RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Lelystad Parketnummer: 16/036458-20 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 3 februari 2021 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1999] te [geboorteplaats] , ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres: [woonplaats] , [adres] , nu gedetineerd in Justitieel Complex Zaanstad te Westzaan, hierna te noemen: verdachte. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 22 april 2020, 17 juli 2020, 23 september 2020, 2 december 2020 en 20 januari
(14)jaren; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; Beslag - verklaart het volgende voorwerp verbeurd: 13. Personenauto (kenteken: [kenteken] ); - verklaart de volgende voorwerpen onttrokken aan het verkeer: 1. Munitie (omschrijving: kogelpunt van deurmat in de hal); 2. Munitie (huls) (omschrijving: woonkamer); 3. Kogelpatroon (omschrijving: woonkamer); 4. Munitie (huls); 5. Munitie (omschrijving: woonkamer, op vloer achter plant); 6. Munitie (omschrijving: voorraadkast, woonkamer); 7. Munitie (omschrijving: uit onderbroek van het slachtoffer); 8. Munitie (omschrijving: projectiel trapkast hal); 9. Doos (omschrijving: roodgroene schoenendoos met drugs/drugsattributen uit tuin buren); 10. Verdovende middelen (omschrijving: Dsquared doos uit tuin buren, zwartgrijze schoenendoos met drugs/drugsattributen); 11. Verdovende middelen (omschrijving: pannetje met cocaïne); 12. Recept (omschrijving: woonkamer); 14. Munitie (mund projectiel) (omschrijving: uit been slachtoffer met kleine metalen fragmentjes); 15. Munitie (mund projectiel) (omschrijving: uit borst slachtoffer tijdens sectie); 16. Munitie (omschrijving: woonkamer); 17. Verdovende middelen (omschrijving: flesje met mogelijk GHB); 18. Verdovende middelen (omschrijving: flesje met mogelijk GHB); Benadeelde partij [benadeelde 1] - wijst de vordering van [benadeelde 1] toe tot een bedrag van € 29.404,32, bestaande uit een bedrag van € 11.904,32 als vergoeding voor materiële schade en een bedrag van € 17.500 als vergoeding voor immateriële schade; - veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd; - verklaart [benadeelde 1] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; - veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; - legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [benadeelde 1] aan de Staat € 29.404,32 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de volledige betaling, bij niet-betaling aan te vullen met 91 dagen gijzeling; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op één van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partij dan wel aan de Staat heeft vergoed; Benadeelde partij [benadeelde 2] - wijst de vordering van [benadeelde 2] toe tot een bedrag van € 17.500,00 als vergoeding voor immateriële schade; - veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd; - verklaart [benadeelde 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; - veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; - legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [benadeelde 2] aan de Staat € 17.500,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de volledige betaling, bij niet-betaling aan te vullen met 61 dagen gijzeling; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op één van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partij dan wel aan de Staat heeft vergoed; Benadeelde partij [benadeelde 3] - verklaart [benadeelde 3] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; Benadeelde partij [benadeelde 4] - wijst de vordering van [benadeelde 4] toe tot een bedrag van € 23.270,00, bestaande uit een bedrag van € 3.270,00 als vergoeding voor materiële schade en een bedrag van € 20.000,00 als vergoeding voor immateriële schade; - veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde 4] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd; - verklaart [benadeelde 4] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; - veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; - legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [benadeelde 4] aan de Staat € 23.270,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de volledige betaling, bij niet-betaling aan te vullen met 75 dagen gijzeling; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op één van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partij dan wel aan de Staat heeft vergoed; Benadeelde partij [benadeelde 5] - wijst de vordering van [benadeelde 5] toe tot een bedrag van € 20.000,00; - veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde 5] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd; - verklaart [benadeelde 5] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; - veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; - legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [benadeelde 5] aan de Staat € 20.000,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de volledige betaling, bij niet-betaling aan te vullen met 67 dagen gijzeling; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op één van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partij dan wel aan de Staat heeft vergoed; Benadeelde partij [benadeelde 6] - wijst de vordering van [benadeelde 6] toe tot een bedrag van € 20.000,00; - veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde 6] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd; - verklaart [benadeelde 6] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; - veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; - legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [benadeelde 6] aan de Staat € 20.000,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de volledige betaling, bij niet-betaling aan te vullen met 67 dagen gijzeling; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op één van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partij dan wel aan de Staat heeft vergoed; Benadeelde partij [slachtoffer 1] - wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 28.658,02, bestaande uit een bedrag van € 1.158,02 als vergoeding van materiële schade en een bedrag van € 27,500,00 als vergoeding van immateriële schade; - veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd; - verklaart [slachtoffer 1] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; - veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; - legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 28.658,02 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 december 2019 tot de dag van de volledige betaling, bij niet-betaling aan te vullen met 89 dagen gijzeling; - bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op één van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partij dan wel aan de Staat heeft vergoed. Dit vonnis is gewezen door mr. W.S. Ludwig, voorzitter, mrs. H. den Haan en H.J. Bos, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.S. Valk, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 februari 2021. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: Feit 1 hij, op of omstreeks 21 december 2019, te Almere, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) of meer ander(en), althans alleen, [slachtoffer 2] opzettelijk van het leven heeft beroofd, door meermalen, althans eenmaal, met een vuurwapen (meerdere) kogel(
- s)in de borst en/of het (boven)been, althans het lichaam, van die [slachtoffer 2] te schieten en/of af te vuren, ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer 2] is overleden, welke doodslag werd gevolgd, vergezeld en/of voorafgegaan van enig strafbaar feit, te weten- een diefstal (met geweld) in vereniging van een hoeveelheid geld en/of een hoeveelheid verdovende middelen en/of een tas van het merk Levi (met inhoud, te weten onder meer een geldbedrag van in totaal ongeveer 150 euro) (strafbaar gesteld in (
- de)artikel(
- en)312/310 van het Wetboek van Strafrecht), en welke doodslag werd gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van dat feit voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of aan andere deelnemers aan dat feit straffeloosheid en/of het bezit van het wederrechtelijk verkregene te verzekeren; Feit 2 hij, op of omstreeks 21 december 2019, te Almere, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) of meer ander(en), althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een hoeveelheid geld en/of een hoeveelheid verdovende middelen en/of een tas van het merk Levi (met inhoud, te weten onder meer een geldbedrag van in totaal ongeveer 150 euro), in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(
- s)toebehoorde, te weten aan [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] , welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door- tegen die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] te roepen/schreeuwen "Geef mij de tas" en/of "Geef me" en/of "Ik schiet je" en/of "Ik vermoord je", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans eenmaal, tegen/op het hoofd, althans het lichaam van die [slachtoffer 1] , te slaan en/of te stompen en/of- meermalen, althans eenmaal, met een vuurwapen (meerder) kogel(
- s)in de borst en/of het bovenbeen, althans het lichaam van die [slachtoffer 2] te schieten, tengevolge waarvan voornoemde [slachtoffer 2] is overleden; Feit 3 hij, op of omstreeks 21 december 2019, te Almere, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met (een) of meer ander(en), althans alleen, [slachtoffer 1] opzettelijk van het leven te beroven, meermalen, althans eenmaal, met een vuurwapen (meerdere) kogel(
