RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 21/528 uitspraak van de meervoudige kamer van 23 september 2021 in de zaak tussen [eiser] , te [woonplaats] , eiser (gem
-uitkering opgelegd.
- Omdat het Uwv pas in de beroepsfase een voldoende motivering heeft gegeven over de verminderde verwijtbaarheid is het beroep gegrond. De rechtbank zal het bestreden besluit vernietigen maar de rechtsgevolgen daarvan in stand laten.
- Omdat de rechtbank het beroep gegrond verklaart, moet het Uwv aan eiser het door hem betaalde griffierecht vergoeden.
- Ook veroordeelt de rechtbank het Uwv in de door eiser gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.496,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 748,- met een wegingsfactor 1). Beslissing De rechtbank verklaart het beroep gegrond; vernietigt het bestreden besluit; bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand blijven; draagt het Uwv op het betaalde griffierecht van € 49,- aan eiser te vergoeden; veroordeelt het Uwv in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.496,-. Deze uitspraak is gedaan door mr. V.E.H.G. Visser, voorzitter, en mr. R.C. Stijnen en mr. C. de Kruif, leden, in aanwezigheid van mr. G.M.T.M. Sips, griffier. De beslissing is uitgesproken op 23 september 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl. De griffier is verhinderd de uitspraak te ondertekenen. voorzitter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep. Artikel 45, eerste lid, aanhef en onder j,
Artikel 45
, tweede lid,
Artikel 45
, zesde lid,
Artikel 45
, vierde lid,
Artikel 7
, eerste lid, aanhef en onder a in verbinding met artikel 2, eerste lid, aanhef en onder d, van het Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten Bijvoorbeeld de uitspraak van 11 januari 2019, ECLI:NL:CRVB:2019:129 Uitspraak 27 mei 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1823 bijvoorbeeld ECLI:NL:CRVB:2015:1330