← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2022:1408

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16/320211-20 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 24 maart 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1986] te [geboorteplaats] , wonende aan de [adres] te [woonplaats] . 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 01 april 2021 en 17 juni

  1. Op 10 maart 2022 is de zaak inhoudelijk behandeld. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. G.A. Hoppenbrouwers en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. H.G. Koopman, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht. 2TENLASTELEGGING De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: Feit 1 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, voorhanden heeft gehad: - 1334,31 gram MDMA; - 293,21 gram amfetamine; - 57,31 gram 2C-B; - 148,2 kilo GHB; Feit 2 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 1100 pillen Diazepam voorhanden heeft gehad; Feit 3 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 19,5 gram hasj voorhanden heeft gehad; Feit 4 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 863,3 gram fenylazijnzuur voorhanden heeft gehad, terwijl verdachte wist of kon vermoeden dat het bestemd was voor het bereiden van amfetamine; Feit 5 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, een geldbedrag van € 11.650 heeft witgewassen; Feit 6 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, twee pistolen die voor bedreiging geschikt waren voorhanden heeft gehad; Feit 7 op 17 december 2020 in Woerden samen met een ander een stiletto voorhanden heeft gehad. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4WAARDERING VAN HET BEWIJS 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht alle ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen en baseert zich daarbij op de bewijsmiddelen in het dossier. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft vrijspraak bepleit ten aanzien van het onder feit 1 ten laste gelegde bezit van GHB. Hij heeft hiervoor aangevoerd dat verdachte de auto had uitgeleend aan [A] en dat die [A] zonder medeweten van verdachte de GHB in de auto heeft achtergelaten. Ten aanzien van feit 2, de 1110 pillen Diazepam, heeft de raadsman aangevoerd dat het verdachte niet bekend was deze pillen op lijst II van de Opiumwet staan. Om die reden kan opzet niet bewezen worden verklaard. Verdachte dient te worden vrijgesproken van dit feit. Ten aanzien van feit 3 refereert de raadsman zich aan het oordeel van de rechtbank. Ten aanzien van feit 4 heeft de raadsman aangevoerd dat niet middels een NFI-test is aangetoond dat de aantroffen vloeistof fenylazijnzuur bevat. Er dient daarom vrijspraak te volgen van dit feit. Voor witwassen is eveneens geen bewijs voorhanden. De verklaring van verdachte dat hij dit geld heeft verdiend met klussen, wordt ondersteund door de verklaring van zijn partner en de verklaring van [getuige] . Van feit 5 dient hij vrijgesproken te worden. Ten slotte heeft de raadsman vrijspraak bepleit van de aangetroffen wapens en het mes, de feiten 6 en
  2. Verdachte was niet bekend met de strafbaarheid van het bezit van deze speelgoedwapens en het mes betrof een erfstuk. 4.3 Het oordeel van de rechtbank 4.3.1 Vrijspraak feit 4 De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 4 ten laste gelegde heeft begaan. In de schuur bij de woning van verdachte zijn weliswaar brokken met fenylazijnzuur aangetroffen, maar voor de bewezenverklaring dat verdachte en/of zijn medeverdachte voornemens waren dit te gebruiken voor de productie van amfetamine is geen bewijs voorhanden. Verdachte wordt dan ook vrijgesproken van dit feit. 4.3.
  3. Bewijsmiddelen Om de leesbaarheid van dit vonnis te vergroten worden de vaak voorkomende bewijsmiddelen als volgt vermeld. Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , d.d. 18 december 2020, pagina 29 - 31: bewijsmiddel A; Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , d.d. 19 februari 2021, pagina 191 – 195 : bewijsmiddel B; Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , d.d. 4 januari 2021, pagina 263 – 266: bewijsmiddel C; Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , d.d. 28 januari 2021, pagina 270 – 278: bewijsmiddel D; Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 2] , d.d. 28 december 2020, pagina 256- 258: bewijsmiddel E; Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 2] d.d. 23 december 2020, pagina 127 – 131: bewijsmiddel F. Per aangetroffen stof/goed wordt telkens achtereenvolgend genoemd: - de vindplaats van het goed, zoals vermeld in bewijsmiddel A of B; - een proces-verbaal waarin een SIN-nummer aan het goed is toegekend, zoals vermeld in bewijsmiddel C, D of E; - een NFI-rapport over de samenstelling van het goed, dan wel forensisch proces-verbaal over de aard van het goed. 4.3.3 Ten aanzien van de feiten 1 , 2, 3, 5, 6 en 7 Bewijsmiddel A Op (de rechtbank begrijpt, gelet op het tijdstip van de sluiting van de doorzoeking, dat bedoeld wordt:) 17 december 2020 is een woning en een berging doorzocht aan de [adres] , [woonplaats] . Op dit adres staan onder andere de verdachten [verdachte] en [medeverdachte] ingeschreven. Dit betreft een tussenwoning met in de achtertuin een stenen berging. Er werden twee voertuigen in beslag genomen, die voor de woning geparkeerd stonden, te weten: - Zwarte personenauto, RAM 1500 Lamari met het kenteken [kenteken] en - Witte bestelauto, Peugeot Expert, met het kenteken [kenteken] . 4.3.4 Voorts ten aanzien van feit 1 4.3.4.1 Met betrekking tot de MDMA Bewijsmiddel B In het keukenblok zit onder de oven een opbergruimte. In de opbergruimte onder de oven:C.3.
