RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Civiel recht kantonrechter locatie Utrecht zaaknummer: 11812511 UC EXPL 25-6122 CD/942 Verstekvonnis van 5 november 2025 inzake de besloten vennootschap Psycholoog Nederland B.V., gevestigd in Hilversum, eisende partij, gemachtigde: Janssen & Janssen c.s., tegen: [gedaagde] , wonend in [woonplaats] , gedaagde partij, niet verschenen. 1De procedure 1.
- De eisende partij heeft een dagvaarding uitgebracht. Zij heeft gevorderd dat de gedaagde partij wordt veroordeeld om een bedrag aan haar te betalen, vermeerderd met rente en een vergoeding voor gemaakte kosten, zoals in de dagvaarding is omschreven. 1.
- De gedaagde partij heeft daar niet (op tijd) op gereageerd en niet gevraagd om op een later moment te mogen reageren. Daarom heeft de kantonrechter verstek verleend tegen de gedaagde partij. 1.
- Daarop volgt nu dit vonnis. 2De kern van de zaak 2.
- De gedaagde partij is zonder (tijdige) afmelding niet verschenen op twee afspraken met een zorgverlener. De eisende partij wil dat de gedaagde partij een vergoeding betaalt van € 75,00 per keer, omdat de tijd die voor de gedaagde partij was gereserveerd verloren is gegaan, zonder dat zorg kon worden geleverd. De kantonrechter oordeelt dat de gedaagde partij die kosten inderdaad moet betalen. De gedaagde partij moet ook rente vergoeden. Incassokosten hoeft de gedaagde partij niet te betalen. 3De beoordeling 3.
- De vordering is gebaseerd op een (para)medische behandelingsovereenkomst tussen een zorgverlener en een patiënt/consument. Op zo’n overeenkomt zijn consumentenbeschermende bepalingen van toepassing. Van sommige belangrijke consumentenbeschermende bepalingen moet de kantonrechter ambtshalve (uit zichzelf, ook zonder dat de patiënt/consument dat vraagt) nagaan of die zijn nageleefd. Dat geldt ook voor de zogenoemde ‘no-showvergoeding’. 3.
- Een zorgverlener mag zo’n vergoeding in rekening brengen voor de tijd die voor een patiënt/consument is gereserveerd, als die niet komt opdagen of zich pas kort voor de geplande afspraak afmeldt, waardoor in de gereserveerde tijd geen zorg kan worden geleverd en die tijd verloren gaat. Maar dat mag de zorgverlener alleen als hij de patiënt/consument er van tevoren over heeft geïnformeerd dat hij in zo’n geval kosten in rekening brengt. De kantonrechter moet ambtshalve toetsen of dit het geval is. 3.
- In dit geval is de vergoeding voor een gemiste afspraak in de toepasselijke algemene voorwaarden bedongen. Daarmee staat vast dat de zorgverlener de gedaagde partij hierover heeft geïnformeerd. De kantonrechter is bovendien van oordeel dat de inhoud van het betreffende beding duidelijk is en niet onredelijk bezwarend voor de gedaagde partij als bedoeld in artikel 6:233 onder a van het Burgerlijk Wetboek (BW). Daarom is de gevorderde vergoeding toewijsbaar 3.
- De eisende partij vordert ook rente en een vergoeding voor gemaakte incassokosten. In de toepasselijke algemene voorwaarden is verwezen naar de wettelijke regeling over de vergoeding van rente. Die is per definitie niet onredelijk bezwarend. De gevorderde rente is daarom toewijsbaar, en wel op de onder de beslissing van dit vonnis vermelde manier. 3.
- Ook over incassokosten staat in de toepasselijke algemene voorwaarden slechts een verwijzing naar de wettelijke regeling over dit onderwerp. Die regeling is, zoals ook al hiervoor is overwogen, per definitie niet onredelijk bezwarend. 3.
- Maar om de gevorderde incassokostenvergoeding te kunnen toewijzen moet de kantonrechter niet alleen toetsen wat daarover in de algemene voorwaarden is geregeld, maar ook of de eisende partij een aanmaning heeft gestuurd aan de gedaagde partij, die voldoet aan de wettelijke eisen van artikel 6:96 BW. Dat is in deze procedure niet het geval. 3.
- In artikel 6:96 lid 7 BW is namelijk bepaald dat verschillende vorderingen (in dit geval ging het om twee facturen) in één aanmaning moeten worden samengevoegd, waarbij de omvang van de aanmaningskosten moet worden berekend aan de hand van die bij elkaar opgetelde vorderingen. Dat dit is gebeurd, is niet gebleken. Weliswaar is het gevorderde bedrag beperkt tot het tarief dat hoort bij de bij elkaar opgetelde vorderingen, maar de gedaagde partij heeft verschillende aanmaningsbrieven ontvangen, waarin ten onrechte per factuur aanspraak werd gemaakt op het daarbij behorende incassokostentarief. 3.
- De gedaagde partij krijgt al met al grotendeels ongelijk. Daarom moet de gedaagde partij de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De kosten aan de zijde van de eisende partij worden begroot op: - dagvaarding € 146,14 - griffierecht € 135,00 - salaris gemachtigde € 40,00 (1 punt x tarief € 40,00) - nakosten € 20,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 341,14 4De beslissing De kantonrechter: 4.
- veroordeelt de gedaagde partij om tegen bewijs van kwijting € 150,00 aan de eisende partij te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf de respectieve data van verzuim van de onderliggende facturen tot de voldoening; 4.
- veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten van € 341,14, te betalen binnen 14 dagen na aanschrijving daartoe. Als de gedaagde partij niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis wordt betekend, dan moet de gedaagde partij ook de kosten van betekening betalen; 4.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; 4.
- wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. O.P. van Tricht, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 5 november
- Zie https://www.nza.nl/documenten/vragen-en-antwoorden/mag-er-een-no-show-in-rekening-gebracht-worden-als-de-patient-niet-is-geweest