RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16/313524-22 Vonnis van de meervoudige kamer van 14 juni 2023 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1998 te [geboorteplaats] (Somalië), gedetineerd in de [verblijfplaats] , hierna: verdachte. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting op 15 maart 2023 en 31 mei 2023. De zaak is inhoudelijk behandeld op 31 mei 2023. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. S. Lanning en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. R. van Rhijn, advocaat te Doorn, waarnemend voor zijn kantoorgenoot mr. B.H.J. van Rhijn, naar voren hebben gebracht. 2TENLASTELEGGING De tenlastelegging is op de zitting van 31 mei 2023 gewijzigd. De gewijzigde tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, in het kort, op neer dat verdachte: feit 1 in de periode van 30 juni 2022 tot en met 30 november 2022 in Amersfoort en/of Soest, opzettelijk heroïne en cocaïne heeft gedeald; feit 2 op 30 november 2022 te Amersfoort opzettelijk 1,2 gram heroïne en 2,3 gram cocaïne aanwezig heeft gehad. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het tenlastegelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4WAARDERING VAN HET BEWIJS 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht alle ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend te bewijzen. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft ten aanzien van feit 1 vrijspraak bepleit bij gebrek aan bewijs dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan. De raadsman betwist de betrouwbaarheid en de geloofwaardigheid van de getuigenverklaringen van [getuige 1] , [getuige 2] en [getuige 3] . De getuigen [getuige 1] en [getuige 2] hebben bij de rechter-commissaris en bij de politie wisselend verklaard. Doordat getuige [getuige 3] ter terechtzitting niets heeft willen verklaren, kan de betrouwbaarheid en de geloofwaardigheid van zijn verklaring bij de politie niet worden getoetst. Ook op basis van de telefoongegevens van verdachte kan niet worden vastgesteld dat verdachte heeft gedeald, aldus de raadsman. Voor het geval de rechtbank wel tot een bewezenverklaring komt, dient te worden uitgegaan van een kortere pleegperiode omdat niet kan worden vastgesteld dat verdachte langer dan drie maanden in drugs zou hebben gehandeld. Verdachte bevond zich in de periode van augustus tot september 2022 immers vier weken in detentie en kan dus in die periode niet gedeald hebben. Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. 4.3 Het oordeel van de rechtbank Redengevende feiten en omstandigheden ten aanzien van feit 1 en feit 2 De verklaring van verdachte ter terechtzitting van 31 mei 2023: Het klopt dat ik op 30 november 2022 in Amersfoort opzettelijk 1,2 gram heroïne en 2,3 gram cocaïne aanwezig heb gehad. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] met betrekking tot de aanhouding van verdachte is onder meer het volgende opgenomen: Op genoemde dag, datum en tijdstip (de rechtbank begrijpt: op 30 november 2022) hoorde ik dat collega [verbalisant 2] achter een bekende harddrugsgebruikster aan zat. Ik zag vervolgens dat een Somalisch uitziende jongeman, naar later bleek [verdachte] , geboren [geboortedatum] /1998, vanaf de [straat 1] kwam aanlopen. Ik zag dat hij contact maakte met de harddrugsgebruikster en dat zij samen wegliepen. Ik zag dat zij iets uitwisselden. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 3] inzake de fouillering van verdachte staat onder meer het volgende: Op 30 november 2022 voelde ik in de jas van verdachte een verdikking in de linkerbinnenzak en haalde vervolgens een stapel biljetten uit de jaszak. Ik zag diverse coupures van 5, 10 en 20 euro biljetten. Ik zag bij de broeksband van verdachte een puntje van een zwart tasje boven zijn broeksband uitsteken. Ambtshalve is mij bekend dat dealers hier vaak hun voorraad harddrugs bewaren. Ik trok dit omhoog en zag dat het een zwart etuitje was. Ik opende deze etui en zag diverse bolletjes wit en bruin zitten. In de kennisgeving van inbeslagneming staat onder meer het volgende: Plaats inbeslagneming: [straat 2] , Amersfoort Datum: 30 november 2022 Beslagene: [verdachte] Goednummer: PL0900-2022357775-3083924 Object: Verdovende mid (Cocaïne Crack) SIN: AAPW0225NL Bijzonderheden: 3 bolletjes wit. Goednummer: PL0900-2022357775-3083925 Object: Verdovende mid (Heroïne) SIN: AAPW0245NL Bijzonderheden: 5 bolletjes bruin Goednummer: PL0900-2022357775-3083926 Object: Verdovende mid (Cocaïne Crack) SIN: AAPW0224NL Bijzonderheden: 1 zakje wit. In het proces-verbaal onderzoek verdovende middelen van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 5] staat onder meer het volgende: Omschrijving: Plastic zakje met daarin een wit brokje Goednummer: PL0900-2022357775-3083926 SIN: AAPW0224NL Relatie met SIN: AAPZ2789NL Gewicht netto: 2 gram Omschrijving: 5 Bolletjes met bruin poeder/brokjes Goednummer: PL0900-2022357775-3083925 SIN: AAPW0245NL Relatie met SIN: AAPZ2848NL Gewicht netto: 1,2 gram Omschrijving: 3 Bolletjes met witte brokjes/poeder Goednummer: PL0900-2022357775-3083924 SIN: AAPW0225NL Relatie met SIN: AAPZ2847NL Gewicht netto: 0,3 gram. In een rapportage van het Nederland Forensisch Instituut van 1 december 2022 staat onder meer het volgende: Kenmerk AAPZ2847NL Conclusie: bevat cocaïne. Kenmerk: AAPZ2848NL Conclusie: bevat heroïne. Kenmerk: AAPZ2789NL Conclusie: bevat cocaïne. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 6] inzake het onderzoek naar telefoon Alcatel staat onder meer het volgende: Ik, verbalisant, heb de inbeslaggenomen telefoon van de verdachte [verdachte] onderzocht. Het toestel is voorzien van een simkaart met het telefoonnummer [telefoonnummer] . In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 7] en [verbalisant 3] betreffende het horen van getuige [getuige 2] op 30 november 2022 staat onder meer het volgende: V: Waarom heb je vandaag met het dealnummer gebeld? A: Om drugs te kopen. V: met welk nummer heb je gebeld? A: [telefoonnummer] V: Welke drugs koop je via dit nummer? A: Ik koop altijd bruin, heroïne dus. V: Koop je altijd via dit dealnummer? A: Ja sinds een maand of 5, altijd via dit nummer. V: Wie is de jongen die de drugs komt brengen? A: Dat is een Somalische jongen die ik ken als [A] , hij komt altijd, er komt nooit een ander. Ik, [verbalisant 3] , toonde aan getuige [getuige 2] een foto van de aangehouden verdachte [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1998. V: Wie is dat? A: Dat is [A] , de jongen waar ik mijn drugs van koop de afgelopen 5 maanden. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 3] betreffende het horen van getuige [getuige 3] staat onder meer het volgende: V: Waarom heb je met het dealnummer gebeld? A: Om drugs te kopen. V: Met welk nummer heb je gebeld? A: Met het nummer [telefoonnummer] V: Hoe lang koop je al drugs via dit nummer? A: Voor de zomer al, ik denk sinds juni dit jaar. V: Welke drugs koop je via dit nummer? A: Ik koop altijd wit en bruin. Cocaïne en heroïne. V: Wie is de jongen die de drugs komt brengen? A: Dat is een Somalische jongen, ik noem hem [B] . lk, [verbalisant 3] , toonde aan getuige [getuige 3] een foto van de aangehouden verdachte [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1998. V: Wie is dat? A: Dat is hem, dat is de jongen van wie ik dope koop, dat is [B] . In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 7] betreffende het horen van getuige [getuige 1] staat onder meer het volgende: V: Koop je ook bij een Somalische dealer? A: Ja dat heb ik wel gedaan, maar die is er al een tijdje niet meer. lk kocht vorig jaar bij hem. V: Vanaf wanneer was dat dan? A: Ik denk dat ik een maand of drie a vier bij hem gekocht heb. V: Wat kocht je bij hem? A: Altijd bruin, 1 of 2 bolletjes voor 10 of 20 euro, ongeveer 2 keer per week. V: Wat is zijn naam? A: Ik noemde hem altijd " [C] ". 0: Ik toonde getuige [getuige 1] een foto van verdachte [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1998. V: Wie is dit? A: Ja dat is hem, dat is " [C] ". De hiervoor weergegeven redengevende feiten en omstandigheden worden, ook in hun onderdelen, slechts gebruikt tot het bewijs van het feit of de feiten, waarop zij blijkens hun inhoud uitdrukkelijk betrekking hebben. Bewijsoverwegingen ten aanzien van feit 1 Betrouwbaarheid van de getuigenverklaringen De rechtbank ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de getuigenverklaringen van [getuige 1] , [getuige 2] en [getuige 3] . De getuigen [getuige 1] en [getuige 2] hebben bij de rechter-commissaris grotendeels verklaard in lijn met hun bij de politie afgelegde verklaringen. Hoewel de verdediging het ondervragingsrecht met betrekking tot de getuige [getuige 3] niet heeft kunnen uitoefenen, acht de rechtbank ook deze verklaring bruikbaar en betrouwbaar. Deze verklaring wordt in belangrijke mate ondersteund door de overige bewijsmiddelen, waaruit volgt dat verdachte zowel cocaïne als heroïne vervoerde en verkocht. In dit kader wijst de rechtbank er op dat op de dag van zijn aanhouding op 30 november 2022 een deal tussen verdachte en een bekende harddrugsgebruikster werd waargenomen, en dat vervolgens bij verdachte meerdere bolletjes cocaïne en heroïne en een contant geldbedrag werden aangetroffen. Periode dealen van cocaïne en heroïne Getuige [getuige 3] heeft verklaard dat hij sinds juni 2022 bij verdachte cocaïne en heroïne heeft gekocht. Getuige [getuige 2] heeft verklaard op 30 november 2022 dat hij gedurende een periode van vijf maanden contact met verdachte heeft gehad en in die periode bij verdachte heroïne te hebben gekocht. Gelet op het voorgaande heeft de rechtbank de overtuiging dat verdachte in de ten laste gelegde periode in cocaïne en heroïne heeft gedeald. Daar doet niet aan af dat verdachte in deze periode een maand gedetineerd is geweest. Nu deze detentie midden in de ten laste gelegde periode heeft plaats gevonden is er geen aanleiding om, zoals door de raadsman bepleit, in de bewezenverklaring de duur van de pleegperiode in te korten. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: feit 1 in de periode van 30 juni 2022 tot en met 30 november 2022 te Amersfoort, telkens opzettelijk heeft verkocht, afgeleverd, verstrekt en vervoerd, een of meer (gebruikers)hoeveelhe(i)d(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.