RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16/707008-15 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 24 december 2019 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1972] te [geboorteplaats] , ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres [adres] , [woonplaats] . 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 29 augustus 2018, 14 november 2018, 5 november 2019, 13 november 2019 en 10 december
- De inhoudelijke behandeling van de straf- en ontnemingszaak heeft op 5 november 2019 plaatsgevonden. Op 13 november 2019 heeft de behandeling van de vorderingen van de benadeelde partijen plaatsgevonden. Op 10 december 2019 is het onderzoek ter terechtzitting gesloten. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering en standpunten van de officier van justitie mr. H.J. Starrenburg en van hetgeen verdachte en zijn raadsman mr. W.A.P. Gerbrandij, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht. Daarnaast heeft de rechtbank kennisgenomen van hetgeen door de benadeelde partijen [benadeelde 1] , [benadeelde 2] , [benadeelde 3] , [benadeelde 4] , [benadeelde 5] , [benadeelde 6] , [benadeelde 7] , [benadeelde 8] , [benadeelde 9] , [benadeelde 10] , [benadeelde 11] , [benadeelde 12] en [benadeelde 13] naar voren is gebracht. 2TENLASTELEGGING De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: primair in de periode van 4 oktober 2014 tot en met 31 augustus 2015 op verschillende plaatsen in Nederland (samen met anderen) 227 personen heeft opgelicht door - zich tegenover die personen voor te doen als betrouwbare verkoper van vliegtickets, middels de bedrijven [bedrijf 1] en [bedrijf 2] , door gebruik te maken van de geldende gewoonte dat dergelijke aankopen vooraf worden betaald; - te doen voorkomen dat de vliegtickets definitief waren, terwijl deze geen recht gaven tot de betreffende vluchten; - te doen voorkomen dat de vlucht voor voornoemde personen was geboekt, terwijl dit niet zo was, waardoor voornoemde personen zijn bewogen tot de afgifte van geldbedragen, met een totaal van € 206.921,-; subsidiair medeplichtigheid aan voornoemde oplichting door in de periode van 18 februari 2015 tot en met 31 augustus 2015 te Hilversum, Zaandam en Amsterdam [medeverdachte] gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te verschaffen door het bedrijf [bedrijf 1] en/of [bedrijf 3] op zijn naam te (laten) zetten en het bankrekeningnummer [rekeningnummer] op zijn naam te (laten) zetten; meer subsidiair in de periode van 4 oktober 2014 tot en met 31 augustus 2015 te Hilversum, Zaandam en Amsterdam geldbedragen heeft witgewassen. De tenlastelegging is opgenomen in de bijlage. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het tenlastegelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. Dit betekent dat de rechtbank een inhoudelijke beslissing mag en zal nemen in deze strafzaak. 4VRIJSPRAAK PRIMAIR 4.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is, met de officier van justitie en de raadsman, op grond van het dossier van oordeel dat het aan verdachte onder primair ten laste gelegde medeplegen van oplichting niet wettig en overtuigend bewezen kan worden, zodat de rechtbank verdachte hiervan zal vrijspreken. Een bewezenverklaring van medeplegen is slechts gerechtvaardigd als de intellectuele en/of materiële bijdrage van een verdachte aan een delict van voldoende gewicht is. De rechtbank acht de gedragingen die verdachte heeft verricht van onvoldoende gewicht om te kunnen spreken van medeplegen. 5WAARDERING VAN HET BEWIJS SUBSIDIAIR 5.
- Aanleiding onderzoek Vanaf 7 juli 2015 deed een groot aantal mensen aangifte van oplichting bij het Landelijk Meldpunt Internetoplichting. Zij hadden via een webwinkel www. [bedrijf 1] .nl vliegtickets geboekt, maar ontdekten bij het inchecken van de heen- of terugreis dat hun namen niet op de passagierslijsten van de betreffende vlucht voorkwamen. Daarnaast ontving een aantal mensen e-mails met de mededeling dat [bedrijf 1] failliet was. In totaal deden 251 mensen aangifte van oplichting en deze aangiften waren voor de politie aanleiding tot het starten van het onderzoek onder de naam 14Parkiet. 5.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht het subsidiair ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. De officier van justitie acht wettig en overtuigend te bewijzen dat verdachte opzettelijk gelegenheid en middelen aan [medeverdachte] heeft verschaft door de overname van het bedrijf [bedrijf 1] en het openen van een bankrekening voor dit bedrijf. 5.
- Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het subsidiair ten laste gelegde, wegens het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. Verdachte heeft feitelijk nooit gelegenheid of een middel ter beschikking gesteld aan zijn medeverdachte [medeverdachte] , want deze had alles al tot zijn beschikking. Het op naam zetten van het bedrijf [bedrijf 1] is een civielrechtelijke handeling en kan niet als een oplichtingsmiddel worden gekwalificeerd, omdat daarmee uitsluitend is beoogd de aansprakelijkheid van medeverdachte [medeverdachte] te verleggen naar verdachte. Verdachte heeft ook geen wetenschap gehad van de oplichting. Verdachte dient te worden vrijgesproken, nu ook voorwaardelijk opzet op medeplichtigheid van de oplichting niet bewezen kan worden. 5.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank gaat op grond van wettige bewijsmiddelen van de volgende feiten en omstandigheden uit. 5.4.
- Bewijsmiddelen Verklaring verdachte Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij nooit het plan had om een eigen bedrijf te beginnen. Hij is benaderd door een persoon die wist dat hij ervoor openstond om snel geld te verdienen en die persoon kende medeverdachte [medeverdachte] . Om snel geld te verdienen moest verdachte zes maanden een bedrijf op zijn naam zetten. Verdachte zou hier € 2.500,- per maand voor krijgen. Verdachte is hiermee akkoord gegaan. Hij heeft zich eerst als zaakvoerder laten inschrijven van het Belgische bedrijf [bedrijf 4] , zodat dat bedrijf vervolgens het bedrijf [bedrijf 1] kon overnemen. Verdachte werd daarmee directeur van het bedrijf, terwijl hij geen enkele ervaring had in de reisbranche. Verdachte hoefde geen werkzaamheden in het bedrijf te verrichten, maar moest wel een zakelijke bankrekening openen bij de SNS Bank ( [rekeningnummer] ). Deze hele constructie was nodig omdat de medeverdachte schulden had en er mogelijk beslag bij hem gelegd zou kunnen worden. Verdachte wíst dat het risico bestond dat er mensen benadeeld zouden worden, maar medeverdachte [medeverdachte] heeft aan verdachte verteld dat de benadeelden schadeloos gesteld zouden worden door de verzekering. Verdachte heeft verklaard dat hij vermoedde dat het geld dat hij in opdracht van medeverdachte [medeverdachte] van de bankrekening van [bedrijf 1] pinde was bedoeld voor de aanschaf van vliegtickets maar daarvoor niet werd gebruikt. Aangiften Op 13 juli 2015 wordt door [aangever 1] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Omdat ik met mijn gezin met vakantie naar Turkije wilde, heb ik op internet gezocht naar een goede en goedkope manier van reizen. Op een gegeven moment zag ik een site van [bedrijf 1] . [bedrijf 1] is een reisorganisatie […]. Ik zag aan de site verder niets vreemds. Ik vond de site zelfs professioneel. Ik kon op de site vluchtprogramma’s zien en wat de prijzen waren. Op maandag 29 juni omstreeks 19.00 uur had ik een reis naar Turkije geboekt. De vertrekdatum was gepland op zaterdag 25 juli om 19.50 uur vanaf Amsterdam. […] De terugreis was gepland op zondag 16 augustus 2015 om 16.00 uur vanaf Izmir/Turkije naar Amsterdam. Tevens las ik op de tickets dat de luchtvaartmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 1] was. Ik had de reis voor drie personen geboekt. Het ging om een retour. Ik heb totaal 1314 euro voor deze reis betaald. Ik heb nadat ik de reis had geboekt het geld overgemaakt. Gegevens tegenrekening: Omschrijving: [omschrijving] , kenmerk 29-06-2015 […] Ik heb kort daarna van [bedrijf 1] de tickets toegezonden gekregen. Ik zag dat de e-mail van de afzender info@ [bedrijf 1] was. […] Ik heb vervolgens de site van [bedrijf 1] verlaten in de veronderstelling dat ik een reis had geboekt naar Izmir/Turkije. Op donderdag 9 juli omstreeks 12.29 uur kreeg ik op mijn mailadres het volgende bericht van [bedrijf 1] : Reisorganisatie [bedrijf 1] .nl is failliet! Ik zag dat de e-mail van de afzender [bedrijf 1] Failliet < [bedrijf 1] .failliet@gmail.com> was. […] Op donderdag 9 juli 2015 in de loop van de middag had ik gebeld naar [luchtvaartmaatschappij 1] . [luchtvaartmaatschappij 1] zou de vliegtuigmaatschappij zijn, die mij en mijn gezin naar Turkije zou vliegen. […] Ik hoorde vervolgens van de medewerker dat op de gegevens die ik had doorgegeven geen reis naar Turkije was geboekt.’ Op 9 juli 2015 wordt door [benadeelde 1] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting/voorschotfraude tegen een reisbureau genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] te [woonplaats] . […] Via [bedrijf 1] reisbureau konden wij rechtstreeks vliegen naar Kayseri te Turkije, […]. Ik had vier retourtickets geboekt, van een totaal prijs van 1912,00 euro. Op 22 maart 2015 heb ik 1912,00 euro overgemaakt via iDEAL naar rekeningnummer [rekeningnummer] van Stichting Excrow Ice Pay. […] De heenreis zou op 10 juli 2015 omstreeks 22.30 uur zijn vanaf Schiphol en de terugreis zou op 12 augustus 2015 04.30 uur zijn. Op dinsdag 7 juli 2015 heb ik nog een mail gestuurd naar het reisbureau via info@ [bedrijf 1] .nl, dit was in verband met informatie over bagage. Ik kreeg geen antwoord. Ik heb op woensdag 8 juli 2015 gebeld met het reisbureau via [telefoonnummer] en via [telefoonnummer] . Op beide nummers heb ik geen contact gekregen. […] Ik heb daarna de vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 2] gebeld, daarmee zouden wij gaan vliegen, ik heb alles verteld. [luchtvaartmaatschappij 2] gaf aan dat er geen boeking op mijn naam stond. Ik kreeg een telefoonnummer van een ander reisbureau, dit was [reisbureau] . Ik heb deze ook gebeld, er was een vlucht op de dag dat wij zouden vliegen, maar ook daar stond mijn naam niet tussen.’ Op 8 juli 2015 wordt door [aangever 2] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik ben op 2 juni 2015 op internet opzoek gegaan voor vliegtickets naar Marokko. Ik heb op Google gezocht naar de goedkoopste vluchten die richting Marokko gingen en kwam toen uit bij [bedrijf 1] . Ik heb hier 5 tickets geboekt voor mijn familie. Deze 5 tickets waren goed voor een totaalbedrag van 2410 euro. Ik heb na het boeken van deze tickets gelijk de volgende dag het totaalbedrag overgemaakt aan [bedrijf 1] . Dit heb ik gedaan op rekeningnummer [rekeningnummer] . Toen ik gisteren op 7 juli naar Schiphol ging met mijn gezin, kwam ik erachter dat de flightcoupons die ik heb ontvangen van [bedrijf 1] niet kloppen. De vluchten die er op vermeld stonden waren wel correct, alleen stonden wij niet op de lijst om met deze vlucht mee te vliegen. De vlucht zou zijn verzorgd door [luchtvaartmaatschappij 2] , maar zij wisten van niets vertelden zij ons. […] Nadat ik weer vanaf Schiphol naar huis was gegaan heb ik gebeld met [bedrijf 1] . Dit nummer dat bij mij bekend was, was alleen niet meer te bereiken. […] Later heb ik zelf op een site gekeken naar bedrijven die een faillissement hebben aangevraagd en hier stond [bedrijf 1] tussen.’ Op 13 augustus 2015 wordt door [benadeelde 7] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting. […] Onlangs hadden we tickets geboekt via [bedrijf 1] . We zouden vliegen van Amsterdam naar Antalya op 7 juli. Op 7 juli kregen we per mail te weten dat [bedrijf 1] failliet is gegaan, (staat niet in KVK geregistreerd). Op Schiphol waren er net als ons vele gedupeerden. […] Datum betaling 09-06-2015 Bedrag aankoop: € 1.432,00 Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: Stichting Escrow Ice Pay’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 3] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 30 maart
- […] Ik heb op 30-03 een reis geboekt voor woensdag 08-07 om van Amsterdam naar Antalya te vliegen via [bedrijf 1] .nl. Maandag 07-07 kreeg ik een e-mail van [bedrijf 1] dat ze financieel onvermogen hadden. Ik heb geprobeerd om contact op te nemen met [bedrijf 1] , maar dat lukte niet. ik heb met [luchtvaartmaatschappij 1] gebeld om te kijken of mijn naam in de passagierslijst stond, maar het bleek dat onze naam nooit er bij stond. We zijn naar een van hun hoofdkantoren gegaan in Zaandam, toen we eenmaal daar waren stond het helemaal leeg. […] Bedrag aankoop: € 1432,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: [bedrijf 1] ’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 4] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting. […] 12 mei 2015 heb ik 9 vliegtickets geboekt via [bedrijf 1] .nl met [luchtvaartmaatschappij 2] : op 18 juli naar Dalaman, Turkije en op 1 augustus terug naar Amsterdam. Vanochtend ontving ik een vreemde email met het bericht dat [bedrijf 1] .nl failliet zou zijn. Op mijn telefoontjes naar [bedrijf 1] en e-mails wordt tot twee keer toe gereageerd door het opnieuw aan mij versturen van de oude factuur. Op mijn vragen over het al dan niet failliet zijn van [bedrijf 1] wordt niet ingegaan. Telefonische navraag bij [luchtvaartmaatschappij 2] wijst uit dat [bedrijf 1] en mijn achternaam niet voorkomen in de reserveringen op de betreffende dag en de betreffende vluchten. Tevens hoor ik van hun callcenter dat de politie al in het pand is geweest. Conclusie: opgelicht! […] Bedrag aankoop: € 3.492,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: [bedrijf 1] .’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 5] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 15 juni
- […] Bedrag aankoop: € 1.912,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] Naam rekeninghouder wederpartij: Escrow ice pay. Jwlc
- [bedrijf 1] Ik heb via deze site www. [bedrijf 1] .com 4 vliegtickets gekocht voor vakantie naar Marokko, achteraf kreeg ik een mail dat de vlucht niet doorgaat omdat het online reisbureau failliet is gegaan. Later kreeg ik te horen op Schiphol dat die maatschappij helemaal niet bestaat.’ Op 10 juli 2015 wordt door [aangever 6] aangifte gedaan namens [benadeelde 14] . Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe namens mijn vader aangifte van oplichting gepleegd door [bedrijf 1] .nl. […] Op 29 juni 2015 zat ik samen met vader achter de computer op zoek naar goedkope vliegtickets naar Marokko. Ik vond de tickets die wij zochten bij [bedrijf 1] .nl We konden voor 458,00 euro per persoon een retour vlucht boeken naar Marokko. […] Ik heb toen 4 vliegtickets geboekt naar Marokko met vertrekdatum 21 juli 2015 en retourdatum 25 augustus
- Mijn vader heeft 1.832,00 euro overgemaakt op bankrekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [bedrijf 1] in [woonplaats] . De vliegtickets heb ik via de mail ontvangen van info@ [bedrijf 1] .nl. De vliegtickets zagen er uit zoals we gewend zijn van vliegtickets. Er was geen reden om te twijfelen dat de vliegtickets niet echt waren. We zouden met [luchtvaartmaatschappij 2] vliegen. Op 9 juli 2015 ontving ik van info@ [bedrijf 1] .nl een email. In de email stond ‘Reisorganisatie [bedrijf 1] .nl is failliet.’ Ik schrok hier erg van. Ik heb toen direct geprobeerd om te bellen, maar er werd niet meer opgenomen. De internetsite van [bedrijf 1] .nl was ook al uit de lucht.’ Op 17 juli 2015 wordt door [aangever 7] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 1 juli
- Naam wederpartij: [bedrijf 1] .nl. […] Ik heb vliegtickets gekocht, maar bleek fake te zijn. […] Bedrag aankoop: € 1.432,
- Bankrekeningnummer wederpartij: [rekeningnummer] . Naam rekeninghouder wederpartij: Escrow ice pay.’ Op 14 juli 2015 wordt door [aangever 8] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting, gepleegd op 1 juli
