← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2022:811

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Lelystad Parketnummer: 16.165410.21 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 2 maart 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1971] te [geboorteplaats] (Turkije), zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande, nu gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Ter Apel te Ter Apel, hierna te noemen: verdachte. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 16 februari

  1. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. H.J. Lambers en van hetgeen verdachte en zijn raadsman mr. T. Sen, advocaat te Rotterdam, naar voren hebben gebracht. 2TENLASTELEGGING De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt erop neer dat verdachte op 22 juni 2021 in Almere met (een) ander(en) opzettelijk ongeveer 600.000 pillen bevattende MDMA buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, verkocht, afgeleverd, verstrekt, vervoerd en/of aanwezig heeft gehad. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het tenlastegelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4WAARDERING VAN HET BEWIJS 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht het tenlastegelegde wettig en overtuigend te bewijzen. Daarbij heeft hij zich onder meer gebaseerd op de eerste verklaring die verdachte heeft afgelegd tegenover de politie en die naar zijn opvatting voor het bewijs mag worden gebezigd. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft primair integrale vrijspraak van het tenlastegelegde bepleit, omdat het verdachte aan (voorwaardelijk) opzet heeft ontbroken. Subsidiair heeft de raadsman bepleit dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland brengen van de ten laste gelegde hoeveelheid pillen, nu gebleken is dat zijn bestemming zich in Zwolle en aldus niet buiten het grondgebied van Nederland bevond. Ten aanzien van de eerste verklaring die verdachte heeft afgelegd – waarbij hij voorafgaand aan het afleggen daarvan niet een advocaat heeft geconsulteerd – heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat die verklaring niet voor het bewijs mag worden gebezigd. Daartoe is aangevoerd dat verdachte ten tijde van het afleggen van die verklaring geschokt was door de algehele gang van zaken die maakte dat hij aanvankelijk dacht dat hij beroofd werd en dat hij bovendien in de war was door zijn medicijngebruik en doordat hij niet eerder met de politie in aanraking was geweest. 4.3 Het oordeel van de rechtbank Bewijsmiddelen
  2. Verbalisanten [verbalisant 1] , [verbalisant 2] en [verbalisant 3] hebben blijkens het daarvan opgemaakte proces-verbaal van bevindingen het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven: Op 22 juni 2021 reden wij te Almere. Wij hoorden collega's vragen of wij de vrachtwagencombinatie wilden controleren. Ik, [verbalisant 1] , zag dat de gehele oplegger leeg was. Ik zag dat het kopschot er afwijkend uitzag. Ik, [verbalisant 2] , zag dat er loodplaten waren aangebracht tegen het kopschot aan de binnenzijde van de trailer. Ik zag dat achter deze platen pillen zaten verstopt die verpakt waren in doorzichtig plastic. Ik, [verbalisant 1] , zag de volgende gegevens op de bestuurderskaart staan: Achternaam: [verdachte] . Voornaam: [voornaam] . Ik, [verbalisant 1] , zag een foto op de bestuurderskaart staan. Ik herkende de chauffeur die naast mij stond. Nadat de wand losliet zagen wij veel pakken met pillen.
  3. Verdachte heeft op 22 juni 2021 blijkens het daarvan opgemaakte proces-verbaal van verhoor onder meer het volgende verklaard, zakelijk weergegeven: A: Mijn collega wacht op mij bij een hotel in Zwolle. Ik zou hem ophalen bij het hotel om samen naar Turkije te rijden. V: Was je op de hoogte van de pillen in de oplegger? A: Ja. Ik heb schulden en heb mij laten overhalen door de eigenaar van dit voertuig. Ik krijg er 30.000 euro voor.
  4. Onder verdachte is op 22 juni 2021 in Almere blijkens de daarvan opgemaakte kennisgeving van inbeslagneming het volgende in beslag genomen: Goednummer: PL0900-2021198362-2839318 Object: verdovende mid. Aantal: 115 stuksVerpakking: pakOmstandigheden: aangetroffen in verborgen ruimte tegen het kopschot van de trailer. Spoor identificatienr.: AAPD2781NL
  5. In het proces-verbaal ‘Onderzoek verdovende middelen’ en de daarbij gevoegde bijlagen (te weten 27 NFiDENT-rapporten) is onder meer het volgende gerelateerd en geconcludeerd, zakelijk weergegeven: Betreft onderzoek aan: Goednummer: PL0900-2021198362-2839318SIN: AAPD2781NLObject: verdovende middelenAantal/eenheid: 115 pakketten, 5000 tabletten per pakket, schatting 575000 tablettenAantal monsters: 27 Monster ASIN: AACQ9919NL Relatie met SIN: AAPD2781NL Identificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster BSIN: AACQ9916NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster CSIN: AACQ9918NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster DSIN: AACQ9900NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster ESIN: AACQ9827NL Relatie met SIN: AAPD2781NL Identificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster FSIN: AACQ9913NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster GSIN: AACQ9903NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster HSIN: AACQ9920NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster ISIN: AACQ9923NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster JSIN: AACQ9899NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster KSIN: AACQ9914NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster LSIN: AACQ9915NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster MSIN: AACQ9902NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster NSIN: AACQ9922NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster OSIN: AACQ9921NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster PSIN: AACQ9826NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster QSIN: AACQ9909NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster RSIN: AACQ9910NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster SSIN: AACQ9811NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster TSIN: AACQ9908NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster USIN: AACQ9907NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster VSIN: AACQ9825NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster WSIN: AACQ9911NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster XSIN: AACQ9912NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster ZSIN: AACQ9917NL Relatie met SIN: AAPD2781NLIdentificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA Monster AASIN: AAOV8147NLRelatie met SIN: AAPD2781NL Identificerend onderzoek via NFiDENT: positief voor MDMA MDMA (3,4-methyleendioxymethamfetamine) is vermeld op lijst I, behorende bij de Opiumwet. Bewijsoverwegingen Hetgeen de raadsman ten grondslag heeft gelegd aan zijn standpunt dat de eerste verklaring van verdachte dient te worden uitgesloten van het bewijs, leidt niet tot de conclusie dat sprake is van een vormverzuim. Nu van een vormverzuim ook overigens niet is gebleken, ziet de rechtbank geen aanleiding dit eerste verhoor uit te sluiten van het bewijs en zal zij die verklaring bezigen voor het bewijs. De stelling van verdachte dat de verbalisanten en getuigen leugenachtige verklaringen hebben afgelegd is naar het oordeel van de rechtbank onaannemelijk en zijn latere ontkenning in dat licht ongeloofwaardig. Het door de raadsman gevoerde verweer dat geen sprake is van uitvoer van verdovende middelen wordt weerlegd door de inhoud van hetgeen verdachte heeft verklaard over de bestemming van de verdovende middelen, die zich buiten het grondgebied van Nederland bevindt. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: op 22 juni 2021 te Almere opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1 lid 5 van de Opiumwet, ongeveer 600.000 pillen bevattende MDMA, zijnde een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I. Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN HET FEIT Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezenverklaarde levert volgens de wet het volgende strafbare feit op: opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder A van de Opiumwet gegeven verbod. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF 8.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door hem bewezen geachte te veroordelen tot een geldboete van € 10.820,00 en een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. 8.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit dat in geval van strafoplegging aansluiting dient te worden gezocht bij gevangenisstraffen die passen bij het aanwezig hebben van een dergelijke hoeveelheid harddrugs, waarbij kan worden gedacht aan een gevangenisstraf van 20 tot 24 maanden. 8.3 Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezenverklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken. Verdachte heeft zich (in juridische zin) schuldig gemaakt aan het opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland brengen van een enorme hoeveelheid MDMA, te weten ongeveer 600.000 pillen. Die enorme hoeveelheid is van dien aard dat deze bestemd moet zijn geweest voor de (georganiseerde) handel in deze harddrugs en de verdere verspreiding daarvan. Het gebruik van (hard)drugs is schadelijk voor de volksgezondheid, omdat deze stoffen sterk verslavend zijn en regelmatig gebruik schadelijke lichamelijke, psychische en sociale gevolgen met zich brengt. Daarnaast gaat de handel in en het gebruik van dergelijke verdovende middelen vaak gepaard met verschillende vormen van zware criminaliteit waarvan anderen last ondervinden en die ontwrichtend zijn voor de samenleving. Door het uitvoeren van dergelijke verdovende middelen heeft verdachte bijgedragen aan de instandhouding van de keten van criminele activiteiten. Het handelen van verdachte is kennelijk