← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2014:7302

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Strafrecht Zittingslocatie Utrecht Parketnummer: 16/661606-14 Vonnis van de meervoudige strafkamer van 30 september 2014 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren o

Art 416lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht 2.

Primair Hij op of omstreeks 20 juni 2014 te Utrecht, althans in het arrondissement Midden-Nederland met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen twee, in elk geval een of meer, armband(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte; Art 310 Wetboek van Strafrecht Subsidiair Hij op of omstreeks 20 juni 2014 te Utrecht, althans in Nederland, twee, in elk geval een of meer, armband(en) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die armband(en) wist, althans redelijkerwijs had kunnen vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof; Art 417bis lid

Art 416lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht 3.

Primair Hij op of omstreeks 09 juni 2014 te Utrecht, althans in het arrondissement Midden-Nederland met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen zes, in elk geval een of meer, horloges, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte; Art 310 Wetboek van Strafrecht Subsidiair Hij op of omstreeks de periode van 09 juni 2014 tot en met 20 juni 2014 te Utrecht, althans in Nederland, zes, in elk geval een of meer, horloge(s) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die horloge(s) wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof; Art 417bis lid

Art 416

lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht Voor zover niet anders vermeld, wordt in de hierna volgende voetnoten telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om proces-verbaal nr. PL0900 2014164346, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Proces-verbaal van aangifte voor winkeliers van [benadeelde 1] namens [bedrijf 1] Utrecht (met bijlage), pagina 20/21 van het proces-verbaal genoemd onder

  1. Proces-verbaal van aangifte voor winkeliers van [benadeelde 1] namens [bedrijf 1] Utrecht (met bijlage), pagina 26 van het proces-verbaal genoemd onder
  2. Proces-verbaal van bevindingen, pagina 13/14 van het proces-verbaal genoemd onder
  3. Proces-verbaal van aangifte voor winkeliers van [benadeelde 1] namens [bedrijf 1] Utrecht (met bijlage), pagina 26 van het proces-verbaal genoemd onder
  4. Proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 3] namens [bedrijf 2], pagina 31/32 van het proces-verbaal genoemd onder 1 in samenhang met het proces-verbaal van relaas van [verbalisant], brigadier-rechercheur van politie, pagina 1 van het proces-verbaal genoemd onder
  5. Proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 4] namens [bedrijf 3], pagina 34 van het proces-verbaal genoemd onder 1.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.