreeks 4 mei 2014 te Utrecht, althans in het arrondissement Midden-Nederland, opzettelijk mishandelend [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, met een verfkrabber, in elk geval met een scherp/puntig voorwerp, heeft gestoken en/of geprikt en/of geslagen op/tegen het hoofd/gezicht en/of op/tegen het bovenlichaam, waardoor voornoemde [slachtoffer] letsel heeft bekomen en / of pijn heeft ondervonden; art 300 lid 1 Wetboek van Strafrecht