- Op woensdag 1 juli om 01:28 heb ik een reis naar Turkije geboekt bij de reismaatschappij [bedrijf 1] . Ik heb op Google gezocht en goedkope vliegtickets gevonden bij [bedrijf 1] . Ik heb hier mijn aankomstdatum en vertrekdatum ingevoerd en ik ben door naar de betaling gegaan. Ik heb vervolgens een bedrag van 2040,00 euro overgemaakt naar IBAN: [rekeningnummer] . Vervolgens kreeg ik een bevestiging via de mail van [bedrijf 1] dat er betaald was. Ik kreeg ook een volledig overzicht van de vliegtijden, vliegnummers, vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 3] et cetera. Op 8 juli 2015 om 16:05 uur kreeg ik een email van [bedrijf 1] . Dit was een erg korte mail met alleen de tekst: Reisorganisatie [bedrijf 1] .nl is Failliet! […] Ik heb toen geprobeerd [bedrijf 1] te bellen, maar deze waren op geen enkele manier meer te bereiken. Vervolgens heb ik naar luchtvaartmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 3] gebeld en gevraagd of onze namen wel op de passagierslijst stonden. Ik hoorde de medewerker zeggen dat dit niet het geval was, omdat de plaatsen in het vliegtuig niet betaald waren.’ Op 15 juli 2015 wordt door [benadeelde 8] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Op zaterdag 30 mei 2015 heb ik via internet drie retourtickets en een enkel ticket aangeschaft. De retourtickets zijn vluchten van Amsterdam naar Izmir te Turkije. Het enkele ticket is van Izmir naar Amsterdam. De tickets heb ik geboekt bij [bedrijf 1] . Dit reisbureau was tevens gevestigd aan de [adres] te [woonplaats] . Dit reisbureau had ook een website www. [bedrijf 1] .nl. Via de website heb ik de tickets geboekt. Bij elkaar heb ik een bedrag van 1733 euro overgemaakt naar bankrekeningnummer [rekeningnummer] , t.n.v. [bedrijf 1] te [woonplaats] . De tickets heb ik digitaal toegestuurd gekregen nadat ik het bedrag had overgemaakt. […] Ik kwam erachter middels internet dat [bedrijf 1] niet meer bestond. Na enig onderzoek blijkt dat de eigenaar [medeverdachte] het geld heeft aangenomen en de heenvlucht ook heeft geboekt, maar verzuimd heeft de terugvlucht in te boeken. [medeverdachte] heeft de terugvlucht niet betaald. […] Ik ben genoodzaakt nieuwe tickets aan te schaffen. Mijn vrouw, zoon en schoonzus moeten terug naar Nederland. Het ticket van Izmir naar Amsterdam is onbruikbaar.’ Op 10 juli 2015 wordt door [aangever 9] aangifte gedaan namens [benadeelde 15] en [benadeelde 16] . Plaats delict: [woonplaats] . Zij verklaart: ‘Op 2 juni 2015 omstreeks 20.00 uur heb ik via internet vier tickets geboekt voor een vlucht naar Turkije. Deze vlucht zou gaan van Amsterdam naar Izmir. […] We zouden vertrekken op 17 juli
- Ik heb de tickets ook direct betaald met iDEAL op 2 juni
- […] Nadat de betaling gelukt was via iDEAL kreeg ik per ommegaande een bevestiging van de boeking en de E-tickets voor onze vlucht. Enkele dagen voordat we op reis zouden gaan, zouden we ook de papieren tickets krijgen per post. […] [bedrijf 1] .nl kwam toen naar voren en was toen een van de goedkoopste aanbieders voor deze retourvluchten. [bedrijf 1] als reisorganisatie zou gebruik van maken van [luchtvaartmaatschappij 3] , een bekende Turkse vliegmaatschappij. […] Op 8 juli 2015 kreeg ik een mail van [bedrijf 1] .nl. Deze mail had geen inhoud. Het onderwerp van de mail was echter [bedrijf 1] .nl is failliet! […] Op woensdag 8 juli 2015, […] ben ik gaan bellen met [luchtvaartmaatschappij 3] . Op 8 juli werd mij verteld dat onze namen niet op de passagierslijst voor kwamen. […] De man aan de telefoon zei dat iedereen die met [bedrijf 1] .nl had geboekt opnieuw een ticket moest kopen. […] In het totaal gaat het om een bedrag van 1432,00 euro.’ Op 10 juli 2015 wordt door [aangever 10] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Ik doe aangifte van oplichting/voorschotfraude tegen een reisbureau genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] te [woonplaats] . […] Begin mei 2015 wilde ik een vakantie boeken voor 3 personen naar Izmir in Turkije. Ik besloot deze reis te boeken via [bedrijf 1] . […] Op 14 mei 2015 heb ik 1294 euro betaald aan [bedrijf 1] . Vanaf mijn rekening […] heb ik dit geld overgemaakt naar rekeningnummer [rekeningnummer] . […] Op 14 mei 2015 ontving ik via de mail 3 tickets. Die zijn verstuurd naar mij via info@ [bedrijf 1] .nl. […] Ik was in de veronderstelling dat alles geregeld was voor de vlucht naar Turkije. We zouden vertrekken vanaf Schiphol. Op 8 juli ontving ik via [bedrijf 1] .failliet@gmail.com het volgende bericht: Reisorganisatie [bedrijf 1] .nl is failliet. […] Ik heb via het telefoonnummer: [telefoonnummer] gepoogd contact te leggen met [bedrijf 1] doch dat is niet gelukt. […] Ik zou vliegen met [luchtvaartmaatschappij 1] . Ik heb contact gehad met deze vliegtuigmaatschappij. Uiteindelijk kreeg ik te horen dat mijn naam wel op de passagierslijst had gestaan, maar dat er een streep doorheen was gezet omdat ik niet betaald had. [bedrijf 1] heeft wel mijn naam en die van mijn gezin doorgegeven doch ze hebben nooit betaald.’ Op 9 juli 2015 wordt door [aangever 11] aangifte gedaan. Plaats delict: [woonplaats] . Hij verklaart: ‘Op 23 maart 2015 […] boekte ik via internet bij [bedrijf 1] .nl, gevestigd te [woonplaats] , [adres] voor zes personen een reis naar Turkije. Ik betaalde tweeduizend negenhonderd en acht en twintig euro (2928 euro), onder boekingsnummer [boekingsnummer] . Ik kreeg per e-mail de E-tickets toegezonden. Een week voor het vertrek zou ik nogmaals de E-tickets toegezonden krijgen. Op 2 juli 2015 belde ik met [bedrijf 1] en vroeg waarom ik nog geen E-tickets had ontvangen. Ik hoorde van de medewerker dat ik deze niet kreeg omdat er geen bijzonderheden of wijzigingen waren en dat ik gewoon op vrijdag 10 juli 2015 kon gaan vliegen. Ik hoorde ook dat ik met vliegtuigmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 2] zou vliegen. Op donderdag 9 juli 2015, belde ik met [luchtvaartmaatschappij 2] en hoorde ik van de medewerker dat hij geen gegevens van mijn boeking kon vinden. Ook keek deze medewerker bij andere vliegtuigmaatschappijen, maar ook daar was er geen boeking bekend op mijn naam. Als ik had geweten dat ik E-tickets zou krijgen die niet bestaan, dan had ik nooit bij [bedrijf 1] geboekt.’ Verbalisant [verbalisant 1] heeft op 2 december 2016 als volgt verklaard: ‘Alle aangevers staan vermeld op een bijgevoegde lijst.’ Uit de bijgevoegde lijst volgt dat aangifte werd gedaan door/namens onderstaande personen: [aangever 12] [1962] [adres] [woonplaats] PL0600-2015340793 [aangever 13] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037336 [aangever 14] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015034327 [aangever 15] [1964] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035268 [aangever 16] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035239 [aangever 17] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037301 [aangever 18] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035003 [benadeelde 2] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035346 [aangever 19] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040068 [aangever 20] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035232 [aangever 21] [1959] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035308 [aangever 22] [1987] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035195 [aangever 2] [1962] [adres] [woonplaats] PL1300-2015155243 [aangever 59] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035159 [aangever 24] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037325 [aangever 25] [1976] [adres] [woonplaats] PL1300-2015191222 [aangever 26] [1956] [adres] [woonplaats] PL0600-2015332557 [aangever 27] [1964] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035279 [aangever 28] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015046316 [aangever 29] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035413 [aangever 30] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037233 [aangever 31] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035375 [aangever 32] [1985] [adres] [woonplaats] (Dld) PL2600-2015035165 [aangever 33] [1985] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039295 [aangever 34] [1964] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035236 [aangever 35] [1957] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037359 [aangever 36] [1990] [adres] Almere PL2600-2015035313 [aangever 37] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040756 [aangever 38] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015036521 [aangever 39] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040782 [aangever 40] [1947] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035181 [aangever 41] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035187 [aangever 42] [1944] [adres] [woonplaats] PL1700-2015256494 [aangever 43] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035243 [aangever 44] [1989] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035209 [aangever 45] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035211 [aangever 46] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035215 [benadeelde 7] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042981 [aangever 47] [1968] [adres] [woonplaats] PL27RP-15-058567 [benadeelde 1] [1978] [adres] [woonplaats] PL0900-2015211153 [aangever 48] [1969] [adres] [woonplaats] PL1300-2015159878 [aangever 49] [1991] [adres] [woonplaats] PL1300-2015155875 [aangever 50] [1987] [adres] [woonplaats] PL0900-2015209627 [aangever 51] [1989] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210737 [aangever 52] [1979] [adres] [woonplaats] PL0600-2015341761 [aangever 53] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035250
- [aangever 54] [1974] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035223
- [aangever 55] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015044074
- [aangever 56] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035264
- [benadeelde 9] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035269
- [aangever 57] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039832
- [aangever 58] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035286
- [benadeelde 3] [1978] [adres] [woonplaats] PL2600-2015045109
- [aangever 60] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035240
- [aangever 61] [1994] [adres] [woonplaats] PL1300-2015160379
- [aangever 62] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042347
- [aangever 63] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042402
- [aangever 64] [1970] [adres] [woonplaats] PL0600-2015335348
- [aangever 65] [1984] [adres] [woonplaats] PL2600-2015254164
- [aangever 66] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035207
- [aangever 67] [1996] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037397
- [aangever 68] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035316
- [aangever 69] [1964] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035220
- [aangever 70] [1955] [adres] [woonplaats] PL2600-2015043615
- [aangever 71] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035384
- [aangever 72] [1963] [adres] [woonplaats] PL0900-2015214388
- [aangever 73] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035196
- [aangever 74] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035265
- [aangever 6] [1982] [adres] [woonplaats] PL1500-2015206151
- [aangever 75] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035300
- [aangever 76] [1991] [adres] [woonplaats] PL1500-2015214095
- [aangever 77] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035194
- [aangever 3] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035150
- [aangever 78] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035304
- [aangever 79] [1964] [adres] [woonplaats] PL1100-2015173355
- [aangever 80] [1974] [adres] [woonplaats] PL2000-2015177830
- [aangever 81] [1982] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035284
- [aangever 82] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035410
- [aangever 83] [1982] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210924
- [aangever 84] [1958] [adres] [woonplaats] PL1500-2015209724
- [aangever 85] [1942] [adres] [woonplaats] PL2600-2015040006
- [aangever 86] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035238
- [aangever 87] [1982] [adres] PL2600-2015035369
- [aangever 88] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035309
- [aangever 89] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035730
- [aangever 90] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035374
- [aangever 91] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035281
- [aangever 92] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035169
- [aangever 93] [1972] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035838 90 [aangever 94] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035334
- [aangever 95] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035402
- [aangever 96] [1985] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035249
- [aangever 97] [1956] [adres] [woonplaats] PL0900-2015216466
- [aangever 98] [1962] [adres] [woonplaats] PL1300- 2015159133
- [aangever 99] [1955] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038412
- [aangever 100] [1964] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035178
- [aangever 101] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035293
- [aangever 102] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037281
- [aangever 103] [1986] [adres] [woonplaats] PL0900-2015211729
- [aangever 104] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035161
- [aangever 105] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600 2015035260 102 [aangever 106] [1977] [adres] [woonplaats] PL1500-2015209612
- [aangever 107] [1996] [adres] [woonplaats] PL2600-2015048192
- [aangever 108] [1953] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035205 105 [aangever 109] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015044751
- [aangever 110] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015044745
- [aangever 111] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035152
- [aangever 112] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035377
- [benadeelde 10] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035330
- [benadeelde 11] [1959] [adres] [woonplaats] PL0900-2015212329
- [aangever 113] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035229
- [aangever 114] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015026510
- [aangever 115] [1972] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035247
- [aangever 116] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035170
- [aangever 1] [1965] [adres] Utrecht PL0900- 2015215623
- [aangever 117] [1966] [adres] [woonplaats] PL2000-2015176335
- [aangever 118] [1974] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035185
- [aangever 119] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015239571
- [aangever 8] [1966] [adres] [woonplaats] PL 1500-2015210747
- [aangever 121] [1992] [adres] [woonplaats] PL1100-2015170734
- [aangever 122] [1964] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015041127
- [aangever 123] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035231
- [aangever 124] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039831
- [aangever 125] [1946] [adres] Leiden PL2600-2015038577
- [aangever 126] [1971] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035186
- [benadeelde 8] [1968] [adres] [woonplaats] PL1100-2015172940
- [benadeelde 12] [1977] [adres] [woonplaats] PL2100- 2015158765
- [aangever 127] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035337
- [aangever 128] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038964
- [aangever 129] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035218
- [aangever 130] [1948] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038736
- [aangever 131] [1989] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039808
- [aangever 9] [1970] [adres] [woonplaats] PL0100-2015199278
- [aangever 132] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600-201504 7815
- [aangever 133] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035336
- [aangever 134] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035314
- [aangever 135] [1969] [adres] Loosdrecht PL0900- 2015212418
- [aangever 136] [1977] [adres] [woonplaats] PL1500-2015208873
- [aangever 137] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035266
- [aangever 138] [1959] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035179
- [aangever 139] [1958] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015037326
- [aangever 140] [1979] [adres] [woonplaats] PL2000- 2015188767
- [aangever 10] [1970] [adres] [woonplaats] PL2000-2015177368
- [aangever 141] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035070
- [benadeelde 4] [1982] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035430
- [benadeelde 4] [1972] [adres] [woonplaats] PL1300-2015156171
- [benadeelde 4] [1957] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035430
- [aangever 142] [1959] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035283
- [aangever 143] [1961] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035219
- [aangever 144] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035321
- [aangever 145] [1990] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035242
- [aangever 146] [1982] [adres] [woonplaats] PL2600-2015053294
- [aangever 147] [1987] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035373
- [aangever 148] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035263
- [aangever 149] [1980] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037348
- [aangever 150] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035348
- [aangever 7] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035257
- [aangever 151] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035350
- [aangever 152] [1973] [adres] [woonplaats] PL2100-2015154255
- [aangever 153] [1995] [adres] [woonplaats] PL2600-2015036001
- [aangever 154] [1981] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035212
- [aangever 155] [1971] [adres] [woonplaats] PL2600-2015039515
- [aangever 156] [1984] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035217
- [aangever 157] [1942] [adres] [woonplaats] PL0600-2015351152
- [aangever 158] [1964] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035392
- [aangever 159] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035216
- [aangever 160] [1960] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035155
- [aangever 161] [1957] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035168
- [aangever 162] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035210
- [aangever 163] [1989] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035256
- [aangever 164] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035246
- [aangever 165] [1990] [adres] [woonplaats] PL2000-2015184187
- [aangever 166] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035344
- [aangever 167] [1952] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035384
- [aangever 168] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035151
- [aangever 169] [1961] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038373
- [aangever 170] [1971] [adres] [woonplaats] PL0600-2015354699
- [aangever 171] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035315
- [aangever 216] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035323
- [aangever 172] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035204
- [aangever 173] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035328
- [aangever 174] [1951] [adres] [woonplaats] PL2600-2015041514
- [aangever 175] [1962] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035251
- [aangever 176] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035190
- [aangever 177] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035399
- [aangever 178] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035183
- [aangever 179] [1991] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035318
- [aangever 179] [1984] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035201
- [aangever 180] [1986] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035254
- [aangever 181] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035174
- [aangever 182] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035248
- [aangever 183] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600-2015042401
- [aangever 184] [1979] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037248 194 [aangever 185] [1993] [adres] [woonplaats] PL0900-2015213054
- [aangever 186] [1967] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015041442
- [aangever 187] [1955] [adres] [woonplaats] PL2100-2015155180
- [aangever 11] [1976] [adres] [woonplaats] PL1700-2015252647
- [aangever 188] [1974] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037258
- [aangever 189] [1976] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035333
- [aangever 190] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035221
- [aangever 191] [1992] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210946
- [aangever 192] [1973] [adres] [woonplaats] PL2600-2015038400
- [aangever 193] [1991] [adres] [woonplaats] PL0900-2015210489
- [aangever 194] [1962] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037292
- [aangever 195] [1965] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035156
- [aangever 196] [1969] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035367
- [aangever 197] [1963] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035203
- [aangever 198] [1961] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035197
- [aangever 199] [1992] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035267
- [aangever 200] [1955] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037269
- [aangever 201] [1963] [adres] [woonplaats] PL0100-2015205721
- [aangever 4] [1966] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035167
- [aangever 202] [1983] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035258
- [aangever 203] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015037319
- [aangever 204] [1945] [adres] [woonplaats] PL2600-2015037286
- [aangever 205] [1971] [adres] [woonplaats] PL2600 2015035227
- [aangever 206] [1975] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035222
- [aangever 207] [1988] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035233
- [aangever 208] [1992] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035193
- [aangever 209] [1970] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035163
- [aangever 210] [1962] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035158
- [aangever 211] [1977] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035019
- [aangever 5] [1968] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035189
- [aangever 212] [1989] [adres] [woonplaats] -2015041197
- [aangever 213] [1986] [adres] [woonplaats] PL0900- 2015213524
- [aangever 214] [1948] [adres] [woonplaats] PL2600-2015035406
- [aangever 215] [1956] [adres] [woonplaats] PL2600- 2015035173.’ In totaal ( [bedrijf 3] en [bedrijf 2] ) werden er 251 aangiften gedaan met een schadebedrag van 233.228,- euro. Naast de aangiften die tegen [bedrijf 1] / [bedrijf 3] werden gedaan waren er ook 24 aangiften die specifiek tegen [bedrijf 2] B.V. handelend onder de naam [bedrijf 1] t.n.v. [medeverdachte] zijn gedaan. Het schadebedrag van deze 24 aangiften samen is € 26.307,-. De rechtbank begrijpt dat de totale schade van de 227 aangiften tegen [bedrijf 1] (€ 233.228,- - € 26.307,- = ) € 206.921,- is. De betalingen door deze aangevers vonden plaats in de periode tussen 18 januari 2015 en 8 juli
- Aangever [aangever 79] heeft op 18 januari 2015 een bedrag van € 1632,- betaald en de laatste betaling ad € 1020,- is gedaan door aangever [aangever 178] op 8 juli
- Onderzoek tickets Verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] hebben op 25 augustus 2015 als volgt verklaard: ‘Op dinsdag 25 augustus 2015 omstreeks 11:15 uur bevonden wij ons op de luchthaven Schiphol te Amsterdam. […] In de vertrekhal 1 bevond zich een receptie van vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 4] . Aldaar spraken wij met een medewerker van de betreffende maatschappij. Wij hebben hem de E-ticket laten zien waarop zij als maatschappij vermeld stonden. Dit betrof een E-ticket welke als bijlage bij de aangifte onder nummer PL2600-2015035402 was gevoegd. Wij hoorden de medewerker zeggen dat de vluchtgegevens wel klopte, maar dat hij wel bijzonderheden aan de tickets zag. Onder andere dat er twee vluchtmaatschappijen op een coupon stonden. Ook zag hij dat het boekingsnummer langer was dan gebruikelijk is. Daarnaast zag hij dat er in het vakje Geregistreerde bagage en handbagage "PCS" staan. Dit betekent het aantal bagage wat je mee mag meenemen op de vlucht. Echter werken zij niet met pcs maar met het aantal gewicht wat je mee mag nemen. Ook de zin onderaan de ticket waarin wordt aangegeven dat je 120 minuten voor vertrek moet inchecken vond hij afwijkend. In de vertrekhal 3 bevond zich de receptie van vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 2] . Aldaar spraken wij met een medewerker van de betreffende maatschappij. Wij hebben hem de E-ticket laten zien waarop zij als maatschappij vermeld stonden. Dit betrof een E-ticket welke als bijlage bij de aangifte onder nummer PL2600-2015035344 was gevoegd. Wij hoorden de medewerker zeggen dat er aan de betreffende E-ticket geen bijzonderheden waren. Ter plaatse heeft hij de passagierslijst uitgedraaid van de betreffende vlucht om na te gaan of de aangever op de passagierslijst vermeld zou staan. Dit was niet het geval. In dezelfde vertrekhal bevond zich ook de receptie van vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 3] . Aldaar spraken wij met een medewerkster van de betreffende maatschappij. Wij hebben haar de E-ticket laten zien waarop zij als maatschappij vermeld stonden. Dit betrof een E-ticket welke als bijlagen bij aangifte onder nummer PL2600-2015035322 was gevoegd. Wij hoorden de medewerkster zeggen dat er op de E-ticket nog een Pegagusnummer ontbrak, wat wel gebruikelijk is. Aangezien deze vlucht nog moest plaats vinden, hebben wij gevraagd of ze konden kijken of de vluchtnummers op de E-ticket juist waren. Dit bleek niet het geval te zijn, het vluchtnummer welke op de ticket vermeld staat, [vluchtnummer] , bestaat niet.’ De handelsnaam [bedrijf 1] Verbalisant [verbalisant 4] heeft als volgt verklaard: ‘Op de website van www. [bedrijf 1] .nl bestond de mogelijkheid om te zoeken naar vluchten. […] vliegt met de maatschappijen: • [luchtvaartmaatschappij 1] • [luchtvaartmaatschappij 3] • [luchtvaartmaatschappij 2] • [luchtvaartmaatschappij 4] • [luchtvaartmaatschappij 5] […] .nl is de handelsnaam van [bedrijf 3] met Kamer van Koophandel-nummer [KvK-nummer] . Het postadres is [adres] , [woonplaats] . […] Betaling binnen drie dagen op rekeningnummer [rekeningnummer] t.n.v. [bedrijf 3] te [woonplaats] onder vermelding van naam en boekingsnummer. Online kun je betalen via: • iDEAL • Telebankieren/Internetbankieren • Storten bij eigen bank of bank van [bedrijf 3] De benadeelden zijn door de webwinkel bewogen tot het overmaken van het afgesproken geldbedrag op het rekeningnummer, voorzien van IBAN-nummers: [rekeningnummer] t.n.v. IDEAL Reconciliatierekening (Payment Service Provider) betreft Stichting Escrow lcePay, Nachtwachtlaan 20, 1058 EA Amsterdam. [rekeningnummer] t.n.v. [bedrijf 1], [adres] , [woonplaats] . Uit een onderzoek in het huidige en historische handelsregister van de Kamer van Koophandel blijkt het volgende: ‘[bedrijf 1] Startdatum: [2015] Handelsnamen: [bedrijf 3] en [bedrijf 1] Bezoekadres: [adres] , [woonplaats] Eigenaar naam: [verdachte] . [bedrijf 2] BV Startdatum: [2004] Handelsnamen: [bedrijf 2] B.V. [bedrijf 5] en [bedrijf 6] . Bezoekadres: [adres] , [woonplaats] . Activiteiten: De bemiddeling in de verkoop van reizen met betrekking tot in-en uitgaand toerisme en de bemiddeling in vastgoed in Turkije. Enig aandeelhouder naam: [bedrijf 7] B.V. [bedrijf 7] B.V. Stardatum: [2003] Bestuurder naam: [getuige] Sedert: [2014] Enig aandeelhouder: [medeverdachte] .’ Verbalisant [verbalisant 5] heeft als volgt verklaard: ‘ [bedrijf 7] B.V. is een financiële holding waarin [medeverdachte] van [2003] tot [2014] enig aandeelhouder/bestuurder is geweest. Vanaf laatstgenoemde datum is [getuige] als bestuurder (alleen/zelfstandig bevoegd) in de onderneming gekomen. [bedrijf 7] is enig aandeelhouder van [bedrijf 2] B.V. Laatstgenoemde werd ingeschreven in het handelsregister op [2004] . Onder [bedrijf 2] B.V. waren een aantal handelsnamen actief. Een voor het onderzoek belangrijke handelsnaam die onder [bedrijf 2] actief was betrof [bedrijf 1] . Sinds 05 januari 2015 is de heer [verdachte] volgens het 'portaal van de Belgische Overheid' benoemd tot zaakvoerder in de onderneming genaamd [bedrijf 4] BVBA. […] De voornaamste activiteiten van [bedrijf 4] zijn het aanleggen van elektrische installaties inclusief telefoon, computer en bewakingssystemen. […] Op [2015] is de heer [verdachte] ook eigenaar geworden van eenmanszaak [bedrijf 3] . In de Kamer van Koophandel aangeduid als [bedrijf 3] / [bedrijf 1] . [bedrijf 1] is de handelsnaam die onder [bedrijf 2] B.V. in het verleden werd gebruikt door [medeverdachte] voor de verkoop van (online) vliegtickets. Ook [verdachte] heeft volgens de Kamer van Koophandel als activiteit reisbemiddeling en online verkoop van vliegtickets.’ Getuige [getuige] Getuige [getuige] heeft op 26 augustus 2015 als volgt verklaard: ‘V: U bent m.i.v. [2014] als bestuurder in [bedrijf 7] B.V. aangetreden. Wie heeft u hiervoor gevraagd en wat was de reden? A: Meneer [medeverdachte] heeft mij hiervoor gevraagd. […] Door als bestuurder af te treden dan hoef je niet de dga uit te keren. Op deze manier kon hij de schuld afkopen. […] Ik heb toen gezegd dat ik het wel wilde doen. Ik heb toen een formulier ingevuld en mijzelf als directeur aangesteld. Ik wilde ze helpen. […] V: Wat heeft u zoal gedaan als bestuurder van [bedrijf 7] ? A: Niks, het enige wat ik gedaan heb is het contract ondertekenen van de Kamer van Koophandel en contract overname. Dat contract ondertekenen heb ik in 2014 gedaan en in januari 2015 is de handelsnaam [bedrijf 1] met wat daar onder hangt verkocht aan [verdachte] . Dat is het laatste formulier dat ik ondertekend heb. […] V: [bedrijf 1] was een handelsnaam welke viel onder [bedrijf 2] op haar beurt viel weer onder [bedrijf 7] BV. Dus feitelijk was u ook enig en volledig bestuurder van [bedrijf 1] . Kunt u uitleggen welke activiteiten u heeft ontplooid voor [bedrijf 1] in 2014? A: Geen activiteiten voor [bedrijf 1] , behalve op het laatst met geïnteresseerde kopers […]. V: Wie heeft het klantenbestand in 2014 onderhouden? A: Meneer [medeverdachte] . V: In de vliegtickethandel is het niet ongebruikelijk dat klanten tickets bestellen, deze deels of volledig vooraf betalen en dat de feitelijke vliegreis pas later, soms wel maanden later zal plaatvinden. Klopt deze stelling? A: Ja, klopt.’ De waarde van het bedrijf [bedrijf 1] Uit het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex artikel 36e tweede lid Wetboek van Strafrecht volgt: ‘Tijdens de doorzoeking van de woning van [medeverdachte] werd er tussen de administratie een "beslissing op bezwaar" van de Gemeente Zaanstad aangetroffen. Uit dit stuk blijkt dat [medeverdachte] heeft geprobeerd een lening (ondernemerskrediet) van EUR 60.000,- vanuit de Bbz 2004 te krijgen van de Gemeente Zaanstad. Deze brief is gedateerd op 05 januari
- Uit deze brief blijkt in hoofdlijnen dat er twee zorgvuldige/uitgebreide onderzoeken zijn uitgevoerd door het Instituut voor het midden en kleinbedrijf (IMK). In hoofdlijnen zijn dit de bevindingen in de brief (incl. bijlagen) van 05 januari 2015: - Het concurrentieniveau in de reisbranche wordt voor [medeverdachte] / [bedrijf 1] te groot geacht. Dat het commerciële/financiële inzicht van [medeverdachte] niet voldoende is. Dat het bedrijf van [medeverdachte] ( [bedrijf 1] ) niet onderscheidend genoeg is. De omzet zou zeer fors moeten zijn om een rendabele bedrijfsvoering te kunnen realiseren met [bedrijf 1] . [bedrijf 1] is gestart in 2008 en vanaf het begin waren er liquiditeitsproblemen. Het bedrijf [bedrijf 1] is naar mening van het IMK niet levensvatbaar. De zakelijke schulden zijn vanaf 2008 opgelopen tot EUR 60.000,- - Dat [medeverdachte] heeft aangegeven dat hij [bedrijf 1] te koop had staan bij onlinebedrijfmakelaar [makelaar] in Amsterdam voor EUR 69.000,- en dat er geen daadwerkelijke geïnteresseerden waren geweest. - Doel van de verkoop van [bedrijf 1] was het opheffen van [bedrijf 2] BV met aflossing van alle lopende schulden. De bedrijfsaccountant van [medeverdachte] , de heer [bedrijfsaccountant] , geeft aan de waarde van [bedrijf 1] niet hoger in te schatten als EUR 40.000,-. Ook het IMK schat de waarde van [bedrijf 1] lager in dan de verkoopvraagprijs van EUR 69.000,- De inventaris bestaande uit computerapparatuur en meubilair van [bedrijf 1] heeft op 25 november 2014 een waarde van EUR 367,-. Het totaal aan zakelijke bezittingen wordt geraamd op EUR 37.600,- [medeverdachte] ontvangt al sedert 2013 vrijwel geen salaris meer uit de onderneming. Het verwachte bedrijfsresultaat dat zal worden behaald stond voor 2014 op EUR 20.700,- negatief, in 2015 EUR 700,- positief en voor 2016 etc. EUR 10.300,- NEGATIEF. Het eigen vermogen (zakelijk en privé) bedraagt EUR 115.600,- NEGATIEF. Het totaal aan te saneren zakelijke schulden en privéschulden bedraagt indicatief EUR 160.600,- (EUR 126.000,- zakelijk en 33.600,- privé) - Een schuldsanering via de Wsnp (Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen) is de enige mogelijkheid om tot een oplossing te komen.’ Koopovereenkomst Verbalisant [verbalisant 5] heeft op 1 december 2016 als volgt verklaard: ‘Tijdens het politieonderzoek zijn er twee verschillende koopovereenkomsten aangetroffen. In beide gevallen waren [medeverdachte] en [getuige] de verkopende partij en [verdachte] de kopende partij. In één overeenkomst is de feitelijke overdracht 01 maart 2015 voor een geldbedrag van EUR 85.000,-. (deze is niet ondertekend) In het andere exemplaar is de feitelijke overdracht 01 februari 2015 (dagtekening is overigens 25 februari 2015) de verkoopprijs in dit exemplaar is EUR 125.000,-. Laatstgenoemd exemplaar kan worden gezien en zal worden gehanteerd als het definitieve exemplaar daar deze is ondertekend door beide partijen.’ Beide koopovereenkomsten zijn als bijlage bij dit proces-verbaal gevoegd. De tweede koopovereenkomst vermeldt onder meer het volgende: ‘a. [bedrijf 2] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door [bedrijf 7] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [medeverdachte] en de heer [getuige] , hierna te noemen verkoper b. [bedrijf 4] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [verdachte] , hierna te noemen koper […]
- De overnameprijs bedraagt € 125.000,-. […]
- Het verkochte is het met ingang van 1 februari 2015 voor rekening en risico van koper. Aldus in drievoud overeengekomen en getekend te Zaandam op: 25-02-
- Boeking Afspraken tussen [bedrijf 2] B.V. & [bedrijf 4] B.V.
