RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling strafrecht Zittingsplaats Lelystad Parketnummer: 16/659427-17 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 4 juli 2018 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1993 te [geboorteplaats] ,verblijvende te PI Flevoland - HvB Almere Binnen 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 19 juli 2017, 13 september 2017, 22 november 2017, 7 februari 2018, 2 mei 2018 en 20 juni
(4)jaren, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, passend en geboden is. De rechtbank zal van die 4 jaar een gedeelte van 1 (één) jaar voorwaardelijk opleggen met een proeftijd van 5 jaar. De rechtbank vindt het van belang dat er nog een voorwaardelijk strafdeel overblijft, zodat verdachte wanneer hij vrij komt, onder toezicht komt te staan van de reclassering en een verplichte behandeling moet volgen. Daarnaast acht de rechtbank een voorwaardelijke straf van belang, om verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen. Voorts zal de rechtbank voor de beveiliging van het slachtoffer en voor het voorkomen van strafbare feiten bevelen dat verdachte zich niet mag ophouden in de nabije omgeving van de school van aangeefster ( [locatie] te [vestigingsplaats] ) en de woning van aangeefster ( [adres] te [woonplaats] ) en zich moet onthouden van contact met aangeefster, haar moeder, stiefvader en twee zusjes. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan onder meer verkrachting, belaging, bedreiging en poging dwang. Omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte – gelet op de aard van de misdrijven en de persoon van verdachte - opnieuw een strafbaar feit zal begaan tegenover aangeefster en/of haar familie, dan wel zich belastend tegenover hen zal gedragen, zal de rechtbank, gelet op artikel 38v lid 4 van het Wetboek van Strafrecht, de vrijheidsbeperkende maatregel dadelijk uitvoerbaar verklaren. De rechtbank legt deze vrijheidsbeperkende maatregel op voor de duur van 5 jaren. Voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan, zal vervangende hechtenis voor een hierna te bepalen duur worden opgelegd. 9BESLAG Onttrekking aan het verkeer De rechtbank zal het in beslag genomen voorwerp dat aan verdachte toebehoort, te weten een telefoon Samsung S4 (G1947394), onttrekken aan het verkeer. Met behulp van dit voorwerp is het onder 4 bewezen verklaarde feit begaan. 10BENADEELDE PARTIJ [slachtoffer] heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 25.721,95. Dit bedrag bestaat uit € 721,95 materiële schade en € 25.000 immateriële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten. [aangeefster] heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 2.000. Dit bedrag bestaat uit immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 2 ten laste gelegde feit. 10.1 Het standpunt van de officier van justitie De vordering van [slachtoffer] acht de officier van justitie toewijsbaar tot een bedrag van € 5.721,95, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De vordering van [aangeefster] acht de officier van justitie toewijsbaar tot een bedrag van € 500,-, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. 10.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging stelt zich primair op het standpunt dat de vorderingen van de benadeelde partijen niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard in verband met de bepleite vrijspraak. Subsidiair verzoekt de verdediging de vorderingen niet-ontvankelijk te verklaren omdat de vorderingen niet zijn onderbouwd en de vorderingen derhalve een onevenredige belasting van het strafproces opleveren. Ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] voert de raadsman aan dat niet duidelijk is dat de gevorderde schade een rechtstreeks gevolg is van het handelen van verdachte. Uit de verklaring van de psycholoog volgt namelijk dat er al eerder (psychische) problemen waren. De door de advocaat van de benadeelde partij aangedragen ‘soortgelijke zaken’ zijn bovendien niet vergelijkbaar met onderhavige zaak, omdat dit zaken zijn die te maken hebben met misbruik binnen de katholieke kerk en de hoogte van de schadevergoedingen zijn vastgesteld door een onafhankelijke instantie. Met betrekking tot de gevorderde materiële schade voert de raadsman aan dat uit de aangifte van de moeder van de benadeelde partij volgt dat aangeefster al voor het incident naar school moest worden gebracht met de auto. Bovendien zijn de reiskosten noch gespecificeerd met data en gereden kilometers, noch onderbouwd met bonnetjes. Voorts voert de raadsman ten aanzien van de gevorderde immateriële schade aan dat de benadeelde partij tijdens het laatste studioverhoor heeft verklaard dat het goed met haar gaat en dat zij nergens last van heeft gehad. Ten slotte voert de raadsman aan dat de rechtbank geen gebruik kan maken van haar schattingsbevoegdheid, omdat de verdediging dan niet meer in de gelegenheid kan worden gesteld hierop te reageren. 10.3 Het oordeel van de rechtbank De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] De schade voor zover die betrekking heeft op de materiële schadeposten ‘broek’ (€ 39,95) en ‘wijzigen telefoonnummer’ (€ 10,-) ter hoogte van in totaal € 49,95 komt voor vergoeding in aanmerking. Voor het bepalen van de immateriële schade heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij wat in soortgelijke zaken aan immateriële schade is toegewezen. De rechtbank zal de gevorderde immateriële schade matigen tot een bedrag van € 5.000,-. De rechtbank zal daarom de vordering tot het bedrag van € 5.049,95 toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 5 februari 2017 tot de dag van volledige betaling. De benadeelde partij heeft meer gevorderd dan de rechtbank zal toewijzen. De behandeling van de vordering levert voor dat deel een onevenredige belasting van het strafgeding op. De rechtbank zal daarom de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet-ontvankelijk verklaren en bepalen dat de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht. Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten worden tot op dit moment begroot op nihil. Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer] aan verdachte de verplichting opleggen tot betaling aan de Staat van het bedrag van € 5.049,95 , te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 5 februari 2018 tot de dag van volledige betaling. Als door verdachte niet wordt betaald, zal deze verplichting worden aangevuld met 60 dagen hechtenis, waarbij toepassing van de hechtenis de betalingsverplichting niet opheft. De betaling die is gedaan aan de Staat wordt op de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] in mindering gebracht. Dit geldt andersom ook indien betaling is gedaan aan de benadeelde partij. De vordering van de benadeelde partij [aangeefster] De rechtbank zal de benadeelde partij [aangeefster] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering nu de vordering niet voldoende is onderbouwd. De benadeelde partij kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. Nu de benadeelde partij niet-ontvankelijk wordt verklaard in haar vordering, zullen kosten worden gecompenseerd, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt. 11TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 38v, 38w, 45, 55, 57, 240b, 242, 284, 285, 285b, van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 12BESLISSING De rechtbank: Geldigheid dagvaarding - verklaart de dagvaarding geldig; Ontvankelijkheid officier van justitie - verklaart de officier van justitie ontvankelijk in de vervolging van verdachte ten aanzien van de in de nadere omschrijving van de tenlastelegging omschreven feiten; Bewezenverklaring - verklaart het onder feit 1 primair, feit 2 (cumulatief), feit 3 en feit 4 ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld; - verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Strafbaarheid - verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; Oplegging straf en maatregel - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 4 (vier) jaren; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; - bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van 1 (één) jaar, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd; - stelt daarbij een proeftijd van 5 (vijf) jaren vast; - stelt als algemene voorwaarden dat verdachte: * zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit; * ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt; * medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen; - stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte: * zich gedurende de proeftijd zal melden bij Reclassering Nederland, op het adres Meent 4, 8224 BR te Lelystad, zolang en zo frequent de reclassering dit noodzakelijk acht; * zich onder behandeling zal stellen van De Waag of soortgelijke ambulante forensische zorginstelling, zulks ter beoordeling van de reclassering, op de tijden en plaatsen als door of namens die instelling/deskundige aan te geven, teneinde zich te laten behandelen voor antisociale gedragingen, waarbij de veroordeelde zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van de behandeling zullen worden gegeven, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht; - waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden. Vrijheidsbeperkende maatregel - legt aan verdachte op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de duur van 5 (vijf) jaren; - beveelt dat verdachte zich niet ophoudt binnen een straal van 100 meter van [locatie] (school voor voortgezet onderwijs): [adres] te [vestigingsplaats] ; zich niet ophoudt binnen een straal van 100 meter van de woning van aangeefster: [adres] [woonplaats] ; zich onthoudt van contact -direct of indirect- met [aangeefster] , [D] , [slachtoffer] , [E] en [F] ; - beveelt dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor het geval door veroordeelde niet aan de maatregel wordt voldaan. De duur van deze vervangende hechtenis bedraagt 2 weken voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een maximum van 6 maanden; - toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen ingevolge de opgelegde maatregel niet op; - beveelt dat de opgelegde vrijheidsbeperkende maatregel dadelijk uitvoerbaar is. Beslag - verklaart het volgende voorwerp onttrokken aan het verkeer: telefoon Samsung S4 (G1947394). Benadeelde partij [slachtoffer] : wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 5.049,95 ; veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 februari 2017 tot de dag van volledige betaling; verklaart [slachtoffer] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 5.049,95 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 februari 2017 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 60 dagen hechtenis; bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed. Benadeelde partij [aangeefster] : verklaart [aangeefster] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt. Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Bos, voorzitter, mrs. M.S. Koppert en H.B.W. Beekman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L. Antonides, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 4 juli 2018. Mr. M.S. Koppert is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging (na vordering nadere omschrijving) Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: l. hij op of omstreeks 5 februari 2017 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(
- en)en/of met bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en), [slachtoffer] (geboren op 28 december 2004) heeft gedwongen tot een handeling die bestond uit of mede bestond uit het binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte zijn penis in de mond van die gebracht en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(
- en)en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(
- en)hierin dat verdachte met zijn geestelijk en fysiek overwicht op [slachtoffer] , (terwijl hij met die [slachtoffer] in een auto zat) - met één of meerdere mobiele telefoon(
- s)(een) video('
- s)heeft gemaakt van die [slachtoffer] en/of tegen die [slachtoffer] heeft gezegd dat hij (een) video('
- s)van haar maakte en/of - alcoholhoudende drank aan die [slachtoffer] heeft gegeven en/of - meermalen aan die [slachtoffer] heeft gevraagd of zij hem wilde pijpen en/of tegen die [slachtoffer] heeft gezegd dat hij haar pas naar huis zou brengen als zij hem eerst zou pijpen en/of - zijn penis door die [slachtoffer] heeft laten aftrekken en/of met zijn hand het hoofd van die [slachtoffer] in de richting van zijn blote penis heeft geduwd waarna [slachtoffer] zijn penis in haar mond heeft genomen en hem heeft gepijpt, waarna hij in haar mond is klaargekomen, en aldus een voor die [slachtoffer] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan; (artikel 242 Wetboek van Strafrecht) subsidiair: hij op of omstreeks 5 februari 2017 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, met [slachtoffer] , geboren op 28 december 2004, die de leeftijd van twaalf, maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd die hebben bestaan uit of mede hebben bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, immers heeft hij, verdachte, zijn penis in de mond van die [slachtoffer] gebracht, althans laten nemen; (artikel 245 Wetboek van Strafrecht) 2. hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 5 februari 2017 tot en met 31 maart 2017 te Hilversum, althans in Nederland, stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op een anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer] en/of [aangeefster] , door onder andere - die [slachtoffer] veelvuldig te bellen en/of veelvuldig Instagramberichten en/of whatsappberichten naar die [slachtoffer] en/of die [aangeefster] te versturen en/of - de naam en/of het Instagramaccount en/of het telefoonnummer van die [slachtoffer] bij (naakt)foto's op Instagram te zetten, ten gevolge waarvan die [slachtoffer] meerdere malen is gebeld of berichten heeft ontvangen door /van anderen en/of - een kennis van [slachtoffer] en/of [aangeefster] (te weten: [C] ) te vragen naar het -huisadres van die [slachtoffer] en/of [aangeefster] en/of het adres van de [sportvereniging] waar [slachtoffer] sport en/of - zich op te houden in zijn personenauto bij de school van die [slachtoffer] , met het oogmerk die [slachtoffer] en/of [aangeefster] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen; (artikel 285b Wetboek van Strafrecht) en/of hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 5 februari 2017 tot en met 31 maart 2017, te Hilversum, althans Nederland, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om [slachtoffer] door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die [slachtoffer] , wederrechtelijk te dwingen iets te doen, niet te doen en/of te dulden, te weten het (nogmaals) afspreken met hem, verdachte, (telkens) met voormeld oogmerk die [slachtoffer] heeft gezegd/geappt/voorgehouden dat hij, verdachte, - één of meer film(
- s)en/of foto('
- s)waarop die [slachtoffer] , bij hem, verdachte, seksuele handelingen verricht en/of waarop die [slachtoffer] geheel en/of gedeeltelijk ontkleed is te zien, via één of meer sociaal medium/sociale media openbaar zou maken en/of aan de vrienden en/of familie van voornoemde [slachtoffer] zou doorsturen en/of - één of meer geluidsbestanden waarop die [slachtoffer] vertelt seksuele handelingen verricht te hebben, via één of meer sociaal medium/ sociale media openbaar zou maken en/of aan de vrienden en/of familie van voornoemde [slachtoffer] zou doorsturen, en/of - de moeder en/of vader en/of neef van die [slachtoffer] zou inlichten over het drinken van alcohol door [slachtoffer] en/ of over de seksuele contacten die zij heeft gehad met (oudere) jongens, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; (artikel 284 jo. 45 Wetboek van Strafrecht) 3. hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 5 februari 2017 