RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND StrafrechtZittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16-652851-16 (vordering verlenging tbs) Beslissing op grond van artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering van de meervoudige kamer voor strafzaken van 30 januari 2023 in de zaak van de officier van justitie tegen de ter beschikking gestelde: [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats] , thans verblijvende in FPC [verblijfplaats] te [plaats] , hierna: betrokkene. 1De stukken De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier bevindende stukken waaronder: het vonnis van deze rechtbank van 10 januari 2017 waarbij betrokkene ter beschikking is gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege omdat zij zich heeft schuldig gemaakt aan een poging tot zware mishandeling, mishandeling meermalen gepleegd en mishandeling, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft; stukken waaruit blijkt dat de terbeschikkingstelling (hierna: tbs) is ingegaan op 25 januari 2017; de beslissing van deze rechtbank van 15 februari 2021, waarbij de termijn van tbs voor het laatst is verlengd met twee jaar; de vordering van de officier van justitie van 9 december 2022, die strekt tot verlenging van de tbs met twee jaar; het verlengingsadvies van het Centrum voor Transculturele Psychiatrie [verblijfplaats] te [plaats] (hierna: de inrichting) van 30 november 2022, opgemaakt door dr. [medewerker GGZ 1] (1e geneeskundige) en drs. [medewerker GGZ 2] (directeur behandeling), inhoudend het advies om de tbs met verpleging te verlengen met twee jaar; de wettelijke aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van de betrokkene over de periode van 9 februari 2021 tot en met 14 december 2022. 2Het onderzoek ter terechtzitting De behandeling van de zaak heeft op 16 januari 2023 ter terechtzitting plaatsgevonden. Daarbij zijn gehoord: - de officier van justitie, mr. E.M. ter Braak; - de betrokkene, bijgestaan door haar raadsman mr. J.P.W. Nijboer, advocaat te Utrecht; - de aan de kliniek verbonden deskundige, [medewerker GGZ 3] . 3Het standpunt van de inrichting Het standpunt van de inrichting blijkt uit het onder 1 genoemde verlengingsadvies. De onder 2 genoemde deskundige heeft ter zitting het advies van de inrichting toegelicht. Het standpunt luidt – zakelijk weergegeven – dat er bij de betrokkene nog steeds sprake is van een stoornis. Ook is het recidiverisico nog aanwezig. Dit risico wordt bij beëindiging van de maatregel ingeschat als hoog. Het advies is de tbs met dwangverpleging te verlengen met twee jaar. 4Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft naar aanleiding van het verhandelde ter zitting haar vordering tot verlenging van de tbs met dwangverpleging met twee jaar gehandhaafd. 5Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft gepleit voor verlenging van de maatregel met één jaar. Betrokkene zet zich in voor haar behandeling en zij kan mogelijk binnen een jaar worden doorgeplaatst naar FPA [locatie] . In de afgelopen tijd heeft het traject van betrokkene ten onrechte vertraging opgelopen omdat zij is geplaatst op afdeling [afdeling 1] met beveiligingsniveau 3, terwijl dit beveiligingsniveau te laag voor haar was. Een plaats op een reguliere afdeling met beveiligingsniveau 4 was op dat moment niet beschikbaar. Op [afdeling 1] is betrokkene twee keer een seksuele relatie aangegaan, door de inrichting aangeduid als ‘incidenten’, wat heeft geleid tot terugplaatsing op een -inmiddels beschikbare- reguliere afdeling met beveiligingsniveau 4. Dat het mis is gegaan, is een fout van het systeem, waar betrokkene de dupe van is geworden. Van belang is voorts dat eerdere incidenten tijdens de tbs-maatregel niet te maken hadden met een seksuele relatie van betrokkene en dat het indexdelict geen seksueel delict betrof. Het indexdelict betreft een agressiedelict, dat bovendien niet heel ernstig was. Betrokkene verblijft inmiddels gedurende 12 jaar in instellingen en zij heeft belang bij intensivering van het contact met haar dochter. Verlenging van de tbs met twee jaar is in strijd met de proportionaliteit en subsidiariteit van de maatregel. 6Het oordeel van de rechtbank Maximering – kan de tbs worden verlengd? Betrokkene is bij vonnis van 10 januari 2017 veroordeeld voor een poging tot zware mishandeling, mishandeling meermalen gepleegd en mishandeling, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft. Bij het opleggen van de tbs is overwogen dat sprake is van ‘misdrijven die zijn gericht tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen’. In artikel 38e, eerste lid van het Wetboek van Strafrecht is bepaald dat de tbs in dat geval niet gemaximeerd is. Omdat de tbs niet gemaximeerd is kan die worden verlengd als daar gronden voor zijn. Stoornis en recidivegevaar Uit het verlengingsadvies blijkt dat er nog steeds sprake is van stoornissen bij betrokkene, te weten een: - anders gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met borderline en antisociale trekken; - andere gespecificeerde schizofreniespectrum of andere psychotische stoornis, subklinisch psychotisch syndroom: auditieve hallucinaties zonder vermindering van realiteitstoetsing; - licht verstandelijke beperking; - stoornis in het gebruik van een amfetamineachtig middel: gedwongen in remissie; - alcoholafhankelijkheid, in remissie in gereguleerde omgeving; - afhankelijkheid van opioïden, in remissie in gereguleerde omgeving; - cocaïneafhankelijkheid, in remissie in gereguleerde omgeving. Het recidivegevaar wordt bij beëindiging van de maatregel als hoog ingeschat. De rechtbank heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van het verlengingsadvies te twijfelen en neemt dit over. Verlenging De rechtbank is, gelet op het verlengingsadvies, de toelichting door de deskundige ter zitting en hetgeen overigens ter zitting naar voren is gekomen, van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen verlenging van de tbs vereist. In de afgelopen periode is ingezet op een voortvarend resocialisatietraject maar dat bleek voor betrokkene een te grote stap in te korte tijd te zijn. Daarom is betrokkene sinds juli 2022 geplaatst op een reguliere tbs-afdeling met beveiligingsniveau 4 en zal de behandeling en het resocialisatietraject vanuit deze afdeling zorgvuldig(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.