← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2025:5623

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats: Utrecht Parketnummer: 16/312457-22 (P) Tegenspraak Vonnis van de meervoudig kamer van 31 oktober 2025 in de strafzaak van: [verdachte] , geboren op [1986] te [geboorteplaats] , ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres: [adres] , [postcode] te [plaats] , preventief gedetineerd in de [verblijfplaats] , hierna: de verdachte. 1Zitting De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 25 september 2025. Het onderzoek is gesloten op 31 oktober 2025. Op de zitting van 25 september 2025 waren aanwezig: de verdachte; de officier van justitie; de advocaat van de verdachte: mr. A.M.J. Comans; de benadeelde partij [benadeelde partij] en zijn advocaat, mr. M.R.M. Schaap. 2Tenlastelegging De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat: 1 op 4 juli 2023 in IJsselstein samen met anderen een pistoolmitrailleur, drie pistolen, een ingekort dubbelloops hagelgeweer en munitie voorhanden heeft gehad; 2 in de periode van 26 april 2018 tot en met 6 december 2023 in Nederland de handel in en import van cocaïne en MDMA heeft voorbereid en bevorderd; 3 in de periode van 11 november 2022 tot en met 4 juli 2023 in Nederland samen met anderen heeft gehandeld in cocaïne en 1318,8 gram cocaïne voorhanden heeft gehad; 4 in de periode van 1 augustus 2022 tot en met 6 december 2023 in Nederland de volgende geldbedragen en goederen heeft witgewassen: - een geldbedrag van € 955,02; - een geldbedrag van € 3.000,-; - een geldbedrag van € 883,70; - een geldbedrag van € 22.970,- (verbouwingskosten); - goederen en vliegtickets ter waarde van in totaal € 17.579,49; - geldbedragen voor autohuur en benzinekosten; 5 op of omstreeks 18 november 2017 in Utrecht samen met anderen twee handgranaten voorhanden heeft gehad en daarmee een ontploffing heeft veroorzaakt, door deze ’s nachts bij Sportschool [sportschool] naar binnen te gooien, waardoor gevaar voor goederen te verwachten was; 6 (oorspronkelijk ten laste gelegd onder parketnummer 16/220821-24): op 16 augustus 2018 in Utrecht een of meer handgranaten voorhanden heeft gehad, heeft vervoerd en heeft overgedragen. De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I bij dit vonnis. 3Bewijs 3.1. Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat kan worden bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande dat: - de pleegperiode van de onder feit 2 ten laste gelegde voorbereidingshandelingen eindigt op 28 februari 2021; - de hoeveelheid cocaïne die de verdachte volgens feit 3 voorhanden heeft gehad, dient te worden teruggebracht tot 1318,2 gram; - het onder feit 4 ten laste gelegde witgewassen geldbedrag voor verbouwingskosten dient te worden teruggebracht tot € 15.266,-; - de verdachte het onder feit 5 ten laste gelegde alleen, en niet samen met een ander, heeft gedaan. De verdere standpunten van de officier van justitie worden – voor zover van belang voor het oordeel over de bewezenverklaring – nader besproken in paragraaf 3.3. 3.2. Het standpunt van de verdediging De advocaat van de verdachte heeft verschillende bewijsverweren naar voren gebracht. Deze verweren worden – voor zover van belang voor het oordeel over de bewezenverklaring – hierna besproken onder paragraaf 3.3. 3.3. Het oordeel van de rechtbank 3.3.1 De gebruikte bewijsmiddelen Voor de overzichtelijkheid van dit vonnis heeft de rechtbank de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaringen redengevende feiten en omstandigheden uitgewerkt en opgenomen in bijlage II. Deze bijlage is aan dit vonnis gehecht. 3.3.2. Vrijspraak voor feit 5 De rechtbank acht niet bewezen dat de verdachte op of omstreeks 18 november 2017 twee handgranaten voorhanden heeft gehad en hiermee een ontploffing heeft veroorzaakt. De rechtbank overweegt daartoe als volgt. Op 18 november 2017 zijn twee handgranaten bij de sportschool [sportschool] in Utrecht naar binnen gegooid, waarvan er één tot ontploffing is gekomen. Van de handgranaten zijn verschillende bemonsteringen genomen die zijn onderzocht op de aanwezigheid van DNA. De verkregen DNA-profielen zijn vervolgens vergeleken met het DNA-profiel van verdachte. Uit bemonstering AAIN2315NL is een DNA-mengprofiel van minimaal vijf donoren verkregen. Het DNA-profiel is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is. Uit bemonstering AAIN2317NL is een DNA-mengprofiel van minimaal vier donoren verkregen. Het DNA-profiel is circa 690 duizend keer waarschijnlijker wanneer verdachte één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is. Uit bemonstering AAIN2318NL is een DNA-mengprofiel van minimaal vijf donoren verkregen. Het DNA-profiel is circa 20 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is. Uit bemonstering AAIN2319NL is een DNA-mengprofiel van minimaal twee donoren verkregen. Het DNA-profiel is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is. De rechtbank concludeert hieruit, met inachtneming van de rest van het dossier, dat verdachte donor is van een deel van het celmateriaal in bovenstaande bemonsteringen. Dat is een sterke aanwijzing dat de verdachte deze handgranaten op enig moment voorhanden heeft gehad. In alle hiervoor genoemde bemonsteringen is echter ook DNA van anderen dan verdachte aangetroffen. Verder blijkt uit het dossier dat verdachte meermalen als tussenpersoon heeft gefungeerd tussen aanbieders en afnemers van handgranaten. Hierdoor kan de rechtbank, anders dan de officier van justitie voorstaat, niet met voldoende mate van zekerheid vaststellen dat de DNA-sporen van verdachte op de (beugel en de borgpin van

  1. de)handgranaten dadersporen zijn voor de ontploffing bij [sportschool] , en dat niet iemand anders (bijvoorbeeld een afnemer), deze handgranaten op of omstreeks 18 november 2017 voorhanden heeft gehad en bij de sportschool naar binnen heeft gegooid. De rechtbank zal de verdachte daarom vrijspreken van feit 5. 3.3.3. Veroordeling voor het onder de feiten 1 en 3 ten laste gelegde voorhanden hebben van vuurwapens, munitie en cocaïne. Op 4 juli 2023 worden er bij een doorzoeking in de berging, behorend bij het adres [adres] te [plaats] (verder: berging [nummer] ), verboden vuurwapens, bijbehorende munitie en een handelshoeveelheid (ruim 1,3 kilo) cocaïne aangetroffen. Aan de verdachte is onder de feiten 1 en 3 ten laste gelegd dat hij op 4 juli 2023 deze vuurwapens, munitie en cocaïne voorhanden heeft gehad. Voor een veroordeling is nodig dat kan worden bewezen dat de verdachte op 4 juli 2023 wetenschap had van en beschikkingsmacht had over deze wapens, munitie en cocaïne. De rechtbank is van oordeel dat dit inderdaad is bewezen, op grond van de bij dit vonnis opgenomen bewijsmiddelen. De rechtbank licht haar oordeel als volgt toe. De verklaringen van de bewoners van [adres] De verdachte woonde, samen met zijn moeder, vanaf 2013 op het adres [adres] in [plaats] . De berging van dit adres bevindt zich in dezelfde ruimte (gang) als berging [nummer] , die voorzien is van één centrale toegangsdeur. De verdachte en zijn moeder hebben veel en goed contact met de bewoners van [adres] . De hoofdbewoner van [adres] heeft in 2023 bij de politie verklaard dat de verdachte ongeveer vier jaar daarvoor haar toestemming had gevraagd en gekregen om zijn kickboksspullen in berging [nummer] op te slaan. Zij heeft verder verklaard dat zij 3 à 4 jaar geleden voor het laatst in berging [nummer] is geweest. Ook haar dochter heeft verklaard dat er spullen van verdachte in berging [nummer] zijn opgeslagen en dat zij en haar moeder berging [nummer] niet meer gebruikten. De verdachte heeft in de jaren voorafgaand aan de doorzoeking kickboksles gegeven, en op 4 juli 2023 worden in berging [nummer] , naast de wapens en de cocaïne, kickboksspullen, zoals een stootkussen, aangetroffen. Dit stootkussen lag bovenop de koffers waarin de handelshoeveelheid cocaïne en de vuurwapens zijn aangetroffen. Anders dan de advocaat heeft bepleit, acht de rechtbank de verklaring van beide bewoners van [adres] betrouwbaar, omdat zij door ander bewijs (de vondst van de kickboksspullen, de in de bewijsmiddelen opgenomen tapgesprekken van de verdachte en het hierna te bespreken forensisch bewijs) worden ondersteund. DNA-sporen van de verdachte De vuurwapens en de cocaïne die op 4 juli 2023 in berging [nummer] zijn aangetroffen, zaten in twee koffers. De vuurwapens en de bijbehorende onderdelen zijn onderzocht op DNA. De aangetroffen DNA-profielen zijn vergeleken met het DNA-profiel van verdachte. Uit bemonstering AAQD3742NL#01 (vuurwapen AAQI7051NL, afkomstig uit koffer 1) is een DNA-mengprofiel van minimaal twee donoren verkregen. Het DNA-profiel is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is. Uit bemonstering AAQD3748NL#01 (vuurwapen AAQI7034NL, afkomstig uit koffer 2) is een DNA-mengprofiel van minimaal drie donoren verkregen. Het DNA-profiel is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is. Uit bemonstering AAQD3750NL#01 (patroonmagazijn AAQT8988N, afkomstig uit koffer 2) is een DNA-mengprofiel van minimaal twee donoren verkregen. Het DNA-profiel is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is. De rechtbank concludeert hieruit, met inachtneming van de rest van het dossier, dat verdachte donor is van een deel van het celmateriaal in bovenstaande bemonsteringen, dat op vuurwapens in beide koffers is aangetroffen. De verdachte heeft zich bij vragen over dit onderzoeksresultaat beroepen op zijn zwijgrecht. De raadsman heeft ten aanzien van het DNA-onderzoek in zijn pleidooi verwezen naar een opmerking van de forensisch onderzoeker op pagina 1009 van het dossier. Deze schrijft daar het volgende: “De sporendragers met SIN (AAQD0420NL, AAQD0419NL, AAQI7036NL en AAQD0418NL) en (AAQT8988NL en AAQI7034NL) werden aangeleverd in ademende sealbags, welke voorzien waren van meerdere SIN’s. Door de afwezigheid van eenduidige individuele SIN’s op de buitenverpakking is de herleidbaarheid van de sporendragers mogelijk geschonden en daarmee de integriteit niet te garanderen”. De rechtbank is van oordeel dat een dergelijke schending van de herleidbaarheid niet daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Deze herleidbaarheid blijkt immers uit het Proces-verbaal forensisch onderzoek plaats delict ( [straat] IJsselstein) op pagina 1762 e.v. van het dossier. Uit de foto’s die als bijlage bij dit proces-verbaal zijn gevoegd, blijkt dat de goederen met de SIN-nummers AAQD0420NL (een pistool), AAQD0419NL (de bijbehorende geluiddemper), AAQI7036NL (de bijbehorende patroonhouder) en AAQD0418NL (de patronen in deze patroonhouder) in de koffer in de berging in één plastic bakje zijn aangetroffen. Deze bij elkaar horende wapenonderdelen zijn vervolgens door de politie bewaard in één bewaarzakje voorzien van meerdere SIN-nummers. De goederen met de SIN-nummers AAQT8988NL (een pistool) en AAQI7034NL (de bijbehorende patroonhouder) zijn in dezelfde koffer in één etui aangetroffen. Ook deze bij elkaar horende wapenonderdelen zijn vervolgens door de politie bewaard in één bewaarzakje voorzien van meerdere SIN-nummers. De rechtbank acht het weliswaar mogelijk dat door deze manier van verpakken DNA van het ene wapenonderdeel op het andere is overgedragen, maar vindt dit niet van belang voor de beantwoording van de vraag wie de betreffende wapens voorhanden heeft gehad. Het gaat hier immers om wapenonderdelen die naar hun aard bij elkaar horen en blijkens de foto’s in het dossier in de berging ook zeer dicht bij elkaar zijn bewaard. De rechtbank is dan ook van oordeel dat het feit dat bij elkaar horende wapenonderdelen na inbeslagname zijn bewaard in één bewaarzakje met meerdere SIN-nummers, de DNA-onderzoeksresultaten ten aanzien van deze wapens niet onbetrouwbaar maakt. Vingerafdruk van de verdachte In berging [nummer] is op 4 juli 2023 vlak naast de koffer met vuurwapens en cocaïne een tas aangetroffen, waarin met hennep gevulde verpakkingen en lege verpakkingen zaten. Op één van deze verpakkingen is een vingerafdruk aangetroffen die is geïndividualiseerd op verdachte. Uit onderzoek volgt dat twee dactyloscopisch-onderzoekers ervan overtuigd zijn dat het spoor door verdachte is geplaatst. De kans om deze mate van overeenkomst aan te treffen bij een willekeurig ander persoon is verwaarloosbaar klein. De rechtbank concludeert hieruit, met inachtneming van de rest van het dossier, dat de vingerafdruk afkomstig is van verdachte. De verdachte heeft zich ook bij vragen over dit onderzoeksresultaat beroepen op zijn zwijgrecht. Chats van 28 februari 2021 Verdachte is in een andere strafzaak aangehouden op 28 februari 2021. Uit onderzochte chats van tegencontacten van de verdachte op 28 februari 2021 blijkt dat de verdachte op dat moment vuurwapens in zijn flat had opgeslagen in de berging van iemand anders. In deze chats wordt een foto verstuurd van de koffer waarin deze vuurwapens destijds waren verborgen. Deze koffer is op een groot aantal punten gelijk aan, of lijkt zelfs identiek met de koffer in berging [nummer] waarin op 4 juli 2023 vier vuurwapens zijn aangetroffen. In de chats wordt er verder over gesproken dat [bijnaam 1 verdachte] , waarvan uit de bewijsmiddelen blijkt dat dit de verdachte is, de enige is die de sleutels van de schuur heeft. Hoewel deze gesprekken van geruime tijd vóór de wapenvondst op 4 juli 2023 dateren, dragen ze bij aan de conclusie dat de verdachte al langere tijd toegang tot de kelderbox van een ander aan het [straat] in [plaats] had én dat hij de beschikking over vuurwapens had. Gelet op de grote mate van overeenkomst tussen de beide koffers is daarnaast aannemelijk dat de verdachte ook op 4 juli 2023 nog beschikte over (één of meer van) dezelfde wapens. Op grond van het bovenstaande concludeert de rechtbank dat verdachte in de ten laste gelegde periode de hoofdgebruiker was van berging [nummer] en wetenschap en beschikkingsmacht had over de vuurwapens, munitie en cocaïne die in deze berging zijn gevonden. Op basis van de bewijsmiddelen stelt de rechtbank ook vast dat de verdachte de feiten samen met (tenminste) één ander heeft gepleegd. 