← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2022:1409

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16/320192-20 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 24 maart 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1983 te [geboorteplaats] , wonende aan de [adres] , [woonplaats] . 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 17 juni 2021 en op 10 maart

  1. Op deze laatstgenoemde datum is de zaak inhoudelijk behandeld. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. G.A. Hoppenbrouwers en van hetgeen verdachte en haar raadsvrouw, mr. M.E.J. van Nieuwenhuizen, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht. 2TENLASTELEGGING De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: Feit 1 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, voorhanden heeft gehad: - 1334,31 gram MDMA; - 293,21 gram amfetamine; - 57,31 gram 2C-B; - 148,2 kilo GHB; Feit 2 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 1100 pillen Diazepam voorhanden heeft gehad; Feit 3 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 19,5 gram hasj voorhanden heeft gehad; Feit 4 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 863,3 gram fenylazijnzuur voorhanden heeft gehad, terwijl verdachte wist of kon vermoeden dat het bestemd was voor het bereiden van amfetamine; Feit 5 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, een geldbedrag van € 11.650 heeft witgewassen; Feit 6 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, twee pistolen die voor bedreiging geschikt waren voorhanden heeft gehad; Feit 7 op 17 december 2020 in Woerden samen met een ander een stiletto voorhanden heeft gehad. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4WAARDERING VAN HET BEWIJS 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht alle ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen en baseert zich daarbij op de bewijsmiddelen in het dossier. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit van het onder feit 1 tot en met 6 ten laste gelegde. Verdachte was niet op de hoogte van de aanwezigheid van deze middelen/voorwerpen in de woning, schuur of laadruimte van de auto. Ook wist ze niet dat haar partner (tevens medeverdachte) geld bewaarde in een tajin in de keuken. Ze kan niet verantwoordelijk worden gehouden voor de aanwezigheid hiervan in de woning. Ten aanzien van feit 7 refereert de raadsvrouw zich aan het oordeel van de rechtbank. 4.3 Het oordeel van de rechtbank 4.3.1 Vrijspraak feiten 4 en 5 De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 4 ten laste gelegde heeft begaan. In de schuur bij de woning van verdachte zijn weliswaar brokken met fenylazijnzuur aangetroffen, maar voor de bewezenverklaring dat verdachte en/of haar medeverdachte voornemens waren dit te gebruiken voor de productie van amfetamine is geen bewijs voorhanden. Verdachte wordt dan ook vrijgesproken van dit feit. De rechtbank zal verdachte eveneens vrijspreken van het onder feit 5 ten laste gelegde: het witwassen. Het aangetroffen geldbedrag bevond zich in een tajin, hoog geplaatst op een keukenkast. Niet is komen vast te staan dat verdachte wist of had kunnen weten dat medeverdachte (zwart) geld in die pan bewaarde, dan wel dat verdachte hier enige bijdrage aan heeft geleverd. 4.3.
  2. Bewijsmiddelen Om de leesbaarheid van dit vonnis te vergroten worden de vaak voorkomende bewijsmiddelen als volgt vermeld. Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , d.d. 18 december 2020, pagina 29 - 31: bewijsmiddel A; Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , d.d. 19 februari 2021, pagina 191 – 195 : bewijsmiddel B; Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , d.d. 4 januari 2021, pagina 263 – 266: bewijsmiddel C; Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , d.d. 28 januari 2021, pagina 270 – 278: bewijsmiddel D; Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 2] , d.d. 28 december 2020, pagina 256- 258: bewijsmiddel E; Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 2] d.d. 23 december 2020, pagina 127 – 131: bewijsmiddel F. Per aangetroffen stof/goed wordt telkens achtereenvolgend genoemd: - de vindplaats van het goed, zoals vermeld in bewijsmiddel A of B; - een proces-verbaal waarin een SIN-nummer aan het goed is toegekend, zoals vermeld in bewijsmiddel C, D of E; - een NFI-rapport over de samenstelling van het goed, dan wel forensisch proces-verbaal over de aard van het goed. 4.3.3 Ten aanzien van de feiten 1 , 2, 3, 6 en 7 Bewijsmiddel A Op (de rechtbank begrijpt, gelet op het tijdstip van de sluiting van de doorzoeking, dat bedoeld wordt:) 17 december 2020 is een woning en een berging doorzocht aan de [adres] , [woonplaats] . Op dit adres staan onder andere de verdachten [A] en [verdachte] ingeschreven. Dit betreft een tussenwoning met in de achtertuin een stenen berging. 4.3.4 Voorts ten aanzien van feit 1 4.3.4.1 Met betrekking tot de MDMA Bewijsmiddel B In het keukenblok zit onder de oven een opbergruimte. In de opbergruimte onder de oven:C.3.
