RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16.326013.23 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 9 juli 2024 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1991 te [geboorteplaats] (Marokko), zonder vaste woon- of verblijfplaats, hierna: verdachte. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is bij verstek gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 5 maart 2024 en 25 juni 2024 (inhoudelijke behandeling). De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en de standpunten van officier van justitie mr. A. de Groot en van hetgeen door mr. T. de Heer namens de benadeelde partij [slachtoffer] naar voren is gebracht. 2TENLASTELEGGING De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: op 12 juli 2023 te Luttelgeest samen met een ander [slachtoffer] heeft mishandeld door hem tegen het lichaam te slaan/stompen en/of te trappen. 3VOORVRAGEN De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4WAARDERING VAN HET BEWIJS 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht het ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. 4.2 Het oordeel van de rechtbank Bewijsmiddelen - Een proces-verbaal van verhoor verdachte [slachtoffer] , voor zover zakelijk weergegeven: Adres: [adres] , huisje [nummer] Plaats: [plaats] Ineens was ik verrast, aan beide kanten stond ineens een persoon. Ineens vanuit het niets vielen zij mij aan. Ik kreeg klappen overal op mijn lijf. - Een proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1] , voor zover zakelijk weergegeven: Rond middernacht, 11 juli op 12 juli 2023, ben ik samen met mijn vriend [vriend] verhaal gaan halen bij de Egyptenaar. Hij woont in bungalow [nummer] . Ik zag dat [vriend] de Egyptenaar schopte waardoor hij ten val kwam op een fiets. - Een proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] , voor zover zakelijk weergegeven: - Dat hij op 12 juli 2023, omstreeks 01.00 uur, in zijn bungalow zat. - Dat hij vervolgens buiten is gaan kijken en zag dat zijn Egyptisch buurman welke woonachtig is op bungalow nummer [nummer] op de grond lag. - Dat hij zag dat man één zijn buurman met de vuist tegen het gezicht aan sloeg. - Dat hij zag dat deze man dat meerdere keren deed. - Dat hij zag dat man twee zijn buurman schopte tegen zijn lichaam aan. - Dat hij zag dat hij dit meerdere keren deed. Bewijsoverweging De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met de medeverdachte het slachtoffer heeft mishandeld. Zij zijn samen verhaal bij het slachtoffer gaan halen en hebben als eerste geweld toegepast. Uit de verklaring van getuige Haile blijkt voldoende dat beide verdachten geweld hebben gebruikt richting het slachtoffer terwijl hij op de grond lag. Deze gezamenlijke uitvoering maakt dat er sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking, en dus van medeplegen van de mishandeling van het slachtoffer. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: op 12 juli 2023 te Luttelgeest, tezamen en in vereniging met een ander, [slachtoffer] heeft mishandeld door tegen het lichaam van die [slachtoffer] te slaan en te schoppen. Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN HET FEIT Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezen verklaarde levert volgens de wet het volgende strafbare feit op: Medeplegen van mishandeling. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF 8.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot: - een gevangenisstraf van 10 dagen, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. 8.2 Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen. Ernst van het feit Verdachte heeft samen met de medeverdachte een medebewoner van het asielzoekerscentrum (AZC), waar zij alle drie woonden, mishandeld. Uit de verklaring van de getuige blijkt dat zowel verdachte als zijn medeverdachte geweld hebben toegepast. Het slachtoffer is meermalen tegen zijn lichaam geschopt en geslagen terwijl hij op de grond lag voor de deur van zijn woning. Dit soort feiten zorgen niet alleen bij het slachtoffer en de medebewoners van het AZC, maar in de gehele samenleving voor gevoelen van angst en onveiligheid. Persoon van verdachte Bij haar beslissing heeft de rechtbank ook rekening gehouden met een uittreksel justitiële documentatie betreffende verdachte van 1 februari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.