RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummers: 16/083762-23 en 16/107109-21 (tul) (P) Vonnis van de meervoudige kamer van 11 februari 2025 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1994 te [geboorteplaats] , ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres: [adres 1] , [postcode] [plaats] , hierna: verdachte. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is bij verstek gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 10 september 2024 en van 21 februari
(3)foto’s van een en dezelfde helm gezien vanuit verschillende posities. Wij hoorden aangever verklaren dat hij deze helm herkende als een “pothelm” die hij in zijn aangifte had omschreven. In het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] staat -zakelijk weergegeven- het volgende: Ik hoorde heel hard gebonk op een deur. Ik hoorde een scooter voor de deur. Ik hoorde dat een man met een Marokkaans komaf hoorde luidruchtig schreeuwen. Ik hoorde dat hij zei: "Broer, ik doe aan de ramadan. Ik maak je kapot, Ik kom morgen terug" Ik heb de Marokkaanse man meerdere keren schreeuwen: Ik maak je kapot, ik kom terug naar jou." Verdachte heeft bij de politie -zakelijk weergegeven- het volgende verklaard: Er liggen nog spullen van mijn schoonzus, dus ik dacht ik ga [medeverdachte] laten aankloppen. Wij wilden die kleding gaan halen. [medeverdachte] was zo geschrokken en was ook boos over zijn vriendin dus hij heeft [slachtoffer] een paar klappen gegeven, Ik ging naar boven om de tassen met de kleding te pakken. Meer dan dat is er niet gebeurd. Ik had een Canada Goose jas aan met op de achterkant Oktobers very best. Dat was een donkerblauwe/zwarte jas. Ik heb per ongeluk een andere jas meegenomen, dat was zijn jas. Medeverdachte [medeverdachte] heeft bij de politie -zakelijk weergegeven- het volgende verklaard: Ik was in de afgelopen nacht samen met een Marokkaanse vriend bij de woning op de [adres 2] in [plaats] . Ik ging mee voor vervoer; hij had een scooter nodig om daar te komen We gingen naar de woning om te praten. In het begin bleef ik buiten staan. Ik droeg mijn zwarte helm en [verdachte] de witte. Ik hoorde heftiger gepraat en ging kijken. Het ging in de woning over zaken waar ik niets van wist. lk heb mij daarbuiten gehouden. Ik was alleen de bestuurder. Ik wilde de deur op slot draaien van buitenaf en de politie bellen. [slachtoffer] was aan het doordraaien. Excuus dat ik dat gedaan heb maar dat heb ik voor de zekerheid gedaan en was niet de bedoeling. Bewijsoverwegingen De rechtbank stelt vast dat verdachte en medeverdachte [medeverdachte] op 23 maart 2023 de woning van aangever [slachtoffer] binnen zijn gegaan met de kennelijke bedoeling om geld en goederen weg te nemen. Verdachte is samen met zijn medeverdachte in het holst van de nacht naar de woning gegaan. Uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte wilde ‘praten’ met aangever maar ook op zoek was naar een tas met kleren. De politie treft aangever vervolgens aan met letsel (welk letsel past bij zijn verklaring in de aangifte), aangever komt angstig over en zijn hele woning is overhoop gehaald. Verdachte loopt vervolgens zelf weg met de jas van aangever aan. Op basis van bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte en zijn medeverdachte de woning zijn binnen gedrongen, aangever hebben mishandeld en bedreigd en dat het kennelijke doel was om (waardevolle) spullen uit zijn woning te ontvreemden. Er is geen andere (aannemelijke) verklaring voor het volledig doorzoeken van de woning van aangever en het door verdachte en zijn medeverdachte alvast klaarzetten van waardevolle goederen. De rechtbank stelt voorts vast dat zowel verdachte als zijn medeverdachte een aandeel van voldoende gewicht hebben gehad in zowel het geweld dat is toegepast op aangever als op het wegnemen van de goederen. Zij hebben immers aangever beide geslagen (al dan niet met een helm) en zij hebben allebei goederen klaar gezet of meegenomen. Daarmee is sprake van een gezamenlijke uitvoering, waarbij elke verdachte een voldoende significante bijdrage heeft geleverd. Er is dus sprake van medeplegen. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: hij op 26 maart 2023 te Utrecht, tezamen en in vereniging met een ander, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededader voorgenomen misdrijf om gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning gelegen aan de [straat] , - een geldbedrag, en - huissleutels en - een televisie en - een spelcomputer (Nintendo Switch), die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en zijn mededader toebehoorde weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en deze poging diefstal te doen vergezellen van geweld tegen die [slachtoffer] , met het oogmerk die voorgenomen diefstal gemakkelijk te maken - met geweld, althans hardhandig, (tegen) de deur van de woning van die [slachtoffer] heeft (in)getrapt en de woning van die [slachtoffer] heeft betreden, en - die [slachtoffer] meermaals met een helm en met een tot vuist gebalde hand heeft geslagen en - met een mes heeft gestoken en geprikt in de arm, in elk geval in het lichaam van die [slachtoffer] , en - ( daarbij) heeft geschreeuwd, en - ( daarbij) - zakelijk weergegeven - om geld en een pinpas heeft gevraagd en/of geëist, en - die [slachtoffer] heeft gefixeerd en vastgehouden op de grond, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN HET FEIT Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezen verklaarde levert volgens de wet het volgende strafbare feit op: Poging tot diefstal, vergezeld van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning en het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF 8.