  4. boodschappentas van Albert Heyn met een witte brok. Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754282 SIN: AANR4981NL Relatie met SIN: AANW6649NL Bijzonderheden: C.3.1 witte brokken in AH tas lade onder oven Omschrijving: 2 boterhamzakken met beige poeder en brokjes gewicht netto: 137,3 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6649NL Poeder/brokken/kristallen, uit 137 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft en dat hij vermoedde dat het om drugs ging. -- Bewijsmiddel B Begane grond van de woning In het keukenblok zit onder de oven een opbergruimte. Het plankje voor de opbergruimte kon worden opengeklapt (kantelscharnier) waarna je in de opbergruimte kon kijken. In de opbergruimte onder de oven:C.3.1.a een gripzakje met een witte brok Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754295 SIN: AANR4978NL Relatie met SIN: AANW6652NL Bijzonderheden: C.3.1.a witte brok Omschrijving: Gripzak met daarin een lepel en beige brokjes gewicht netto: 8,86 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6652NL Poeder en brokjes, beige, uit 8,68 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft en dat hij vermoedde dat het om drugs ging. -- Bewijsmiddel A Stenen berging (schuur), zichtbaar op stellingen:A. l. 3a: 4 pillen, los in zwarte plastic tas Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754199 SIN: AANR4971NL Relatie met SIN: AANW6650NL Bijzonderheden: A.1.3.a, pillen, groen, 4 stuks, 1,90 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6650NL Tablet, groen, uit 1,90 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft. -- Bewijsmiddel B In het keukenblok stond een koel/vriescombinatie met daarboven een keukenkast. In deze keukenkast stond een bruine tas. In de bruine tas zat:C.7.1.c gripzakje met diverse pillen Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754311SIN: AANR4977NL Relatie met SIN:AANW6653NL Bijzonderheden: C.7.1.C pillen diverse kleuren in gripzakje Omschrijving: Gripzak met 28 tabletten, diverse kleuren 12,23 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6653NL Tablet, divers, uit 12,23 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn. -- Bewijsmiddel B Op de vensterbank van de (ouder) slaapkamer stond een bijouteriedoos met twee laden. In de onderste lade van de bijouteriedoos lagen:B.2.1 lade bijouteriedoos, ½ blauwe pil in een gripzakje Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754215 SIN: AANR4975NL Relatie met SIN: AANW6655NL Bijzonderheden: B.2.1.halve blauwe pil Omschrijving: 1 gripzak met groen/blauw kleurige halve tablet Gewicht netto: 0,21 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6655NL Poeder, groen/blauw, uit 0,21 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn. -- Bewijsmiddel B Op de vensterbank van de (ouder) slaapkamer stond een bijouteriedoos met twee laden. In de onderste lade van de bijouteriedoos lagen:B.2.1.a lade bijouteriedoos, 2½ groene pillen in boterhamzakje Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754235 SIN: AANR4976NL Relatie me SIN: AANW6654NL Bijzonderheden: B.2.1.a 2,5 pil groen Omschrijving: 2 groenkleurige tabletten + delen Gewicht netto: 1,21 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6654NL Tablet, groen, uit 1,21 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn. -- Bewijsmiddel B Eerste verdieping (ouderslaapkamer) van de woning In een zwart mandje op de vensterbank van de slaapkamer lagen:B.1.1 vensterbank, 16,5 roze pillen in een gripzakje B.1.1.a vensterbank, 9 groene pillen in een gripzakje B.1.1.b vensterbank, 1,5 groene pil en ¼ oranje pil in een gripzakje Deze drie doorzichtige gripzakjes met pillen zaten in een zwart gevlochten mandje dat op de vensterbank van de slaapkamer stond. Aan de bovenzijde was het mandje open en de gripzakjes met pillen lagen zichtbaar in het mandje. Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754204 SIN: AANR4972NL Relatie met SIN: AANW6651NL Aantal: 16.5 stuksBijzonderheden: B.l.1 roze pillen in gripzak 16,5 pilgewicht netto: 8,24 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6651NL Tablet, roze, uit 8,24 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754208 SIN: AANR4973NL Relatie met SIN: AANW6658NL, AANW6659NL Bijzonderheden: B. l. l. a groene pillen 9 stuks Omschrijving: 8 hele groene tabletten + 1 deel Gewicht netto: 4,46 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6658NL Tablet, groen, uit 4,05 gram Bevat MDMA Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW665NL Tablet, groen, uit 0,41 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754214 SIN: AANR4974NL Relatie met SIN: AANW6656NL, AANW6657NL Bijzonderheden: B. l. l. b, groen en oranje pillen beide 1,5 tot 3 pillen Omschrijving: 2 tabletten + delen Gewicht netto: 1,18 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6656NL Tablet, beige, uit 0,46 gram Bevat MDMA Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6657NL Tablet, beige, uit 0,72 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn. -- Bewijsmiddel A Stenen berging (schuur), zichtbaar op stellingen:A.1.4: 52 gripzakjes met gekleurde pillen (in drie grote gripzakken) in een sporttas Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-2752726SIN: AANX1721NLAantal: 2641 pillenGewicht: 1160,8 gram Bijzonderheden: A.1.4 aangetroffen in schuurOmschrijving: Gripzakken

