RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16-707007-15 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 24 december 2019 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1969] te [geboorteplaats] (Turkije), ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres [adres] , [woonplaats] . 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 29 augustus 2018, 14 november 2018, 5 november 2019, 13 november 2019 en 10 december
- De inhoudelijke behandeling van de straf- en ontnemingszaak heeft op 5 november 2019 plaatsgevonden. Op 13 november 2019 heeft de behandeling van de vorderingen van de benadeelde partijen plaatsgevonden. Op 10 december 2019 is het onderzoek ter terechtzitting gesloten. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering en standpunten van de officier van justitie mr. H.J. Starrenburg en van hetgeen verdachte en zijn raadsvrouw mr. Y. Karga, advocaat te Amsterdam - Duivendrecht , naar voren hebben gebracht. Daarnaast heeft de rechtbank kennisgenomen van hetgeen door de benadeelde partijen [benadeelde 1] , [benadeelde 2] , [benadeelde 3] , [benadeelde 4] , [benadeelde 5] , [benadeelde 6] , [benadeelde 7] , [benadeelde 8] , [benadeelde 9] , [benadeelde 10] , [benadeelde 11] , [benadeelde 12] , [benadeelde 13] en [benadeelde 14] naar voren is gebracht. 2TENLASTELEGGING De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: in de periode van 4 oktober 2014 tot en met 31 augustus 2015 op verschillende plaatsen in Nederland (samen met anderen) 251 personen heeft opgelicht door - zich tegenover die personen voor te doen als betrouwbare verkoper van vliegtickets, middels de bedrijven [webwinkel] en [bedrijf 1] ; - gebruik te maken van de geldende gewoonte dat dergelijke aankopen vooraf worden betaald; - te doen voorkomen dat de vliegtickets definitief waren, terwijl deze geen recht gaven tot de betreffende vluchten; - te doen voorkomen dat de vlucht voor voornoemde personen was geboekt, terwijl dit niet zo was, waardoor voornoemde personen zijn bewogen tot de afgifte van geldbedragen, met een totaal van € 233.288,-. De tenlastelegging is opgenomen in de bijlage. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het tenlastegelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. Dit betekent dat de rechtbank een inhoudelijke beslissing mag en zal nemen in deze strafzaak. 4WAARDERING VAN HET BEWIJS 4.
- Aanleiding onderzoek Vanaf 7 juli 2015 deed een groot aantal mensen aangifte van oplichting bij het Landelijk Meldpunt Internetoplichting. Zij hadden via een webwinkel www. [webwinkel] vliegtickets geboekt, maar ontdekten bij het inchecken van de heen- of terugreis dat hun namen niet op de passagierslijsten van de betreffende vlucht voorkwamen. Daarnaast ontving een aantal mensen e-mails met de mededeling dat [webwinkel] failliet was. In totaal deden 251 mensen aangifte van oplichting en deze aangiften waren voor de politie aanleiding tot het starten van het onderzoek onder de naam 14Parkiet. 4.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht het ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. Verdachte heeft door gebruik te maken van diverse samenweefsels van verdichtsels, listige kunstgrepen en het aannemen van een valse hoedanigheid de 251 aangevers bewogen tot het doen van betalingen voor vliegtickets, terwijl die tickets geen recht gaven op een vlucht. De officier van justitie acht het medeplegen niet bewezen, doordat het dossier te weinig aanknopingspunten biedt om te kunnen spreken van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en een ander. 4.
- Het standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft primair vrijspraak bepleit van het ten laste gelegde, wegens het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. Verdachte heeft onder [bedrijf 1] B.V. een aantal handelsnamen ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, waaronder de handelsnaam [webwinkel] . Hij heeft [webwinkel] ter goeder trouw verkocht aan de medeverdachte, de heer [medeverdachte] . Naast de belastende verklaring van deze medeverdachte zijn er geen bewijsmiddelen waaruit blijkt dat deze verkoop een schijnconstructie was. Door verdachte zijn geen oplichtingsmiddelen gebruikt. Ongeloofwaardige verklaring medeverdachte De verdediging heeft betoogd dat de verklaring van de medeverdachte ongeloofwaardig is. Uit het procesdossier komt het beeld naar voren van de medeverdachte als katvanger; een kruimeldief, die zijn leven niet op orde heeft. De raadsvrouw heeft aangevoerd dat dit beeld onjuist is en het gevolg is van een tunnelvisie van de politie. De medeverdachte was op het moment van het ten laste gelegde al twee jaar niet dakloos en is niet bij zijn woning vertrokken met een huurachterstand. Daarnaast heeft de medeverdachte herhaaldelijk verklaard dat hij geld moest pinnen, dat hij dit geld direct moest afgeven en dat hij de bankpas niet zelf in zijn bezit heeft gehad. De medeverdachte heeft ontkend te hebben gepind in Hilversum , maar uit het overzicht in het ontnemingsdossier volgt dat dit wel is gebeurd. Volgens de medeverdachte zou hij dan de bankpas hebben opgehaald in Zaandam om vervolgens in Hilversum te gaan pinnen, waaruit de conclusie getrokken kan worden dat zijn verklaring ongeloofwaardig is. Uit het ontnemingsdossier volgt eveneens dat de betreffende bankpas ook in het casino in België is gebruikt, waaruit volgt dat de bankpas wel degelijk in het bezit van de medeverdachte was en hij dus aantoonbaar onjuist heeft verklaard. Tot slot heeft verdachte op 8 juli 2015 een WhatsApp-bericht ontvangen van het nummer dat de zus van de medeverdachte aan de medeverdachte toeschrijft. Uit dit bericht volgt dat de medeverdachte in de problemen is geraakt, dat hij daarom vertrokken is en dat hij geld schuldig is aan verdachte. Aangetroffen administratie bij doorzoeking woning verdachte en onderzoek IP-adressen De verdediging heeft aangevoerd dat verdachte een aannemelijke verklaring heeft gegeven voor het feit dat in zijn woning administratie met betrekking tot [webwinkel] is aangetroffen en ook voor het feit dat na de overdracht van [webwinkel] meermalen vanaf zijn IP-adres is ingelogd op de zakelijke bankrekening van [webwinkel] . Met betrekking tot de aangetroffen administratie heeft verdachte aangegeven dat hij de boekingen, die gedaan waren voor de overdracht van [webwinkel] aan de medeverdachte, nog goed wilde laten verlopen en dat hij de reserveringen die waren gedaan nog moest omzetten in daadwerkelijke boekingen. Hij heeft daarom de papieren administratie van die boekingen meegenomen. Met betrekking tot het IP-adres heeft verdachte verklaard dat hij bij hem op kantoor de zakenpartner van de medeverdachte, [zakenpartner] , heeft ingewerkt. Gelet op de tijd en intensiteit van dit proces is het goed mogelijk dat deze [zakenpartner] toen meermalen ingelogd heeft op de zakelijke rekening van [webwinkel] . Conclusie verdediging Concluderend is verdachte niet verantwoordelijk voor boekingen die zijn gedaan na de verkoop van [webwinkel] . Verdachte heeft geen opzet gehad op oplichting en heeft geen oplichtingsmiddelen aangewend, zodat verdachte dient te worden vrijgesproken. Subsidiair dient verdachte te worden vrijgesproken van het medeplegen van de oplichting, nu niet bewezen kan worden dat de oplichting in nauwe en bewuste samenwerking met een ander is gepleegd. 4.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank gaat op grond van wettige bewijsmiddelen van de volgende feiten en omstandigheden uit. 4.4.
- Bewijsmiddelen Aangiften Op 13 juli 2015 wordt door [aangever 1] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Omdat ik met mijn gezin met vakantie naar Turkije wilde, heb ik op internet gezocht naar een goede en goedkope manier van reizen. Op een gegeven moment zag ik een site van [webwinkel] . [webwinkel] is een reisorganisatie […]. Ik zag aan de site verder niets vreemds. Ik vond de site zelfs professioneel. Ik kon op de site vluchtprogramma’s zien en wat de prijzen waren. Op maandag 29 juni omstreeks 19.00 uur had ik een reis naar Turkije geboekt. De vertrekdatum was gepland op zaterdag 25 juli om 19.50 uur vanaf Amsterdam . […] De terugreis was gepland op zondag 16 augustus 2015 om 16.00 uur vanaf Izmir/Turkije naar Amsterdam . Tevens las ik op de tickets dat de luchtvaartmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 1] was. Ik had de reis voor drie personen geboekt. Het ging om een retour. Ik heb totaal 1314 euro voor deze reis betaald. Ik heb nadat ik de reis had geboekt het geld overgemaakt. Gegevens tegenrekening: Omschrijving: [omschrijving] , kenmerk 29-06-2015 […] Ik heb kort daarna van [webwinkel] de tickets toegezonden gekregen. Ik zag dat de e-mail van de afzender info@ [webwinkel] was. […] Ik heb vervolgens de site van [webwinkel] verlaten in de veronderstelling dat ik een reis had geboekt naar Izmir/Turkije. Op donderdag 9 juli omstreeks 12.29 uur kreeg ik op mijn mailadres het volgende bericht van [webwinkel] : Reisorganisatie [webwinkel] is failliet! Ik zag dat de e-mail van de afzender [webwinkel] Failliet < [webwinkel] .failliet@gmail.com> was. […] Op donderdag 9 juli 2015 in de loop van de middag had ik gebeld naar [luchtvaartmaatschappij 1] . [luchtvaartmaatschappij 1] zou de vliegtuigmaatschappij zijn, die mij en mijn gezin naar Turkije zou vliegen. […] Ik hoorde vervolgens van de medewerker dat op de gegevens die ik had doorgegeven geen reis naar Turkije was geboekt.’ Op 9 juli 2015 wordt door [benadeelde 1] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting/voorschotfraude tegen een reisbureau genaamd [webwinkel] , gevestigd aan de [adres] te [woonplaats] . […] Via [webwinkel] reisbureau konden wij rechtstreeks vliegen naar Kayseri te Turkije, […]. Ik had vier retourtickets geboekt, van een totaal prijs van 1912,00 euro. Op 22 maart 2015 heb ik 1912,00 euro overgemaakt via iDEAL naar rekeningnummer [rekeningnummer] van Stichting Excrow Ice Pay. […] De heenreis zou op 10 juli 2015 omstreeks 22.30 uur zijn vanaf Schiphol en de terugreis zou op 12 augustus 2015 04.30 uur zijn. Op dinsdag 7 juli 2015 heb ik nog een mail gestuurd naar het reisbureau via info@ [webwinkel], dit was in verband met informatie over bagage. Ik kreeg geen antwoord. Ik heb op woensdag 8 juli 2015 gebeld met het reisbureau via [telefoonnummer] en via [telefoonnummer] . Op beide nummers heb ik geen contact gekregen. […] Ik heb daarna de vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 3] gebeld, daarmee zouden wij gaan vliegen, ik heb alles verteld. [luchtvaartmaatschappij 3] gaf aan dat er geen boeking op mijn naam stond. Ik kreeg een telefoonnummer van een ander reisbureau, dit was Anadoluline. Ik heb deze ook gebeld, er was een vlucht op de dag dat wij zouden vliegen, maar ook daar stond mijn naam niet tussen.’ Op 20 augustus 2015 wordt door [aangever 2] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik ben opgelicht door het bedrijf ‘ [webwinkel] ( [bedrijf 1] B.V.)’ gevestigd aan de [adres] te [woonplaats] en doe hierbij aangifte. Op 16 januari 2015 heb ik vliegtickets gekocht bij de bovengenoemde reisorganisatie via de website www. [webwinkel]. […] De reis betrof een retour. De heenreis zou zijn op 9 juli 2015 te 19.50 uur en de terugreis op 13 augustus 2015 te 16.00 uur. Na het boeken via de website kreeg ik een mail op mijn emailadres. In de email stond dat ik binnen drie dagen 1940 euro over moest maken naar het rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [bedrijf 1] BV te [woonplaats] . Ik heb dit betaald op 16 januari 2015 en daarvan een overzicht gemaakt. […] Nadat ik betaald had, kreeg ik wederom via de mail de vluchtcoupons. […] Op deze coupons zijn de heen- en terugreis zichtbaar. Op 28 juli 2015 heb ik een mail ontvangen van [webwinkel] met daarin onze coupons van de heenreis via [luchtvaartmaatschappij 1] . [webwinkel] is een tussenpersoon en wij zijn met reisorganisatie [luchtvaartmaatschappij 1] gevlogen. De coupons van de terugreis heb ik nooit ontvangen van [luchtvaartmaatschappij 1] . Wel heb ik via dezelfde mail coupons ontvangen, waarin onze reisgegevens stonden voor de terugreis via Triptime. De heenreis is goed gegaan maar toen wij terug wilden op 13 augustus 2015, ging dat niet goed. Er werd tegen ons gezegd dat wij niet op de passagierslijst stonden van de vlucht en wij moesten naar de balie van [luchtvaartmaatschappij 1] gaan om het aldaar te regelen. De medewerker van [luchtvaartmaatschappij 1] op het vliegveld van Izmir vertelde ons dat hij ons niet op de lijst zag staan van de vlucht, welke wij geboekt hadden. Het vluchtnummer kwam wel overeen met de gegevens welke wij hadden gehad. Om die reden heb ik vijf nieuwe tickets moeten boeken welke mij in euro’s 1650 euro gekost hebben. […] Ik heb ook nog geïnformeerd bij Triptime. Triptime was de reisorganisatie welke op onze coupons stond van de terugreis. […] Triptime vertelde mij dat wij niet via hen geboekt hadden dat er niets in het systeem stond over ons. Wij waren niet bekend bij hen.’ Op 8 juli 2015 wordt door [aangever 3] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik ben op 2 juni 2015 op internet op zoek gegaan voor vliegtickets naar Marokko. Ik heb op Google gezocht naar de goedkoopste vluchten die richting Marokko gingen en kwam toen uit bij [webwinkel] . Ik heb hier 5 tickets geboekt voor mijn familie. Deze 5 tickets waren goed voor een totaalbedrag van 2410 euro. Ik heb na het boeken van deze tickets gelijk de volgende dag het totaalbedrag overgemaakt aan [webwinkel] . Dit heb ik gedaan op rekeningnummer [rekeningnummer] . Toen ik gisteren op 7 juli naar Schiphol ging met mijn gezin, kwam ik erachter dat de flightcoupons die ik heb ontvangen van [webwinkel] niet kloppen. De vluchten die er op vermeld stonden waren wel correct, alleen stonden wij niet op de lijst om met deze vlucht mee te vliegen. De vlucht zou zijn verzorgd door [luchtvaartmaatschappij 3] , maar zij wisten van niets vertelden zij ons. […] Nadat ik weer vanaf Schiphol naar huis was gegaan heb ik gebeld met [webwinkel] . Dit nummer dat bij mij bekend was, was alleen niet meer te bereiken. […] Later heb ik zelf op een site gekeken naar bedrijven die een faillissement hebben aangevraagd en hier stond [webwinkel] tussen.’ Op 13 augustus 2015 wordt door [benadeelde 8] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting. […] Onlangs hadden we tickets geboekt via [webwinkel] . We zouden vliegen van [woonplaats] naar Antalya op 7 juli. Op 7 juli kregen we per mail te weten dat [webwinkel] failliet is gegaan, (staat niet in KVK geregistreerd). Op Schiphol waren er net als wij vele gedupeerden. […] Datum betaling 09-06-2015 Bedrag aankoop: € 1.432,00 Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: Stichting Escrow Ice Pay’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 4] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 30 maart
- […] Ik heb op 30-03 een reis geboekt voor woensdag 08-07 om van Amsterdam naar Antalya te vliegen via [webwinkel] . Maandag 07-07 kreeg ik een e-mail van [webwinkel] dat ze financieel onvermogen hadden. Ik heb geprobeerd om contact op te nemen met [webwinkel] , maar dat lukte niet. ik heb met [luchtvaartmaatschappij 1] gebeld om te kijken of mijn naam in de passagierslijst stond, maar het bleek dat onze naam nooit er bij stond. We zijn naar een van hun hoofdkantoren gegaan in [woonplaats] , toen we eenmaal daar waren stond het helemaal leeg. […] Bedrag aankoop: € 1432,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: [webwinkel] ’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 5] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting. […] 12 mei 2015 heb ik 9 vliegtickets geboekt via [webwinkel] met [luchtvaartmaatschappij 3] : op 18 juli naar Dalaman, Turkije en op 1 augustus terug naar Amsterdam . Vanochtend ontving ik een vreemde email met het bericht dat [webwinkel] failliet zou zijn. Op mijn telefoontjes naar [webwinkel] en e-mails wordt tot twee keer toe gereageerd door het opnieuw aan mij versturen van de oude factuur. Op mijn vragen over het al dan niet failliet zijn van [webwinkel] wordt niet ingegaan. Telefonische navraag bij [luchtvaartmaatschappij 3] wijst uit dat [webwinkel] en mijn achternaam niet voorkomen in de reserveringen op de betreffende dag en de betreffende vluchten. Tevens hoor ik van hun callcenter dat de politie al in het pand is geweest. Conclusie: opgelicht! […] Bedrag aankoop: € 3.492,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: [webwinkel] .’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 6] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 15 juni
- […] Bedrag aankoop:€ 1.912,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] Naam rekeninghouder wederpartij: Escrow ice pay. Jwlc
- [webwinkel] Ik heb via deze site www. [webwinkel] .com 4 vliegtickets gekocht voor vakantie naar Marokko, achteraf kreeg ik een mail dat de vlucht niet doorgaat omdat het online reisbureau failliet is gegaan. Later kreeg ik te horen op Schiphol dat die maatschappij helemaal niet bestaat.’ Op 10 juli 2015 wordt door [aangever 7] aangifte gedaan namens [benadeelde 15] . Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe namens mijn vader aangifte van oplichting gepleegd door [webwinkel] . […] Op 29 juni 2015 zat ik samen met vader achter de computer op zoek naar goedkope vliegtickets naar Marokko. Ik vond de tickets die wij zochten bij [webwinkel] We konden voor 458,00 euro per persoon een retour vlucht boeken naar Marokko. […] Ik heb toen 4 vliegtickets geboekt naar Marokko met vertrekdatum 21 juli 2015 en retourdatum 25 augustus
- Mijn vader heeft 1.832,00 euro overgemaakt op bankrekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [webwinkel] in [woonplaats] . De vliegtickets heb ik via de mail ontvangen van info@ [webwinkel]. De vliegtickets zagen er uit zoals we gewend zijn van vliegtickets. Er was geen reden om te twijfelen dat de vliegtickets niet echt waren. We zouden met [luchtvaartmaatschappij 3] vliegen. Op 9 juli 2015 ontving ik van info@ [webwinkel] een email. In de email stond ‘Reisorganisatie [webwinkel] is failliet.’ Ik schrok hier erg van. Ik heb toen direct geprobeerd om te bellen, maar er werd niet meer opgenomen. De internetsite van [webwinkel] was ook al uit de lucht.’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 8] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 1 juli
- Naam wederpartij: [webwinkel] . […] Ik heb vliegtickets gekocht, maar bleek fake te zijn. […] Bedrag aankoop: € 1.432,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: Escrow ice pay.’ Op 23 juli 2015 wordt door [aangever 9] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 1 februari
- […] Vluchten geboekt via [webwinkel] . Deze zijn echter niet bij de betreffende luchtvaartmaatschappij, [luchtvaartmaatschappij 1] , bekend. Bedrag aankoop: € 1.252,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeningnummer wederpartij [bedrijf 1] BV.’ Op 23 juli 2015 wordt door [aangever 10] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting. Tickets geboekt naar Turkije via [webwinkel] . Na medianieuws omtrent mogelijk faillissement [webwinkel] tickets gevalideerd bij luchtvaart maatschappij. Daar bleek dat de tickets niet geldig waren. Het gaat om boekingnummer [boekingsnummer] van 9 november
- Bedrag aankoop: € 1.352,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeningnummer wederpartij [bedrijf 1] BV te [woonplaats] .’ Op 14 juli 2015 wordt door [aangever 11] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 1 juli
- Op woensdag 1 juli om 01:28 heb ik een reis naar Turkije geboekt bij de reismaatschappij [webwinkel] . Ik heb op Google gezocht en goedkope vliegtickets gevonden bij [webwinkel] . Ik heb hier mijn aankomstdatum en vertrekdatum ingevoerd en ik ben door naar de betaling gegaan. Ik heb vervolgens een bedrag van 2040,00 euro overgemaakt naar IBAN: [rekeningnummer] . Vervolgens kreeg ik een bevestiging via de mail van [webwinkel] dat er betaald was. Ik kreeg ook een volledig overzicht van de vliegtijden, vliegnummers, vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 2] et cetera. Op 8 juli 2015 om 16:05 uur kreeg ik een email van [webwinkel] . Dit was een erg korte mail met alleen de tekst: Reisorganisatie [webwinkel] is Failliet! […] Ik heb toen geprobeerd [webwinkel] te bellen, maar deze waren op geen enkele manier meer te bereiken. Vervolgens heb ik naar luchtvaartmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 2] gebeld en gevraagd of onze namen wel op de passagierslijst stonden. Ik hoorde de medewerker zeggen dat dit niet het geval was, omdat de plaatsen in het vliegtuig niet betaald waren.’ Op 15 juli 2015 wordt door [benadeelde 9] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Op zaterdag 30 mei 2015 heb ik via internet drie retourtickets en een enkel ticket aangeschaft. De retourtickets zijn vluchten van Amsterdam naar Izmir te Turkije. Het enkele ticket is van Izmir naar Amsterdam . De tickets heb ik geboekt bij [webwinkel] . Dit reisbureau was tevens gevestigd aan de [adres] te [woonplaats] . Dit reisbureau had ook een website www. [webwinkel]. Via de website heb ik de tickets geboekt. Bij elkaar heb ik een bedrag van 1733 euro overgemaakt naar bankrekeningnummer [rekeningnummer] , t.n.v. [webwinkel] te [woonplaats] . De tickets heb ik digitaal toegestuurd gekregen nadat ik het bedrag had overgemaakt. […] Ik kwam erachter middels internet dat [webwinkel] niet meer bestond. Na enig onderzoek blijkt dat de eigenaar [verdachte] het geld heeft aangenomen en de heenvlucht ook heeft geboekt, maar verzuimd heeft de terugvlucht in te boeken. [verdachte] heeft de terugvlucht niet betaald. […] Ik ben genoodzaakt nieuwe tickets aan te schaffen. Mijn vrouw, zoon en schoonzus moeten terug naar Nederland. Het ticket van Izmir naar Amsterdam is onbruikbaar.’ Op 23 juli 2015 wordt door [aangever 12] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 26 februari
- […] Wederpartij: [webwinkel] . Bedrag aankoop: € 1.552,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeningnummer wederpartij [bedrijf 1] BV. Tickets gekocht naar Izmir Turkije, zijn spooktickets.’ Op 10 juli 2015 wordt door [aangever 13] aangifte gedaan namens [benadeelde 16] en [benadeelde 17] . Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Op 2 juni 2015 omstreeks 20.00 uur heb ik via internet vier tickets geboekt voor een vlucht naar Turkije. Deze vlucht zou gaan van Amsterdam naar Izmir. […] We zouden vertrekken op 17 juli
- Ik heb de tickets ook direct betaald met iDEAL op 2 juni
- […] Nadat de betaling gelukt was via iDEAL kreeg ik per ommegaande een bevestiging van de boeking en de E-tickets voor onze vlucht. Enkele dagen voordat we op reis zouden gaan, zouden we ook de papieren tickets krijgen per post. […] [webwinkel] kwam toen naar voren en was toen een van de goedkoopste aanbieders voor deze retourvluchten. [webwinkel] als reisorganisatie zou gebruik van maken van [luchtvaartmaatschappij 2] , een bekende Turkse vliegmaatschappij. […] Op 8 juli 2015 kreeg ik een mail van [webwinkel] . Deze mail had geen inhoud. Het onderwerp van de mail was echter [webwinkel] is failliet! […] Op woensdag 8 juli 2015, […] ben ik gaan bellen met [luchtvaartmaatschappij 2] . Op 8 juli werd mij verteld dat onze namen niet op de passagierslijst voor kwamen. […] De man aan de telefoon zei dat iedereen die met [webwinkel] had geboekt opnieuw een ticket moest kopen. […] In het totaal gaat het om een bedrag van 1432,00 euro.’ Op 10 juli 2015 wordt door [aangever 14] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting/voorschotfraude tegen een reisbureau genaamd [webwinkel] , gevestigd aan de [adres] te [woonplaats] . […] Begin mei 2015 wilde ik een vakantie boeken voor 3 personen naar Izmir in Turkije. Ik besloot deze reis te boeken via [webwinkel] . […] Op 14 mei 2015 heb ik 1294 euro betaald aan [webwinkel] . Vanaf mijn rekening […] heb ik dit geld overgemaakt naar rekeningnummer [rekeningnummer] . […] Op 14 mei 2015 ontving ik via de mail 3 tickets. Die zijn verstuurd naar mij via info@ [webwinkel]. […] Ik was in de veronderstelling dat alles geregeld was voor de vlucht naar Turkije. We zouden vertrekken vanaf Schiphol. Op 8 juli ontving ik via .failliet@gmail.com het volgende bericht: Reisorganisatie [webwinkel] is failliet. […] Ik heb via het telefoonnummer: [telefoonnummer] gepoogd contact te leggen met [webwinkel] doch dat is niet gelukt. […] Ik zou vliegen met [luchtvaartmaatschappij 1] . Ik heb contact gehad met deze vliegtuigmaatschappij. Uiteindelijk kreeg ik te horen dat mijn naam wel op de passagierslijst had gestaan, maar dat er een streep doorheen was gezet omdat ik niet betaald had. [webwinkel] heeft wel mijn naam en die van mijn gezin doorgegeven doch ze hebben nooit betaald.’ Op 10 augustus 2015 wordt door [aangever 15] aangifte gedaan mede namens [benadeelde 18] . Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Op 4 februari 2015 heb ik via internet een reis geboekt voor mijn gezin van vier personen en ook voor mijn twee ouders. Deze reis ging naar Turkije. […] Deze reis is geboekt bij de organisatie [webwinkel] . We moesten nu gelijk het volledige bedrag betalen voor de reis. Ik moest met het gezin circa 1400 euro betalen en mijn ouders 700 euro. We hebben toen ook via e-mail de papieren en tickets ontvangen. Circa een week voor de reis werd ik gebeld door een medewerker van [webwinkel] . Dit was een buitenlandse man die wel Nederlands sprak. Hij vertelde dat hij ons nieuwe tickets ging sturen. Deze heb ik via de mail ontvangen. Op de tickets zag ik toen ander vliegmaatschappijen staan. In onze namen zaten ook spelfouten. Ik vond dit vreemd en ben er toen achteraan gaan bellen. Ik kreeg toen geen contact meer met [webwinkel] . […] Ik heb toen gebeld naar [luchtvaartmaatschappij 1] , de vliegmaatschappij in Turkije. Ik heb daar gevraagd of onze namen op de lijst stonden. […] Mijn man en zoontje en mijn ouders stonden niet op de lijst. Op de terugreis stonden we geboekt voor Antalya. Dit bleek niet te kloppen. We stonden op de terugreis voor Izmir geboekt. Mijn ouders stonden weer niet op de lijst.’ Op 9 juli 2015 wordt door [aangever 16] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Op 23 maart 2015 […] boekte ik via internet bij [webwinkel] , gevestigd te [woonplaats] , [adres] voor zes personen een reis naar Turkije. Ik betaalde tweeduizend negenhonderd en acht en twintig euro (2928 euro), onder boekingsnummer [boekingsnummer] . Ik kreeg per e-mail de E-tickets toegezonden. Een week voor het vertrek zou ik nogmaals de E-tickets toegezonden krijgen. Op 2 juli 2015 belde ik met [webwinkel] en vroeg waarom ik nog geen E-tickets had ontvangen. Ik hoorde van de medewerker dat ik deze niet kreeg omdat er geen bijzonderheden of wijzigingen waren en dat ik gewoon op vrijdag 10 juli 2015 kon gaan vliegen. Ik hoorde ook dat ik met vliegtuigmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 3] zou vliegen. Op donderdag 9 juli 2015 belde ik met [luchtvaartmaatschappij 3] en hoorde ik van de medewerker dat hij geen gegevens van mijn boeking kon vinden. Ook keek deze medewerker bij andere vliegtuigmaatschappijen, maar ook daar was er geen boeking bekend op mijn naam. Als ik had geweten dat ik E-tickets zou krijgen die niet bestaan, dan had ik nooit bij [webwinkel] geboekt.’ Op 10 juli 2015 wordt door [aangever 17] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Ik heb op 18 februari 2015 tickets geboekt bij [webwinkel] . […] Ik kreeg een mail met klantnummer 1508 en boekingsnummer [boekingsnummer] ter bevestiging. Ik werd afgelopen woensdag om 19.07 uur gebeld door een man. Ik kon de man niet goed verstaan. Het leek erop of hij van Turkse afkomst was. Ik hoorde dat hij zei: “Omdat uw oude tickets niet meer geldig zijn krijgt u nieuwe via de mail”. Dit omdat [webwinkel] niet meer bereikbaar zou zijn. Ik vertrouwde het op dit moment al niet. Ik heb mijn vriendin gebeld die ook tickets via [webwinkel] had geboekt. De man had haar ook proberen te bellen. Ze wilde terug bellen maar de man was niet meer bereikbaar. Het telefoonnummer van deze man is: [telefoonnummer] . […] Ik had 4 tickets voor een totaalbedrag van ongeveer 1478 euro besteld. […] Ik heb naar Pegassus gebeld. Dit is de vliegmaatschappij waar wij mee heen zouden vliegen. We stonden hier niet in het bestand.’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 18] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 12 januari
