RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Strafrecht Zittingslocatie Utrecht parketnummer: 16/659458-14 (ontneming) vonnis van de meervoudige kamer d.d. 22 mei 2015 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren [1952] te [geboorteplaats] wonende te [postcode] [woonplaats], [adres] raadsman mr. R.C. Vermeer, advocaat te Rhenen 1Deprocedure De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken: - de vordering, die binnen de in artikel 511b van het Wetboek van Strafvordering genoemde termijn aanhangig is gemaakt; - het strafdossier onder parketnummer 16/659458-14 waaruit blijkt dat [verdachte] op 22 mei 2015 door de rechtbank is vrijgesproken van - kort gezegd - het medeplegen van en de medeplichtigheid aan hennepteelt en het medeplegen van diefstal van elektriciteit; - het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, registratienummer 2012043696, pagina 94 tot en met 102 van proces-verbaalnummer PL14ZD-2012043696; - de bevindingen tijdens het onderzoek ter terechtzitting van 8 mei 2015; - de overige stukken. Tijdens het onderzoek ter terechtzitting is de officier van justitie gehoord. Tevens is [verdachte] gehoord, bijgestaan door haar raadsman mr. R.C. Vermeer, advocaat te Rhenen. 2De beoordeling 2.1 De vordering van de officier van justitie De vordering van de officier van justitie strekt tot het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat van het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel van € 340.219,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.