- A. [bedrijf 2] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door [bedrijf 7] BV rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [medeverdachte] en de heer [getuige] hierna te vernoemen verkoper B. [bedrijf 4] B.V., rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer [verdachte] hierna te noemen koper Verklaren te zijn overeengekomen als volgt: De boekingen die gemaakt zijn voor de overnamedatum van 1 februari 2015 worden overgenomen door [bedrijf 4] B.V. [bedrijf 1] zal deze boekingen namens [bedrijf 4] B.V beheren tot de datum van vertrek en datum van terugkomst. [bedrijf 1] moet zorgdragen dat de boven genoemde boekingen die nog niet ondergebracht zijn bij een leverancier alsnog ondergebracht worden. [bedrijf 1] gaat voor deze werkzaamheden naast de inkoopfactuur de volgende handelingskosten in rekening brengen aan [bedrijf 2] B.V.; € 20.- Euro op basis van enkelreis p.p. € 40.- Euro op basis van retour p.p. De bovengenoemde bedragen zullen verrekend worden met de laatste drie betaaltermijnen zoals in de KOOPOVEREENKOMST genoemd is. Aldus in drievoud overeengekomen en getekend te Zaandam op: 01-04-2015.’ Onderzoek administratie aangetroffen in woning medeverdachte Verbalisant [verbalisant 5] heeft op 17 augustus 2016 als volgt verklaard: ‘Op […] 17 augustus 2016 heb ik in verband met het financiële onderzoek 14Parkiet in beslag genomen administratie onderzocht. Tijdens de doorzoeking van de woning van [medeverdachte] op het adres [adres] in [woonplaats] op 24 mei 2016 werden diverse administratieve stukken in beslag genomen. Tussen deze stukken trof ik een zevental facturen van vliegtuigmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 1] aan. Deze facturen waren in de Turkse taal. Opvallend aan deze facturen was dat er op vijf van deze facturen [bedrijf 1] stond en op twee [bedrijf 2] Met name de reserveringsdata op de [bedrijf 1] / [bedrijf 2] facturen viel op. [bedrijf 1] reserveringen: 1x 30 maart 2015, 2x 01 april 2015 en 2x 09 april
- [bedrijf 2] reserveringen: 1x 08 april 2015 en 1x 09 april
- Het betreffen hier identieke facturen van vliegtuigmaatschappij [luchtvaartmaatschappij 1] met reserveringen via zowel [bedrijf 1] als [bedrijf 2] die in de woning van [medeverdachte] zijn aangetroffen. De data waarop deze reserveringen zijn gedaan vallen allemaal in de periode waarin [bedrijf 1] verkocht was aan de heer [verdachte] .’ Onderzoek gebruikte IP-adressen ten behoeve van internetbankieren van [bedrijf 1] Verbalisant [verbalisant 5] heeft op 28 november 2016 als volgt verklaard: ‘Ik, verbalisant, verklaar het volgende: In het opsporingsonderzoek 14Parkiet werd een deelonderzoek uitgevoerd naar de IP-adressen die tijdens het internetbankieren zijn gebruikt op de SNS bankrekeningen [rekeningnummer] en [rekeningnummer] in de periode van 01 januari 2015 tot en met 01 augustus
- […] Deze vordering was gericht aan de SNS bank en de concrete vraag was of zij opgave konden doen van de bij hun gelogde IP-adressen die waren gebruikt bij het Internet bankieren op de genoemde SNS bankrekeningen in de periode tussen 01 januari 2015 en 01 augustus
- Beide rekeningen stonden op naam van [verdachte] . Doel van deze bevraging was vast te kunnen stellen welke IP-adressen er waren gebruikt in de genoemde periode. Door de SNS bank werden op 30 augustus 2016 de gevraagde IP-adressen uitgeleverd. De uitgeleverde bestanden zijn vervolgens door de digitale recherche onderzocht. Ondanks dat er heel veel IP-adressen waren gebruikt kwamen vijf IP-adressen het meest voor. Eerder in het onderzoek 14Parkiet werd er in de woning van verdachte [medeverdachte] een computer aangetroffen en in beslag genomen. Door de digitale recherche werd van de harde schijf van deze computer een zogenaamde Image gemaakt. De vijf IP-adressen uit de bankbestanden werden door digitaal specialisten vervolgens met speciale software vergeleken met deze harde schijf. Opvallend was dat één van de IP-adressen namelijk [IP-adres] in totaal 531 maal werd aangetroffen op de harde schijf van de computer van [medeverdachte] . Het genoemde IP-adres was gebruikt met internetbankieren in de periode dat [bedrijf 1] eigendom was van [verdachte] namelijk tussen 01 januari 2015 en 01 augustus
- […] Opvallend was ook dat het IP-adres [IP-adres] nooit werd gebruikt in combinatie met de privé rekening [rekeningnummer] van [verdachte] . Uit een vervolgonderzoek, door digitaal specialist [verbalisant 6] , op basis van het genoemde IP-adres en de gegevens op de harde schijf van [medeverdachte] is gebleken dat het bewuste IP-adres duidelijk gerelateerd is aan [medeverdachte] . Uit de samenvattende bevindingen van het proces-verbaal van verbalisant [verbalisant 6] blijkt dat in een genoemde periode de computer aan het internet verbonden is geweest met een modem waarvan het publieke IP- adres [IP-adres] was.’ Uit de bijlage bij het Proces-verbaal bevindingen onderzoek IP adressen volgt dat het IP-adres [IP-adres] voor het laatst op 28 mei 2015 is gebruikt in relatie met internetbankieren met het bankrekeningnummer [rekeningnummer] . 5.4.
- Bewijsoverwegingen Juridisch kader oplichting Voor een veroordeling wegens oplichting is onder meer vereist dat gebruik is gemaakt van één of meer van de in artikel 326, eerste lid, Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) specifiek aangeduide oplichtingsmiddelen: het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, het gebruik van listige kunstgrepen of het gebruik van een samenweefsel van verdichtsels. Bij de oplichtingsmiddelen die bestaan uit het aannemen van een valse naam of een valse hoedanigheid gaat het er in de kern om dat het handelen van de verdachte ertoe kan leiden dat bij de ander een onjuiste voorstelling van zaken in het leven wordt geroepen met betrekking tot de ‘persoon’ van de verdachte, over zijn naam of zijn hoedanigheid, waarbij die onjuiste voorstelling van zaken in het leven wordt geroepen met het doel daarvan misbruik te maken. Bij listige kunstgrepen gaat het in de kern om meer dan een enkele misleidende feitelijke handeling die een onjuiste voorstelling van zaken in het leven kan roepen. Bij een samenweefsel van verdichtsels gaat het in de kern om gesproken en/of geschreven uitingen die bij een ander een op meer dan een enkele leugenachtige mededeling gebaseerde onjuiste voorstelling van zaken in het leven kunnen roepen. De in artikel 326, eerste lid, Sr bedoelde oplichtingsmiddelen hebben bovendien niet altijd betrekking op gedragingen die scherp van elkaar te onderscheiden zijn. Daardoor kunnen concrete uitwerkingen van deze oplichtingsmiddelen onderlinge samenhang vertonen en elkaar overlappen. Er kunnen zich dus gevallen voordoen waarin hetzelfde gedrag van de verdachte meebrengt dat meerdere oplichtingsmiddelen zijn gebruikt. In zo een geval kan dit gedrag als het gebruiken van meer dan één oplichtingsmiddel worden ten laste gelegd en bewezen verklaard; daarbij behoeft de rechter niet te kiezen uit die oplichtingsmiddelen omdat die keuze voor de strafrechtelijke betekenis van het bewezenverklaarde niet van belang is. Verder is voor oplichting volgens artikel 326, eerste lid, Sr vereist dat iemand door zo’n oplichtingsmiddel wordt “bewogen”, in die zin dat het slachtoffer mede onder invloed van de door het desbetreffende oplichtingsmiddel in het leven geroepen onjuiste voorstelling van zaken is overgegaan tot, in dit geval, de afgifte van geld. Het antwoord op de vraag of in een concreet geval het slachtoffer door een oplichtingsmiddel dat door de verdachte is gebruikt, is bewogen tot een van voornoemde handelingen, is in sterke mate afhankelijk van de omstandigheden van het geval. In algemene zin kunnen tot die omstandigheden behoren enerzijds de mate waarin de in het algemeen in het maatschappelijk verkeer vereiste omzichtigheid het beoogde slachtoffer aanleiding had moeten geven die onjuiste voorstelling van zaken te onderkennen of zich daardoor niet te laten bedriegen en anderzijds de persoonlijkheid van het slachtoffer. De vraag die de rechtbank moet beantwoorden is of verdachte aan [medeverdachte] gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door het bedrijf [bedrijf 1] en/of [bedrijf 3] op zijn naam te (laten) zetten en het bankrekeningnummer [rekeningnummer] op zijn naam te (laten) zetten, terwijl [medeverdachte] de aangevers door aanwending van één of meer oplichtingsmiddelen heeft bewogen tot afgifte van geldbedragen als (aan)betaling voor vliegtickets. Vaststelling feiten De rechtbank stelt, gelet op de voornoemde bewijsmiddelen, vast dat de aangevers verklaren dat de website van het bedrijf [bedrijf 1] er professioneel uitzag. De verklaringen van de aangevers houden samengevat in dat zij het vertrouwen hadden dat het bedrijf, [bedrijf 1] , bonafide was. Uit alle aangiftes volgt ook dat de aangevers geld hebben betaald onder de afspraak dat dit geld gebruikt zou worden om de vlucht te betalen bij de reisorganisatoren. De aangevers ontvingen direct na betaling vliegtickets, dan wel vluchtcoupons en reisbescheiden, van het bedrijf [bedrijf 1] . Op deze tickets stonden ook namen van luchtvaartmaatschappijen. Zij hebben hiermee contact gezocht en het bleek dat van hun boeking geen gegevens bekend waren bij de luchtvaartmaatschappijen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft medeverdachte [medeverdachte] zich schuldig gemaakt aan de volgende handelingen, die – nu geenszins is gebleken van enige serieuze inspanning om vluchten te boeken en gezien de wijze van handelen – in onderling verband en samenhang beschouwd als oplichtingshandelingen kunnen worden gekwalificeerd: - het optuigen van een schijnconstructie, als gevolg waarvan het leek alsof verdachte zijn onderneming heeft overgedragen aan medeverdachte [verdachte] , terwijl hij feitelijk is doorgegaan met de exploitatie van de onderneming en de toegang heeft behouden tot de bankrekening van [bedrijf 1] ; - het gebruik maken van een professioneel uitziende website en zich via die website voordoen als een bonafide reisbureau; - het gebruik maken van de in de reisbranche gebruikelijke werkwijze dat mensen na het uitzoeken van een vlucht eerst het volledige bedrag van de boeking moeten betalen voordat zij de tickets of andere reisbescheiden ontvangen. Naar het oordeel van de rechtbank zijn de vorenstaande oplichtingshandelingen te scharen onder de volgende oplichtingsmiddelen: het aannemen van een valse hoedanigheid, listige kunstgrepen en een samenweefsel van verdichtsels. De aangevers zijn door deze handelingen bewogen tot het doen van betalingen voor vliegtickets, terwijl de vluchten niet zijn geleverd. Uit de verklaring van verdachte volgt dat medeverdachte [medeverdachte] willens en wetens op deze wijze heeft gehandeld; hij heeft tegen verdachte gezegd dat hij door middel van de schijnconstructie zijn schulden kon aflossen en dat de verzekering de mensen wel schadeloos zou stellen. De rechtbank stelt, gelet op de voornoemde bewijsmiddelen, eveneens vast dat verdachte op [2015] eigenaar is geworden van [bedrijf 1] . Verdachte was benaderd door iemand, omdat deze persoon wist dat verdachte er wel voor openstond om snel geld te verdienen. Zonder enige kennis van zaken en zonder daarvoor te hoeven betalen heeft verdachte op papier het bedrijf [bedrijf 1] van medeverdachte [medeverdachte] overgenomen en een bankrekening geopend. Verdachte heeft zich eerst ingeschreven als zaakvoerder van het Belgische bedrijf [bedrijf 4] , een bedrijf gespecialiseerd in het aanleggen van elektrische installaties inclusief telefoon, computer en bewakingssystemen, en vervolgens heeft dat bedrijf het bedrijf [bedrijf 1] van medeverdachte [medeverdachte] ‘gekocht.’ Overigens heeft verdachte [bedrijf 1] als eenmanszaak ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. De koopsom bedroeg in eerste instantie € 85.000,-, maar is vervolgens op verzoek van medeverdachte [medeverdachte] en nadat [bedrijf 1] al was overgenomen, verhoogd tot € 125.000,-. Medeverdachte [medeverdachte] kon hierdoor uit de schulden komen. Afgesproken was dat hij voor het op naam houden van dat bedrijf maandelijks een vergoeding zou ontvangen van € 2.500,-. Voor de rest hoefde hij geen enkele bedrijfsactiviteit te verrichten. De rechtbank verwerpt het verweer van de verdediging dat de handelingen die door [verdachte] zijn verricht niet constitutief zijn voor de oplichting. De rechtbank beschouwt de schijnconstructie die [medeverdachte] met behulp van [verdachte] heeft opgezet als essentieel, nu [medeverdachte] zonder die schijnconstructie de aangevers niet zou hebben opgelicht, aangezien de oplichting dan direct naar hem herleidbaar zou zijn geweest. Verdachte heeft verklaard dat hij wist dat het risico bestond dat er mensen benadeeld zouden worden, maar door medeverdachte [medeverdachte] was verteld dat benadeelden schadeloos gesteld zouden worden door de verzekering. Hij heeft eveneens verklaard dat hij vermoedde dat het geld dat hij telkens van de bankrekening van [bedrijf 1] pinde door aangevers was betaald voor tickets die niet voor hen zouden worden gekocht. Conclusie De rechtbank concludeert dat verdachte het bedrijf [bedrijf 1] en een bankrekening voor dat bedrijf op zijn naam heeft gezet. De rechtbank leest de tenlastelegging zo dat met ‘te zetten en/of te laten zetten’ ook ‘te houden’ wordt bedoeld. Deze gedragingen zijn ondersteunend geweest voor de oplichting door medeverdachte [medeverdachte] . Verdachte wist dat er mensen benadeeld zouden worden, zodat hij naar het oordeel van de rechtbank op zijn minst genomen bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zijn gedragingen zouden leiden tot het ondersteunen van de oplichting. Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte medeplichtig is aan de oplichting gepleegd door [medeverdachte] . 6BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: Subsidiair [medeverdachte] op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 18 januari 2015 tot en met 8 juli 2015 te Utrecht, Lelystad, Hilversum, Zaandam, Amsterdam, 's-Gravenhage, Rijnsburg, Assendelft, Zuidlaren, Werkendam, Vlaardingen, en/of elders in Nederland, met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, 227 personen (vermeld op de lijsten op de pagina's 98 tot en met 102) heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen, totaal: 206.921,- euro, zijnde: (aan)betalingen voor vliegtickets, onder meer de navolgende personen, voor de volgende geldbedragen:
