← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2016:4977

beschikking RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Civiel recht Zittingsplaats Utrecht zaaknummer / rekestnummer: C/16/415845 / KG RK 16-480 Beschikking van 7 september 2016 in de zaak van de rechtspersoon naar Duits recht HSH NORDBANK AG, gevestigd te Hamburg, verzoekster, hierna: HSH advocaat mr. J.L.M. Groenewegen te Amsterdam, en de rechtspersoon naar het recht van de Caymaneilanden [belanghebbende] LTD, gevestigd te [vestigingsplaats] , Caymaneilanden, woonplaats gekozen hebbende in de hypotheekakte van 22 augustus 2007 ten kantore van mr. A. Barkey Wolf te Amsterdam, belanghebbende, hierna: [belanghebbende] niet verschenen. 1De procedure 1.

  1. HSH heeft op 23 mei 2016 een verzoekschrift met bijlagen ter griffie van deze rechtbank ingediend. Het verzoek strekt tot goedkeuring door de voorzieningenrechter van de onderhandse verkoop van het hierna te noemen registergoed. 1.
  2. De griffier van deze rechtbank heeft de belanghebbenden als bedoeld in artikel 544 van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Rv) bij aangetekende brief van 27 juni 2016 in kennis gesteld van het verzoekschrift en hen opgeroepen voor de zitting van 23 augustus
  3. Daarnaast zijn, bij aangetekende brief van diezelfde datum, opgeroepen de beoogd koper, [bedrijf 1] B.V. (hierna: [bedrijf 1] ), alsmede de overige partijen die bij notaris mr. F. Stroucken een onderhands bod hebben uitgebracht, te weten [bedrijf 2] B.V. en [bedrijf 3] S.a.r.l. (hierna: [bedrijf 3] ). 1.
  4. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 23 augustus
  5. Ter zitting zijn verschenen namens HSH de heer [A] , senior vice-president en mr. J.L.M. Groenewegen en mr. K.M. van Zwieten, raadslieden. Namens [bedrijf 1] zijn verschenen de heer [B] , directeur en mr. J.D. Boon en mr. P.F.A. Spuijbroek, raadslieden. Namens [bedrijf 3] zijn verschenen de heer [C] , CEO en mr. R.G. Pop. Voorts is verschenen mr. F. Stroucken, notaris, vergezeld door mr. B. ten Doesschate. Belanghebbende [bedrijf 4] B.V., tweede hypotheekhouder, is niet verschenen, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen. 1.
  6. Ten slotte is de uitspraak bepaald op heden. 2Vaststaande feiten 2.
  7. Bij hypotheekakte van 22 augustus 2007 heeft [belanghebbende] aan HSH een recht van hypotheek verleend strekkende tot zekerheid voor de terugbetaling van al hetgeen [belanghebbende] aan HSH verschuldigd is uit hoofde van de tussen partijen gesloten overeenkomst van geldlening. Het recht van hypotheek is verleend op: i. het voortdurend recht van erfpacht van een perceel grond, eigendom van de Gemeente Utrecht, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , groot veertien are, tien centiare, met de rechten van de erfpachter van de op die grond gestichte opstallen, bestaande uit een kantoorgebouw met verder toebehoren, plaatselijk bekend [postcode] [vestigingsplaats] , [adres] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] (alle even nummers); het voortdurend recht van erfpacht van een perceel grond, eigendom van de Gemeente Utrecht, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , groot veertien are, tien centiare, met de rechten van de erfpachter van de op die grond gestichte opstallen, bestaande uit een kantoorgebouw met verder toebehoren, ondermeer plaatselijk bekend [postcode] [vestigingsplaats] , [adres] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] en [nummer] (alle even nummers); het voortdurend recht van erfpacht van een perceel grond, eigendom van de Gemeente Utrecht, kadastraal bekend gemeente Utrecht sectie [sectie] nummer [nummer] , groot veertien are, tien centiare, met de rechten van de erfpachter van de op die grond gestichte opstallen, bestaande uit een kantoorgebouw met verder toebehoren, ondermeer plaatselijk bekend [postcode] [vestigingsplaats] , [adres] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] en [nummer] (alle even nummers); het voortdurend recht van erfpacht van een perceel grond, eigendom van de gemeente Utrecht, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , groot veertien are, tien centiare, met de rechten van de erfpachter van de op die grond gestichte opstallen, bestaande uit een kantoorgebouw met verder toebehoren, plaatselijk bekend [postcode] [vestigingsplaats] , Europalaan [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] , [nummer] tot en met [nummer] (alle even nummers); het voortdurend recht van erfpacht van een perceel grond, eigendom van de Gemeente Utrecht, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , groot twaalf are, vijf centiare, met de rechten van de erfpachter van de op die grond gestichte opstallen, bestaande uit een kantoorgebouw met verder toebehoren, plaatselijk bekend [postcode] [vestigingsplaats] , [adres] , [nummer] , [nummer] , [nummer] , [nummer] , [nummer] en [nummer] ; het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de parkeervoorzieningen, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , uitmakende het eenhonderd vijf en zeventig/vierduizend vierhonderd vijf en dertigste (175/4435e ) onverdeeld aandeel in de gemeenschap, bestaande uit een voortdurend recht van erfpacht van een perceel grond, eigendom van de Gemeente Utrecht, ten tijde van de splitsing in appartementsrechten kadastraal bekend gemeente Utrecht sectie [sectie] nummer [nummer] , groot drie hectare vier are vijf en zeventig centiare, met de rechten van de erfpachter van de op die grond gestichte bouwwerken en verder toebehoren, plaatselijk bekend als [straatnaam] te [vestigingsplaats] ; het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de parkeervoorzieningen, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , gelegen aan de [straatnaam] te [vestigingsplaats] , uitmakende het tweehonderd vijfennegentig/vierduizend vierhonderd vijfendertigste (295/4435e ) onverdeeld aandeel in voormelde gemeenschap, het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de parkeervoorzieningen, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , gelegen aan de [straatnaam] te [vestigingsplaats] , uitmakende het vijfhonderdveertig/vierduizend vierhonderd vijfendertigste (540/4435e ) onverdeeld aandeel in voormelde gemeenschap; het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de parkeervoorzieningen, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , gelegen aan de [straatnaam] te [vestigingsplaats] , uitmakende het vijfhonderdveertig/vierduizend vierhonderd vijfendertigste (540/4435e ) onverdeeld aandeel in voormelde gemeenschap; het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de parkeervoorzieningen, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , gelegen aan de [straatnaam] te [vestigingsplaats] , uitmakende het eenduizendvijfentwintig/vierduizend vierhonderd vijfendertigste (1025/4435e ) onverdeeld aandeel in voormelde gemeenschap; het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de parkeervoorzieningen, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie [sectie] , nummer [nummer] , gelegen aan de [straatnaam] te [vestigingsplaats] , uitmakende het eenduizendachthonderd zestig/vierduizend vierhonderd vijfendertigste (1860/4435e ) onverdeeld aandeel in voormelde gemeenschap, hierna: het registergoed. 2.
  8. [belanghebbende] is in gebreke gebleven met de voldoening van haar verplichtingen uit hoofde van voornoemde geldlening. De totale vordering van HSH op [belanghebbende] bedraagt per 30 mei 2016 € 73.812.780,64, te vermeerderen met rente, provisie en kosten. 2.
  9. HSH heeft bij deurwaardersexploot van 15 april 2016 [belanghebbende] onder meer bericht dat zij tot openbare verkoop van het registergoed zal overgaan op 31 mei
  10. 2.
  11. HSH heeft blijkens de daarvan overgelegde koopakte de mogelijkheid het registergoed onderhands te verkopen voor een bedrag van € 24.000.000,00 aan [bedrijf 1] . 2.
  12. De waarde van het registergoed is door [D] van [naam adviesbureau] B.V., op 16 december 2015 getaxeerd, zoals opgenomen in het rapport van 28 december 2015, op: - € 15.620.000,00 onderhandse verkoopwaarde; - € 9.500.000,00 executiewaarde. 2.
  13. [bedrijf 3] heeft, na indiening van het onderhavige verzoekschrift, HSH in kort geding gedagvaard en gevorderd HSH te bevelen het onderhavige verzoek in te trekken, HSH te verbieden uitvoering te geven aan de koopovereenkomst met [bedrijf 1] en HSH te bevelen om met [bedrijf 3] in overleg te treden om te komen tot verkoop van het registergoed. Bij vonnis van 29 juli 2016 heeft de voorzieningenrechter van deze rechtbank de vorderingen afgewezen. 3Beoordeling van het verzoek 3.