3.3.4. Veroordeling voor de onder feit 3 ten laste gelegde cocaïnehandel Zoals onder 3.3.3 is overwogen, acht de rechtbank bewezen dat de verdachte wetenschap had van en beschikkingsmacht had over de ruim 1,3 kilo cocaïne die op 4 juli 2023 in berging [nummer] is aangetroffen. Onder feit 3 is naast het voorhanden hebben van deze hoeveelheid cocaïne, ook ten laste gelegd dat de verdachte samen met anderen in de periode van 11 november 2022 tot en met 4 juli 2023 heeft gehandeld in cocaïne. De rechtbank acht ook deze cocaïnehandel bewezen, op grond van de bij dit vonnis opgenomen bewijsmiddelen. De rechtbank licht haar oordeel als volgt toe. Medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] handelden in de periode van 27 oktober 2022 tot en met 4 juli 2023 in cocaïne Uit de bewijsmiddelen blijkt dat medeverdachte [medeverdachte 1] vanaf 27 oktober 2022 tot 10 november 2022, samen met medeverdachte [medeverdachte 2] , handelde in cocaïne via de dealerlijn [telefoonnummer] (verder: [telefoonnummer] ). Uit de bewijsmiddelen blijkt verder dat via de directe opvolgers van deze dealerlijn, de dealerlijnen [telefoonnummer] (verder: [telefoonnummer] ) en [telefoonnummer] (verder: [telefoonnummer] ), in de periode van 11 november 2022 tot en met 4 juli 2023 cocaïne wordt verkocht aan dezelfde gebruikers als via [telefoonnummer] , door onder anderen [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] . Medeverdachte [medeverdachte 1] is door de rechtbank op 20 maart 2024 veroordeeld voor cocaïnehandel in de periode van 10 april 2023 tot en met 4 juli 2023. Medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] zijn op 20 maart 2024 door de rechtbank veroordeeld voor cocaïnehandel in de periode van 11 november 2022 tot en met 4 juli 2023. De rechtbank concludeert dat de verdachte als medepleger betrokken is geweest bij deze cocaïnehandel, op grond van het volgende. Verdachte is betrokken bij dealerlijn [telefoonnummer] Op 30 oktober 2022 belt een persoon dealerlijn [telefoonnummer] . [medeverdachte 1] neemt op, maar de beller denkt dat hij “ [bijnaam 2 verdachte] ” aan de lijn heeft. De deelnemers aan het gesprek maken een afspraak, en nadat [medeverdachte 1] op die afspraak is verschenen, belt dezelfde beller opnieuw met [telefoonnummer] . [medeverdachte 1] neemt weer op, maar de beller denkt opnieuw dat hij [bijnaam 2 verdachte] aan de lijn heeft, en vraagt boos waarom [bijnaam 2 verdachte] niet zelf is gekomen, maar een loopjongen naar hem heeft toegestuurd. [medeverdachte 1] antwoordt dat hij [bijnaam 2 verdachte] meteen opbelt. [bijnaam 2 verdachte] is een bijnaam van de verdachte, [verdachte] . Ook getuige [getuige 1] noemt de verdachte in een afgeluisterd telefoongesprek waarin zij met de moeder van de verdachte spreekt “ [bijnaam 2 verdachte] ”. Verder hadden [medeverdachte 1] en de verdachte veelvuldig contact met elkaar, en zoals uit de bewijsoverwegingen hierna volgt, was het de verdachte die [medeverdachte 1] in vanaf in ieder geval 3 januari 2023 aanstuurde in de handel in cocaïne. De rechtbank concludeert hieruit dat de verdachte betrokken is geweest bij dealerlijn [telefoonnummer] . Verdachte geeft instructies aan medeverdachten over cocaïnehandel De verdachte was tot 29 juni 2023 gedetineerd om een gevangenisstraf uit te zitten die in een andere strafzaak was opgelegd. Op 3 januari 2023 geeft de verdachte vanuit de PI aan medeverdachte [medeverdachte 1] een briefje mee, waarop instructies worden gegeven voor de handel in cocaïne. De termen die in deze instructies worden gebruikt (“pre” voor betere kwaliteit cocaïne en “multi” voor mindere kwaliteit cocaïne) komen overeen met de termen die worden gebruikt in notities over cocaïnehandel die in de telefoons van medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] zijn aangetroffen. De verdachte heeft zich bij vragen over dit briefje met instructies beroepen op zijn zwijgrecht. Medeverdachte [medeverdachte 1] bezoekt vaak de toegangsruimte tot berging [nummer] . Uit camerabeelden blijkt dat [medeverdachte 1] in de periode van 11 december 2022 tot en met 17 juni 2023, dus tijdens de detentie van verdachte, 25 keer de toegangsruimte tot berging [nummer] is binnengegaan, na veelal eerst sleutels opgehaald te hebben bij de moeder van de verdachte op [adres] . [medeverdachte 1] heeft hierbij vaak plastic tassen in zijn handen, die hij achterlaat of juist meeneemt, waaronder tassen die lijken op de plastic tas waarin op 4 juli 2023 in berging [nummer] de handelshoeveelheid cocaïne is aangetroffen. Verder is op 6 juni 2023 gezien dat de tas die [medeverdachte 1] bij zich heeft minder gevuld is als [medeverdachte 1] de toegangsruimte verlaat, dan hij was toen [medeverdachte 1] de toegangsruimte binnenging. Uit camerabeelden blijkt verder dat op 7 december 2022, vlak vóór de detentie van de verdachte, medeverdachte [medeverdachte 2] samen met [medeverdachte 1] en de verdachte met een tas de toegangsruimte tot berging [nummer] is binnengegaan. Ten slotte is op verpakkingsmateriaal dat in berging [nummer] naast de koffer met ruim 1,3 kilo cocaïne is aangetroffen, op 4 juli 2023 een vingerafdruk van [medeverdachte 1] aangetroffen. De verdachte heeft zich bij vragen over bovenstaande onderzoeksresultaten beroepen op zijn zwijgrecht. Medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] maakten bij hun cocaïnehandel gebruik van dezelfde cocaïnewikkels als in berging [nummer] zijn aangetroffen. In berging [nummer] worden op 4 juli 2023 twee grootverpakkingen zwart-witte cocaïnewikkels met “Scarface”-opdruk gevonden. Bij de doorzoekingen van de woningen van medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] op 4 juli 2023 worden dezelfde cocaïnewikkels aangetroffen, gevuld met cocaïne. Verder hebben meerdere gebruikers van de dealerlijn [telefoonnummer] verklaard dat zij hun cocaïne door deze medeverdachten in een zwart-witte “Scarface”-ponypack geleverd kregen. Dit blijkt ook uit een getapt telefoongesprek tussen [medeverdachte 1] en een gebruiker op 29 oktober 2022. Op grond van het bovenstaande concludeert de rechtbank dat de verdachte in de ten laste gelegde periode samen met anderen heeft gehandeld in cocaïne, waarbij de verdachte instructies gaf aan zijn medeverdachte(
  2. n)over deze cocaïnehandel en een handelshoeveelheid cocaïne was opgeslagen in berging [nummer] , waarvan de verdachte, zoals onder 3.3.3 uiteengezet, de hoofdgebruiker was en die hij gebruikte voor de opslag van cocaïne. 3.3.5 Veroordeling voor de onder feit 2 ten laste gelegde voorbereidingshandelingen voor drugshandel en -import Verworpen verweer tot bewijsuitsluiting De raadsman van de verdachte heeft bepleit, dat de informatie die is gevonden door onderzoek aan de Blackberry die op 20 augustus 2018 onder verdachte in beslag is genomen, moet worden uitgesloten van het bewijs. Er is geen toestemming gevraagd voor dit onderzoek aan de rechter-commissaris, terwijl dat wel had gemoeten, omdat voorzienbaar was dat dit onderzoek een meer dan geringe inbreuk zou opleveren op de persoonlijke levenssfeer van de verdachte. Door het ontbreken van toestemming van de rechter-commissaris is sprake van een vormverzuim in de zin van artikel 359a van het Wetboek van strafvordering (verder: Sv). Dit vormverzuim moet gesanctioneerd worden door bewijsuitsluiting, vanwege het grote belang dat de geschonden norm dient, namelijk de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, en om overheidsinstanties er van te weerhouden in de toekomst dergelijke schendingen te blijven plegen. De raadsman wijst in dat verband op het recente arrest van de Hoge Raad onder ECLI:NL:HR:2025:1247. De officier van justitie heeft ten aanzien van dit verweer als primair standpunt ingenomen dat er geen sprake is van een vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv. Het onderzoek van de Blackberry vond immers plaats voor de Landeck-jurisprudentie en dus nog onder het regime van de zogenoemde smartphone-arresten uit 2017. Daaruit volgt dat voorafgaande toestemming door de rechter-commissaris alleen was vereist als voorzienbaar was dat het onderzoek een zeer ingrijpende inbreuk zou opleveren op de persoonlijke levenssfeer van de gebruiker. In casu was dat niet het geval, te meer omdat een dergelijke Blackberry waarop de encryptie-applicatie SKY-ECC is geïnstalleerd niet gebruikt wordt als bona fide privé-telefoon, maar om criminele contacten te onderhouden. Verder vond de doorzoeking, waarbij de Blackberry in beslag is genomen, plaats met machtiging van de rechter-commissaris. Die machtiging omvat ook het doorzoeken van de telefoon. Ook zou de rechter-commissaris, indien daarom expliciet was verzocht, zeker toestemming hebben gegeven voor onderzoek van de Blackberry. Ten slotte heeft de raadsman niet geconcretiseerd en onderbouwd in welk persoonlijk belang verdachte is geschaad door het onderzoek van de Blackberry en welk persoonlijk nadeel daardoor is veroorzaakt. Ook hierdoor is van een vormverzuim geen sprake, aldus de officier van justitie. Als subsidiair standpunt heeft de officier van justitie gesteld dat, wanneer de rechtbank concludeert dat er wel sprake is geweest van een vormverzuim, dit niet tot een rechtsgevolg moet leiden. De rechtbank is van oordeel dat weliswaar sprake is geweest van een vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv, maar dat hier geen rechtsgevolg aan moet worden verbonden. De rechtbank licht haar oordeel als volgt toe. Met de raadsman is de rechtbank van oordeel dat volgens de recente Landeck-jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie en de daarop voortbouwende Hoge Raad-jurisprudentie voorafgaande toestemming van de rechter-commissaris is vereist voor onderzoek aan een smartphone, als te verwachten is dat dit onderzoek een meer dan geringe inbreuk zal opleveren op de persoonlijke levenssfeer van de gebruiker. Van zo’n inbreuk is volgens de Hoge Raad al sprake, wanneer door het onderzoek inzicht wordt verkregen in de communicatie die door middel van de smartphone is uitgewisseld. Nu het hoofddoel van het onderzoek aan de Blackberry was om inzicht te krijgen in de communicatie die daarmee was uitgewisseld, had het Openbaar Ministerie voorafgaand aan het onderzoek toestemming moeten vragen aan de rechter-commissaris. Doordat dit niet is gedaan, is sprake van een onherstelbaar vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv. De rechtbank zal echter geen rechtsgevolgen verbinden aan dit vormverzuim, op grond van het volgende. Ten eerste is de Blackberry onderzocht in 2023. Onder de destijds geldende jurisprudentie was het niet zonder meer duidelijk dat voor een dergelijk onderzoek toestemming van een rechter-commissaris nodig was. Er kan dus niet gezegd worden dat het Openbaar Ministerie destijds willens en wetens een rechtsnorm heeft geschonden door de Blackberry zonder deze toestemming te onderzoeken. Dit relativeert de ernst van het vormverzuim, en maakt dat sanctionering om het Openbaar Ministerie ervan te weerhouden dergelijke vormverzuimen in de toekomst te blijven plegen, zoals de raadsman heeft bepleit, niet in de rede ligt. Ten tweede gaat de rechtbank, gelet op de ernst en de aard van de verdenking in het kader waarvan de doorzoeking is verricht (een afpersing, o.a. door middel van chatberichten), er van uit dat de rechter-commissaris, indien daartoe verzocht, toestemming zou hebben gegeven om de Blackberry te onderzoeken. Ook dit relativeert de ernst van het vormverzuim. Ten derde heeft de verdediging het nadeel voor de verdachte als gevolg van het vormverzuim niet concreet gemaakt, door bijvoorbeeld te wijzen op specifieke privacygevoelige gegevens die door het onderzoeksteam zijn ingezien. Daarbij komt dat op de betreffende Blackberry SKY-ECC was geïnstalleerd, een applicatie waarmee versleutelde chatgesprekken konden worden gevoerd en die vooral werd gebruikt voor communicatie over het plegen van misdrijven. Door of namens de verdachte is in het geheel niet aangevoerd dat de Blackberry ook voor andere doeleinden dan versleutelde communicatie via SKY-ECC is gebruikt, en dit blijkt ook niet uit het dossier. Dit relativeert het nadeel dat verdachte door het vormverzuim heeft geleden. Bovenstaande leidt ertoe dat de rechtbank geen rechtsgevolg verbindt aan het vormverzuim, en de informatie die door het onderzoek van de Blackberry is verkregen voor het bewijs zal gebruiken. Bewijsverweer De raadsman heeft tevens bepleit dat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte de in het dossier opgenomen chatgesprekken heeft gevoerd, omdat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte de alleengebruiker is geweest van de telefoons waarmee deze chatgesprekken zijn gevoerd. De raadsman heeft daarbij een aantal passages in het dossier genoemd (op pagina’s 2052, 2055 en 2253) waaruit kan blijken dat een ander dan de verdachte (ook) gebruik heeft gemaakt van aan verdachte toegeschreven telefoons of telefoonnummers. De rechtbank is van oordeel dat met voldoende mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat de verdachte de alleengebruiker is geweest van de telefoons waarmee de belastende chatgesprekken zijn gevoerd. De telefoons zijn onder de verdachte aangetroffen. Uit het politieonderzoek, zoals weergegeven in de bewijsmiddelen, blijkt verder dat deze telefoons voor langere tijd en met grote regelmaat intensief door de verdachte zijn gebruikt. Voor gebruik door een ander dan de verdachte zijn geen aanwijzingen gevonden. Verder blijkt bij de tegencontacten op geen enkel moment onduidelijkheid te bestaan over de persoon met wie zij communiceren. De verdachte heeft zich op vragen over deze telefoons telkens op zijn zwijgrecht beroepen en niet verklaard dat de betreffende telefoons door anderen zijn gebruikt. De raadsman heeft de algemene mogelijkheid van een gebruikerswissel geopperd. De passages in het dossier waar de raadsman naar verwijst om deze algemene mogelijkheid te onderbouwen, zijn schaars en betreffen een latere periode en een andere telefoon dan die waaruit de in het dossier opgenomen chatgesprekken afkomstig zijn. Dit is onvoldoende om de sterke aanwijzingen te ontkrachten dat alleen de verdachte gebruikt heeft gemaakt van de telefoons waarmee de belastende chatgesprekken zijn gevoerd. De rechtbank stelt dan ook vast dat het de verdachte is geweest die de in de bewijsmiddelen opgenomen (chat)gesprekken heeft gevoerd. Bewezenverklaring Op basis van de chatgesprekken en notities die in bijlage II als bewijsmiddelen zijn opgenomen, acht de rechtbank bewezen dat de verdachte in de periode van 28 april 2018 tot en met 18 augustus 2018 en in de periode van 28 december 2020 tot en met 28 februari 2021 handelingen heeft gepleegd ter voorbereiding en bevordering van harddrugshandel en -import. Uit de inhoud van de chatgesprekken blijkt dat de verdachte in deze pleegperiodes: anderen heeft voorzien van informatie bestemd voor het plegen van harddrugshandel of harddrugsimport; anderen om deze informatie heeft gevraagd; als tussenpersoon heeft gefungeerd tussen aanbieders en afnemers van harddrugs; cocaïne te koop heeft gevraagd; te verhandelen cocaïne heeft getest; geld bestemd voor de cocaïnehandel voorhanden heeft gehad en heeft afgegeven; heeft geprobeerd uithalers van cocaïne in Nederland te regelen en jongeren heeft geronseld en getraind voor de harddrugshandel. Partiële vrijspraak Omdat de chatgesprekken die zijn opgenomen in de bewijsmiddelen de periode van 28 april 2018 tot en met 18 augustus 2018 en de periode van 28 december 2020 tot en met 28 februari 2021 bestrijken, en zich in het dossier geen belastende chatgesprekken uit de lange tussenliggende periode bevinden, zal de rechtbank de verdachte vrijspreken van het plegen van voorbereidings- en bevorderingshandelingen in deze tussenliggende periode. 3.3.6 Veroordeling voor het onder feit 4 ten laste gelegde witwassen De rechtbank is, op grond van de bij dit vonnis opgenomen bewijsmiddelen, van oordeel dat is bewezen dat de verdachte zich in de ten laste gelegde periode van 11 november 2022 tot en met 6 december 2023 schuldig heeft gemaakt aan witwassen. Dit oordeel wordt als volgt toegelicht. Voorwerpen van witwassen De verdachte wordt – kort samengevat – verweten dat hij verschillende contante geldbedragen die hij in bezit had, verbouwingskosten van zijn (huur)woning aan de [adres] in [plaats] en contant geld waarmee hij (luxe) goederen, huurauto’s en reizen heeft betaald, heeft witgewassen. Een deel van het contante geld, namelijk een bedrag van € 3.000,-, is op 6 december 2023 in de woning van de moeder van de verdachte gevonden. Dit bedrag bestond uit vijftien 200-eurobiljetten en lag in de kattenbak, onder een plasticzak waarop kattengrit lag. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte (ook) dit geldbedrag voorhanden heeft gehad. [moeder] , de moeder van de verdachte, heeft tijdens de doorzoeking gezegd dat zij dit geldbedrag heeft gespaard voor een cosmetische operatie. Het aangetroffen geldbedrag overstijgt echter vele malen het bedrag dat zij voor deze operatie stelt nodig te hebben. Tijdens haar politieverhoor heeft zij daar bovendien geen vragen over willen beantwoorden. Onderzoek naar de bankrekening van [moeder] laat verder zien dat er geen contante opnames zijn die dit bedrag kunnen verklaren. Daartegenover staat dat de verdachte, onder meer op de dag van de doorzoeking, wel de beschikking had over 200-eurobiljetten, en dat hij nog steeds in de woning van de moeder verbleef en daar ook een slaapkamer had. Gelet op deze omstandigheden concludeert de rechtbank dat de verdachte de € 3.000,- (indirect) in bezit heeft gehad, heeft verborgen en ook dat hij daarmee de rechthebbende op dat geldbedrag heeft verhuld. Voor wat betreft de verbouwingskosten is van belang dat een deel van de door de deskundige geraamde verbouwingskosten van in totaal € 22.970,- bestaat uit kosten voor bouwopslagen. Met de raadsman en de officier van justitie, acht de rechtbank het voldoende aannemelijk geworden dat de verbouwing (grotendeels) door de verdachte zelf en vrienden en kennissen is verricht. Dat heeft tot gevolg dat de verdachte geen bouwopslagen heeft hoeven betalen. De verdachte zal over de door hem aangeschafte materialen BTW hebben moeten betalen. De rechtbank zal daarom het contante geldbedrag dat door de verbouwing is witgewassen terugbrengen tot € 18.471,86 (zijnde de door de deskundige geraamde materiaalkosten van € 15.266,- + BTW) en verdachte van het meerdere aan (ver)bouwkosten vrijspreken. Criminele herkomst: vermoeden van witwassen Op basis van het dossier kan niet worden vastgesteld welk specifiek misdrijf heeft geresulteerd in de tenlastegelegde geldbedragen en goederen. Het ontbreken van een specifiek gronddelict staat evenwel niet aan een veroordeling in de weg, wanneer met voldoende mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat de voorwerpen uit misdrijf afkomstig waren. De rechtbank overweegt daarover als volgt. De legale inkomsten van de verdachte in de ten laste gelegde periode en de jaren daarvóór zijn onvoldoende om de in de tenlastelegging genoemde contante geldbedragen voorhanden te kunnen hebben en de in de tenlastelegging genoemde contant betaalde goederen aan te kunnen schaffen. Daarnaast zijn er sterke aanwijzingen dat deze contante geldbedragen en de contanten waarmee goederen zijn aangeschaft uit misdrijf afkomstig zijn. De verdachte wordt immers veroordeeld voor het plegen van voorbereidingshandelingen voor grootschalige cocaïne- en MDMA handel en -import in de periode vóór de ten laste gelegde witwasperiode en de daadwerkelijke cocaïnehandel tijdens de ten laste gelegde witwasperiode. Het is een feit van algemene bekendheid dat door het plegen van drugshandel veel contant geld wordt verkregen. Verder wordt een aanzienlijk deel van de in de tenlastelegging genoemde contante geldbedragen gevormd door biljetten van 200 euro, waarvan bekend is dat deze wel bij drugshandel, maar nauwelijks in het reguliere contante betalingsverkeer worden gebruikt. Alleen een verklaring voor een legale herkomst van één paar schoenen Het ligt bij dergelijke aanwijzingen op de weg van de verdachte om een verklaring af te leggen waaruit kan blijken dat de betreffende geldbedragen en goederen niet uit misdrijf, maar uit een legale inkomstenbron afkomstig zijn. De verdachte heeft alleen ten aanzien van één paar schoenen op zitting een verklaring gegeven. Die schoenen zou hij niet zelf hebben aangeschaft, maar van iemand cadeau hebben gekregen. Nader onderzoek door het Openbaar Ministerie naar deze verklaring van de verdachte is niet nodig. De rechtbank acht deze verklaring namelijk op voorhand voldoende aannemelijk. Uit een kassabon die tijdens de aanhouding van de verdachte op 6 december 2023 in zijn woning is aangetroffen blijkt dat dit paar schoenen door een ander dan de verdachte is betaald. De rechtbank zal de verdachte daarom vrijspreken van het witwassen van dit paar schoenen. Conclusie Voor de overige ten laste gelegde contante geldbedragen en goederen heeft de verdachte zich bij de politie en op zitting telkens op zijn zwijgrecht beroepen. Daarmee heeft hij het sterke vermoeden van de criminele oorsprong van die voorwerpen niet weten te ontzenuwen. De rechtbank concludeert dan ook dat met een voldoende mate van zekerheid kan worden uitgesloten dat de tenlastegelegde geldbedragen en goederen een legale herkomst hadden, en acht het feit, met uitzondering van de hiervoor genoemde kosten voor bouwopslagen en één paar schoenen, wettig en overtuigend bewezen. 3.3.7. Veroordeling voor het onder feit 6 ten laste gelegde voorhanden hebben, vervoeren en afleveren van een handgranaat De rechtbank acht op grond van de in bijlage II als bewijsmiddelen opgenomen chatgesprekken en bakengegevens bewezen dat de verdachte op 16 augustus 2018 een handgranaat voorhanden heeft gehad, heeft vervoerd en heeft afgegeven. Volgens de rechtbank staat vast dat in het chatgesprek op 16 augustus 2018 met “appel” een handgranaat wordt bedoeld. In het criminele circuit is “appel” een gangbaar codewoord voor een handgranaat, uit de chat blijkt dat met de “appel” gegooid kan worden en dat de “appel” uit handen van de politie moet blijven. Verder blijkt uit het dossier dat de verdachte mogelijk eerder handgranaten voorhanden heeft gehad, omdat DNA van de verdachte is aangetroffen op vier onderdelen van twee handgranaten die op 17 november 2017 bij een aanslag in Utrecht zijn gebruikt. 3.4. Bewezenverklaring De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte: 1 op 4 juli 2023 te IJsselstein tezamen en in vereniging met anderen: - een wapen van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een pistool van het merk Taurus, type PT-22, kaliber.22lr. en - een wapen van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een pistool van het merk Heckler & Koch, type P30SK, kaliber 9xl9mm, en - een wapen van categorie II onder 2 van de Wet wapens en munitie, te weten een pistoolmitrailleur van het merk CZ, model VZ61 Skorpion, kaliber 7.65mm, zijnde een vuurwapen geschikt om automatisch te vuren, en - een wapen van categorie II onder 3 van de Wet wapens en munitie, te weten een dubbelloops, ingekort hagelgeweer van het merk Victoria, kaliber 12, zijnde een vuurwapen dat zodanig was gewijzigd dat het dragen niet of minder zichtbaar was en - een wapen van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een pistool van het merk Walther, model P22, kaliber 9mm, en - munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten 25 patronen kaliber 9x19 mm, 69 patronen kaliber .25 en 1 patroon kaliber .40 merk S&B voorhanden heeft gehad; 2 op tijdstippen in de periode van 28 april 2018 tot en met 18 augustus 2018 en in de periode van 28 december 2020 tot en met 28 februari 2021 in Nederland, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden en te bevorderen, te weten: - het opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland brengen - het opzettelijk verkopen, afleveren, verstrekken en vervoeren van MDMA en cocaïne, middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, - een ander heeft getracht te bewegen om dat feit mede te plegen, om daarbij behulpzaam te zijn en om daartoe gelegenheid, middelen en inlichtingen te verschaffen, - zich en een ander gelegenheid, middelen en inlichtingen tot het plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen, - voorwerpen en geld voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte, wist dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, door, onder andere: - telefoons voorhanden te hebben met daarop een chatapplicatie (Sky, Wickr en een andere chatapplicatie) en daarvan gebruik te maken in de communicatie met zijn mededaders, leveranciers en afnemers en door gesprekken te voeren, informatie uit te wisselen, plannen te maken en afspraken te maken aangaande de kwaliteit van cocaïne en de aanschaf van cocaïne en MDMA, de prijzen van cocaïne en MDMA, de gebruikte logo’s op de cocaïne en de beschikbare eenheden cocaïne en MDMA; 3 op tijdstippen in de periode van 11 november 2022 tot en met 4 juli 2023 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk heeft verkocht, afgeleverd, verstrekt en vervoerd een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, en op 4 juli 2023 te IJsselstein opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 1318,8 gram cocaïne; 4 hij op tijdstippen in de periode van 11 november 2022 tot en met 6 december 2023, in Nederland, - een geldbedrag van 3.000,- heeft verborgen en heeft verhuld wie de rechthebbende op dat geldbedrag was, en - geldbedragen van 955,02 euro en 883,70 euro en - een geldbedrag van € 18.471,86 euro aan verbouwkosten en - goederen ter waarde van in totaal ongeveer 16.599,49 euro, te weten: meerdere TV’s (Samsung) een sub woofer (Samsung) een Iphone 15plus een wasmachine (Samsung) Loro Piana sneakers een oven (Samsung) een inductieplaat (Inventum) een vaatwasser (Inventum) een TV-meubel een koel-vriescombinatie (Samsung) een hoekbank een inloopkast (Ikea) een tweepersoonsbed en toebehoren meerdere vliegtickets, en - geldbedragen voor huurauto’s en benzinekosten daarvan, heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft omgezet of heeft gebruikt terwijl hij, verdachte, wist, dat die geldbedragen en goederen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf; 6 op 16 augustus 2018 te Utrecht een wapen van categorie II, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten een handgranaat, zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken door middel van ontploffing, voorhanden heeft gehad, heeft gedragen, heeft vervoerd en heeft overgedragen. De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken. De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet. 4Kwalificatie en strafbaarheid De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op: feit 1: medeplegen van handelen in strijd met artikel 26 lid 1 van de WWM en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, onderdeel 1, meermalen gepleegd en medeplegen van handelen in strijd met artikel 26 lid 1 van de WWM en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, onderdeel 2 en medeplegen van handelen in strijd met artikel 26 lid 1 van de WWM en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, onderdeel 3 en medeplegen van handelen in strijd met art. 26 lid 1 van de WWM; feit 2: een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voorbereiden of bevorderen door: - een ander trachten te bewegen om dat feit te plegen of medeplegen; - een ander trachten te bewegen daarbij behulpzaam te zijn of om daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen te verschaffen; - zich of een ander gelegenheid, middelen of inlichtingen tot het plegen van dat feit trachten te verschaffen - voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden of andere betaalmiddelen voorhanden te hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn voor het plegen van dat feit meermalen gepleegd; feit 3 medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod en medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod; feit 4 witwassen, meermalen gepleegd; feit 6 handelen in strijd met artikel 26 lid 1 van de WWM en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, onderdeel 7, en handelen in strijd met art. 22 lid 1 van de WWM, en handelen in strijd met art. 31 lid 1 van de WWM en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, onderdeel 7. Verdachte is strafbaar voor deze feiten. 5De op te leggen straf 5.1. De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot: - een gevangenisstraf van negen jaar, met aftrek van het voorarrest. 5.2. Het standpunt van de verdediging De advocaat van de verdachte heeft bepleit om bij een bewezenverklaring een lagere straf op te leggen dan door de officier van justitie is geëist. Door het ten laste gelegde is geen gevaar voor personen ontstaan. Verder heeft de behandeling van de strafzaak erg lang geduurd. Dit dient tot strafmatiging te leiden, aldus de raadsman. 5.3. Oordeel van de rechtbank 5.3.1 Inleiding Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee. 5.3.2 De ernst en omstandigheden van de gepleegde feiten De verdachte heeft zich gedurende meerdere jaren schuldig gemaakt aan ernstige misdrijven. Hij heeft voorbereidingshandelingen getroffen voor de import van grote partijen cocaïne en MDMA naar Nederland. In Nederland heeft hij zijn medeverdachten, die vaak aanzienlijk jonger waren dan hij, aangestuurd bij de lokale handel in cocaïne. De handelsvoorraad voor deze lokale cocaïnehandel had hij in een berging - van iemand anders - bij zijn woning opgeslagen, samen met een groot aantal vuurwapens met bijbehorende munitie. Verder heeft de verdachte een rol gespeeld bij wapenhandel, door een handgranaat voorhanden te hebben, te vervoeren en aan een ander over te dragen, zonder zich er om te bekommeren waarvoor deze handgranaat door de afnemer zou worden ingezet. Ten slotte heeft verdachte het geld dat hij door zijn criminele activiteiten had verkregen witgewassen, door hier legale diensten en goederen van te kopen. De cocaïnehandel, waarin de verdachte jarenlang actief is geweest, zorgt voor veel maatschappelijke problemen. De risico’s voor de (geestelijke) gezondheid van gebruikers van cocaïne zijn groot. De verdachte heeft laten zien zich daaraan niets gelegen te laten liggen. Zo waren een groot deel van de afnemers van zijn lokale cocaïnehandel kwetsbare mensen die bij het [naam] -locatie woonden. Daarnaast gaat de handel in cocaïne vaak gepaard met diverse vormen van geweld en andere activiteiten die de rechtsstaat ondermijnen. Met het plegen van de bewezen verklaarde feiten heeft verdachte daaraan bijgedragen. Dat de verdachte bij zijn criminele activiteiten zelf ook het gebruik van geweld niet schuwde, blijkt uit het feit dat hij in het bezit was van meerdere vuurwapens met bijbehorende munitie en een handgranaat heeft afgegeven. Ook de chatgesprekken die de verdachte voerde met zijn Sky-ECC accounts duiden op een lichtzinnige inzet van geweld. De verdachte heeft bij het plegen van de strafbare feiten een uitgesproken pro-criminele houding laten zien. Uit de notities die bij zijn aanhouding op 6 december 2023 in zijn woning zijn gevonden, maar ook uit de versleutelde chatgesprekken die door hem over langere tijd zijn gevoerd, blijkt dat de verdachte beroepscriminaliteit ambieerde en zich presenteerde als leider van een criminele organisatie, gemodelleerd naar de Zuid-Amerikaanse drugskartels, waarvoor hij jongeren in zijn woonplaats ronselde en trainde. Uit het dossier blijkt dat de verdachte in zijn woonplaats militaristische trainingen heeft gegeven aan jongeren, en hen heeft ingezet in de handel in verdovende middelen. Hij heeft daarbij een onmiskenbaar negatieve invloed gehad op zijn vaak aanzienlijk jongere medeverdachten. Dat de verdachte zich na zijn aanhouding consequent heeft beroepen op zijn zwijgrecht en geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn daden, past in dit beeld van bewust geambieerde beroepscriminaliteit. De rechtbank rekent dit alles de verdachte ernstig aan. 5.3.3 De persoonlijke omstandigheden van de verdachte Uit de justitiële documentatie van de verdachte blijkt dat hij voorafgaand aan een deel van de bewezenverklaarde periode voor feit 4 al onherroepelijk was veroordeeld voor witwassen (14 april 2023). Ook was de verdachte ten tijde van het plegen van feit 1 al eerder onherroepelijk veroordeeld voor vuurwapenbezit

(2019). Kennelijk heeft dat de verdachte er niet van weerhouden wederom dergelijke feiten te plegen. De rechtbank weegt dit dan ook als strafverzwarende omstandigheid mee. Ter zitting heeft de verdachte verklaard dat hij als hij vrijkomt voor zijn – tijdens de huidige detentie geboren – kind wil gaan zorgen. Ook zijn moeder heeft zijn hulp nodig. Hij zou weer als sportinstructeur willen gaan werken, maar dat wordt bemoeilijkt door deze strafzaak, omdat daardoor alles dat hij als sportinstructeur wil gaan doen bij voorbaat verdacht is, aldus de verdachte. De rechtbank ziet in deze omstandigheden geen bijzondere reden tot matiging van de op te leggen straf. Dergelijke omstandigheden (familie, werk) spelen in veel, zo niet de meeste, veroordelingen. Bovendien vindt de rechtbank de feiten dusdanig ernstig dat er, gelet op de duur van de op te leggen gevangenisstaf, geen ruimte bestaat om daarmee rekening te houden. 5.3.4 De op te leggen straf Om te bevorderen dat door rechtbanken voor vergelijkbare feiten ongeveer dezelfde straf wordt opgelegd, zijn landelijke oriëntatiepunten voor strafoplegging ontwikkeld (de LOVS-oriëntatiepunten). Deze zijn gebaseerd op opgelegde straffen in andere, vergelijkbare zaken. Het oriëntatiepunt voor het voorhanden hebben van een pistool in een woning/berging, is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden. De verdachte wordt veroordeeld voor het voorhanden hebben van drie pistolen. Het oriëntatiepunt voor het voorhanden hebben van een automatisch vuurwapen in een woning/berging, is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 12 maanden. De verdachte wordt veroordeeld voor het voorhanden hebben van één automatisch vuurwapen. Het oriëntatiepunt voor het voorhanden hebben van een door wijziging heimelijk draagbaar vuurwapen in een woning/berging, is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 5 maanden. De verdachte wordt veroordeeld voor het voorhanden hebben van één dergelijk heimelijk draagbaar vuurwapen. Het oriëntatiepunt voor het overdragen van een handgranaat in de openbare ruimte is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 15 maanden. De verdachte wordt veroordeeld voor het overdragen in de openbare ruimte van één handgranaat. Bij bovenstaande oriëntatiepunten geldt dat het strafverzwarend is wanneer een vuurwapen geladen is, samen met een aanzienlijke hoeveelheid munitie wordt bewaard, is voorzien van een geluiddemper, of wanneer er aanwijzingen zijn voor beroepscriminaliteit. De rechtbank constateert dat bij het bewezenverklaarde sprake is van al deze strafverzwarende omstandigheden. Het oriëntatiepunt voor het dealen van harddrugs voor een periode van 3 tot 6 maanden is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 8 maanden. Het oriëntatiepunt voor het samen met anderen voorhanden hebben van 1 tot 1,5 kilo harddrugs is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 7 maanden. Hierbij geldt dat het strafverzwarend is wanneer het dealen samen met anderen wordt gepleegd en de verdachte hierbij een leidinggevende rol had. De rechtbank constateert dat bij het bewezenverklaarde sprake is van deze strafverzwarende omstandigheden. Voor de onder feit 2 bewezen verklaarde voorbereidings- en bevorderingshandelingen van harddrugshandel en -import en voor het onder feit 4 bewezen verklaarde witwassen zijn geen oriëntatiepunten geformuleerd. De rechtbank heeft bij het bepalen van de hoogte van de gevangenisstraf voor deze feiten aansluiting gezocht bij de gevangenisstraffen die in vergelijkbare zaken binnen de rechtspraak worden opgelegd. Vanwege bovenstaande oriëntatiepunten, en vanwege de ernst en de duur van de door verdachte gepleegde feiten, en de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd, zoals onder 5.3.2. uiteengezet, acht de rechtbank een gevangenisstraf van zeven jaar op zijn plaats. De tijd die de verdachte in voorarrest heeft gezeten wordt daarop in mindering gebracht. Deze gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting totdat, zo mogelijk, aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend. 6In beslag genomen voorwerpen De in deze paragraaf vermelde goederen zijn genummerd en omschreven volgens de beslaglijst in het dossier van 11 september 2025. 6.1. Vordering van de officier van justitie Verbeurdverklaring De officier van justitie heeft gevorderd de volgende goederen verbeurd te verklaren, omdat dit voorwerpen zijn met behulp waarvan het onder feit 4 ten laste gelegde witwassen is begaan: 1) 955,05 EUR IBG 07-12-2023 (Omschrijving: PL0900-2022315403-G3263224); 2) 3000 EUR IBG 06-12-2023 (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796724); 6) 1 STK Schoenen (paar) maat 41 (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796665, beige, merk: Loro Piana) 7) 1 STK Schoenen (paar) maat 41 (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796673, donker bruin, merk: Loro Piana); 8) 1 STK Kleurentelevisie (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796559, zwart, merk: SAMSUNG); 9) Voeding behorend bij de televisie. (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796686); 10) 1 STK Afstandsbediening/behorend bij televisie. (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796687); 11) 1 STK Vaatwasmachine (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796560, grijs, merk: Inventum); 12) 1 STK Kookplaat/Vier pits inductieplaat (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796561, Inventum); 13)1 STK Oven (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796562, zwart, merk: Samsung); 14) 1 STK Luidspreker/soundbar (Omschrijving: L0900-MDRAA22021_796620, zwart, merk: Samsung); 15) Subwoofer behorend bij soundbar (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796717, zwart, merk: Samsung); 16) 1 STK Afstandsbediening/behorend bij soundbar (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796718, zwart, merk: Samsung); 17) 1 STK Kleurentelevisie (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796610, zwart, merk: Samsung; 18) 1 STK Afstandsbediening/van televisie Samsung (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796696); 19) 1 STK Wasmachine (Omschrijving: MDRAA2202_796566, zwart, merk: Samsung). Onttrekking aan het verkeer De officier van justitie heeft gevorderd het volgende goed te onttrekken aan het verkeer, omdat dit kan dienen tot het begaan of voorbereiden van soortgelijke feiten als waarvoor verdachte terechtstaat, en het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang: 4) Notitieboekje met inhoud (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796557). Retour aan de rechthebbende De officier van justitie heeft gevorderd de volgende goederen te retourneren aan de rechthebbende, zijnde verdachte: 3) Zwart notitieboekje met notities. (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796555); 5) 1 STK Telefoontoestel (Omschrijving: L0900-MDRAA22021_796565, Nieuwe iPhone 15 plus 128GB in verzegelde doos). De officier van justitie heeft gevorderd de volgende goederen te retourneren aan de rechthebbende, zijnde D. Doest: 20) 1 STK Telefoontoestel (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797158, doorschijnend roze, merk: Apple iPhone); 22) 1 STK Harddisk (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797173, zwart, merk: Seagate); 23) Ipad (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797180, grijs); 26) defecte telefoon (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797189, zwart, merk: Google); 27) Apple IPhone (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797191, roze blinkende cover, merk: iPhone); 28) 1 STK Computer (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797163). De officier van justitie heeft verder meegedeeld dat de goederen 21, 24 en 25 van de beslaglijst van 11 september 2025 al zijn teruggegeven aan de rechthebbende, zodat het beslag op deze goederen is opgeheven en er geen beslissing van de rechtbank hierover nodig is. 6.2. Standpunt van de verdediging De verdediging heeft geen standpunt ingenomen over het beslag. 6.3. Oordeel van de rechtbank De rechtbank zal ten aanzien van de in beslag genomen goederen beslissen conform de vordering van de officier van justitie, met uitzondering van het volgende goed:  6) 1 STK Schoenen (paar) maat 41 (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796665, beige, merk: Loro Piana). Dit goed zal worden teruggegeven aan de verdachte, omdat de rechtbank niet bewezen acht dat de verdachte dit goed heeft witgewassen. 7Toegepaste wetsartikelen De opgelegde straf is gebaseerd op de volgende wetsartikelen: 33, 33a, 36b, 36d, 47, 57,63 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht; 2, 10 en 10a van de Opiumwet; 22, 26, 31 en 55 van de Wet wapens en munitie zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde. 8De beslissing De rechtbank: vrijspraak - verklaart niet bewezen dat de verdachte feit 5 heeft gepleegd en spreekt hem daarvan vrij; bewezenverklaring - verklaart bewezen dat de verdachte de feiten 1, 2, 3, 4 en 6 heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven; - verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij; strafbaarheid - verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4 is vermeld; - verklaart de verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde; oplegging straf - veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 7 (zeven) jaren; - bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; beslag - verklaart de volgende voorwerpen verbeurd (nummering en omschrijving volgens de beslaglijst van 11 september 2025 in het dossier): 1) 955,05 EUR IBG 07-12-2023 (Omschrijving: PL0900-2022315403-G3263224) 2) 3000 EUR IBG 06-12-2023 (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796724) 7) 1 STK Schoenen (paar) maat 41 (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796673, donker bruin, merk: Loro Piana) 8) 1 STK Kleurentelevisie (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796559, zwart, merk: SAMSUNG); 9) Voeding behorend bij de televisie. (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796686); 10) 1 STK Afstandsbediening/behorend bij televisie. (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796687); 11) 1 STK Vaatwasmachine (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796560, grijs, merk: INVENTUM); 12) 1 STK Kookplaat/Vier pits inductieplaat (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796561, Inventum); 13)1 STK Oven (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796562, zwart, merk: SAMSUNG); 14) 1 STK Luidspreker/soundbar (Omschrijving: L0900-MDRAA22021_796620, zwart, merk: SAMSUNG); 15) Subwoofer behorend bij soundbar (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796717, zwart, merk: Samsung); 16) 1 STK Afstandsbediening/behorend bij soundbar (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796718, zwart, merk: SAMSUNG); 17) 1 STK Kleurentelevisie (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796610, zwart, merk: SAMSUNG); 18) 1 STK Afstandsbediening/van televisie Samsung (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796696, zwart, merk: samsung); 19) 1 STK Wasmachine (Omschrijving: MDRAA2202_796566, zwart, merk: Samsung); - verklaart het volgende voorwerp onttrokken aan het verkeer (nummering en omschrijving volgens de beslaglijst van 11 september 2025 in het dossier): 4) Notitieboekje met inhoud (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796557); - gelast de teruggave aan de rechthebbende, te weten de verdachte, van de volgende voorwerpen (nummering en omschrijving volgens de beslaglijst van 11 september 2025 in het dossier): 3) Zwart notitieboekje met notities. (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796555); 5) 1 STK Telefoontoestel (Omschrijving: L0900-MDRAA22021_796565) Nieuwe iPhone 15 plus 128GB in verzegelde doos; 6) 1 STK Schoenen (paar) maat 41 (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_796665, beige, merk: Loro Piana); - gelast de teruggave aan de rechthebbende, te weten D. Doest, van de volgende voorwerpen (nummering en omschrijving volgens de beslaglijst van 11 september 2025 in het dossier): 20) 1 STK Telefoontoestel (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797158, doorschijnend rose, merk: APPLE iphone); 22) 1 STK Harddisk (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797173, zwart, merk: SEAGATE); 23) Ipad (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797180, grijs); 26) defecte telefoon (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797189, zwart, merk: Google; 27) Apple IPhone (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797191, rose blinkende cover, merk: Iphone); 28) 1 STK Computer (Omschrijving: PL0900-MDRAA22021_797163). Dit vonnis is gewezen door mr. J.F. Haeck, voorzitter, mr. L.C. Michon en mr. J.P. Verboom, rechters, in tegenwoordigheid van A. van der Zwan, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 31 oktober 2025. Mr. J.F. Haeck is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage I: De tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: 1 hij op of omstreeks 4 juli 2023 te IJsselstein tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen - een wapen van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een pistool van het merk Taurus, type PT-22, kaliber.22lr., zijnde een vuurwapen in de vorm van een pistool en/of - een wapen van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een pistool van het merk Heckler & Koch, type P30SK, kaliber 9xl9mm, zijnde een vuurwapen in de vorm van een pistool en/of - een wapen van categorie II onder 2 van de Wet wapens en munitie, te weten een pistoolmitrailleur van het merk CZ, model VZ61 Skorpion, kaliber 7.65mm, zijnde een vuurwapen geschikt om automatisch te vuren en/of - een wapen van categorie II onder 3 van de Wet wapens en munitie, te weten een dubbelloops, ingekort hagelgeweer van het merk Victoria, kaliber 12 zijnde een vuurwapen dat zodanig was vervaardigd of gewijzigd dat het dragen niet of minder zichtbaar was en/of dat de aanvalskracht werd verhoogd en/of - een wapen van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een (gas)pistool van het merk Walther, model P22, kaliber 9mm, zijnde een vuurwapen in de vorm van een pistool en/of - munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten 25 patronen kaliber 9x19 mm en/of 69 patronen kaliber .25 en 1 patroon kaliber .40 merk S&B Voorhanden heeft gehad; (art 26 lid 1 Wet wapens en munitie) 2 hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 26 april 2018 tot en met 6 december 2023 te IJsselstein, althans in Nederland om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen, te weten - het opzettelijk binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen, - het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren, en/of - het opzettelijk vervaardigen van MDMA en/of cocaïne, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet - een ander heeft getracht te bewegen om dat feit te plegen, te doen plegen, mede te plegen en/of uit te lokken, om daarbij behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te verschaffen, - zich en/of een ander gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen, - voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden en/of andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte, wist of ernstige reden had om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, door een of meerdere telefoon(
  1. s)voorhanden te hebben met daarop een chatapplicatie (Sky en/of Wickr en/of een andere chatapplicatie) en/of daarvan gebruik te maken in de communicatie met één of meer van zijn mededader(
  2. s)en/of leverancier(
  3. s)en/of afnemer(
  4. s)en/of door gesprekken te voeren en/of informatie uit te wisselen en/of plannen te maken en/of afspraken te maken aangaande de kwaliteit van cocaïne en aanschaf van cocaïne en/of MDMA, de prijzen van cocaïne en/of MDMA, de gebruikte logo's op de cocaïne, de beschikbare eenheden cocaïne en/of MDMA (art 10 lid 4 Opiumwet, art 10a lid 1 ahf/sub 1 Opiumwet, art 11b lid 1 Opiumwet, art 2 ahf/ond B Opiumwet) 3 hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 11 november 2022 tot en met 4 juli 2023 te IJsselstein, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, en/of in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 1318,8 gram, en/of in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; (art 10 lid 4 Opiumwet, art 2 ahf/ond B Opiumwet) 4 hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 augustus 2022 tot en met 6 december 2023, te IJsselstein en/of Nieuwegein , althans in Nederland (van) één of meerdere geldbedragen, onder meer (een) geldbedragen van 955,02 euro en/of 3.000 euro en/of 883,70 euro en/of 22.970 euro aan (ver)bouwkosten en/of een of meer goederen ter waarde van (in totaal) 17.579,49 euro te weten: meerdere TV's (Samsung) en/of een sub woofer (Samsung) en/of een Iphone 15 plus en/of een wasmachine (Samsung) en/of meerdere Loro Piana sneakers en/of een oven (Samsung) en/of een inductieplaat (Inventum) en/of een vaatwasser (Inventum) en/of een tv meubel en/of een koel-vriescombinatie (Samsung) en/of een hoekbank en/of een inloopkast (Ikea) en/of een tweepersoonsbed en toebehoren en/of meerdere vliegtickets en/of geldbedragen voor huurauto's en/of benzinekosten daarvan, althans een of meerdere-voorwerpen Sub a - de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel - heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende op dat/die voorwerp(
  5. en)was/waren en/of - heeft verborgen en/of heeft verhuld wie dat/die voorwerp(
  6. en)voorhanden had(den) Sub b - heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet, en/of - heeft gebruikt heeft gemaakt terwijl hij, verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die voorwerp(
  7. en)- onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf; (art 420bis lid 1 ahf/ond b Wetboek van Strafrecht) 5 hij op of omstreeks 18 november 2017 te Utrecht, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door één of meerdere op scherp gestelde (scherf)handgranaten, type M75P3, door middel van enige handeling in sportschool [sportschool] , gelegen aan de [adres] aldaar, te brengen en achter te laten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten de inboedel van voornoemde sportschool en/of een naastgelegen sportschool, te duchten was en/of hij op of omstreeks 18 november 2017 te Utrecht, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen een wapen van categorie H, onder 7 van de Wet wapens en munitie te weten één of meerdere (scherf)handgranaten, type M75P3 zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken door vuur of door middel van ontploffing voorhanden heeft gehad; (artikel 26 lid 1 WWM) (art 157 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht) 6 hij op of omstreeks 16 augustus 2018 te Utrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een wapen van categorie II, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten één of meerdere handgranaten, zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken door vuur of door middel van ontploffing, voorhanden heeft gehad en/of heeft gedragen en/of heeft vervoerd en/of heeft overgedragen; (art 26 lid 1 Wet wapens en munitie) Bijlage II: De bewijsmiddelen Ten aanzien van de feiten 1 en 3 De verdachte maakte op 4 juli 2023 gebruik van berging [nummer] De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op het [adres] in [plaats] staat ingeschreven: [moeder], moeder van verdachte [verdachte] . Op 4 juli 2023 vonden er in de bergingen behorend bij [adres] te [plaats] doorzoekingen plaats. Verdachte [verdachte] bevond zich ten tijde van deze doorzoekingen in de woning [adres] . Getuige [getuige 1] heeft onder meer het volgende verklaard: Adres: [adres] te [plaats] . V: Hebben jullie bij de woning aan het [adres] iets van een berging of iets dergelijks? A: Ja, mijn box zit naast die van [verdachte] . Mijn box is nummer [nummer] . [verdachte] (wij noemen hem [verdachte] ) vroeg ongeveer vier jaar geleden aan mij of hij zijn boksspullen in de box mocht leggen. De spullen mocht hij van mij in mijn box leggen en hier heb ik verder niet naar gekeken. V: Wanneer is de laatste keer dat je in de box bent geweest? A: Ongeveer drie/vier jaar geleden. V: Hoe kom je bij die box? A: Beneden in de hal. Door de deur aan de rechterkant, dan kom je bij de hal met boxen. Die is afgesloten, daar is een sleutel voor nodig. Getuige [getuige 2] heeft – op 4 juli 2023 – onder meer het volgende verklaard: Adres: [adres] te [plaats] . V: Bij jullie woning hoort een berging, waar gebruiken jullie die voor? A: Niet. Mijn aangenomen oom heet [verdachte] . Hij is de zoon van een vrouw die wij zien als oma. Ik kom nooit in die box. [verdachte] maakt gebruik van die box. V: Waar woont [verdachte] ?A: Onder ons. V: Komt jouw moeder wel eens in de box? A: Nee. Ik geloof dat wij niet eens een sleutel hebben van de tussendeur om bij de boxen te komen. Mijn moeder moest die aan oma vragen om er te komen. De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: In de onderzoeken Orion en Sirius blijkt dat [verdachte] goed contact heeft met de buurvrouw van [adres] , [getuige 1] . Zo blijkt dat [getuige 1] een hond heeft die door [verdachte] af en toe uitgelaten werd tot aan zijn aanhouding op 8 december 2022. In een chat gaf [verdachte] aan dat hij gek werd van getik in haar schuur (berging) en er ging kijken. Er werd niet gesproken over toegang tot deze schuur (berging), kennelijk had [verdachte] dit. Ik bevond mij op 4 juli 2023 in de algemene ruimte van de bergingen behorende bij de woningen aan het [straat] te [plaats] . Wij hebben de berging van [adres] doorzocht. Toen ik in de berging keek vielen mij direct de boksspullen die achterin lagen op. Deze spullen vielen mij op omdat ik weet dat [verdachte] kickbokstrainingen geeft aan groepen jongeren. Uit de taps van zowel Orion als Sirius bleek dat [verdachte] contact had met de bovenburen: 14 juni 2023 09.18 uur: [verdachte] ( [verdachte] ) is in gesprek met zijn moeder ( [moeder] = [moeder] ). Gesprek gaat over de op handen zijnde verhuizing van [getuige 1] en dat zij dat wel op tijd moet doorgeven aan [moeder] omdat er nog spullen van haar liggen in de woning en de kelderbox: [moeder] : Ik zeg al tegen [getuige 1] , als je gaat verhuizen, moet je wel zeggen hè [verdachte] : Ja. [moeder] : Bij die box, dat ze die box niet leeggooien [verdachte] : Ja en het huis. [moeder] : Toen zegt ze nee. Ik zeg ja want ik heb daar nog spullen van jou, van mij staan bij jou. [verdachte] : Ja. In berging [nummer] worden op 4 juli 2023 wapens en verdovende middelen aangetroffen De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op dinsdag 4 juli 2023 waren wij bezig met het doorzoeken van de kelderbox behorende bij de woning [adres] te [plaats] . Wij zagen een bureau/verhoging met daarop een houten kerststal. Op het bureau zagen wij verschillende soorten munitie liggen. Dit lag op verschillende plekken op het bureau en in de kerststal. Tevens troffen verbalisanten voor de kerststal twee ongeopende verpakkingen ponypacks van het merk Scarface aan. Achter in de box onder het stootkussen lagen twee trolleykoffers. Bij het openen van trolleykoffer 1 vonden wij een in gele Jumbo plastic tas met daarin een blok wit poeder. Naast het hierboven genoemde blok wit poeder zat er in trolleykoffer 1 nog een zwart geseald blok (vermoedelijk verdovende middelen) en een geladen vuurwapen. In trolleykoffer 2 zaten meerdere vuurwapens waaronder een jachtgeweer met vermoedelijk afgezaagde loop, een machinegeweer en een handpistool met demper. De forensisch onderzoeker van de politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op dinsdag 4 juli 2023 kwam ik voor forensisch onderzoek aan op de locatie [straat] , [plaats] . In de kelderbox voorzien van nummer [nummer] werden verdovende middelen, vuurwapens en munitie aangetroffen. Links achter in de berging zag ik een geelkleurige boodschappentas (Jumbo) liggen. Op deze tas zag ik een transparante gripzak met daarin een verpakking met witkleurig poeder. Ik heb deze gripzak met poeder voorzien van SIN AAQI7054NL en veiliggesteld. Door de aanwezige rechercheurs werd mij verteld dat zij deze tas aangetroffen hadden in een koffer achter in de berging, hierna genoemd als koffer 1. Achter in de berging zag ik een koffertje (koffer 1) liggen waar een geelkleurige plastic tas uit stak. Ik zag in deze tas een rechthoekig blok, verpakt in meerdere lagen plastic. Dit betrof vermoedelijk een blok verdovende middelen (AAQI7053NL). In voornoemde koffer trof ik onder andere verdovende middelen (AAQI7045NL), een doosje (AAQI7050NL) en een zakje munitie (AAQI7046NL) aan en een vuurwapen (AAQI7051NL). In het pistool was een patroonhouder aanwezig met daarin meerdere patronen. Naast de voornoemde koffer zag ik een tas met daarin meerdere zwartkleurige dichtgesealde plastic verpakkingen en meerdere ongebruikte zwartkleurige verpakkingen. Ik voelde dat in twee dichtgesealde verpakkingen inhoud aanwezig was. Nadat ik deze twee verpakkingen had opengesneden zag ik hierin gedroogde henneptoppen. Alle zwartkleurige plastic verpakkingen heb ik gewaarmerkt met SIN AAQI7042NL, dit betroffen de gebruikte en ongebruikte verpakkingen. AARK5016NL vanaf verpakking AAQI7042NL: zwarte vacuümzak. AARK5009NL vanaf verpakking AAQI7042NL: bovenste helft vacuümzak. Deze zwartkleurige verpakkingen zijn aangeboden voor het zichtbaar maken van vingersporen, wat meerdere bruikbare vingersporen heeft opgeleverd. De voornoemde koffer lag op een tafeltje achterin de berging. Ik zag onder dit tafeltje een gelijkende koffer (koffer 2) liggen. Ik heb de koffer geopend en zag hierin meerdere wapens en munitie. In de koffer trof ik aan: - een vershoudbak met daarin doosjes met verschillende kalibers munitie (AAQI7035NL); - een vershoudbak met daarin een pistool, demper en munitie (AAQI7036NL), dit betrof een pistool voorzien van een patroonhouder met patronen; - een etui met daarin een pistool en een zakje munitie (AAQIE7034NL), dit betrof een pistool voorzien van een patroonhouder met patronen; - een automatisch wapen gewikkeld in plastic folie (AAQI7029NL); - een dubbelloops ingekort hagelgeweer gewikkeld in plastic folie (AAQI7Q28NL); - meerdere patroonhouders waarvan enkele gevuld met patronen (AAQI7031NL en AAQI7030NL); - patronen voor een jachtgeweer en overige munitie. Op diverse plaatsen in de berging trof ik kleinere hoeveelheden verdovende middelen en munitie aan. Overzicht verdere veiliggestelde sporendragers: SIN: AAPU7894NL, 19 patronen (9x19), aangetroffen in zwart etui bij Heckler; SIN: AAQT8987NL, meerdere patronen in patroonhouder AAQI7030NL; SIN: AAQD0418NL, patronen in patroonhouder uit AAQD0419NL en AAQI7036NL; SIN: AAQD2257NL, 63 patronen, kaliber .25 (6.35 mm); SIN: AAQI7025NL, patroon uit kelderbox nummer 2; SIN: ASQI7057NL, boterhamzakje poeder, voor ingang box, algemene ruimte; SIN: AAQI7022NL, ponypack achterin box; SIN: AAQI7024NL, ponypacks op kast naast deur; SIN: AAQI7044NL, 2 ponypacks, bovenop kast naast deur. Ten aanzien van de categorisering van de aangetroffen wapens heeft de politie Midden-Nederland onder meer het volgende gerelateerd: SIN: AAQI7051NL (pistool) en AAQI7049 (patroonmagazijn) categorie: III sub 1 vuurwapen, pistool, merk Taurus, model PT-22, kaliber.22lr. SIN: AAQI7034NL (pistool) en AAQT8988NL (patroonmagazijn) categorie: III sub 1 vuurwapen, pistool, merk Heckler & Koch, model P30SK, kaliber 9x19mm. SIN: AAQI7029NL (pistoolmitrailleur), AAQI7030NL (1 patroonmagazijn) en AAQI7031NL (5 patroonmagazijnen) categorie: II sub 2 vuurwapen, pistoolmitrailleur, merk CZ, model VZ61 Skorpion, kaliber 7.65mm. SIN: AAQI7028NL Categorie: II sub 3, het genoemde voorwerp is een vuurwapen, dubbelloops hagelgeweer, merk Victoria, kaliber 12. Bij onderzoek bleek dat de loop en de schoudersteun van dit hagelgeweer waren ingekort. Dit hagelgeweer is zodanig gewijzigd dat het dragen daarvan daardoor minder zichtbaar is geworden. SIN: AAQI7036NL (pistool) en AAQD0419NL (patroonmagazijn) wapen: Categorie III sub 1, een pistool, volgens opschrift van het merk Walther, model P25, kaliber 6.35mm. Uit onderzoek blijkt dit pistool van origine een gaspistool te zijn, van het merk Walther, model P22, kaliber 9mm. SIN: AAPU7894NL en AAQT8987NL munitie, categorie: III, 6 scherpe patronen kaliber 9xl9mm, merk S&B, afkomstig uit het patroonmagazijn van AAQI7034NL; 19 scherpe patronen kaliber 9xl9mm, merk S&B, in een plastic zakje in het zwarte tasje met AAQI7034NL. SIN: AAQD0418NL en AAQD2257NL munitie, categorie: III, 6 scherpe patronen kaliber .25 Auto (=6.35mm), merk CBC, afkomstig uit het patroonmagazijn van AAQI7036NL; 48 scherpe patronen kaliber 6.35mm, merk Geco en 15 scherpe patronen kaliber .25 Auto (=6.35mm), merk CBC. SIN: AAQI7025NL munitie, categorie: III, 1. scherpe patroon kaliber .40 S&W, merk S&B. Ten aanzien van de aangetroffen verdovende middelen heeft de politie Midden-Nederland onder meer het volgende gerelateerd. SIN: AAQI7053NL relatie met SIN: AAQI5068NL omschrijving: aangebroken blok met witte substantie gewicht: 874,5 gram. SIN: AAQI7057NL relatie met SIN: AAQI5059NL omschrijving: plastic zakje met wit poeder gewicht: 2,2 gram. SIN: AAQI7054NL relatie met SIN: AAQI5067NL omschrijving: gele Jumbo tas met zip zak met witte brokken gewicht: 429,2 gram. SIN: AAQI7022NL relatie met SIN: AAQI5064NL omschrijving: papieren wikkel (horse power) met wit poeder/brokjes, gewicht: 0,5 gram. SIN: AAQI7024NL relatie met SIN: AAQI5062NL omschrijving: papieren wikkel met wit poeder gewicht netto: 0,2 gram. SIN: AAQI7045NL relatie met SIN: AAQI5061NL omschrijving: plastic zak met wit poeder/brokjes gewicht: 10,4 gram. SIN: AAQI7044NL relatie met SIN: AAQI5060NL omschrijving: papieren wikkels met wit poeder/brokjes gewicht: 1,9 gram. In een deskundigenrapport van het NFI wordt het volgende gerapporteerd: Kenmerk: AAQI5068NL omschrijving: monster beige poeder en brokjes resultaat: bevat cocaïne. Kenmerk: AAQI5059NL omschrijving: monster crèmekleurig poeder resultaat: bevat cocaïne. Kenmerk: AAQI5067NL omschrijving: monster crèmekleurig poeder en brokjes resultaat: bevat cocaïne. Kenmerk: AAQI5064NL omschrijving: monster crèmekleurig poeder en brokjes resultaat: bevat cocaïne. Kenmerk: AAQI5062NL omschrijving: monster crèmekleurig poeder en brokjes resultaat: bevat cocaïne. Kenmerk: AAQI5061NL omschrijving: monster crèmekleurig poeder en brokjes resultaat: bevat cocaïne. Kenmerk: AAQI5060NL omschrijving: monster crèmekleurig poeder en brokjes resultaat: bevat cocaïne. In berging [nummer] worden op 4 juli 2023 vingerafdrukken van de verdachte en van medeverdachte [medeverdachte 1] aangetroffen op verpakkingsmateriaal De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Kenmerk spoor: AARK5016NL. Resultaat: Het vergelijkend onderzoek in Havank heeft geleid tot individualisatie van het spoor op een persoon geregistreerd in Havank onder biometrienummer: [nummer] . De kans om deze mate van overeenkomst aan te treffen bij een willekeurig ander persoon is verwaarloosbaar klein. Overzicht van de gegevens onder biometrienummer [nummer] : achternaam: [verdachte] voornamen: [voornamen] geboortedatum: [1986] . Kenmerk spoor: AARK5009NL. Resultaat: Het vergelijkend onderzoek in Havank heeft geleid tot individualisatie van het spoor op een persoon geregistreerd in Havank onder: biometrienummer: [nummer] . De kans om deze mate van overeenkomst aan te treffen bij een willekeurig ander persoon is verwaarloosbaar klein. Overzicht van de gegevens onder biometrienummer [nummer] : achternaam: [medeverdachte 1] voornamen: [voornamen] geboortedatum: [2003] . In berging [nummer] wordt op 4 juli 2023 DNA van de verdachte aangetroffen op twee pistolen en een patroonmagazijn De forensisch onderzoeker van de politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Door mij werd een forensisch onderzoek verricht naar biologische sporen aan onderstaande sporendragers: SIN: AAQI7051NL object: pistool. veiliggesteld spoor: SIN: AAQD3742NL relatie met SIN: AAQI7051NL spooromschrijving: Epitheel plaats veiligstellen: ruwe delen/trekker/trekkerbeugel. SIN: AAQI7034NL object: Pistool veiliggesteld spoor: SIN: AAQD3748NL relatie met SIN: AAQI7034NL spooromschrijving: epitheel plaats veiligstellen: v.z. + bin.z. loop. SIN: AAQI8988NL bijzonderheden: 25. patroonhouder uit SIN AAQI7034NL veiliggesteld spoor: SIN: AAQD3750NL relatie met SIN: AAQI8988NL spooromschrijving: epitheel plaats veiligstellen: o.z. + zijkanten bodemplaat. In een deskundigenrapport van het NFI wordt het volgende gerapporteerd: AAQD3742NL#01 (vuurwapen AAQI7051NL) - ruwe delen/trekker/ trekker-beugel DNA kan afkomstig zijn van minimaal twee personen, waaronder: - een relatief grote hoeveelheid DNA: [verdachte] (bewijskracht meer dan 1 miljard). AAQD3748NL#01 (vuurwapen AAQI7034NL) DNA kan afkomstig zijn van minimaal drie personen, waaronder: - [verdachte] (bewijskracht meer dan 1 miljard). AAQD3750NL#01 (patroonmagazijn AAQT8988NL) - o.z. + zijkanten bodemplaat DNA kan afkomstig zijn van minimaal twee personen waaronder: - [verdachte] (bewijskracht meer dan 1 miljard). De verdachte had op 28 februari 2021 vuurwapens gestald in berging [nummer] De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op 19 december 2022 werd toestemming verleend om onderzoek te mogen doen naar de via SkyECC gevoerde communicatie van SKY-ID [SKY-ID 1] , evenals de communicatie van contacten van SKY-ID [SKY-ID 1] met anderen. In de beschikbaar gestelde dataset heb ik gezocht naar berichten die betrekking hadden op [verdachte] . Hierbij trof ik een chat aan tussen de gebruikers van Sky-ID’s [SKY-ID B] en [SKY-ID C] waarin op 28 februari 2021 werd gesproken over de aanhouding van “ [bijnaam 1 verdachte] ”. De gebruiker van Sky-ID [SKY-ID B] werd binnen onderzoek Argus geïdentificeerd als zijnde [A] . De gebruiker van Sky-ID [SKY-ID C] werd geïdentificeerd als zijnde [B] . Uit de berichten tussen [A] en [B] bleek dat: - er op 28 februari 2021 politie bij de woning van de moeder van “ [bijnaam 1 verdachte] ” was; - “ [bijnaam 1 verdachte] ” in Breda zat en zijn auto in Houten stond; - “ [bijnaam 1 verdachte] ” in een zwarte A3 reed. Op 28 februari 2021, te 18.55 uur, werd [verdachte] aangehouden voor onderzoek Doorslag. Hij reed op dat moment in een zwarte Audi A3, voorzien van het kenteken [kenteken] . Diezelfde dag, omstreeks 19.52 uur, vond er een doorzoeking plaats in zijn woning aan het [adres] te [plaats] , alwaar ook zijn moeder woont. [verdachte] werd na zijn aanhouding ingesloten in het arrestantencomplex in [plaats] en van daaruit overgebracht naar het cellencomplex in [plaats] . Daarnaast bleek uit berichten uit een iPhone SE, die in onderzoek Doorslag in beslag werd genomen, dat [verdachte] zichzelf ook “ [bijnaam 1 verdachte] ” noemde. Op basis van deze berichten is het zeer waarschijnlijk dat met “ [bijnaam 1 verdachte] ” [verdachte] wordt bedoeld. Uit onderstaande berichten blijkt dat er jongens bij de woning van de moeder van [verdachte] stonden te wachten totdat de politie weg was. [A] vroeg of die “top speeltjes” ergens anders lagen, waarop [B] aangaf dat ze in de schuur van iemand bij [verdachte] in de flat lagen en dat alleen hij, [verdachte] , de sleutel had. Uit het gesprek kan worden opgemaakt dat het om wapens ging. 21:59:22 ( [B] ): Jongens staan nou te timeren tot petten weg zijn. 22:00:04 ( [A] ): Oké bro top speeltjes heb die ergens anders liggen bedoelt u? 22:04:12 ( [B] ): Ja. Maar wel daar zegmaar. 22:05:04 ( [A] ): In ze osso of bij iemand anders? 22:05:35 ( [B] ) In de schuur van iemand. Bij hem in de flat. 22:09:09 ( [A] ): Wie heeft contact met eigenaar van die schuur? 22:09:25 ( [B] ): Alleen hij heb die sleutels. 22:12:19 ( [A] ): Wat heb die daar? 22:12:32 ( [B] ): Paar wapens. Uit onderstaande berichten blijkt dat de wapens uit een schuurtje waren gehaald. Deze wapens zaten in een koffer. In een verzonden afbeelding is te zien dat een persoon een koffer vasthoudt. 23:30:37 ( [B] ): 5 stuks liggen erin bro. 23:30:42 ( [B] ): stuurt foto van een persoon met een koffer in zijn handen. 23:32:07 ( [B] ): Dat is koffer waarin ze liggen. Op 4 juli 2023 vond er in onderzoek Obando, een doorzoeking plaats in de kelderbox bij [adres] . Tijdens deze doorzoeking werden 2 trolleykoffers aangetroffen. Van de koffer met meerdere vuurwapens zijn foto’s gemaakt. Ik zag dat op de volgende punten de koffer die op 4 juli 2023 is aangetroffen overeenkomt met de koffer op de foto die op 28 februari 2021 is verstuurd: 1. Bij de rits is te zien dat er een grijze band loopt. 2. Aan de rechteronderkant een wieltje. 3. Er steekt een plastic koffersteun uit aan de achterkant van de koffer. 4. Metalen stippen naast de plastic koffersteun. 5. Koffer logo op de bovenkant. 6. 3 strepen. 7. Metalen stip aan de onderkant. 8. Dezelfde ritssluiting. 9. Plastic omhulsel van het wiel. Daarnaast komt in zijn algemeenheid de vorm van de trolleykoffer en de twee verschillende vlakken aan de bovenkant overeen. De verdachte geeft op 3 januari 2023 instructies aan medeverdachte [medeverdachte 1] m.b.t. cocaïnehandel De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op 3 januari 2023 werd door een medewerker van de PI gezien, dat verdachte [medeverdachte 1] een papiertje in zijn schoen had. Dit papiertje bleek een handgeschreven briefje. Vermoed werd dat verdachte [medeverdachte 1] dit briefje tijdens het bezoek aan de gedetineerde had ontvangen. Uit het verkregen bezoekoverzicht blijkt dat verdachte [medeverdachte 1] een bezoek had gebracht aan de gedetineerde [verdachte] , geboren op [1986] . Op het onder [medeverdachte 1] aangetroffen briefje waren puntsgewijs een aantal opdrachten/ aanwijzingen geschreven, die hieronder opgesomd worden. “jij gewoon werken niet meer gezien worden met andere!! Zijn nog bezig houden ons zwaar 1. dit is nr van [bijnaam] utje conect Hem. [telefoonnummer] Zeg ik kan niet praten 2. Niet meer iets Berichten gekke dingen! Life met mensen praten! 3. Multi - pre enz verander! nu Zegen iphon – Samsung - nokia ook bedrijf wordt winkel 4. Vaste datum voor de pap van die Kleine en Broeder. 5. Stel [D] voor aan die andere als je hitte voelt Je moet ook plan hebben als wat gebeurt. Niks anders doen Alleen Ding van ons zelf!! voor iedereen.” In onderzoek Obando zijn [medeverdachte 1] , zijn broer [C] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] als verdachte aangemerkt. Op alle drie de woonadressen van de genoemde vier verdachten, zijn doorzoekingen uitgevoerd. Op alle drie de woonadressen werd een iPhone SE aangetroffen. Uit de inhoud van deze onderzochte mobiele telefoons blijkt dat in alle drie de telefoons notities en screenshots van deze notities werden aangetroffen. In de notities lijkt onderscheid gemaakt te worden in verschillende soorten drugs die verhandeld werden. De eerste soort/kwaliteit cocaïne werd in de notities aangeduid met “pre”. De tweede soort/kwaliteit cocaïne werd in de notities aangeduid met: “multi”. In onderzoek Doorslag is een handgeschreven brief (AAPU7975NL) in beslag genomen, waarvan verondersteld wordt dat deze geschreven is door de verdachte [verdachte] . In een deskundigenrapport wordt het volgende gerapporteerd: Conform de benoeming en opdracht deskundige is een forensisch schriftonderzoek uitgevoerd ter beantwoording van de volgende vraag: Is het handschrift op het stukje papier (SIN AAPU7973NL), dat door personeel van de penitentiaire inrichting Lelystad in beslag is genomen, afkomstig van de schrijver van de handgeschreven teksten op meerdere vellen papier uit een schrijfblok (SIN AAPU7975NL)? Op basis van de onderzoeksvraag kunnen de volgende, elkaar uitsluitende hypothesen met betrekking tot het schrijverschap van het betwiste handschrift worden opgesteld: H1: Het handschrift op het in de materiaalopstelling onder hoofdstuk 2.1 van dit rapport vermelde stuk van overtuiging is vervaardigd door degene die de teksten op meerdere vellen papier uit een schrijfblok heeft vervaardigd. H2) Het handschrift op het in de materiaalopstelling onder hoofdstuk 2.1 van dit rapport vermelde stuk van overtuiging is niet vervaardigd door degene die de teksten op meerdere vellen papier uit een schrijfblok heeft vervaardigd. Bijlage A, vergelijkingsmateriaal. Me llamo [verdachte] Mijn naam is [verdachte] . De uit de onderzoeksresultaten voortvloeiende conclusie luidt als volgt: De onderzoeksbevindingen zijn veel waarschijnlijker wanneer hypothese H1 waar is, dan wanneer hypothese H2 waar is. De medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] handelen in de periode van 27 oktober 2022 tot en met 4 juli 2023 in cocaïne De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Vanuit de IMSI-catcher is IMEI-nummer [IMEI-nummer] naar voren gekomen als het IMEI-nummer van het toestel dat in gebruik is bij [medeverdachte 1] . Op de IMEI [IMEI-nummer] werd op 27 oktober 2022 een spoedtap aangesloten. Uit de tap bleek dat de IMEI gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer] . Van 27 oktober 2022 tot en met 11 november 2022 werd het telefoonnummer gebruikt. Het blijkt dat het telefoonnummer [telefoonnummer] gebruikt wordt als dealernummer waar klanten verdovende middelen kunnen bestellen. Vervolgens worden deze bestellingen geleverd door [medeverdachte 1] of een handlanger van [medeverdachte 1] . 27-10-2022 om 15:39:38 uur tapgesprek met [telefoonnummer] [medeverdachte 1] wordt gebeld [op [telefoonnummer] ] door een NNman. De NNman vraagt aan [medeverdachte 1] of hij nog “nieuwe wit” heeft. Volgens [medeverdachte 1] is die “top”. De NNman bestelt vervolgens voor 200 euro aan wit. [medeverdachte 1] zegt dat hij over 20 minuten bij de NNman is. Het is mij ambtshalve bekend dat cocaïne ook wel “wit” wordt genoemd. 29-10-2022 12:26:59 uur tapgesprek met [telefoonnummer] [medeverdachte 1] wordt gebeld [op [telefoonnummer] ] door een NNman. De NNman vraagt om drie “witte” voor 50. [medeverdachte 1] zegt dat dat hem niet gaat worden. Vervolgens zegt NNman dat hij er 60 van maakt. NNman zegt daarna dat het wel beter moet zijn dan die “scarface” van gisteren. Op 31 oktober 2022 vindt er een tweetal gesprekken plaats op de [telefoonnummer] , waaruit zou kunnen worden afgeleid dat [verdachte] de eerdere gebruiker is geweest van de [telefoonnummer] : 31 oktober 2022 om 22.19 uur, samenvatting: [medeverdachte 1] wgd NNman1834 NNman: Hey. [medeverdachte 1] : Hey maatje. NNman: [bijnaam 2 verdachte] . [medeverdachte 1] : Hey. NNman: [bijnaam 2 verdachte] . [medeverdachte 1] : Ja. NNman: Met [E] (fon). Wanneer ken ik met jou afspreken? [medeverdachte 1] : Hoogewaard, zwembad Hoogewaard. NNman: Wij gaan nu in navigatie zetten ik kom nu. Diezelfde dag, om 22.35 uur belt NNM1834 weer naar [telefoonnummer] en geeft aan dat hij er al is. [medeverdachte 1] antwoordt dat hij er met 2 minuten is. Drie minuten later wordt [medeverdachte 1] weer teruggebeld door deze NNM1834, die nog steeds het idee heeft dat hij met “ [bijnaam 2 verdachte] ” belt en niet blij is dat [verdachte] niet zelf is gekomen: 31 oktober 2022 om 22.38 uur, samenvatting: [medeverdachte 1] (
  8. sh)wgd NNman1834. [medeverdachte 1] : ja broeder. NNman: hey [bijnaam 2 verdachte] , jou moet ik hebben. Ik heb jou nodig man. Ik ben met mijn brada. Waarom stuur je die jongen man? Jij moet komen brother, die jongen heeft mij bijna voor schut gezet hier man. [medeverdachte 1] : Wou je [bijnaam 2 verdachte] ? NNman: .... Ja [bijnaam 2 verdachte] , ik spreek toch met [bijnaam 2 verdachte] ? NNman: Je moet zeggen [E] (fon), [E] heet ik. Maar ik ben helemaal naar IJsselstein komen rijden voor hem. [medeverdachte 1] : Wacht wacht ik ga bellen. Ik laatje weten 1 seconde. “ [bijnaam 2 verdachte] ” is een bijnaam van [verdachte] . Mogelijk bedoelt deze [E] met “ [bijnaam 2 verdachte] ” [verdachte] . Tapgesprek TA041, sessie 2109 d.d. 4 juli 2023 om 17.36 uur. Op 4 juli 2023 worden [getuige 1] en [getuige 2] na verhoor heengezonden en gaat [getuige 1] vervolgens bij [moeder] op bezoek. [getuige 1] : Nee .. maar ik zeg . [bijnaam 2 verdachte] heeft altijd vast gezeten ...Ik zeg het zijn wel zijn bokspullen.. daar kon ik niet onderuit. [moeder] : Dat weet ik ook wel. 07-11-2022 23:50:33 uur tapgesprek met [telefoonnummer] [medeverdachte 1] wordt gebeld [op lijn [telefoonnummer] ] door een NNman. De NNman vraagt of [medeverdachte 1] een kleintje bij NNman in de bus kan doen. De NNman vraagt hoe lang het duurt, want hij (NNman) moet er ook nog een aan “ [bijnaam medeverdachte 2] ”, dus rekent NNman er twee af. [medeverdachte 1] zegt er binnen 10 minuten te zijn. Uit bovenstaand gesprek blijkt dat de NNman kennelijk iets besteld bij [medeverdachte 1] , en dat hij dat tegelijkertijd wil betalen met iets dat hij aan “ [bijnaam medeverdachte 2] ” nog moet betalen. Kennelijk is het mogelijk iets bij [medeverdachte 1] af te rekenen wat via “ [bijnaam medeverdachte 2] ” is geleverd. Medeverdachte [medeverdachte 2] werd door medeverdachte [medeverdachte 3] aangesproken met zowel [medeverdachte 2] als “ [bijnaam medeverdachte 2] ”. [bijnaam medeverdachte 2] is de bijnaam van verdachte [medeverdachte 2] . 08-11-2022 22:32:43 uur tapgesprek met [telefoonnummer] In dit gesprek wordt de [telefoonnummer] gebeld door de NNman. De gebruiker van de [telefoonnummer] zegt tegen de NNMan: “Bel ons voortaan op die andere nieuwe nummer”. Dit telefoonnummer heeft de [telefoonnummer] via app verstuurd. Uit de bevraging van de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer [telefoonnummer] (hierna: [telefoonnummer] ) volgt een actieve periode van 11-10-2022 tot en met 19-03-2023. Uit analyse van de historische verkeersgegevens van [telefoonnummer] is gebleken dat er tot ongeveer begin maart 2023 veelvuldig meerdere keren per week telefonische contacten plaatsvonden met onder andere de volgende vier telefoonnummers: [telefoonnummer] , [telefoonnummer] , [telefoonnummer] en [telefoonnummer] . Uit onderzoek in de politieregistratiesystemen naar de tenaamgestelden van deze nummers is gebleken dat deze telefoonnummers in gebruik zijn bij personen die verslaafd zijn aan harddrugs. Het contact met deze telefoonnummers start op 11-11-2022. Gezien deze feiten en omstandigheden is het vermoeden ontstaan dat het telefoonnummer [telefoonnummer] sinds 11-11-2022 als zogenaamde dealerlijn gebruikt werd. Van de vier genoemde telefoonnummers van de mogelijke afnemers werden de historische verkeersgegevens bevraagd en onderzocht. Uit analyse van deze verkeersgegevens is gebleken dat voornoemde vier telefoonnummers vanaf ongeveer begin maart 2023 alle vier veelvuldig contact hebben met telefoonnummer [telefoonnummer] (hierna: [telefoonnummer] ). Wat opvalt is dat dit telefoonnummer in de plaats lijkt te zijn gekomen van [telefoonnummer] . Uit analyse van de historische verkeersgegevens blijkt namelijk dat vanaf het moment dat het contact met [telefoonnummer] is gestopt, het contact met [telefoonnummer] begint. Hierdoor was het vermoeden ontstaan dat het telefoonnummer [telefoonnummer] het nieuwe dealernummer betreft. Uit onderzoek naar de overige tegencontacten van de gebruiker van dit nummer ( [telefoonnummer] ) is eveneens gebleken dat er veelvuldig contact was met telefoonnummers die geregistreerd staan op naam van personen die als harddruggebruiker zijn geclassificeerd. Hiermee is vastgesteld dat [telefoonnummer] een deallijn betreft. Op 5 maart 2023 is te zien dat beide toestellen van [medeverdachte 1] en het nummer van [medeverdachte 2] naar Amsterdam reizen. De dealerlijn maakt op het eerstvolgende contactmoment verbinding met een mast in Amsterdam waar op dat moment ook de voornoemde toestellen zich bevinden. Op 6 maart 2023 is te zien dat opnieuw de lijnen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] zich samen met dealerlijn verplaatsen, ditmaal richting Almere. Op 18 maart 2023 is te zien dat vrijwel [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] zich samen met de dealerlijn verplaatsen naar Alkmaar. Ze blijven gedurende enkele uren in Alkmaar alwaar te zien is dat alle toestellen daar gebruik maakten van dezelfde telefoonmast. 28 maart 2023 Op 28 maart 2023 in de avond verplaatsen de toestellen van [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] samen met de dealerlijn naar het bedrijventerrein Lage Weijde te Utrecht. Later die nacht is een terugverplaatsing te zien naar IJsselstein. Ook 30 maart 2023 maken de toestellen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] samen met de dealerlijn contact met een telefoonmast te Lage Weijde, Utrecht. Verdere reisbewegingen van verdachten samen met de dealerlijn: 10-04-2023 01.15-02.45 uur: [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , Amsterdam Zuid-Oost; 11-04-2023 02.45-03.30 uur: [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , Jaarbeurs, Utrecht; 12-04-2023 22.25-0.10 uur: [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , Lage Weijde, Utrecht; 18-04-2023 14.30-18.00 uur: [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , Amsterdam Vondelpark; 20-04-2023 14.00-16.45 uur: [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] , Amsterdam Centrum. Op de dealerlijn [telefoonnummer] loopt vanaf 27 maart 2023 een telefoontap. Uit onderzoek naar afgeluisterde telefoongesprekken is gebleken dat er zeer veel bestellingen van gebruikershoeveelheden cocaïne werden gedaan waarbij als overdrachtslocatie de nabije omgeving van een vestiging van het [naam] werd gekozen. Deze locatie betrof de [straat] te Utrecht. Hierna volgen reisbewegingen en verplaatsingen van telecom betreffende de aflevering van verdovende middelen. 18-04-2023 Reisbeweging: [telefoonnummer] ( [medeverdachte 3] , 22.41 uur) en [telefoonnummer] ( [medeverdachte 1] , 22.41 uur) naar [straat] en terug naar IJsselstein. Telefoongesprekken: om 22:19 uur zei [telefoonnummer] tegen een vaste afnemer dat hij eraan kwam. Om 22:36 uur vond een telefoongesprek plaats. Het is goed mogelijk dat dit een gesprek betrof waarin gezegd werd dat de afnemer naar buiten moest komen.. 14-06-2023 Reisbeweging: […] naar [straat] , overeenkomende verspringingen [telefoonnummer] en [telefoonnummer] ( [medeverdachte 1] , 21.32 uur) Telefoongesprekken: om 21:03 uur werd bij [telefoonnummer] één witte besteld, [telefoonnummer] zei dat hij er over een half uurtje zou zijn. Om 21:20 uur zei [telefoonnummer] dat hij onderweg was en om 21:22 uur zei [telefoonnummer] dat hij er over acht minuten zou zijn. 16-06-2023 Reisbeweging: […] naar [straat] , overeenkomende verspringingen [telefoonnummer] (deallijn) en [telefoonnummer] ( [medeverdachte 1] , 17.43 uur). Om 16:51 uur werd bij [telefoonnummer] “eentje van 20” besteld, het zou een half uur duren. Om 17:10 uur zei 4348 dat het nog tien minuten duurde en om 17:38 uur zei de afneemster dat het halve Leger stond te wachten. Reisbeweging: […] naar [straat] , overeenkomende verspringingen [telefoonnummer] (deallijn) en [telefoonnummer] ( [medeverdachte 1] , 21.34 uur). Telefoongesprekken: om 21:16 uur zei 4348 tegen een vaste afneemster dat hij er binnen een half uur zou zijn, om 21:27 uur zei [telefoonnummer] tegen de afneemster dat ze naar de brug moest komen. 18-06-2023 Reisbeweging: […] naar [straat] , overeenkomende verspringingen 4348 (deallijn) en [telefoonnummer] ( [medeverdachte 1] , 14.05 uur). Telefoongesprekken: om 13:23 uur werd “twintig” besteld bij [telefoonnummer] , hij zei dat hij er over twintig minuten zou zijn. Om 13:59 uur zei [telefoonnummer] dat de afnemer naar de brug moest komen en om 14:06 uur zei [telefoonnummer] dat het nog één minuut zou duren. 21-06-2023 Reisbeweging: […] naar [straat] , overeenkomende verspringingen [telefoonnummer] (deallijn) en [telefoonnummer] ( [medeverdachte 1] , 14.41 uur). Telefoongesprekken: om 14:04 uur vroeg een vaste afnemer aan [telefoonnummer] of hij naar het Leger kon komen. Om 14:23 uur zei [telefoonnummer] dat het no tien minuten zou duren en om 14:36 uur zagen de afnemer en [telefoonnummer] elkaar. Ik, verbalisant, heb zeer veel geïntercepteerde telefoongesprekken beluisterd en uitgewerkt die waren gevoerd met telefoonnummer [telefoonnummer] . Deze gesprekken vertoonden grote gelijkenissen met de gesprekken geïntercepteerd middels de telefoontap op [telefoonnummer] . Er vonden op [telefoonnummer] in het geheel geen sociale gesprekken plaats, waarbij bijvoorbeeld naar elkaars welzijn werd gevraagd of naar zaken die niet druggerelateerd leken. Gezien alle bovenstaande feiten en omstandigheden is het aannemelijk dat beide telefoonnummers als dealerlijn gebruikt werden en beheerd werden door dezelfde personen. Er werd in zeer veel gesprekken afgesproken bij het [naam] op de [straat] bij [wijk] en bij het nabijgelegen bruggetje. Ook de werkwijze, namelijk dat er een bestelling werd gedaan bij de beheerder van [telefoonnummer] waarna een derde persoon de verdovende middelen kwam leveren, kwam volledig overeen. Op 21 april 2023 vond een reisbeweging plaats van de personenauto vanuit IJsselstein naar de wijk Overvecht in Utrecht. Uit analyse is gebleken dat de telefoonnummers in gebruik bij [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] een volledig overeenkomende reisbeweging maakten. Uit de opgenomen vertrouwelijke communicatie in de personenauto bleek dat er gedurende de reisbeweging vanuit IJsselstein naar Utrecht Overvecht twee mannen in het voertuig zaten. [medeverdachte 1] tegen [medeverdachte 3] : “Ik ga nog niet maken, ik moet eerst testen en dan ga ik terugkomen hierheen, dan gaan we pas maken”. [medeverdachte 3] tegen [medeverdachte 1] : “Hoe beter hoe drukker hoe meer geld. Als je die lijn gaat verkopen je hebt nu voor 120 doezoe, 55 doezoe... nieuw blok nemen”. Nadat [medeverdachte 1] in Overvecht enige tijd uit het voertuig is geweest en hierna weer instapt: [medeverdachte 1] : “Hij zei dat kanker goed is”. [medeverdachte 1] : “Ik moet iemand vragen die kan snuiven”. [medeverdachte 1] : “Ja die eh, die kan testen” [medeverdachte 3] : “Ja. [bijnaam medeverdachte 2] heeft die nummers” [medeverdachte 1] : “ [naam] heeft hem nu”. [medeverdachte 3] in een telefoongesprek: “Maar hee, laat weten of hij voor rook of snuif wil. Maar roken is al net uitgetest he. Ja maar diegene moet het in zijn neus doen”. Nadat er twee personen in de auto zijn gestapt, vermoedelijk om drugs te testen: NNv: It is not speed he? [medeverdachte 3] : new coke.. So ehh can you try it and let us know how it's [medeverdachte 3] : This is one gram he? NNv: Oke then. I will write you Kort nadat de twee personen zijn uitgestapt: Telefoon gaat over. [medeverdachte 3] neemt op en zegt: “Jo. Ja is goed...Ehh...ze had hem eerst geproefd gewoon met haar tong, toen zei ze eh dat goed proefde... Toen zei ik tegen haar als je gaat gebruiken door je neus, moetje mij een berichtje sturen...” Op 4 juli 2023 werden in perceel [adres] te [plaats] verdachte [medeverdachte 1] , aangehouden, geboren op [2003] . Tijdens een ingestelde doorzoeking in perceel [adres] te [plaats] werden onder andere acht papieren wikkels aangetroffen met een wit poeder, voorzien van het opschrift: “scarface”. Deze wikkels werden in beslag genomen en gewaarmerkt met het Spoor Identificatie Nummer (SIN): AAQDO3O2NL. Betreft onderzoek aan: SIN: AAQD0302NL relatie met SIN: AAQI4898NL 8 papieren wikkels met 3,2 gram wit poeder/brokjes. In een deskundigenrapport van het NFI wordt het volgende gerapporteerd: AAQI4898NL: monster bevat cocaïne. De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op 4 juli 2023 werd in perceel [adres] te [plaats] een verdachte aangehouden, genaamd: [medeverdachte 2] , geboren op [2003] . Tijdens de doorzoeking werd het volgende in beslag genomen: Ponypacks “Scarface” met inhoud (aangetroffen in kelderbox van woning). Het monster AAQI4897NL, afkomstig van AAPC9569NL (20 wikkels) testten hierbij positief op de aanwezigheid van cocaïne. In een deskundigenrapport van het NFI wordt het volgende gerapporteerd: AAQI4897NL: monster bevat cocaïne. De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op dinsdag 4 juli 2023 werd in perceel [adres] te [plaats] een verdachte aangehouden, genaamd: [medeverdachte 3] , geboren op [2004] . Tijdens een ingestelde doorzoeking in perceel [adres] werd een negental papieren wikkels (vier met opschrift “scarface”) in beslag genomen en gewaarmerkt met het Spoor Identificatie Nummer (SIN) AAQD0303NL. In afwachting van een definitieve identificatie bij het NFI werd er van de wikkels een representatief monster (AAQI4899NL) getest. In een deskundigenrapport van het NFI wordt het volgende gerapporteerd: AAQI4899NL: monster bevat cocaïne. Getuige [getuige 3] heeft op 6 juli 2023 onder meer het volgende verklaard: V: Als je dan met “ [getuige 3] ” belt. Wat zeg je dan als je drugs wilt bestellen? A: Ik zeg gewoon altijd van “kun je komen”. En dan zegt ie gewoon “een witte of een zwart-witte?”. Een witte is 20 euro en een zwart-witte is 25 euro. V: Zie je dat ook aan het pakje dan? A: Ja, dat zie je ook aan het pakje. V: Hoe ziet zo’n pakje eruit? A: Een pakje is helemaal wit., en die andere is zwart-wit. V: Heb je nog van die pakjes? A: Ja, volgens mij heb ik nog wel 1 of 2 lege op mijn kamer liggen. Een foto van deze verpakking uit de kamer is in het bezit van het onderzoeksteam. Foto betreft een zwart-witte wikkel met daarop de tekst “Scarface”. Er worden foto’s getoond van verdachten binnen het onderzoek. Getuige wordt foto 1 getoond. A: Ja, hij. Hij kwam brengen. Foto 1: verdachte [medeverdachte 3] . Getuige [getuige 4] heeft op 6 juli 2023 onder meer het volgende verklaard: V: Bellen ze dan voor cocaïne? A: Ja kijk, voor jongens belde ik altijd hen. Gewoon een nummer. Die als eerste kon komen. V: Wie bedoel je dan? A: Ja, die jongens uit IJsselstein. V: Die belde jij het meest? A: Die waren altijd op tijd. V: Zou je die jongens herkennen als je ze ziet? A: Tuurlijk. Er worden foto’s getoond van verdachten binnen het onderzoek. Aan de getuige wordt foto 1 getoond. A: Ja, die herken ik. Ik heb hem meerdere malen gezien. Aan de getuige wordt foto 2 getoond. A: Die ken ik al heel lang. Foto 1: verdachte [medeverdachte 3] . Foto 2: verdachte [medeverdachte 2] . V: Jij ging die drugs ook wel eens ophalen zei je. Hoe zagen die er dan uit? A: Zwart-wit. “Scarface” stond er op. De medeverdachte [medeverdachte 1] gaat in de periode van 6 december 2022 tot en met 17 juni 2023 vaak de toegangsruimte tot berging [nummer] in. De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Ik heb de camerabeelden uitgekeken die zicht hadden op het centrale trappenportaal en de centrale hal met toegang tot de bergruimtes 1-10 aan het [adres] te [plaats] . In het navolgende schema heb ik vastgelegd op welke dag. datum en tijdstippen [medeverdachte 1] in de centrale berging van het [adres] is geweest. 7-12-22, 20:52-21:01: [medeverdachte 1] , [verdachte] , [medeverdachte 2] berging in. [verdachte] met witte tas in en [medeverdachte 2] met zelfde tas berging uit. 11-12-22 21:00-21:03: [medeverdachte 1] berging in en komt er weer uit met een doosje. 4-01-23 18:42-18:55: [medeverdachte 1] in berging. 2-02-23 20:02-20:11: [medeverdachte 1] in berging; 4-02-23 19:47-20:03: [medeverdachte 1] in berging; 11-02-23 14:39-14:44: [medeverdachte 1] in berging. 13-02-23 18:06-18:24: [medeverdachte 1] in berging. 26-02-23 19:52-20:07: [medeverdachte 1] in berging. 27-02-23 13:11-13:14: [medeverdachte 1] met gele tas berging in. Gele tas blijft achter in berging. 27-02-23 20:33-20:50: [medeverdachte 1] met geel pakketje berging in en uit. 7-03-23 18:53-18:55: [medeverdachte 1] in berging. 7- 03-23 20:37-20:44: [medeverdachte 1] in berging. 9-03-22 16:48-17:01: [medeverdachte 1] in berging, [medeverdachte 1] om 17:01 met gele tas berging uit. 17- 03-23 19:16-19:39: [medeverdachte 1] in berging. 20-03-23 18:46-18:56: [medeverdachte 1] berging in met lege blauwe tas en weg met gevulde blauwe tas en gevulde gele tas. 30-03-23 17:45-17:46: [medeverdachte 1] in berging. 30-03-23 19:50-19:52: [medeverdachte 1] in berging. 8-04-23 15:56-16:13: [medeverdachte 1] berging in en komt met groene tas berging uit. 22-04-23 15:32-15:33: [medeverdachte 1] berging in met donkere tas en weg zonder tas. 29-04-23 17:54-19:10: [medeverdachte 1] in berging. 3-05-23 18:24-18:38: [medeverdachte 1] berging in met gevulde gele tas en berging ook weer uit met gevulde gele tas. 11-05-23 16:52-17:03: [medeverdachte 1] berging in met gevulde rode tas en berging ook weer uit met gevulde rode tas. 14-05-23 11:32-11 33: [medeverdachte 1] berging in en berging uit met gevulde zwarte tas. Op de beelden was te zien dat wanneer [medeverdachte 1] vanuit de richting van de woning van [moeder] naar de berging liep of vanuit de berging weer terug richting haar woning liep, hij dan een sleutelbos in zijn handen droeg. Op de beelden van 17 mei 2023 zag ik het navolgende: 14:02:29 uur: [medeverdachte 1] verschijnt vanuit rechts in beeld met een gele tas in zijn linkerhand. [medeverdachte 1] gaat in de richting van het portiek [adres] . 14:02:42 uur: [medeverdachte 1] komt de centrale hal van het portiek [adres] in, en loopt in de richting van het centrale trappenhuis. 14:02:53 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap op met een gele tas in zijn linkerhand. Het is te zien dat de tas bol staat en kennelijk gevuld is. 14:11:12 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap af met de gele tas in zijn linkerhand. De tas oogt nog steeds bol en gevuld. 14:11:33 uur: [medeverdachte 1] loopt naar de toegangsdeur van de centrale berging, opent deze met een sleutel en gaat met de gele tas naar binnen. 14:14:17 uur: [medeverdachte 1] komt weer uit de berging met de gele gevulde tas en loopt in de richting van de centrale uitgang. 14:14:36 uur: [medeverdachte 1] verdwijnt rechts uit beeld met de gele tas in zijn linkerhand. Op de beelden van 6 juni 2023 zag ik het navolgende: 18:17:57 uur: [medeverdachte 1] verschijnt vanuit rechts in beeld met een gele tas in zijn rechterhand. Hij gaat in de richting van het portiek [adres] . 18:18:06 uur: [medeverdachte 1] komt de centrale hal van het portiek [adres] binnen en loopt in de richting van het centrale trappenhuis. 18:18:10 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap op met een gele tas in zijn rechterhand. Het is te zien dat de tas enigszins bol staat en kennelijk gevuld is. 18:25:46 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap af met de gele tas in zijn handen. De tas oogt nog steeds bol en gevuld. 18:25:53 uur: [medeverdachte 1] loopt naar de toegangsdeur van de centrale berging, opent deze met een sleutel en gaat met de gele tas naar binnen. 18:35:10 uur: [medeverdachte 1] komt de berging uit en loopt met de gele tas en in de richting van het trappenhuis. De tas oogt alsof deze minder gevuld is dan bij het naar binnengaan van de boxruimte. 18:35:28 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap op met de gele tas in zijn linkerhand. Het is te zien dat de tas minder bol staat en kennelijk minder gevuld is. 18:43:22 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap af met de gele tas in zijn rechterhand. Het is te zien dat de tas nog steeds minder bol staat en kennelijk minder gevuld is. 18:43:32 uur: [medeverdachte 1] loopt met de gele tas in de richting van de centrale uitgang. Op de beelden van 17 juni 2023 zag ik het navolgende: 17:11:24 uur: [medeverdachte 1] verschijnt vanuit links in beeld met een gele tas in zijn linkerhand en loopt richting de centrale trap. 17:11:28 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap op met een gele tas in zijn rechterhand. Op de gele tas is op de bewegende beelden de tekst “Jumbo” leesbaar. Het is te zien dat de tas enigszins bol staat en kennelijk gevuld is. 17:25:29 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap af met de gele tas in zijn handen, de tas oogt alsof deze nog steeds gevuld is. 17:25:38 uur: [medeverdachte 1] loopt naar de toegangsdeur van de centrale berging, opent deze met een sleutel en gaat met de gele tas naar binnen. 17:42:40 uur: [medeverdachte 1] komt de berging uit en loopt met de gele tas en in de richting van het trappenhuis. De tas oogt alsof deze gevuld is. 17:42:48 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap op met de gele tas in zijn linkerhand. 17:43:25 uur: [medeverdachte 1] loopt de trap af met de gele tas in zijn rechterhand. Het is te zien dat de tas nog steeds bol staat en kennelijk gevuld is. 17:43:48 uur: [medeverdachte 1] verdwijnt links uitbeeld. [medeverdachte 1] loopt in de richting van de achteruitgang van het portiek [adres] . Ten aanzien van feit 2 De verdachte was de gebruiker van de SKY-ID [SKY-ID verdachte] De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op 20 augustus 2018 werd een doorzoeking gedaan in de woning van [verdachte] aan het [adres] te [plaats] . Tijdens deze doorzoeking werd op het bed in de slaapkamer van [verdachte] een Apple iPhone 8 Plus aangetroffen. Op basis van de volgende bevindingen is het aannemelijk dat [verdachte] de gebruiker was van de iPhone 8 Plus: - de telefoon werd aangetroffen op het bed in de slaapkamer van [verdachte] ; - er werd vastgesteld dat het telefoonnummer [telefoonnummer] , dat in de iPhone 8 Plus werd gebruikt, in gebruik was bij [verdachte] ; - de gebruiker van de telefoon noemt zich veelvuldig [verdachte] en wordt [verdachte] genoemd, hetgeen de roepnaam is van [verdachte] ; - de gebruiker van de telefoon noemt het contact “ [moeder] ” (telefoonnummer [telefoonnummer] ) “Ma”, van dit telefoonnummer is vastgesteld dat het in gebruik was bij de moeder van [verdachte] ; - de gebruiker van de telefoon zei op de dag dat [verdachte] jarig was, 12 mei 2018, dat hij jarig was en werd op die datum door meerdere contacten gefeliciteerd; - op meerdere foto’s en filmpjes die met de camera van de iPhone 8 Plus zijn gemaakt is te zien dat [verdachte] zichzelf fotografeert, filmt of laat fotograferen. Tijdens de doorzoeking op 20 augustus 2018 werd op een kastje, naast het bed in de slaapkamer van [verdachte] , ook een BlackBerry aangetroffen. Op deze telefoon bleek Sky-ECC geïnstalleerd te zijn met daaraan gekoppeld het Sky-ID [SKY-ID verdachte] met de gebruikersnaam “ [gebruikersnaam verdachte ] ”. Ik heb de inhoud van de chats uit de Apple iPhone 8 Plus vergeleken met de inhoud van de chats uit de BlackBerry. Hieronder zijn mijn bevindingen weergegeven Uit een chat uit de BlackBerry bleek dat de gebruiker “ [gebruikersnaam verdachte ] ” zich op 28 april 2018 aan het klaarmaken was voor een bruiloft.Uit een chat en foto’s uit de iPhone 8 Plus bleek dat [verdachte] op 28 april 2018 een bruiloft had. Uit een chat uit de BlackBerry bleek dat de gebruiker “ [gebruikersnaam verdachte ] ” op 11 augustus 2018 in Marokko was, dat hij op zoek was naar een woning en auto in [plaats] .Uit een chat uit de iPhone 8 Plus bleek dat [verdachte] op 11 augustus 2018 in Marokko was. Uit een chat van 11 augustus 2018 uit de BlackBerry bleek dat de gebruiker “ [gebruikersnaam verdachte ] ” in Marokko was omdat “ […] ” ging trouwen. Daarnaast sprak [verdachte] in een chat uit de iPhone 8 Plus op 14 augustus 2018 meerder malen over “ […] ”. Diezelfde dag vroeg [telefoonnummer] @s.whatsapp.net […] ..! of [verdachte] nog foto’s had. Een dag later verstuurde [verdachte] foto’s naar [telefoonnummer] @s.whatsapp.net […] ..! Op de voorste rij in het midden is [verdachte] te zien. Gezien de kleding van de vrouwelijke personen op de foto zijn deze foto’s vermoedelijk gemaakt tijdens een Marokkaanse bruiloft. Uit een chat uit de BlackBerry bleek dat de gebruiker “ [gebruikersnaam verdachte ] ” na Marokko kennelijk van plan was om naar Mexico te gaan om even te rusten.Uit een chat iPhone 8 Plus op 15 augustus 2018 bleek dat [verdachte] kennelijk van plan was om naar Mexico te gaan. Uit een chat uit de BlackBerry bleek dat de gebruiker “ [gebruikersnaam verdachte ] ” op 16 augustus 2018 ziek wasUit een chat iPhone 8 Plus bleek dat [verdachte] op 17 augustus 2018 ziek was. Uit een chat uit de BlackBerry bleek dat de gebruiker “ [gebruikersnaam verdachte ] ” op 18 augustus 2018 naar viagra vroeg.Uit een chat iPhone 8 Plus bleek dat [verdachte] op 18 augustus 2018 naar viagra vroeg. Uit een chat uit de BlackBerry bleek dat de gebruiker “ [gebruikersnaam verdachte ] ” op 19 augustus 2018 naar Latin Village ging.Uit een chat uit de iPhone 8 Plus bleek dat [verdachte] op 19 augustus 2018 naar Latin Village zou gaan, en dat [verdachte] ook daadwerkelijk op Latin Village was. Op basis van het feit dat de BlackBerry werd aangetroffen op een kastje naast het bed van [verdachte] en de overeenkomsten tussen de inhoud van de chats uit de BlackBerry en de iPhone 8 Plus, waarvan is vastgesteld dat [verdachte] de gebruiker was, is het aannemelijk dat [verdachte] ook de gebruiker was van de BlackBerry en het daaraan gekoppelde Sky-ID [SKY-ID verdachte] met gebruikersnaam “ [gebruikersnaam verdachte ] ”. Gesprekken van SKY-ID [SKY-ID verdachte] (verdachte) in de periode van 28 april 2028 tot en met 18 augustus 2018 De politie Midden-Nederland heeft onder meer het volgende gerelateerd: Op 28 april 2018 heeft de gebruiker [SKY-ID 2] een gesprek met [verdachte] . [SKY-ID 2] heeft het met [verdachte] over twee stempels waar hij eerder over sprak met [verdachte] . [verdachte] vraagt vervolgens aan [SKY-ID 2] hoe het dan zit met het spul uit Eindhoven. [SKY-ID 2] geeft aan dat deze niet interessant waren. Het is mij ambtshalve bekend dat er bij de handel in verdovende middelen gebruik wordt gemaakt van verschillende opdrukken van verpakkingen (stempels). [SKY-ID 2] : 9000 duzu heb je gezien (....) [SKY-ID verdachte] : Nee niet gezien alleb 2000 had ik gezien [SKY-ID 2] : wel 2stemopls die jij vorgen week noemde [SKY-ID verdachte] : Ja. En hoe zit met die spul uit eindhoven dan [SKY-ID 2] : die was niks bro. Op donderdag 16 augustus 2018 omstreeks 16:01 uur heeft gebruiker [gebruikersnaam 1] een gesprek met [verdachte] . [verdachte] heeft blokken cocaïne gevonden, die zijn voorzien van de opdruk hakenkruis. De blokken moeten 28.500 euro per stuk kosten en [verdachte] geeft aan dat hij deze wil keuren. [SKY-ID verdachte] : Yo bro heb mooie gevomden [SKY-ID 3] : Welke [SKY-ID verdachte] : Hakenkruis [SKY-ID 3] : Hahahaaa. Hoe duur [SKY-ID verdachte] : 28,t [SKY-ID verdachte] : 5 [SKY-ID 3] : oke heb je hem al gekeurd [SKY-ID verdachte] : Ga ik zo doen maar jij kan hem ook gewoon kijken voor zekerheid hij gaat kijken hoeveel er is en dan laat hij 1 zien volgens mij gewoon in utca. Uit het document Prijzen, Drugs & (Pre-)precursoren van het cluster Synthetische drugs Intel & Expertise van de landelijke eenheid blijkt dat de groothandelprijs voor een kilo cocaïne in 2021 € 28.850,00 euro betrof. Op donderdag 16 augustus 2018 omstreeks 22 56 uur spreekt [verdachte] met [gebruikersnaam 2] . [gebruikersnaam 2] wil het met [verdachte] hebben over lege bakken die gevuld kunnen worden voor in het vliegtuig. [verdachte] reageert hierop dat dit mogelijk via de Dominicaanse (Dominicaanse Republiek)

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.