- […] Ik heb via [webwinkel] 4 vliegtickets gekocht naar Turkije, achteraf bleek het spooktickets te zijn en blijken er al duizenden mensen opgelicht te zijn door [webwinkel] . Bedrag aankoop: € 1.952,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeningnummer wederpartij: [webwinkel] .’ Op 24 september 2015 wordt door [aangever 19] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘In september of oktober 2014 heb ik via een oom van mijn moeder een telefoonnummer gekregen van [verdachte] . Deze [verdachte] zou voor [webwinkel] werken en goedkope vliegtickets aanbieden via de internetsite [webwinkel] . Het telefoonnummer is: [telefoonnummer] . Mijn vader heeft met [verdachte] gebeld en heeft aan [verdachte] gevraagd of hij voor ons en mijn familieleden vliegtickets naar Turkije Kayseri kon regelen. [verdachte] zei dat hij dat zou regelen en hij zou de vliegtickets in orde maken. […] Wij boekten in totaal twaalf vliegtickets voor mijzelf, mijn ouders, mijn zusje en een aantal familieleden. Ik boekte zes vliegtickets voor volwassenen en 1 vliegticket voor een baby. Het totaalbedrag voor mij kwam op € 2160,00 euro. De overige vijf vliegtickets werden door mijn ooms betaald. [verdachte] stuurde een sms-bericht dat wij het geld moesten overmaken naar het rekeningnummer: [rekeningnummer] . Op 4 oktober 2014 hebben we de tickets via een bankoverschrijving betaald. Ik kreeg vervolgens via de email de vliegtickets toegestuurd. Het leek allemaal compleet te zijn. De tickets zagen er ook echt uit en waren voorzien van het [webwinkel] -logo. We zouden op 14 juli 2015 vanaf Schiphol vertrekken naar Kayseri en op 18 augustus 2015 terugvliegen van Kayseri naar [woonplaats] . Op 10 juli 2015 zag ik op Facebook dat andere mensen op Schiphol waren gestrand omdat daar bleek dat zij “spook”vliegtickets hadden. Deze mensen hadden deze vliegtickets ook via [webwinkel] geboekt. Ik ben toen op internet gaan zoeken en zag dat er veel meer mensen waren die vliegtickets hadden gekocht via [webwinkel] en dat zij waren opgelicht. Mijn vader belde weer met [verdachte] om te vragen wat er aan de hand was en of onze tickets wel echt en geldig waren. [verdachte] zei dat ze failliet waren en dat hij een advocaat had ingehuurd. [verdachte] raadde ons aan om nieuwe vliegtickets te kopen, maar dat hij na onze vakantie contact met ons op zou nemen. [verdachte] heeft echter nooit meer iets van zich laten horen. We hebben zelf meerdere keren gebeld met het telefoonnummer van [verdachte] , maar het nummer is niet meer in gebruik. Als we het nummer bellen krijgen we te horen dat het telefoonnummer dat we hebben gebeld uitgeschakeld is. We hebben lange tijd gewacht of [verdachte] nog contact met ons zou opnemen, maar dat heeft hij niet gedaan. Wij zijn opgelicht door [verdachte] en de site [webwinkel] .’ Verbalisant [verbalisant 1] heeft op 2 december 2016 als volgt verklaard: ‘Alle aangevers staan vermeld op een bijgevoegde lijst.’ Uit de bijgevoegde lijst volgt dat aangifte werd gedaan door/namens onderstaande personen: ‘ [aangever 2] [1973] [adres] [woonplaats] PL 1100-2015202514 [aangever 20] [1962] [adres] [woonplaats] PL0600-2015340793 [aangever 21] [1990] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035322 [aangever 22] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037336 [aangever 23] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015034327 [aangever 24] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035268 [aangever 25] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035239 [aangever 26] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037301 [aangever 27] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035003 [aangever 28] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042873 [benadeelde 2] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035346 [aangever 29] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040068 [aangever 30] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039363 [aangever 31] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035232 [aangever 32] [1959] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035308 [aangever 33] [1987] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035195 [aangever 34] [1962] [adres] [woonplaats] PL1300-2015155243 [aangever 35] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035159 [aangever 36] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037325 [aangever 37] [1976] [adres] [woonplaats] PL1300-2015191222 [aangever 38] [1956] [adres] [woonplaats] PL0600-2015332557 [aangever 39] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035279 [aangever 40] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015046316 [aangever 41] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035413 [aangever 42] [1962] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035290 [aangever 43] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015048697 [aangever 44] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037233 [aangever 45] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035375 [aangever 46] [1985] [adres] Esche (Dld) PL2600-2015035165 [aangever 47] [1985] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039295 [aangever 48] [1964 ] [adres] Westknollendam PL2600-2015035236 [aangever 49] [1957] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037359 [aangever 50] [1990] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035313 [aangever 51] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040756 [aangever 52] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015036521 [aangever 53] [1968] [adres] Maassluis PL2600-2015040782 [aangever 54] [1947] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035181 [aangever 55] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035187 [aangever 56] [1944] [adres] [woonplaats] PL1700-2015256494 [aangever 57] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035243 [aangever 58] [1989] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035209 [aangever 59] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035211 [aangever 60] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035215 [benadeelde 8] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042981 [aangever 61] [1968] [adres] [woonplaats] PL27RP-15-058567 [benadeelde 1] [1978] [adres] [woonplaats] PL0900-2015211153 [aangever 62] [1969] [adres] [woonplaats] PL1300-2015159878 [aangever 63] [1991] [adres] [woonplaats] PL1300-2015155875 [aangever 64] [1987] [adres] [woonplaats] PL0900-2015209627 [aangever 65] [1989] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210737 [aangever 66] [1979] [adres] [woonplaats] PL0600-2015341761 [aangever 67] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035250
- [aangever 68] [1974] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035223
- [aangever 69] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015044074
- [aangever 70] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035264
- [benadeelde 10] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035269
- [aangever 71] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039832
- [aangever 72] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035286
- [benadeelde 3] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015045109
- [aangever 73] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035240
- [aangever 74] [1994] [adres] [woonplaats] PL1300-2015160379
- [aangever 75] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042347
- [aangever 76] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042402
- [aangever 77] [1970] [adres] [woonplaats] PL0600-2015335348
- [aangever 78] [1984] [adres] [woonplaats] PL2600-2015254164
- [aangever 79] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035207
- [aangever 80] [1996] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037397
- [aangever 81] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035316
- [aangever 82] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035220
- [aangever 83] [1955 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015043615
- [aangever 84] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037275
- [aangever 85] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035384
- [aangever 86] [1963] [adres] [woonplaats] PL0900-2015214388
- [aangever 87] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035196
- [aangever 88] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035265
- [aangever 7] [1982] [adres] [woonplaats] PL1500-2015206151
- [aangever 89] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035300
- [aangever 90] [1991] [adres] [woonplaats] PL1500-2015214095
- [aangever 91] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035194
- [aangever 4] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035150
- [aangever 92] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035304
- [aangever 93] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL1100-2015173355
- [aangever 94] [1974] [adres] [woonplaats] PL2000-2015177830
- [aangever 95] [1982] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035284
- [aangever 9] [1955 ] [adres] [woonplaats] Zh PL2600-2015037398
- [aangever 96] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035410
- [aangever 97] [1982] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210924
- [aangever 98] [1958] [adres] [woonplaats] PL1500-2015209724
- [aangever 99] [1942] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040006
- [aangever 100] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035238
- [aangever 101] [1982] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035369
- [aangever 102] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035309
- [aangever 103] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035730
- [aangever 104] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035374
- [aangever 105] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035281
- [aangever 106] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035169
- [aangever 107] [1972] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035838
- [aangever 108] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035334
- [aangever 109] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035402
- [aangever 110] [1985] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035249
- [aangever 111] [1956] [adres] [woonplaats] PL0900-2015216466
- [aangever 112] [1962] [adres] [woonplaats] PL1300- 2015159133
- [aangever 113] [1955 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038412
- [aangever 114] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015046735
- [aangever 115] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035178
- [aangever 116] [1972] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037316
- [aangever 117] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035293
- [aangever 118] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037281
- [aangever 119] [1986] [adres] [woonplaats] PL0900-2015211729
- [aangever 120] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035161
- [aangever 121] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600 2015035260
- [aangever 122] [1977] [adres] [woonplaats] PL1500-2015209612
- [aangever 123] [1996] [adres] [woonplaats] PL2600-2015048192
- [aangever 124] [1953] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035205
- [aangever 125] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015044751
- [aangever 126] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015044745
- [aangever 127] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035152
- [aangever 128] [1953] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039137
- [aangever 129] [1959] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040910
- [aangever 130] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035377
- [aangever 131] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015037274
- [benadeelde 11] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035330
- [benadeelde 12] [1959] [adres] [woonplaats] PL0900-2015212329
- [aangever 133] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035229
- [aangever 134] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015026510
- [aangever 135] [1972] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035247
- [aangever 136] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035170
- [aangever 1] [1965] [adres] [woonplaats] PL0900- 2015215623
- [aangever 137] [1986] [adres] [woonplaats] PL0900-2015211959
- [aangever 138] [1966] [adres] [woonplaats] PL2000-2015176335
- [aangever 139] [1974] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035185
- [aangever 140] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015239571
- [aangever 11] [1966] [adres] [woonplaats] PL 1500-2015210747
- [aangever 141] [1992] [adres] [woonplaats] PL1100-2015170734
- [aangever 142] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015041127
- [aangever 143] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035231
- [aangever 144] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039831
- [aangever 145] [1946] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038577
- [aangever 146] [1971] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035186
- [benadeelde 9] [1968] [adres] [woonplaats] PL1100-2015172940
- [aangever 12] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037361
- [benadeelde 13] [1977] [adres] [woonplaats] PL2100- 2015158765
- [aangever 147] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035337
- [aangever 148] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038964
- [aangever 149] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035218
- [aangever 150] [1948] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038736
- [aangever 151] [1989] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039808
- [aangever 13] [1970] [adres] [woonplaats] PL0100-2015199278
- [aangever 152] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-201504 7815
- [aangever 153] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035336
- [aangever 154] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035314
- [aangever 155] [1969] [adres] [woonplaats] PL0900- 2015212418
- [aangever 156] [1977] [adres] [woonplaats] PL1500-2015208873
- [aangever 157] [1986] [adres] [woonplaats] PL1100-2015168445
- [aangever 158] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035266
- [aangever 159] [1959] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035179
- [aangever 160] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015037326
- [aangever 161] [1979] [adres] [woonplaats] PL2000- 2015188767
- [aangever 14] [1970] [adres] [woonplaats] PL2000-2015177368
- [aangever 163] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035070
- [benadeelde 4] [1982] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035430
- [benadeelde 4] [1972] [adres] [woonplaats] PL1300-2015156171
- [benadeelde 4] [1957] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035430
- [aangever 164] [1959] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035283
- [aangever 165] [1961] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035219
- [aangever 166] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035321
- [aangever 167] [1990] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035242
- [aangever 168] [1982] [adres] [woonplaats] PL2600-2015053294
- [aangever 169] [1987] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035373
- [aangever 170] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035263
- [aangever 171] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037348
- [aangever 172] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035348
- [aangever 173] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035257
- [aangever 174] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035350
- [aangever 175] [1973] [adres] [woonplaats] PL2100-2015154255
- [aangever 176] [1995] [adres] [woonplaats] PL2600-2015036001
- [aangever 177] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035212
- [aangever 178] [1971] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039515
- [aangever 179] [1984] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035217
- [aangever 180] [1942] [adres] [woonplaats] PL0600-2015351152
- [aangever 181] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035392
- [aangever 15] [1981] [adres] [woonplaats] PL0600-2015389251
- [aangever 182] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035216
- [aangever 183] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035155
- [aangever 184] [1957] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035168
- [aangever 185] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035210
- [aangever 186] [1989] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035256
- [aangever 187] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035246
- [aangever 188] [1990] [adres] [woonplaats] PL2000-2015184187
- [aangever 189] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035344
- [aangever 190] [1952] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035384
- [aangever 191] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035151
- [aangever 192] [1961] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038373
- [aangever 193] [1971] [adres] [woonplaats] PL0600-2015354699
- [aangever 194] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035315
- [benadeelde 5] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035245
- [aangever 243] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035323
- [aangever 195] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035204
- [aangever 196] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035328
- [aangever 197] [1951] [adres] [woonplaats] PL2600-2015041514
- [aangever 198] [1962] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035251
- [aangever 199] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035190
- [aangever 200] [1983] [adres] [woonplaats] PL1700-2015257902
- [aangever 201] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035399
- [aangever 202] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035183
- [aangever 203] [1991] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035318
- [aangever 204] [1984] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035201
- [benadeelde 6] [1959] [adres] [woonplaats] PL0600-2015343105 209 [aangever 205] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035254
- [aangever 206] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035174
- [aangever 207] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035248
- [aangever 208] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042401
- [aangever 209] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037248
- [aangever 210] [1993] [adres] [woonplaats] PL0900-2015213054
- [aangever 211] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015041442
- [aangever 212] [1955 ] [adres] [woonplaats] PL2100-2015155180
- [aangever 16] [1976] [adres] [woonplaats] PL1700-2015252647
- [aangever 213] [1974] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037258
- [aangever 214] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035333
- [aangever 215] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035221
- [aangever 216] [1992] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210946
- [aangever 217] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038400
- [aangever 218] [1991] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210489
- [aangever 219] [1962] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037292
- [aangever 220] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035156
- [aangever 221] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035367
- [aangever 222] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035203
- [aangever 223] [1961] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035197
- [aangever 224] [1992] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035267
- [aangever 225] [1955 ] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037269
- [aangever 226] [1981] [adres] [woonplaats] PL2100- 2015154149
- [aangever 227] [1963] [adres] [woonplaats] PL0100-2015205721
- [aangever 5] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035167
- [aangever 228] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035258
- [aangever 229] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015037319
- [aangever 230] [1945] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037286
- [aangever 231] [1971] [adres] [woonplaats] PL2600 2015035227
- [aangever 18] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035206
- [aangever 19] [1997] [adres] [woonplaats] PL0600-2015466711
- [aangever 232] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035222
- [aangever 233] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035233
- [aangever 234] [1992] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035193
- [aangever 235] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035163
- [aangever 236] [1962] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035158
- [aangever 237] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035019
- [aangever 238] [1964 ] [adres] [woonplaats] PL0900- 2015209202
- [aangever 6] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035189
- [aangever 239] [1989] [adres] [woonplaats] PL2600-2015041197
- [aangever 240] [1986] [adres] [woonplaats] PL0900- 2015213524
- [aangever 241] [1948] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035406
- [aangever 242] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035173.’ In totaal werden er 251 aangiften gedaan met een schadebedrag van 233.228,- euro. De betalingen door deze aangevers vonden plaats in de periode tussen 4 oktober 2014 en 8 juli
- Aangever [aangever 19] heeft op 4 oktober 2014 een bedrag van € 2160,-- betaald en de laatste betaling ad € 1020,-- is gedaan door aangever [aangever 202] op 8 juli
- Onderzoek tickets Verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] hebben op 25 augustus 2015 als volgt verklaard: ‘Op dinsdag 25 augustus 2015 omstreeks 11:15 uur bevonden wij ons op de luchthaven Schiphol te Amsterdam . […] In de vertrekhal 1 bevond zich een receptie van vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 4] . Aldaar spraken wij met een medewerker van de betreffende maatschappij. Wij hebben hem de E-ticket laten zien waarop zij als maatschappij vermeld stonden. Dit betrof een E-ticket welke als bijlage bij de aangifte onder nummer PL2600-2015035402 was gevoegd. Wij hoorden de medewerker zeggen dat de vluchtgegevens wel klopte, maar dat hij wel bijzonderheden aan de tickets zag. Onder andere dat er twee vluchtmaatschappijen op een coupon stonden. Ook zag hij dat het boekingsnummer langer was dan gebruikelijk is. Daarnaast zag hij dat er in het vakje Geregistreerde bagage en handbagage "PCS" staan. Dit betekent het aantal bagage wat je mee mag meenemen op de vlucht. Echter werken zij niet met pcs maar met het aantal gewicht wat je mee mag nemen. Ook de zin onderaan de ticket waarin wordt aangegeven dat je 120 minuten voor vertrek moet inchecken vond hij afwijkend. In de vertrekhal 3 bevond zich de receptie van vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 3] . Aldaar spraken wij met een medewerker van de betreffende maatschappij. Wij hebben hem de E-ticket laten zien waarop zij als maatschappij vermeld stonden. Dit betrof een E-ticket welke als bijlage bij de aangifte onder nummer PL2600-2015035344 was gevoegd. Wij hoorden de medewerker zeggen dat er aan de betreffende E-ticket geen bijzonderheden waren. Ter plaatse heeft hij de passagierslijst uitgedraaid van de betreffende vlucht om na te gaan of de aangever op de passagierslijst vermeld zou staan. Dit was niet het geval. In dezelfde vertrekhal bevond zich ook de receptie van vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 2] . Aldaar spraken wij met een medewerkster van de betreffende maatschappij. Wij hebben haar de E-ticket laten zien waarop zij als maatschappij vermeld stonden. Dit betrof een E-ticket welke als bijlagen bij aangifte onder nummer PL2600-2015035322 was gevoegd. Wij hoorden de medewerkster zeggen dat er op de E-ticket nog een [boekingsnummer] ontbrak, wat wel gebruikelijk is. Aangezien deze vlucht nog moest plaats vinden, hebben wij gevraagd of ze konden kijken of de vluchtnummers op de E-ticket juist waren. Dit bleek niet het geval te zijn, het vluchtnummer welke op de ticket vermeld staat, PC 5766, bestaat niet.’ De handelsnaam [webwinkel] en het bedrijf [bedrijf 1] B.V. Verbalisant [verbalisant 4] heeft als volgt verklaard: ‘Op de website van www. [webwinkel] bestond de mogelijkheid om te zoeken naar vluchten. […] [webwinkel] vliegt met de maatschappijen: • [luchtvaartmaatschappij 1] • [luchtvaartmaatschappij 2] • [luchtvaartmaatschappij 3] • [luchtvaartmaatschappij 4] • [luchtvaartmaatschappij 5] […] [webwinkel] is de handelsnaam van [bedrijf 2] met Kamer van Koophandel-nummer [KvK-nummer] . Het postadres is [adres] , [woonplaats] . […] Betaling binnen drie dagen op rekeningnummer [rekeningnummer] t.n.v. [bedrijf 2] te [woonplaats] onder vermelding van naam en boekingsnummer. Online kun je betalen via: • iDEAL • Telebankieren/Internetbankieren • Storten bij eigen bank of bank van [bedrijf 2] . De benadeelden zijn door de webwinkel bewogen tot het overmaken van het afgesproken geldbedrag op het rekeningnummer, voorzien van IBAN-nummers: [rekeningnummer] t.n.v. IDEAL Reconciliatierekening (Payment Service Provider) betreft Stichting Escrow lcePay, Nachtwachtlaan 20, 1058 EA Amsterdam . [rekeningnummer] t.n.v. [webwinkel], [adres] , [woonplaats] . [rekeningnummer] t.n.v. [bedrijf 1] BV, [adres] , [woonplaats] . Uit een onderzoek in het huidige en historische handelsregister van de Kamer van Koophandel blijkt het volgende: ‘[webwinkel] Startdatum: [2015] Handelsnamen: [bedrijf 2] en [webwinkel] Bezoekadres: [adres] , [woonplaats] Eigenaar naam: [medeverdachte] . [bedrijf 1] BV Startdatum: [2004] Handelsnamen: [bedrijf 1] B.V., [bedrijf 3] en [bedrijf 4] . Bezoekadres: [adres] , [woonplaats] . Activiteiten: De bemiddeling in de verkoop van reizen met betrekking tot in-en uitgaand toerisme en de bemiddeling in vastgoed in Turkije. Enig aandeelhouder naam: [bedrijf 5] B.V. [bedrijf 5] B.V. Startdatum: [2003] Bestuurder naam: [getuige] Sedert: [2014] Enig aandeelhouder: [verdachte] .’ Verbalisant [verbalisant 5] heeft als volgt verklaard: ‘ [bedrijf 5] B.V. is een financiële holding waarin [verdachte] van [2003] tot [2014] enig aandeelhouder/bestuurder is geweest. Vanaf laatstgenoemde datum is [getuige] als bestuurder (alleen/zelfstandig bevoegd) in de onderneming gekomen. [bedrijf 5] is enig aandeelhouder van [bedrijf 1] B.V. Laatstgenoemde werd ingeschreven in het handelsregister op [2004] . Onder [bedrijf 1] B.V. waren een aantal handelsnamen actief. Een voor het onderzoek belangrijke handelsnaam die onder [bedrijf 1] actief was betrof [webwinkel] . Sinds [2015] is de heer [medeverdachte] volgens het 'portaal van de Belgische Overheid' benoemd tot zaakvoerder in de onderneming genaamd [bedrijf 6] . […] De voornaamste activiteiten van [bedrijf 6] zijn het aanleggen van elektrische installaties inclusief telefoon, computer en bewakingssystemen. […] Op [2015] is de heer [medeverdachte] ook eigenaar geworden van eenmanszaak [bedrijf 2] . In de Kamer van Koophandel aangeduid als [bedrijf 2] / [webwinkel] . [webwinkel] is de handelsnaam die onder [bedrijf 1] B.V. in het verleden werd gebruikt door [verdachte] voor de verkoop van (online) vliegtickets. Ook [medeverdachte] heeft volgens de Kamer van Koophandel als activiteit reisbemiddeling en online verkoop van vliegtickets.’ Getuige [getuige] Getuige [getuige] heeft op 26 augustus 2015 als volgt verklaard: ‘V: U bent m.i.v. [2014] als bestuurder in [bedrijf 5] B.V. aangetreden. Wie heeft u hiervoor gevraagd en wat was de reden? A: Meneer [verdachte] heeft mij hiervoor gevraagd. […] Door als bestuurder af te treden dan hoef je niet de dga uit te keren. Op deze manier kon hij de schuld afkopen. […] Ik heb toen gezegd dat ik het wel wilde doen. Ik heb toen een formulier ingevuld en mijzelf als directeur aangesteld. Ik wilde ze helpen. […] V: Wat heeft u zoal gedaan als bestuurder van [bedrijf 5] ? A: Niks, het enige wat ik gedaan heb is het contract ondertekenen van de Kamer van Koophandel en contractovername. Dat contract ondertekenen heb ik in 2014 gedaan en in januari 2015 is de handelsnaam [webwinkel] met wat daar onder hangt verkocht aan [medeverdachte] . Dat is het laatste formulier dat ik ondertekend heb. […] V: [webwinkel] was een handelsnaam welke viel onder [bedrijf 1] Int. [bedrijf 1] op haar beurt viel weer onder [bedrijf 5] BV. Dus feitelijk was u ook enig en volledig bestuurder van [webwinkel] . Kunt u uitleggen welke activiteiten u heeft ontplooid voor [webwinkel] in 2014? A: Geen activiteiten voor [webwinkel] , behalve op het laatst met geïnteresseerde kopers […]. V: Wie heeft het klantenbestand in 2014 onderhouden? A: Meneer [verdachte] . V: In de vliegtickethandel is het niet ongebruikelijk dat klanten tickets bestellen, deze deels of volledig vooraf betalen en dat de feitelijke vliegreis pas later, soms wel maanden later zal plaatvinden. Klopt deze stelling? A: Ja, klopt.’ De waarde van het bedrijf [webwinkel] Uit het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex artikel 36e tweede lid Wetboek van Strafrecht volgt: ‘Tijdens de doorzoeking van de woning van [verdachte] werd er tussen de administratie een "beslissing op bezwaar" van de Gemeente Zaanstad aangetroffen. Uit dit stuk blijkt dat [verdachte] heeft geprobeerd een lening (ondernemerskrediet) van EUR 60.000,- vanuit de Bbz 2004 te krijgen van de Gemeente Zaanstad. Deze brief is gedateerd op [2015] . Uit deze brief blijkt in hoofdlijnen dat er twee zorgvuldige/uitgebreide onderzoeken zijn uitgevoerd door het Instituut voor het midden en kleinbedrijf (IMK). In hoofdlijnen zijn dit de bevindingen in de brief (incl. bijlagen) van [2015] : - Het concurrentieniveau in de reisbranche wordt voor [verdachte] / [webwinkel] te groot geacht. Dat het commerciële/financiële inzicht van [verdachte] niet voldoende is. Dat het bedrijf van [verdachte] ( [webwinkel] ) niet onderscheidend genoeg is. De omzet zou zeer fors moeten zijn om een rendabele bedrijfsvoering te kunnen realiseren met [webwinkel] . [webwinkel] is gestart in 2008 en vanaf het begin waren er liquiditeitsproblemen. Het bedrijf [webwinkel] is naar mening van het IMK niet levensvatbaar. De zakelijke schulden zijn vanaf 2008 opgelopen tot EUR 60.000,- - Dat [verdachte] heeft aangegeven dat hij [webwinkel] te koop had staan bij onlinebedrijfmakelaar [bedrijfsmakelaar] in [woonplaats] voor EUR 69.000,- en dat er geen daadwerkelijke geïnteresseerden waren geweest. - Doel van de verkoop van [webwinkel] was het opheffen van [bedrijf 1] BV met aflossing van alle lopende schulden. De bedrijfsaccountant van [verdachte] , de heer [bedrijfsaccountant] , geeft aan de waarde van [webwinkel] niet hoger in te schatten als EUR 40.000,-. Ook het IMK schat de waarde van [webwinkel] lager in dan de verkoopvraagprijs van EUR 69.000,- De inventaris bestaande uit computerapparatuur en meubilair van [webwinkel] heeft op 25 november 2014 een waarde van EUR 367,-. Het totaal aan zakelijke bezittingen wordt geraamd op EUR 37.600,- [verdachte] ontvangt al sedert 2013 vrijwel geen salaris meer uit de onderneming. Het verwachte bedrijfsresultaat dat zal worden behaald stond voor 2014 op EUR 20.700,- negatief, in 2015 EUR 700,- positief en voor 2016 etc. EUR 10.300,- NEGATIEF. Het eigen vermogen (zakelijk en privé) bedraagt EUR 115.600,- NEGATIEF. Het totaal aan te saneren zakelijke schulden en privéschulden bedraagt indicatief EUR 160.600,- (EUR 126.000,- zakelijk en 33.600,- privé) - Een schuldsanering via de Wsnp (Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen) is de enige mogelijkheid om tot een oplossing te komen.’ De verkoop van [webwinkel] aan medeverdachte [medeverdachte] Medeverdachte [medeverdachte] heeft op 23 maart 2016 als volgt verklaard: ‘V: Kun je aangeven waarom jij een Belgisch bedrijf hebt overgenomen? A: Omdat dit voor mij beter zou zijn in verband met de overname van [webwinkel] van dhr. [verdachte] . Dit was op aandringen van [verdachte] . We zijn naar België gegaan en ik heb daar een vrouw ontmoet die dat snel voor ons kon regelen. Ik heb toen het bedrijf [bedrijf 6] op mijn naam laten zetten. Ik wist niet wat er ging gebeuren, ik ben daar een leek in. Zij regelden alles. Ik had een toezegging gedaan aan [verdachte] om zijn bedrijf op mijn naam te zetten. Ik kom daar later op terug. Ik heb toen een aantal handtekeningen gezet en deed dat volgens hen omdat dat belastingtechnisch beter zou zijn voor de overname van het bedrijf [webwinkel] . V: Kun je uitleggen wat voor soort bedrijf dit was? A: Ik heb geen idee. Ik heb alleen gevraagd of ik nu voor miljoenen het schip inging, maar ik kreeg te horen dat dit niet het geval was. […] V: Kun je aangeven wat je hebt betaald voor deze onderneming en aan wie? A: Ik heb gezien dat er 4000 euro betaald is. Dat is gedaan door een vriend van [verdachte] die met mij naar België is geweest. […] V: Wat heeft deze dame allemaal voor jou gedaan en hoeveel heb jij haar moeten betalen hiervoor? A: Ik heb niets hoeven te betalen. Zij heeft de overdrachtspapieren geregeld om het bedrijf [bedrijf 6] op mijn naam te zetten. Er is geld overgemaakt van [webwinkel] naar [bedrijf 6] en ik moest van [verdachte] naar Belfius gaan om geld te pinnen. Ik heb toen een geldbedrag van 18.000 euro gepind en dit geldbedrag aan [verdachte] gegeven. […] V: Hoe heette het bedrijf wat je overnam? Hoe heb jij het genoemd? A: Dit was het bedrijf genaamd [webwinkel] en ik noemde het [bedrijf 2] . [verdachte] kwam met deze naam, niet ik. Dit moest een nieuwe domeinnaam zijn. V: Heb jij een zakelijke bankrekening geopend voor het bedrijf? A: Ja bij de SNS bank. […] V: Hoe wist je dat deze onderneming te koop was? A: Dat wist ik niet. Ik ben benaderd door iemand die wist dat ik openstond voor dingen waar ik snel geld mee kon verdienen. Deze persoon is een kennis van [verdachte] en zodoende kwam ik bij [verdachte] terecht. V: Hoe verliep het eerste contact met de verkoper? A: Ik ben via deze kennis voorgesteld aan [verdachte] . Dat was in Zaandam in een vrijstaand kantoorpand. [verdachte] vertelde mij dat hij een goedlopend bedrijf had en dat hij schulden had en dat zijn vrouw ziek was. Hij kon met de overdracht naar mij toe uit de schulden komen. […] V: Hoeveel moest je betalen voor de onderneming? Hoe kon je dit betalen? A: Ik heb er niets voor betaald. Voor het contract had hij bepaald dat er in vijf termijnen 80.000 euro betaald moest worden. […] V: Wij kunnen ons zo voorstellen dat het wel enige vaardigheid vereist om vliegtickets online te verkopen. Kun je eens uitleggen hoe dat allemaal werkte en hoe/van wie je dat allemaal hebt geleerd. A: Ik heb dat niet geleerd. [webwinkel] zat in [woonplaats] op de [adres] . [verdachte] heeft al deze handelingen zelf gedaan, ook toen het bedrijf op mijn naam stond. Hij behandelde zelf de aanvragen via internet. Ik weet niet hoe dat werkte. V: Uit ons onderzoek blijkt dat er met de bankpas van de onderneming zeer regelmatig betalingen werden gedaan in Zaandam . Wat deed jij zo vaak in Zaandam ? A: De keren dat ik naar Zaandam ging was op verzoek van [verdachte] . Ik moest dan geld pinnen. De bankpassen lagen namelijk bij [verdachte] . Ik moest dan geld pinnen en het gepinde geld moest ik afgeven aan [verdachte] . [verdachte] had nooit tijd om naar mij te komen. V: Via de bankrekening kon je internetbankieren, was jij de enige die achter de knoppen zat? A: Ik niet, volgens mij deed [verdachte] alles zelf. V: Welk salaris bedeelde jij jezelf toe? A: Ik zou 2500 euro per maand krijgen. [verdachte] regelde dat dit geld naar mijn bankrekening werd overgemaakt. Ik kreeg niet altijd dit totale bedrag. V: Aan wie betaalde je zoal van deze rekening en waarvoor? A: Ik heb nooit iets zelf betaald. [verdachte] betaalde alles van deze rekening. V: Dat hele gedoe met die vliegtickets is ergens lelijk mis gelopen. Kun jij eens uitleggen hoe dit allemaal zo mis heeft kunnen lopen? A: Ik wist wel dat er mensen benadeeld zouden worden, echter niet dat het zo gigantisch zou zijn. Mij werd duidelijk gemaakt dat ik geen vragen moest stellen. Daarbij lieten ze mijn foto’s zien van mensen met afgehakte ledematen. […] V: Kun jij aangeven of je ooit geld hebt overgemaakt van [bedrijf 2] naar [bedrijf 6] en zo ja, waarom? A: Ik weet dat dit gebeurd is door [verdachte] . Niet door mij. Ik heb het toen wel opgenomen in België en direct aan [verdachte] gegeven. […] [verdachte] had gezegd dat de verzekering deze mensen wel schadeloos zou stellen. […] Ik kan u verklaren dat ik ongeveer 20.000 euro van [verdachte] heb gekregen en dit is opgegaan. De rest van het geld en het geld dat ik gepind heb is naar [verdachte] gegaan. Wat hij ermee gedaan heeft weet ik niet.’ Medeverdachte [medeverdachte] heeft op 28 juli 2016 als volgt verklaard: ‘Ik heb eerst het contract van 80.000 euro getekend. Later vertelde [verdachte] dat dit bedrag te laag was en dat het 125.000 euro moest worden. Hij heeft toen dit veranderde contract naar mij toegemaild. Ik zat op dat moment in Kenia. Dat was in mei 2015.’ Koopovereenkomst Verbalisant [verbalisant 5] heeft op 1 december 2016 als volgt verklaard: ‘Tijdens het politieonderzoek zijn er twee verschillende koopovereenkomsten aangetroffen. In beide gevallen waren [verdachte] en [getuige] de verkopende partij en [medeverdachte] de kopende partij. In één overeenkomst is de feitelijke overdracht 01 maart 2015 voor een geldbedrag van EUR 85.000,- (deze is niet ondertekend). In het andere exemplaar is de feitelijke overdracht 01 februari 2015 (dagtekening is overigens 25 februari 2015), de verkoopprijs in dit exemplaar is EUR 125.000,-. Laatstgenoemd exemplaar kan worden gezien en zal worden gehanteerd als het definitieve exemplaar daar deze is ondertekend door beide partijen.’ Beide koopovereenkomsten zijn als bijlage bij dit proces-verbaal gevoegd. De tweede koopovereenkomst vermeldt onder meer het volgende: ‘a. [bedrijf 1] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door [bedrijf 5] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [verdachte] en de heer [getuige] , hierna te noemen verkoper b. [bedrijf 6] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [medeverdachte] , hierna te noemen koper […]
- De overnameprijs bedraagt € 125.000,-. […]
- Het verkochte is het met ingang van 1 februari 2015 voor rekening en risico van koper. Aldus in drievoud overeengekomen en getekend te Zaandam op: 25-02-
- Boeking Afspraken tussen [bedrijf 1] B.V. & [bedrijf 6] B.V.
- A. [bedrijf 1] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door [bedrijf 5] BV rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [verdachte] en de heer [getuige] hierna te vernoemen verkoper B. [bedrijf 6] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [medeverdachte] hierna te noemen koper Verklaren te zijn overeengekomen als volgt: De boekingen die gemaakt zijn voor de overnamedatum van 1 februari 2015 worden overgenomen door [bedrijf 6] B.V. [webwinkel] zal deze boekingen namens [bedrijf 6] B.V beheren tot de datum van vertrek en datum van terugkomst. [webwinkel] moet zorgdragen dat de boven genoemde boekingen die nog niet ondergebracht zijn bij een leverancier alsnog ondergebracht worden. [webwinkel] gaat voor deze werkzaamheden naast de inkoopfactuur de volgende handelingskosten in rekening brengen aan [bedrijf 1] B.V.; € 20.- Euro op basis van enkelreis p.p. € 40.- Euro op basis van retour p.p. De bovengenoemde bedragen zullen verrekend worden met de laatste drie betaaltermijnen zoals in de KOOPOVEREENKOMST genoemd is. Aldus in drievoud overeengekomen en getekend te Zaandam op: 01-04-2015.’ Onderzoek administratie aangetroffen in woning verdachte Verbalisant [verbalisant 5] heeft op 17 augustus 2016 als volgt verklaard: ‘Op […] 17 augustus 2016 heb ik in verband met het financiële onderzoek 14Parkiet in beslag genomen administratie onderzocht. Tijdens de doorzoeking van de woning van [verdachte] op het adres [adres] in [woonplaats] op 24 mei 2016 werden diverse administratieve stukken in beslag genomen. Tussen deze stukken trof ik een zevental facturen van vliegtuigmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 1] aan. Deze facturen waren in de Turkse taal. Opvallend aan deze facturen was dat er op vijf van deze facturen [webwinkel] stond en op twee [bedrijf 1] Int. Met name de reserveringsdata op de [webwinkel] / [bedrijf 1] Int. facturen viel op. [webwinkel] reserveringen: 1x 30 maart 2015, 2x 01 april 2015 en 2x 09 april
- [bedrijf 1] Int. reserveringen: 1x 08 april 2015 en 1x 09 april
- Het betreffen hier identieke facturen van vliegtuigmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 1] met reserveringen via zowel [webwinkel] als [bedrijf 1] Int. die in de woning van [verdachte] zijn aangetroffen. De data waarop deze reserveringen zijn gedaan vallen allemaal in de periode waarin [webwinkel] verkocht was aan de heer [medeverdachte] .’ Onderzoek gebruikte IP-adressen ten behoeve van internetbankieren van [webwinkel] Verbalisant [verbalisant 5] heeft op 28 november 2016 als volgt verklaard: ‘Ik, verbalisant, verklaar het volgende: In het opsporingsonderzoek 14Parkiet werd een deelonderzoek uitgevoerd naar de IP-adressen die tijdens het internetbankieren zijn gebruikt op de SNS bankrekeningen [rekeningnummer] en [rekeningnummer] in de periode van 01 januari 2015 tot en met 01 augustus
- […] Deze vordering was gericht aan de SNS bank en de concrete vraag was of zij opgave konden doen van de bij hun gelogde IP-adressen die waren gebruikt bij het Internet bankieren op de genoemde SNS bankrekeningen in de periode tussen 01 januari 2015 en 01 augustus
- Beide rekeningen stonden op naam van [medeverdachte] . Doel van deze bevraging was vast te kunnen stellen welke IP-adressen er waren gebruikt in de genoemde periode. Door de SNS bank werden op 30 augustus 2016 de gevraagde IP-adressen uitgeleverd. De uitgeleverde bestanden zijn vervolgens door de digitale recherche onderzocht. Ondanks dat er heel veel IP-adressen waren gebruikt kwamen vijf IP-adressen het meest voor. Eerder in het onderzoek 14Parkiet werd er in de woning van verdachte [verdachte] een computer aangetroffen en in beslag genomen. Door de digitale recherche werd van de harde schijf van deze computer een zogenaamde Image gemaakt. De vijf IP-adressen uit de bankbestanden werden door digitaal specialisten vervolgens met speciale software vergeleken met deze harde schijf. Opvallend was dat één van de IP-adressen, namelijk [IP-adres] , in totaal 531 maal werd aangetroffen op de harde schijf van de computer van [verdachte] . Het genoemde IP-adres was gebruikt met internetbankieren in de periode dat [webwinkel] eigendom was van [medeverdachte] , namelijk tussen 01 januari 2015 en 01 augustus
- […] Opvallend was ook dat het IP-adres [IP-adres] nooit werd gebruikt in combinatie met de privé-rekening [rekeningnummer] van [medeverdachte] . Uit een vervolgonderzoek, door digitaal specialist [verbalisant 6] , op basis van het genoemde IP-adres en de gegevens op de harde schijf van [verdachte] is gebleken dat het bewuste IP-adres duidelijk gerelateerd is aan [verdachte] . Uit de samenvattende bevindingen van het proces-verbaal van verbalisant [verbalisant 6] blijkt dat in een genoemde periode de computer aan het internet verbonden is geweest met een modem waarvan het publieke IP-adres [IP-adres] was.’ Uit de bijlage bij het Proces-verbaal bevindingen onderzoek IP adressen volgt dat het IP-adres [IP-adres] voor het laatst op 28 mei 2015 is gebruikt in relatie met internetbankieren met het bankrekeningnummer [rekeningnummer] . 4.4.
- Bewijsoverwegingen Vaststelling feiten De rechtbank stelt, gelet op de voornoemde bewijsmiddelen, vast dat verdachte van [2003] tot [2014] enig aandeelhouder en bestuurder is geweest van [bedrijf 5] B.V. Dit bedrijf is enig aandeelhouder van [bedrijf 1] B.V. [bedrijf 1] B.V. was onder de handelsnaam [webwinkel] actief. Op [2014] is de heer [getuige] aangetreden als bestuurder van [bedrijf 5] B.V. Hij heeft verklaard dat verdachte hem gevraagd heeft om bestuurder te worden, zodat verdachte zijn schuld kon afkopen. Verdachte had, blijkens het onderzoek van het IMK in januari 2015, ruim € 160.000,-- aan zakelijke- en privéschulden. [getuige] verklaart dat hij geen activiteiten als bestuurder heeft ontplooid en dat verdachte het klantenbestand bleef onderhouden. Op [2015] is medeverdachte [medeverdachte] eigenaar geworden van [webwinkel] . Hij verklaart hierover dat hij benaderd werd door iemand om snel geld te verdienen. Op aandringen van verdachte heeft hij zich op 5 januari 2015 als zaakvoerder ingeschreven van het Belgische bedrijf [bedrijf 6] , zonder bekend te zijn met de activiteiten van dit bedrijf en zonder de jaarstukken en cijfers daarvan te onderzoeken. De belangrijkste activiteiten van [bedrijf 6] zijn volgens de inschrijving bij het 'portaal van de Belgische Overheid': het aanleggen van elektrische installaties inclusief telefoon, computer en bewakingssystemen. Vervolgens heeft dit Belgische bedrijf het bedrijf [webwinkel] van verdachte overgenomen. Hoewel de waarde van [webwinkel] nog geen € 69.000,- zou bedragen, zijn verdachte en medeverdachte [medeverdachte] een koopsom overeengekomen van € 85.000,-. Deze koopsom is na levering van de onderneming nog eens verhoogd tot € 125.000,-, terwijl het bedrijf [webwinkel] volgens het IMK niet levensvatbaar was en de zakelijke schulden waren opgelopen tot € 126.000,-. Verdachte zou door de overdracht van de onderneming aan medeverdachte [medeverdachte] uit de schulden kunnen komen en zei tegen medeverdachte [medeverdachte] dat de verzekering de mensen wel schadeloos zou stellen. Verdachte bleef alle bedrijfsactiviteiten, zoals het afhandelen van aanvragen voor vliegtickets, zelf uitvoeren en onderhouden. Dat volgt niet alleen uit de verklaring van medeverdachte [medeverdachte] , maar ook uit de bij de doorzoeking van de woning van verdachte aangetroffen administratie en uit het onderzoek naar de IP-adressen die zijn gebruikt bij het internetbankieren op de zakelijke SNS-rekening van [webwinkel] met bankrekeningnummer [rekeningnummer] . Tijdens de doorzoeking van de woning van verdachte zijn namelijk facturen aangetroffen van vliegtuigmaatschappijen aan [webwinkel] en [bedrijf 1] B.V. Deze facturen vermelden een reserveringsdatum van na de overdracht van [webwinkel] . Daarnaast volgt uit het onderzoek naar de IP-adressen dat één van de vijf meest voorkomende IP-adressen in de loggegevens van SNS-Bank 513 keer voorkwam op de in beslag genomen harde schijf van verdachte. Dit IP-adres kan duidelijk aan verdachte worden gerelateerd. Dit IP-adres is op 28 mei 2015, dus bijna vier maanden na de overdracht van [webwinkel] , nog gebruikt voor internetbankieren met de zakelijke SNS-bankrekening van [webwinkel] . Alternatief scenario verdachte Deze belastende omstandigheden vragen zeer nadrukkelijk om een verklaring van verdachte over zijn aandeel in de werkzaamheden van het bedrijf [webwinkel] na de verkoopdatum zoals die volgt uit het register van de Kamer van Koophandel. Verdachte heeft verklaard dat hij zijn bedrijf [webwinkel] te goeder trouw verkocht heeft aan medeverdachte [medeverdachte] . De rechtbank overweegt met betrekking tot de vraag of dit door verdachte geschetste alternatieve scenario aannemelijk is geworden het volgende. Verdachte kende de medeverdachte [medeverdachte] niet uit de reisbranche en heeft ook geen onderzoek gedaan naar zijn ervaring of kennis daarvan. De waarde van het bedrijf [webwinkel] werd door de bedrijfsaccountant op 5 januari 2015 geschat op € 40.000,-. Verdachte had zijn bedrijf te koop staan voor € 69.000,-. Desondanks heeft hij met [medeverdachte] in eerste instantie een koopprijs afgesproken van € 85.000,-. Hij heeft ter zitting verklaard dat hij zijn bedrijf uiteindelijk heeft verkocht voor € 125.000,-, omdat de kopers alsnog het boekingssysteem Tursys wilden overnemen. De rechtbank constateert dat over dat boekingssysteem in de koopovereenkomst niets wordt vermeld en dat in de overeenkomst niet wordt uitgelegd waarom de oorspronkelijk overeengekomen koopprijs met bijna 50% wordt verhoogd. Verdachte heeft verklaard dat hij de eerste twee maanden na de overname [zakenpartner] , de zakenpartner van medeverdachte [medeverdachte] , heeft ingewerkt. Deze [zakenpartner] heeft volgens verdachte mogelijk tijdens deze inwerkperiode vanaf het kantoor van verdachte ingelogd op de zakelijke SNS-bankrekening van [webwinkel] , hetgeen verklaart waarom via een aan hem gerelateerd IP-adres ook na de overname van [webwinkel] is ingelogd op die bankrekening. Hoewel verdachte heeft verklaard dat hij [zakenpartner] twee maanden lang, vier á vijf dagen per week heeft ingewerkt, heeft politieonderzoek naar het bestaan van deze man niets opgeleverd, ook omdat verdachte behalve de naam verder geen enkel gegeven over deze persoon kon verstrekken aan de politie. Maar bovendien volgt uit de loggegevens van SNS Bank dat ook na de inwerkperiode waarover verdachte heeft verklaard nog steeds is ingelogd op de zakelijke rekening van [webwinkel] met het aan verdachte gerelateerde IP-adres. Verdachte heeft verklaard dat hij boekingen van voor de overdracht zelf zou afhandelen, hetgeen volgens hem verklaart waarom in zijn woning facturen van vliegtuigmaatschappijen zijn aangetroffen met reserveringsdata van na de overdracht. De rechtbank overweegt dat in het koopcontract in de zogenaamde Boeking Afspraken tussen [bedrijf 1] B.V. en [bedrijf 6] B.V. juist is afgesproken dat de boekingen, die zijn gemaakt voor de overnamedatum van 1 februari 2015, worden overgenomen door [bedrijf 6] B.V. en dat voor de afhandelingen van deze boekingen apart een vergoeding aan [bedrijf 1] B.V. in rekening zou worden gebracht. De rechtbank oordeelt op basis hiervan dat het door verdachte geschetste alternatieve scenario, inhoudende dat hij [webwinkel] te goeder trouw aan medeverdachte [medeverdachte] heeft verkocht, niet aannemelijk is geworden. Betrouwbaarheid verklaring medeverdachte [medeverdachte] Door de verdediging is aangevoerd dat de verklaring van medeverdachte [medeverdachte] niet betrouwbaar is en dat deze daarom niet voor het bewijs gebruikt dient te worden. De rechtbank stelt vast dat de medeverdachte in zijn eerste verhoor op 23 maart 2016 heeft verklaard te zijn benaderd, omdat bekend was dat hij ervoor openstond om snel geld te verdienen. Hij moest zich eerst inschrijven als zaakvoerder van het Belgische bedrijf [bedrijf 6] om vervolgens het bedrijf [webwinkel] van verdachte over te nemen. Verdachte zou hiermee zijn schulden kunnen aflossen en de medeverdachte zou betaald krijgen voor het hebben van het bedrijf [webwinkel] op zijn naam. De rechtbank stelt eveneens vast dat de medeverdachte in zijn tweede verhoor op 28 juli 2016 over voornoemde essentiële onderdelen consequent, consistent en ook voor zichzelf belastend heeft verklaard. De rechtbank heeft dan ook geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van die verklaringen te twijfelen. Deze verklaringen worden bovendien ondersteund door andere bewijsmiddelen. Zo blijkt uit de verklaring van getuige [getuige] en uit het onderzoek van het IMK dat verdachte schulden had en blijkt uit het register van het 'portaal van de Belgische Overheid' en de Kamer van Koophandel dat de medeverdachte eerst zaakvoerder is geworden van het Belgische bedrijf [bedrijf 6] en vervolgens eigenaar is geworden van [webwinkel] . Ten overvloede merkt de rechtbank in reactie op het pleidooi van de verdediging nog op dat de verklaring van de huisbaas van de medeverdachte, inhoudende dat de medeverdachte tegen hem heeft gezegd dat hij in de reisbranche zou gaan beginnen en dat hij vertrok zonder huurachterstand, niet maakt dat de verklaring van de medeverdachte onbetrouwbaar moet worden geacht. Deze verklaring past daarentegen juist bij de verklaring van de medeverdachte, nu deze heeft verklaard dat hij betaald zou krijgen voor het op zijn naam zetten en houden van [webwinkel] . Tot slot overweegt de rechtbank nog dat ook de door de verdediging eerst ter terechtzitting overgelegde afbeelding van een WhatsApp-bericht, waarin medeverdachte [medeverdachte] zijn excuses aanbiedt aan iemand en aangeeft dat hij hem of haar geld schuldig is, niet leidt tot een ander oordeel over de betrouwbaarheid van de verklaring van de medeverdachte. Uit deze afbeelding kan niet worden afgeleid of dit bericht, zoals de verdediging stelt, aan verdachte gestuurd is. Ook kan de authenticiteit van het bericht niet worden geverifieerd. Juridisch kader oplichting Voor een veroordeling wegens oplichting is onder meer vereist dat gebruik is gemaakt van één of meer van de in artikel 326, eerste lid, Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) specifiek aangeduide oplichtingsmiddelen: het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, het gebruik van listige kunstgrepen of het gebruik van een samenweefsel van verdichtsels. Bij de oplichtingsmiddelen die bestaan uit het aannemen van een valse naam of een valse hoedanigheid gaat het er in de kern om dat het handelen van de verdachte ertoe kan leiden dat bij de ander een onjuiste voorstelling van zaken in het leven wordt geroepen met betrekking tot de ‘persoon’ van de verdachte, over zijn naam of zijn hoedanigheid, waarbij die onjuiste voorstelling van zaken in het leven wordt geroepen met het doel daarvan misbruik te maken. Bij listige kunstgrepen gaat het in de kern om meer dan een enkele misleidende feitelijke handeling die een onjuiste voorstelling van zaken in het leven kan roepen. Bij een samenweefsel van verdichtsels gaat het in de kern om gesproken en/of geschreven uitingen die bij een ander een op meer dan een enkele leugenachtige mededeling gebaseerde onjuiste voorstelling van zaken in het leven kunnen roepen. De in artikel 326, eerste lid, Sr, bedoelde oplichtingsmiddelen hebben bovendien niet altijd betrekking op gedragingen die scherp van elkaar te onderscheiden zijn. Daardoor kunnen concrete uitwerkingen van deze oplichtingsmiddelen onderlinge samenhang vertonen en elkaar overlappen. Er kunnen zich dus gevallen voor doen waarin hetzelfde gedrag van de verdachte meebrengt dat meerdere oplichtingsmiddelen zijn gebruikt. In zo een geval kan dit gedrag als het gebruiken van meer dan één oplichtingsmiddel worden ten laste gelegd en bewezen verklaard; daarbij behoeft de rechter niet te kiezen uit die oplichtingsmiddelen omdat die keuze voor de strafrechtelijke betekenis van het bewezenverklaarde niet van belang is. Verder is voor oplichting volgens artikel 326, eerste lid, Sr vereist dat iemand door zo’n oplichtingsmiddel wordt “bewogen”, in die zin dat het slachtoffer mede onder invloed van de door het desbetreffende oplichtingsmiddel in het leven geroepen onjuiste voorstelling van zaken is overgegaan tot, in dit geval, de afgifte van geld. Het antwoord op de vraag of in een concreet geval het slachtoffer door een oplichtingsmiddel dat door de verdachte is gebruikt is bewogen tot een handeling is in sterke mate afhankelijk van de omstandigheden van het geval. In algemene zin kunnen tot die omstandigheden behoren enerzijds de mate waarin de in het algemeen in het maatschappelijk verkeer vereiste omzichtigheid het beoogde slachtoffer aanleiding had moeten geven die onjuiste voorstelling van zaken te onderkennen of zich daardoor niet te laten bedriegen en anderzijds de persoonlijkheid van het slachtoffer. De vraag die de rechtbank moet beantwoorden is of verdachte de aangevers door aanwending van één of meer oplichtingsmiddelen heeft bewogen tot afgifte van geldbedragen als aanbetaling voor vliegtickets. In het onderhavige geval heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan de volgende handelingen die - nu geenszins is gebleken van enige serieuze inspanning om vluchten te boeken en gezien de wijze van handelen – in onderling verband en samenhang beschouwd als oplichtingshandelingen kunnen worden gekwalificeerd: het optuigen van een schijnconstructie, als gevolg waarvan het leek alsof verdachte zijn onderneming heeft overgedragen aan medeverdachte [medeverdachte] , terwijl hij feitelijk is doorgegaan met de exploitatie van de onderneming en de toegang heeft behouden tot de bankrekening van [webwinkel] ; het gebruik maken van een professioneel uitziende website en zich via die website voordoen als een bonafide reisbureau; het gebruik maken van de in de reisbranche gebruikelijke werkwijze dat mensen na het uitzoeken van een vlucht eerst het volledige bedrag van de boeking moeten betalen voordat zij de tickets of andere reisbescheiden ontvangen. Naar het oordeel van de rechtbank zijn de vorenstaande handelingen te scharen onder de volgende oplichtingsmiddelen: het aannemen van een valse hoedanigheid, listige kunstgrepen en een samenweefsel van verdichtsels. De aangevers zijn door deze handelingen bewogen tot het doen van betalingen voor vliegtickets, terwijl de vluchten niet zijn geleverd. Uit de bewijsmiddelen en de verklaring van medeverdachte [medeverdachte] volgt dat verdachte willens en wetens op deze wijze heeft gehandeld; verdachte heeft tegen [medeverdachte] gezegd dat hij door middel van de schijnconstructie zijn schulden kon aflossen en dat de verzekering de mensen wel schadeloos zou stellen. Conclusie Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte in de periode 4 oktober 2014 tot en met 8 juli 2015 de 251 aangevers heeft opgelicht. Partiële vrijspraak medeplegen De rechtbank is, met de officier van justitie en de raadsvrouw, van oordeel dat het aan verdachte ten laste gelegde medeplegen niet wettig en overtuigend bewezen kan worden, zodat de rechtbank verdachte hiervan partieel zal vrijspreken. Naar het oordeel van de rechtbank biedt het procesdossier onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen spreken van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en een ander. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: op één of meer tijdstippen in de periode van 4 oktober 2014 tot en met 8 juli 2015 te Utrecht , Lelystad , Hilversum , Zaandam , Amsterdam , 's-Gravenhage, Katwijk , Berkel en Rodenrijs , Rijnsburg , Assendelft , Volendam , Zuidlaren , Werkendam , Hattem , Vlaardingen , Drunen , Leerdam , Harderwijk en elders in Nederland, telkens met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en een samenweefsel van verdichtsels, 251 personen (zoals vermeld op de lijsten op de pagina's 98 tot en met 102) heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen, totaal: 233.228,- euro, zijnde: (aan)betalingen voor vliegtickets, onder meer de navolgende personen, voor de volgende geldbedragen:
- [aangever 1] , tot de afgifte van 1314 euro en
- [benadeelde 1] , tot de afgifte van 1912 euro en
- [aangever 2] , tot de afgifte van 970 euro en
- [aangever 3] , tot de afgifte van 2410 euro en
- [benadeelde 8] , tot de afgifte van 1432 euro en
- [aangever 4] , tot de afgifte van 1432 en
- [aangever 5] , tot de afgifte van 3492 euro en
- [aangever 6] , tot de afgifte van 1912 euro en
- [benadeelde 15] , tot de afgifte van 1832 euro en
- [aangever 8] , tot de afgifte van 1432 euro en
- [aangever 9] , tot de afgifte van 1252 euro en
- [aangever 10] , tot de afgifte van 1352 euro en
- [aangever 11] , tot de afgifte van 2040 euro en
- [benadeelde 9] , tot de afgifte 1733 euro en
- [aangever 12] , tot de afgifte van 1552 euro en
- [aangever 13] , tot de afgifte van 1432 euro en
- [aangever 14] , tot de afgifte van 1294 euro en
- [aangever 15] en/of [benadeelde 18] , tot de afgifte van 2100 euro en
- [aangever 16] , tot de afgifte van 2928 euro en
- [aangever 17] , tot de afgifte van 1478 euro en
- [aangever 18] , tot de afgifte van 1952 euro en
- [aangever 19] , tot de afgifte van 2160 euro, door telkens met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid, - aan bovengenoemde personen zich voor te doen en zich te blijven voordoen als bonafide/betrouwbare verkoper van vliegtickets, middels het bedrijf [webwinkel] en [bedrijf 1] , waarbij hij valselijk en listiglijk gebruik heeft gemaakt van de in het maatschappelijk verkeer en handelsverkeer geldende gewoonte dat dergelijke aankopen vooraf worden betaald, terwijl deze vluchten telkens niet werden geleverd en - aan bovengenoemde personen te doen voorkomen dat zij een vlucht geboekt hadden, terwijl er in feite door hem, verdachte, geen vlucht voor die personen was geboekt, waardoor voornoemde personen telkens werden bewogen tot bovenomschreven afgiften. Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN HET FEIT Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het feit, die verdachte heeft gepleegd, staan als volgt in het Wetboek van Strafrecht omschreven: oplichting, meermalen gepleegd. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF 8.
- De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 7 maanden met aftrek van voorarrest. 8.
- Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft het volgende aangevoerd. Mocht de rechtbank komen tot een bewezenverklaring, dan verzoekt de raadsvrouw om rekening te houden met de overschrijding van de redelijke termijn. De raadsvrouw heeft daarnaast gevraagd om rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Verdachte heeft een blanco strafblad. Deze zaak heeft een enorme impact gehad op verdachte, want hij is zodanig bedreigd en beledigd dat hij zelf aangifte heeft gedaan. De zaak heeft veel negatieve media-aandacht gekregen en de persoonlijke gegevens van verdachte zijn nog steeds op het internet te vinden. Verdachte maakt onderdeel uit van de Turkse gemeenschap, waar hij nog steeds in een negatief daglicht staat. 8.
- Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. Ernst van het feit Verdachte heeft door middel van een schijnconstructie zijn bedrijf [webwinkel] verkocht aan zijn medeverdachte. Vervolgens heeft hij zich gedurende een lange periode schuldig gemaakt aan de oplichting van 251 klanten van [webwinkel] door hen te laten betalen voor vliegtickets, terwijl verdachte deze vliegtickets uiteindelijk niet boekte. Verdachte heeft zich door middel van zijn website voorgedaan als een betrouwbare verkoper van vliegtickets. De slachtoffers maakten geld over en waren in de veronderstelling dat zij met de reisbescheiden die ze na betaling van verdachte kregen op vakantie konden gaan. Sommige slachtoffers hoorden kort voor vertrek dat deze reisbescheiden niet geldig waren en voor sommigen werd dit pas duidelijk op Schiphol, terwijl zij daar klaar stonden voor vertrek. Tot slot zijn er ook nog slachtoffers waarbij bleek dat er voor hen geen terugvlucht was geboekt. Zij moesten daardoor veel duurdere vliegtickets kopen op de luchthaven of zagen hun vakantie in duigen vallen. Veel benadeelden hadden, zoals uit de toelichting op de vorderingen blijkt, lang gespaard om hun vliegtickets te betalen. De rechtbank houdt bij de straftoemeting rekening met de zeer professionele wijze waarop deze oplichting op grote schaal heeft plaatsgevonden. Verdachte heeft met zijn handelen de slachtoffers niet alleen financiële schade toegebracht, maar heeft ook hun vertrouwen in de reisbranche en het betalingsverkeer zeer ernstig geschaad. Uit de vorderingen van de benadeelden volgt bovendien dat veel aangevers sinds de oplichting stress krijgen van het boeken van vliegtickets. De professionaliteit, maar ook de brutaliteit waarmee dit feit is gepleegd, rekent de rechtbank de verdachte zeer aan. De verdachte heeft met zijn laakbare handelen enkel oog gehad voor zijn eigen financiële positie. Gelet op het vorenstaande kan niet worden volstaan met een straf die geen vrijheidsbeneming met zich brengt. De rechtbank heeft bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen. Persoon van de verdachte Wat betreft de persoon van de verdachte heeft de rechtbank gelet op de inhoud van een de verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 4 oktober 2018, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is gekomen. Oriëntatiepunten De oriëntatiepunten voor straftoemeting van het LOVS vermelden bij fraude met een benadelingsbedrag tussen de € 125.000,-- en € 250.000,-- als vertrekpunt een gevangenisstraf voor de duur van 9 tot 12 maanden onvoorwaardelijk. In strafverzwarende zin houdt de rechtbank rekening met de volgende omstandigheden: - de lange periode waarin de oplichting heeft plaatsgevonden; - het grote financiële voordeel dat verdachte door de oplichting heeft verkregen; - het grote aantal gedupeerden en de gevolgen die het voor hen heeft gehad; - de hoge mate van professionaliteit en de geraffineerdheid waarmee de oplichting gepaard ging door de echt uitziende vliegtickets te versturen; - het feit dat verdachte geen verantwoordelijkheid voor zijn handelen heeft genomen en er geen blijk van heeft gegeven het kwalijke van zijn handelen in te zien. Overschrijding redelijke termijn De rechtbank stelt vast dat verdachte op 24 mei 2016 in verzekering is gesteld. Op die datum is de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag van de Rechtbank van de Mens en de fundamentele vrijheden aangevangen. Dit is namelijk het moment waarop vanwege de Nederlandse Staat jegens verdachte een handeling is verricht waaraan deze in redelijkheid de verwachting kon ontlenen dat tegen hem ter zake van een bepaald strafbaar feit door het Openbaar Ministerie een strafvervolging zou worden ingesteld. De behandeling in eerste aanleg is niet binnen twee jaar na aanvang van de redelijke termijn met een eindvonnis afgerond, terwijl niet van bijzondere omstandigheden is gebleken die deze overschrijding rechtvaardigen. De redelijke termijn is met zeven maanden overschreden. De rechtbank zal hiermee bij de strafoplegging rekening houden. Conclusie Hoewel de rechtbank – net als de officier van justitie bij zijn strafeis – de overschrijding van de redelijke termijn meeweegt, ziet zij niettemin aanleiding bij de straftoemeting af te wijken van hetgeen door de officier van justitie is geëist. De straf zoals door de officier van justitie is geëist staat niet in verhouding tot de straffen die in vergelijkbare gevallen worden opgelegd en doet onvoldoende recht aan de ernst van de feiten, zodat de rechtbank een hogere straf dan door de officier van justitie is voorgesteld zal opleggen. De rechtbank benadrukt nogmaals dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het plegen van een ernstig strafbaar feit. Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van 10 maanden, met aftrek van het voorarrest, passend en geboden is. De tegen verdachte geuite beledigingen en bedreigingen en de beweerdelijk negatieve media-aandacht die verdachte zegt te hebben gekregen geven de rechtbank geen aanleiding om een lagere straf op te leggen. 9BENADEELDE PARTIJEN 9.
- Inleiding In het onderzoek 14Parkiet hebben 251 benadeelden aangiften gedaan tegen [webwinkel] en [bedrijf 1] B.V.. Van deze benadeelden hebben zich 161 personen gevoegd in het strafproces met een vordering tot schadevergoeding. Op 13 november 2019 heeft de behandeling van de vorderingen van de benadeelde partijen plaatsgevonden. De rechtbank zal eerst ingaan op de ontvankelijkheid van de benadeelde partijen in hun vorderingen, vervolgens op de beoordeling van de gevorderde materiële en immateriële schade en tot slot op de gevorderde wettelijke rente, de hoofdelijke betalingsverplichting, de kosten en de schadevergoedingsmaatregel. Ontvankelijkheid van de vorderingen ingediend door de benadeelde partijen [benadeelde 9] , [aangever 111] , [aangever 138] , [aangever 93] en [aangever 214] 9.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partijen [benadeelde 9] , [aangever 111] , [aangever 138] , [aangever 93] en [aangever 214] niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard in hun vordering, nu een vordering niet kan worden ingediend na het requisitoir. Deze benadeelde partijen hebben pas na het requisitoir gehouden op 5 november 2019 hun vordering ingediend. 9.
- Het standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft zich primair op het standpunt gesteld dat álle benadeelde partijen niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard in hun vordering, wegens de bepleite vrijspraak. Subsidiair heeft de raadsvrouw zich, met de officier van justitie, op het standpunt gesteld dat de benadeelde partijen [benadeelde 9] , [aangever 111] , [aangever 138] , [aangever 93] en [aangever 214] niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard in hun vordering, nu zij hun vordering hebben ingediend na het requisitoir gehouden op 5 november
- 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank stelt vast dat bij het maken van de planning van de behandeling van het onderzoek 14Parkiet met de officier van justitie, de verdediging en de Slachtoffercoördinator is gecommuniceerd over een zo efficiënt mogelijke behandeling van alle vorderingen van de benadeelde partijen. De rechtbank heeft met de officier van justitie en de verdediging afgesproken dat de straf- en ontnemingszaak op 5 november 2019 zal worden behandeld, met uitzondering van de vorderingen van de benadeelde partij. Het requisitoir, door de officier van justitie gehouden op 5 november 2019, omvatte daarom geen standpunt over de vorderingen van de benadeelde partijen. Met instemming van alle partijen is aan de benadeelde partijen gecommuniceerd dat de behandeling van de vorderingen op 13 november 2019 zou plaatsvinden. Tijdens die behandeling heeft de officier van justitie een standpunt ingenomen over de vorderingen van de benadeelde partijen. De rechtbank oordeelt dat het, gelet op deze gang van zaken, in strijd met een goede procesorde is om voornoemde benadeelde partijen tegen te werpen dat zij hun vorderingen na het requisitoir van de strafzaak hebben ingediend. De rechtbank verklaart deze benadeelde partijen dan ook ontvankelijk in hun vordering. Materiële schade: vergoeding [webwinkel] -tickets of nieuwe tickets? 9.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat, indien benadeelde partijen nieuwe tickets hebben gekocht en een vergoeding van de kosten hiervan vragen, de prijs van de nieuwe tickets voor vergoeding in aanmerking komt, ook als dit hoger is dan de prijs die de benadeelde partijen voor hun ticket bij [webwinkel] hebben betaald. 9.
- Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld ten aanzien van alle benadeelde partijen dat alleen de prijs voor het ticket van [webwinkel] toegewezen kan worden en niet de prijs van een nieuw ticket. 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank begrijpt de vorderingen aldus dat de benadeelde partij de overeenkomst met [webwinkel] vernietigt in de zin van artikel 3:44 Burgerlijk Wetboek (BW), omdat deze door bedrog is tot stand gekomen. De vernietiging werkt terug tot het tijdstip waarop de overeenkomst met [webwinkel] is gesloten (artikel 3:53 BW), zodat daarmee aan de betaling aan [webwinkel] een geldige titel is komen te ontvallen en deze onverschuldigd is gedaan in de zin van artikel 6:203 BW. De koopprijs dient daarom te worden terugbetaald. Verdachte heeft bovendien onrechtmatig gehandeld jegens de benadeelde partij in de zin van artikel 6:162 BW, zodat hij de schade dient te vergoeden die de benadeelde partij als gevolg daarvan heeft geleden. Deze schade bestaat onder meer uit het verschil tussen de prijs van de tickets van [webwinkel] en de prijs van duurdere nieuwe tickets. Namens verdachte is gesteld dat de benadeelde partij er zelf voor heeft gekozen om nieuwe duurdere tickets te betalen, zodat het verschil in prijs niet aan verdachte maar aan de benadeelde partij moet worden toegerekend. Weliswaar geldt in het algemeen de verplichting voor schuldeisers om hun schade zo veel mogelijk te beperken, maar deze verplichting gaat niet zo ver dat in redelijkheid van de benadeelde partij kan worden verlangd dat, geconfronteerd met de oplichting, wordt afgezien van het maken van de geplande reis. De rechtbank is daarom van oordeel dat het prijsverschil tussen de tickets van [webwinkel] en de duurdere nieuwe tickets voor vergoeding in aanmerking komt en zal dit prijsverschil bij de benadeelde partijen die dit hebben gevorderd dan ook toewijzen. Gehele toewijzing vorderingen materiële schade 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de gevorderde materiële schade van onderstaande benadeelde partijen rechtstreekse schade betreft. De schade is voldoende onderbouwd en komt voor vergoeding in aanmerking. Dit betekent dat de vorderingen van de hierna te noemen benadeelde partijen geheel worden toegewezen: Slachtoffernummer Naam Materiële schade toegewezen 2 Mw. [benadeelde 8] 1432 5 Dhr. [aangever 4] 1432 6 Dhr. [aangever 9] 1252 8 Dhr. [aangever 1] 1314 10 Dhr. [benadeelde 9] 1733 12 Mw. [aangever 13] 1432 13 Dhr. [aangever 14] 2052 14 Dhr. [aangever 8] 1432 15 Mw. [aangever 15] 2024 16 Dhr. [aangever 16] 3600 18 Mw. [aangever 5] 3492 19 Dhr. [aangever 18] 2640 20 Mw. [aangever 19] 2160 21 Dhr. [aangever 6] 2080 23 Dhr./mw. [aangever 20] 1104 26 Mw. [aangever 23] 676 27 Dhr./mw. [aangever 25] 667 29 dhr/mw. [aangever 26] 1960 32 Dhr./mw. [aangever 28] 1500 38 Mw. [aangever 33] 229 40 Dhr./Mw. [aangever 36] 1392 41 Dhr./Mw. [aangever 37] 218 43 Dhr. [aangever 39] 875 45 Dhr. [aangever 41] 1084,86 46 Dhr. [aangever 42] 716 48 Mw. [aangever 44] 1194 49 Dhr. [aangever 45] 448 51 Mw. [aangever 47] 629,06 52 Mw. [aangever 48] 776 54 Dhr./mw. [aangever 50] 1194 58 Dhr. [aangever 54] 836 59 Mw. [aangever 55] 416 61 Dhr. [aangever 56] 1532 63 dhr./Mw. [aangever 59] 1452 64 Dhr. [aangever 60] 1832 70 Dhr. [aangever 66] 756 71 Mw. [aangever 68] 438 75 Dhr./Mw. [benadeelde 10] 1023 77 Dhr./Mw. [aangever 72] 1602 78 Mw. [benadeelde 3] 696 85 Dhr./Mw. [aangever 79] 1224 86 [aangever 80] 714 87 Dhr./mw. [aangever 81] 1651 88 [aangever 82] 1632 89 Mw. [aangever 83] 796 90 Mw. [aangever 84] 689 91 Dhr. [aangever 85] 676 94 Mw. [aangever 88] 338 95 Dhr./mw. [aangever 89] 1740 99 [aangever 93] 600 103 Mw. [aangever 97] 1264 108 [aangever 102] 1115 111 Dhr. [aangever 105] 965 115 Dhr/Mw. [aangever 109] 1164 117 Dhr./mw. [aangever 111] 218 121 Mw. [aangever 115] 1312 125 Dhr. [aangever 120] 932 134 Dhr. [aangever 129] 396 136 [benadeelde 11] 1404 137 [benadeelde 12] 1224 140 [aangever 135] 2032 144 Mevr. [aangever 138] 1472 148 Mw. [aangever 143] 1400 149 Mw. [aangever 144] 1292 152 dhr. [benadeelde 13] 1462 154 [aangever 148] 545 155 [aangever 149] (e.v. [aangever 149] ) 756 156 [aangever 150] 328 158 [aangever 152] 1712 159 [aangever 153] 476 163 [aangever 157] 1074 164 Dhr. [aangever 158] 2277 170 [benadeelde 4] 1194 182 [aangever 175] 1352 184 dhr./mw. [aangever 177] 1702 186 Mevr. [aangever 179] 984 197 Mw. [aangever 189] 1074 198 Dhr. [aangever 190] 436 199 [aangever 191] 2180 201 [aangever 193] 308 203 [benadeelde 5] 2072 206 [aangever 196] 2110 207 dhr. [aangever 197] 516 208 Mw. [aangever 198] 676 209 [aangever 199] 468 210 [aangever 200] 1364 211 [aangever 201] 1264 212 Dhr. [aangever 202] 1020 215 Dhr. [benadeelde 6] 775,64 216 Dhr. [aangever 205] 348 218 Mw. [aangever 207] 209 222 Dhr. [aangever 211] 357 224 Dhr./mw. [aangever 213] 2998 225 Dhr./mw. [aangever 214] 776 228 Mw. [aangever 217] 436 231 Dhr. [aangever 220] 856 232 Dhr. [aangever 221] 694 233 Dhr. [aangever 222] 1872 237 Mw. [aangever 227] 418 239 Dhr. [aangever 229] 1004 242 Mw. [aangever 232] 1374 246 Dhr./mw. [aangever 236] 278 248 Mw. [aangever 238] 3360 250 Dhr. [benadeelde 7] 378 252 Mw. [aangever 242] 219 255 Dhr. [benadeelde 19] 628 256 Mw. [aangever 218] 338 260 [aangever 219] en [benadeelde 20] 849,8 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke afwijzing materiële schade 9.
- Het oordeel van de rechtbank Sommige benadeelde partijen hebben meer schade gevorderd dan zij hebben geleden, door bijvoorbeeld volledige vergoeding te vragen van de nieuwe tickets én de oude tickets. Zoals hiervoor is overwogen wijst de rechtbank in dat geval alleen de kosten van de tickets van [webwinkel] toe, vermeerderd met het prijsverschil tussen die tickets en de duurdere nieuwe tickets. De rechtbank is van oordeel dat de gevorderde materiële schade van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk voor vergoeding in aanmerking komt, namelijk voor het deel waar het rechtstreekse schade betreft en voldoende onderbouwd is. Aan de hierna te noemen benadeelde partijen worden de volgende bedragen toegewezen, waarbij hun vordering voor het overige wordt afgewezen: Slachtoffernummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen 3 Mw. [benadeelde 1] 3756,24 1912 25 Dhr. [aangever 22] 3312 2152 30 Dhr./mw. [aangever 25] 2952 1560 31 Dhr./mw. [aangever 27] 3790 1840 33 Dhr./mw. [benadeelde 2] 2050 1294 44 Mw. [aangever 40] 877,99 399,99 60 Mw. [aangever 57] 873 466 67 Dhr./mw. [aangever 63] geen bedrag 965 93 [aangever 87] 2531 1462 96 Dhr./mw. [aangever 90] 2004 1268 100 Dhr. [aangever 94] 2864,98 1689,98 120 Dhr./mw. [aangever 114] 3480 2320 123 Dhr. [aangever 118] 1116 915 128 Mw. [aangever 123] 1943 1104 131 [aangever 125] 2652 1461 144 Dhr. [aangever 139] 3542 2150 153 [aangever 147] 4365,2 2375,2 157 Mw. [aangever 151] 1270,5 696 161 [aangever 154] 800 656 167 [benadeelde 14] 3453,7 1813,7 168 [aangever 163] 2292 1292 178 [aangever 170] 2690 1790 185 dhr./mw. [aangever 178] 818 490 217 Mw. [aangever 206] 1727,5 989,5 244 Dhr./ Mw. [aangever 234] 723 385 249 Dhr. [aangever 239] 792 358 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring materiële schade 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de materiële schade van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk voor vergoeding in aanmerking komt. Deze benadeelde partijen hebben deels vergoeding van schade gevorderd, zoals bijvoorbeeld taxikosten, waarbij geen onderbouwing is ingediend. In dat deel van de vordering worden de benadeelde partijen daarom niet-ontvankelijk verklaard. De benadeelde partij kan dit gedeelte van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. Dit betekent dat aan de hierna te noemen benadeelde partijen, die hun vordering gedeeltelijk voldoende hebben onderbouwd, de volgende bedragen worden toegewezen en dat zij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering worden verklaard: Slachtoffernummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen 1 Dhr. [aangever 3] 2125 1912 7 Dhr. [aangever 10] 1602 1352 47 Dhr. [aangever 43] 488 388 53 Mw. [aangever 49] 536 336 56 Dhr. [aangever 52] 656 328 81 Dhr. [aangever 75] 1542 308 110 Mw. [aangever 104] 1474 1074 127 Mw. [aangever 122] 2200 826 135 [aangever 130] 1174 1074 139 [aangever 134] 1546 696 143 dhr./mw. [aangever 139] 1464 1214 145 dhr. [aangever 140] 3204 1374 146 [aangever 141] 2336 1272 151 dhr. [aangever 146] 2083,5 1940 162 [aangever 156] 3400 1483 192 Dhr. [aangever 184] 981 856 194 [aangever 186] 798 398 195 [aangever 187] 798 398 234 Dhr [aangever 223] 446 396 247 Mw. [aangever 237] 2680 1180 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke afwijzing, gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring materiële schade 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de materiële schade van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk voor vergoeding in aanmerking komt. Deze benadeelde partijen hebben naast het gedeelte dat kan worden toegewezen meer gevorderd, te weten kosten waarvan gebleken is dat dit geen rechtstreekse schade betreft en kosten waarvan geen onderbouwing is ingediend. De benadeelde partij zal voor wat betreft dat laatste deel niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering en kan dit gedeelte van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. De rest van de vordering wordt afgewezen. Dit betekent dat aan de hierna te noemen benadeelde partijen, die hun vordering op dit punt voldoende hebben onderbouwd, de volgende bedragen worden toegewezen, dat de vordering daarnaast met betrekking tot het hierna genoemde bedrag wordt afgewezen en dat de benadeelde partijen voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering worden verklaard: Slachtoffer-nummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen Materiële schade afgewezen 57 Dhr. [aangever 53] 1854 1506,42 67,58 73 [aangever 69] 2535,5 1060,5 1025 204 [aangever 243] 4002,81 2807,81 1045 Gehele niet-ontvankelijkverklaring materiële schade 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank zal de volgende benadeelde partijen niet-ontvankelijk verklaren in de vordering nu de vorderingen van benadeelde partijen [aangever 38] en [aangever 145] niet voldoende onderbouwd zijn. Ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [aangever 29] merkt de rechtbank op dat zonder nadere toelichting het verband tussen de namen op de tickets/de betalingsbewijzen en de aangever niet duidelijk is. De benadeelde partijen kunnen de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. Slachtoffernummer Gevorderd bedrag Naam 34 752 Dhr. [aangever 29] 42 100 Dhr. [aangever 38] 150 7,95 Mw. [aangever 145] Gehele afwijzing materiële schade 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank zal de vordering van de benadeelde partij [aangever 194] afwijzen. Reden daarvoor is dat is gebleken dat deze schade reeds volledig is vergoed. Slachtoffernummer Naam 202 [aangever 194] Immateriële schade 9.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich ten aanzien van de gevorderde immateriële schade op het standpunt gesteld dat de benadeelde partijen in dat deel van de vordering niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard, aangezien het gevorderde bedrag onvoldoende met stukken is onderbouwd en/of niet rechtstreeks voortvloeit uit het ten laste gelegde feit. 9.
- Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft geen algemeen standpunt ingenomen ten aanzien van gevorderde immateriële schade. 9.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank stelt vast dat meerdere benadeelde partijen immateriële schade hebben gevorderd. De rechtbank concludeert uit de vorderingen van de benadeelde partijen dat in sommige gevallen de gevorderde immateriële schade onder materiële schade valt, zoals wanneer benadeelde partijen taxikosten of het prijsverschil met nieuwe tickets onder immateriële schade hebben gevorderd. Omdat kennelijk materiële schade in plaats van immateriële schade is bedoeld, heeft de rechtbank deze schadeposten betrokken bij de beoordeling van de materiële schade. De rechtbank concludeert vervolgens dat een aantal benadeelde partijen immateriële schade heeft gevorderd zonder daarbij een bedrag te vermelden. Nu de wet niet vereist dat de benadeelde partij een specifiek bedrag aan immateriële schade vordert en de rechtbank de bevoegdheid heeft om dit bedrag te schatten, zal de rechtbank deze vorderingen bij de beoordeling betrekken. Voor vergoeding van ander nadeel dan vermogensschade geldt het bepaalde in artikel 6:106 BW. Immateriële schade komt onder andere voor vergoeding in aanmerking indien een benadeelde partij letsel heeft opgelopen, in zijn eer of goede naam is geschaad of op andere wijze in zijn persoon is aangetast. In de onderhavige zaak zijn de eerste twee categorieën niet aan de orde en moet dus gekeken worden of sprake is van aantasting in de persoon op andere wijze. Van belang hierbij is dat er sprake moet zijn van meer dan psychisch onbehagen en dat vereist in het algemeen dat er sprake is van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. Naar zijn aard is bij oplichting in de regel geen sprake van zodanige aantasting in de persoon op andere wijze dat dit een enkel psychisch onbehagen of gekwetst voelen overstijgt. De benadeelde partijen die desondanks een vergoeding van immateriële schade hebben gevorderd, hebben deze vordering niet met stukken onderbouwd waaruit kan worden afgeleid dat bij hen sprake is van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld als gevolg van het bewezen verklaarde. In geen van de zaken waar immateriële schadevergoeding is gevorderd zijn omstandigheden gesteld of gebleken die recht geven op een zodanige vergoeding. De rechtbank zal voor zover de benadeelde partijen immateriële schadevergoeding hebben gevorderd de vordering daarom voor dat deel afwijzen. De rechtbank wijst de door onderstaande benadeelde partijen gevorderde vergoeding voor immateriële schade af: Slachtoffernummer Naam Immateriële schade 5 Dhr. [aangever 4] geen bedrag 8 Dhr. [aangever 1] geen bedrag 19 Dhr. [aangever 18] 250 27 Dhr./mw. [aangever 25] geen bedrag 29 dhr/mw. [aangever 26] 1000 31 Dhr./mw. [aangever 27] geen bedrag 41 Dhr./Mw. [aangever 37] 100 44 Mw. [aangever 40] geen bedrag 45 Dhr. [aangever 41] 500 57 Dhr. [aangever 53] 1000 63 dhr./Mw. [aangever 59] 2500 64 Dhr. [aangever 60] geen bedrag 70 Dhr. [aangever 66] 500 71 Mw. [aangever 68] geen bedrag 77 Dhr./Mw. [aangever 72] 1400 78 Mw. [benadeelde 3] geen bedrag 95 Dhr./mw. [aangever 89] 10.000 96 Dhr./mw. [aangever 90] 3000 100 Dhr. [aangever 94] geen bedrag 108 [aangever 102] geen bedrag 110 Mw. [aangever 104] 600 128 Mw. [aangever 123] geen bedrag 139 [aangever 134] geen bedrag 168 [aangever 163] 3000 182 [aangever 175] 200 185 dhr./mw. [aangever 178] geen bedrag 186 Mevr. [aangever 179] geen bedrag 204 [aangever 243] 500 206 [aangever 196] 2110 209 [aangever 199] 1000 212 Dhr. [aangever 202] 1300 225 Dhr./mw. [aangever 214] 500 239 Dhr. [aangever 229] geen bedrag 244 Dhr./ Mw. [aangever 234] 10.000 Wettelijke rente, hoofdelijke aansprakelijkheid, kosten en de schadevergoedingsmaatregel 9.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft ten aanzien van alle vorderingen van de benadeelde partijen gevorderd om deze te vermeerderen met de wettelijke rente opgelegd vanaf de dag van betaling door de benadeelde partij. De officier van justitie heeft eveneens gevorderd tot opleggen van de hoofdelijke betalingsverplichting en de schadevergoedingsmaatregel met vervangende hechtenis. 9.
- Het standpunt van de verdediging Ten aanzien van de vervangende hechtenis heeft de verdediging opgemerkt dat het voor verdachte onmogelijk is om de vorderingen te betalen, waardoor oplegging van vervangende hechtenis neer zal komen op een verkapte strafoplegging. De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de hoofdelijke betalingsverplichting en de vermeerdering van de toegewezen vorderingen met de wettelijke rente. 9.
- Het oordeel van de rechtbank Wettelijke rente De rechtbank zal om proceseconomische redenen de toegewezen bedragen vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van volledige betaling. Hoofdelijke aansprakelijkheid Verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partijen voor elk toegewezen bedrag aansprakelijk is. De hoofdelijke aansprakelijkheid geldt niet voor de benadeelde partijen die alleen aangifte tegen [bedrijf 1] hebben gedaan dan wel die betalingen hebben gedaan voor 18 februari 2015 nu de veroordeling van de mededader betrekking heeft op medeplichtigheid vanaf die datum. Ten aanzien van de volgende benadeelde partijen is er sprake van hoofdelijkheid: Slachtoffernummer Naam Materiële schade toegewezen 1 Dhr. [aangever 3] 1912 2 Mw. [benadeelde 8] 1432 3 Mw. [benadeelde 1] 1912 5 Dhr. [aangever 4] 1432 8 Dhr. [aangever 1] 1314 10 Dhr. [benadeelde 9] 1733 12 Mw. [aangever 13] 1432 13 Dhr. [aangever 14] 2052 14 Dhr. [aangever 8] 1432 16 Dhr. [aangever 16] 3600 18 Mw. [aangever 5] 3492 21 Dhr. [aangever 6] 2080 23 Dhr./mw. [aangever 20] 1104 25 Dhr. [aangever 22] 2152 26 Mw. [aangever 23] 676 27 Dhr./mw. [aangever 25] 667 29 dhr/mw. [aangever 26] 1960 30 Dhr./mw. [aangever 25] 1560 31 Dhr./mw. [aangever 27] 1840 33 Dhr./mw. [benadeelde 2] 1294 38 Mw. [aangever 33] 229 40 Dhr./Mw. [aangever 36] 1392 41 Dhr./Mw. [aangever 37] 218 43 Dhr. [aangever 39] 875 44 Mw. [aangever 40] 399,99 45 Dhr. [aangever 41] 1084,86 49 Dhr. [aangever 45] 448 51 Mw. [aangever 47] 629,06 52 Mw. [aangever 48] 776 53 Mw. [aangever 49] 336 54 Dhr./mw. [aangever 50] 1194 56 Dhr. [aangever 52] 328 57 Dhr. [aangever 53] 1506,42 58 Dhr. [aangever 54] 836 59 Mw. [aangever 55] 416 60 Mw. [aangever 57] 466 61 Dhr. [aangever 56] 1532 63 dhr./Mw. [aangever 59] 1452 64 Dhr. [aangever 60] 1832 67 Dhr./mw. [aangever 63] 965 70 Dhr. [aangever 66] 756 71 Mw. [aangever 68] 438 73 [aangever 69] 1060,5 75 Dhr./Mw. [benadeelde 10] 1023 77 Dhr./Mw. [aangever 72] 1602 78 Mw. [benadeelde 3] 696 81 Dhr. [aangever 75] 308 85 Dhr./Mw. [aangever 79] 1224 86 [aangever 80] 714 87 Dhr./mw. [aangever 81] 1651 88 [aangever 82] 1632 89 Mw. [aangever 83] 796 91 Dhr. [aangever 85] 676 93 [aangever 87] 1462 94 Mw. [aangever 88] 338 95 Dhr./mw. [aangever 89] 1740 96 Dhr./mw. [aangever 90] 1268 100 Dhr. [aangever 94] 1689,98 103 Mw. [aangever 97] 1264 108 [aangever 102] 1115 110 Mw. [aangever 104] 1074 111 Dhr. [aangever 105] 965 115 Dhr/Mw. [aangever 109] 1164 117 Dhr./mw. [aangever 111] 218 121 Mw. [aangever 115] 1312 123 Dhr. [aangever 118] 915 125 Dhr. [aangever 120] 932 127 Mw. [aangever 122] 826 131 [aangever 25] 1461 135 [aangever 130] 1074 136 [benadeelde 11] 1404 137 [benadeelde 12] 1224 139 [aangever 134] 696 140 [aangever 135] 2032 143 dhr./mw. [aangever 139] 1214 144 Dhr. [aangever 140] 2150 144 Mevr. [aangever 138] 1472 145 Dhr. [aangever 140] 1374 146 [aangever 141] 1272 148 Mw. [aangever 143] 1400 149 Mw. [aangever 144] 1292 151 dhr. [aangever 146] 1940 152 dhr. [benadeelde 13] 1462 153 [aangever 147] 2375,2 154 [aangever 148] 545 155 [aangever 149] (e.v. [aangever 149] ) 756 156 [aangever 150] 328 157 Mw. [aangever 151] 696 158 [aangever 152] 1712 159 [aangever 153] 476 161 [aangever 154] 656 162 [aangever 156] 1483 164 Dhr. [aangever 158] 2277 167 [benadeelde 14] 1813,7 168 [aangever 163] 1292 170 [benadeelde 4] 1194 178 [aangever 170] 1790 182 [aangever 175] 1352 184 dhr./mw. [aan