RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Civiel recht kantonrechter locatie Amersfoort zaaknummer: 8128800 AC EXPL 19-3892 YA/1386 Vonnis van 4 augustus 2021 inzake de besloten vennootschap ANWB B.V., gevestigd te ’s-Gravenhage, eisende partij, gemachtigde: Gerechtsdeurwaarderskantoor De Klerk Vis Niekus B.V., tegen: [gedaagde] , wonende in de gemeente [woonplaats] , gedaagde partij, niet verschenen. 1De verdere procedure 1.1. De kantonrechter heeft op 22 juli 2020 een tussenvonnis gewezen. Voor het verloop van de procedure tot aan dat moment wordt naar dit tussenvonnis verwezen. 1.2. Bij akte van 30 december 2020 heeft de eisende partij haar vordering nader toegelicht. 1.3. Daarop volgt nu dit vonnis. 2De verdere beoordeling 2.1. De kantonrechter blijft bij wat in het tussenvonnis is overwogen en beslist. Er bestaat geen aanleiding om daarop terug te komen. 2.2. Naar aanleiding van de akte van de eisende partij van 30 december 2020 overweegt de kantonrechter als volgt. Verzekeringsovereenkomst 2.3. In het tussenvonnis heeft de kantonrechter overwogen dat de tussen partijen gesloten overeenkomst moet worden gekwalificeerd als verzekeringsovereenkomst. De eisende partij heeft dit in haar akte beaamd, waar zij zich op het standpunt stelt dat de Wegenwacht Service een verzekering betreft. Om deze verzekering te kunnen afsluiten, is een ANWB-lidmaatschap vereist. In de onderhavige zaak is ook sprake van directe pechhulp, dat is hulp aan iemand die op het moment van pech geen lidmaatschap met Wegenwacht Service heeft, dan wel een verzekeringspakket heeft dat (nog) geen dekking biedt voor de benodigde pechhulp. De eisende partij stelt dat sprake is van één overeenkomst, waarvan de onderdelen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Voor het afsluiten van de Wegenwacht Service is een lidmaatschap vereist en de directe pechhulp wordt enkel verleend na het afsluiten van de Wegenwacht Service. 2.4. De kantonrechter begrijpt het standpunt van de eisende partij aldus, dat het lidmaatschap alsook de directe pechhulp] ten dienste staat van en accessoir is aan de Wegenwacht Service (de verzekeringsovereenkomst). Bij de verdere beoordeling neemt de kantonrechter dan ook tot uitgangspunt dat (enkel) sprake is van een verzekeringsovereenkomst. Gevolgen kwalificatie verzekeringsovereenkomst 2.5. In de akte stelt de eisende partij zich op het standpunt dat de onderdelen sleutelhulp, transporthulp en repatriëring van de Wegenwacht Service vallen onder de uitzonderingsbepaling van artikel 1:6 lid 1 onder e, onderdelen 1, 2 en 3 van de Wet op het financieel toezicht (Wft). De onderdelen vervoer, toezenden onderdelen en een vervangend chauffeur vallen niet onder deze bepaling, zodat, zo stelt de eisende partij, op (die onderdelen van) de Wegenwacht Service de Wft (wel) van toepassing is. 2.6. De eisende partij heeft niet gespecificeerd welke diensten in het onderhavige geval aan de gedaagde partij zijn verleend. Daarom neemt de kantonrechter tot uitgangspunt dat de Wft op de onderhavige overeenkomst van toepassing is. (Pre)contractuele informatieverplichtingen 2.7. Op de onderhavige verzekeringsovereenkomst zijn de informatieverplichtingen van toepassing zoals bedoeld in paragrafen 1 en 6 van afdeling 6.5.2b van het Burgerlijk Wetboek (BW), artikel 4:20 Wft en de paragrafen 8.1.1, 8.1.4, 8.1.6 en 8.1.7 van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (BGfo). Zoals in het tussenvonnis is overwogen, moet de kantonrechter er ambtshalve op toezien dat deze consumentenbeschermende voorschriften worden nageleefd, dus ook als er geen verweer is gevoerd, zoals in de onderhavige procedure. 2.8. De eisende partij stelt dat zij heeft voldaan aan haar informatieverplichtingen. Ter onderbouwing hiervan heeft zij verwezen naar bij eerdere akte overgelegde printscreens, waaruit blijkt hoe het telefonische inschrijfproces verloopt. De eisende partij heeft de gang van zaken tijdens het met de gedaagde partij gevoerde telefoongesprek geschetst. Zij stelt dat haar medewerker aan het einde van het telefoongesprek de aanvraag heeft samengevat en de gedaagde partij daarbij heeft geïnformeerd over de voornaamste kenmerken en de totale prijs van de aangevraagde diensten, de duur van de overeenkomst en de daaruit voortvloeiende verplichtingen. Na expliciet akkoord van de gedaagde partij is de overeenkomst tot stand gekomen. De eisende partij heeft het gevolgde belscript overgelegd en de tarievenlijst die een medewerker gelijktijdig kan openen. 2.9. De eisende partij heeft bij akte uiteengezet welke gegevens in de bevestigingsbrief en de factuur zijn opgenomen en welke informatie in de polisvoorwaarden te vinden is. De aan de gedaagde partij verzonden bevestiging en/of factuur zijn/is overgelegd. De eisende partij heeft in haar akte (ook) een link naar de polisvoorwaarden opgenomen, een en ander in lijn met het landelijke ‘Informatieformulier voor zaken waarin de gedaagde een natuurlijke persoon is’. 2.10. De kantonrechter is van oordeel dat met hetgeen de eisende partij in de akte(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.