RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 21/4092 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 december 2021 in de zaak tussen [eiseres] , te [woonplaats] , eiseres (gemachtigde: mr. S.G. Blasweiler), en de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder (gemachtigde: mr. J. Keizer). Procesverloop Bij besluit van 19 oktober 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder de uitkering van eiseres op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) per 20 december 2020 beëindigd, omdat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt wordt geacht. Eiseres is het hier niet mee eens en heeft bezwaar gemaakt. In bezwaar heeft eiseres nadere medische informatie overgelegd. Bij besluit van 2 maart 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres gegrond verklaard. Verweerder heeft daarbij het primaire besluit herroepen en beslist dat aan eiseres per 16 september 2020 een IVA-uitkering wordt toegekend. Eiseres wordt per die datum namelijk volledig en duurzaam arbeidsongeschikt geacht. Eiseres is het hier niet mee eens en heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 9 december 2021 via Skype for Business. Partijen hebben zich op de zitting laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. Na afloop van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Partijen zijn op de zitting gewezen op de mogelijkheid om tegen deze mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Overwegingen
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.