  3. boodschappentas van Albert Heyn met een witte brok. Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754282 SIN: AANR4981NL Relatie met SIN: AANW6649NL Bijzonderheden: C.3.1 witte brokken in AH tas lade onder oven Omschrijving: 2 boterhamzakken met beige poeder en brokjes gewicht netto: 137,3 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6649NL Poeder/brokken/kristallen, uit 137 gram Bevat MDMA -- Bewijsmiddel B Begane grond van de woning In het keukenblok zit onder de oven een opbergruimte. Het plankje voor de opbergruimte kon worden opengeklapt (kantelscharnier) waarna je in de opbergruimte kon kijken. In de opbergruimte onder de oven:C.3.1.a een gripzakje met een witte brok Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754295 SIN: AANR4978NL Relatie met SIN: AANW6652NL Bijzonderheden: C.3.1.a witte brok Omschrijving: Gripzak met daarin een lepel en beige brokjes gewicht netto: 8,86 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6652NL Poeder en brokjes, beige, uit 8,68 gram Bevat MDMA -- Bewijsmiddel A Stenen berging (schuur), zichtbaar op stellingen:A. l. 3a: 4 pillen, los in zwarte plastic tas Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754199 SIN: AANR4971NL Relatie met SIN: AANW6650NL Bijzonderheden: A.1.3.a, pillen, groen, 4 stuks, 1,90 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6650NL Tablet, groen, uit 1,90 gram Bevat MDMA -- Bewijsmiddel B In het keukenblok stond een koel/vriescombinatie met daarboven een keukenkast. In deze keukenkast stond een bruine tas. In de bruine tas zat:C.7.1.c gripzakje met diverse pillen Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754311SIN: AANR4977NL Relatie met SIN:AANW6653NL Bijzonderheden: C.7.1.C pillen diverse kleuren in gripzakje Omschrijving: Gripzak met 28 tabletten, diverse kleuren 12,23 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6653NL Tablet, divers, uit 12,23 gram Bevat MDMA -- Bewijsmiddel B Op de vensterbank van de (ouder) slaapkamer stond een bijouteriedoos met twee laden. In de onderste lade van de bijouteriedoos lagen:B.2.1 lade bijouteriedoos, ½ blauwe pil in een gripzakje Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754215 SIN: AANR4975NL Relatie met SIN: AANW6655NL Bijzonderheden: B.2.1.halve blauwe pil Omschrijving: 1 gripzak met groen/blauw kleurige halve tablet Gewicht netto: 0,21 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige: Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6655NL Poeder, groen/blauw, uit 0,21 gram Bevat MDMA -- Bewijsmiddel B Op de vensterbank van de (ouder) slaapkamer stond een bijouteriedoos met twee laden. In de onderste lade van de bijouteriedoos lagen:B.2.1.a lade bijouteriedoos, 2½ groene pillen in boterhamzakje Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754235 SIN: AANR4976NL Relatie me SIN: AANW6654NL Bijzonderheden: B.2.1.a 2,5 pil groen Omschrijving: 2 groenkleurige tabletten + delen Gewicht netto: 1,21 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6654NL Tablet, groen, uit 1,21 gram Bevat MDMA -- Bewijsmiddel B Eerste verdieping (ouderslaapkamer) van de woning In een zwart mandje op de vensterbank van de slaapkamer lagen:B.1.1 vensterbank, 16,5 roze pillen in een gripzakje B.1.1.a vensterbank, 9 groene pillen in een gripzakje B.1.1.b vensterbank, 1,5 groene pil en ¼ oranje pil in een gripzakje Deze drie doorzichtige gripzakjes met pillen zaten in een zwart gevlochten mandje dat op de vensterbank van de slaapkamer stond. Aan de bovenzijde was het mandje open en de gripzakjes met pillen lagen zichtbaar in het mandje. Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754204 SIN: AANR4972NL Relatie met SIN: AANW6651NL Aantal: 16.5 stuksBijzonderheden: B.l.1 roze pillen in gripzak 16,5 pilgewicht netto: 8,24 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6651NL Tablet, roze, uit 8,24 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754208 SIN: AANR4973NL Relatie met SIN: AANW6658NL, AANW6659NL Bijzonderheden: B. l. l. a groene pillen 9 stuks Omschrijving: 8 hele groene tabletten + 1 deel Gewicht netto: 4,46 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6658NL Tablet, groen, uit 4,05 gram Bevat MDMA Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW665NL Tablet, groen, uit 0,41 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754214 SIN: AANR4974NL Relatie met SIN: AANW6656NL, AANW6657NL Bijzonderheden: B. l. l. b, groen en oranje pillen beide 1,5 tot 3 pillen Omschrijving: 2 tabletten + delen Gewicht netto: 1,18 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6656NL Tablet, beige, uit 0,46 gram Bevat MDMA Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6657NL Tablet, beige, uit 0,72 gram Bevat MDMA -- Bewijsmiddel A Stenen berging (schuur), zichtbaar op stellingen:A.1.4: 52 gripzakjes met gekleurde pillen (in drie grote gripzakken) in een sporttas Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-2752726SIN: AANX1721NLAantal: 2641 pillenGewicht: 1160,8 gram Bijzonderheden: A.1.4 aangetroffen in schuurOmschrijving: Gripzakken

(52)met geel, groen, rood en paarse tabletten Goednummer: PL0900-2020409824-162583 SIN: AANZ6099NL Relatie met SIN: AANX1721NL gele tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige: Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANZ6099NL Tablet, geel, uit 1160,80 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-162584 SIN: AANZ6100NL Relatie met SIN: AANX1721NL Groene tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANZ6100NL Tablet, groen, uit 1160,80 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-162585 SIN: AANZ6101NL Relatie met SIN: AANX1721NL paarse tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige: Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANZ6101NL Tablet, paars, uit 1160,80 gram Bevat MDMA Bewijsmiddel F Goednummer: PL0900-2020409824-162586 SIN: AANW6550NL Relatie met SIN: AANX1721NL rode tabletten uit partij van 1160,80 gram Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6550NL Tablet, rood, uit 1160,80 gram Bevat MDMA Conclusie: Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen tabletten bevattende MDMA (in ieder geval) de tenlastgelegde 1.334,31 gram betreft. 