RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummer: 16.247294.23 (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 19 september 2024 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [1989] te [geboorteplaats] (Roemenië), wonende te [woonplaats] , [adres] (Roemenië). 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de pro forma terechtzittingen van 29 februari 2023, 14 december 2023 en 29 februari 2024 en de inhoudelijke behandeling op 5 september
(2)aankwam rennen. Ik hoorde dat hij schreeuwde naar mij: "bel de politie, hij rent weg van een ongeluk!". Ik was al aan de telefoon met de politie. De afstand tussen de brandtrap en het voorval was ongeveer 10 meter. Ik zag dat persoon 1 een tak pakte en deze gooide naar persoon 2.Ik zag dat zij verder achterop het terrein rende en dat zij uit mijn zicht verdwenen. Ik werd door een politieagent aangesproken dat ik naar mijn auto moest kijken voor schade.Diezelfde dag omstreeks 17.30 uur liep ik naar mijn auto. Ik zag dat de tak waarmee persoon 1 had gegooid bij mijn auto op de grond lag. Vervolgens zag ik dat er schade was aan het dak van mijn auto. De schade aan het dak bestond uit lakschade. Daarnaast zag ik dat er krassen zaten op de dak rails. Er zijn foto's gemaakt door een politieagent van de schade. Aangever [slachtoffer 5] heeft op 25 september aangifte gedaan en heeft daarbij het volgende verklaard, zakelijk weergegeven: Ik zag inmiddels dat de bestuurder wegrende. Ik zag dat de bestuurder ongecontroleerd rende, alsof hij onvast te been was. Ik vermoedde dat de bestuurder onder invloed was. Ik ben direct achter de bestuurder aangerend. We zijn door meerdere bossages gerend. Ik zag dat de bestuurder meerdere voorwerpen, zoals takken, naar mij gooide. Ik vermoed om mij af te schudden. Na een aantal bossages ben ik de bestuurder uit het zicht verloren. (...) Bewijsoverwegingen ten aanzien van feit 5 De rechtbank is op grond van de hiervoor vermelde bewijsmiddelen -anders dan de raadsvrouw- van oordeel dat bewezen kan worden dat de schade aan de auto is ontstaan door toedoen van verdachte. Aangever [benadeelde] heeft verklaard dat hij een tak zag liggen naast zijn auto en dat dit dezelfde tak was waarmee verdachte eerder had gegooid. De rechtbank acht bewezen dat met het gooien van deze tak, die naast de auto is aangetroffen, de schade aan de auto, in de vorm van krassen/ lakschade op het dak, is veroorzaakt. Hieruit volgt dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen acht dat verdachte het ten laste gelegde, te weten de beschadiging op het dak van de auto, heeft begaan. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: 1 op 25 september 2023 te Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (Audi Q7 met kenteken [kenteken] ), daarmee rijdende over de weg, de afrit van de rijksweg A12 en de Amersfoortseweg (N227), zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door roekeloos, -na voorafgaand gebruik van alcohol en cocaïne en -en komende vanaf de rijksweg A12 met een aanzienlijk hogere snelheid dan de toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, over de afrit van de rijksweg A12 en richting een T-splitsing (afrit rijksweg A12 / Amersfoortseweg (N227)) te rijden en -vervolgens niet te stoppen voor een voor zijn, verdachtes, rijrichting bestemd driekleurig verkeerslicht dat reeds minimaal 38,3 seconden rood licht uitstraalde en -vervolgens de controle over dat door hem, verdachte, bestuurde motorrijtuig te verliezen, en -daarbij over de middengeleider te rijden en -vervolgens op de rijstroken bestemd voor het verkeer in tegengestelde richting met onverminderde snelheid tegen twee voertuigen (te weten een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] en een Renault Traffic met kenteken [kenteken] ) te botsen, waardoor een ander, te weten - [slachtoffer 1] (inzittende Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] ) zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan en - [slachtoffer 2] (inzittende Renault Traffic met kenteken [kenteken] ) zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan, terwijl hij, verdachte, verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8, vijfde lid van de Wegenverkeerswet 1994; 2 op 25 september 2023 te Doorn en Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, als bestuurder van een voertuig (Audi Q7 met kenteken [kenteken] ), daarmee rijdende op de weg, de rijksweg A12 en de Amersfoortseweg (N227), zich opzettelijk zodanig heeft gedragen dat de verkeersregels in ernstige mate werden geschonden door - na voorafgaand gebruik van alcohol en cocaïne en - met een hoge snelheid te rijden en - gevaarlijk over de rijstroken/de weg te slingeren, en - abrupt te remmen en - tegen een voor hem, verdachte, over die weg in dezelfde rijrichting als hem, verdachte, rijdende personenauto (Mercedes met kenteken [kenteken] ) te botsen en - vervolgens komende vanaf de rijksweg A12 met een aanzienlijk hogere snelheid dan de toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, over de afrit van de rijksweg A12 en richting een T-splitsing (afrit rijksweg A12 / Amersfoortseweg (N227)) te rijden en - daarbij zonder dat er sprake was van een noodgeval als bedoeld in artikel 43 derde lid van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, gebruik te maken en te rijden op/over de vluchtstrook - vervolgens niet te stoppen voor een voor zijn, verdachtes, rijrichting bestemd driekleurig verkeerslicht dat reeds minimaal 38,3 seconden rood licht uitstraalde en - vervolgens de controle over dat door hem, verdachte, bestuurde motorrijtuig te verliezen, en - daarbij over de middengeleider te rijden en - vervolgens op de rijstroken bestemd voor het verkeer in tegengestelde richting met onverminderde snelheid tegen twee voertuigen (te weten een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] en een Renault Traffic met kenteken [kenteken] ) te botsen, door welke verkeersgedragingen van verdachte levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor anderen te duchten was; 3 als degene door wiens gedraging een verkeersongeval was veroorzaakt, welke gedraging hij als bestuurder van een motorrijtuig had verricht en welk verkeersongeval had plaatsgevonden - in Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, op de rijksweg A12, op 25 september 2023, de voornoemde plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl bij dat ongeval, naar hij wist, aan een ander (te weten [slachtoffer 3] ) letsel en/of schade was toegebracht en - in Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, op de Amersfoortseweg (N227), op 25 september 2023, de voornoemde plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl bij dat ongeval, naar hij wist, aan anderen (te weten [slachtoffer 4] en [slachtoffer 1] en [slachtoffer 5] en [slachtoffer 2] ) letsel en/of schade was toegebracht; 4 op 25 september 2023, te Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug en Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, een voertuig, te weten een personenauto, heeft bestuurd, na gebruik van een in artikel 2 van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer aangewezen stof, als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994, te weten cocaïne en alcohol, terwijl ingevolge een onderzoek in de zin van artikel 8 van de genoemde Wet, het gehalte in zijn bloed 66 microgram cocaïne per liter bloed en 0,95 milligram ethanol/alcohol per milliliter bloed bedroeg; 5 op 25 september 2023, te Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, opzettelijk en wederrechtelijk een auto, die aan [benadeelde] toebehoorde, heeft beschadigd. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. De rechtbank is van oordeel dat bij de bewezenverklaring van zowel feit 1 primair (artikel 6 WVW) als feit 2 primair (artikel 5a WVW) sprake is van eendaadse samenloop. De feiten leveren een samenhangend, zich min of meer op dezelfde tijd en plaats afspelend feitencomplex op. Verdachte wordt daarvan in wezen één verwijt gemaakt, terwijl de strekking van de strafbepalingen in grote mate overeenkomt, namelijk de bescherming van de verkeersveiligheid. Om onevenredige aansprakelijkheid te voorkomen zal de rechtbank hier in de strafoplegging rekening mee houden. Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op: Feiten 1 primair en 2 primair: de eendaadse samenloop van: overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl de schuld bestaat in roekeloosheid en het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht en overtreding van artikel 5a van de Wegenverkeerswet 1994; Feit 3: overtreding van artikel 7, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994; Feit 4: overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994; Feit 5: opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL 8.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot: - een gevangenisstraf van 10 maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren; - een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 3 jaar. 8.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft verzocht om aansluiting te zoeken bij bij de LOVS-oriëntatiepunten voor artikel 6 WVW en dan de categorie “lichamelijk letsel, tijdelijke ziekte”. De verdediging heeft verzocht tevens rekening te houden met het feit dat verdachte de volle verantwoordelijkheid neemt voor het verkeersongeluk en open staat voor contact met de slachtoffers. Het recidiverisico zal laag zijn. Hij valt niet in de categorie mensen die veelvuldig onder invloed van alcohol en drugs rijdt. Het verzoek van de verdediging is, gelet op het voorgaande, om een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen conform zijn voorarrest, in combinatie met een zeer forse voorwaardelijke gevangenisstraf en een rijontzegging. 8.3 Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf/maatregel heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. Ernst van de feiten Verdachte heeft zich op 25 september 2023 schuldig gemaakt aan een verkeersongeval. Onder invloed van alcohol en drugs reed hij op de afrit 21 van de rijksweg A12 en naderde hij het kruispunt met een te hoge snelheid. Onderaan de afrit is hij door het rode licht en over de middengeleider gereden, waarna hij op de kruising in botsing is gekomenmet twee voertuigen. Daarbij hebben [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] lichamelijk letsel opgelopen. Ook zijn bij de botsing nog andere inzittenden van de Volkswagen en Renault gewond geraakt, maar in minder ernstige mate dan [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] . Ook zijn beide auto’s fors beschadigd. Verdachte is vervolgens uit zijn auto gestapt en heeft zich uit de voeten gemaakt. Verdachte heeft de slachtoffers achtergelaten, terwijl hij wist dat hij hen letsel en/of schade had toegebracht. Vervolgens probeerde hij nog zijn achtervolger van zich af te schudden door met een tak te gooien, waardoor de auto van [benadeelde] is beschadigd. Verdachte was bovendien kort voor dit ongeval betrokken bij nog een andere botsing op de Rijksweg A12 tegen een vóór hem rijdende Mercedes, bestuurd door de heer [slachtoffer 3] . Ook hij heeft ook letsel en schade opgelopen door toedoen van verdachte, en ook bij die aanrijding is verdachte is met hoge snelheid op de vlucht geslagen. Verdachte heeft deze slachtoffers en andere weggebruikers ernstig in gevaar gebracht door onder invloed van alcohol en drugs te gaan rijden en onaanvaardbare risico’s in het verkeer te nemen. De rechtbank benadrukt daarbij dat gezien de ernst van de overtredingen alle betrokkenen van geluk mogen spreken dat het niet (nog) erger is afgelopen. Dat het niet erger is afgelopen, is in ieder geval niet aan het handelen van verdachte te danken. De rechtbank rekent hem dit zwaar aan. Persoon van de verdachte Wat betreft de persoon van verdachte heeft de rechtbank acht geslagen op zijn Nederlandse justitiële documentatie van 26 juli 2024 en zijn Duitse en Roemeense justitiële documentatie van 23 mei
- Hieruit blijkt dat aan verdachte in 2022 en in 2023 een geldboete en een voorwaardelijke gevangenisstraf zijn opgelegd voor een voertuig besturen zonder rijbewijs en dat hij in Roemenië bovendien nog in een proeftijd liep. Deze straffen hebben verdachte kennelijk niet weerhouden van het opnieuw, en nog ernstiger, schenden van de verkeersregels. De rechtbank houdt hier in het nadeel van verdachte rekening mee. Voorts heeft de rechtbank gelet op de overige persoonlijke omstandigheden van verdachte. Ter terechtzitting heeft de rechtbank de indruk gekregen dat verdachte verantwoordelijkheid neemt voor het verkeersongeluk en oprecht gekweld wordt door gevoelens van schuld naar de slachtoffers. De rechtbank zal hiermee in het voordeel van verdachte rekening houden. Strafoplegging De rechtbank merkt op dat er voor het veroorzaken van een verkeersongeval door roekeloos rijgedrag geen oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) bestaan. De rechtbank heeft in dit geval als uitgangspunt aansluiting gezocht bij de oriëntatiepunten voor het met een zeer hoge mate van schuld veroorzaken van een verkeersongeval, met alcoholgebruik van boven 570 ugl/l (omdat sprake is van combinatiegebruik van alcohol en drugs) en waarbij lichamelijk letsel het gevolg is. De oriëntatiepunten nemen in dit geval een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zeven maanden en een onvoorwaardelijke rijontzegging voor de duur van drie jaar als uitgangspunt. De rechtbank ziet geen aanleiding hiervan ten voordele van verdachte af te wijken. De rechtbank heeft ook gekeken naar de straffen die in min of meer vergelijkbare zaken zijn opgelegd en stelt vast dat doorgaans gevangenisstraffen aan de orde zijn indien sprake is van roekeloos rijgedrag. Voor overtreding van artikel 7 van de Wegenverkeerswet en het zich schuldig maken aan beschadiging zijn geen oriëntatiepunten. De rechtbank kijkt daarom ook naar de opgelegde straffen in soortgelijke zaken. Gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden wijkt de rechtbank bij de straftoemeting af van de eis van de officier van justitie. Daarbij is ook relevant dat de rechtbank, anders dan de officier van justitie, niet tot een bewezenverklaring van zwaar lichamelijk letsel komt bij feit 1 primair. Alles overwegende acht de rechtbank passend en geboden een gevangenisstraf voor de duur van zeven maanden, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, en een onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van drie jaren, met aftrek van de tijd waarin het rijbewijs van verdachte ingevorderd c.q. ingehouden is geweest. Tenuitvoerlegging van de straf Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma als bedoeld in artikel 4 van de Penitentiaire beginselenwet. Voorlopige hechtenis De voorlopige hechtenis van verdachte is met ingang van 20 december 2023 geschorst. Aan verdachte wordt nu een langere gevangenisstraf opgelegd dan zijn reeds ondergane voorarrest. Bij de beoordeling of de schorsing van zijn voorlopige hechtenis in dit geval moet worden opgeheven, dient de rechtbank de belangen van de samenleving en de verdachte af te wegen en na te gaan of deze opheffing geboden is. In dit geval ziet de rechtbank geen aanleiding om de schorsing op te heffen. Naar het oordeel van de rechtbank kon door het stellen van schorsingsvoorwaarden het met voorlopige hechtenis nagestreefde doel – kort gezegd: het voorkomen van herhaling en het plegen van nieuwe strafbare feiten – toereikend worden gewaarborgd. Gelet op de beperkte duur van de in deze zaak opgelegde straf en het type feiten waarvoor verdachte veroordeeld is, is opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis niet aangewezen. 9BESLAG 9.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de in beslag genomen telefoon en het in beslag genomen paspoort aan verdachte geretourneerd moeten worden. De auto en het geld moeten terug naar de rechthebbende. De verdovende middelen dienen onttrokken te worden aan het verkeer. 9.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft verzocht om teruggave van het geldbedrag van € 2.000,-, de telefoon en het paspoort aan verdachte. De verdediging heeft verzocht om teruggave van de auto aan de rechthebbende [A] daar verdachte heeft gesteld geen rechthebbende te zijn. 9.3 Het oordeel van de rechtbank Teruggave aan verdachte De rechtbank zal teruggave gelasten aan verdachte van de in beslag genomen voorwerpen, te weten: - 1 STK Paspoort (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3237691); - 1 STK Telefoontoestel (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3226492, Roze, merk: Samsung); - € 2.000,- IBG 17-10-2023 (Omschrijving: PL0900-2023293337-3237680). Onttrekking aan het verkeer De rechtbank zal het in beslag genomen voorwerp, te weten 1 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3237682 2X ZAKJE MET WIT POEDER), onttrekken aan het verkeer. Dit voorwerp is van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang. Bewaring in beslag genomen voorwerpen Met betrekking tot het in beslag genomen voorwerp, te weten: - 1 STK Personenauto (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3226441, wit,merk: AUDI, chassisnr: [chassisnummer] ) kan geen persoon als rechthebbende worden aangemerkt. [A] heeft een klaagschrift ingediend en daarbij verzocht om teruggave van de auto. De rechter die over dat klaagschrift gaat oordelen dient te beslissen of [A] de rechthebbende is. De rechtbank zal de bewaring ten behoeve van de rechthebbende(n) van deze voorwerpen gelasten. 10TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 36b, 36c, 55, 57 en 350 van het Wetboek van Strafrecht en 5a, 6, 7, 8, 175, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 11BESLISSING De rechtbank: Bewezenverklaring - verklaart het onder 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld; - verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Strafbaarheid - verklaart het onder 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; Oplegging straffen - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 7 maanden; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; ontzegt verdachte ter zake van het onder 1 primairbewezen verklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 3 jaar; bepaalt dat de duur van de ontzegging wordt verminderd met de tijd gedurende welke het rijbewijs vóór het tijdstip waarop de straf