RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Familierecht locatie Utrecht zaaknummer / rekestnummer: C/16/459707 / FA RK 18-2519 Beschikking d.d. 11 september 2018 betreffende de echtscheiding in de zaak van: [de man], wonende te [woonplaats], hierna te noemen de man, advocaat mr. A.S. Bakker, gevestigd te Utrecht, en [de vrouw], wonende te [woonplaats], hierna te noemen de vrouw, advocaat mr. A.S. Bakker, gevestigd te Utrecht, 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift van partijen, ingekomen op 8 mei 2018; - de brief van de minderjarige [minderjarige 1], ingekomen op 11 juni 2018; - het F9-formulier van 15 juni 2018; - het F9-formulier van 6 augustus
- 1.
- Bij het verzoekschrift is een convenant gevoegd, waarvan het ouderschapsplan deel uitmaakt. 1.
- De minderjarigen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben hun mening kenbaar gemaakt in een gesprek met de kinderrechter op 17 mei
- Ook heeft [minderjarige 1] een brief geschreven aan de kinderrechter, ingekomen op 11 juni
- 1.
- Op 7 juni 2018 heeft de kinderrechter een gesprek gehad met de ouders. 2De feiten 2.
- Partijen zijn met elkaar gehuwd op [2000] te [plaats]. Partijen hebben de Nederlandse nationaliteit. 2.
- De minderjarige kinderen van partijen zijn: - [minderjarige 1], geboren op [2002] te [geboorteplaats] en - [minderjarige 2], geboren op [2004] te [geboorteplaats]. 3De beoordeling 3.
- Scheiding 3.1.
- Partijen hebben verzocht de echtscheiding tussen hen uit te spreken. Zij hebben gesteld dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. Het verzoek tot echtscheiding zal, als op de wet gegrond, worden toegewezen. 3.1.
- Partijen hebben onderling een regeling getroffen die is vermeld in het convenant met ouderschapsplan. Uit de stukken blijkt dat partijen zich na het gesprek met de kinderechter hebben aangemeld bij Juvans maatschappelijk werk en dienstverlening voor gesprekken over de uitvoerbaarheid van het ouderschapsplan. Hiermee is voldoende tegemoetgekomen aan de bij de rechtbank gerezen twijfel over de uitvoerbaarheid van het ouderschapsplan. Gelet hierop zal de rechtbank, conform het verzoek, bepalen dat het convenant met ouderschapsplan deel uitmaakt van deze beschikking. 4De beslissing De rechtbank: 4.
- spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd te [plaats] op [2000]; 4.
- bepaalt dat het aangehechte en door de griffier gewaarmerkte convenant met ouderschapsplan deel uitmaakt van deze beschikking; 4.
- verklaart onderdeel 3.2 voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. I.L. Rijnbout, rechter, tevens kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. M. Cox-Weber op 11 september
- .