RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Lelystad Parketnummer: 16/295167-19 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 23 maart 2020 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [2000] te [geboorteplaats] , wonende aan de [adres] , [woonplaats] . 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 9 maart
(2)jaren vast; - als voorwaarden gelden dat verdachte: * zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit; * ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt; * medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen; - stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte gedurende de proeftijd: * zich binnen drie dagen na het ingaan van de proeftijd meldt bij Reclassering Nederland op het adres De Meent 4, 8224 BR Lelystad. Verdachte dient zich te blijven melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt om het reclasseringstoezicht uit te voeren. De verdachte moet zich houden aan de aanwijzingen die de reclassering hem geeft, voor zover deze niet reeds zijn opgenomen in een andere bijzondere voorwaarde; * wordt verplicht om zich te laten behandelen voor zijn verslavingsproblematiek bij Tactus, of soortgelijke zorgverlener, zulks ter beoordeling van de reclassering, waarbij de verdachte zich zal houden aan de aanwijzingen die haar in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt; * wordt verplicht om zich te laten behandelen bij de Waag, of soortgelijke zorgverlener, zulks ter beoordeling van de reclassering waarbij de verdachte zich zal houden aan de aanwijzingen die haar in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt; Benadeelde partij - wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 6.258,20; - veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 december 2019 tot de dag van volledige betaling; - legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 6.258,20 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 december 2019 tot de dag van volledige betaling; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed; - veroordeelt verdachte ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op € 300,00; Dit vonnis is gewezen door mr. drs. A.M. Crouwel, voorzitter, mrs. M. Ferschtman en J. Wiersma, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.A.L. van Dreumel, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 23 maart
- Mr. A.M. Crouwel, mr. J. Wiersma en de griffier zijn buiten staat het vonnis te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: 1 hij, op of omstreeks 8 december 2019 te Laren, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 1] (hoofdagent van de politie Eenheid Midden-Nederland) opzettelijk van het leven te beroven, meermalen, althans eenmaal, (met kracht) heeft getrapt en/of geschopt in het gezicht, althans tegen het hoofd, van voornoemde [slachtoffer 1] en/of (vervolgens) meermalen, althans eenmaal, (met kracht) heeft geslagen/gestompt in het gezicht, althans tegen het hoofd, van voornoemde [slachtoffer 1] en/of heeft geslagen/gestompt in de richting van het gezicht, althans het hoofd, van voornoemde [slachtoffer 1] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: hij op of omstreeks 8 december 2019 te Laren ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 1] (hoofdagent van de politie Eenheid Midden-Nederland) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen meermalen, althans eenmaal, (met kracht) heeft getrapt en/of geschopt in het gezicht, althans tegen het hoofd, van voornoemde [slachtoffer 1] en/of (vervolgens) meermalen, althans eenmaal, (met kracht) heeft geslagen/gestompt in het gezicht, althans tegen het hoofd, van voornoemde [slachtoffer 1] en/of heeft geslagen/gestompt in de richting van het gezicht, althans het hoofd, van voornoemde [slachtoffer 1] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; 2 hij, op of omstreeks 8 december 2019 te Laren, althans in Nederland, [slachtoffer 2] heeft mishandeld door voornoemde [slachtoffer 2] (met kracht) in het gezicht, althans op het lichaam, te slaan/stompen; Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 11 december 2019, genummerd PL0900-2019368569, opgemaakt door politie Eenheid Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met
- Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina
- Pagina 50.