RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16/186647-20 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 12 mei 2021 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1989] te [geboorteplaats] (Kazachstan), zonder vaste woon- of verblijfplaats, thans gedetineerd in het Centrum voor Transculturele Psychiatrie Veldzicht te Balkbrug. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 28 oktober 2020, 11 januari 2021, 29 maart 2021 en 29 april
(12)maanden; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht. Dit vonnis is gewezen door mr. J.G. van Ommeren, voorzitter, mrs. G. Perrick en A. Bouteibi, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. Broere, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 12 mei 2021. mr. A. Bouteibi is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: hij, op of omstreeks 9 maart 2020, te [adres] , gemeente [gemeente] , althans in het arrondissement Midden-Nederland, opzettelijk brand heeft gesticht in kamer [nummer] van het Asielzoekerscentrum (locatie de [adres] te [adres] ), immers heeft verdachte toen aldaar - opzettelijk in die kamer papier en/of kleding en/of beddengoed opgestapeld (op een matras) en/of (vervolgens) in brand gestoken, - in elk geval opzettelijk open vuur in aanraking gebracht en/of laten komen met enig in die kamer aanwezig brandbaar materiaal, althans met een brandbare stof, ten gevolge waarvan die kamer en/of papier en/of kleding en/of beddengoed en/of een matras geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor de (overige) inboedel van die kamer en/of een of meer belendende kamer(
- s)en/of voor de inboedel van die belendende kamer(s), in elk geval gemeen gevaar voor goederen is ontstaan en/of ten gevolge waarvan levensgevaar en/of zwaar lichamelijk letsel voor een of meer in die belendende kamer(
- s)aanwezige perso(o)n(
- en)en/of voor in dat Asielzoekerscentrum aanwezig personeel, in elk geval voor een of meer anderen levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel te duchten was; (Artikel art 157 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht, art 157 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht) Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, genummerd 2020072747, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 41. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Een proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2020, opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , pagina 22. Een geschrift, te weten een NFI-rapport van 4 maart 2021, opgesteld door ir. J.H.L.M. Lelieveld, pagina 12. Een geschrift, te weten een NFI-rapport van 22 april 2021, opgesteld door ir. J.H.L.M. Lelieveld, pagina 5. Een geschrift, te weten een NFI-rapport van 22 april 2021, opgesteld door ir. J.H.L.M. Lelieveld, pagina 6. Een geschrift, te weten een NFI-rapport van 22 april 2021, opgesteld door ir. J.H.L.M. Lelieveld, pagina 7.