4.3.4.2 Met betrekking tot de amfetamine Bewijsmiddel B In het keukenblok zat een koel/vries-combinatie. In het diepvries gedeelte van de koel/vriescombinatie:C.5.1 een plastic bak met een witte substantieDe diepvries was verdeeld in enkele vakken. In het middelste vak lag een plastic bak. In dit vak lagen ook andere bevroren producten (etenswaren). Bij het openen van de diepvries was de plastic bak direct zichtbaar. Bewijsmiddel C Goednummer: PL0900-2020409824-2754217 SIN: AANR4789NL Relatie met SIN: AANW6584NL Bijzonderheden: C.5.1 witte substantie in plastic bak uit vriezer Gewicht netto: 277,0 gram Rapport van 4 januari 2021, opgesteld door ing. M. Visser – van Leeuwen, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6584NL Pasta, wit, uit 277,00 gram Bevat amfetamine -- Bewijsmiddel B Bovenop de keukenkast stond een plastic bord waarop onder andere een zakje wit poeder lag.C.6.1: zakje wit poeder Bewijsmiddel D Goednummer: PL0900-2020409824-2754298SIN: AANR4979NL Relatie met SIN: AANW6648NL Bijzonderheden: C.6.1 witte brokjes en kruimels op gele plastic bordOmschrijving: Plastic zak met wit/geel poeder en brokjes Gewicht: 16,21 gram Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving FO Conclusie AANW6648NL Poeder en brokjes, wit/geel,uit 16,21 gram Bevat amfetamine Conclusie: Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen substantie bevattende amfetamine 293,21 gram is. 4.3.4.3 Met betrekking tot de 2C-B Bewijsmiddel B In het keukenblok stond een koel/vriescombinatie met daarboven een keukenkast. In deze keukenkast stond een bruine tas. In de bruine tas zat: C.7.1 boterhamzakje met fluor gele pillen C.7.1.b gripzakje met paarse pillen, opschrift MM Bewijsmiddel C Goednummer: PL0900-2020409824-2754222SIN: AANR4788NL Relatie met SIN: AANW6581NL Bijzonderheden: C.7.1 fluor gele pillen in boterhamzakjeOmschrijving: 298 gele tabletten, in boterhamzakjeGewicht: 53,65 gram Goednummer: PL0900-2020409824-2754227SIN: AANR4828NL Relatie met SIN: AANW6583NL Bijzonderheden: C.7.1.b paarse pillen in gripzakje met opschrift mmOmschrijving: 25 paarse tabletten Gewicht: 3,66 gram Rapport van 4 januari 2021, opgesteld door ing. A.B.M. van Esch – de Bruin, NFI-deskundige Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie Kenmerk Omschrijving Resultaat AANW6581NL Monster, 3 tabletten (a 0,18 gram) geel Bevat 2C-B AANW6583NL Monster, 3 gleuftabletten (à 0,14 gram) Paars Bevat 2C-B Conclusie In het onderzoeksmateriaal is 2C-B (4-bromo-2,5-dimethoxyfenethylamine) aangetoond. Deze substantie is vermeld op lijst I van de Opiumwet. Conclusie: Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen tabletten bevattende 2C-B 57,31 gram is. 4.3.5 Voorts ten aanzien van feit 2 Bewijsmiddel A In de schuur bij de woning van verdachte werd aangetroffen: 37 doosjes Diazepam Een rapport van 19 februari 2021, opgemaakt door W. Best, specialistisch senior inspecteur bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd: Diazepam behoort tot de geneesmiddelengroep benzodiazepine agonisten. Diazepam staat op lijst II van de Opiumwet vanwege de kans op het optreden van verslaving. Het in bijlage 1 genoemde product Diazepam kan aangemerkt worden als geneesmiddel, zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid onder b Geneesmiddelenwet. Dit geneesmiddel valt tevens onder de bepalingen van de Opiumwet. Bijlage I: Diazepam, 37 doosjes, totaal aantal tabletten: 1.
