← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2024:6471

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 24/3065 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 november 2024 in de zaak tussen City Marketing Lelystad, gevestigd te Lelystad, eiseres, en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lelystad, verweerder, (gemachtigde: S.T.I. Vonk). Procesverloop Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingediend op 13 maart 2024 tegen het besluit op bezwaar van verweerder van 1 februari

  1. Verweerder heeft op 10 september 2024 een verweerschrift ingediend. Overwegingen
  2. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiseres heeft namelijk het griffierecht niet betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
  3. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 371,-.
  4. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.
  5. De rechtbank heeft eiseres op 26 mei 2024 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiseres het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank. Deze brief is volgens de track en trace bezorgd waarbij voor ontvangst is getekend op 30 mei
  6. De rechtbank heeft het bedrag te laat ontvangen. Eiseres heeft daar geen reden voor gegeven.
  7. De rechtbank stelt verder vast dat eiseres geen kopie van de statuten en geen uittreksel uit het handelsregister heeft toegezonden. De rechtbank heeft eiseres eerst per gewone post van 26 april 2024 en vervolgens bij aangetekende brief van 13 juni 2024 gevraagd om toezending van de gegevens, waarbij eiseres is gewezen op de niet-ontvankelijk verklaring indien zij niet aan het gevraagde zal voldoen. Deze laatste brief is volgens de track en trace bezorgd en voor ontvangst getekend op 14 juni
  8. In voornoemde aangetekende brief is aangegeven dat eiseres voornoemde informatie uiterlijk 11 juli 2024 toe diende te zenden aan de rechtbank. Eiseres heeft niet gereageerd op de brief.
  9. Het beroep zal derhalve niet inhoudelijk worden behandeld. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb).
  10. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. m. Eversteijn, rechter, in aanwezigheid van A.C. van de Biesebos, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 19 november
  11. De griffier is verhinderd deze uitspraak te ondertekenen. griffier rechter Afschrift verzonden aan partijen op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.