tot en met 31 maart 2017, te Hilversum, althans Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met verkrachting, door die [slachtoffer] mondeling en/of telefonisch en/of via sociale media dreigend de woorden toe te voegen: "Ik ga je helemaal kapot maken [slachtoffer] " en/of "Ik ga je doodmaken" en/of "Ik steek je neer" en/of "Ik verkracht jou kk kech", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking; (artikel 285 Wetboek van Strafrecht) 4. hij op één of meer tijdstippen, in of omstreeks de periode van de maand juni 2016 tot en met 18 april 2017 te Hilversum, althans in Nederland, één of meermalen (telkens) één of meer afbeeldingen, te weten 8 foto's en/of 2 video's en/of films en/of (telkens) een gegevensdrager, te weten een smartphone, merk Samsung, type Neo, bevattende één of meer afbeeldingen, te weten 8 foto's en/of 2 video's en/of films van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft verworven, in bezit heeft gehad en/ of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit: het met de/een vinger en/of hand vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had (fotonummers 9 en 10) en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/ of billen van die persoon in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling (fotonummers l, 2, 3, 4, 5, 6, 7 en 8); (artikel 240b Wetboek van Strafrecht) ECLI:NL:PHR:2011:BS1739 (https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:PHR:2011:BS1739) Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 15 augustus 2017, genummerd 14Noordse, documentcode: 20170718.1410.09782, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd 0 tot en met 611. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. een proces-verbaal van bevindingen informatief gesprek zeden, pagina 1-3 een-proces-verbaal van aangifte van [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 40-45 een proces-verbaal van verhoor getuige bij de rechter-commissaris, pagina 2 een proces-verbaal van verhoor getuige bij de rechter-commissaris een NFI rapport van 9 juni 2017, opgemaakt door forensisch deskundige dr. A.G.M. van Gorp, ingeschreven in het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen voor het deskundigengebied DNA analyse en interpretatie, pagina 252 tot 254; een NFI rapport van 4 augustus 2017, opgemaakt door forensisch deskundige dr. A.G.M. van Gorp, ingeschreven in het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen voor het deskundigengebied DNA analyse en interpretatie, pagina 256 tot 259; een proces-verbaal van bevindingen, pagina 6; bijlage 4 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 11; de verklaring van verdachte ter terechtzitting van 20 juni 2018; een proces-verbaal van aangifte door [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 77 (met bijlagen, pagina 68-137) bijlage 16 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 101 een proces-verbaal van aangifte door [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 78 (met bijlagen, pagina 68-137) een proces-verbaal van aangifte door [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 73-85 (met bijlagen, pagina 68-137) een-proces-verbaal van aangifte van [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 40-45 Bijlage 2 tot en met 11 bij een-proces-verbaal van aangifte van [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 40-45 een proces-verbaal van bevindingen informatief gesprek zeden, pagina 1-3 een proces-verbaal van bevindingen, pagina 6; bijlage 11 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 13 bijlage 11 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 18 bijlage 12 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 19 bijlage 13 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 20 bijlage 14 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 21 bijlage 16 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 23 bijlage 17 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 24 een proces-verbaal van bevindingen, pagina 167 met bijlage, pagina 168-169 een proces-verbaal van bevindingen, pagina 195 een proces-verbaal van bevindingen, pagina 189 een proces-verbaal van bevindingen, pagina 175 met bijlage 1 en 2, pagina 177-178 een proces-verbaal van bevindingen, pagina 349 een proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 571, 572 een proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 563-567 Kamerstukken II 1997/98, 25768, 5, p. 17 een proces-verbaal van aangifte door [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 73-85 (met bijlagen, pagina 68-137) Bijlage 43 bij een proces-verbaal van aangifte door [aangeefster] , namens [slachtoffer] , pagina 129 een proces-verbaal van bevindingen, pagina 6; bijlage 1 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 8; bijlage 19 bij een proces-verbaal van bevindingen, pagina 26 een proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 571 de verklaring van verdachte ter terechtzitting van 20 juni 2018; een proces-verbaal van bevindingen, pagina 63-67 van. (Dit proces-verbaal is als bijlage opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 8 augustus 2017, genummerd 14Noordse, documentcode: 20170711.0956.09782, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 85) de verklaring van verdachte ter terechtzitting van 20 juni 2018;