- s)op, althans in de richting van het lichaam van die [slachtoffer 1] heeft/hebben geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot doodslag werd gevolgd, vergezeld en/of voorafgegaan van enig strafbaar feit, te weten- een diefstal (met geweld) in vereniging van een hoeveelheid geld en/of een hoeveelheid verdovende middelen en/of een tas van het merk Levi (met inhoud, te weten onder meer een geldbedrag van in totaal ongeveer 150 euro) (strafbaar gesteld in (
- de)artikel(
- en)312/310 van het Wetboek van Strafrecht), en welke poging tot doodslag werd gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van dat feit voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of aan andere deelnemers aan dat feit straffeloosheid en/of het bezit van het wederrechtelijk verkregene te verzekeren. Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers, betreffen dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij: - het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 5 juni 2020, voorzien van proces-verbaalnummer 2019381902, opgemaakt door politie Midden-Nederland en doorgenummerd pagina 1 tot en met 798 (hierna te noemen: Algemeen dossier), - het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 4 juni 2020, voorzien van proces-verbaalnummer 2019381902, opgemaakt door politie Midden-Nederland en doorgenummerd pagina 1 tot en met 260 (hierna te noemen: Forensisch dossier deel 1), - het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 4 juni 2020, voorzien van proces-verbaalnummer 2019381902, opgemaakt door politie Midden-Nederland en doorgenummerd pagina 261 tot en met 508 (hierna te noemen: Forensisch dossier deel 2), of - het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 5 februari 2020, voorzien van proces-verbaalnummer 2019266475, opgemaakt door politie Amsterdam en doorgenummerd pagina 1 tot en met 53 (hierna te noemen: Zaaksdossier onderzoek Bernburg). Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Algemeen dossier, pagina’s 1 en 2. Algemeen dossier, pagina’s 265 en 266. Algemeen dossier, pagina 82. Algemeen dossier, pagina 554. Algemeen dossier, pagina 565 en 566. Algemeen dossier, pagina 554. Algemeen dossier, pagina 561 t/m 564. Algemeen dossier, pagina 554. Forensisch dossier deel 2, pagina 441. Algemeen dossier, pagina 11. Forensisch dossier deel 2, pagina 264. Algemeen dossier, pagina 11. Algemeen dossier, pagina’s 36 en 37. Algemeen dossier, pagina 48. Algemeen dossier, pagina 50. Algemeen dossier, pagina 12. Nederlands Forensisch Instituut, Pathologieonderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet-natuurlijke dood van 13 mei 2020, pagina 5. Nederlands Forensisch Instituut, Pathologieonderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet-natuurlijke dood van 13 mei 2020, pagina 6. Forensisch dossier deel 1, pagina 197. Algemeen dossier, pagina 76. Algemeen dossier, pagina 156. Algemeen dossier, pagina 286. Algemeen dossier, pagina’s 288 en 289. Algemeen dossier, pagina 290. Algemeen dossier, pagina 159. Algemeen dossier, pagina 159. Algemeen dossier, pagina’s 369 en 370. Algemeen dossier, pagina 369. Algemeen dossier, pagina 83. Algemeen dossier, pagina 83. Algemeen dossier, pagina 154. Algemeen dossier, pagina 153. Algemeen dossier, pagina 84. Algemeen dossier, pagina 160. Algemeen dossier, pagina 70. Algemeen dossier, pagina 747. Algemeen dossier, pagina 744. Algemeen dossier, pagina 744. Algemeen dossier, pagina 744. Algemeen dossier, pagina 749. Algemeen dossier, pagina 767. Algemeen dossier, pagina 748. Algemeen dossier, pagina 761. Algemeen dossier, pagina 748. Algemeen dossier, pagina 767. Algemeen dossier, pagina 768. Algemeen dossier, pagina 767. Algemeen dossier, pagina 761. Algemeen dossier, pagina 748. Algemeen dossier, pagina 749. Verhoor getuige [slachtoffer 1] bij de rechter-commissaris in deze rechtbank op 13 januari 2021. Algemeen dossier, pagina 748. Verhoor getuige [slachtoffer 1] bij de rechter-commissaris in deze rechtbank op 13 januari 2021. Algemeen dossier, pagina 751. Algemeen dossier, pagina 784. Algemeen dossier, pagina 784. Algemeen dossier, pagina 785. Algemeen dossier, pagina 372. Algemeen dossier, pagina 372. Algemeen dossier, pagina 372. Algemeen dossier, pagina 382. Algemeen dossier, pagina 75. Algemeen dossier, pagina 311. Algemeen dossier, pagina 307. Algemeen dossier, pagina 277. Algemeen dossier, pagina 304. Algemeen dossier, pagina 320. Algemeen dossier, pagina 321. Algemeen dossier, pagina 321. Forensisch dossier deel 2, pagina 478. Algemeen dossier, pagina 271. Forensisch dossier deel 2, pagina 318 t/m 321. Forensisch dossier deel 2, pagina 319.