  14. Nu HSH en [belanghebbende] beide in het buitenland gevestigde rechtspersonen naar buitenlands recht zijn en het verzoek uit dien hoofde een internationaal karakter draagt, dient allereerst de vraag te worden beantwoord of de Nederlandse rechter bevoegd is van de vordering kennis te nemen. De rechtsmacht van de Nederlandse rechter volgt in dit geval uit artikel 6 sub f Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv.). De bevoegdheid van de voorzieningenrechter van deze rechtbank volgt uit artikel 548 jo. 545 Rv. 3.
  15. Voorop staat dat als een bank als 1e hypotheekhouder gebruik maakt van zijn recht op parate executie, het registergoed waarop het recht van hypotheek is gevestigd in beginsel openbaar wordt verkocht, op een veiling. Voor een afwijkende wijze van verkoop – onderhands – moet verlof worden gevraagd op grond van artikel 3:268 lid 2 BW. De voorzieningenrechter verleent geen verlof als moet worden aangenomen dat een veiling méér zal opbrengen dan de voorgestelde onderhandse verkoop. 3.
  16. [bedrijf 3] heeft ter zitting verweer gevoerd en betoogd dat het verzoek niet toewijsbaar is, nu dit onvoldoende is onderbouwd. Zij heeft daarbij gewezen op het taxatierapport, waarin geen rekening gehouden zou zijn met recente ontwikkelingen omtrent het bestemmingsplan. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft [bedrijf 3] , mede gezien de (gemotiveerde) betwisting van de zijde van HSH en [bedrijf 1] , echter onvoldoende onderbouwd dat er sprake is van dergelijke ontwikkelingen. Bovendien, ook indien aangenomen wordt dat er sprake is van een (voorgenomen) wijziging van het bestemmingsplan, is het zonder nadere onderbouwing, die ontbreekt, niet aannemelijk dat de getaxeerde executiewaarde daardoor zou toenemen van € 9.500.000,00 (de getaxeerde executiewaarde) tot boven € 24.000.000,00 (de overeengekomen koopsom). 3.
  17. [bedrijf 3] heeft voorts verklaard dat, indien de voorzieningenrechter het verzoek desondanks toewijsbaar acht, zij een hoger bod wenst uit te brengen. [bedrijf 3] is daartoe ter zitting niet in de gelegenheid gesteld, tegen welke beslissing zij bezwaar heeft gemaakt. 3.
  18. Op grond van artikel 3:268 lid 2 BW is de bevoegdheid om een gunstiger aanbod aan de voorzieningenrechter voor te leggen voorbehouden aan hypotheekgevers, hypotheekhouders, beslagleggers en beperkt gerechtigden die bij een hogere opbrengst belang hebben. Een belangstellende die ter zitting een bod wenst uit te brengen moet dan ook door één van de genoemde belanghebbenden worden voorgesteld. Daarvan is in dit geval geen sprake. De enige ter zitting aanwezige belanghebbende, HSH, heeft daarentegen juist bezwaar gemaakt tegen het uitbrengen van een hoger bod door [bedrijf 3] . Daaruit volgt dat [bedrijf 3] niet kon worden toegelaten tot het ter zitting doen van een (hoger) bod. 3.
  19. Nu de koopprijs in de voorgelegde koopovereenkomst ruim meer bedraagt dan de getaxeerde executiewaarde, is voldoende aannemelijk geworden dat bij openbare verkoop geen hogere opbrengst te verwachten valt. Het verzoek zal dan ook worden toegewezen. 4Beslissing De voorzieningenrechter: 4.
  20. bepaalt dat de verkoop van het registergoed onderhands zal geschieden overeenkomstig de hierbij goedgekeurde koopovereenkomst, waarvan een gewaarmerkt afschrift aan deze beschikking is gehecht; 4.
  21. bepaalt dat de levering plaats dient te vinden binnen de in de koopovereenkomst genoemde termijn, doch in ieder geval binnen 12 weken na de datum van deze beschikking; 4.
  22. wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is gegeven door mr. C.S.K. Fung Fen Chung en in het openbaar uitgesproken op 7 september
  23. type: WL/4392 coll:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.