  1. 4.3.6 Voorts ten aanzien van feit 3 Bewijsmiddel B In bruin tasje, aangetroffen in keukenkastje, zat: C.7.1.a boterhamzakje met een brok hash Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 4] Ik onderzocht een door collega’s aangetroffen hoeveelheid qua kleur en samenstelling op hennep gelijkende stof. Ik zag aan de kleur en de uiterlijke kenmerken van de aangetroffen drugs dat deze afkomstige zijn van een hennepplant. Tevens rook ik, dat de geur die de aangetroffen drugs verspreidden, overeenkwam met de kenmerkende geur van hennepplanten. Ik zag en voelde dat het een blok hash betrof. Ten behoeve van de drugsidentificatie werd tevens gebruik gemaakt van een door de Politie Utrecht voorgeschreven drugstestkit van de fabrikant M.M.C. International BV. Ik gebruikte daarbij een ampul van de drugsidentificatietest ‘Cannabis’, waarmee hennep, waaronder wordt begrepen elk deel van de restplant van het geslacht Cannabis dan wel gebruikelijke vaste mengsels van hennephars en plantaardige elementen van hennep kunnen worden aangetoond. Ik zag, dat tijdens het testen een duidelijke kleurreactie optrad. Deze reactie gaf een positieve indicatie op de aanwezigheid van hennep. Uit de determinatie en de drugstest mag gesteld worden, dat de inbeslaggenomen drugs resthennepplanten waren van het geslacht Cannabis. Deze plantensoort staat vermeld op lijst II onderdeel b van de Opiumwet. Ik zag dat de inhoud van het boterhamzakje met restanten van hennepplanten (blokje hash) in totaal een netto gewicht had van 0,0195 kilogram. Nettogewicht hennep 0,0195 x 1000 = 19,5 gram 4.3.7 Bewijsoverweging ten aanzien van de feiten 1, 2 en 3 Verdachte heeft ontkend op de hoogte zijn geweest van de aanwezigheid van de verdovende middelen in de woning en bijbehorende schuur. De rechtbank verwerpt dit verweer. Uit de bewijsmiddelen volgt dat de verdovende middelen verdeeld door de woning en schuur zijn aangetroffen. Het gaat dan om keukenkastjes, in de diepvriezer en in de slaapkamer, tussen levensmiddelen en andere gebruiksvoorwerpen, en de verdovende middelen lagen (grotendeels) ook in het zicht. Naar het oordeel van de rechtbank kan het daarom niet anders dan dat verdachte dit moet hebben gezien en op de hoogte was van de aanwezigheid van deze verdovende middelen. Dit ligt anders voor de GHB die is aangetroffen in de laadruimte van de Peugeot. Verdachte heeft weliswaar kort voor haar aanhouding nog in deze auto gereden, maar uit de bewijsmiddelen volgt niet dat zij wist van de jerrycans met GHB in de afgesloten laadruimte van de auto. Ook waren de jerrycans met GHB niet zichtbaar van buiten de Peugeot. Van dit onderdeel van de tenlastelegging zal verdachte dan ook partieel worden vrijgesproken. 4.3.8 Voorts ten aanzien van feit 6 Bewijsmiddel A Eerste verdieping (ouderslaapkamer) Op de grond een zwart vuurwapengelijkend voorwerp in een Jumbo boodschappentas die weer in een boodschappentas van Hoogvliet zat.. De boodschappentas van de Hoogvliet lag in het zicht in de hoek van de slaapkamer. De kartonnen doos van de verpakking van een wapen “Special Force 229S”, was zichtbaar, omdat je van bovenaf in de boodschappentas kon kijken. Kennisgeving inbeslagname, opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 5] , [verbalisant 6] , [verbalisant 7] en [verbalisant 8] Volgnummer 1 Goednummer: PL0900-2020410043-2752876 Categorie: Wapens Merk: Special Force SIN: AANW6498NL Registratienummer: [wapennummer 1] Bijzonderheden : Gasdrukpistool kaliber 4.5mm bb, merk win gun. Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 9] Naar aanleiding van de onder dit proces aangetroffen en in beslag genomen voorwerpen, is door mij, in het kader van de Wet wapens en munitie, een nader onderzoek aan deze voorwerpen ingesteld, waarbij het onderstaande werd bevonden. Omschrijving voorwerpen.