- [aangever 1] , tot de afgifte van 1314 euro en
- [benadeelde 1] , tot de afgifte van 1912 euro en
- [aangever 2] , tot de afgifte van 2410 euro en
- [benadeelde 7] , tot de afgifte van 1432 euro en
- [aangever 3] , tot de afgifte van 1432 en
- [aangever 4] , tot de afgifte van 3492 euro en
- [aangever 5] , tot de afgifte van 1912 euro en
- [benadeelde 14] , tot de afgifte van 1832 euro en
- [aangever 7] , tot de afgifte van 1432 euro en
- [aangever 8] , tot de afgifte van 2040 euro en
- [benadeelde 8] , tot de afgifte 1733 euro en
- [aangever 9] , tot de afgifte van 1432 euro en
- [aangever 10] , tot de afgifte van 1294 euro en
- [aangever 11] , tot de afgifte van 2928 euro en door telkens met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid, - aan bovengenoemde personen zich voor te doen en zich te blijven voordoen als bonafide/betrouwbare verkoper van vliegtickets, middels het bedrijf [bedrijf 1] , waarbij hij valselijk en listiglijk gebruik heeft gemaakt van de in het maatschappelijk verkeer en handelsverkeer geldende gewoonte dat dergelijke aankopen vooraf worden betaald, terwijl deze vluchten telkens niet werden geleverd en - aan bovengenoemde personen te doen voorkomen dat zij een vlucht geboekt hadden, terwijl er in feite door hem, verdachte, geen vlucht voor die personen was geboekt, waardoor voornoemde personen telkens werden bewogen tot bovenomschreven afgiften, tot het plegen van welk misdrijf verdachte op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 18 februari 2015 tot en met 8 juli 2015 te Hilversum en Zaandam en Amsterdam opzettelijk gelegenheid en middelen heeft verschaft door opzettelijk het bedrijf [bedrijf 1] en/of [bedrijf 3] op zijn, verdachtes, naam te zetten en te laten zetten en het bankrekeningnummer [rekeningnummer] op zijn, verdachtes, naam te zetten en te laten zetten. Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 7STRAFBAARHEID VAN HET FEIT Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het feit, die verdachte heeft gepleegd, staan als volgt in het Wetboek van Strafrecht omschreven: medeplichtigheid aan oplichting, meermalen gepleegd. 8STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 9OPLEGGING VAN STRAF 9.
- De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 maanden. 9.
- Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft het volgende aangevoerd. Mocht de rechtbank komen tot een bewezenverklaring dan verzoekt de raadsman om aan verdachte een taakstraf op te leggen in plaats van een gevangenisstraf. 9.
- Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen. Ernst van het feit Verdachte heeft snel geld willen verdienen en heeft daartoe het bedrijf [bedrijf 1] op zijn naam laten zetten en een bankrekening voor dit bedrijf op zijn naam geopend. Hierdoor heeft verdachte zich als medeplichtige gedurende een lange periode schuldig gemaakt aan de oplichting van 227 klanten van [bedrijf 1] door hen te laten betalen voor vliegtickets, terwijl deze vliegtickets uiteindelijk niet werden geboekt. De medeverdachte heeft zich door middel van zijn website voorgedaan als een betrouwbare verkoper van vliegtickets. De slachtoffers maakten geld over en waren in de veronderstelling dat zij met de reisbescheiden die ze, na betaling, van de medeverdachte kregen op vakantie konden gaan. Sommige slachtoffers hoorden kort voor vertrek dat deze reisbescheiden niet geldig waren en voor sommigen werd dit pas duidelijk op Schiphol, terwijl zij daar klaar stonden voor vertrek. Tot slot zijn er ook nog slachtoffers waarbij bleek dat er voor hen geen terugvlucht was geboekt. Zij moesten daardoor veel duurdere vliegtickets kopen op de luchthaven of zagen hun vakantie in duigen vallen. Veel benadeelden hadden, zoals uit de toelichting op de vorderingen blijkt, lang gespaard om hun vliegtickets te betalen. De rechtbank houdt bij de straftoemeting rekening met de zeer professionele wijze waarop deze oplichting op grote schaal heeft plaatsgevonden. De medeverdachte heeft met zijn handelen de slachtoffers niet alleen financiële schade toegebracht, maar heeft ook hun vertrouwen in de reisbranche en het betalingsverkeer zeer ernstig geschaad. Uit de vorderingen van de benadeelden volgt bovendien dat veel aangevers sinds de oplichting stress krijgen van het boeken van vliegtickets. Uit de verklaring van verdachte volgt dat hij wist dat er mensen benadeeld zouden worden. De rechtbank neemt het de verdachte dan ook zeer kwalijk dat dit voor hem kennelijk minder gewicht in de schaal legde dan het geldelijk gewin dat hij met het bewezen verklaarde beoogde. Gelet op het vorenstaande kan niet worden volstaan met een straf die geen vrijheidsbeneming met zich brengt. De rechtbank heeft bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen. Persoon van de verdachte Wat betreft de persoon van de verdachte heeft de rechtbank gelet op de inhoud van een de verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 4 november 2019, waaruit onder meer blijkt dat verdachte veelvuldig met politie en justitie in aanraking is gekomen. Verdachte is eerder tot onherroepelijke gevangenisstraffen veroordeeld. Dit heeft verdachte er niet van weerhouden om opnieuw strafbare feiten te plegen. Oriëntatiepunten De oriëntatiepunten voor straftoemeting van het LOVS vermelden bij fraude met een benadelingsbedrag tussen de € 125.000,-- en € 250.000,-- als vertrekpunt een gevangenisstraf voor de duur van 9 tot 12 maanden onvoorwaardelijk. Dit oriëntatiepunt geldt voor een pleger. Bij verdachte houdt de rechtbank er in strafverminderende zin rekening mee dat medeplichtigheid bewezen is verklaard. In strafverzwarende zin houdt de rechtbank rekening met de volgende omstandigheden: - de lange periode waarin de oplichting heeft plaatsgevonden; - het grote financiële voordeel dat verdachte door de oplichting heeft verkregen; - het grote aantal gedupeerden en de gevolgen die het voor hen heeft gehad; - de hoge mate van professionaliteit en de geraffineerdheid waarmee de oplichting gepaard ging door de echt uitziende vliegtickets te versturen. Overschrijding redelijke termijn De rechtbank stelt vast dat verdachte op 23 maart 2016 is verhoord in onderhavige zaak. Op die datum is de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag van de Rechtbank van de Mens en de fundamentele vrijheden aangevangen. Dit is namelijk het moment waarop vanwege de Nederlandse Staat jegens verdachte een handeling is verricht waaraan deze in redelijkheid de verwachting kon ontlenen dat tegen hem ter zake van een bepaald strafbaar feit door het Openbaar Ministerie een strafvervolging zou worden ingesteld. De behandeling in eerste aanleg is niet binnen twee jaar na aanvang van de redelijke termijn met een eindvonnis afgerond, terwijl niet van bijzondere omstandigheden is gebleken die deze overschrijding rechtvaardigen. De redelijke termijn is met negen maanden overschreden. De rechtbank zal hiermee bij de strafoplegging rekening houden. Artikel 63 Sr De rechtbank houdt bij het opleggen van de straf er rekening mee dat verdachte na het plegen van het bewezenverklaarde op 27 maart 2017 is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met een proeftijd van 2 jaren en een taakstraf voor de duur van 150 uren. De rechtbank heeft de voorschriften toegepast die gelden voor de situatie waarin verdachte een straf zou zijn opgelegd voor alle feiten tegelijk. Conclusie Omdat de rechtbank komt tot dezelfde bewezenverklaring als de officier van justitie en bij het bepalen van de omvang van de straf rekening houdt met dezelfde omstandigheden, oordeelt de rechtbank dat een gevangenisstraf van 4 maanden, zoals de officier van justitie heeft geëist, passend en geboden is. 10BENADEELDE PARTIJEN 10.
- Inleiding In het onderzoek 14Parkiet hebben 227 benadeelden aangiften gedaan tegen [bedrijf 1] . Van deze benadeelde partijen hebben zich 146 personen gevoegd in het strafproces met een vordering tot schadevergoeding. Op 13 november 2019 heeft de behandeling van de vorderingen van de benadeelde partijen plaatsgevonden. De rechtbank zal eerst ingaan op de ontvankelijkheid van de benadeelde partijen in hun vorderingen, vervolgens op de beoordeling van de gevorderde materiële en immateriële schade en tot slot op de gevorderde wettelijke rente, de hoofdelijke betalingsverplichting, de kosten en de schadevergoedingsmaatregel. Ontvankelijkheid van de vorderingen ingediend door benadeelde partijen [benadeelde 8] , [aangever 135] , [aangever 117] , [aangever 79] en [aangever 189] 10.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partijen [benadeelde 8] , [aangever 135] , [aangever 117] , [aangever 79] en [aangever 189] niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard in hun vordering, nu een vordering niet kan worden ingediend na het requisitoir. Deze benadeelde partijen hebben pas na het requisitoir gehouden op 5 november 2019 hun vordering ingediend. 10.
- Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft zich, met de officier van justitie, op het standpunt gesteld dat de benadeelde partijen [benadeelde 8] , [aangever 135] , [aangever 117] , [aangever 79] en [aangever 189] niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard in hun vordering, nu zij hun vordering hebben ingediend na het requisitoir gehouden op 5 november
- 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank stelt vast dat bij het maken van de planning van de behandeling van het onderzoek 14Parkiet met de officier van justitie, de verdediging en de Slachtoffercoördinator is gecommuniceerd over een zo efficiënt mogelijke behandeling van alle vorderingen van de benadeelde partijen. De rechtbank heeft met de officier van justitie en de verdediging afgesproken dat de straf- en ontnemingszaak op 5 november 2019 zal worden behandeld, met uitzondering van de vorderingen van de benadeelde partij. Het requisitoir, door de officier van justitie gehouden op 5 november 2019, omvatte daarom geen standpunt over de vorderingen van de benadeelde partijen. Met instemming van alle partijen is aan de benadeelde partijen gecommuniceerd dat de behandeling van de vorderingen op 13 november 2019 zal plaatsvinden. Tijdens die behandeling heeft de officier van justitie een standpunt ingenomen over de vorderingen van de benadeelde partijen. De rechtbank oordeelt dat het, gelet op deze gang van zaken, in strijd met de goede procesorde is om voornoemde benadeelde partijen tegen te werpen dat deze vorderingen na het requisitoir van de strafzaak zijn ingediend. De rechtbank verklaart deze benadeelde partijen dan ook ontvankelijk in hun vordering. Ontvankelijkheid van de vorderingen gericht tegen [bedrijf 2] B.V.en gelet op de bewezen verklaarde pleegperiode 10.
- Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft alle vorderingen van de benadeelde partijen gericht tegen [bedrijf 2] B.V. bestreden, nu verdachte geen zeggenschap heeft gehad over [bedrijf 2] B.V. 10.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat nu verdachte medeplichtig is aan oplichting de schade ook een direct gevolg is van zijn handelen. De hoofdelijke betalingsverplichting wordt gevorderd, hetgeen maakt dat de vorderingen van de benadeelde partijen gericht tegen [bedrijf 2] B.V. ook tegen verdachte kunnen worden toegewezen. 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank oordeelt dat verdachte in de periode 18 februari 2015 tot en met 8 juli 2015 medeplichtig is aan oplichting en dat de daardoor veroorzaakte schade ook een direct gevolg is van zijn handelen. Het feit dat sommige aangevers geld hebben overgemaakt naar de rekening van [bedrijf 2] B.V. voor een ticket bij [bedrijf 1] maakt het strafrechtelijke verwijt niet anders. De rechtbank zal wel alleen de vorderingen van de 227 aangevers van de aan verdachte tenlastegelegde aangiften bij de beoordeling betrekken en zal dus de vorderingen van benadeelde partijen die aangifte tegen [bedrijf 2] B.V. hebben gedaan buiten beschouwing laten. Een aantal aangevers heeft tickets gekocht en betalingen gedaan voor 18 februari 2015, zijnde ten aanzien van verdachte de aanvangsdatum van de bewezen verklaarde pleegperiode. Voor zover deze aangevers een vordering tot schadevergoeding hebben ingediend worden zij in de zaak tegen deze verdachte niet-ontvankelijk verklaard. Het betreft de vorderingen van: Slachtoffernummer Naam 48 Mw. [aangever 30] 99 [aangever 79] 128 Mw. [aangever 107] Deugdelijkheid tickets 10.
- Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft aangevoerd dat benadeelde partijen, na het ontvangen van de e-mail met de mededeling dat [bedrijf 1] failliet was, aangifte hebben gedaan, terwijl niet is gebleken dat hun ticket daadwerkelijk ondeugdelijk was. In alle gevallen moet worden uitgezocht – althans overtuigend zijn gebleken – dat wat als (voorlopig) reisbescheid was toegezonden daadwerkelijk geen recht gaf om te vliegen. 10.
- Het oordeel van de rechtbank De benadeelde partijen stellen dat de vliegtickets die zij van [bedrijf 1] hebben ontvangen ondeugdelijk zijn gebleken, althans geen recht gaven op gebruikmaking van de door hen geboekte vlucht. Zij beroepen zich daarbij niet alleen op een e-mail die zij hebben ontvangen waarin werd gemeld dat [bedrijf 1] failliet was, maar bovendien op het feit dat zij hebben geprobeerd om met [bedrijf 1] contact op te nemen, veelal zonder succes. De enkeling die wel iemand te spreken kreeg, kreeg te horen dat zij nieuwe vliegtickets moesten kopen. De meesten hebben contact opgenomen met de luchtvaartmaatschappijen en kregen te horen dat zij niet voorkwamen op passagiers- of boekingslijsten. Naar het oordeel van de rechtbank is daarmee voldoende onderbouwd dat de vliegtickets/reisbescheiden die [bedrijf 1] heeft toegestuurd niet deugdelijk waren. Namens verdachte is deze voldoende onderbouwde stelling onvoldoende gemotiveerd betwist, zodat de rechtbank bij de verdere beoordeling uitgaat van de juistheid hiervan. Materiële schade: vergoeding [bedrijf 1] -tickets of nieuwe tickets? 10.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat, indien benadeelde partijen nieuwe tickets hebben gekocht en een vergoeding van de kosten hiervan vragen, de prijs van de niéuwe tickets voor vergoeding in aanmerking komt, ook als dit hoger is dan de prijs die de benadeelde partijen voor hun ticket bij [bedrijf 1] hebben betaald. 10.
- Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld ten aanzien van alle benadeelde partijen dat alleen de prijs voor het ticket van [bedrijf 1] toegewezen kan worden en niet de prijs van een nieuw ticket. 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank begrijpt de vordering aldus dat de benadeelde partij de overeenkomst met [bedrijf 1] vernietigt in de zin van artikel 3:44 Burgerlijk Wetboek (BW), omdat deze door bedrog is tot stand gekomen. De vernietiging werkt terug tot het tijdstip waarop de overeenkomst met [bedrijf 1] is gesloten (artikel 3:53 BW), zodat daarmee aan de betaling aan [bedrijf 1] een geldige titel is komen te ontvallen en deze onverschuldigd is gedaan in de zin van artikel 6:203 BW. De koopprijs dient daarom te worden terugbetaald. Verdachte heeft bovendien onrechtmatig gehandeld jegens de benadeelde partij in de zin van artikel 6:162 BW, zodat zij de schade dienen te vergoeden die de benadeelde partij als gevolg daarvan heeft geleden. Deze schade bestaat onder meer uit het verschil tussen de prijs van de tickets van [bedrijf 1] en de prijs van duurdere nieuwe tickets. Namens verdachte is gesteld dat de benadeelde partij er zelf voor heeft gekozen om nieuwe duurdere tickets te betalen, zodat het verschil in prijs niet aan verdachte maar aan de benadeelde partij moet worden toegerekend. Weliswaar geldt in het algemeen de verplichting voor schuldeisers om hun schade zo veel mogelijk te beperken, maar deze verplichting gaat niet zo ver dat in redelijkheid van de benadeelde partij kan worden verlangd dat, geconfronteerd met het bedrog door verdachten, wordt afgezien van het maken van de geplande reis. De rechtbank is daarom van oordeel dat het prijsverschil tussen de tickets van [bedrijf 1] en de duurdere nieuwe tickets voor vergoeding in aanmerking komt en zal dit prijsverschil bij de benadeelde partijen die dit hebben gevorderd dan ook toewijzen. Gehele toewijzing vorderingen materiële schade 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de gevorderde materiële schade van onderstaande benadeelde partijen rechtstreekse schade betreft. De schade is voldoende onderbouwd en komt voor vergoeding in aanmerking. Dit betekent dat de vorderingen van de hierna te noemen benadeelde partijen geheel worden toegewezen: Slachtoffernummer Naam Materiële schade toegewezen 2 Mw. [benadeelde 7] 1432 5 Dhr. [aangever 3] 1432 8 Dhr. [aangever 1] 1314 10 Dhr. [benadeelde 8] 1733 12 Mw. [aangever 9] 1432 13 Dhr. [aangever 10] 2052 14 Dhr. [aangever 7] 1432 16 Dhr. [aangever 11] 3600 18 Mw. [aangever 4] 3492 21 Dhr. [aangever 5] 2080 23 Dhr./mw. [aangever 12] 1104 26 Mw. [aangever 14] 676 27 Dhr./mw. [aangever 15] 667 29 dhr/mw. [aangever 16] 1960 38 Mw. [aangever 22] 229 40 Dhr./Mw. [aangever 24] 1392 41 Dhr./Mw. [aangever 25] 218 43 Dhr. [aangever 27] 875 45 Dhr. [aangever 29] 1084,86 49 Dhr. [aangever 31] 448 51 Mw. [aangever 33] 629,06 52 Mw. [aangever 34] 776 54 Dhr./mw. [aangever 36] 1194 58 Dhr. [aangever 40] 836 59 Mw. [aangever 41] 416 61 Dhr. [aangever 42] 1532 63 dhr./Mw. [aangever 45] 1452 64 Dhr. [aangever 46] 1832 70 Dhr. [aangever 51] 756 71 Mw. [aangever 53] 438 75 Dhr./Mw. [benadeelde 9] 1023 77 Dhr./Mw. [aangever 58] 1602 78 Mw. [benadeelde 3] 696 85 Dhr./Mw. [aangever 66] 1224 86 [aangever 67] 714 87 Dhr./mw. [aangever 68] 1651 88 [aangever 69] 1632 89 Mw. [aangever 70] 796 91 Dhr. [aangever 71] 676 94 Mw. [aangever 74] 338 95 Dhr./mw. [aangever 75] 1740 103 Mw. [aangever 83] 1264 108 [aangever 88] 1115 111 Dhr. [aangever 91] 965 115 Dhr/Mw. [aangever 95] 1164 117 Dhr./mw. [aangever 97] 218 121 Mw. [aangever 100] 1312 125 Dhr. [aangever 104] 932 136 [benadeelde 10] 1404 137 [benadeelde 11] 1224 140 [aangever 115] 2032 144 Mevr. [aangever 117] 1472 148 Mw. [aangever 123] 1400 149 Mw. [aangever 124] 1292 152 dhr. [benadeelde 12] 1462 154 [aangever 128] 545 155 [aangever 129] (e.v. [aangever 129] ) 756 156 [aangever 130] 328 158 [aangever 132] 1712 159 [aangever 133] 476 164 Dhr. [aangever 137] 2277 170 [benadeelde 4] 1194 182 [aangever 152] 1352 184 dhr./mw. [aangever 154] 1702 186 Mevr. [aangever 156] 984 197 Mw. [aangever 166] 1074 198 Dhr. [aangever 167] 436 199 [aangever 168] 2180 201 [aangever 170] 308 206 [aangever 173] 2110 207 dhr. [aangever 174] 516 208 Mw. [aangever 175] 676 209 [aangever 176] 468 211 [aangever 177] 1264 212 Dhr. [aangever 178] 1020 216 Dhr. [aangever 180] 348 218 Mw. [aangever 182] 209 222 Dhr. [aangever 186] 357 224 Dhr./mw. [aangever 188] 2998 225 Dhr./mw. [aangever 189] 776 228 Mw. [aangever 192] 436 231 Dhr. [aangever 195] 856 232 Dhr. [aangever 196] 694 233 Dhr. [aangever 197] 1872 237 Mw. [aangever 201] 418 239 Dhr. [aangever 203] 1004 242 Mw. [aangever 206] 1374 246 Dhr./mw. [aangever 210] 278 250 Dhr. [benadeelde 6] 378 252 Mw. [aangever 215] 219 255 Dhr. [benadeelde 17] 628 256 Mw. [aangever 193] 338 260 [aangever 194] en [benadeelde 18] 849,8 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke afwijzing materiële schade 10.
- Het oordeel van de rechtbank Sommige benadeelde partijen hebben meer schade gevorderd dan zij hebben geleden, door bijvoorbeeld volledige vergoeding te vragen van de nieuwe tickets én de oude tickets. Zoals hiervoor is overwogen wijst de rechtbank in dat geval alleen de kosten van de tickets van [bedrijf 1] toe, vermeerderd met het prijsverschil tussen die tickets en de duurdere nieuwe tickets. De rechtbank is van oordeel dat de gevorderde materiële schade van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk voor vergoeding in aanmerking komt, namelijk voor het deel waar het rechtstreekse schade betreft en voldoende onderbouwd is. Aan de hierna te noemen benadeelde partijen worden de volgende bedragen toegewezen, waarbij hun vordering voor het overige wordt afgewezen: Slachtoffernummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen 3 Mw. [benadeelde 1] 3756,24 1912 25 Dhr. [aangever 13] 3312 2152 30 Dhr./mw. [aangever 15] 2952 1560 31 Dhr./mw. [aangever 18] 3790 1840 33 Dhr./mw. [benadeelde 2] 2050 1294 44 Mw. [aangever 28] 877,99 399,99 60 Mw. [aangever 43] 873 466 67 Dhr./mw. [aangever 49] geen bedrag 965 93 [aangever 73] 2531 1462 96 Dhr./mw. [aangever 76] 2004 1268 100 Dhr. [aangever 80] 2864,98 1689,98 123 Dhr. [aangever 102] 1116 915 131 [aangever 109] 2652 1461 144 Dhr. [aangever 118] 3542 2150 153 [aangever 127] 4365,2 2375,2 157 Mw. [aangever 131] 1270,5 696 161 [aangever 135] 800 656 167 [benadeelde 13] 3453,7 1813,7 168 [aangever 141] 2292 1292 178 [aangever 150] 2690 1790 185 Dhr./mw. [aangever 155] 818 490 217 Mw. [aangever 181] 1727,5 989,5 244 Dhr./ Mw. [aangever 208] 723 385 249 Dhr. [aangever 212] 792 358 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring materiële schade 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de materiële schade van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk voor vergoeding in aanmerking komt. Deze benadeelde partijen hebben deels vergoeding van schade gevorderd, zoals bijvoorbeeld taxikosten, waarbij geen onderbouwing is ingediend. In dat deel van de vordering worden de benadeelde partijen daarom niet-ontvankelijk verklaard. De benadeelde partij kan dit gedeelte van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. Dit betekent dat aan de hierna te noemen benadeelde partijen, die hun vordering gedeeltelijk voldoende hebben onderbouwd, de volgende bedragen worden toegewezen en dat zij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering worden verklaard: Slachtoffernummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen 1 Dhr. [aangever 2] 2125 1912 53 Mw. [aangever 35] 536 336 56 Dhr. [aangever 38] 656 328 81 Dhr. [aangever 62] 1542 308 110 Mw. [aangever 90] 1474 1074 127 Mw. [aangever 106] 2200 826 135 [aangever 112] 1174 1074 139 [aangever 114] 1546 696 143 dhr./mw. [aangever 117] 1464 1214 145 dhr. [aangever 118] 3204 1374 146 [aangever 121] 2336 1272 151 dhr. [aangever 126] 2083,5 1940 162 [aangever 136] 3400 1483 192 dhr. [aangever 161] 981 856 194 [aangever 163] 798 398 195 [aangever 164] 798 398 234 Dhr [aangever 198] 446 396 247 Mw. [aangever 211] 2680 1180 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke afwijzing, gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring materiële schade 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de materiële schade van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk voor vergoeding in aanmerking komt. Deze benadeelde partijen hebben naast het gedeelte dat kan worden toegewezen meer gevorderd, te weten kosten waarvan gebleken is dat dit geen rechtstreekse schade betreft en kosten waarvan geen onderbouwing is ingediend. De benadeelde partij zal voor wat betreft dat laatste deel niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering en kan dit gedeelte van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. De rest van de vordering wordt afgewezen. Dit betekent dat aan de hierna te noemen benadeelde partijen, die hun vordering op dit punt voldoende hebben onderbouwd, de volgende bedragen worden toegewezen, dat de vordering daarnaast met betrekking tot het hierna genoemde bedrag wordt afgewezen en dat de benadeelde partijen voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering worden verklaard: Slachtoffernummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen Materiële schade afgewezen 57 Dhr. [aangever 39] 1854 1506,42 67,58 73 [aangever 55] 2535,5 1060,5 1025 204 [aangever 216] 4002,81 2807,81 1045 Gehele niet-ontvankelijkverklaring materiële schade 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank zal de volgende benadeelde partijen niet-ontvankelijk verklaren in de vordering nu de vorderingen van [aangever 26] en [aangever 125] niet voldoende onderbouwd zijn. Ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [aangever 19] merkt de rechtbank op dat zonder nadere toelichting het verband tussen de namen op de tickets/de betalingsbewijzen en de aangever niet duidelijk is. Ten aanzien van de benadeelde partijen [aangever 30] , [aangever 79] en [aangever 107] heeft, zoals hiervoor is overwogen, te gelden dat deze benadeelde partijen betaald hebben voor aanvang van de bewezen verklaarde pleegperiode. De benadeelde partijen kunnen de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. Slachtoffernummer Gevorderd bedrag Naam 34 752 Dhr. [aangever 19] 42 100 Dhr. [aangever 26] 48 1194 Mw. [aangever 30] 99 600 [aangever 79] 128 1943 Mw. [aangever 107] 150 7,95 Mw. [aangever 125] Gehele afwijzing materiële schade 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank zal de vordering van de benadeelde partij [aangever 171] afwijzen. Reden daarvoor is dat is gebleken dat deze schade reeds volledig is vergoed. Slachtoffernummer Naam 202 [aangever 171] Immateriële schade 10.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich ten aanzien van de gevorderde immateriële schade op het standpunt gesteld dat de benadeelde partijen in dat deel van de vordering niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard, aangezien het gevorderde bedrag onvoldoende met stukken is onderbouwd en/of niet rechtstreeks voortvloeit uit het ten laste gelegde feit. 10.
- Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft geen algemeen standpunt ingenomen ten aanzien van gevorderde immateriële schade. 10.
- Het oordeel van de rechtbank De rechtbank stelt vast dat meerdere benadeelde partijen immateriële schade hebben gevorderd. De rechtbank concludeert uit de vorderingen van de benadeelde partijen dat in sommige gevallen de gevorderde immateriële schade onder materiële schade valt, zoals wanneer benadeelde partijen taxikosten of het prijsverschil met nieuwe tickets onder immateriële schade hebben gevorderd. Omdat kennelijk materiële schade in plaats van immateriële schade is bedoeld, heeft de rechtbank deze schadeposten betrokken bij de beoordeling van de materiële schade. De rechtbank concludeert vervolgens dat een aantal benadeelde partijen immateriële schade heeft gevorderd zonder daarbij een bedrag te vermelden. Nu de wet niet vereist dat de benadeelde partijen een specifiek bedrag aan immateriële schade vordert en de rechtbank de bevoegdheid heeft om dit bedrag te schatten, zal de rechtbank deze vorderingen bij de beoordeling betrekken. Voor vergoeding van ander nadeel dan vermogensschade geldt het bepaalde in artikel 6:106 BW. Immateriële schade komt onder andere voor vergoeding in aanmerking indien een benadeelde partij letsel heeft opgelopen, in zijn eer of goede naam is geschaad of op andere wijze in zijn persoon is aangetast. In de onderhavige zaak zijn de eerste twee categorieën niet aan de orde en moet dus gekeken worden of sprake is van aantasting in de persoon op andere wijze. Van belang hierbij is dat er sprake moet zijn van meer dan psychisch onbehagen en het vereist in het algemeen dat er sprake is van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. Naar zijn aard is bij oplichting in de regel geen sprake van zodanige aantasting in de persoon op andere wijze dat dit een enkel psychisch onbehagen of gekwetst voelen overstijgt. De benadeelde partijen die desondanks een vergoeding van immateriële schade hebben gevorderd, hebben deze vordering niet met stukken onderbouwd waaruit kan worden afgeleid dat bij hen sprake is van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld als gevolg van het bewezen verklaarde. In geen van de zaken waar immateriële schadevergoeding is gevorderd zijn omstandigheden gesteld of gebleken die recht geven op een zodanige vergoeding. De rechtbank zal voor zover de benadeelde partijen immateriële schadevergoeding hebben gevorderd de vordering voor dat deel afwijzen. De rechtbank wijst de door onderstaande benadeelde partijen gevorderde vergoeding voor immateriële schade af: Slachtoffernummer Naam Immateriële schade 5 Dhr. [aangever 3] geen bedrag 8 Dhr. [aangever 1] geen bedrag 27 Dhr./mw. [aangever 15] geen bedrag 29 dhr/mw. [aangever 16] 1000 31 Dhr./mw. [aangever 18] geen bedrag 41 Dhr./Mw. [aangever 25] 100 44 Mw. [aangever 28] geen bedrag 45 Dhr. [aangever 29] 500 57 Dhr. [aangever 39] 1000 63 dhr./Mw. [aangever 45] 2500 64 Dhr. [aangever 46] geen bedrag 70 Dhr. [aangever 51] 500 71 Mw. [aangever 53] geen bedrag 77 Dhr./Mw. [aangever 58] 1400 78 Mw. [benadeelde 3] geen bedrag 95 Dhr./mw. [aangever 75] 10.000 96 Dhr./mw. [aangever 76] 3000 100 Dhr. [aangever 80] geen bedrag 108 [aangever 88] geen bedrag 110 Mw. [aangever 90] 600 128 Mw. [aangever 107] geen bedrag 139 [aangever 114] geen bedrag 168 [aangever 141] 3000 182 [aangever 152] 200 185 dhr./mw. [aangever 155] geen bedrag 186 Mevr. [aangever 156] geen bedrag 204 [aangever 216] 500 206 [aangever 173] 2110 209 [aangever 176] 1000 212 Dhr. [aangever 178] 1300 225 Dhr./mw. [aangever 189] 500 239 Dhr. [aangever 203] geen bedrag 244 Dhr./ Mw. [aangever 208] 10.000 Wettelijke rente, hoofdelijke aansprakelijkheid, kosten en de schadevergoedingsmaatregel 10.
- Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft ten aanzien van alle vorderingen van de benadeelde partijen gevorderd om deze te vermeerderen met de wettelijke rente opgelegd vanaf de dag van betaling door de benadeelde partij. De officier van justitie heeft eveneens gevorderd tot opleggen van de hoofdelijke betalingsverplichting en de schadevergoedingsmaatregel met vervangende hechtenis. 10.
- Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft verzocht om geen hoofdelijke betalingsverplichting op te leggen, omdat medeverdachte [medeverdachte] een veel grotere rol heeft gehad. De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de vermeerdering met de wettelijke rente. 10.
- Het oordeel van de rechtbank Wettelijke rente De rechtbank zal om proceseconomische redenen de toegewezen bedragen vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van volledige betaling. Hoofdelijke aansprakelijkheid Dat de benadeelde partijen schade hebben geleden is mede het gevolg van de bewezen verklaarde handelingen van verdachte. Op grond van artikel 6:102 BW, dat op de vorderingen van de benadeelde partijen van toepassing is, is verdachte daarom hoofdelijk aansprakelijk voor deze schade. Dit betekent dat de benadeelde partijen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] voor de gehele schade kunnen aanspreken. Kosten Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partijen hebben gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zullen maken. Deze kosten worden tot op dit moment begroot op nihil. Schadevergoedingsmaatregel en vervangende hechtenis Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van elke benadeelde partij aan verdachte de hoofdelijke verplichting opleggen tot betaling aan de Staat van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van volledige betaling. De rechtbank overweegt hierbij dat het niet-nakomen van de betalingsverplichting uit hoofde van de schadevergoedingsmaatregel bedreigd wordt met vervangende hechtenis. Deze vervangende hechtenis zou door de onmogelijkheid van verdachte om aan de betalingsverplichting te voldoen in werking kunnen treden, hetgeen in een dergelijk geval is op te vatten als het opleggen van een extra straf. Dit is in strijd met de bedoeling van de regeling van de schadevergoedingsmaatregel. Om te voorkomen dat – in het geval van toepassing van vervangende hechtenis – de oplegging van het totaal van deze maatregelen een punitief karakter krijgt, ziet de rechtbank, aanleiding om de vervangende hechtenis steeds te beperken tot 1 dag per toegewezen vordering van een benadeelde partij. Deze toepassing van de hechtenis heft de betalingsverplichting niet op. De betaling die is gedaan aan de Staat wordt op de verplichting tot betaling aan de desbetreffende benadeelde partij in mindering gebracht. Dit geldt andersom ook indien betaling is gedaan aan de benadeelde partij.
- TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 36f, 48, 57, 63 en 326 van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 12BESLISSING De rechtbank: 12.
- Bewezenverklaring - verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; 12.
- Strafbaarheid - verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 7 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; 12.
- Oplegging straf - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 4 (vier) maanden; 12.
- Benadeelde partijen 12.4.
- Materiële schade Gehele toewijzing: - wijst de vorderingen van de volgende benadeelde partijen geheel toe en veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de volgende benadeelde partijen van de toegewezen bedragen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd: Slachtoffer-nummer Naam Materiële schade toegewezen 2 Mw. [benadeelde 7] 1432 5 Dhr. [aangever 3] 1432 8 Dhr. [aangever 1] 1314 10 Dhr. [benadeelde 8] 1733 12 Mw. [aangever 9] 1432 13 Dhr. [aangever 10] 2052 14 Dhr. [aangever 7] 1432 16 Dhr. [aangever 11] 3600 18 Mw. [aangever 4] 3492 21 Dhr. [aangever 5] 2080 23 Dhr./mw. [aangever 12] 1104 26 Mw. [aangever 14] 676 27 Dhr./mw. [aangever 15] 667 29 dhr/mw. [aangever 16] 1960 38 Mw. [aangever 22] 229 40 Dhr./Mw. [aangever 24] 1392 41 Dhr./Mw. [aangever 25] 218 43 Dhr. [aangever 27] 875 45 Dhr. [aangever 29] 1084,86 49 Dhr. [aangever 31] 448 51 Mw. [aangever 33] 629,06 52 Mw. [aangever 34] 776 54 Dhr./mw. [aangever 36] 1194 58 Dhr. [aangever 40] 836 59 Mw. [aangever 41] 416 61 Dhr. [aangever 42] 1532 63 dhr./Mw. [aangever 45] 1452 64 Dhr. [aangever 46] 1832 70 Dhr. [aangever 51] 756 71 Mw. [aangever 53] 438 75 Dhr./Mw. [benadeelde 9] 1023 77 Dhr./Mw. [aangever 58] 1602 78 Mw. [benadeelde 3] 696 85 Dhr./Mw. [aangever 66] 1224 86 [aangever 67] 714 87 Dhr./mw. [aangever 68] 1651 88 [aangever 69] 1632 89 Mw. [aangever 70] 796 91 Dhr. [aangever 71] 676 94 Mw. [aangever 74] 338 95 Dhr./mw. [aangever 75] 1740 103 Mw. [aangever 83] 1264 108 [aangever 88] 1115 111 Dhr. [aangever 91] 965 115 Dhr/Mw. [aangever 95] 1164 117 Dhr./mw. [aangever 97] 218 121 Mw. [aangever 100] 1312 125 Dhr. [aangever 104] 932 136 [benadeelde 10] 1404 137 [benadeelde 11] 1224 140 [aangever 115] 2032 144 Mevr. [aangever 117] 1472 148 Mw. [aangever 123] 1400 149 Mw. [aangever 124] 1292 152 dhr. [benadeelde 12] 1462 154 [aangever 128] 545 155 [aangever 129] (e.v. [aangever 129] ) 756 156 [aangever 130] 328 158 [aangever 132] 1712 159 [aangever 133] 476 164 Dhr. [aangever 137] 2277 170 [benadeelde 4] 1194 182 [aangever 152] 1352 184 dhr./mw. [aangever 154] 1702 186 Mevr. [aangever 156] 984 197 Mw. [aangever 166] 1074 198 Dhr. [aangever 167] 436 199 [aangever 168] 2180 201 [aangever 170] 308 206 [aangever 173] 2110 207 dhr. [aangever 174] 516 208 Mw. [aangever 175] 676 209 [aangever 176] 468 211 [aangever 177] 1264 212 Dhr. [aangever 178] 1020 216 Dhr. [aangever 180] 348 218 Mw. [aangever 182] 209 222 Dhr. [aangever 186] 357 224 Dhr./mw. [aangever 188] 2998 225 Dhr./mw. [aangever 189] 776 228 Mw. [aangever 192] 436 231 Dhr. [aangever 195] 856 232 Dhr. [aangever 196] 694 233 Dhr. [aangever 197] 1872 237 Mw. [aangever 201] 418 239 Dhr. [aangever 203] 1004 242 Mw. [aangever 206] 1374 246 Dhr./mw. [aangever 210] 278 250 Dhr. [benadeelde 6] 378 252 Mw. [aangever 215] 219 255 Dhr. [benadeelde 17] 628 256 Mw. [aangever 193] 338 260 [aangever 194] en [benadeelde 18] 849,8 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke afwijzing - wijst de vorderingen van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk toe en veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de volgende benadeelde partijen van de toegewezen bedragen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd en wijst de vordering voor wat betreft het meer gevorderde af: Slachtoffernummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen 3 Mw. [benadeelde 1] 3756,24 1912 25 Dhr. [aangever 13] 3312 2152 30 Dhr./mw. [aangever 15] 2952 1560 31 Dhr./mw. [aangever 18] 3790 1840 33 Dhr./mw. [benadeelde 2] 2050 1294 44 Mw. [aangever 28] 877,99 399,99 60 Mw. [aangever 43] 873 466 67 Dhr./mw. [aangever 49] geen bedrag 965 93 [aangever 73] 2531 1462 96 Dhr./mw. [aangever 76] 2004 1268 100 Dhr. [aangever 80] 2864,98 1689,98 123 Dhr. [aangever 102] 1116 915 131 [aangever 109] 2652 1461 144 Dhr. [aangever 118] 3542 2150 153 [aangever 127] 4365,2 2375,2 157 Mw. [aangever 131] 1270,5 696 161 [aangever 135] 800 656 167 [benadeelde 13] 3453,7 1813,7 168 [aangever 141] 2292 1292 178 [aangever 150] 2690 1790 185 dhr./mw. [aangever 155] 490 217 Mw. [aangever 181] 1727,5 989,5 244 Dhr./ Mw. [aangever 208] 723 385 249 Dhr. [aangever 212] 792 358 Gedeeltelijke toewijzing en voor het overige niet-ontvankelijk - wijst de vorderingen van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk toe en veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de volgende benadeelde partijen van de toegewezen bedragen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd en verklaart de benadeelde partijen voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter: Slachtoffernummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen 1 Dhr. [aangever 2] 2125 1912 53 Mw. [aangever 35] 536 336 56 Dhr. [aangever 38] 656 328 81 Dhr. [aangever 62] 1542 308 110 Mw. [aangever 90] 1474 1074 127 Mw. [aangever 106] 2200 826 135 [aangever 112] 1174 1074 139 [aangever 114] 1546 696 143 dhr./mw. [aangever 117] 1464 1214 145 dhr. [aangever 118] 3204 1374 146 [aangever 121] 2336 1272 151 dhr. [aangever 126] 2083,5 1940 162 [aangever 136] 3400 1483 192 dhr. [aangever 161] 981 856 194 [aangever 163] 798 398 195 [aangever 164] 798 398 234 Dhr [aangever 198] 446 396 