(52)met geel, groen, rood en paarse tabletten Goednummer: PL0900-2020409824-162583 SIN: AANZ6099NL Relatie met SIN: AANX1721NL gele tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige: Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANZ6099NL Tablet, geel, uit 1160,80 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-162584 SIN: AANZ6100NL Relatie met SIN: AANX1721NL Groene tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANZ6100NL Tablet, groen, uit 1160,80 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-162585 SIN: AANZ6101NL Relatie met SIN: AANX1721NL paarse tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige: Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANZ6101NL Tablet, paars, uit 1160,80 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-162586 SIN: AANW6550NL Relatie met SIN: AANX1721NL rode tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6550NL Tablet, rood, uit 1160,80 gram Bevat MDMA De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft en dat hij vermoedde dat het om drugs ging. Conclusie: Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen tabletten bevattende MDMA, (in ieder geval) de tenlastegelegde 1.334,31 gram betreft. 4.3.4.2 Met betrekking tot de amfetamine Bewijsmiddel B In het keukenblok zat een koel/vries-combinatie. In het diepvries gedeelte van de koel/vriescombinatie:C.5.1 een plastic bak met een witte substantieDe diepvries was verdeeld in enkele vakken. In het middelste vak lag een plastic bak. In dit vak lagen ook andere bevroren producten (etenswaren). Bij het openen van de diepvries was de plastic bak direct zichtbaar. Bewijsmiddel C Goednummer: PL0900-2020409824-2754217 SIN: AANR4789NL Relatie met SIN: AANW6584NL Bijzonderheden: C.5.1 witte substantie in plastic bak uit vriezer Gewicht netto: 277,0 gram Rapport van 4 januari 2021, opgesteld door ing. M. Visser – van Leeuwen, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6584NL Pasta, wit, uit 277,00 gram Bevat amfetamine De verklaring van verdachte dat hij deze verdovende middelen voor een ander gekocht heeft. -- Bewijsmiddel B Bovenop de keukenkast stond een plastic bord waarop onder andere een zakje wit poeder lag.C.6.1: zakje wit poeder Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754298SIN: AANR4979NL Relatie met SIN: AANW6648NL Bijzonderheden: C.6.1 witte brokjes en kruimels op gele plastic bordOmschrijving: Plastic zak met wit/geel poeder en brokjes Gewicht: 16,21 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6648NL Poeder en brokjes, wit/geel,uit 16,21 gram Bevat amfetamine De verklaring van verdachte, dat hij deze verdovende middelen voor een ander gekocht heeft, en dat hij deze hoeveelheid heeft gescheiden van de rest om te zien hoe het opdroogde. Conclusie: Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen substantie bevattende amfetamine 293,21 gram is. 4.3.4.3 Met betrekking tot de 2C-B Bewijsmiddel B In het keukenblok stond een koel/vriescombinatie met daarboven een keukenkast. In deze keukenkast stond een bruine tas. In de bruine tas zat: C.7.1 boterhamzakje met fluor gele pillen C.7.1.b gripzakje met paarse pillen, opschrift MM Bewijsmiddel C Goednummer: PL0900-2020409824-2754222SIN: AANR4788NL Relatie met SIN: AANW6581NL Bijzonderheden: C.7.1 fluor gele pillen in boterhamzakjeOmschrijving: 298 gele tabletten, in boterhamzakjeGewicht: 53,65 gram Goednummer: PL0900-2020409824-2754227SIN: AANR4828NL Relatie met SIN: AANW6583NL Bijzonderheden: C.7.1.b paarse pillen in gripzakje met opschrift mmOmschrijving: 25 paarse tabletten Gewicht: 3,66 gram Rapport van 4 januari 2021, opgesteld door ing. A.B.M. van Esch – de Bruin, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving Resultaat AANW6581NL Monster, 3 tabletten (a 0,18 gram) geel Bevat 2C-B AANW6583NL Monster, 3 gleuftabletten (à 0,14 gram) Paars Bevat 2C-B Conclusie In het onderzoeksmateriaal is 2C-B (4-bromo-2,5-dimethoxyfenethylamine) aangetoond. Deze substantie is vermeld op lijst I van de Opiumwet. De verklaring van verdachte, dat deze verdovende middelen van hem zijn. Conclusie: Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen tabletten bevattende 2C-B 57,31 gram is. 4.3.4.4 Met betrekking tot de GHB Bewijsmiddel A In de witte bestelauto Peugeot Expert met het kenteken [kenteken] stonden jerrycans met een doorzichtige vloeistof. Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 4] Ik was aanwezig bij het wegen van de 6 jerrycans met vloeistof aangetroffen in de Peugeot Expert met kenteken [kenteken] op 17 december