  2. Goednummers : PL0900-2020410043-2752876 (pistool) SIN : AANW6498NL (pistool) Wapen : nabootsing vuurwapen, gasdrukpistool Categorie : I sub
  3. Het vorenomschreven gasdrukpistool is een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen, namelijk een pistool, merk Sig Sauer, model P229 en is derhalve voor bedreiging of afdreiging geschikt. Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2, lid 1, categorie I, onder 7 van de Wet wapens en munitie gelet op artikel 3 onder a van de Regeling wapens en munitie. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 6 Verdachte heeft verklaard dat zij niet wist dat er een gasdrukpistool in haar slaapkamer lag. De rechtbank verwerpt dit verweer. Het wapen is aangetroffen in een tas die op de grond stond in haar slaapkamer. Nu verdachte ook in die slaapkamer sliep, staat daarmee vast dat zij (ook) het wapen voorhanden heeft gehad. Voorts kan het naar het oordeel van de rechtbank niet anders dan dat verdachte bekend was met de aanwezigheid van dit wapen, gezien de wijze hoe het op de slaapkamer in het zicht lag. De rechtbank zal verdachte vrijspreken van het voorhanden hebben van het wapen dat is aangetroffen in de Dodge Ram. Deze auto wordt door medeverdachte gebruikt, en niet door verdachte. Er is geen bewijs voorhanden waaruit blijkt dat verdachte dat wapen voorhanden heeft gehad, dan wel dat zij hiermee bekend was. 4.3.9 Voorts ten aanzien van feit 7 Bewijsmiddel B Op de grond van de (ouder) slaapkamer lag een klapmes “Inox” met een houten heft. Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 7] , Het inbeslaggenomen klapmes is een Stiletto als bedoeld in artikel 2 lid 1 categorie I onder 1 van de Wet Wapens en Munitie en is verboden ingevolge artikel 13 lid 1 van de Wet Wapens en Munitie. Strafbaarstelling in artikel 55 lid 1 van de Wet Wapens en Munitie. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 7 Het mes is aangetroffen op de vloer van de slaapkamer van verdachte en de medeverdachte. Dit maakt dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen acht dat verdachte en de medeverdachte dit mes voorhanden hadden. De hiervoor weergegeven bewijsmiddelen worden steeds gebruikt tot het bewijs van het feit of de feiten, waarop zij blijkens hun inhoud uitdrukkelijk betrekking hebben. Sommige onderdelen van de bewijsmiddelen hebben niet betrekking op alle feiten, maar op één of meerdere feiten. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: 1.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad - ongeveer 1334,31 gram, van een materiaal bevattende MDMA en- 293,21 gram van een materiaal bevattende amfetamine en- 57,31 gram van een materiaal bevattende 2C-B en- zijnde MDMA en amfetamine en 2C-B, zijnde middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;2.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad 1110 pillen, van een materiaal bevattende Diazepamzijnde Diazepam, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;3.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een ander, aanwezig heeft gehad 19,5 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;6.op 17 december 2020 te Woerden tezamen en in vereniging met een ander een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk een voorwerp dat voor wat betreft de vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoont met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weten een voorwerp in de vorm van een pistool, merk Wingun, model Special force 229S, kaliber 4.5MM BB (voorzien van wapennummer [wapennummer 1] ), heeft voorhanden gehad; 7.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een ander, een wapen van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten een stiletto, heeft voorhanden gehad. Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op: Feit 1 Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd; Feit 2 en 3 Telkens, medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod; Feit 6 en 7 Telkens, medeplegen van handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF 8.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot: - een gevangenisstraf van 6 maanden, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren; - een taakstraf van 240 uren, met aftrek van het voorarrest, indien niet of niet naar behoren verricht te vervangen door 120 dagen hechtenis. 8.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging bepleit een lagere straf op te leggen dan door de officier van justitie is gevorderd. Verdachte heeft de zorg over jonge, kwetsbare kinderen. 