RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16-027007-22 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 10 oktober 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1992] te [geboorteplaats] , wonende aan de [adres] te [woonplaats] , ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres: [adres] te [woonplaats] , Nederland. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter openbare terechtzitting op 8 juni 2022 en 26 september
(2)jaren vast; - als algemene voorwaarde geldt dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit; - als voorwaarden gelden voorts dat verdachte: * ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt; * medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen; - stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte: zich binnen één werkdag na het ingaan van de proeftijd bij Reclassering Nederland meldt op het adres Zwarte Woud 2 te Utrecht. Verdachte blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt; zich laat behandelen door De Waag Amersfoort of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling; - veroordeelt verdachte voorts tot een taakstraf van 180 uren; - beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 90 dagen hechtenis; Benadeelde partijen wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 1.000,-; veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 oktober 2021 tot de dag van volledige betaling; verklaart [slachtoffer 1] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 1.000,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 oktober 2021 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 20 dagen gijzeling; bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed; wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 1.009,87; veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 juni 2021 tot de dag van volledige betaling; verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 1.009,87 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 juni 2021 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 20 dagen gijzeling; bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed. Dit vonnis is gewezen door mr. P.K. van Riemsdijk, voorzitter, mr. P.C. Quak en mr. A. Maas, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.H.A. de Poot, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 10 oktober 2022. Zijnde mr. Quak buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: Feit 1 hij op of omstreeks 28 oktober 2021 te [plaats] , althans in het arrondissement Midden-Nederland, door geweld en / of een andere feitelijkheid en/ of door bedreiging met geweld en /of een andere feitelijkheid [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handelingen, immers heeft/is hij, verdachte - met zijn hand gewreven/gestreeld over een been (richting het kruis) en/of de rug (richting de billen) van die [slachtoffer 1] en/of - die [slachtoffer 1] (ongevraagd) op de wang gekust en/of - met zijn hand(
- en)naar beneden gegaan, althans naar het onderlijf van die [slachtoffer 1] gegaan en/of - die [slachtoffer 1] naar zich toe getrokken en/of (vervolgens) zijn harde geslachtsdeel tegen de onderbuik en/of schaamstreek van die [slachtoffer 1] aangedrukt, en bestaande dat geweld en/of die feitelijkhe(i)d(
- en)uit het - verzoeken/vragen aan die [slachtoffer 1] mee te gaan naar achteren in de winkel en/of - ( stevig) vast/beet pakken van die [slachtoffer 1] en/of - ( ongevraagd) proberen haar te zoenen en/of geven van een knuffel aan haar en/of - duwen van de armen van die [slachtoffer 1] om zijn schouders en/of - duwen van die [slachtoffer 1] tegen een deur en/of - ( aldus) houden van die [slachtoffer 1] in een door hem gecontroleerde situatie en/of een afhankelijke positie en/of - ( aldus) - ook door het leeftijdsverschil en/of het feitelijk overwicht - doen opleveren, althans doen ontstaan, van een zodanige psychische druk dat zij geen weerstand kon bieden, in ieder geval het doen ontstaan van een situatie waarin die [slachtoffer 1] geen ‘nee’ kon zeggen en/of - onverhoeds/plotseling uitvoeren van (boven)genoemde ontuchtige handeling(
- en)en/of - door misbruik maken van de afhankelijkheidsrelatie die bestond tussen verdachte en die [slachtoffer 1] , welke afhankelijkheidsrelatie voortkwam uit zijn, verdachtes, positie als leidinggevende en/of de daaruit voortvloeiende gezagsverhouding ten opzichte van die [slachtoffer 1] , werkzaam als stagaire; Feit 2 hij op of omstreeks 11 juni 2021 te [plaats] , althans in het arrondissement Midden- Nederland, door geweld en / of een andere feitelijkheid en! of door bedreiging met geweld en /of een andere feitelijkheid [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handelingen, immers heeft hij, verdachte - in de borst van die [slachtoffer 2] geknepen en/of - zijn harde geslachtsdeel tegen de onderbuik en/of schaamstreek van die [slachtoffer 2] aangedrukt en/of - één of meer rij-beweging(
- en)gemaakt tegen die [slachtoffer 2] , en bestaande dat geweld en/of die feitelijkhe(i)d(
- en)uit het - verzoeken/vragen aan die [slachtoffer 2] om een wijntje te drinken met hem verdachte en/of - afsluiten/op slot doen van de deur van de/dat winkel/pand waar die [slachtoffer 2] zich bevond met hem, verdachte en/of - het achterover drukken/houden van die [slachtoffer 2] in een (massage)stoel en/of - ( vervolgens) gaan liggen op die [slachtoffer 2] en/of - ( ongevraagd) proberen die [slachtoffer 2] in de nek te zoenen en/of - onverhoeds/plotseling uitvoeren van (boven)genoemde ontuchtige handeling(
- en)en/of - ( aldus) houden van die [slachtoffer 2] in een door hem gecontroleerde situatie en/of een afhankelijke positie en/of - het (aldus) - ook door het leeftijdsverschil en/of het feitelijk overwicht - doen opleveren, althans doen ontstaan, van een zodanige psychische druk dat zij geen weerstand kon bieden, in ieder geval het doen ontstaan van een situatie waarin die [slachtoffer 2] geen ‘nee’ kon zeggen. Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 7 februari 2022, genummerd PL0900-2021342310, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 64. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Pagina 6. Pagina 7. Pagina 8. Pagina 20. Pagina 21. Pagina 22. Pagina 13. Pagina 14. Pagina 15. Pagina 54. Pagina 53. Pagina 30. Pagina 31. Pagina 32. Pagina 33. Pagina 36. Pagina 37. Pagina 50.