  1. Ik zag dat de weegschaal het gewicht 148,2 kilogram aangaf nadat de jerrycans op het pallet waren geplaatst. Dit betrof een bruto gewicht. Bewijsmiddel E De aangeboden partij verdovende middelen bestond uit:Goednummer: PL0900-2020409824-2754391SIN: AANW6641NL Relatie met SIN: AANW6640NL, AANW6639NL, AANW6638NL, AANW6637NL, AANW6636NL Omschrijving: 6 jerrycans met transparante heldere vloeistof Rapport van 4 januari 2021, opgesteld door ing. C.M.M. Diever - Heezen, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving Resultaat AANW6640NL Monster kleurloze vloeistof Bevat GHB AANW6639NL Monster kleurloze vloeistof Bevat GHB AANW6638NL Monster kleurloze vloeistof Bevat GHB AANW6637NL Monster kleurloze vloeistof Bevat GHB AANW6636NL Monster kleurloze vloeistof Bevat GHB Conclusie: In het onderzoeksmateriaal is GHB aangetoond. Deze substantie is vermeld op lijst I van de Opiumwet. De verklaring van verdachte: ik leen de Peugeot wel vaker aan mensen uit. De persoon voor wie ik spullen in mijn huis en schuur heb bewaard heet [A] en hij heeft de Peugeot ook geleend voor zijn verhuizing. Dat was kort voordat alles bij ons werd aangetroffen. Conclusie: Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen vloeistof bevattende GHB 148,2 kilogram is. 4.3.5 Voorts ten aanzien van feit 2 Bewijsmiddel A In de schuur bij de woning van verdachte werd aangetroffen: 37 doosjes Diazepam Een rapport van 19 februari 2021, opgemaakt door W. Best, specialistisch senior inspecteur bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd: Diazepam behoort tot de geneesmiddelengroep benzodiazepine agonisten. Diazepam staat op lijst II van de Opiumwet vanwege de kans op het optreden van verslaving. Het in bijlage 1 genoemde product Diazepam kan aangemerkt worden als geneesmiddel, zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid onder b Geneesmiddelenwet. Dit geneesmiddel valt tevens onder de bepalingen van de Opiumwet. Bijlage I: Diazepam, 37 doosjes, totaal aantal tabletten: 1.
  2. De verklaring van verdachte dat hij deze middelen voor een ander bewaarde. Bewijsoverwegingen ten aanzien van de feiten 1 en 2 Verdachte heeft bij de politie en op de zitting verklaard dat hij de verdovende middelen die in de schuur van zijn woning en in delen van zijn woning zijn aangetroffen voor een ander, te weten ene [A] , bewaarde. Verdachte heeft samen met die [A] de middelen in de schuur en op verschillende plekken in de keuken geplaatst. Op het moment dat verdachte samen met [A] de middelen in de woning en de schuur plaatste, vermoedde verdachte al dat het om drugs ging Verdachte zag nadien dat de tassen in de schuur pillen bevatten. Verdachte verklaarde dat hij niet op de hoogte was van de aanwezigheid van de jerrycans met GHB in de laadruimte van zijn witte Peugeot. Deze Peugeot was eveneens door die [A] gebruikt en [A] heeft die jerrycans kennelijk in de laadruimte achtergelaten. De inhoud van de laadruimte is dus niet van verdachte, maar van die [A] . De rechtbank gaat voorbij aan dit verweer. Verdachte heeft immers met [A] op verschillende plekken in zijn woning en schuur (grote hoeveelheden verdovende) middelen neergelegd, waarvan verdachte toen al vermoedde dat het om drugs ging. De rechtbank leidt hieruit af dat verdachte dus wist dat [A] zich bezighield met verdovende middelen. Dit maakt dat verdachte óók ten aanzien van alle overige spullen die door die ene [A] er zouden zijn neergelegd verantwoordelijk moet worden gehouden. Door voorts zijn auto aan die [A] uit te lenen heeft verdachte naar het oordeel van de rechtbank de aanmerkelijke kans aanvaard dat [A] ook die auto zou gebruiken voor het vervoeren of bewaren van verdovende middelen. Daarmee moet verdachte verantwoordelijk worden gehouden voor alle verdovende middelen die in zijn schuur, woning en auto zijn aangetroffen. Dit maakt dat de rechtbank van oordeel is dat verdachte samen met een ander de onder feit 1 en 2 genoemde feiten heeft begaan. 4.3.6 Voorts ten aanzien van feit 3 Bewijsmiddel B In bruin tasje, aangetroffen in keukenkastje, zat: C.7.1.a boterhamzakje met een brok hash Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 5] Ik onderzocht een door collega's aangetroffen hoeveelheid qua kleur en samenstelling op hennep gelijkende stof. Ik zag aan de kleur en de uiterlijke kenmerken van de aangetroffen drugs dat deze afkomstige zijn van een hennepplant. Tevens rook ik, dat de geur die de aangetroffen drugs verspreidden, overeenkwam met de kenmerkende geur van hennepplanten. Ik zag en voelde dat het een blok hash betrof. Ten behoeve van de drugsidentificatie werd tevens gebruik gemaakt van een door de Politie Utrecht voorgeschreven drugstestkit van de fabrikant [fabrikant] BV. Ik gebruikte daarbij een ampul van de drugsidentificatietest 'Cannabis', waarmee hennep, waaronder wordt begrepen elk deel van de restplant van het geslacht Cannabis dan wel gebruikelijke vaste mengsels van hennephars en plantaardige elementen van hennep kunnen worden aangetoond. Ik zag, dat tijdens het testen een duidelijke kleurreactie optrad. Deze reactie gaf een positieve indicatie op de aanwezigheid van hennep. Uit de determinatie en de drugstest mag gesteld worden, dat de inbeslaggenomen drugs resthennepplanten waren van het geslacht Cannabis. Deze plantensoort staat vermeld op lijst II onderdeel b van de Opiumwet. Ik zag dat de inhoud van het boterhamzakje met restanten van hennepplanten (blokje hash) in totaal een netto gewicht had van 0,0195 kilogram. Nettogewicht hennep 0,0195 x 1000 = 19,5 gram De verklaring van verdachte dat deze verdovende middelen van hem zijn. 4.3.7 Voorts ten aanzien van feit 5 Bewijsmiddel B Op een keukenkast, in een tajin, werd een geldbedrag van € 11.650,-- aangetroffen. De verklaring van verdachte, inhoudende dat hij dit geld verdiend heeft met (zwart) klussen. Hij heeft dit geld apart gelegd ten behoeve van zijn pensioen en niet opgegeven bij de belastingdienst. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 5 Door zwart te werken en de inkomsten niet op te geven bij de belastingdienst heeft verdachte strafbaar gehandeld en een misdrijf gepleegd (HR 7 oktober 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD2774). Uit het procesdossier is niet gebleken dat verdachte een verhullingshandeling heeft verricht (aangezien het geld in een tajin bewaren hiervoor onvoldoende is), waardoor verdachte partieel zal worden vrijgesproken voor het ten laste gelegde (schuld)witwassen. Ten aanzien van het eenvoudige witwassen, waarvoor een verhullingshandeling niet vereist is indien het goed onmiddellijk uit eigen misdrijf afkomstig is, oordeelt de rechtbank dat dit wettig en overtuigend bewezen is. Niet is komen vaststaan dat zijn medeverdachte een bijdrage van voldoende gewicht heeft geleverd aan het aanwezig hebben van deze spaarpot met zwart geld van verdachte, zodat verdachte partieel zal worden vrijgesproken van het onderdeel medeplegen. 4.3.7 Voorts ten aanzien van feit 6 Bewijsmiddel A Eerste verdieping (ouderslaapkamer) Op de grond een zwart vuurwapen gelijkend voorwerp in een Jumbo boodschappentas die weer in een boodschappentas van Hoogvliet zat. In de zwarte personenauto RAM 1500 Lamari met het kenteken [kenteken] lag een zwart op een vuurwapen gelijkend voorwerp (in afgesloten midden console). Proces-verbaal forensisch onderzoek, verbalisant [verbalisant 6] Ik kwam voor een forensisch onderzoek aan op de locatie [adres] , [woonplaats] in verband met het aantreffen van een mogelijk vuurwapen in een personenauto. De volgende sporendragers werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader onderzoek veiliggesteld: Sporendragers Goednummer : PL0900-2020410043-2752876 SIN : AANW6498NL Object : Vuurwapen (Gaspistool) Serienummer : [nummer] . Kennisgeving inbeslagname, opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 7] , [verbalisant 6] , [verbalisant 8] en [verbalisant 9] Volgnummer 1 Goednummer: PL0900-2020410043-2752876 Categorie: Wapens Merk: Special Force SIN: AANW6498NL Registratienummer: [wapennummer] Bijzonderheden : Gasdrukpistool kaliber 4.5mm bb, merk win gun. Volgnummer 3 Goednummer: PL0900-2020410043-2752884 Categorie: Wapens Merk: Colt Comb. Com. SIN: AANW6497NL Registratienummer: [nummer] Bijzonderheden: veerdrukpistool kaliber 6mm BB Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 10] Naar aanleiding van de onder dit proces aangetroffen en in beslag genomen voorwerpen, is door mij, in het kader van de Wet wapens en munitie, een nader onderzoek aan deze voorwerpen ingesteld, waarbij het onderstaande werd bevonden. Omschrijving voorwerpen.
  3. Goednummers : PL0900-2020410043-2752876 (pistool) SIN : AANW6498NL (pistool) Wapen : nabootsing vuurwapen, gasdrukpistool Categorie : I sub
  4. Het vorenomschreven gasdrukpistool is een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen, namelijk een pistool, merk Sig Sauer, model P229 en is derhalve voor bedreiging of afdreiging geschikt. Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2, lid 1, categorie I, onder 7 van de Wet wapens en munitie gelet op artikel 3 onder a van de Regeling wapens en munitie.
