RECHTBANK NOORD-HOLLAND Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf Locatie Haarlem Meervoudige strafkamer Parketnummers: 15/740033-10 en 15/973743-13 (ttz gev) (P) Uitspraakdatum: 5 maart 2015 Tegenspraak Vonnis Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 18, 19, 24, november 2014, 4, 9, 11 december 2014 en 7, 21, 29 januari 2015 en 19 februari 2015 in de zaak tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], thans gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Zwaag te Zwaag. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officieren van justitie mr. J. Plooij en mr. W. Bos en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. N.C.J. Meijering, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht. 1Tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd wat in de dagvaardingen met de parketnummers 15/740033-10 en 15/973743-13 is omschreven. De rechtbank heeft de voeging bevolen van de bij afzonderlijke dagvaardingen aangebrachte zaken. De in deze dagvaardingen opgenomen feiten heeft de rechtbank van doorlopende nummers voorzien. Zij zal die nummering in dit vonnis aanhouden, zodat aan verdachte, na honorering van de vordering tot aanpassing omschrijving tenlastelegging als bedoeld in artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering, is ten laste gelegd dat: feit 1 hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 15 oktober 2009 tot en met 27 mei 2013 te Hilversum en/of Amsterdam en/of Huizen en/of Beverwijk en/of (elders)in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit hem, verdachte, en/of [medeverdachte 1] en/of één of meer andere personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten: - ( een gewoonte maken van het plegen van) witwassen, en/of - valsheid in geschrift, en/of - een feit als bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet voorbereiden of bevorderen door te trachten een ander te bewegen om dat feit te plegen, mede te plegen of uit te lokken, en/of om daarbij behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen te verschaffen, en/of door te trachten zich of een ander gelegenheid, middelen of inlichtingen tot het plegen van dat feit te verschaffen, en/of door voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden of andere betaalmiddelen voorhanden te hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit, en/of - opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder A en/of onder B en/of onder C van de Opiumwet gegeven verbod, en/of - afpersing en/of - bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, en/of - ( zware) mishandeling en/of - een ander door geweld of enige andere feitelijkheid of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid, gericht hetzij tegen die ander hetzij tegen derden, wederrechtelijk dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden, en/of - handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie, terwijl hij, verdachte, (mede) oprichter en/of leider en/of bestuurder van die organisatie was; feit 2 primair hij op of omstreeks 9 februari 2002 te Beverwijk, tezamen en in vereniging met (een) ander of ander(en), althans alleen, ter uitvoering van het door hem en/of zijn mededader(
- s)voorgenomen misdrijf om opzettelijk [slachtoffer 1] van het leven te beroven, met dat opzet één of meermalen (met kracht) met gebalde vuist(
- en)en/of met de hand(
- en)en/of met de/een knie(ën) en/of met de voet(
- en)in/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] heeft gestompt en/of geslagen en/of getrapt en/of geschopt, en/of één of meer glas/glazen op/tegen het gezicht en/of het hoofd van die [slachtoffer 1] (kapot) heeft geslagen, en/of terwijl die [slachtoffer 1] op de grond lag het eerdergenoemd (herhaaldelijk) stompen en/of slaan en/of trappen en/of schoppen in/tegen het gezicht en/of hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] heeft voortgezet, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; feit 2 subsidiair hij op of omstreeks 9 februari 2002 te Beverwijk, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een gebroken kaak en/of een gebroken neus en/of een verbrijzelde oogkas en/of een hersenvliesontsteking heeft toegebracht, door met dat opzet één of meermalen (met kracht) met gebalde vuist(
- en)en/of met de hand(
- en)en/of met de/een knie(ën) en/of met de voet(
- en)in/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] te stompen en/of te slaan en/of te trappen en/of te schoppen, en/of één of meer glas/glazen op/tegen het gezicht en/of het hoofd van die [slachtoffer 1] (kapot) te slaan en/of terwijl die [slachtoffer 1] op de grond lag het eerdergenoemd (herhaaldelijk) stompen en/of slaan en/of trappen en/of schoppen in/tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] voort te zetten; feit 3 hij op of omstreeks 9 februari 2002 te Beverwijk, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om opzettelijk [slachtoffer 2] van het leven te beroven, althans zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, opzettelijk (vanaf een korte afstand) met een vuurwapen een kogel heeft afgevuurd op en/of in het (onder)lichaam van die [slachtoffer 2], terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; feit 4 primair hij op of omstreeks 27 oktober 2012 te Amsterdam aan [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een gebroken kaak, heeft toegebracht door die [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] één of meermalen met kracht en/of met gebalde vuist(
- en)en/of met een/de voet(
- en)in/tegen het gezicht/hoofd te slaan en/of te stompen en/of te trappen; feit 4 subsidiair hij op of omstreeks 27 oktober 2012 te Amsterdam ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om opzettelijk aan [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet die [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] één of meermalen met kracht en/of met gebalde vuist(
- en)en/of met een/de voet(
- en)in/tegen het gezicht/hoofd heeft geslagen en/of gestompt en/of getrapt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; feit 4 meer subsidiair hij op of omstreeks 27 oktober 2012 te Amsterdam opzettelijk mishandelend [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] één of meermalen met kracht en/of met gebalde vuist(
- en)en/of met een/de voet(
- en)in/tegen het gezicht/hoofd heeft geslagen en/of gestompt en/of getrapt ten gevolge waarvan die [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] (zwaar) lichamelijk letsel, te weten een gebroken kaak, althans enig lichamelijk letsel, heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden; feit 5 primair hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 februari 2013 tot en met 27 mei 2013 te Amsterdam en/of Hilversum en/of Huizen en/of Beverwijk en/of Zan[verdachte]oort en/of (elders) in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk om zich en/of één of meer anderen wederrechtelijk te bevoordelen, door geweld en/of bedreiging met geweld een ander, namelijk [slachtoffer 4], heeft gedwongen tot afgifte van één of meer geldbedragen (van 100.000 euro en/of 2.000 euro en/of 1.000 euro, in elk geval enig geldbedrag), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of bedreiging met geweld hierin bestond(
- en)dat hij, verdachte, en/of één of meer van zijn mededader(s): - met die [slachtoffer 4] heeft/hebben afgesproken om elkaar te ontmoeten (in en/of bij het pand aan de [adres 1] te Amsterdam); en/of - ( vervolgens) die [slachtoffer 4] (nabij het pand aan de [adres 1] te Amsterdam) heeft/hebben geconfronteerd met het feit dat hij een geldbedrag niet juist had of zou hebben verdeeld en/of had of zou hebben gelogen over (de verdeling van) een geldbedrag en/of die [slachtoffer 4] (op dreigende toon) heeft/hebben medegedeeld: "al had je 800 ruggen, liever had je 800 ruggen, dan had je er beter voor gestaan, daar ging het niet om, alleen zet me niet voor schut", althans woorden van soortgelijke (dreigende) aard en/of strekking en/of die [slachtoffer 4] (op dreigende toon) heeft/hebben toegevoegd dat hij eerlijk moest zijn; en/of - ( daarbij) die [slachtoffer 4] (nabij het pand aan de [adres 1] te Amsterdam) op enig moment (met kracht) tegen diens hoofd en/of lichaam heeft/hebben gestompt en/of geslagen; en/of - ( daarbij en/of bij één of meer andere gelegenheden) die [slachtoffer 4] (op dreigende toon) (al dan niet via anderen) heeft/hebben medegedeeld dat die [slachtoffer 4] één of meer geldbedragen (van 100.000 euro en/of 2.000 euro en/of 1.000 euro, in elk geval enig geldbedrag) aan hem, verdachte, en/of één of meer andere personen diende af te geven en/of moest betalen; en/of - door voornoemde handeling(