8.3 Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. Verdachte had samen met haar partner diverse soorten drugs voorhanden. Deze drugs lagen door de hele woning verspreid: in de vriezer, onder de oven, in keukenkastjes en op de slaapkamer. Ook lagen in de berging bij de woning grote hoeveelheden verboden middelen. En dit terwijl zij met hun vier kinderen in de woning leefden. Hiermee hebben verdachte en medeverdachte het risico genomen dat hun kinderen in hun onwetendheid deze drugs zouden innemen. Door dit te doen heeft verdachte ook bijgedragen aan het in stand houden van de handel in drugs. Daarnaast is het een feit van algemene bekendheid dat het gebruik van synthetische drugs, zoals MDMA en amfetamine, grote gezondheidsrisico’s meebrengt voor de gebruikers daarvan. Ten slotte had verdachte een verboden (nep)wapen en mes in huis. Uit het strafblad (de justitiële documentatie) van verdachte van 30 december 2021 blijkt dat zij in het verleden is veroordeeld in verband met de Opiumwet. Deze veroordeling vond echter zodanig lang geleden plaats dat de rechtbank dit niet in het nadeel van verdachte zal meewegen bij de hoogte van de strafoplegging. Gelet op de aard van de bewezen verklaarde feiten en de hoeveelheid daarvan kan in beginsel niet worden volstaan met een straf die geen vrijheidsbeneming met zich brengt. Nu het aandeel van verdachte in de feiten waarvoor zij wordt veroordeeld kleiner is dan dat van de medeverdachte, zal de rechtbank de gevangenisstraf aan verdachte geheel voorwaardelijk opleggen. Daarnaast zal aan verdachte een taakstraf van 120 uur worden opgelegd. Dit is lagere taakstraf dan door de officier van justitie is geëist. Dit wordt veroorzaakt doordat de rechtbank voor een aantal onderdelen van de tenlastelegging tot een vrijspraak komt en rekening houdt met het aandeel van verdachte in de bewezen verklaarde feiten. Alles overziende acht de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden en een taakstraf van 120 uur passend en geboden. 9TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22a en 22d, 47, 57 van het Wetboek van Strafrecht en 2, 3, 10 en 11 van de Opiumwet en 13 en 55 Wet wapens en munitie zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 10BESLISSING De rechtbank: Vrijspraak - verklaart het onder feit 4 en 5 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Bewezenverklaring - verklaart het onder feit 1, 2, 3, 6 en 7 ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld; - verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Strafbaarheid - verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; Oplegging straf - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 3 maanden; - bepaalt dat deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd; - als voorwaarde geldt dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit; - stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast; - veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 120 (honderdtwintig) uren; - beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 60 dagen hechtenis; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de taakstraf in mindering zal worden gebracht, berekend naar de maatstaf van 2 uren taakstraf per dag; Voorlopige hechtenis - heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis. Dit vonnis is gewezen door mr. A. Blanke, voorzitter, mrs. S.M. Schothorst en E. Slager, rechters, in tegenwoordigheid van D.G.W. van de Haar-Kleijer, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 24 maart
  4. De voorzitter is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat zij 1op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 1334,31 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en/of- ongeveer 293,21 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine en/of- ongeveer 57,31 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2C-B en/of- ongeveer 148,2 kilogram, in elk geval een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende gamma-hydroxyboterzuur (GHB)zijnde MDMA en/of amfetamine en/of 2C-B en/of gamma-hydroxyboterzuur, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;2op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 1110 pillen, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende Diazepamzijnde Diazepam,een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;3op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, aanwezig heeft gehad ongeveer 19,5 gram, in elk geval een hoeveelheid van niet meer dan 30 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;4op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen het grondgebied van Nederland brengen van amfetamine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde amfetamine een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I voor te bereiden en/of te bevorderen, 863,3 gram Fenylazijnzuur, voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);5op of omstreeks 17 december 2020, te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, één of meer voorwerp(en), te weten een geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer) 11.650 euro, althans één of meer (grote) geldbedragen, in ieder geval enig(e) geldbedrag(en), de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft/hebben verborgen en/of verhuld, althans heeft/hebben verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op die/dat voorwerp(en), te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), was of wie bovenomschreven voorwerp, te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), voorhanden haden/of(telkens) één of meer voorwerpen(en) te weten een geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer) 11.650 euro, in ieder geval enig(e) geldbedrag(en), heeft/hebben verworven, voorhanden heeft/hebben gehad, heeft/hebben overgedragen en/of omgezet, althans van een voorwerp, te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), gebruik heeft/hebben gemaakt, terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden, dat bovenomschreven voorwerp(en) -onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig (eigen) misdrijf;6op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer wapens van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk meerdere voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertonen met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weten- een voorwerp in de vorm van een pistool, merk Wingun, model Special force 229S,kaliber 4.5MM BB (voorzien van wapennummer [wapennummer 1] ), en/of- een voorwerp in de vorm van een pistool, kaliber 6mm BB (voorzien van nummer [wapennummer 2] )heeft voorhanden gehad;7op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,een wapen van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten een stiletto heeft voorhanden gehad; Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal PL090-2020409824, opgemaakt door politie Eenheid Midden-Nederland, doorgenummerd pagina 1 tot en met
  5. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Bewijsmiddel A, pagina 31 Bewijsmiddel A, pagina 29 Bewijsmiddel B, pagina 193 Bewijsmiddel D, pagina 273 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 281 Bewijsmiddel B, pagina 193 Bewijsmiddel D, pagina 274 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 283 Bewijsmiddel A, pagina 29 Bewijsmiddel D, pagina 274 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 280 Bewijsmiddel B, pagina 195 Bewijsmiddel D, pagina 274 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 285 Bewijsmiddel D, pagina 275 Bewijsmiddel D, pagina 276 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 284 Bewijsmiddel D, pagina 275 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 286 Bewijsmiddel B, pagina 191 en 192 Bewijsmiddel D, pagina 273 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 279 Bewijsmiddel D, pagina 277 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 289 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 290 Bewijsmiddel D, pagina 276 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 287 NFI-rapport van 15 januari 2021, pagina 288 Bewijsmiddel A, pagina 30 Bewijsmiddel F, pagina 129 Bewijsmiddel F, pagina 130 NFI-rapport van 21 december 2020, pagina 135 Bewijsmiddel F, pagina 130 NFI-rapport van 21 december 2020, pagina 134 Bewijsmiddel F, pagina 130 NFI-rapport van 21 december 2020, pagina 133 Bewijsmiddel F, pagina 130 Bewijsmiddel F, pagina 131 NFI-rapport van 21 december 2020, pagina 132 Bewijsmiddel B, pagina 194 Bewijsmiddel C, pagina 265 NFI-rapport van 4 januari 2021, pagina 267 Bewijsmiddel B, pagina 194 Bewijsmiddel C, Pagina 273 NFI-rapport van 4 januari 2021, pagina 282 Bewijsmiddel B, pagina 194 en 195 Bewijsmiddel C, pagina 264 Bewijsmiddel C, pagina 265 NFI-rapport van 28 januari 2021, pagina 269 Bewijsmiddel A, pagina 29 Deskundigenrapport, pagina 226 Deskundigenrapport, pagina 229 Deskundigenrapport, pagina 230 Bewijsmiddel B, pagina 194 en 195 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 4] , pagina 238 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 4] , pagina 239 Bewijsmiddel A, pagina 30 en 42 Bewijsmiddel B, pagina 192 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 5] , [verbalisant 6] , [verbalisant 7] en [verbalisant 8] , pagina 294 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 9] , pagina 231 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 9] , pagina 232 Bewijsmiddel B, pagina 193 Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 7] , pagina 318

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.