247 Mw. [aangever 211] 2680 1180 Gedeeltelijke toewijzing, gedeeltelijke afwijzing en voor het overige niet-ontvankelijk - wijst de vorderingen van de volgende benadeelde partijen gedeeltelijk toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de volgende benadeelde partijen van de toegewezen bedragen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van de algehele voldoening en wijst daarnaast de vorderingen voor het hierna genoemde bedrag af en verklaart de benadeelde partijen voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter: Slachtoffer-nummer Naam Materiële schade gevorderd Materiële schade toegewezen Materiële schade afgewezen 57 Dhr. [aangever 39] 1854 1506,42 67,58 73 [aangever 55] 2535,5 1060,5 1025 204 [aangever 216] 4002,81 2807,81 1045 Niet-ontvankelijk - verklaart de volgende benadeelde partijen niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter: Slachtoffer-nummer Gevorderd bedrag Naam 34 752 Dhr. [aangever 19] 42 100 Dhr. [aangever 26] 48 1194 Mw. [aangever 30] 99 600 [aangever 79] 128 1943 Mw. [aangever 107] 150 7,95 Mw. [aangever 125] Kosten - veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; Schadevergoedingsmaatregel en vervangende hechtenis - legt verdachte de hoofdelijke verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van de volgende benadeelde partijen, de volgende bedragen te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 september 2015 tot de dag van de algehele voldoening, bij niet betaling steeds bij elke vordering aan te vullen met 1 dag hechtenis; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed; Slachtoffer- nummer Naam Materiële schade toegewezen 1 Dhr. [aangever 2] 1912 2 Mw. [benadeelde 7] 1432 3 Mw. [benadeelde 1] 1912 5 Dhr. [aangever 3] 1432 8 Dhr. [aangever 1] 1314 10 Dhr. [benadeelde 8] 1733 12 Mw. [aangever 9] 1432 13 Dhr. [aangever 10] 2052 14 Dhr. [aangever 7] 1432 16 Dhr. [aangever 11] 3600 18 Mw. [aangever 4] 3492 21 Dhr. [aangever 5] 2080 23 Dhr./mw. [aangever 12] 1104 25 Dhr. [aangever 13] 2152 26 Mw. [aangever 14] 676 27 Dhr./mw. [aangever 15] 667 29 Dhr/mw. [aangever 16] 1960 30 Dhr./mw. [aangever 15] 1560 31 Dhr./mw. [aangever 18] 1840 33 Dhr./mw. [benadeelde 2] 1294 38 Mw. [aangever 22] 229 40 Dhr./Mw. [aangever 24] 1392 41 Dhr./Mw. [aangever 25] 218 43 Dhr. [aangever 27] 875 44 Mw. [aangever 28] 399,99 45 Dhr. [aangever 29] 1084,86 49 Dhr. [aangever 31] 448 51 Mw. [aangever 33] 629,06 52 Mw. [aangever 34] 776 53 Mw. [aangever 35] 336 54 Dhr./mw. [aangever 36] 1194 56 Dhr. [aangever 38] 328 57 Dhr. [aangever 39] 1506,42 58 Dhr. [aangever 40] 836 59 Mw. [aangever 41] 416 60 Mw. [aangever 43] 466 61 Dhr. [aangever 42] 1532 63 dhr./Mw. [aangever 45] 1452 64 Dhr. [aangever 46] 1832 67 Dhr./mw. [aangever 49] 965 70 Dhr. [aangever 51] 756 71 Mw. [aangever 53] 438 73 [aangever 55] 1060,5 75 Dhr./Mw. [benadeelde 9] 1023 77 Dhr./Mw. [aangever 58] 1602 78 Mw. [benadeelde 3] 696 81 Dhr. [aangever 62] 308 85 Dhr./Mw. [aangever 66] 1224 86 [aangever 67] 714 87 Dhr./mw. [aangever 68] 1651 88 [aangever 69] 1632 89 Mw. [aangever 70] 796 91 Dhr. [aangever 71] 676 93 [aangever 73] 1462 94 Mw. [aangever 74] 338 95 Dhr./mw. [aangever 75] 1740 96 Dhr./mw. [aangever 76] 1268 100 Dhr. [aangever 80] 1689,98 103 Mw. [aangever 83] 1264 108 [aangever 88] 1115 110 Mw. [aangever 90] 1074 111 Dhr. [aangever 91] 965 115 Dhr/Mw. [aangever 95] 1164 117 Dhr./mw. [aangever 97] 218 121 Mw. [aangever 100] 1312 123 Dhr. [aangever 102] 915 125 Dhr. [aangever 104] 932 127 Mw. [aangever 106] 826 131 [aangever 109] 1461 135 [aangever 112] 1074 136 [benadeelde 10] 1404 137 [benadeelde 11] 1224 139 [aangever 114] 696 140 [aangever 115] 2032 143 dhr./mw. [aangever 119] 1214 144 Dhr. [aangever 118] 2150 144 Mevr. [aangever 117] 1472 145 dhr. [aangever 118] 1374 146 [aangever 121] 1272 148 Mw. [aangever 123] 1400 149 Mw. [aangever 124] 1292 151 dhr. [aangever 126] 1940 152 dhr. [benadeelde 12] 1462 153 [aangever 127] 2375,2 154 [aangever 128] 545 155 [aangever 129] (e.v. [aangever 129] ) 756 156 [aangever 130] 328 157 Mw. [aangever 131] 696 158 [aangever 132] 1712 159 [aangever 133] 476 161 [aangever 135] 656 162 [aangever 136] 1483 164 Dhr. [aangever 137] 2277 167 [benadeelde 13] 1813,7 168 [aangever 141] 1292 170 [benadeelde 4] 1194 178 [aangever 150] 1790 182 [aangever 152] 1352 184 dhr./mw. [aangever 154] 1702 185 dhr./mw. [aangever 155] 490 186 Mevr. [aangever 156] 984 192 dhr. [aangever 161] 856 194 [aangever 163] 398 195 [aangever 164] 398 197 Mw. [aangever 166] 1074 198 Dhr. [aangever 167] 436 199 [aangever 168] 2180 201 [aangever 170] 308 204 [aangever 216] 2807,81 206 [aangever 173] 2110 207 dhr. [aangever 174] 516 208 Mw. [aangever 175] 676 209 [aangever 176] 468 211 [aangever 177] 1264 212 Dhr. [aangever 178] 1020 216 Dhr. [aangever 180] 348 217 Mw. [aangever 181] 989,5 218 Mw. [aangever 182] 209 222 Dhr. [aangever 186] 357 224 Dhr./mw. [aangever 188] 2998 225 Dhr./mw. [aangever 189] 776 228 Mw. [aangever 192] 436 231 Dhr. [aangever 195] 856 232 Dhr. [aangever 196] 694 233 Dhr. [aangever 197] 1872 234 Dhr [aangever 198] 396 237 Mw. [aangever 201] 418 239 Dhr. [aangever 203] 1004 242 Mw. [aangever 206] 1374 244 Dhr./ Mw. [aangever 208] 385 246 Dhr./mw. [aangever 210] 278 247 Mw. [aangever 211] 1180 249 Dhr. [aangever 212] 358 250 Dhr. [benadeelde 6] 378 252 Mw. [aangever 215] 219 255 Dhr. [benadeelde 17] 628 256 Mw. [aangever 193] 338 260 [aangever 194] en [benadeelde 18] 849,8 Hoofdelijke aansprakelijkheid - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed; Gehele afwijzing - wijst de vordering tot vergoeding van materiële schade van de volgende benadeelde partij af: Slachtoffernummer Naam 202 [aangever 171] 12.4.
- Immateriële schadevergoeding - wijst de vordering tot vergoeding van immateriële schade van de volgende benadeelde partijen af: Slachtoffernummer Naam 5 Dhr. [aangever 3] 8 Dhr. [aangever 1] 27 Dhr./mw. [aangever 15] 29 dhr/mw. [aangever 16] 31 Dhr./mw. [aangever 18] 41 Dhr./Mw. [aangever 25] 44 Mw. [aangever 28] 45 Dhr. [aangever 29] 57 Dhr. [aangever 39] 63 dhr./Mw. [aangever 45] 64 Dhr. [aangever 46] 70 Dhr. [aangever 51] 71 Mw. [aangever 53] 77 Dhr./Mw. [aangever 58] 78 Mw. [benadeelde 3] 95 Dhr./mw. [aangever 75] 96 Dhr./mw. [aangever 76] 100 Dhr. [aangever 80] 108 [aangever 88] 110 Mw. [aangever 90] 128 Mw. [aangever 107] 139 [aangever 114] 168 [aangever 141] 182 [aangever 152] 185 dhr./mw. [aangever 155] 186 Mevr. [aangever 156] 204 [aangever 216] 206 [aangever 173] 209 [aangever 176] 212 Dhr. [aangever 178] 225 Dhr./mw. [aangever 189] 239 Dhr. [aangever 203] 244 Dhr./ Mw. [aangever 208] Dit vonnis is gewezen door mr. I.J.B. Corbeij, voorzitter, mrs. D. Riani el Achhab en M.C. Danel, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.H. Batavier, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 24 december
- Bijlage: de tenlastelegging Aan [verdachte] is ten laste gelegd dat: Primair Hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 4 oktober 2014 tot en met 31 augustus 2015 te Utrecht, Lelystad, Hilversum, Zaandam, Amsterdam, 's-Gravenhage, Katwijk, Berkel en Rodenrijs, Rijnsburg, Assendelft, Volendam, Zuidlaren, Werkendam, Hattem, Vlaardingen, Drunen, Leerdam, Harderwijk en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of een of meer ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam, een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of een samenweefsel van verdichtsels, 227, althans één of meer perso(o)n(en) (zoals vermeld op de lijst(en) op de pagina('s) 98 tot en met 102) heeft bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en) (totaal: 206.921,- euro) (zijnde: (aan)betaling(en) voor (vlieg)ticket(s)), in elk geval enig goed, onder meer de navolgende personen, voor het/de volgende geldbedrag(en):
- [aangever 1] , tot de afgifte van 1314 euro en/of
- [benadeelde 1] , tot de afgifte van 1912 euro en/of
- [benadeelde 19] , tot de afgifte van 1940 euro en/of
- [aangever 2] , tot de afgifte van 2410 euro en/of
- [benadeelde 7] , tot de afgifte van 1432 euro en/of
- [aangever 3] , tot de afgifte van 1432 en/of
- [aangever 4] , tot de afgifte van 3492 euro en/of
- [aangever 5] , tot de afgifte van 1912 euro en/of
- [benadeelde 14] , tot de afgifte van 1832 euro en/of
- [aangever 7] , tot de afgifte van 1432 euro en/of
- [benadeelde 20] , tot de afgifte van 1252 euro en/of
- [benadeelde 21] , tot de afgifte van 1352 euro en/of
- [aangever 8] , tot de afgifte van 2040 euro en/of
- [benadeelde 8] , tot de afgifte 1733 euro en/of
- [benadeelde 22] , tot de afgifte van 1552 euro en/of
- [aangever 9] , tot de afgifte van 1432 euro en/of
- [aangever 10] , tot de afgifte van 1294 euro en/of
- [benadeelde 23] en/of [benadeelde 24] , tot de afgifte van 2100 euro en/of
- [aangever 11] , tot de afgifte van 2928 euro en/of
- [benadeelde 25] , tot de afgifte van 1478 euro en/of
- [benadeelde 26] , tot de afgifte van 1952 euro en/of
- [benadeelde 27] , tot de afgifte van 2160 euro, door (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid, - aan (een) bovengenoemd(e) perso(o)n(en) zich voor te doen en/of zich te blijven voordoen als bonafide/betrouwbare verkoper van (een) vliegticket(s), middels het bedrijf [bedrijf 1] en/of [bedrijf 2] , waarbij hij valselijk en/of listiglijk gebruik heeft gemaakt van de in het maatschappelijk en/of handelsverkeer geldende gewoonte dat dergelijke aankopen vooraf worden betaald, terwijl deze vluchten (telkens) niet werden geleverd en/of - aan (een) bovengenoemd(e) perso(o)n(en) te doen voorkomen dat de door hem/haar/hen geboekte (vlieg)ticket(s) definitief was/waren en/of hem/haar/hen daartoe (een) bevestiging(en) toe te sturen en/of aan (een) bovengenoemd(e) perso(o)n(en) (een) (elektronische) vliegticket(s) en/of (een) vluchtcoupon(s) en/of (een) ander (reis)bescheid(en) van [luchtvaartmaatschappij 1] en/of [luchtvaartmaatschappij 2] en/of [luchtvaartmaatschappij 3] en/of [luchtvaartmaatschappij 4] en/of één of meer ander(e) vliegtuigmaatschappij(en) te overhandigen en/of toe te sturen terwijl deze (elektronische) vliegticket(s) en/of vluchtcoupon(s) en/of ander(e) (reis)bescheiden in feite geen recht gaven tot de betreffen vlucht(en) en/of - aan (een) bovengenoemde perso(o)n(en) te doen voorkomen dat zij een vlucht geboekt had(den), terwijl er in feite door hem, verdachte en/of één of meer van zijn mededader(s), geen vlucht voor die perso(o)n(en) was geboekt, waardoor voornoemd(e) perso(o)n(en) (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte(n); art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht Subsidiair [medeverdachte] op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 4 oktober 2014 tot en met 31 augustus 2015 te Utrecht, Lelystad, Hilversum, Zaandam, Amsterdam, 's-Gravenhage, Katwijk, Berkel en Rodenrijs, Rijnsburg, Assendelft, Volendam, Zuidlaren, Werkendam, Hattem, Vlaardingen, Drunen, Leerdam, Harderwijk en/of elder in Nederland, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en / of door een samenweefsel van verdichtsels, 227, althans één of meer perso(o)n(en) (zoals vermeld op de lijst(en) op de pagina('s) 98 tot en met 102) heeft bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en) (totaal: 206.921,- euro) (zijnde: (aan)betaling(en) voor (vlieg)ticket(s)), in elk geval enig goed, onder meer de navolgende personen, voor het/de volgende geldbedrag(en):
- [aangever 1] , tot de afgifte van 1314 euro en/of
- [benadeelde 1] , tot de afgifte van 1912 euro en/of
- [benadeelde 19] , tot de afgifte van 1940 euro en/of
- [aangever 2] , tot de afgifte van 2410 euro en/of
- [benadeelde 7] , tot de afgifte van 1432 euro en/of
- [aangever 3] , tot de afgifte van 1432 en/of
- [aangever 4] , tot de afgifte van 3492 euro en/of
- [aangever 5] , tot de afgifte van 1912 euro en/of
- [benadeelde 14] , tot de afgifte van 1832 euro en/of
- [aangever 7] , tot de afgifte van 1432 euro en/of
- [benadeelde 20] , tot de afgifte van 1252 euro en/of
- [benadeelde 21] , tot de afgifte van 1352 euro en/of
- [aangever 8] , tot de afgifte van 2040 euro en/of
- [benadeelde 8] , tot de afgifte 1733 euro en/of
- [benadeelde 22] , tot de afgifte van 1552 euro en/of
- [aangever 9] , tot de afgifte van 1432 euro en/of
- [aangever 10] , tot de afgifte van 1294 euro en/of
- [benadeelde 23] en/of [benadeelde 24] , tot de afgifte van 2100 euro en/of 19.