← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2025:3235

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 24/7475 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 mei 2025 in de zaak tussen [eiseres] , te [woonplaats] , eiseres en Dienst Toeslagen, verweerder (gemachtigde: mr. [gemachtigde] ). Procesverloop Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingesteld tegen het besluit van verweerder van 4 oktober

  1. Overwegingen
  2. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiseres is namelijk te laat met het indienen van beroep, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
  3. Een beroep moet worden ingediend binnen zes weken nadat het besluit bekend is gemaakt (artikelen 6:7 en 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). In artikel 3:41 van de Awb staat hoe dat bekendmaken gebeurt. Op grond van artikel 6:9 van de Awb is een beroep tijdig ingediend, indien het voor het einde van de termijn is ontvangen.
  4. In dit geval is het besluit bekendgemaakt op 4 oktober
  5. Het beroepschrift had dus uiterlijk op 15 november 2024 door de rechtbank ontvangen moeten zijn. De rechtbank heeft het beroepschrift ontvangen op 20 november
  6. Dat is dus te laat. De hoofdregel is dan dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk behandelt. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het beroepschrift te laat door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.
  7. De rechtbank heeft eiseres op 11 februari 2025 een aangetekende brief gestuurd waarin eiseres in de gelegenheid is gesteld om de laten weten waarom zij haar beroep na afloop van de beroepstermijn heeft ingediend. Deze brief is volgens de track and trace bezorgd waarbij voor ontvangst getekend op 12 februari
  8. Eiseres heeft niet gereageerd op deze brief en dus geen reden gegeven waarom zij te laat was.
  9. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb). Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld.
  10. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich rechter, in aanwezigheid van E.J.H.C. Hui, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 mei
  11. de griffier is verhinderd deze uitspraak te ondertekenen griffier rechter Afschrift verzonden aan partijen op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.