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot een gevangenisstraf van 126 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte, 120 dagen, voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Daarnaast heeft de officier van justitie gevorderd om verdachte een taakstraf van 180 uren op te leggen. De officier van justitie heeft daarbij onder meer gewezen op de ernst van het feit en toegelicht dat zij het in dit geval niet passend acht dat verdachte een langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf dan de duur van het voorarrest krijgt opgelegd. 8.2 Het oordeel van de rechtbank Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. Ernst van de feiten Verdachte heeft samen met een ander op gewelddadige wijze geprobeerd geld en goederen uit de woning van slachtoffer weg te nemen. Het slachtoffer is daarbij onder meer meerdere keren geslagen (waaronder met een scooterhelm) en er is met een mes in zijn arm gestoken. Verdachte heeft daarbij een sturende rol gehad en het meeste geweld tegen aangever gebruikt. Dat rekent de rechtbank verdachte zwaar aan. Door hun handelen hebben verdachte en medeverdachte [medeverdachte] een ernstige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van slachtoffer gemaakt. Het slachtoffer is daardoor sterk geschaad in het gevoel van veiligheid in zijn eigen huis, bij uitstek de plek waar iemand zich veilig zou moeten kunnen voelen. Uit de verklaringen van het slachtoffer volgt de hevige angst die hij tijdens het delict, maar ook nadien, heeft gevoeld. De verdachten hebben zich niet bekommerd om de gevoelens van het slachtoffer. Dat neemt de rechtbank verdachte zeer kwalijk. De diefstal is alleen voorkomen doordat buurtbewoners en de politie adequaat hebben opgetreden en om die reden er -strafrechtelijk gezien- slechts sprake is van een poging tot diefstal. Dat er niets is gestolen, maakt de nachtelijke aanval op het slachtoffer nauwelijks minder kwalijk. Persoon van de verdachte De rechtbank heeft kennis genomen van de justitiële documentatie (strafblad) van verdachte van 17 december
- Daaruit volgt dat verdachte eerder is veroordeeld voor geweldsfeiten. In 2024 is hij veroordeeld voor mishandeling en in 2021 voor mishandeling van zijn (ex)partner. Dit brengt mee dat art. 63 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing is. De rechtbank heeft ook kennis genomen van een reclasseringsadvies d.d. 29 maart 2023, dat ten behoeve van de voorgeleiding bij de rechter-commissaris is opgesteld. Over meer recente informatie ten aanzien van de persoonlijke omstandigheden van verdachte beschikt de rechtbank niet. Uit genoemd advies volgt dat verdachte op dat moment dakloos is, niet beschikt over werk noch inkomen, dagelijks medicatie gebruikt en in het weekend alcohol en/of drugs gebruikt. De reclassering geeft aan dat eerder is vastgesteld dat sprake is van problematisch drugsgebruik. Verdachte wil alleen hulp van de reclassering voor praktische zaken (o.a. huisvesting). In het verleden is tweemaal eerder reclasseringstoezicht opgelegd. Beide toezichten liepen niet goed. De officier van justitie heeft ter zitting bevestigd dat in 2024 een eerder aan verdachte opgelegde taakstraf is omgezet in hechtenis. De oplegging van een straf De rechtbank is van oordeel dat de ernst van het gepleegde feit en de overige omstandigheden, vragen om vergelding in de vorm van een (onvoorwaardelijke) gevangenisstraf. De rechtbank heeft voor de bepaling van de hoogte van die straf gekeken naar de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht en naar straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. De rechtbank concludeert dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 300 dagen, met aftrek van het voorarrest, passend en geboden is. De straf is hoger dan door de officier van justitie is geëist. Anders dan de officier van justitie, ziet de rechtbank geen aanleiding om een voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen. De rechtbank baseert zich daarbij op het reclasseringsadvies en heeft -bij afwezigheid van verdachte ter zitting- geen goede inschatting kunnen maken of het opleggen van algemene dan wel bijzondere voorwaarden zinvol en daarmee wenselijk is. Voorts legt de rechtbank geen taakstraf aan verdachte op, nu gebleken is dat recent een eerder aan verdachte opgelegde taakstraf is omgezet in hechtenis. Omdat de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van langer dan zes maanden oplegt, merkt zij tot slot het volgende op. Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet. 9BESLAG 9.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft verzocht, kort gezegd, het mes en de helm verbeurd te verklaren. Ten aanzien van de overige in beslag genomen goederen (2 jassen en 1 afstandsbediening) heeft de officier van justitie verzocht om deze te retourneren aan aangever. 9.2 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank zal de in beslag genomen voorwerpen, te weten - 1 STK Mes (PL0900-2023088495-3139249) en - 1 STK Helm (PL0900-2023088495-G3139268) verbeurd verklaren. Met behulp van deze voorwerpen is het bewezen verklaarde feit begaan. De rechtbank zal teruggave gelasten van de in beslag genomen voorwerpen: - 1 STK Jas (MD4R023040_763555) en - 1 STK Afstandsbediening (PL0900-2023088495-G3139262) aan [slachtoffer] , nu hij redelijkerwijs als rechthebbende(n) van deze voorwerpen kan worden aangemerkt. Het betreft voorwerpen die uit de woning door verdachte zijn meegenomen. De rechtbank zal teruggave gelasten van het in beslag genomen voorwerp: 1 STK Jas (PL0900-2023088495-G3139271) aan degenen die redelijkerwijs als rechthebbenden van dit voorwerp kunnen worden aangemerkt. 10VORDERING TENUITVOERLEGGING Bij vonnis van de politierechter van deze rechtbank van 20 december 2021 (parketnummer: 16/107109-21) is aan verdachte onder meer een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met een proeftijd van 2 jaar opgelegd. 10.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd de vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van twee weken, toe te wijzen. 10.2 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank stelt vast dat verdachte zich binnen de proeftijd opnieuw schuldig gemaakt aan strafbare feiten, te weten het feit dat de rechtbank thans bewezen heeft verklaard. Om die reden zal zij de vordering toewijzen en gelasten dat de gevangenisstraf van twee weken, die de politierechter op 20 december 2021 voorwaardelijk heeft opgelegd, ten uitvoer wordt gelegd. 11TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 33, 33a, 45, 63, 310 en 312 van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 12BESLISSING De rechtbank: Bewezenverklaring - verklaart bewezen, dat de verdachte het primair ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan; - verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij; Strafbaarheid - verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; Oplegging straf - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 300 dagen; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht. Beslag - verklaart verbeurd de volgende in beslagen genomen voorwerpen: 1 STK Mes (PL0900-2023088495-3139249) en 1 STK Helm (PL0900-2023088495-G3139268); - gelast teruggave aan [slachtoffer] van de volgende in beslag genomen voorwerpen: het 1 STK Jas (MD4R023040_763555) en 1 STK Afstandsbediening (PL0900-2023088495-G3139262). - gelast teruggave aan de rechthebbende van het volgende voorwerp: 1 STK Jas (PL0900-2023088495-G3139271) Vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 16/107109.21 - wijst de vordering toe. - gelast de tenuitvoerlegging van de door de politierechter in de rechtbank MiddenNederland bij vonnis van 20 december 2021opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken. Dit vonnis is gewezen door mr. A. Blanke, voorzitter, mr. drs.. J. Edgar en J.A. Zwinkels, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.E. van Wiggen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 11 februari
- Mr. A. Blanke en mr. J.A. Zwinkels zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 26 maart 2023 te Utrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning gelegen aan de [straat] , - ( een) geldbedrag(en), en/of - huissleutels, en/of - een of meer televisie(s), en/of - een spelcomputer (Nintendo Switch), althans goederen van zijn gading, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en deze poging diefstal te doen voorafgaan, te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] , te plegen met het oogmerk die voorgenomen diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemer(s) aan het misdrijf hetzij hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, - met geweld, althans hardhandig, (tegen) de deur van de woning van die [slachtoffer] heeft (in)getrapt en/of geduwd en/of de woning van die [slachtoffer] heeft betreden, en/of - die [slachtoffer] meermaals met een helm, althans een hard voorwerp, en/of met een tot vuist gebalde hand heeft geslagen en/of gestompt, en/of - met een mes, althans een scherp en/of puntig voorwerp, heeft gestoken en/of geprikt in/naar de arm, in elk geval in/naar het lichaam van die [slachtoffer] , en/of - ( daarbij) heeft geschreeuwd, en/of - ( daarbij) - zakelijk weergegeven - om geld en/of pinpas heeft gevraagd en/of geëist, en/of - die [slachtoffer] heeft gefixeerd en/of vastgehouden op de grond, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; ( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht, art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht ) subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: hij op of omstreeks 26 maart 2023 te Utrecht, althans in Nederland, een jas (van het merk Moose Knockels), in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen; ( art 310 Wetboek van Strafrecht ) Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 2 juni 2023, genummerd PL0900-2023088495, opgemaakt door politie Midden-Nederland, pagina 1 tot en met
- Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Proces-verbaal van aangifte d.d. 26 maart 2023, p.
- Proces-verbaal van aangifte d.d. 26 maart 2023, p.
- Proces-verbaal van aangifte d.d. 26 maart 2023, p.
- Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 maart 2023, p.
- Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 maart 2023, p.
- Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 maart 2023, p.
- Een geschrift, inhoudende een letselrapportage d.d. 29 maart 2023, p. 142 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 maart 2023, p.
- Proces-verbaal verhoor getuige d.d. 27 mart 2023, p.
- Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] d.d. 27 maart 2023, p.
- Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] d.d. 27 maart 2023, p.
- Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte] d.d. 27 maart 2023, P.
- Proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte] d.d. 27 maart 2023, p.
- proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte] d.d. 27 maart 2023, p. 128.