vonnis RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Civiel recht handelskamer locatie Lelystad zaaknummer / rolnummer: C/16/538173 / KL ZA 22-73 Vonnis in kort geding van 7 juni 2022 in de zaak van de stichting STICHTING CLIMATE INTELLIGENCE, gevestigd te Amsterdam, eiseres, verder te noemen Clintel, advocaat mr. E.H. Boucher, tegen de vereniging KRO-NCRV, gevestigd te Hilversum, gedaagde, verder te noemen KRO-NCRV, advocaten mrs. L. Oranje en L. Power. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 13 mei 2022, met 14 producties; de conclusie van antwoord, met 24 producties; nadere producties 25 tot en met 29 van KRO-NCRV; de mondelinge behandeling op 24 mei 2022; de spreekaantekeningen van Clintel; de spreekaantekeningen van KRO-NCRV. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2Waar gaat de zaak over? 2.1. Clintel, opgericht in 2019 door [A] en [B] , is - volgens haar eigen website - een onafhankelijke stichting die objectief bericht over klimaatverandering en klimaatbeleid. Zij beheert daarnaast de website www.resinbeeld.nl (hierna: RESinbeeld). Met RESinbeeld wil Clintel de Nederlandse burger informeren over de Regionale Energiestrategie (RES). Burgers kunnen foto’s insturen van locaties waar mogelijk windmolens of zonneparken komen. De redactie van RESinbeeld monteert vervolgens in die foto’s digitaal de windmolens of zonneparken. 2.2. KRO-NCRV is een publieke omroepsvereniging die onder meer het televisieprogramma “Pointer” (hierna: Pointer) uitzendt. Pointer is een platform voor onderzoeksjournalistiek. 2.3. Op 26 februari 2020 heeft Pointer op haar website een artikel gepubliceerd over Clintel met als titel: “Klimaattwijfel zaaien met hulp van oliegeld en populistisch rechts netwerk.”. Dit artikel heeft Pointer gepubliceerd naar aanleiding van een onderzoek van Platform Authentieke Journalistiek, Follow the Money en Pointer. Clintel heeft op 1 maart 2020 op het artikel gereageerd en uiteengezet dat zij geen gelden ontvangt van de olie-industrie. 2.4. Op 14 maart 2022 heeft KRO-NCRV een uitzending van Pointer uitgezonden op televisie (hierna: de Uitzending). De titel van de Uitzending luidt: “Klimaatconflict in de gemeenteraad”. In de Uitzending komen (onder meer) Clintel en RES aan bod. De Uitzending is nog te bekijken op (onder meer) de website van Pointer. Op 14 maart 2022 heeft Pointer ook een artikel gepubliceerd op haar website met de titel: “Anti-windmolenlobbyist verspreidt desinformatie; nu ook met eigen politieke partij.” (hierna: het Artikel). Het Artikel gaat (onder meer) over Clintel en RES. In de Uitzending en het Artikel verwijst Pointer naar de eerdere publicatie van 26 februari 2020. 2.5. Volgens Clintel zijn in de Uitzending en in het Artikel over haar acht uitlatingen gedaan die in strijd zijn met de waarheid en waarmee de eer en goede naam van Clintel en RESinbeeld zijn aangetast. De advocaat van Clintel heeft in een brief van 18 maart 2022 KRO-NCRV verzocht om deze uitlatingen te rectificeren. In een e-mail van 24 maart 2022 heeft KRO-NRCV hierop gereageerd, waarin zij schrijft zich niet te herkennen in de stelling van Clintel en daarom ook niet bereid is om de gedane uitlatingen te rectificeren. 3Wat is het geschil? 3.1. Clintel vordert bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis: I. KRO-NCRV te veroordelen om de in de Uitzending gedane uitlatingen alsmede de gedane uitlatingen via de daaraan gerelateerde website en sociale media op en rond die datum te rectificeren op de wijze zoals is vermeld onder 1 van het petitum in de dagvaarding, althans op een door de voorzieningenrechter te bepalen wijze; II. te bepalen dat zolang KRO-NCRV de Uitzending online beschikbaar blijft stellen, zij wordt geboden om de onder I te wijzen rectificatie integraal en op de in de geëiste rectificatie geformuleerde wijze te tonen voorafgaand aan het online afspelen van de Uitzending; III. te bepalen dat zolang KRO-NCRV de gewraakte teksten in de genoemde sociale media laat staan, zij deze duidelijk zichtbaar en leesbaar gepaard laat gaan van de onder I toe te wijzen rectificatie; IV. KRO-NCRV te veroordelen tot betaling van een dwangsom van € 25.000,00 voor elke dag of gedeelte van een dag dat KRO-NCRV in gebreke is met het voldoen aan het hiervoor onder I tot en met III gevorderde; V. KRO-NCRV te veroordelen tot betaling van de proces- en nakosten. 