← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2020:1562

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 19/3290 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 april 2020 in de zaak tussen [eiser] , te [woonplaats] , eiser, en Erasmus School Law, verweerder (gemachtigde: mr. W.E. Pors). Procesverloop Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend op 23 augustus 2019 tegen het besluit van verweerder van 12 juli

  1. Overwegingen
  2. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Het beroepschrift voldoet niet aan de wettelijke eisen, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
  3. Iemand die namens een ander in beroep gaat moet, als de rechtbank daar om vraagt, een machtiging indienen waar in staat dat hij dat namens die ander mag doen. Dit staat in artikel 8:24 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Als dat niet gebeurt is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom er geen machtiging is ingediend. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
  4. De rechtbank heeft eiser op 18 september 2019 een brief gestuurd, waarin staat dat eiser binnen vier weken een machtiging moet indienen, waar in staat dat [A] het goed vindt dat eiser namens hem optreedt. Eiser heeft niet gereageerd op deze brief.
  5. De rechtbank heeft eiser bij aangetekende brief van 19 december 2019 nogmaals verzocht om een machtiging te overleggen. In de brief staat dat als eiser niet aan dit verzoek voldoet, de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk kan verklaren. Blijkens de track & trace code is de brief afgehaald, dat betekent dat eiser de brief heeft ontvangen. Eiser heeft vervolgens niet op dit verzoek gereageerd.
  6. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb).
  7. Verweerder hoeft geen proceskosten te betalen. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, rechter, in aanwezigheid van mr. A.G.C. Bulten, griffier op 21 april
  8. Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak alsnog in het openbaar uitgesproken. De rechter en de griffier zijn verhinderd de uitspraak te ondertekenen. griffier rechter Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.