RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Strafrecht Zittingsplaats Utrecht Parketnummers: 16/025903-24, 16/314621-22 (vord. tul) & 16/282090-21 (vord. tul) Vonnis van de meervoudige kamer van 31 januari 2025 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1994 te [geboorteplaats] , wonende aan de [adres 1] , [postcode 1] te [plaats 1] , hierna: verdachte. 1ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 17 januari
- De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. M.M.L. Kalsbeek en van hetgeen verdachte en haar raadsman, S. A .S Jansen, advocaat te Apeldoorn, naar voren hebben gebracht. 2TENLASTELEGGING De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er in het kort op neer dat verdachte: in de periode van 15 juli 2023 tot en met 10 november 2023 te Harmelen samen met anderen cocaïne, MDMA, amfetamine, 2CB, GHB en/of LSD heeft vervoerd en/of afgeleverd. 3VOORVRAGEN Voordat de rechtbank een oordeel kan geven over de vraag of verdachte het ten laste gelegde feit heeft gepleegd, moet worden beoordeeld of aan de in de wet gestelde voorvragen is voldaan. Dat is het geval: de dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd om deze zaak te beoordelen, de officier van justitie mag verdachte vervolgen en er zijn geen redenen om de vervolging uit te stellen. 4WAARDERING VAN HET BEWIJS 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend te bewijzen. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat slechts wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte op 11 augustus 2023 harddrugs heeft afgeleverd. Ten aanzien van de overige tenlastegelegde periode kan volgens de raadsman niet bewezen worden dat verdachte diegene is geweest die de harddrugs heeft afgeleverd. In die periode heeft verdachte volgens de raadsman slechts gefungeerd als tussenpersoon door berichten naar anderen door te sturen. 4.3 Het oordeel van de rechtbank Bewijsmiddelen De verklaring van verdachte op de terechtzitting van 17 januari 2025 Ik heb op 11 augustus 2023 verschillende harddrugs vervoerd en afgeleverd. De gesprekken op de telefoons van medeverdachte [medeverdachte] met het WhatsAppcontact [verdachte] waren gesprekken tussen [medeverdachte] en mij. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , inhoudende de aanhouding van medeverdachte [medeverdachte] en het aantreffen van de drugs in de auto, staat onder meer het volgende: Aanleiding Op 10 november (naar de rechtbank begrijpt: 2023) reden wij in Woerden. Voor ons zag ik een grijze Ford rijden voorzien van het kenteken [kenteken] . In de voor mij beschikbare politiesystemen zocht ik vervolgens naar het kenteken. Ik zag dat de te naam gestelde van het voertuig was: [verdachte] . Controle grijze Ford [kenteken] Vervolgens hadden wij de grijze Ford op grond van de Wegenverkeerswet stil gezet.Ik vroeg aan de bestuurder een rijbewijs. Ik zag dat het ging om [medeverdachte] . Ik had een onderzoek gedaan in de grijze Ford. Vervolgens zag ik dat er een handtas was weggedrukt onder de bestuurdersstoel. Ik opende de handtas en zag dat de handtas vol zat met drugs. Door verbalisant [verbalisant 2] is op meerdere momenten onderzoek gedaan naar de telefoons (iPhone 7 plus en iPhone 13) van medeverdachte [medeverdachte] . In de processen-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] , inhoudende die onderzoeken naar de telefoons van medeverdachte [medeverdachte] , met de chatgesprekken als bijlagen, staat onder meer het volgende: In het toestel kwam ik een WhatsAppgesprek tegen tussen de gebruiker, hierna [medeverdachte] , en een contact genaamd [verdachte] . [verdachte] maakt voor haar WhatsAppprofiel gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer] . Dit telefoonnummer komt overeen met