enkel gericht geweest op zijn eigen financieel gewin. Met betrekking tot de persoon van verdachte heeft de rechtbank kennisgenomen van een op zijn naam gesteld uittreksel uit het Justitieel Documentatieregister van 2 september 2021, waaruit blijkt dat verdachte in Nederland niet eerder is veroordeeld voor enig strafbaar feit. De rechtbank is van oordeel dat de ernst van het bewezenverklaarde oplegging van een vrijheidsbenemende straf van aanzienlijke duur vergt. Omdat misdaad niet mag lonen, en het algemeen bekend is dat met verdovende middelen veel geld wordt verdiend, acht de rechtbank het daarnaast passend en geboden om aan verdachte een geldboete ter hoogte van het onder hem in beslag genomen geldbedrag van € 10.820,00 op te leggen. Dit geldbedrag heeft verdachte immers ten behoeve van het bewezenverklaarde verkregen. Hoewel de rechtbank, anders dan de officier van justitie, niet komt tot een bewezenverklaring van het medeplegen, acht zij gelet op de ernst van het misdrijf en gelet op wat in vergelijkbare gevallen aan straffen is opgelegd, de gevorderde gevangenisstraf voor het bewezenverklaarde passend en geboden en zal zij aan verdachte opleggen een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden, met aftrek van de tijd die hij in voorarrest heeft doorgebracht. Voor een ieder moet het duidelijk zijn dat op het meewerken aan de grootscheepse handel in verdovende middelen met flinke straffen wordt gereageerd. Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma als bedoeld in artikel 4 van de Penitentiaire beginselenwet dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling als bedoeld in artikel 6:2:10 van het Wetboek van Strafvordering aan de orde is. 9BESLAG 9.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd de vrachtwagen verbeurd te verklaren, de oplegger en drugs te onttrekken aan het verkeer en de computer en tachograafkaart terug te geven aan verdachte. 9.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft verzocht om teruggave aan verdachte van het geldbedrag dat onder hem in beslag is genomen. 9.3 Het oordeel van de rechtbank Onttrekking aan het verkeer De rechtbank zal de volgende inbeslaggenomen goederen onttrekken aan het verkeer:  115 pakken drugs (goednummer: PL0900-2021198362-2839318); Deze goederen zijn van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en met het algemeen belang.  een oplegger (goednummer: PL0900-2021198362-2839309). Met betrekking tot en met behulp van dit goed is het bewezenverklaarde begaan. Teruggave aan de rechthebbenden De rechtbank zal teruggave gelasten aan de volgende inbeslaggenomen goederen aan degenen die redelijkerwijs als rechthebbenden daarvan kunnen worden aangemerkt:  een vrachtwagen (goednummer: PL0900-2021198362-2839313);  een computer (goednummer: PL0900-2021198362-2839882);  een tachograafkaart (goednummer: PL0900-2021198362-2851775). 10TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 23, 24c, 36b en 36c van het Wetboek van Strafrecht en 2, 10 en 13a van de Opiumwet; zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde. 11BESLISSING De rechtbank: Bewezenverklaring - verklaart het tenlastegelegde bewezen, zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld; - verklaart het meer of anders tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Strafbaarheid - verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; Oplegging van straf - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 42 (tweeënveertig) maanden; - veroordeelt verdachte tot een geldboete van € 10.820,00 (zegge: tienduizend achthonderdtwintig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis van 89 dagen; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; Beslag - verklaart de volgende goederen onttrokken aan het verkeer:  115 pakken drugs (goednummer: PL0900-2021198362-2839318);  een oplegger (goednummer: PL0900-2021198362-2839309); - gelast de teruggave aan de rechthebbende van de volgende goederen:  een vrachtwagen (goednummer: PL0900-2021198362-2839313);  een computer (goednummer: PL0900-2021198362-2839882);  een tachograafkaart (goednummer: PL0900-2021198362-2851775). Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. Danel, voorzitter, mrs. H.B.W. Beekman en V.A. Groeneveld, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.S. Valk, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 2 maart
  6. De griffier is buiten staat dit vonnis te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 22 juni 2021 te Almere, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1 lid 5 van de Opiumwet, althans opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 600.000 pillen, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet. Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers, zijn dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 15 september 2021, voorzien van proces-verbaalnummer PL0900-2021198362, opgemaakt door de Landelijke Eenheid van de politie en doorgenummerd pagina 16 tot en met
  7. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces-verbaal is door verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] op ambtseed opgemaakt. Niet blijkt dat verbalisant [verbalisant 1] dit proces-verbaal op ambtseed of ambtsbelofte heeft opgemaakt. Pagina
  8. Pagina
  9. Pagina
  10. Dit proces-verbaal is door verbalisant [verbalisant 3] op ambtseed opgemaakt. Niet blijkt dat verbalisant [verbalisant 1] dit proces-verbaal op ambtseed of ambtsbelofte heeft opgemaakt. Pagina
  11. Pagina
  12. Pagina
  13. Pagina
  14. Pagina
  15. Pagina
  16. Pagina
  17. Pagina
  18. Pagina
  19. Pagina
  20. Pagina
  21. Pagina
  22. Pagina
  23. Pagina
  24. Pagina
  25. Pagina
  26. Pagina 146 en
  27. Pagina
  28. Pagina
  29. Pagina
  30. Pagina
  31. Pagina
  32. Pagina
  33. Pagina
  34. Pagina
  35. Pagina
  36. Pagina
  37. Pagina
  38. Pagina
  39. Pagina
  40. Pagina
  41. Pagina
  42. Pagina
  43. Pagina 151 Pagina 154.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.