3.2. Clintel legt – samengevat – aan haar vorderingen ten grondslag dat de acht uitlatingen die Pointer over haar heeft gedaan in de Uitzending en in het Artikel onrechtmatig zijn. 3.3. KRO-NCRV heeft verweer gevoerd tegen de vorderingen van Clintel. Volgens haar zijn de betreffende acht uitlatingen niet onrechtmatig en hoeft zij om die reden die uitlatingen ook niet te rectificeren. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling Spoedeisend belang 4.1. Het meest verstrekkende verweer van KRO-NCRV is dat Clintel geen spoedeisend belang heeft bij haar vorderingen, omdat een groot deel van de uitlatingen een herhaling zijn van al eens eerder gepubliceerde bevindingen, afkomstig uit een eerder onderzoek. Naar aanleiding daarvan werd al op 26 februari 2020 een artikel op de website van Pointer gepubliceerd (zie hiervoor onder 2.3). Dit verweer slaagt niet. Ook als het juist is dat een deel van de uitlatingen al in 2020 naar buiten is gebracht, is het aannemelijk dat Clintel door de Uitzending en het Artikel weer publieke belangstelling heeft gekregen, waaronder negatieve belangstelling. In het licht hiervan heeft zij er belang bij dat zo spoedig mogelijk een oordeel wordt gegeven over de vraag of de uitlatingen die over haar zijn gedaan in de Uitzending en in het Artikel al dan niet onrechtmatig zijn. Het toetsingskader 4.2. In deze zaak gaat het om de vraag of de gewraakte uitlatingen die zijn gedaan in de Uitzending en in het Artikel onrechtmatig waren jegens Clintel. Bij de vraag of een uiting onrechtmatig is, zijn twee grondrechten aan de orde. Aan de ene kant het recht op vrijheid van meningsuiting van degene die de uitlating doet (artikel 7 Grondwet en artikel 10 EVRM). Aan de andere kant het recht op eerbiediging van de eer en goede naam van degene over wie de uitlating gaat (artikel 10 Grondwet en artikel 8 EVRM). Tussen die twee fundamentele rechten bestaat geen rangorde, zodat per geval aan de hand van de specifieke omstandigheden moet worden bepaald welk grondrecht in deze situatie zwaarder moet wegen. Het gaat daarbij niet om een in twee fasen te verrichten toetsing (aldus dat eerst aan de hand van de omstandigheden moet worden bepaald welk van beide rechten zwaarder weegt, waarna vervolgens nog moet worden beoordeeld of de noodzakelijkheidstoets als neergelegd in artikel 8 lid 2 respectievelijk 10 lid 2 EVRM zich verzet tegen het resultaat van die afweging). Deze toetsing moet in één keer gebeuren, waarbij het oordeel dat een van beide rechten, gelet op alle relevante omstandigheden, zwaarder weegt dan het andere recht, meebrengt dat de inbreuk op het andere recht voldoet aan de noodzakelijkheidstoets van het desbetreffende lid 2. 4.3. Bij de toetsing die moet plaatsvinden om te komen tot het oordeel welk van de botsende grondrechten in dit geval voorrang krijgt, zijn onder meer de volgende omstandigheden relevant. 1. de aard van de gepubliceerde uitlatingen en de ernst van de te verwachten gevolgen voor degene op wie die uitlatingen betrekking hebben, 2. de ernst - bezien vanuit het algemeen belang - van de misstand die aan de kaak wordt gesteld, 3. de mate waarin de uitlatingen steun vinden in het beschikbare feitenmateriaal ten tijde van de publicatie, 4. de totstandkoming en inkleding van de uitlatingen, 5. de kans dat de informatie ook zonder de verweten publicatie in de publiciteit zou zijn gekomen. Genoemde omstandigheden wegen niet allen even zwaar. Welke omstandigheden van toepassing zijn en welk gewicht daaraan moet worden gehecht, hangt af van het concrete geval. Toepassing van het toetsingskader 4.4. Voor Clintel geldt dat het gaat om het recht op eerbiediging van de eer en goede naam door niet op lichtzinnige wijze te worden blootgesteld aan ernstige verdachtmakingen en beschuldigingen die gebaseerd zijn op onjuiste dan wel onvolledige feiten of suggesties. Het belang van KRO-NCRV is dat zij met haar programma Pointer misstanden aan de kaak moet kunnen stellen en het publiek moet kunnen voorlichten en waar nodig waarschuwen. In het kader van de belangenafweging komen de acht bestreden uitlatingen hierna achtereenvolgens aan de orde. Uitlating 1: Clintel wordt gefinancierd door de olie-industrie 4.5. In de Uitzending en in het Artikel komt herhaaldelijk