  5. Goednummer : PLO900-2020410043-2752884 (pistool) SIN : AANW6497NL (pistool) Wapen : nabootsing vuurwapen, veerdrukpistool Categorie : I sub
  6. Het vorenomschreven veerdrukpistool is een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen, namelijk een pistool, merk Colt, model Combat Commander en is derhalve voor bedreiging of afdreiging geschikt. Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2, lid 1, categorie I, onder 7 van de Wet wapens en munitie gelet op artikel 3 onder a van de Regeling wapens en munitie. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 6 Verdachte heeft verklaard dat hij bekend was met de aanwezigheid van deze wapens. Hij was in de veronderstelling dat dit speelgoedwapens zijn waarvan het bezit toegestaan is. Op grond van de inhoud van voornoemde bewijsmiddelen verwerpt de rechtbank dit verweer. Nu één van de wapens aangetroffen is in de auto van verdachte en geen bewijs voorhanden is dat medeverdachte bekend was met de aanwezigheid van dit wapen, zal de rechtbank met betrekking tot dit wapen verdachte partieel vrijspreken van het onderdeel medeplegen. Het andere wapen is aangetroffen in de slaapkamer van verdachte en de medeverdachte. Ten aanzien van dit wapen acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte en medeverdachte dit wapen voorhanden hadden. 4.3.9 Voorts ten aanzien van feit 7 Bewijsmiddel B Op de grond van de (ouder) slaapkamer lag een klapmes “Inox” met een houten heft. Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 8] , Het inbeslaggenomen klapmes is een Stiletto als bedoeld in artikel 2 lid 1 categorie I onder 1 van de Wet Wapens en Munitie en is verboden ingevolge artikel 13 lid 1 van de Wet Wapens en Munitie. Strafbaarstelling in artikel 55 lid 1 van de Wet Wapens en Munitie. De verklaring van verdachte, inhoudende dat dit mes van hem is. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 7 Het mes is aangetroffen op de vloer van de slaapkamer van verdachte en de medeverdachte. Dit maakt dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen acht dat verdachte en zijn medeverdachte dit mes voorhanden hadden. De hiervoor weergegeven bewijsmiddelen worden steeds gebruikt tot het bewijs van het feit of de feiten, waarop zij blijkens hun inhoud uitdrukkelijk betrekking hebben. Sommige onderdelen van de bewijsmiddelen hebben niet betrekking op alle feiten, maar op één of meerdere feiten. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: 1.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad - ongeveer 1334,31 gram van een materiaal bevattende MDMA en- 293,21 gram van een materiaal bevattende amfetamine en- 57,31 gram van een materiaal bevattende 2C-B en- ongeveer 148,2 kilogram van een materiaal bevattende gamma-hydroxyboterzuur (GHB)zijnde MDMA en amfetamine en 2C-B enf gamma-hydroxyboterzuur, zijnde middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;2.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad 1110 pillen, van een materiaal bevattende Diazepamzijnde Diazepam,een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;3.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een ander, aanwezig heeft gehad 19,5 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II; 5.op 17 december 2020, te Woerden voorwerpen, te weten een geldbedrag ter hoogte van 11.650 euro, heeft voorhanden gehad, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerpen -onmiddellijk - afkomstig was uit enig eigen misdrijf;6.op 17 december 2020 te Woerden tezamen en in vereniging met een ander een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk meerdere voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertonen met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weten- een voorwerp in de vorm van een pistool, merk Wingun, model Special force [nummer] ,kaliber 4.5MM BB (voorzien van wapennummer [wapennummer] ), heeft voorhanden gehad en op 17 december 2020 te Woerden een wapens van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk meerdere voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertonen met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weteneen voorwerp in de vorm van een pistool, kaliber 6mm BB (voorzien van nummer [nummer] ) heeft voorhanden gehad; 7.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een ander, een wapen van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten een stiletto, heeft voorhanden gehad. Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op: Feit 1 Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd; Feit 2 en 3 Telkens, medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod; Feit 5 Eenvoudig witwassen; Feit 6 Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie en medeplegen van handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie; Feit 7 Medeplegen van handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF 8.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot: - een gevangenisstraf van 36 maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met als bijzondere voorwaarden reclasseringstoezicht met meldplicht en de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden. 8.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft bepleit aan verdachte een onvoorwaardelijk gevangenisstraf op te leggen gelijk aan het ondergane voorarrest, te weten 3,5 maand. Daarnaast kan voorwaardelijke gevangenisstraf worden opgelegd conform de LOVS oriëntatiepunten, met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden. Dit zal voorkomen dat verdachte opnieuw in de fout gaat. Daarnaast dient een taakstraf te worden opgelegd. Dit pakket aan straffen stelt verdachte in de gelegenheid zijn gezin financieel te blijven onderhouden. 8.3 Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. Verdachte had samen met zijn partner (en tevens medeverdachte) diverse soorten en alles bij elkaar een grote hoeveelheid drugs voorhanden. Deze drugs lagen door de hele woning verspreid: in de vriezer, onder de oven, in keukenkastjes en op de slaapkamer. Ook lagen in de berging bij de woning grote hoeveelheden verboden middelen. En dit terwijl zij met hun vier kinderen in de woning leefden. Hiermee hebben verdachte en medeverdachte het risico genomen dat hun kinderen in hun onwetendheid deze drugs zouden innemen. Een groot deel van deze drugs bewaarde verdachte voor een ander. Hiermee heeft verdachte bijgedragen aan het in stand houden van de productie van en handel in harddrugs. Daarnaast is het een feit van algemene bekendheid dat het gebruik van synthetische drugs, zoals MDMA en amfetamine, grote gezondheidsrisico’s meebrengt voor de gebruikers daarvan. Ten slotte had verdachte verboden (nep)wapens en een verboden mes in zijn bezit. Uit het strafblad (de justitiële documentatie) van verdachte van 6 januari 2022 blijkt dat hij eerder is veroordeeld tot een deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf ter zake de Opiumwet, te weten op 26 mei