ingaat, ingevorderd en ingehouden is geweest; Beslag - verklaart het volgende voorwerp onttrokken aan het verkeer: * 1 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3237682 2X ZAKJE MET WIT POEDER); - gelast de teruggave aan verdachte van de volgende voorwerpen: * 1 STK Paspoort (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3237691) * 1 STK Telefoontoestel (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3226492, Roze, merk: Samsung); * € 2.000,- IBG 17-10-2023 (Omschrijving: PL0900-2023293337-3237680); - gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende(n) van het volgende voorwerp: * 1 STK Personenauto (Omschrijving: PL0900-2023293337-G3226441, wit, merk: AUDI, chassisnr: [chassisnummer] ). Dit vonnis is gewezen door D. Riani el Achhab, voorzitter, mrs. J. Edgar en P.M. Leijten, rechters, in tegenwoordigheid van mr. V. Soeteman, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 19 september
- Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: 1 hij, op of omstreeks 25 september 2023, te Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug in elk geval in Nederland, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (Audi Q7 met kenteken [kenteken] ), daarmee rijdende over de weg, de afrit van de rijksweg A12 en/of de Amersfoortseweg (N227), zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door roekeloos, in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend, -na voorafgaand gebruik van alcohol en/of cocaïne en/of -terwijl hij, verdachte, niet in het bezit was van een geldig rijbewijs en/of (komende vanaf de rijksweg A12) met onverminderde snelheid, althans met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan de toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, althans met een aanmerkelijk hogere snelheid dan voor een veilig verkeer ter plaatse verantwoord was over de afrit van de rijksweg A12 en/of richting een T-splitsing (afrit rijksweg A12 / Amersfoortseweg (N227)) te rijden en/of -(daarbij) zonder dat er sprake was van een noodgeval als bedoeld in artikel 43 derde lid van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, gebruik te maken en/of te rijden op/over de vluchtstrook -(vervolgens) niet te stoppen voor een voor zijn, verdachtes, rijrichting bestemd driekleurig verkeerslicht dat reeds (minimaal 38,3 seconden) rood licht uitstraalde en/of -(vervolgens) de controle over dat door hem, verdachte, bestuurde motorrijtuig geheel of gedeeltelijk te verliezen, althans het door hem, verdachte, bestuurde motorrijtuig niet met de nodige voorzichtigheid te besturen en/of -(daarbij) over de middengeleider te rijden en/of -(vervolgens) op de rijstro(o)k(en) bestemd voor het verkeer in tegengestelde richting (met onverminderde snelheid) tegen twee, althans een of meerdere voertuigen (te weten een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] en/of een Renault Traffic met kenteken [kenteken] ) te botsen, waardoor een ander, te weten - [slachtoffer 1] (inzittende Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] ) zwaar lichamelijk letsel, te weten een gebroken borstbeen en/of een gebroken ruggenwervel, of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan en/of - [slachtoffer 2] (inzittende Renault Traffic met kenteken [kenteken] ) zwaar lichamelijk letsel, te weten een hersenschudding/hersenkneuzing en/of gekneusde ribben, of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan, terwijl hij, verdachte, verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8, eerste, tweede, derde, vierde of vijfde lid van de Wegenverkeerswet 1994, dan wel na het feit niet heeft voldaan aan een bevel gegeven krachtens artikel 163, tweede, zesde, zevende of negende lid van genoemde wet; ( art 6 Wegenverkeerswet 1994, art 175 lid 3 Wegenverkeerswet 1994 ) 2 hij, op of omstreeks 25 september 2023, te Doorn en/of Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, in elk geval in Nederland, als bestuurder van een voertuig (Audi Q7 met kenteken [kenteken] ), daarmee rijdende op de weg, de rijksweg A12 en/of de Amersfoortseweg (N227), zich opzettelijk zodanig heeft gedragen dat de verkeersregels in ernstige mate werden geschonden door - na voorafgaand gebruik van alcohol en/of cocaïne en/of - terwijl hij, verdachte, niet in het bezit was van een geldig rijbewijs en/of - met een hoge snelheid, in elk geval met een hogere snelheid dan gelet op de situatie ter plaatse verantwoord was te rijden en/of - ( gevaarlijk) over de rijstroken/de weg te slingeren, althans abrupte stuurbewegingen te maken en/of - abrupt te remmen en/of - tegen een voor hem, verdachte, over die weg in dezelfde rijrichting als hem, verdachte, rijdende personenauto (Mercedes met kenteken [kenteken] ) te botsen en/of - ( vervolgens) komende vanaf de rijksweg A12 met onverminderde snelheid, althans met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan de toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, althans met een aanmerkelijk hogere snelheid dan voor een veilig verkeer ter plaatse verantwoord was over de afrit van de rijksweg A12 en/of richting een T-splitsing (afrit rijksweg A12 / Amersfoortseweg (N227)) te rijden en/of - ( daarbij) zonder dat er sprake was van een noodgeval als bedoeld in artikel 43 derde lid van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, gebruik te maken en/of te rijden op/over de vluchtstrook - ( vervolgens) niet te stoppen voor een voor zijn, verdachtes, rijrichting bestemd driekleurig verkeerslicht dat reeds (minimaal 38,3 seconden) rood licht uitstraalde en/of - ( vervolgens) de controle over dat door hem, verdachte, bestuurde motorrijtuig geheel of gedeeltelijk te verliezen, althans het door hem, verdachte, bestuurde motorrijtuig niet met de nodige voorzichtigheid te besturen en/of - ( daarbij) over de middengeleider te rijden en/of - ( vervolgens) op de rijstro(o)k(en) bestemd voor het verkeer in tegengestelde richting (met onverminderde snelheid) tegen twee, althans een of meerdere voertuigen (te weten een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] en/of een Renault Traffic met kenteken [kenteken] ) te botsen, door welke verkeersgedraging(en) van verdachte levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor (een) ander(en) te duchten was; 3 hij, als degene door wiens gedraging een verkeersongeval was veroorzaakt, welke gedraging hij al dan niet als bestuurder van een motorrijtuig had verricht en welk verkeersongeval had plaatsgevonden - in Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug op de rijksweg A12, op of omstreeks 25 september 2023, de (voornoemde) plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl bij dat ongeval, naar hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden, aan een ander (te weten [slachtoffer 3] ) letsel en/of schade was toegebracht en/of - in Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug op de Amersfoortseweg (N227), op of omstreeks 25 september 2023, de (voornoemde) plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl bij dat ongeval, naar hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden, aan een of meer ander(en) (te weten [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer 2] ) letsel en/of schade was toegebracht; (art 7 lid 1 ahf/ond a Wegenverkeerswet 1994, art 7 lid 1 ahf/ond b Wegenverkeerswet 1994) 4 hij, op of omstreeks 25 september 2023, te Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug en/of Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, althans in Nederland, een voertuig, te weten een personenauto, heeft bestuurd of als bestuurder heeft doen besturen, na gebruik van een in artikel 2 van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer aangewezen stof, als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994, te weten cocaïne en/of alcohol, terwijl ingevolge een onderzoek in de zin van artikel 8 van de genoemde Wet, het gehalte in zijn bloed bij iedere aangewezen stof en/of alcohol 66 microgram cocaïne per liter bloed en 0,95 milligram ethanol/alcohol per milliliter bloed bedroeg, in elk geval (telkens) een hoger gehalte dan de in artikel 3 van het genoemd Besluit, bij die aangewezen stof en/of alcohol afzonderlijk vermelde grenswaarde; ( art 8 lid 5 Wegenverkeerswet 1994 ) 5 hij, op of omstreeks 25 september 2023, te Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug, althans in Nederland, opzettelijk en wederrechtelijk een auto, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt; ( art 350 lid 1 Wetboek van Strafrecht ) Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 11 februari 2024, genummerd PL0900-2023294245, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd pagina 1 tot en met
- Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Verklaring van verdachte ter terechtzitting van 5 september
- Een proces-verbaal rijden onder invloed van 17 november 2023, p. 73 e.v. Een geschrift, te weten een Rapport Alcohol en drugs in het verkeer van 27 oktober 2023 van Eurofins Forensics te Brugge (België), opgemaakt door Dr. [toxicoloog] , toxicoloog, p. 82 e.v. Een proces-verbaal aangifte van [benadeelde] van 26 september 2023, p. 68 e.v. Een proces-verbaal aangifte van [slachtoffer 5] van 25 september 2023, p. 48 e.v.