het telefoonnummer van verdachte [verdachte] . Op 13/07/2023 wordt door [medeverdachte] het volgende bericht gestuurd naar [verdachte] : "Basis" "heles" "halves (met tekst) " "3mmc ( witte brokjes) " "mdma (bruine brokjes) " "Xtc (grijze pillen)" "Die medicijnen dingen moet je zelf vragen aan hem als je het niet weet maak een foto en stuur naar hem". "Groene ickcis 2cb" [verdachte] beantwoordt het bericht met; "Okee duidelijk schat". Op 11/08/2023 vindt het volgende chatgesprek tussen [medeverdachte] en [verdachte] plaats: [medeverdachte] = [medeverdachte] , [verdachte] = [verdachte] ; [medeverdachte] : [adres 2] . 1g c 50 euro [verdachte] : Hallo. Wat is die bestelling en kosten [medeverdachte] : [adres 3] . 5g 1g ket 220 euro. Ik stuur gwn wat hij me stuurt. En je zegt gwn minuten door schat. Aub geen gezeik. Ben gwn tussenpersoon. [medeverdachte] : Hoelang nog? [verdachte] : Okee. 6 min. 3 min [medeverdachte] : [adres 4] moet je gaan. [verdachte] : Oke. Maar ik sta der. Gelukt. [medeverdachte] : [adres 5] , [postcode 2] [plaats 2] , Nederland. Bij de vomar [medeverdachte] : 2g 3mmc 5 xtc 65 euro [verdachte] : 5 min [medeverdachte] : Heb nieuwe voor je [verdachte] : Waar heen dn. Stuur [medeverdachte] : [adres 6] . Hoelang? [verdachte] : 8 min [medeverdachte] : 3 c 120 [verdachte] : 2 min [medeverdachte] : [adres 7] . 1 lsd zegel. 2 xtc. 1 zakje pep. 50 euro. 18 augustus 2023 Gesprek tussen [e-mailadres 1] [medeverdachte] en [verdachte] . Van Inhoud [medeverdachte] Ik heb voor je gefixt dat mijn zus kan rijden Kan je naar je feest gaan Kom maar zo die auto brengen en die spullen [verdachte] Laat nu maar [medeverdachte] Ik zeg je alvast Zondag gwn 50/50 [verdachte] Ik rij zelf wel [verdachte] Of ik werk of niet 20 september 2023 Gesprek tussen [e-mailadres 1] [medeverdachte] en [verdachte] . Van Inhoud [medeverdachte] Ik neem straks over en morgen [medeverdachte] Weekend rijden we samen toch? [verdachte] Ja mop 22 september 2023 Gesprek tussen [e-mailadres 1] [medeverdachte] en [verdachte] . Van Inhoud Tijdstip [medeverdachte] Begin hier: [adres 8] 1,5 g c en 2 diaz € 85 10:31 uur [verdachte] 20 10:37 uur [medeverdachte] Staat tie er? 10:55 uur [medeverdachte] Of moet ik zeggen je bent er over 1 min 10:56 uur [verdachte] 1 min 10:56 uur [medeverdachte] [adres 9] 1 g c € 40 [adres 2] 11:08 uur [verdachte] 4 min 11:13 uur [medeverdachte] Zie je der 11:20 uur [verdachte] Gelukt 11:20 uur [medeverdachte] [adres 10] [adres 2] 1 g c € 70 11:21 uur [verdachte] Vanaf 6 rij jij 11:23 uur [verdachte] 15 min 11:37 uur [medeverdachte] Na die [adres 2] 1 g c € 50 11:49 uur [medeverdachte] 12:30 [adres 11] hey heb je straks 20x 2cb, 1g coke, en 1g 3mmc voor me? € 150 12:00 uur [medeverdachte] [adres 2] is er zegt tie 12:18 uur [verdachte] 2 sec 12:18 uur [verdachte] Waar 12:18 uur [medeverdachte] Kijk in die straat Of begin Daar staan ze ook tegenwoordig Net voor dat je die straat in rijdt aan de rechterkant 12:20 uur [verdachte] Gelukt 12:20 uur [medeverdachte] Na die [adres 11] [adres 2] op 13:00 2g pep 12:40 uur [medeverdachte] Je moet [naam 2] Eerst Daarna terug [adres 2] Hoelang € 50 1 g c 12:56 uur [verdachte] 9, Ik wil daar niet heen Kk ongeluk 12:57 uur [medeverdachte] Schat Rij om dan Maar je moet echt naar die adres 12:57 uur [verdachte] Waar is die dan? 13:03 uur [medeverdachte] Hij staat achter je 13:04 uur [verdachte] Waar 13:04 uur [medeverdachte] Bij 106 zegt tie nu 13:05 uur [verdachte] Ja sta ik 13:06 uur [verdachte] Gelukt 13:07 uur 9 oktober 2023 Gesprek tussen [e-mailadres 1] [medeverdachte] en [verdachte] . Van Inhoud Tijdstip [medeverdachte] [adres 12] 3g c 150 Hij poft 11:20 uur [medeverdachte] [adres 13] 5g 3m en 2 zakjes pep € 140 11:32 uur [verdachte] 13 11:34 uur [medeverdachte] [adres 8] 1g c € 50 [adres 2] 11:46 uur [verdachte] 14 11:50 uur [verdachte] Waar is hij 12:04 uur [medeverdachte] Hij staat er zegt tie Miss op hoekje begin van de straat 12:07 uur [verdachte] Gelukt 12:08 uur [medeverdachte] 4 strips rita 1 strip diaz 1 zakje pep € 250 12:29 uur [verdachte] Rij jij of ik 12:30 uur [medeverdachte] Ik ga nu omkleden ben met 5/7 min klaar 12:30 uur [verdachte] Ik rij wel 12:30 uur [verdachte] Gelukt 12:54 uur 6 november 2023 Gesprek tussen [e-mailadres 1] [medeverdachte] en [verdachte] . Van Inhoud Tijdstip [medeverdachte] Hoi, ik ben op de [adres 14] , hoe lang zal jij nodig hebben? 11:43 uur [medeverdachte] 3g c 120 11:45 uur [verdachte] 2 min 11:58 uur [verdachte] Schat Waar is gene 14:19 uur [verdachte] Ja ik sta hier geparkeerd 14:20 uur [medeverdachte] Ga om de hoek 14:21 uur [medeverdachte] [adres 9] 1g c 40 16:55 uur [verdachte] Gaat wel ff duren 17:14 uur [medeverdachte] [adres 10] Om de hoek 17:55 uur [medeverdachte] Hoelang? Moet ik zeggen 25 min? 17:57 uur [verdachte] Sta der 18:06 uur [verdachte] [adres 17] 18:07 uur [verdachte] Waar is deze 18:09 uur [medeverdachte] Halve sos plus 10tje pof 30€ 18:13 uur [medeverdachte] Na die [adres 15] 3g 3mmc 50 Gwn [adres 17] en dan daar Is 1 weg 18:19 uur [medeverdachte] [adres 17] is er 18:26 uur [verdachte] 3 18:27 uur [medeverdachte] En [adres 15] 18:27 uur [verdachte] 12 18:28 uur [verdachte] Waar staat die ??? 18:30 uur [medeverdachte] Ja ik bericht hem al Rij is rondje aub Staat voor achter 18:31 uur [verdachte] Gelukt 18:33 uur [verdachte] Waar is [adres 15] 18:44 uur [medeverdachte] Midden van de straat gewoon 18:46 uur [medeverdachte] [adres 16] 19:15 1g c 40 19:03 uur [verdachte] Sta der 19:33 uur [verdachte] Jaa ik ben nog bij bestelling, dan rij ik door 20:10 uur In de bijlage, gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , inhoudende het onderzoek naar de iPhone 13 van medeverdachte [medeverdachte] , staat onder meer het volgende: 2 november 2023 Van Naar Inhoud [e-mailadres 1] [medeverdachte] [e-mailadres 2] [naam 5] Heb klant Maar die gaat [verdachte] doen. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] , inhoudende het onderzoek naar de anonieme meldingen over het dealen, staat onder meer het volgende: Op 15 september 2023 omstreeks 02:15 uur belt [verdachte] de politie in Utrecht met de melding dat zij overvallen is. Collega's troffen [verdachte] aan bij haar voertuig. Toen collega's in het voertuig gingen kijken troffen zij onder andere XTC, 3MMC, MDMA en GHB aan. Bewijsoverweging Op de telefoons van medeverdachte [medeverdachte] zijn meerdere druggerelateerde WhatsAppberichten aangetroffen, waaronder met het telefoonnummer [telefoonnummer] . Dit telefoonnummer heeft in WhatsApp als weergavenaam ‘ [verdachte] ’. Gelet op de verklaring van verdachte gaat de rechtbank ervan uit dat verdachte de berichten met telefoonnummer [telefoonnummer] en WhatsAppnaam [verdachte] heeft gestuurd. Medeverdachte [medeverdachte] stuurt op 13 juli 2023 een lijst naar verdachte, waarbij een uitleg wordt gegeven over hoe de verschillende harddrugs eruit zien. Ook wordt in de berichten tussen [medeverdachte] en verdachte expliciet gesproken over het afleveren van harddrugs. Zo stuurt [medeverdachte] berichten over cocaïne, speed, XTC, LSD, 2CB en MDMA, waarbij hij ook hoeveelheden, geldbedragen en adressen noemt. Vervolgens stuurt verdachte als reactie een tijdsindicatie en/of geeft zij aan dat het is gelukt. De gestuurde berichten in combinatie met de aangetroffen drugs bij haar in de auto zijn redengevende feiten en omstandigheden voor het bewijs dat verdachte in de tenlastegelegde periode samen met anderen harddrugs heeft gedeald. Verdachte heeft verklaard dat zij enkel op 11 augustus 2023 harddrugs heeft afgeleverd en voor de rest van de tenlastegelegde periode slechts als tussenpersoon heeft gefungeerd. Verdachte zou de WhatsAppberichten van medeverdachte [medeverdachte] hebben doorgestuurd naar (een) derde(n) en deze zou(den) de harddrugs hebben afgeleverd bij klanten. De rechtbank is van oordeel dat de verklaring van verdachte niet aannemelijk is en ook geen steun vindt in het dossier. Zo is uit het onderzoek aan de telefoon van verdachte niet gebleken dat WhatsAppberichten vanaf haar telefoon werden doorgestuurd naar (een) derde(n). Ook de verklaring van verdachte dat zij daarvoor een andere telefoon gebruikte, acht de rechtbank niet aannemelijk. Dit zou immers betekenen dat medeverdachte [medeverdachte] de berichten eerst naar verdachte zou sturen, zij die berichten vervolgens op een andere telefoon overtypte en naar (een) derde(n) stuurde, deze derde vervolgens aan verdachte een tijdsindicatie doorstuurde, verdachte dit weer zou moeten overtypen en naar medeverdachte [medeverdachte] zou moeten sturen. Deze omslachtige werkwijze past naar het oordeel van de rechtbank niet bij de handel in harddrugs, waarbij over het algemeen sprake is van een kort tijdsbestek tussen het bestellen en het afleveren van de drugs. Dat ook in het geval van de handel van verdachte steeds sprake was van een (zeer) kort tijdsbestek tussen het bestellen en afleveren, blijkt uit de chatberichten die zijn opgenomen in de bewijsmiddelen. Daar komt bij dat in de berichten meerdere malen door verdachte wordt gesproken over dat zij zelf zal rijden en dat op 15 september 2023 in de auto van verdachte verschillende soorten harddrugs zijn aangetroffen, terwijl verdachte tegen de politie heeft verklaard dat zij alleen wel eens blowt/heeft geblowd. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte in de tenlastegelegde periode samen met anderen verschillende soorten harddrugs heeft afgeleverd en vervoerd. 5BEWEZENVERKLARING De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte: in de periode van 15 juli 2023 tot en met 10 november 2023 in Nederland, meermalen (telkens) tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk hoeveelheden cocaïne, MDMA, amfetamine, 2CB, GHB en LSD, zijnde middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, heeft afgeleverd en vervoerd. Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken. 6STRAFBAARHEID VAN HET FEIT Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezen verklaarde levert volgens de wet het volgende strafbare feit op: opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd. 7STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 8OPLEGGING VAN STRAF 8.1 De vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf van vijf maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan 131 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden die de reclassering heeft geadviseerd. 8.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft verzocht om een kortere voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen dan door de officier van justitie is geëist, omdat verdachte een kleinere rol heeft gehad bij de drugshandel. De raadsman vindt de eis van de officier van justitie in deze zaak niet in verhouding staan tot de eis in de zaak van de medeverdachte. 8.3 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank heeft bij het bepalen van een passende straf rekening gehouden met de ernst van het strafbare feit, de omstandigheden waaronder verdachte het feit heeft gepleegd en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De rechtbank heeft ook gekeken naar de straffen die in vergelijkbare zaken worden opgelegd. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij de straf heeft bepaald. 8.3.
- De ernst van het feit en de omstandigheden waaronder het feit is begaan Verdachte heeft zich gedurende vier maanden samen met (een) ander(en) schuldig gemaakt aan de handel in harddrugs. Met haar handelen heeft verdachte een bijdrage geleverd aan de instandhouding van de harddrugshandel, waarmee veel gevaren voor de volksgezondheid, de openbare orde en de maatschappelijke veiligheid gepaard gaan. Zo is het algemeen bekend dat verdovende middelen een groot gevaar voor de gezondheid van gebruikers vormen, aangezien deze stoffen sterk verslavend zijn en in de regel schadelijk zijn voor het lichaam en de psyche. Daarnaast bekostigen gebruikers hun verslaving vaak met geld uit crimineel handelen en gaat de handel in harddrugs veelal gepaard met geweld. Het handelen van verdachte brengt dan ook directe en indirecte schade toe aan de maatschappij. Verdachte heeft hier kennelijk niet bij stilgestaan en voor zover zij daarbij wel heeft stilgestaan, zich daardoor niet laten weerhouden. 8.3.
- De persoonlijke omstandigheden van verdachte De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit het Justitieel Documentatieregister van 9 december 2024, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld. De reclassering heeft op 27 oktober 2024 een rapportage over verdachte opgesteld. De reclassering beschrijft dat bij verdachte sprake is van problematiek op diverse leefgebieden. Zo is sprake van een licht verstandelijke beperking en heeft zij problemen in het psychosociaal functioneren. Verdachte heeft een kwetsbare persoonlijkheid en begeeft zich in een crimineel milieu, dat haar negatief beïnvloedt. Ook is volgens de reclassering sprake van een beperkte leerbaarheid bij verdachte. Ondanks dat verdachte meewerkt aan het reclasseringstoezicht en haar behandeling bij [instelling] heeft afgerond, lukt het haar onvoldoende om de geleerde vaardigheden in de praktijk toe te passen. Hoewel het positief is dat verdachte een fulltime baan heeft, laat zij haar salaris op een rekening storten die bij haar bewindvoerder niet bekend is. Hierdoor onttrekt zij zich aan het opgelegde toezicht op haar financiën en lopen haar schulden op. De reclassering vindt het daarom nodig dat verdachte (alsnog) meewerkt aan de schuldhulpverlening en inzicht geeft in haar financiën. Het recidiverisico wordt op hoog ingeschat. De reclassering adviseert om aan verdachte een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met (in het kort) de volgende bijzondere voorwaarden:
(1)meldplicht,
(2)dagbesteding,
(3)meewerken aan schuldhulpverlening,
(4)geen andere huisvestiging zonder toestemming en
(5)meewerken aan middelencontrole. 8.3.
- De straf De aard en ernst van de feiten rechtvaardigen in beginsel oplegging van een langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf dan de tijd die verdachte in voorarrest heeft gezeten. De rechtbank ziet echter, net als de officier van justitie, in de persoonlijke omstandigheden van verdachte aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken. Zo lijkt verdachte verder een stabiel leven te leiden, waarbij zij de zorg draagt voor haar inwonende broertje en haar hulpbehoevende moeder. Ook heeft de rechtbank rekening gehouden met de (beperkte) rol van verdachte bij het bewezenverklaarde. Dit maakt dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf die langer duurt dan de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht op dit moment en onder deze omstandigheden door de rechtbank niet als passende strafmodaliteit wordt gezien. De rechtbank acht alles afwegende, overeenkomstig de eis van de officier van justitie, de volgende straf passend en geboden: een gevangenisstraf voor de duur van 150 dagen, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht (19 dagen), waarvan 131 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren, en de algemene en bijzondere voorwaarden zoals hieronder opgenomen in de beslissing van de rechtbank. 8.3.
- Voorlopige hechtenis De rechtbank zal het - reeds geschorste - bevel tot voorlopige hechtenis opheffen. 9BESLAG Onder verdachte zijn de volgende goederen in beslag genomen: 1 STK Telefoontoestel
(3286046); 1 STK Telefoontoestel
(3286038). 9.1 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft verzocht om de telefoon van verdachte
(3286038)terug te geven aan verdachte. Op de telefoon staan herinneringen van verdachte aan haar recent overleden vader, zoals de laatste chatgesprekken die verdachte met haar vader heeft gehad. 9.2 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd om de telefoons verbeurd te verklaren. Wel heeft de officier van justitie aangeboden dat de chatgesprekken met de recent overleden vader van verdachte van haar telefoon kunnen worden gehaald voordat deze verbeurd wordt verklaard. 9.3 Het oordeel van de rechtbank Telefoon van medeverdachte [medeverdachte]
(3286046)De rechtbank zal de telefoon verbeurd verklaren, omdat met behulp daarvan het bewezen verklaarde feit is begaan. Telefoon van verdachte
(3286038)De rechtbank zal de teruggave van de telefoon aan verdachte gelasten, omdat verdachte heeft aangegeven dat op de telefoon herinneringen staan aan haar recent overleden vader. Hierbij heeft de rechtbank ook meegewogen dat het gebruik van de telefoon van verdachte met betrekking tot het bewezenverklaarde feit beperkt is gebleven tot het contact met haar vriend (medeverdachte [medeverdachte] ) en dat op de telefoon alleen een lijst met opsommingen van afkortingen van drugs is aangetroffen. Dit betekent dat naar het oordeel van de rechtbank verbeurdverklaring van de telefoon niet proportioneel is. 10VORDERINGEN TOT TENUITVOERLEGGING Vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 16/314621-22 Bij vonnis van de politierechter van de rechtbank Midden-Nederland van 14 februari 2023 is aan verdachte onder andere een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van drie weken met een proeftijd van twee jaren opgelegd. Vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 16/282090-21 Bij vonnis van de politierechter van de rechtbank Midden-Nederland van 27 oktober 2021 is aan verdachte onder andere een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee weken met een proeftijd van twee jaren opgelegd. 10.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd om de vordering tot tenuitvoerlegging onder parketnummer 16/314621-22 volledig toe te wijzen en de gevangenisstraf om te zetten naar een taakstraf voor 90 uren. De officier van justitie heeft gevorderd om de vordering tot tenuitvoerlegging onder parketnummer 16/282090-21 gedeeltelijk toe te wijzen, te weten een gevangenisstraf voor de duur één week. Daarbij heeft de officier van justitie gevorderd dat deze gevangenisstraf wordt omgezet in een taakstraf voor 30 uren. 10.2 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft primair verzocht om de vorderingen tot tenuitvoerlegging af te wijzen, omdat het om veroordelingen voor andersoortige strafbare feiten gaat. Subsidiair heeft de raadsman aangegeven dat hij zich kan vinden in het voorstel van de officier van justitie om de gevangenisstraf om te zetten naar een taakstraf. Wel verzoekt de raadsman om het aantal uren taakstraf te verminderen, omdat verdachte een fulltime baan heeft en daarnaast de zorg draagt voor haar broertje en haar moeder. 10.3 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank stelt vast dat verdachte zich voor het einde van de proeftijden schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit en daarmee de algemene voorwaarde heeft overtreden. De vorderingen zijn derhalve toewijsbaar. De rechtbank zal de tenuitvoerlegging van de zaak met parketnummer 16/314621-22 gelasten en in plaats van een deze vrijheidsstraf een taakstraf voor de duur van 90 uren gelasten. De rechtbank zal de tenuitvoerlegging van de zaak met parketnummer 16/282090-21 slechts voor een gedeelte gelasten, te weten één week. De rechtbank zal in plaats van deze vrijheidsstraf een taakstraf voor de duur van 30 uren gelasten. Bij deze beslissing is rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. 11TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 47, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht en 2 en 10 van de Opiumwet; zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. 12BESLISSING De rechtbank: Bewezenverklaring - verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld; - verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; Strafbaarheid - verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; - verklaart verdachte strafbaar; Oplegging straf - veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 150 dagen; - bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; - bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van 131 dagen niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd; - stelt daarbij een proeftijd van twee
(2)jaren vast; - als algemene voorwaarden gelden dat verdachte: zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit; ten behoeve van het vaststellen van haar identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt; medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen; - als bijzondere voorwaarden gelden dat verdachte: zich binnen 3 werkdagen na het ingaan van de proeftijd zal melden bij de reclassering en zich zal blijven melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt; zich zal inspannen voor het vinden en behouden van betaald werk, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag; zal meewerken aan het aflossen van haar schulden en het treffen van afbetalingsregelingen, ook als dit inhoudt meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Verdachte geeft de reclassering inzicht in haar financiën en schulden; zich niet zonder toestemming van het Openbaar Ministerie op een ander adres zal vestigen; zal meewerken aan controle van het gebruik van drugs om het middelengebruik te beheersen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor de controle. De reclassering bepaalt hoe vaak verdachte wordt gecontroleerd; - waarbij aan de Reclassering Nederland opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden; Beslag - verklaart 1 STK Telefoontoestel
(3286046)verbeurd; - gelast de teruggave aan verdachte van 1 STK Telefoontoestel
(3286038); Vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 16/314621-22 - wijst de vordering toe; - gelast de tenuitvoerlegging van de door de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland bij vonnis van 14 februari 2023 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf, te weten drie weken; - gelast in plaats van deze vrijheidsstraf het verrichten van een taakstraf voor de duur van 90 uren; - beveelt dat voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door drie weken hechtenis; Vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 16/282090-21 - wijst de vordering gedeeltelijk toe; - gelast de tenuitvoerlegging van een gedeelte van de door de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland bij vonnis van 27 oktober 2021 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf, te weten één week; - gelast in plaats van deze vrijheidsstraf het verrichten van een taakstraf voor de duur van 30 uren; - beveelt dat voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door één week hechtenis; Voorlopige hechtenis - heft op het - reeds geschorste - bevel tot voorlopige hechtenis. Dit vonnis is gewezen door mr. J.B. Duinkerken, voorzitter, mr. N.P.J. Janssens en mr. I.G.C. Bij de Vaate, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.J. van Bergeijk, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 31 januari 2025. Bijlage: de tenlastelegging Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: zij, in of omstreeks de periode van 15 juli 2023 tot en met 10 november 2023 te Harmelen, gemeente Woerden, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk hoeveelheden cocaïne en/of hoeveelheden MDMA en/of hoeveelheden amfetamine en/of hoeveelheden 2CB en/of hoeveelheden GHB en/of hoeveelheden LSD, zijnde cocaïne en/of MDMA en/of amfetamine en/of 2CB en/of GHB en/of LSD, (een) middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet, heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad. Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreffen dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij de in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, opgemaakt door politie Midden-Nederland, genummerd PL0900-2023344818, van: - 15 november 2023, doorgenummerd 1 tot en met 92 (wanneer hiernaar wordt verwezen wordt een ( A ) toegevoegd); - 24 januari 2024, doorgenummerd 1 tot en met 90 (wanneer hiernaar wordt verwezen wordt een (B) toegevoegd); - 6 februari 2024, doorgenummerd 1 tot en met 373 (wanneer hiernaar wordt verwezen wordt een (C) toegevoegd). Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] d.d. 10 november 2023, pagina 9 (B). Het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] d.d. 10 november 2023, pagina 10 (B). Het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] d.d. 28 januari 2024, pagina 9 (C). Het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] d.d. 28 januari 2024, pagina 10 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 38 (B). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 39 (B). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 40 (B). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 51 (B). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 269 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 270 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 271 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 272 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 273 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 274 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 303 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 304 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 361 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 362 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 363 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] , pagina 364 (C). Een geschrift, te weten een chatgesprek tussen medeverdachte [medeverdachte] en [naam 5] , pagina 23 (B) en pagina 35 ( A ). Het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] d.d. 19 november 2023, pagina 18 (B).