- en)een dermate dreigende situatie voor die [slachtoffer 4] heeft/hebben gecreëerd en in stand gehouden, dat de vrees van die [slachtoffer 4] voor (verder) geweld van de zijde van verdachte en/of één of meer van zijn mededaders gerechtvaardigd was; feit 5 subsidiair hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 februari 2013 tot en met 27 mei 2013 te Amsterdam en/of Hilversum en/of Huizen en/of Beverwijk en/of Zan[verdachte]oort en/of (elders) in Nederland, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk om zich en/of één of meer anderen wederrechtelijk te bevoordelen door met geweld en/of bedreiging met geweld een ander, namelijk [slachtoffer 4], te dwingen tot de afgifte van één of meer geldbedragen (van 100.000 euro en/of 2.000 euro en/of 1.000 euro, in elk geval van enig geldbedrag), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), (telkens) tezamen en in vereniging met één of meer van zijn mededaders, althans alleen -met die [slachtoffer 4] heeft afgesproken om elkaar te ontmoeten (in en/of bij het pand aan de [adres 1] te Amsterdam); en/of - ( vervolgens) die [slachtoffer 4] (nabij het pand aan de [adres 1] te Amsterdam) heeft geconfronteerd met het feit dat hij een geldbedrag niet juist had of zou hebben verdeeld en/of had of zou hebben gelogen over (de verdeling van) een geldbedrag en/of die [slachtoffer 4] (op dreigende toon) heeft medegedeeld: "al had je 800 ruggen, liever had je 800 ruggen, dan had je er beter voor gestaan, daar ging het niet om, alleen zet me niet voor schut", althans woorden van soortgelijke (dreigende) aard en/of strekking en/of die [slachtoffer 4] (op dreigende toon) heeft toegevoegd dat hij eerlijk moest zijn; en/of - ( daarbij) die [slachtoffer 4] (nabij het pand aan de [adres 1] te Amsterdam) op enig moment (met kracht) tegen diens hoofd en/of lichaam heeft gestompt en/of geslagen; en/of - ( daarbij en/of hij één of meer andere gelegenheden) die [slachtoffer 4] (op dreigende toon) heeft medegedeeld dat die [slachtoffer 4] één of meer geldbedragen (van 100.000 euro en/of 2.000 euro en/of 1.000 euro in elk geval van enig geldbedrag) diende af te geven en/of moest betalen (aan hem, verdachte, en/of één of meer anderen) en/of - door voornoemde handelingen een dermate dreigende situatie voor die [slachtoffer 4] heeft gecreëerd en in stand gehouden, dat de vrees van die [slachtoffer 4] voor (verder) geweld van de zijde van verdachte en/of één of meer van zijn mededaders gerechtvaardigd was; terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; feit 5 meer subsidiair hij op of omstreeks 22 maart 2013 te Amsterdam en/of (elders) in Nederland, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, aan een ander, te weten [slachtoffer 4], opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade zwaar lichamelijk toe te brengen met dat opzet en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg tezamen en in vereniging met één of meer van zijn mededader(s), althans alleen, één of meermalen (met kracht) tegen het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer 4] heeft gestompt en/of geslagen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; feit 6 hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 december 2010 tot en met 9 januari 2012 te Amsterdam en/of Hilversum en/of te Huizen en/of te Axel en/of te Den Ilp en/of te Beverwijk en/of (elders) in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk om zich en/of één of meer anderen wederrechtelijk te bevoordelen, door geweld en/of bedreiging met geweld een ander, [slachtoffer 5], heeft gedwongen tot de afgifte van één of meer (contante) geldbedrag(
- en)ad (in totaal) (ongeveer) 850.000 euro, in elk geval van één of meer (contante) geldbedragen en/of één of meer horloges, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5], in elk geval aan een ander dan aan hem, verdachte, en/of één of meer van zijn mededaders, en/of een ander, [slachtoffer 6], heeft gedwongen tot de afgifte van één of meer (contante) geldbedrag(en), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander dan aan hem, verdachte, en/of één of meer van zijn mededaders, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld (telkens) hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)dreigend: - die [slachtoffer 5] (op 7 januari 2011) een sms bericht heeft/hebben gestuurd met de tekst: "hoop niet dat het waar was wat ik heb gehoord" en/of - ( daarna) een sms bericht heeft/hebben gestuurd met de tekst: "Bel me. d" en/of - ( op 10 januari 2011) meermalen naar de telefoon van die [slachtoffer 5] heeft/hebben gebeld (waarbij telkens geen gesprek tot stand is gekomen) en/of - ( vervolgens) naar de woonplaats van die [slachtoffer 5] is/zijn gereden en/of - ( op enig moment in de maand december 2011) die [slachtoffer 5] heeft/hebben laten ophalen en brengen naar een locatie waar hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)die [slachtoffer 5] (dreigend) kon(den) toespreken en/of heeft/hebben toegesproken en/of - ( aldus) (telkens) al dan niet met gebruikmaking van zijn/hun fysieke overwicht op die [slachtoffer 5] een zodanig bedreigende sfeer voor die [slachtoffer 5] heeft/hebben doen ontstaan, dat die [slachtoffer 5] niet in staat was zich daaraan te onttrekken en/of dat die [slachtoffer 5] zich gedwongen zag tot de afgifte van vorenbedoeld geldbedrag(en); feit 7 hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2011 tot en met 29 november 2011 te Amsterdam en/of te Breukelen en/of Vianen en/of Abcoude en/of Leiderdorp en/of te Huizen en/of (elders) in Nederland en/of in Turkije, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen van een onbekende hoeveelheid verdovende middelen (cocaïne en/of methamfetamine), in elk geval een (handels)hoeveelheid van een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet voor te bereiden en/of te bevorderen, - een of meer ander(
- en)heeft getracht te bewegen om dat/die feit(
- en)te plegen, te doen plegen, mede te plegen, uit te lokken en/of om daarbij behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te verschaffen, en/of - zich en/of een ander of anderen gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(
- en)heeft trachten te verschaffen, en/of - voorwerpen en/of vervoermiddelen en/of stoffen en/of gelden en/of andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte en/of zijn mededader(
- s)wist(
- en)of ernstige reden had(den) te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van het hierboven bedoelde feit, immers heeft/hebben en/of is/zijn hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)tezamen en in vereniging met elkaar, althans ieder voor zich, toen en daar opzettelijk (onder meer): (telkens) met betrekking tot het bereiden en/of bewerken en/of verwerken en/of verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of vervoeren en/of invoeren en/of uitvoeren van voornoemde (handels)hoeveelhede(i)d(
- en)verdovende middelen, - een- of meer (telefoon)gesprekken gevoerd (in versluierd taalgebruik) en/of - een of meer sms-berichten verzonden en/of ontvangen en/of - met een of meer perso(o)n(
- en)contact opgenomen en/of onderhouden en/of een of meer ontmoeting(
- en)gehad en/of gesprekken gevoerd (onder meer in een woning aan de [adres 2] te Amsterdam) en/of - een- of meermalen gereisd naar Turkije en/of - in Turkije een of meermalen een ontmoeting gehad en/of (een) gesprek(ken) gevoerd (onder meer) over (de aanschaf van) (een) (asfaltshredder)machine(
- s)en/of aldaar een bedrijf bezocht en/of een of meer (asfaltshredder)machine(
- s)bekeken en/of aangeschaft, welke machine(
- s)geschikt was/waren en/of moest(en)/kon(den) worden gemaakt voor het verbergen van verdovende middelen, en/of - een (asfaltshredder)machine (zoals zojuist bedoeld) getransporteerd vanuit Istanbul te Turkije naar Duitsland en/of voor voornoemd transport een geldbedrag betaald; feit 8 hij op of omstreeks 13 december 2012, althans op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 28 november 2012 tot en met 22 maart 2013, te Beverwijk en/of te Huizen en/of/althans (elders) in Nederland, 1e. een pistool, althans een wapen van categorie II en/of categorie III, en/of 2e. twee, althans een patroonhouder(
- s)(merk Glock), zijnde (een) onderde(e)l(
- en)en/of hulpstuk(ken) dat/die specifiek bestemd is/zijn voor (een) wapen(
- s)van categorie II en/of categorie III, en van wezenlijke aard is/zijn, en/of 3e. munitie van categorie III, te weten 44, althans een aantal patronen (kaliber 9 mm), voorhanden heeft gehad; feit 9 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2011 tot en met 31 december 2011 te Bloemendaal, opzettelijk mishandelend, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met kracht op/tegen het hoofd en/of het lichaam van [slachtoffer 7] heeft gestompt en/of geslagen en/of geduwd, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 7] is gevallen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 7] enig lichamelijk letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden; feit 10 primair hij op of omstreeks 30 april 2011 te Beverwijk, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om opzettelijk aan [slachtoffer 8] zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet meermalen, althans eenmaal, (telkens) met kracht uitwendig inwerkend botsend geweld (in de vorm van slaan en/of stompen en/of schoppen en/of trappen) op/tegen het lichaam van die [slachtoffer 8] heeft uitgeoefend, zulks onder meer terwijl die [slachtoffer 8] op de grond lag en/of ten gevolge waarvan die [slachtoffer 8] op de grond is komen te liggen, terwijl de uitvoering van de misdrijf niet is voltooid; feit 10 subsidiair hij op of omstreeks 30 april 2011 te Beverwijk, opzettelijk mishandelend, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met kracht uitwendig inwerkend botsend geweld (in de vorm van slaan en/of stompen en/of schoppen en/of trappen) op/tegen het lichaam van [slachtoffer 8] heeft uitgeoefend, zulks onder meer terwijl die [slachtoffer 8] op de grond lag en/of ten gevolge waarvan die [slachtoffer 8] op de grond is komen te liggen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 8] enig lichamelijk letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden; feit 11 hij op of omstreeks 30 juni 2012 te Brussel, opzettelijk mishandelend, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met kracht op/tegen het hoofd en/of het lichaam van [slachtoffer 9] heeft gestompt en/of geslagen en/of geduwd ten gevolge waarvan die [slachtoffer 9] enig lichamelijk letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden. 2Voorvragen De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is en dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak. De raadsman van verdachte heeft aangevoerd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard nu geen rechtsmacht bestaat met betrekking tot het onder feit 11 ten laste gelegde feit (mishandeling van [slachtoffer 9]), nu dit feit zich zou hebben voorgedaan in Brussel (België). Het openbaar ministerie kan niet volstaan met de enkele verwijzing naar een artikel in het Belgische Strafwetboek, maar zal het artikel ook moeten produceren om te kunnen beoordelen of er sprake is van dubbele strafbaarheid, aldus de raadsman. De rechtbank overweegt als volgt. Gelet op artikel 7, eerste lid, Wetboek van Strafrecht (Sr) dient de rechtbank te onderzoeken of ten tijde van het ten laste gelegde feit op het in artikel 300 Sr omschreven misdrijf straf is gesteld in België. Uit de door het openbaar ministerie bij diens repliek overgelegde tekst van artikel 398 van het Belgische Strafwetboek blijkt dat mishandeling in België strafbaar is gesteld. De rechtbank stelt dan ook vast dat er sprake is van dubbele strafbaarheid. De rechtbank stelt derhalve vast dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. 3Bewijs 3.1. Vrijspraken 3.1.1. . Vrijspraak ten aanzien van feit 2 primair 3.1.1.1. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde medeplegen van poging tot doodslag van [slachtoffer 1] ([slachtoffer 1]). 3.1.1.2. Oordeel van de rechtbank Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen is hetgeen verdachte onder feit 2 primair is ten laste gelegd. De rechtbank overweegt hiertoe dat zij niet bewezen acht dat verdachte (voorwaardelijk) opzet had op de dood van [slachtoffer 1], zodat verdachte van het primair ten laste gelegde feit moet worden vrijgesproken. 3.1.2. Vrijspraak ten aanzien van feit 5 primair en subsidiair 3.1.2.1. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de subsidiair ten laste gelegde poging tot afpersing van [slachtoffer 4] ([slachtoffer 4]). 3.1.2.2. Standpunt van de verdediging De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat het onder feit 5 primair en subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen kan worden. 3.1.2.3. Oordeel van de rechtbank Met de officier van justitie en de raadsman is de rechtbank van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen is hetgeen verdachte onder feit 5 primair ten laste is gelegd en dat verdachte daarvan moet worden vrijgesproken. Immers, het dossier bevat geen bewijsmiddel waaruit volgt dat het vermeende slachtoffer [slachtoffer 4] in het kader van het ten laste gelegde feit een geldbedrag dan wel een ander goed heeft afgegeven (aan verdachte en/of zijn medeverdachten). De rechtbank is, met de raadsman, van oordeel dat voorts niet wettig en overtuigend bewezen is hetgeen verdachte onder 5 subsidiair ten laste is gelegd. Verdachte dient ook hiervan te worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt daartoe het volgende. Teneinde tot een bewezenverklaring te komen van de ten laste gelegde poging tot afpersing in vereniging van [slachtoffer 4], dient vastgesteld te worden dat door verdachte en/of zijn medeverdachten is geprobeerd [slachtoffer 4] door geweld en/of bedreiging met geweld te dwingen tot afgifte van een geldbedrag of een ander goed. Daartoe dient te worden vastgesteld dat aan [slachtoffer 4] te kennen is gegeven dat hij een geldbedrag (of ander goed) diende af te geven. In de tenlastelegging is dit onder het laatste gedachtestreepje omschreven, zakelijk weergegeven, als dat [slachtoffer 4] (op dreigende toon) is medegedeeld dat hij één of meer geldbedragen (van 100.000 euro en/of 2.000 euro en/of 1.000 euro) diende af te geven en/of moest betalen. Ook indien de rechtbank de bewijsmiddelen in onderling verband en samenhang beziet, acht zij het bewijs daarvan niet aanwezig. Immers, het dossier bevat een aanzienlijk aantal opgenomen gesprekken, gevoerd tussen verdachte en/of medeverdachten [medeverdachte 1] en [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2], waaruit afgeleid zou kunnen worden dat sprake was van een probleem tussen enerzijds verdachte en/of zijn medeverdachten en anderzijds [slachtoffer 4] en dat dat probleem kennelijk (mede) een financiële kwestie betrof. Uit het op 22 maart 2013 in het bedrijfspand aan de [adres 1] te Amsterdam opgenomen gesprek kan eveneens afgeleid worden dat verdachte en/of medeverdachte [medeverdachte 1] [slachtoffer 4] daar op aan hebben gesproken en dat verdachte hem bij die gelegenheid een klap heeft gegeven. De rechtbank is echter van oordeel dat het dossier onvoldoende bewijsmiddelen bevat teneinde bewezen te kunnen verklaren dat [slachtoffer 4] (op enig moment) eveneens is medegedeeld dat hij een geldbedrag (of ander goed) zou moeten afgeven, terwijl dit onderdeel cruciaal is om te komen tot een begin van uitvoering van afpersing. Tijdens het op 27 maart 2013 om ongeveer 15:00 uur opgenomen gesprek tussen verdachte en medeverdachten [medeverdachte 1] en [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zou, volgens de schriftelijke weergave daarvan in het dossier, weliswaar door medeverdachte [medeverdachte 1] gezegd zijn: ‘laten we eerst maar die 100 ruggen in handen krijgen’ en vervolgens door medeverdachte [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] ‘maar die krijgen we al’ en zou daarop de naam ‘[slachtoffer 4]’ zijn gevallen, echter deze weergegeven gespreksfragmenten zijn onvoldoende om ondubbelzinnig uit af te leiden dat aan [slachtoffer 4] is medegedeeld dat hij moest betalen. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat delen van het gesprek blijkens de schriftelijke uitwerking niet zijn te verstaan en dat zich in het dossier geen andere bewijsmiddelen bevinden waaruit kan worden afgeleid dat aan [slachtoffer 4] is medegedeeld dat hij een geldbedrag moest afstaan. Uit de door [slachtoffer 4] en andere getuigen en verdachten afgelegde verklaringen is een dergelijke aan [slachtoffer 4] gedane mededeling niet af te leiden. Dat medeverdachte [medeverdachte 1] blijkens een op 28 maart 2013 om ongeveer 18:17 uur opgenomen gesprek tegen [medeverdachte 3] en [getuige 1] over [slachtoffer 4] zou hebben gezegd ‘je bent helemaal vernederd tot op het bot, teruggeven van dat miljoen dat vindt ie nog het ergste, geloof me nou, dat is een vermogen van hem (…) terug naar die jongen’ acht de rechtbank onvoldoende nu deze uitlating ook veronderstellender wijs kan zijn gedaan. De rechtbank is dan ook van oordeel dat, nu onvoldoende is komen vast te staan dat aan [slachtoffer 4] is medegedeeld dat hij een geldbedrag af diende te geven, de ten laste gelegde poging tot afpersing niet wettig en overtuigend kan worden bewezen. 3.1.3. Vrijspraak ten aanzien van feit 6 Met de officier van justitie en de raadsman is de rechtbank van oordeel dat verdachte moet worden vrijgesproken van de onder feit 6 ten laste gelegde afpersing in vereniging van [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer 6]. Het dossier bevat onvoldoende bewijsmiddelen om te komen tot een bewezenverklaring van de ten laste gelegde dwang door middel van geweld dan wel bedreiging met geweld. 3.1.4. Vrijspraak ten aanzien van feit 7 Met de officier van justitie en de raadsman is de rechtbank tevens van oordeel dat verdachte moet worden vrijgesproken van de onder feit 7 ten laste gelegde voorbereidingshandelingen ten aanzien van (onder andere) de invoer van verdovende middelen, nu het dossier onvoldoende bewijsmiddelen bevat om tot een bewezenverklaring te komen. 3.1.5. Vrijspraak ten aanzien van feit 9 3.1.5.1. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het onder feit 9 ten laste gelegde feit. 3.1.5.2. Standpunt van de verdediging De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte van het onder feit 9 ten laste gelegde dient te worden vrijgesproken, nu dit feit niet wettig en overtuigend bewezen kan worden. 3.1.5.3. Oordeel van de rechtbank Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen is hetgeen verdachte onder feit 9 is ten laste gelegd. Verdachte dient hiervan te worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt hiertoe als volgt. Door verdachte is ter terechtzitting naar voren gebracht dat hij in restaurant Orbit in Bloemendaal [slachtoffer 7] (hierna: [slachtoffer 7]) tegenkwam. Verdachte heeft een woordenwisseling met [slachtoffer 7] gehad. Verdachte heeft [slachtoffer 7] naar eigen zeggen hierna vast gepakt bij de kraag van zijn jas en hem met een beenveeg naar de grond gebracht. [slachtoffer 7] heeft verklaard dat hij dacht dat verdachte hem een paar klappen wou verkopen, hij zich heeft geweerd maar vervolgens tegen een plantenbak of de bar is gevallen. Gelet op die verklaringen en gelet op het ontbreken van overige bewijsmiddelen, kan de rechtbank niet bewezen verklaren dat verdachte [slachtoffer 7] heeft gestompt, geslagen en/of geduwd. Het geven van een beenveeg betreft (of impliceert) immers niet het geven van een stomp, klap of duw. De rechtbank komt dan ook tot het oordeel dat onvoldoende bewijs voorhanden is om tot een bewezenverklaring te komen. 3.1.6. Vrijspraak ten aanzien van feit 10 3.1.6.1. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot vrijspraak van de primair ten laste gelegde poging tot zware mishandeling en tot bewezenverklaring van de subsidiair ten laste gelegde mishandeling van [slachtoffer 8] ([slachtoffer 8]). 3.1.6.2. Standpunt van de verdediging De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte zowel van het onder feit 10 primair als het subsidiair ten laste gelegde dient te worden vrijgesproken. 3.1.6.3. Oordeel van de rechtbank Met de officier van justitie en de raadsman is de rechtbank van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard hetgeen verdachte onder feit 10 primair ten laste is gelegd nu het dossier onvoldoende bewijsmiddelen bevat om tot een bewezen verklaring ter zake te komen. Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat ook niet wettig en overtuigend bewezen is hetgeen verdachte onder feit 10 subsidiair ten laste is gelegd. Verdachte dient hiervan te worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt hiertoe als volgt. Uit de stukken van het dossier blijkt dat verdachte op 30 april 2011 ’s avonds in een telefoongesprek met [getuige 2] heeft gezegd dat hij ‘hem een pak rammel heeft gegeven’, dat ‘hij helemaal in elkaar daaro ligt’ en dat hij niet meer kon doen dan ‘hem een paar kletsen geven daar’. Hoewel de naam van het vermeende slachtoffer [slachtoffer 8] tijdens het gesprek niet door verdachte wordt genoemd, zou, gelet op de overige inhoud van de stukken van deze zaak, wel aangenomen kunnen worden dat het gesprek hier [slachtoffer 8] betreft. [slachtoffer 8] zelf heeft, tijdens de verhoren door de politie en de rechter-commissaris echter niet verklaard door verdachte te zijn geslagen. Ook uit de verklaringen van de door de politie en de rechter-commissaris gehoorde getuigen blijkt dit niet. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de door verdachte in het telefoongesprek gedane uitlatingen onvoldoende steun vinden in andere bewijsmiddelen om tot een bewezenverklaring te komen. 3.2. Beoordeling van het bewijs 3.2.1. Feit 1 De rechtbank zal feit 1 als laatste bespreken. 3.2.2. Feit 2 ([slachtoffer 1]) 3.2.2.1. Standpunt van de officier van justitie ten aanzien van feit 2 Zoals hiervoor onder 3.1.1.1. weergegeven, heeft de officier van justitie gerekwireerd tot bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde feit. 3.2.2.2. Standpunt van de verdediging ten aanzien van feit 2 De raadsman heeft tot vrijspraak van dit feit geconcludeerd. Hij heeft daartoe onder andere aangevoerd dat de verklaring van [getuige 3] tegenstrijdig en ongeloofwaardig is en daarom niet voor het bewijs kan worden gebruikt. Voldoende andere bewijsmiddelen ontbreken. 3.2.2.3. Bespreking van het bewijsmiddelverweer Alhoewel [getuige 3] op onderdelen wisselend heeft verklaard ziet de rechtbank geen aanleiding om aan de essentie van de verklaring van [getuige 3] te twijfelen, nu de essentie van deze verklaring steun vindt in andere bewijsmiddelen, waaronder de verklaring van het slachtoffer [slachtoffer 1] ([slachtoffer 1]). 3.2.2.4. Redengevende feiten en omstandigheden ten aanzien van het onder feit 2 subsidiair ten laste gelegde. De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de onder feit 2 subsidiair ten laste gelegde zware mishandeling in vereniging gepleegd op grond van het volgende. Op 9 februari 2002 is [slachtoffer 1] samen met zijn broer [getuige 3] en zijn partner [getuige 4] aanwezig in café ’t Tempeltje in Beverwijk. Verdachte is daar eveneens aanwezig. [getuige 3] verklaart op 16 april 2014 ten overstaan van de rechter-commissaris als volgt: Vervolgens draaide ik mijn hoofd weer richting [verdachte] en op dat moment kreeg ik een klap in mijn gezicht van hem. Naar mijn idee moet dit met een vuist zijn geweest. Ik heb hier een blauw oog en een gebroken neus aan overgehouden. Door de klap viel ik richting het raam en ben ik even buiten bewustzijn geweest. Ik weet niet hoe lang. Het zou één of twee minuten kunnen zijn geweest, maar ik weet het niet. (..) Toen ik bijkwam zag ik op de plek waar ik een rechthoek en een kruis heb getekend dat mijn broer op zijn knieën op de grond zat met zijn armen voor zijn hoofd. Verder zag ik dat [verdachte] en [medeverdachte 4] op hem in aan het slaan en schoppen waren. (..) Toen ik weer een beetje bij bewustzijn was heb ik de mannen van mijn broer afgeduwd, voor zover dat ging. Hierdoor kon mijn broer wegkomen en zijn we naar buiten gegaan. Mijn broer is meteen met [getuige 4] in de auto gestapt en weggereden. [slachtoffer 1] vertelt in een gesprek met de politie in het ziekenhuis op 17 februari 2002 het volgende: Toen mijn broer [getuige 3] en ik in het café het Tempeltje kwamen, zag ik dat [getuige 3] een klap van [verdachte] kreeg, waarop ik [verdachte] aanviel. We kwamen beiden op de grond terecht. Daarop verschenen ook [medeverdachte 4] en een derde die ik niet ken. Gedrieën sloegen ze me helemaal verrot. Verdachte heeft tegenover de politie de volgende verklaring afgelegd: Drie weken later, de dag van dat ( verdachte bedoelt 8 februari 2002, rechtbank) kwam ik het Tempeltje binnen en daar stond [getuige 3], de broer van [slachtoffer 1], aan de bar. Ik kijk achter [getuige 3] en daar staat z’n broer, ik zeg [getuige 3] is dat niet je broer want ik wil met hem praten. [getuige 3] zei laat maar, ik zei hè ik wil ff met je broer praten. Toen heb ik [getuige 3] opzij geduwd, dat was een flinke duw, ik zei van laat me er ff bij, toen liep ik naar [slachtoffer 1] toe en op dat moment sprong [slachtoffer 1] op mij. Uit informatie van het Zaans Medisch Centrum blijkt dat [slachtoffer 1] op 8 februari 2002 (de rechtbank begrijpt: in de nacht van 8 op 9 februari 2002) na betrokkenheid bij een gevecht bij de Eerste Hulp is gekomen. Er is een neusfractuur vastgesteld, waarna [slachtoffer 1] naar huis is gegaan. De dag daarop volgend is [slachtoffer 1] teruggekomen in het ziekenhuis na diverse klachten, waaronder ernstige hoofdpijn en nekpijn. [slachtoffer 1] heeft van 10 tot 24 februari 2002 op de afdeling neurologie verbleven. Uit nader onderzoek door de artsen blijkt dat [slachtoffer 1] een gebroken kaak, een gebroken neus, een verbrijzelde oogkas en een hersenvliesontsteking heeft. Het volgende gesprek wordt op dinsdag 1 november 2011 in het pand aan de [adres 1] te Amsterdam tussen verdachte, [medeverdachte 5], [medeverdachte 3], [getuige 5] en een onbekend gebleven persoon gevoerd, waarbij het volgende wordt besproken: (...) [verdachte]: Dus toen stond ik zo te zuipen, .maar dat..ik had een vriend van hem het..het zie., had ik eigenlijk, die had ik zo in elkaar geslagen, maar die kreeg hoe heet het erbij eh .. NN: (ntv) vlies..(fon.)? [verdachte]:.. nee uh jawel z’n hersenen, hoe noemen ze dat uh uh uh maar ze hebben uh vuil in z’n dinges kwam er bij. Die hebben ze., hebben ze in coma gehouden weet je wel. (...) [verdachte]: Maar dat is al lang geleden hoor, net nadat mijn vader dood was. Een week m’n vader was net begraven. M’n vader was maandag begraven en vrijdag gebeurde het. [getuige 5]: (ntv) vastzat, he. Zit je met jezelf, word je helemaal gek man (ntv)? [verdachte]: Ja, ik zat zo uh. Kan je nagaan, ging ik ’s nachts hee met die Turken (ntv) Ik zat helemaal onder het bloed van die vechtpartij want het was die avond ervoor geweest. Op vrijdagnacht was die vechtpartij geweest om een uur of tien vrijdagavond en om twee uur gebeurde dat met hem. [getuige 5]: Ja [verdachte]: Uh weetje wel, laat dus eh vrijdag op zaterdag. En toen ging ik om was ik om drie uur ging ik naar de begraafplaats. (...) [verdachte]: Ja ja, ik ben wel., die gasten die gingen die namen me weer mee. Maar toen ben ik de volgende dag, ben ik naar uh België gegaan want toen lag die gozer in coma. [getuige 5]: Okee (ntv) ja. [verdachte]: Kreeg ik te horen dus besloot ik gelijk uh psst.. [getuige 5]: Ja precies. (...) [verdachte]: Dus eh, die had ook eerste aanzet (ntv) die vrouw was er, die vrouwen waren er bij van die gasten, dus die hadden aangifte gedaan. [getuige 5]: Was er wel aangifte? [verdachte]: Ja die vrouwen. Nee die [slachtoffer 2] niet. Die die ik geschoten had. Maar die voor, die vechtpartij. [getuige 5]: En die in coma, die..? [verdachte]: Die ze hun vrouwen. Dat hebben ze het later weer ingetrokken. Dus eh. Hadden ze het weer ingetrokken later. [getuige 5]: Oh, maar nou kan het niet meer. Als je nu eenmaal een verklaarinkje afgelegd ben je de lul. [verdachte]: Ja weet ik. Nee nu kan je niet meer terug nee. [getuige 5]: Nee nee [verdachte]: Ik praat over negen jaar geleden [getuige 5]: Ja. 3.2.2.5. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 2 subsidiair Door de raadsman is gesteld dat verdachte geen opzet had op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel aan [slachtoffer 1]. Voorts heeft verdachte in de gesprekken aan de [adres 1] nogal eens zijn verhalen aangedikt om zijn imago op te vijzelen, aldus de raadsman. Dit dient te leiden tot vrijspraak van hetgeen is ten laste gelegd. De rechtbank verwerpt deze verweren. Verdachte heeft samen met een ander [slachtoffer 1] meerdere malen geslagen en geschopt, onder andere tegen zijn hoofd. Door zich aldus te gedragen heeft verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat [slachtoffer 1] zwaar lichamelijk letsel zou oplopen. Dat dit ook het geval was, blijkt uit de medische gegevens, waarin staat dat [slachtoffer 1] een gebroken kaak, een gebroken neus en een verbrijzelde oogkas heeft opgelopen. Het opzet van verdachte op het toebrengen van zwaar lichamelijke letsel kan derhalve worden bewezen. Ten aanzien van de stelling dat verdachte zijn verhaal zou hebben aangedikt, overweegt de rechtbank dat dit geen bevestiging vindt in de stukken en daarnaast niet valt in te zien dat verdachte bij de personen, die zich op het moment van het gesprek aan de [adres 1] bevonden, zijnde vrienden en kennissen die hij dagelijks c.q. wekelijks zag en sprak, zijn imago hoog moest houden. Bovendien is verdachte in dit gesprek op een aantal punten gedetailleerd: het jaar en de dag waarop het incident plaatsvond en het letsel van [slachtoffer 1], hetgeen niet doet blijken van aandikken van het geheel. 3.2.3. Feit 3 ([slachtoffer 2]) 3.2.3.1. Standpunt van de officier van justitie ten aanzien van feit 3 De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de impliciet subsidiair ten laste gelegde poging om [slachtoffer 2] ([slachtoffer 2]) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen. 3.2.3.2. Standpunt van de verdediging ten aanzien van feit 3 De raadsman heeft vrijspraak gevorderd van het ten laste gelegde feit. Dit omdat voldoende redengevend bewijs ontbreekt. 3.2.3.3. Redengevende feiten en omstandigheden ten aanzien van feit 3 De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de impliciet subsidiair onder feit 3 ten laste gelegde poging om [slachtoffer 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen op grond van het volgende. Op 9 februari 2012 is [slachtoffer 2] aanwezig in café De Notaris in Beverwijk. Verdachte was eveneens in dit café aanwezig. Op 31 oktober 2011 in het pand aan de [adres 1] te Amsterdam wordt tussen [medeverdachte 1], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 5] een gesprek gevoerd, waarbij het volgende wordt besproken: [medeverdachte 1]: Hij is rustig hoor, heel rustig, hoor de laatste jaren. [medeverdachte 3]: Ja. [medeverdachte 1]: Vroeger was het echt..(ntv)..als we op stap gingen..een drama. [medeverdachte 3]: Altijd knokken hè? [medeverdachte 1]: Ja prachtig, pikt niks. [medeverdachte 3]: Hij heeft echt een enorme reputatie he. [medeverdachte 1]: Hij heeft gewoon (ntv) geen discussie, hij zegt van eh weet je (ntv) die [getuige 6] (ntv), het was eigenlijk meteen ja maar dit en dat en zus en zo bam, meteen. Niet van, he jongen dit of zus of zo. Maar nu heb ik wel eens gezien, (ntv) dat ie wel eens problemen.. niet met hem of zo, maar, hé jongen ga lekker...ga nou weg man. Weet je. En dan nog wel eens he. Jongen ga... Het kwam niet eens bij hem voor; de eerste keer al niet eens. [medeverdachte 3]: hij heb er ook schijt aan, hoor, schijt aan alles en iedereen. Hij vertelde me een verhaal laatst dat ie bij een café met kampers ruzie had of zo (ntv). Hij heeft er toen één helemaal de kanker geslagen, zijn broer heeft ie helemaal de kanker geslagen.. [medeverdachte 1]: Die mafkees, die vast zit, die [slachtoffer 2], die schoot ie toch ook neer. NN: (ntv) één klap (ntv). [medeverdachte 1]: Hij zegt [medeverdachte 1], ik had gevochten die avond. Dat zei die toch ook, hij zegt: die gozer, dat was net de druppel, hij zegt: mijn hele hoofd zat vol en toen: hé jongen rot eens op met je gezeik, hier boem. Hij hield wel zijn bek. Het volgende gesprek wordt op dinsdag 1 november 2011 in het pand aan de [adres 1] te Amsterdam tussen verdachte, [medeverdachte 5], [medeverdachte 3], [getuige 5] en een onbekend gebleven persoon gevoerd, waarbij het volgende wordt besproken: [verdachte]: Hee, die [slachtoffer 2] is los he, die lange. [medeverdachte 5]: Ja? [verdachte]: Ik heb je nummer gegeven aan hem. [medeverdachte 5]: Oké. [verdachte]: Hij wou je bellen. [verdachte]: Die lange [slachtoffer 2] die uit Haarlem komt. (ntv)..hij wil je neuken. Heb een keer in zijn been geknald. [getuige 5]: Wie? Jij hem (lacht)? [verdachte]: Ja. (Ze praten door elkaar heen). [verdachte]: Die ken jij hee, die lastige jongen. [getuige 5]: Ja? [verdachte]: Ja, in de kroeg. (..) [verdachte]: Maar hij was op eh ziekenhuis geweest, politie bij geweest maar hij hield netjes z’n mond, hoor. Die smeris zei: “Kom op zeg het [slachtoffer 2] en je moet zeggen. We weten dat hij het is. Zeg het tegen me”. Weet je wel. Hij zegt: “Nee hij was het Niet”. [getuige 5]: Hebben ze ook een keer bij mij gedaan bij die portiers (fon). [verdachte]: Maar ik ben altijd netjes voor hem weetje. Nou, net kwam ie weer, hij kwam net los halfjaar en toen heb ik hem effe wat geld gegeven want hij heb natuurlijk niet (onverstaanbaar)) Ik had gestort ook bij hem weetje wel. [getuige 5]: Ja. [verdachte]: Want hij hield dus echt netjes zijn mond. [getuige 5]: Dat zou ik ook doen. Iemand zegt iets onverstaanbaars. [verdachte]: Maar dat is al lang geleden hoor, net nadat mijn vader dood was. Een week m’n vader was net begraven. M’n vader was maandag begraven en vrijdag gebeurde het (..) [getuige 5]: Was er wel aangifte? [verdachte]: Ja die vrouwen. Nee die [slachtoffer 2] niet. Die die ik geschoten had. Maar die voor, die vechtpartij. Het volgende gesprek wordt op 4 november 2011 in het pand aan de [adres 1] te Amsterdam tussen verdachte, [medeverdachte 5], [medeverdachte 3] en een onbekend gebleven persoon gevoerd, waarbij het volgende wordt besproken: [verdachte]: Die lange [slachtoffer 2] is vrij, he! [medeverdachte 3]: Ja, ik hoorde het. Hij had gebeld, ken je vandaag kommen. [verdachte]: Teringlijer. (praten ntv door elkaar) [medeverdachte 5]: [slachtoffer 2] [[slachtoffer 2]. (ntv) [verdachte]: Ja. Hij kwam gelijk naar mij toe. (ntv) [verdachte]: Ik zeg, je hebt niks zeker? Nee nee nee. Ik zeg hiero, je wat geven. [medeverdachte 3]: Ik geef hem ook wat. [verdachte]: Ja. NN man: [slachtoffer 2]. [medeverdachte 3]: 't Is wel een goeie gozer. [verdachte]: Voor mij is ie heel goed geweest. [medeverdachte 3]: Als ie maar niet drinkt, dan is ie uh. [verdachte]: Snuiven en doen (praten ntv door elkaar) NN man: ...volgens mij wat anders, ja. Ik bedoel, die belt mij Vier uur 's nachts belde die op, he. NN man: Mij ook man. Midden in de nacht he. [medeverdachte 5]: In een sexclub (ntv) maatje, kom hierheen, man. (ntv) Ik heb er ook een voor jou hoor, zegt ie. (ntv) [medeverdachte 3]: Dat is niks hoor. Dat is niks. NN man: Wat? [medeverdachte 3]: Als je om vier uur 's nachts wakker (ntv) [verdachte]: Ik schoot, ik schoot hem dwars door zijn poot heen man, in een kroeg (klinkt als). [medeverdachte 3]: Maar hij zei het niet, he. [verdachte]: (lacherig) Nee. Nee. Nee. [medeverdachte 3]: En ze wisten dat jij het gedaan had, he? [verdachte]: Ja. Hij naar het ziekenhuis. De smeris om zijn nest heen. Ja, uh, kom op [slachtoffer 2], zeg ‘t. Nee, nee, ’t waren Engelsen (ntv). Ik had ruzie met Engelsen. (ntv) Maar ook dom, want ik had 'm gewoon weg naar zijn moer kunnen sturen, maar ja. Ik was zo door de war. Op 16 februari 2002 heeft een verbalisant [slachtoffer 2] thuis opgezocht. Daarbij zag deze een verticale wond in diens linker scheenbeen die kortgeleden moest zijn ontstaan en was gehecht. [slachtoffer 2] verklaarde dat dit afgelopen zaterdag was gebeurd in het café “De Notaris” in Beverwijk. Verbalisanten zien bij verhoor van [slachtoffer 2] op 4 juni 2013 dat deze een litteken van ongeveer twee a drie centimeter lang en één centimeter breed op zijn scheenbeen heeft. 3.2.3.4. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 3 Door de raadsman is gesteld dat het feit niet wettig en met name niet overtuigend bewezen kan worden. Verdachte heeft zich in de beluisterde gesprekken aan overdrijving schuldig gemaakt en daarbij dingen verteld die niet waar waren om zijn reputatie in de beveiligingssector op te krikken. De rechtbank gaat aan dit verweer voorbij nu zij niet inziet waarom verdachte negen jaar na het incident tegenover vrienden een dergelijk verhaal zou verzinnen. Integendeel, uit de hierboven geciteerde gesprekken komt naar voren dat [slachtoffer 2], na in 2011 uit detentie te zijn ontslagen, zich onmiddellijk tot verdachte heeft gewend teneinde een geldbedrag te vragen, wat verdachte hem ook geeft omdat hij “echt netjes zijn mond hield”. Door [slachtoffer 2] met een vuurwapen in zijn been te schieten, heeft verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat aan [slachtoffer 2] zwaar lichamelijk letsel, zoals een blijvend gebrek aan het been, zou worden toegebracht. 3.2.4. Feit 4 ([slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2]) 3.2.4.1. Standpunt van de officier van justitie ten aanzien van feit 4 De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde feit. 3.2.4.2. Standpunt van de verdediging ten aanzien van feit 4 De raadsman heeft zich ten aanzien van dit feit gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. 3.2.4.3. Redengevende feiten en omstandigheden ten aanzien van feit 4 primair De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de onder feit 4 primair ten laste gelegde zware mishandeling van [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] ([slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2]) op grond van het volgende. Op 27 oktober 2012 krijgt de politie een melding van een vechtpartij bij café Joffers te Amsterdam. Verdachte verklaart hierover ter terechtzitting als volgt: Ik was met mijn zoon aan het rijden en zag toen [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] op een terras zitten. Hij zat daar met wat jongens en ik wilde hem aanspreken over iets wat speelde. Toen ik bij hem kwam, sprong hij ineens uit zijn stoel en ik reageerde toen met een klap. (..) Het was een klap op het hoofd met mijn rechtervuist. Op 21 november 2013 verklaart verdachte tegenover de politie onder meer als volgt: V: Waarom stap je ineens uit en ga je naar [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] toe? A: Omdat er iets speelde. Hij had mijn naam misbruikt. Ik noemde het oud zeer. V: Het lijkt er op dat [medeverdachte 1] in die tijd bewust naar [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] op zoek was. A: Ik heb wel gezegd dat als ik [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zie, dan ga ik wel naar hem toe. V: Wat heeft [medeverdachte 1] er mee te maken? A: Hij is een vriend van mij, dus V: Jullie hadden dus afgesproken dat jij naar hem toe zou gaan als je hem ([[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2]) zou zien? A: Ja, dat klopt. Op 15 oktober 2012 antwoordt verdachte, op de vraag van een zekere [getuige 7] op de [adres 1] of hij die “[bijnaam]” eigenlijk wel weer gezien heeft, het volgende:[verdachte]: was het maar waar dan sloeg ik hem echt zijn neus weg. Op 29 oktober 2012 vertelt verdachte tegen [getuige 5] op de [adres 1] het volgende: [VERDACHTE]: Ik rij zo vanaf de sparkweg links de Cornelis Schuit in en ik zie hem meteen in de hoek daar zit hij daar met die jongens allemaal. LB: je vertelde het mij nog vorige week, lacht, als ik hem zie krijgt hij een knal voor zijn harses. Een onbekend gebleven getuige verklaart tegenover verbalisant [verbalisant 1] het volgende: Die vent kwam aanlopen, terwijl [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] wat zat te drinken en lachen met vrienden van hem. Het volgende moment lag [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] met stoel en al op de grond, en die kerel bovenop hem. Verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] zien dat het terras volledig in puin ligt. Verbalisant [verbalisant 2] ziet dat [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] trilt en dat er bloed uit zijn mond loopt. Uit gegevens van zorgverzekeraar Zilveren Kruis van [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] blijkt dat [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] op 27 oktober 2012 bij een chirurg in het Leids Universitair Medisch Centrum (hierna: LUMC) is geweest. Hierna heeft [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] ook op 29 oktober 2012 en 6 november 2012 een behandeling van een kaakchirurg in het LUMC gehad. Op 13 december 2012 heeft [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] een KNO-arts in het LUMC bezocht. Op 20 december 2012 heeft [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] wederom een behandeling van een kaakchirurg in het LUMC gehad. Het volgende gesprek wordt op 29 oktober 2012 in het bedrijfspand aan de [adres 1] te Amsterdam tussen onder meer verdachte en [medeverdachte 6] gevoerd, waarbij het volgende wordt besproken: [MEDEVERDACHTE 6]: Ging te snel zeker? [VERDACHTE]: ja,ja. Kijk gaat er nou een woordenwisseling aan vooraf, dan staan..ntv. Maar dat was er niet. Ik kom uit mijn auto lopen, ik had mijn jas uitgedaan, ik loop recht op het terras af en ik sla hem in een keer van die stoel af, dus niemand heeft dat kunnen filmen, dat kan niet. Daarna wel denk ik. Daarna zal er gefilmd zijn en gedaan ennuh. Op 31 oktober 2012 om 10:43 uur belt [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] met [medeverdachte 1], waarbij onder meer het volgende wordt besproken. “[[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zegt wat is de bedoeling [medeverdachte 1]? [medeverdachte 1] zegt ik wil effe gewoon met je zitten man. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zegt ik ook met jou man maar niet meer dan dat. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zegt ik heb m'n kaak gebroken. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zegt hij is zo sterk. [medeverdachte 1] zegt je kent hem, je hebt al vaker voor ' m geluld. Als hij wel eens iemand neerstompte ging jij toch praten met hem vroeger? [medeverdachte 1] zegt ja vervelend man, onnodig. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zegt [medeverdachte 1] luister, effe serieus, ik heb geen zin in problemen. [medeverdachte 1] zegt ik ook niet. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zegt je hebt de dingen in een verkeerd perspectief en het is misschien logisch maar daar moeten we over praten. [medeverdachte 1] zegt dat hadden we allang moeten doen. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] zegt ik heb geen zin [medeverdachte 1] als ik risico loop dat [verdachte]ie weer ontploft of zo. [medeverdachte 1] zegt nee nee daar sta ik garant, je hebt m’n woord…………[medeverdachte 1] heeft allemaal afspraken. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] kan ook niet met zekerheid afspreken want hij zit op een operatie te wachten.” Op 31 oktober 2012 om 16:15 uur belt verdachte met [getuige 8], waarbij onder meer het volgende wordt besproken: [verdachte]: Ik heb met hem gezeten vanmiddag. Hij moet alleen geopereerd worden. Zijn kaak is gebroken. [getuige 8]: Nee [verdachte]: Aan twee kanten [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] heeft aan verdachte verteld dat hij zijn kaak gebroken had. 3.2.4.4. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 4 primair Door de raadsman is aangevoerd dat het letsel van [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] niet aan te merken is als zwaar lichamelijk letsel. De rechtbank is van oordeel dat een op twee plaatsen gebroken kaak, waarvoor [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] meerdere consulten aan de kaakchirurg heeft afgelegd en waaraan hij geopereerd moest worden, zich kwalificeert als zwaar lichamelijk letsel. 3.2.5. Feit 5 ([slachtoffer 4]) 3.2.5.1. Standpunt van de officier van justitie ten aanzien van feit 5 Zoals hiervoor onder 3.1.2.1. weergegeven, heeft de officier van justitie gerekwireerd tot bewezenverklaring van het subsidiair ten laste gelegde feit. 3.2.5.2. Standpunt van de verdediging ten aanzien van feit 5 meer subsidiair De raadsman van verdachte heeft naar voren gebracht dat op grond van de bewijsmiddelen hoogstens kan worden vastgesteld dat verdachte een klap met de vlakke hand aan [slachtoffer 4] heeft uitgedeeld. Deze klap kan nimmer leiden tot bewezenverklaring van poging tot toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. Poging tot mishandeling is niet strafbaar gesteld. Verdachte dient te worden vrijgesproken van dit feit, aldus de verdediging. 3.2.5.3. Redengevende feiten en omstandigheden ten aanzien van feit 5 meer subsidiair De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het onder feit 5 meer subsidiair ten laste gelegde medeplegen van poging tot zware mishandeling met voorbedachten rade van [slachtoffer 4] op grond van het volgende. Op 10 maart 2013 ontmoeten verdachte, medeverdachten [medeverdachte 1] en [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] elkaar in hotel Amrath in Hilversum, waar onder meer het volgende wordt besproken: [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2]. [getuige 9] is dan ook ...ntv [medeverdachte 1]: ik zal je eigenlijk zeggen ... weet je wat ik wil. Kijk ik ben donderdag terug. Vrijdag wil ik die [slachtoffer 4] (fon.) laten komen en als ie dan bekend dan trappen we hem meteen in elkaar en schoppen hem de straat op ... nemen we die [getuige 10] en elke ex Hells Angel die we kunnen pakken, nemen we meteen aan. Begrijp je, ben helemaal klaar met die goser, moet ie maar kijken wat hij ermee wil doen. [verdachte]: ...ntv [getuige 10] erin. [medeverdachte 1]: Dan kunnen we dat beter doen. [slachtoffer 4] is een bijnaam van [slachtoffer 4]. Tussen 12 en 21 maart 2013 is medeverdachte [medeverdachte 1] in het buitenland. Vrijdag 22 maart 2013 is medeverdachte [medeverdachte 1] weer in Nederland. Op vrijdag 22 maart 2013 om 12:20 uur komt verdachte aan bij de diamantbeurs aan de [adres 1] te Amsterdam. Omstreeks 12:36 uur arriveert [slachtoffer 4] in een BMW X5. Om 12:43 uur arriveert medeverdachte [medeverdachte 1]. Allen gaan direct na hun aankomst ieder afzonderlijk het pand binnen door de draaideur. Om 12:47 uur verlaten verdachte, medeverdachte [medeverdachte 1] en [slachtoffer 4] samen het pand en lopen zij in de richting van de Karspeldreef. Om 12:57 uur gaat verdachte het pand aan de [adres 1] wederom binnen door de draaideur. Om 13:38 uur lopen medeverdachte [medeverdachte 1] en [slachtoffer 4] in de richting van het pand aan de [adres 1]. Medeverdachte [medeverdachte 1] loopt het pand binnen. Om 13:40 uur loopt medeverdachte [medeverdachte 1] het pand weer uit en loopt in de richting van [slachtoffer 4]. Om 13:42 uur loopt medeverdachte [medeverdachte 1] opnieuw het pand in. Om 13:43 uur verlaat een BMW X5 het parkeerterrein van het pand aan de [adres 1]. Op vrijdag 22 maart 2013 omstreeks 13:35 uur wordt het volgende gesprek opgenomen in het pand aan de [adres 1] te Amsterdam, waar tussen medeverdachte [medeverdachte 1], verdachte, [medeverdachte 3] en [medeverdachte 6] en andere onbekend gebleven personen onder meer het volgende wordt besproken: Nnman: ik hoop niet dat ie met [medeverdachte 1] aan het vechten is. [medeverdachte 1]: ntv... Nnman: ntv... [verdachte]: nou, [medeverdachte 1] is geen vechter, maar dan moet ie echt verhuizen en heel ver. Dan is Europa en alles is te klein, dan ben je echt klaar Echt ongelofelijk he zo'n gozer [medeverdachte 3]: ntv ja [verdachte]: ja, ja, ja, had ie het ntv.. met die garage? [medeverdachte 3]: ja, hij zegt ntv.... [verdachte]: hij zegt van niet en niet en niet. En toen hoorde die ntv... Dus nu confronteren we hem er mee, ontkende die nog. Zo makkelijk ntv niets meer verdienen, doe het is op je kinderen dan, ntv... weet je wel, dan ntv...Daar ben ik helemaal klaar mee man. Bel gaat. [medeverdachte 3]: wie is dat? [medeverdachte 6]: [medeverdachte 1] [medeverdachte 3]: alleen? [medeverdachte 6]: ja. [medeverdachte 3]: ntv.. die telefoon ntv... [medeverdachte 6]: moet ik hem even brengen? Is ie buiten? [verdachte]: Dan zou hem wel afgeven. [medeverdachte 1] komt binnen en zegt: zijn telefoon ligt nog hier maar hij wil niet meer naar binnen. Dan ntv... Klappen geven. ([medeverdachte 1] moet lachen) [medeverdachte 1] zegt dit is van hem, dit is zijn telefoon? [medeverdachte 3]: ja, ja, ja. [medeverdachte 1]: nou kan ie echt niet meer praten, hij was echt helemaal versuft. [verdachte]: hij kon al niet meer praten, hij stotterde al als de tering. [medeverdachte 1]: hij is ook met de billen bloot gegaan, hij is helemaal versuft van de klappen. [medeverdachte 1]: ntv.. ik heb hem ook uitgelegd he, ntv... [verdachte]: zijn oor bloede he. [medeverdachte 1]: he? [verdachte]: zijn oor bloede he Mannen praten zacht, ntv. Deur slaat dicht [verdachte]: ik gaf hem zo’n stomp he, hij trilde gewoon door de onderkant van mijn arm heen. Dus dat was echt een kassa. Ik had hem vast Nnman: we zagen het al toen je binnen kwam, hele ntv... [verdachte]: ik had zijn jas vast, toen gaf ik hem een stomp, dus het was eigenlijk net of hij tegen een muur aan stond. Ik had hem echt vast en hier, pats. Kan zo maar aan zijn hersenen wat hebben hoor. ntv de president van Amsterdam ntv... [verdachte]: als ie gaat rijden, misschien euh ntv.. Nnman zegt we zagen het al toen je binnen kwam, toen wist ik het al. [verdachte]: Sommige mensen denken dat ik snuif he, wat ik altijd heb. Als ik ruzie ntv.. snuiven, ja dit doe ik de hele dag, vooral als ik op stap ben, maar ik snuif niet, was ik op stap, in een keer was ik kwaad zeg maar, dan zeiden sommige mensen je leek wel twee keer zo groot. Zulke ogen van de drank, dat mensen dachten die staat helemaal strak, dat was niet zo [medeverdachte 3], echt niet. Had ik niet gedaan, nooit gedaan man. Kwam gewoon van de drank en de anabolen, dan kreeg ik zo bam. En ik kan echt relaxed zijn, je weet zelf he [medeverdachte 3]. Soms zit ik gewoon heel rustig, ontspannen Nnman: ntv [verdachte]: Als ik echt een klik krijg, dan euh. Nnman: die heb wat aan zijn kop hoor, dat weet ik zeker. [verdachte]: ik zal je zeggen, ik stompten hem hier oohh en het bloed zag ik uit zijn oor lopen. Dat was echt niet euh, ntv... [verdachte]: hij was toch ntv NNMan: ntv [verdachte]: Nee ik denk het niet. Nnman: nee Mannen praten door elkaar. [verdachte]: Maar hij wist niet dat ntv. Wij hebben het van iemand gehoord. Jij weet wie. Dat hij ook ntv Dat had hij nooit verwacht. Hij had nooit verwacht dat die man dat ging vertellen. Nnman: Maakt niet uit he. Ntv Alles komt uit. Als je iets gedaan hebt. En je bent in een ntv groepering. [verdachte]: Ik zeg ook tegen hem weetje. Het maakt ons niet uit of je het gedaan hebt. Want het was voor ons. Ntv. Je moet daar eerlijk in zijn. Als hij had gezegd, hey jongens ik heb ook gepakt, klaar, prima, dat heeft ie goed gedaan. Dan ntv zielig doen. Die [getuige 3], die [getuige 3] ntv klokjes verkopen om ntv te onderhouden. Zo zat ie. Nee, je moet [getuige 3] een bad standing geven. Weetje waarom. Omdat hij alles gepakt heeft en niet gedeeld. Maar hij heeft dus wel gedeeld. Daarom moet ntv een bad standing geven. Bel gaat. [verdachte]: dat is [getuige 11] (fon)? 13:43-13:47 Ntv.... Bel gaat. [medeverdachte 1] komt binnen. [medeverdachte 1]: ntv ben je ook [verdachte]: ja, maar hij zii al een kwartier ie liegen man [medeverdachte 1]: ja, vol. Hij zegt het ook [verdachte]: je zit ons gewoon voor schut te zetten [medeverdachte 1]: ik dacht jij wacht wel even tot ik wat verder in het verhaal ben, hij is nog niet half in het verhaal en hij krijgt ze vol ntv... boem, boem, boem vast. [verdachte]: ik vond het ook koud ook. Op 25 maart 2013 wordt het volgende gesprek tussen medeverdachten [medeverdachte 1] en [slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2] in de Volkswagen Passat met kenteken [kenteken 3] gevoerd, waarbij het volgende wordt besproken: (...) [medeverdachte 1]: niet te geloven ... President, paar beuken op zijn porum. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2]: zegt ie niet eens. [medeverdachte 1]: dan krijgt ie nog die bad klapper zo direct, hoop ik. [[slachtoffer 3 alsmede medeverdachte 2], luister hij zegt... hij hebt niet eens gezegd dat ie een paar klappen heeft gehad, ze staan echt voor joker. [medeverdachte 1]: ja en zo'n man maken ze dan President het is toch echt niet te geloven. (...) Op 21 november 2013 verklaart verdachte tegenover de politie onder meer als volgt: [verbalisant 3]: Waar werd de klap gegeven? [verdachte]: Bij de [adres 1] in de buurt, buiten. [verbalisant 3]: : Wie waren er allemaal bij? [verdachte]: : Ik, [medeverdachte 1], [slachtoffer 4]. [verbalisant 3]: : Wat ging er vooraf aan de klap? Was u vlak voor de klap in gesprek met [slachtoffer 4]? [verdachte]: : Ja, ik was continu aan het woord. [verbalisant 3]: : Waar was [medeverdachte 1] op dat moment? [verdachte]: : Die was bij me. [verbalisant 3]: : Wat betekent “bij me” staat hij er naast? [verdachte]: : Hij staat geen tien meter verderop, nee, die stond er bij ja. 3.2.5.4. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 5 meer subsidiair Gelet op de inhoud van de hierboven genoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank niet aannemelijk de verklaring van verdachte dat hij [slachtoffer 4] slechts een klap met de vlakke hand op diens wang heeft gegeven. In de afgeluisterde gesprekken wordt door verdachte immers meermalen gesproken over een stomp die hij [slachtoffer 4] heeft gegeven. Dat een en ander door verdachte zou zijn overdreven, acht de rechtbank niet aannemelijk, nu verdachte ook met medeverdachte [medeverdachte 1], die aanwezig is geweest bij de mishandeling, over een stomp spreekt en niet valt in te zien waarom verdachte in die situatie zou (moeten) overdrijven. De rechtbank stelt vast dat verdachte, gelet op zijn uitspraak ‘zo’n stomp he, hij trilde gewoon door de onderkant van mijn arm heen. Dus dat was echt een kassa. Ik had hem vast’ met kracht tegen het hoofd van [slachtoffer 4] heeft geslagen. Uit het dossier blijkt dat verdachte een geoefend vechtsporter is die jarenlang internationaal op het hoogste niveau heeft gevochten. De rechtbank is van oordeel dat verdachte gezien het vorenstaande bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat hij [slachtoffer 4] zwaar lichamelijk letsel zou toebrengen door hem met gebalde vuist met kracht tegen het hoofd te slaan. De rechtbank acht tevens bewezen dat daarbij sprake is geweest van medeplegen met medeverdachte [medeverdachte 1] en voorts dat sprake is geweest van voorbedachte raad. Uit de rechtspraak van de Hoge Raad volgt dat voor een bewezenverklaring van het bestanddeel ‘voorbedachten rade’ moet komen vast te staan, dat de verdachte zich gedurende enige tijd heeft kunnen beraden op het te nemen of het genomen besluit en hij niet heeft gehandeld in een ogenblikkelijke gemoedsopwelling, zodat hij de gelegenheid heeft gehad na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven. Uit het gesprek van 10 maart 2013 volgt dat verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] het besluit genomen hadden (en de afspraak hadden gemaakt) om [slachtoffer 4] op de vrijdag nadat medeverdachte [medeverdachte 1] terug zou zijn, te laten komen en hem geweld aan te doen als hij bekende waarvan hij door verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] werd verdacht. Op vrijdag 22 maart 2013, nadat medeverdachte [medeverdachte 1] was teruggekomen van een vakantie, heeft die ontmoeting met [slachtoffer 4] vervolgens ook plaatsgevonden. De rechtbank stelt vast dat verdachte (als ook medeverdachte [medeverdachte 1]) daarmee enige tijd heeft gehad om na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven. Hieruit volgt dat op 22 maart 2013 met voorbedachte raad is gehandeld. Uit de verklaring van verdachte, en ook uit het op 22 maart 2013 op de [adres 1] afgeluisterde gesprek, blijkt dat medeverdachte [medeverdachte 1] er bij stond toen verdachte [slachtoffer 4] mishandelde. In het gesprek van 22 maart 2013, vlak na het gepleegde geweld, zegt medeverdachte [medeverdachte 1] tegen verdachte: ‘ik dacht jij wacht wel even tot ik wat verder in het verhaal ben, hij is nog niet half in het verhaal en hij krijgt ze vol ntv... boem, boem, boem vast’. Uit dit gesprek kan bovendien afgeleid worden dat kennelijk sprake was van een onderlinge taakverdeling. Kennelijk kwam verdachte zijn taak te vroeg na door [slachtoffer 4] te slaan voordat medeverdachte [medeverdachte 1] zijn verhaal had kunnen afmaken. Gelet op de vooraf gemaakte afspraak, de aanwezigheid van medeverdachte [medeverdachte 1] bij de mishandeling en de onderlinge taakverdeling, is sprake geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1]. Gelet op het vorenstaande komt de rechtbank tot het oordeel dat verdachte samen met medeverdachte [medeverdachte 1] met voorbedachte raad heeft gehandeld. 3.2.6. Feit 8 (WWM) 3.2.6.1. Standpunt van de officier van justitie ten aanzien van feit 8 De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit. 3.2.6.2. Standpunt van de verdediging ten aanzien van feit 8 De raadsman heeft naar voren gebracht dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het voorhanden hebben van een vuurwapen. Het voorhanden hebben van patroonhouders en munitie kan wel worden bewezen. 3.2.6.3. Partiële vrijspraak ten aanzien van het vuurwapen De rechtbank zal verdachte vrijspreken ten aanzien van het voorhanden hebben van een vuurwapen van categorie I of II, nu de enkele omstandigheid dat verdachte mogelijk over een vuurwapen heeft gesproken in enkele opgenomen gesprekken onvoldoende is om dat voorhanden hebben wettig en overtuigend bewezen te verklaren. 3.2.6.4. Redengevende feiten en omstandigheden ten aanzien van feit 8 De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het onder feit 8 ten laste gelegde bezit van twee patroonhouders en munitie op grond van het volgende. Op donderdag 13 december 2012 wordt door de politie binnengetreden in de woning van verdachte aan de [adres 3] te Beverwijk. De politie doorzoekt de woning. In de hal wordt op het schoenenvak een patroonmagazijn met daarin kogelpatronen aangetroffen. In de keuken wordt in de hoge kast, op de bovenste plank een patroonmagazijn met daarin kogelpatronen aangetroffen. Nader onderzoek wijst uit dat de patroonmagazijn aangetroffen in de hal een patroonmagazijn van het merk Glock 26 betreft. In dit patroonmagazijn zijn 10 kogelpatronen aanwezig van het kaliber 9 mm. Het patroonmagazijn aangetroffen in de keuken is een patroonmagazijn van het merk Glock. In dit patroonmagazijn zijn 33 kogelpatronen aanwezig van het kaliber 9mm. De patroonmagazijnen zijn onderdelen specifiek bestemd voor wapens van categorie II en/of categorie III van de Wet wapens en munitie en zijn van wezenlijke aard. De kogelpatronen (in totaal 43) zijn munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie. Verdachte verklaart op 13 december 2012 tegenover de politie dat hij in het bezit is van twee patroonhouders met munitie. Beide patroonhouders zijn eigendom van verdachte. 3.2.7. Feit 11 ([slachtoffer 9]) 3.2.7.1. Standpunt van de officier van justitie ten aanzien van feit 11 De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit. 3.2.7.2. Standpunt van de verdediging ten aanzien van feit 11 De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte dient te worden vrijgesproken van dit feit, nu niet kan worden bewezen dat verdachte [slachtoffer 9] ([slachtoffer 9]) heeft geslagen en het geven van een duw niet per definitie betekent dat pijn en/of letsel wordt toegebracht. 3.2.7.3. Redengevende feiten en omstandigheden ten aanzien van feit 11 De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de onder feit 11 ten laste gelegde mishandeling van [slachtoffer 9] op grond van het volgende. Op 30 juni 2012 is verdachte aanwezig op een vechtsportgala in Brussel (België). Aldaar komen verdachte en [slachtoffer 9] elkaar tegen. [slachtoffer 9] verklaart over deze ontmoeting het volgende: Ik zag hem in Brussel tijdens het gala zitten Hij zat in een stoel. Ik ging op mijn hurken naast hem zitten. Hij legde een arm op mijn schouder en ik een hand op zijn been. Ik merkte dat hij gedronken had. Ik zei dat [getuige 12] oud was geworden en dat hij daarom verloren had. Ik maakte daar nog een grapje over. Iets van dat [getuige 12] bij mij had moeten blijven trainen, dat hij dan wel gewonnen had. Toen werd hij boos. [verdachte] stond op en maakte naar mij een slaande beweging. Dat stelde niet veel voor. Ik kon hem ontwijken en hij raakte me tegen mijn schouder, niet vol in het gezicht. Omstreeks 23:33 uur die dag belt [getuige 13] met verdachte, waarbij onder meer het volgende wordt besproken: D: Ja. Die homo kwam naar me toe jongen, die flikker. H: Wat kwam die doen dan? D: Ja effetjes..hoe is het...geloof ik. Effe vragen hoe het met me was ofzo. H: En gaf je hem gelijk een ketser? D: Ik zeg: je moet opflikkeren jongen, jij. Waarom? Wat is er aan de hand? En toen gaf ik hem gelijk een stomp ja? H: Zakken? D: tss. Dat is toch niks man. Half wegrennend, ik weet niet wat die eh..(ntv) D: Hij vroeg nog waarom het was ook. Op 1 juli 2012 om 00:03 uur belt verdachte naar [medeverdachte 1], waarbij onder meer het volgende wordt besproken: [MEDEVERDACHTE 1]: Wat gebeurde...hij heb gevochten, die ene...en toen [VERDACHTE]: Ja, die had gevochten, en ik zat daar achter in een hoek, meteen aan de eerst tafel. En toen kwam ie naar me toe. Dus ik zeg: "Flikker op man, homo die je er bent jongen." En toen ging ik staan en toen gaf ik hem gelijk een kets. [MEDEVERDACHTE 1]: En toen? [VERDACHTE]: Haa, toen het was helemaal paniek, toen flikkerde die achterover en toen was het gelijk helemaal paniek, die erin, die erin. [MEDEVERDACHTE 1]: Ja [VERDACHTE]: En toen kwam iedereen erbij. [MEDEVERDACHTE 1]: Ja [VERDACHTE]: Dus eh..."[verdachte] wat is er? Ik zeg: "Jongen, je moet echt opflikkeren" Ik zeg: "laat alles maar zitten, het is goed zo." weetje wel. [MEDEVERDACHTE 1]: Ja [VERDACHTE]: Nou, toen kwam iedereen erbij, [getuige 14] erbij, die zei alleen maar: "rustig rustig". Flikker jongen ..ntv.. [MEDEVERDACHTE 1]: Ik hoorde...een tijdje geleden had hij nog zo'n gesprek met [getuige 15] weetje, en toen [getuige 15] nog zo weetje, waarom dat gezeur weetje, waarom heb je dat gedaan en zo weetje? En toen heeft hij gezegd, jaa ehh, ik praat wel met hem weetje. Maar wat wou die dan doen. Hij zegt, laat me echt niet slaan hoor, op het forum hoor. [VERDACHTE]: Hij had er weinig trek in. [MEDEVERDACHTE 1]: En toen lag ie op de grond en toen? Stond ie weer op ofzo? [VERDACHTE]: Toen kwam ie weer op, en toen was iedereen er al om heen. Hij had een paar van die vechters uit Amerika ook bij hem. [MEDEVERDACHTE 1]: En toen? [VERDACHTE]: (praat tegen iemand die bij hem
- is)hier links he, eh hier rechts , hier rechts. Ja deze... Hij had een paar vechters bij hem en die kwamen alleen maar:"Take it easy, take it easy". Ik was helemaal eh... Mijn ogen stonden weer op eh... [MEDEVERDACHTE 1]: door het dolle. [VERDACHTE]: Ja op dollen ja [MEDEVERDACHTE 1]: En wat zei hij dan nog voor de rest? [VERDACHTE]: Nee, want hij werd weggetrokken, ehh.. Ik werd weggetrokken door die gasten weetje wel. Haa, er stonden gelijk, haa er stond gelijk twintig man tussen. Om 00:15 uur belt [medeverdachte 1] nogmaals met verdachte, waarbij onder meer het volgende wordt besproken: [MEDEVERDACHTE 1]: En toen, en toen kwam hij naar je toe lopen en zei :"Hee hoe is het?" [VERDACHTE]: Toen het afgelopen was na die partij kwam hij meteen naar mijn tafel lopen. [MEDEVERDACHTE 1]: Gewoon alsof er niets aan de hand was? [VERDACHTE]: Ja....Hee hoe is het?... Ik zeg:"Je moet opflikkeren vieze vuile flikker datje er bent."... Wat is er wat is er? Wat is er? En toen ging ik staan en toen gaf ik hem een kets. Toen viel hij achterover, nou toen kwam de hele meute eraan rennen. Op 18 oktober 2013 belt [getuige 16] naar verdachte, waarbij onder meer het volgende wordt besproken: [verdachte]: Ja eh..[getuige 14] had gevochten, toen kwam hij naar mijn tafel toe. Toen zei ik: Jij moet echt opflikkeren jongen, vuile vieze flikker datje er bent."...Wat is er? Wat is er? Ik zeg:"Jongen als je dat niet eens weet", en toen gaf ik hem een kets. [getuige 16]: Gewoon daar op die Vip? [verdachte]: : Ja [getuige 16]: Maar het gala was al afgelopen? [verdachte]: : Ja, was net afgelopen ja [getuige 16]: Maar iedereen heeft het gezien en zo? [verdachte]: : Ja Op 5 juli 2012 stuurt [slachtoffer 9] een sms-bericht naar verdachte met de tekst: Ik regel het.. je had niet hoeven slaan. 3.2.7.4. Bewijsoverweging ten aanzien van feit 11 De rechtbank overweegt nog het volgende. De rechtbank acht, zoals hierboven aangegeven, bewezen dat verdachte eenmaal met kracht tegen het lichaam van [slachtoffer 9] heeft geslagen. Verdachte is, naar algemeen bekend, een geoefend vechtsporter die jarenlang internationaal op het hoogste niveau heeft gevochten. Dat deze [slachtoffer 9] als gevolg van de slag door verdachte pijn heeft ondervonden acht de rechtbank gegeven de voornoemde omstandigheid eveneens bewezen. 3.2.8. Feit 1 3.2.8.1. Standpunt van de officier van justitie ten aanzien van feit 1 Door de officier van justitie is gerekwireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit. 3.2.8.2. Standpunt van de verdediging ten aanzien van feit 1 Door de raadsman is met betrekking tot het bestanddeel organisatie - kort en zakelijk weergegeven - het volgende standpunt ingenomen. Door het openbaar ministerie zijn in het kader van de criminele organisatie weliswaar feitelijkheden aangedragen die de nodige vraagtekens hebben opgeroepen maar telkens moet tot de conclusie worden gekomen dat die feitelijkheden afzonderlijk of in onderling verband bezien niet de conclusie kunnen rechtvaardigen dat er sprake is geweest van een andere organisatie dan een vriendschapsorganisatie waarbinnen mogelijk individueel gerelateerde daglichtschuwe feiten voorbij zijn gekomen. Verdachte moet dus van dit feit worden vrijgesproken. 3.2.8.3. Overwegingen van de rechtbank Juridisch kader Volgens vaste rechtspraak moet onder een organisatie als bedoeld in artikel 140 Sr worden verstaan: een samenwerkingsverband met een zekere duurzaamheid en structuur tussen de verdachte en tenminste één andere persoon. Niet is vereist dat daarbij komt vast te staan dat een persoon om als deelnemer aan die organisatie te kunnen worden aangemerkt moet hebben samengewerkt met, althans bekend moet zijn geweest met alle andere personen die deel uitmaken van de organisatie of dat de samenstelling van het samenwerkingsverband steeds dezelfde is. Aanwijzingen voor het bestaan van een dergelijk samenwerkingsverband kunnen bijvoorbeeld zijn gemeenschappelijke regels, het voeren van overleg, gezamenlijke besluitvorming, een taakverdeling, een bepaalde hiërarchie en/of geledingen. Dit zijn echter geen constitutieve vereisten om van een samenwerkingsverband te kunnen spreken. Evenmin is vereist dat het samenwerkingsverband steeds uit dezelfde personen bestaat of dat alle deelnemers elkaar kennen. De vraag die t[medeverdachte 4] beantwoord moet worden is of uit de verzameling van gegevens die als resultaten van het onderzoek zijn neergelegd in het strafdossier alsmede uit de informatie die het onderzoek ter terechtzitting heeft opgeleverd, in voldoende mate onderbouwd kan worden afgeleid dat sprake is geweest van een samenwerkingsverband van die aard en duur dat voldaan wordt aan de hiervoor voor het bestaan van een criminele organisatie bestaande vereisten. 3.2.8.4. Redengevende feiten en omstandigheden Op basis van de stukken van het dossier gaat de rechtbank van het volgende uit. Deelnemers Medeverdachte [medeverdachte 1] en verdachte kennen elkaar sinds 2002. Dat komt ook ter sprake in de hierna opgenomen gesprekken. Uit die gesprekken komt onder andere ook naar voren dat verdachte voor medeverdachte [medeverdachte 1] tegen betaling werkzaamheden verricht. Verdachte, [medeverdachte 3] en medeverdachten [medeverdachte 1], [medeverdachte 6] en [medeverdachte 5] kennen elkaar in elk geval al enkele jaren. Verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] komen zeer regelmatig (zowel binnen als buiten kantoortijden) op de [adres 1] waar [medeverdachte 3] (en zijn werknemer medeverdachte [medeverdachte 6]) en medeverdachte [medeverdachte 5] hun in de volgende alinea te noemen horlogehandel drijven en waar dan geld gewisseld wordt zoals uit de hierna opgenomen gesprekken eveneens naar voren komt. Uit het ingestelde onderzoek bleek dat [bedrijfsnaam 1] ([medeverdachte 3], rechtbank) tot medio 2012 één bedrijfslocatie deelde met de eenmanszaak van medeverdachte [medeverdachte 5], [bedrijfsnaam 2], op het adres [adres 1], unit A3 te Amsterdam. Na juli 2012 is [bedrijfsnaam 1] verhuisd naar het adres [adres 1], unit A6, in hetzelfde pand op dezelfde etage op de begane grond, enkele kantoorruimtes verder. Duurzaam samenwerkingsverband Dat er sprake was van een duurzaam samenwerkingsverband tussen medeverdachte [medeverdachte 1], verdachte, [medeverdachte 3] en medeverdachten [medeverdachte 6] en [medeverdachte 5] komt onder meer uit de volgende tap- en ovc (opname vertrouwelijke communicatie)-gesprekken en onderzoeksgegevens naar voren. Uit onderzoeksbevindingen over de periode 2009-2013 komt naar voren dat er tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] zeer frequent telefonisch contact was. Tussen 12 oktober 2009 en 27 mei 2013 heeft in totaal 5.215 keer telefoonverkeer plaatsgevonden tussen toestellen van medeverdachte [medeverdachte 1] en verdachte. In een ovc-gesprek van 1 februari 2012 om 22:31 uur op de [adres 1] te Amsterdam is medeverdachte [medeverdachte 1] met [medeverdachte 3] in gesprek over verdachte, waarin het volgende wordt gezegd: [medeverdachte 1]: Weet je wat het met hem is ook, zal ik je zeggen, hij, echt kan je echt van me aannemen, die jongen is super loyaal. Eerlijk, echt nooit problemen, echt een super loyale jongen, echt, geloof me nou maar [medeverdachte 3]: dat geloof ik [medeverdachte 1]: maar ik ga ook niet prie... vroeger gingen wij heel veel privé om. Maar nu weet je, met oudere (ntv) het is puur echt effe weet je, zo he het is mijn vriend gewoon maar en we komen elkaar op Ibiz.. dan eten we wel een happie maar ieder gaat zijn eigen weg. Hij heb z’n eigen gezin (pratend oor elkaar heen) [medeverdachte 1]: weet je. Maar ik moet niet gaan horen, ik zal je zeggen maar hij praat, als ie praat, ik hoor het wel eens terug over die, zo hoog [medeverdachte 3]: als ie met mij ook, dan praat ie je helemaal de hemel in [medeverdachte 1]: echt van ehh, ik heb zo veel aan hem te danken, hij is zo [slachtoffer 1]rect (ntv) hij heb wel eens tegen me gezegd; ‘Den, je deelt gewoon de helft (fon) met me af’. Ik zweer het je. Hij zegt ik zeg het eerlijk mag je het nu nog meteen doen (nvt) ga ik . Ik zeg nee man, gewoon, hebben we geen hoofdpijn ook, kunnen we niet later dat je denkt ‘Oh die heb meer’. