RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 25/2544 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 31 oktober 2025 in de zaak tussen [eiser] , uit [plaats 1] , eiser/vader (gemachtigde: mr. M. van Harskamp), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris (gemachtigde: mr. T.C. Tesselhof). Als derde-partij neemt aan de zaak deel: [de moeder] , uit [plaats 2] , de moeder. Inleiding In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de wijziging van de achternaam van zijn dochter [dochter] . Zij draagt nu de achternaam van eiser, haar vader. Derde-partij, de moeder van [dochter] , heeft een aanvraag ingediend om de achternaam van [dochter] te wijzigen in haar achternaam. Deze aanvraag is door de staatssecretaris bij besluit van 20 december 2024 ingewilligd. Met het bestreden besluit van 4 maart 2025 op het bezwaar van eiser is de staatssecretaris bij zijn besluit gebleven. De staatssecretaris heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift. De rechtbank heeft het beroep op 31 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, derde-partij en haar gemachtigde en de gemachtigde van de staatssecretaris. Na afloop van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Beoordeling door de rechtbank [dochter] is op 20 oktober 2025 geboren. Bij haar geboorte kreeg zij de achternaam van haar vader, eiser. De moeder heeft een aanvraag ingediend om de achternaam van [dochter] te wijzigen in haar achternaam. Deze aanvraag is ingewilligd en daar is eiser het niet mee eens. Hij wil dat [dochter] zijn achternaam houdt. Om tot wijziging van iemands achternaam te kunnen besluiten, moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Deze voorwaarden staan in artikel 3 van het Besluit geslachtsnaamswijziging. Partijen zijn het erover eens dat aan de voorwaarden voor wijziging van de achternaam is voldaan. Deze uitspraak hoeft daarover dan ook niet te gaan. Op de zitting heeft de gemachtigde van eiser verwezen naar het rapport van [A] van 14 april 2025 “Richting een toekomstbestendig Besluit: Doorlichting van het Besluit Geslachtsnaamwijziging”, maar dit is te laat. De rechtbank betrekt dit daarom niet bij haar oordeel. Op de zitting heeft eiser aangegeven dat dit rapport bevestigt wat in de beroepsgronden is gesteld. Die beroepsgronden neemt de rechtbank mee in de beoordeling. De staatssecretaris heeft een belangenafweging gemaakt en geoordeeld dat het in het belang van [dochter] is om haar achternaam te wijzigen. De rechtbank is het hiermee eens. In de uitspraak van 16 juli 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwogen dat er, gelet op de bedoeling van de regeling, vanuit gegaan wordt dat het in het belang van het kind is dat het de naam draagt van degene met wie zij een bestendige gezinssituatie heeft, als niet of nauwelijks in gezinsverband met het kind is samengeleefd door de ouder van wie het kind de naam draagt, behalve als er aanwijzingen zijn voor het tegendeel. Die aanwijzingen zijn er in dit geval niet.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.