← Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2025:7852

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Almere Zaaknummer: 11905027 \ MC EXPL 25-5253 Vonnis van 10 december 2025 in de zaak van STICHTING DUDOK WONEN, gevestigd te Hilversum, eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie, hierna te noemen: Dudok, gemachtigde: Hanemaayer De Boer & Partners, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie, hierna te noemen: [gedaagde] , procederend in persoon. 1De procedure 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding; - de conclusie van antwoord; - een e-mail van [gedaagde] van 4 november 2025 met producties; - een e-mail van [gedaagde] van 7 november 2025; - een e-mail van Achmea van 10 november 2025 met bijlage; - de akte uitlating van Dudok. 1.2 De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 11 november

  1. Voor Dudok zijn verschenen [A] en [B] , beiden verbonden aan Deurwaarder.com. [gedaagde] is niet verschenen. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat er op de zitting is besproken. 1.3 Op de mondelinge behandeling is bepaald dat op 10 december 2025 uitspraak wordt gedaan. 2De kern van de zaak 2.1 Dudok verhuurt aan [gedaagde] vanaf 16 januari 2018 de woning aan de [adres] in [plaats] (hierna: de woning) voor een huurprijs van laatst € 1.018,56 per maand. [gedaagde] heeft de huur niet volledig betaald. Daardoor is tot 1 oktober 2025 een huurachterstand ontstaan van € 5.284,
  2. Na dagvaarding heeft [gedaagde] verschillende betalingen aan Dudok gedaan. Daarom heeft Dudok op de zitting haar vordering gewijzigd in die zin dat zij niet langer de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning eist, maar alleen nog de betaling van de resterende huurachterstand, met rente en kosten. [gedaagde] meent dat hij juist nog geld van Dudok moet krijgen en stelt een tegenvordering in. Hij stelt dat hij op 31 maart 2025 € 980,12 heeft betaald, maar Dudok dat bedrag niet op de huurachterstand in mindering heeft gebracht. Hij vordert terugbetaling van dit bedrag en van de door hem betaalde waarborgsom van € 800,
  3. 3De beoordeling [gedaagde] moet (resterende) achterstallige huur betalen 3.1 Dudok heeft op de zitting een akte met een specificatie van de actuele huurachterstand overgelegd. Dudok heeft bij die akte toegelicht dat zij in september 2025 en oktober 2025 betalingen van [gedaagde] heeft ontvangen en dat zij deze betalingen op de huurachterstand in mindering heeft gebracht. De huurachterstand bedraagt daardoor op 1 november 2025 nog € 1.233,
  4. Dudok heeft haar vordering tot betaling van de huurachterstand verminderd tot dit bedrag. 3.2 [gedaagde] is niet op de mondelinge behandeling verschenen. Wat Dudok op de zitting naar voren heeft gebracht heeft [gedaagde] daardoor niet weersproken. Dat betekent dat [gedaagde] de huurachterstand van € 1.233,10 aan Dudok moet betalen. Uit de specificatie volgt dat Dudok de door [gedaagde] op 31 maart 2025 betaalde € 980,12 in haar berekening van de huurachterstand heeft meegenomen. De vordering van [gedaagde] tot terugbetaling van dat bedrag zal daarom worden afgewezen. De huurovereenkomst blijft bestaan 3.3 Dudok heeft ter zitting haar vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning ingetrokken, omdat de huidige huurachterstand minder dan drie maanden is. [gedaagde] mag dus in de woning blijven wonen. Hij zal op grond van de huurovereenkomst elke maand de huur aan Dudok moeten blijven betalen. De vorderingen van Dudok tot betaling van de huur totdat de huurovereenkomst is ontbonden en een schadevergoeding gelijk aan de huur totdat de woning is ontruimd, zijn daarom verder niet aan de orde. Eventuele terugbetaling van de waarborgsom is pas aan de orde als [gedaagde] de woning tegen het einde van de huurovereenkomst correct oplevert. Omdat de huurovereenkomst wordt voortgezet kan [gedaagde] geen aanspraak maken op terugbetaling van de waarborgsom. Deze vordering van [gedaagde] zal daarom worden afgewezen. [gedaagde] moet de proceskosten betalen 3.4 [gedaagde] heeft de huurachterstand betaald, nadat hij van Dudok een dagvaarding had ontvangen. Dudok is dus terecht tot dagvaarden overgegaan. Dat betekent dat [gedaagde] de proceskosten moet betalen. De proceskosten van Dudok worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 145,45 - griffierecht € 543,00 - salaris gemachtigde € 678,00 (2 punten × € 339,00) - nakosten € 135,00 (plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 1.501,45 Voor de vorderingen van [gedaagde] tegen Dudok zal geen salaris gemachtigde worden gerekend, omdat Dudok niet schriftelijk op die vorderingen heeft gereageerd en die vorderingen op de zitting niet afzonderlijk zijn besproken. Vonnis is uitvoerbaar bij voorraad 3.5 Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Dudok dat vordert en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt. Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van partijen in hoger beroep gaat. 4De beslissing De kantonrechter: in conventie 4.1 veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Dudok van € 1.233,10 aan achterstallige huur; 4.2 veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.501,45, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend; 4.3 verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad; 4.4 wijst het meer of anders gevorderde af. in reconventie 4.5 wijst de vorderingen af. Dit vonnis is gewezen door mr. drs. B.G.W.P. Heijne en in het openbaar uitgesproken op 10 december
  5. 41264

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.