RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummers: 16.177517.22; 16-304699-20 (vord. tul) (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 23 november 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1983] te [geboorteplaats] , wonende aan de [adres] te [woonplaats] , hierna: verdachte. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 9 november
- De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. E. Wiersma en van hetgeen verdachte en zijn raadsvrouw, mr. R.J. Jager, advocaat te Utrecht, naar voren hebben gebracht. 2TENLASTELEGGING De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er in het kort op neer dat verdachte: op 12 juli 2022 te Amersfoort brand heeft gesticht aan een Volkswagen Polo, waarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten was. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het tenlastegelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4VRIJSPRAAK 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht het tenlastegelegde wettig en overtuigend te bewijzen. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit van het tenlastegelegde wegens gebrek aan bewijs. De raadsvrouw heeft eveneens bepleit dat gedeeltelijke bewijsuitsluiting dient te volgen, nu sprake was van een onrechtmatige doorzoeking van de woning van verdachte. 4.3 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank heeft op grond van wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging gekregen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en zal verdachte hiervan vrijspreken. De rechtbank licht dit als volgt toe. Uit het dossier blijkt dat geen onderzoek is verricht naar de oorzaak van de brand aan de Volkswagen Polo, zodat een andere oorzaak dan brandstichting niet buiten redelijke twijfel kan worden uitgesloten. Bovendien laat de inhoud van de bewijsmiddelen twijfel bestaan over de vraag of de fietser die om 19.59 uur in de Tannhauserstraat (komend vanuit de richting van het Tannhauserplein) op de camerabeelden is gezien – en door verbalisant [verbalisant] is herkend als verdachte – dezelfde persoon is als de man die rond 20.00 uur door getuige [getuige] bij de Volkswagen Polo is gezien. Nu niet alleen twijfel bestaat over de oorzaak van de brand, maar ook over de rol die verdachte daarbij mogelijk heeft gespeeld, zal de rechtbank verdachte vrijspreken. Gelet op dit oordeel van de rechtbank zal de rechtbank het verweer van de raadsvrouw betreffende de onrechtmatige doorzoeking niet inhoudelijk bespreken. 5VORDERING TENUITVOERLEGGING De rechtbank zal de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 16-304699-20 afwijzen, nu de rechtbank verdachte zal vrijspreken van het tenlastegelegde. 6BESLAG Teruggave aan de rechthebbende De rechtbank zal teruggave gelasten van het in beslag genomen voorwerp, te weten 1 STK aanmaakblokjes, aan degene die redelijkerwijs als rechthebbende van dit voorwerp kan worden aangemerkt. 7BESLISSING De rechtbank: Vrijspraak - verklaart het tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 16-304699-20 - wijst af de vordering tot tenuitvoerlegging; Beslag - gelast de teruggave aan degene die redelijkerwijs kan worden aangemerkt als rechthebbende van het volgende voorwerp: 1 STK aanmaakblokjes. Dit vonnis is gewezen door mr. M.E. Dekker, voorzitter, mr. A.A.T. Werner en mr. P.C. Quak, rechters, in tegenwoordigheid van mr. I.M. Dijkstra, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 23 november
- Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 12 juli 2022 te Amersfoort, in elk geval in Nederland,opzettelijkbrand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met één of meerdereaanmaakblokjes,althans met een brandbare stof en/of (vervolgens) die/dat aanmaakblokje(s) op/in(de autoband van) een personenvoertuig heeft gelegdten gevolge waarvan een personenvoertuig (Volkswagen Polo) geheel of gedeeltelijkis/zijn verbrand, in elkgeval brand is ontstaan,en daarvan gemeen gevaar voor in de nabijheid geparkeerde voertuigen en/ofaangrenzende gebouwen, in elk geval gemeen gevaar voorgoederen, te duchten was; ( art 157 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht )