RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 21/2442 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 augustus 2021 in de zaak tussen [eiser] , te [woonplaats] , eiser en de bewaarder van het kadaster en de openbare registers, verweerder (gemachtigden: mr. Y. Tromp en mr. L.A.M. Meijerink). Procesverloop In het besluit van 27 februari 2021 heeft verweerder eiser in kennis gesteld van een wijziging in de Basisregistratie Kadaster over een perceel grasland van eiser, aangeduid als [locatie] . In het besluit van 16 april 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser tegen het primaire besluit ongegrond verklaard. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. De rechtbank heeft het beroep op 9 augustus 2021 op zitting behandeld. Daarbij was eiser aanwezig. De gemachtigden van verweerder hebben deelgenomen via een beeldverbinding. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen
- Op 8 januari 2021 heeft verweerder een notariële akte, hypotheken 4 deel [nummer 1] , nummer [nummer 2] , ingeschreven in de Basisregistratie Kadaster. Uit die akte blijkt dat eisers perceel grasland op verzoek van de maatschap [A] bij wijze van executoriale verkoop op 26 november 2020 via internet openbaar is geveild. Uit de akte blijkt verder dat eisers perceel op 17 december 2020 is verkocht voor € 415.000,- aan de heer [B] als hoogste bieder, die daarmee eigenaar is van eisers perceel. Als gevolg van de inschrijving van deze akte staat eiser niet meer als rechthebbende van het perceel geregistreerd.
- Eiser voert aan dat de executoriale verkoop van zijn perceel hem niet bekend is en dat er geen reden is om de registratie daarvan in het kadaster te wijzigen.
- In deze bestuursrechtelijke procedure ligt de vraag voor of de bewaarder volgens de regels van de Kadasterwet de gegevens van het perceel in de BKR in overeenstemming heeft gebracht met de gegevens van het perceel in de openbare registers. Eiser heeft niet betwist dat de inschrijving is gedaan in overeenstemming met wat in de notariële akte is opgenomen. De rechtbank heeft ook vastgesteld dat de registratie van [B] als (nieuwe) eigenaar van het perceel overeenkomst met de gegevens uit de notariële akte.
- Met deze procedure kan niet worden bereikt dat de inschrijving in het kadaster overeenkomstig de wens van eiser wordt aangepast. De regels en de rechtspraak over de inschrijving door de bewaarder van stukken in het kadaster zijn helder. De lijn is dat verweerder bij het bijhouden van de kadastrale registratie een lijdelijke (volgende) rol heeft en niet tot taak heeft zelf, ambtshalve of op verzoek, een onderzoek in te stellen naar de juistheid van de inhoud van de door de notaris opgestelde aktes. Omdat verweerder in overeenstemming met deze lijn heeft gehandeld, bestaat er geen aanleiding het bestreden besluit niet in stand te laten. De rechtbank raadt eiser aan om contact op te nemen met de notaris uit de akte voor toelichting op de gang van zaken, en om juridische bijstand te zoeken voor de vraag of er nog hoger beroep mogelijk is tegen het vonnis van de rechtbank dat de titel vormde voor de executoriale verkoop.
- Het beroep is ongegrond.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
- Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 9 augustus 2021 door mr. K. de Meulder, rechter, in aanwezigheid van mr. L.E. Mollerus, griffier. De uitspraak zal ook worden gepubliceerd op rechtspraak.nl. griffier rechter Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. U ziet deze datum hierboven.