  7. De rechtbank heeft inzage gehad in dit vonnis en dit ook tijdens de inhoudelijke behandeling van de strafzaak met verdachte en zijn raadsman besproken. Uit dit vonnis blijkt namelijk dat verdachte in die zaak óók heeft verklaard dat hij de destijds bij hem aangetroffen (grondstoffen voor) harddrugs voor een ander bewaarde in zijn woning. En ook toen had verdachte het vermoeden dat het om drugs ging, althans, had hij dat kunnen weten. Hieruit blijk dat verdachte kennelijk niet heeft geleerd heeft van die veroordeling en opnieuw de fout in is gegaan. Dit werkt in nadeel van verdachte. Gelet op de aard van de bewezen verklaarde feiten en de hoeveelheid van de aangetroffen verdovende middelen (met name de ruim 148 kilo GHB) kan niet worden volstaan met een straf die geen vrijheidsbeneming met zich brengt. Om in gelijke gevallen gelijke straffen op te leggen zijn LOVS-oriëntatiepunten ontwikkeld. Deze oriëntatiepunten dienen als vertrekpunt bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan. Voor het aanwezig hebben van 20 kilo of meer harddrugs staat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden. In de onderhavige zaak is sprake van het bezit van een grotere hoeveelheid harddrugs. Dit maakt echter niet dat de rechtbank hierin reden ziet om over de eis van de officier van justitie te gaan en verdachte een nóg hogere straf op te leggen. Ondanks het feit dat verdachte al eens eerder is veroordeeld omdat hij harddrugs voor een ander in zijn woning bewaarde – en hij wat dat betreft een gewaarschuwd man had moeten zijn – ziet de rechtbank ook dat de reclassering in haar advies van 11 maart 2021 hierover meldt dat het er in eerste instantie op leek dat verdachte afstand had genomen van het drugscircuit. Voorts wordt gemeld dat verdachte graag andere mensen helpt en anderen moeilijk iets kan weigeren. De rechtbank sluit niet uit dat het voorgaande (ook) een rol heeft gespeeld bij het onderhavige feit. Het risico op recidive wordt ingeschat als gemiddeld en de rechtbank wordt dan ook geadviseerd om een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering en het volgen van de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden. Al met al is de rechtbank van oordeel dat het passend en geboden is aan verdachte een straf op te leggen zoals door de officier van justitie is gevorderd, te weten gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd. 9BESLAG Verbeurdverklaring De rechtbank zal het in beslag genomen voorwerp, te weten het geldbedrag van € 11.650,-- verbeurd verklaren. Met betrekking tot dit voorwerp is het onder feit 5 bewezen verklaarde feit begaan. Onttrekking aan het verkeer De rechtbank zal het in beslag genomen voorwerp, te weten het mes, onttrekken aan het verkeer. Dit voorwerp is van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang. Met betrekking tot dit voorwerp is bovendien het onder feit 7 bewezen verklaarde feit begaan. 10TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 36b, 36c, 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht en 2, 3, 10 en 11 van de Opiumwet en 13 en 55 van de Wet wapens en munitie; zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 11BESLISSING De rechtbank: Vrijspraak - verklaart het onder feit 4 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Bewezenverklaring - verklaart het onder feit 1, 2, 3, 5, 6 en 7 ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld; - verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Strafbaarheid - verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; Oplegging straf - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 36 maanden; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; - bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van 6 maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd; - stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast; - als voorwaarden gelden dat verdachte: * zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit; * ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt; * medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen; - stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte gedurende de proeftijd: * zich binnen één dag na het ingaan van de proeftijd zal melden bij Reclassering Nederland op het adres Zwarte Woud 2 te Utrecht, tussen 13.00 en 16.30 uur en zich blijft melden, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht; * zal deelnemen aan een gedragsinterventie cognitieve vaardigheden aangeboden door Reclassering Nederland of soortgelijke instelling, waarbij verdachte zich dient te houden aan de aanwijzingen zoals die gedurende deze gedragsinterventie door of namens voornoemde instelling aan verdachte zullen worden gegeven zolang de reclassering dit noodzakelijk acht; - waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden; Voorlopige hechtenis - heft op het bevel tot schorsing van de voorlopige hechtenis; Beslag - verklaart het volgende voorwerp verbeurd:  Geldbedrag van € 11.650,--; - verklaart het volgende voorwerp onttrokken aan het verkeer:  Het mes. Dit vonnis is gewezen door mr. A. Blanke, voorzitter, mrs. S.M. Schothorst en E. Slager, rechters, in tegenwoordigheid van D.G.W. van de Haar-Kleijer, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 24 maart
  8. De voorzitter is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat hij: 1op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 1334,31 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en/of- ongeveer 293,21 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine en/of- ongeveer 57,31 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2C-B en/of- ongeveer 148,2 kilogram, in elk geval een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende gamma-hydroxyboterzuur (GHB)zijnde MDMA en/of amfetamine en/of 2C-B en/of gamma-hydroxyboterzuur, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;2op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 1110 pillen, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende Diazepamzijnde Diazepam,een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;3op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, aanwezig heeft gehad ongeveer 19,5 gram, in elk geval een hoeveelheid van niet meer dan 30 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;4op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen het grondgebied van Nederland brengen van amfetamine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde amfetamine een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I voor te bereiden en/of te bevorderen, 863,3 gram Fenylazijnzuur, voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);5op of omstreeks 17 december 2020, te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, één of meer voorwerp(en), te weten een geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer) 11.650 euro, althans één of meer (grote) geldbedragen, in ieder geval enig(e) geldbedrag(en), de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft/hebben verborgen en/of verhuld, althans heeft/hebben verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op die/dat voorwerp(en), te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), was of wie bovenomschreven voorwerp, te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), voorhanden haden/of(telkens) één of meer voorwerpen(en) te weten een geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer) 11.650 euro, in ieder geval enig(e) geldbedrag(en), heeft/hebben verworven, voorhanden heeft/hebben gehad, heeft/hebben overgedragen en/of omgezet, althans van een voorwerp, te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), gebruik heeft/hebben gemaakt, terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden, dat bovenomschreven voorwerp(en) -onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig (eigen) misdrijf;6op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer wapens van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk meerdere voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertonen met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weten- een voorwerp in de vorm van een pistool, merk Wingun, model Special force [nummer] ,kaliber 4.5MM BB (voorzien van wapennummer [wapennummer] ), en/of- een voorwerp in de vorm van een pistool, kaliber 6mm BB (voorzien van nummer [nummer] )heeft voorhanden gehad;7op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,een wapen van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten een stiletto heeft voorhanden gehad; Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal PL090-2020409824, opgemaakt door politie Eenheid Midden-Nederland, doorgenummerd pagina 1 tot en met
  9. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Bewijsmiddel A, pagina 31 Bewijsmiddel A, pagina 29 Bewijsmiddel A, pagina 30 Bewijsmiddel B, pagina 193 Bewijsmiddel D, pagina 273 Deskundigenrapport, pagina 281 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 193 Bewijsmiddel D, pagina 274 Deskundigenrapport, pagina 283 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel A, pagina 29 Bewijsmiddel D, pagina 274 Deskundigenrapport, pagina 280 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 195 Bewijsmiddel D, pagina 274 Deskundigenrapport, pagina 285 Proces-verbaal terechtzitting van 10 maart 2022 Bewijsmiddel D, pagina 275 Bewijsmiddel D, pagina 276 Deskundigenrapport, pagina 284 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel D, pagina 275 Deskundigenrapport, pagina 286 Proces-verbaal terechtzitting van 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 191 en 192 Bewijsmiddel D, pagina 273 Deskundigenrapport, pagina 279 Bewijsmiddel D, pagina 277 Deskundigenrapport, pagina 289 Deskundigenrapport, pagina 290 Bewijsmiddel D, pagina 276 Deskundigenrapport, pagina 287 Deskundigenrapport, pagina 288 Proces-verbaal terechtzitting van 10 maart 2022 Bewijsmiddel A, pagina 30 Bewijsmiddel F, pagina 129 Bewijsmiddel F, pagina 130 Deskundigenrapport, pagina 135 Bewijsmiddel F, pagina 130 Deskundigenrapport, pagina 134 Bewijsmiddel F, pagina 130 Deskundigenrapport, pagina 133 Bewijsmiddel F, pagina 130 Bewijsmiddel F, pagina 131 Deskundigenrapport, pagina 132 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 194 Bewijsmiddel C, pagina 265 Deskundigenrapport, pagina 267 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 194 Bewijsmiddel C, Pagina 273 Deskundigenrapport, pagina 282 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 194 en 195 Bewijsmiddel C, pagina 264 Bewijsmiddel C, pagina 265 NFI-rapport van 28 januari 2021, pagina 269 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel A, pagina 31 Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 4] , pagina 125 Bewijsmiddel E, pagina 257 Deskundigenrapport, pagina 260 Verklaring van verdachte op de zitting van 10 maart 2022 Bewijsmiddel A, pagina 29 Deskundigenrapport, opgemaakt door W. Best, pagina 226 Deskundigenrapport, opgemaakt door W. Best, pagina 229 Deskundigenrapport, opgemaakt door W. Best, pagina 230 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 194 en 195 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 5], pagina 238 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 5], pagina 239 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 194 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel A, pagina 30 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 291 en 292 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 7] , [verbalisant 6] , [verbalisant 8] en [verbalisant 9] , pagina 294 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 7] , [verbalisant 6] , [verbalisant 8] en [verbalisant 9] , pagina 295 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] , pagina 231 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] , pagina 232 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] , pagina 233 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022 Bewijsmiddel B, pagina 193 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 8] , pagina 318 Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.