aan de orde dat Clintel (mede) gefinancierd wordt door de olie-industrie. Volgens Clintel is dit onjuist: zij ontvangt gelden van private donateurs en moet rondkomen van een budget van ongeveer € 100.000,00 per jaar. KRO-NCRV verwijst ter onderbouwing van de uitlating naar een artikel van Platform Authentieke Journalistiek, Follow the Money en Pointer van 25 februari 2020, genaamd: “Klimaatsceptisch Nederland profiteert nog altijd van netwerk en geld uit fossiele industrie” (productie 29 Conclusie van Antwoord). Volgens KRO-NCRV wordt in dit artikel beschreven dat Clintel is opgericht uit een stichting die voor een groot deel is gefinancierd door geld uit de olie-industrie en dat een deel van het geld dat Clintel heeft ontvangen, bestaat uit geld wat op enige wijze afkomstig is uit de olie-industrie. Volgens KRO-NCRV rechtvaardigen deze omstandigheden de stelling dat Clintel wordt gefinancierd door de olie-industrie. Clintel heeft echter destijds gereageerd op het artikel van 25 februari 2020, met de mededeling dat zij geen gelden van de fossiele industrie ontvangt. In reactie daarop heeft Follow the Money als volgt gereageerd: “Noch de titel, noch het artikel zelf stelt dat er direct geld van de fossiele industrie naar de banrekening van Clintel stroomt, of dat heeft gedaan. De titel van het artikel luidt: ‘Klimaatsceptisch Nederland profiteert nog altijd van netwerk en geld uit fossiele industrie’ en die constatering wordt in het artikel onderbouwd met feiten.” De reactie van Clintel en de reactie van Follow the Money daarop zijn onder het artikel van 25 februari 2020 geplaatst op de website van Follow the Money. Gelet hierop is de voorzieningenrechter van oordeel dat, anders dan KRO-NCRV meent, het artikel van Follow the Money onvoldoende steunt biedt voor de stelling dat Clintel (mede) wordt gefinancierd door de olie-industrie. 4.6. Dat Clintel deels door de olie-industrie wordt gefinancierd, blijkt volgens KRO-NCRV verder uit de betrokkenheid van Clintel bij CFGSEC, een onderzoeksproject van de heer [A] (medeoprichter Clintel) in samenwerking met TNO. KRO-NCRV heeft in dat kader aangevoerd dat CFGSEC grotendeels werd gefinancierd vanuit het Delphi Consortium. Dat is een samenwerkingsverband van de olie- en gasindustrie primair gericht op geologisch onderzoek, dat in de jaren ’80 door [A] vanuit de TU Delft is opgericht. Verder heeft KRO-NCRV aangevoerd dat [A] zowel in 2018 als in 2019 als directeur van CFGSEC heeft aangekondigd dat hij een klimaatinstituut wil oprichten. Uiteindelijk is dat Clintel geworden. Dat Clintel gelden ontvangt van de olie-industrie blijkt volgens KRO-NCRV verder uit het feit dat diverse auteurs van Clintel ( [C] , [D] , [E] ) geld ontvangen vanuit de olie-industrie. 4.7. De voorzieningenrechter deelt het standpunt van KRO-NCRV niet. Uit de betrokkenheid van [A] bij CFGSEC en de omstandigheid dat auteurs van Clintel geld ontvangen vanuit de olie-industrie, valt wellicht een verband te construeren tussen Clintel en de olie-industrie, maar dat betekent nog niet dat Clintel ook gefinancierd wordt vanuit de olie-industrie. Voor die stelling zijn meer aanknopingspunten nodig. 4.8. Ten slotte heeft KRO-NCRV naar voren gebracht dat Clintel een donatie heeft ontvangen van [F] . Hij is enig aandeelhouder van [bedrijf] , een bedrijf op het gebied van offshore installatie van pijpleidingen voor olie- en gastransport. Volgens KRO-NCRV blijkt ook hieruit dat Clintel deels is gefinancierd door de olie-industrie. Ook dit is naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet voldoende. Nog los van de vraag of er in omvang sprake is geweest van een ‘aanzienlijke’ of een ‘bescheiden’ donatie (volgens Clintel ging het namelijk om een donatie van € 500,00; KRO-NCRV betwist dat dit klopt), is deze omstandigheid onvoldoende ter staving van het standpunt dat Clintel (mede) door de fossiele industrie wordt gefinancierd. Eén donatie van onbekende omvang door een privépersoon volstaat niet. Ook niet als vaststaat dat deze persoon belangen heeft parallel aan de olie-industrie. 4.9. Uit het voorgaande volgt dat de uitlating, dat Clintel mede wordt gefinancierd door de olie-industrie, onvoldoende steun vindt in het beschikbare feitenmateriaal. Daarnaast heeft Pointer, zoals ook door Clintel naar voren is gebracht, ten onrechte het standpunt van Clintel op dit punt niet in de Uitzending betrokken, terwijl dit standpunt wel al bekend was bij Pointer. Clintel had immers haar standpunt over de vermeende financiering vanuit de olie-industrie al kenbaar gemaakt naar aanleiding van het in 2020 verschenen artikel van Platform Authentieke Journalistiek, Follow the Money en Pointer. Met inachtneming van het voormelde toetsingskader, leidt dit alles tot de conclusie dat KRO-NCRV ten aanzien van ‘uitlating 1’ onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld. De uitlating is onrechtmatig jegens Clintel. Uitlating 2: Clintel is een "lobbyclub" 4.10. In de Uitzending [en in het Artikel] wordt Clintel herhaaldelijk een ‘lobbyclub’ genoemd. Volgens Clintel is dit een onrechtmatige uitlating, omdat zij hiermee ten onrechte wordt bestempeld als een organisatie met een commercieel belang die achter de schermen probeert de democratische besluitvorming te beïnvloeden en te ondermijnen. Volgens KRO-NCRV doelt zij met ‘lobbyclub’ op het feit dat Clintel probeert invloed uit te oefenen op de politiek om zo het klimaatbeleid bij te sturen. 4.11. Gelet op de standpunten van partijen, gaat het in feite om de vraag wat de definitie is van het begrip “lobbyen”. Die definitie is niet eenduidig en dus voor meerdere uitleg vatbaar. De definitie die KRO-NCRV aan dit begrip geeft, is naar het oordeel van de voorzieningenrechter een houdbare definitie. Het feit dat Clintel van mening is dat het begrip ‘lobbyen’ een andere definitie heeft, waarbij zij meer de nadruk legt op de financiële motieven die een lobbyist zou hebben, maakt daarom niet dat KRO-NCRV onrechtmatig jegens Clintel heeft gehandeld. Dat Clintel probeert het klimaatbeleid bij te sturen door invloed uit te oefenen op de politiek, vindt voldoende steun in het beschikbare feitenmateriaal. Zo staat onder meer op de website van Clintel: “CLINTEL pleit voor een rationele, pragmatische houding, zowel ten aanzien van de klimaatwetenschap als ten aanzien van het klimaatbeleid. (…) CLINTEL zal veel verschillende dingen ondernemen: rapporten, wetenschappelijke artikelen en opiniestukken publiceren, lezingen geven, (buitenlandse) sprekers uitnodigen en bijeenkomsten organiseren, deelnemen aan hoorzittingen en ronde tafelgesprekken in bijv. de Tweede Kamer, of aan juridische procedures. Daarbij is de rol van CLINTEL die van voorstander van een redelijk en gebalanceerd klimaatbeleid gebaseerd op de beste beschikbare wetenschap. Clintel gaat daarbij steeds actief op zoek naar mogelijkheden om directe input te geven aan beleidsmakers en andere beslissers, zoals politici, overheidsinstanties en rechterlijke instanties.” Verder heeft KRO-NCRV onweersproken naar voren gebracht dat Clintel in haar nieuwsbrief van 31 december 2021 schreef: “In 2020 CLINTEL wrote an energy vision, the Energia Renovabilis (in Dutch). This document was used to convince politicans that nuclear power is the energy of the future”. Ook volgens de eigen stellingen van Clintel mengt zij zich actief in het klimaatdebat om haar visie op het klimaatbeleid en de klimaatverandering, die afwijkt van de heersende opvatting, kenbaar te maken. Gelet op deze omstandigheden en met inachtneming van het voormelde toetsingskader, komt de voorzieningenrechter tot de conclusie dat KRO-NCRV niet onrechtmatig heeft gehandeld door Clintel in de Uitzending en in het Artikel herhaaldelijk te omschrijven als ‘lobbyclub’. Uitlating 3: Clintel voert een internationale desinformatiecampagne ten aanzien van het klimaat(beleid) 4.12. In de Uitzending en in het Artikel benoemt Pointer dat Clintel een internationale desinformatiecampagne voert ten aanzien van het klimaat(beleid). Volgens Clintel beschuldigt Pointer haar hier ten onrechte van en heeft Pointer die stelling bovendien ook op geen enkele wijze onderbouwd. Volgens KRO-NCRV opereert Clintel internationaal en mocht Pointer, gezien de stand van de wetenschap, de stelling innemen dat de informatie die Clintel verspreidt niet klopt. 4.13. Dat Clintel internationaal actief is, volgt uit de eigen stellingen van Clintel en vindt ook voldoende steun in het beschikbare feitenmateriaal. Zo volgt uit het onderzoek van (onder meer) Follow the Money (productie 29 Conclusie van Antwoord) (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.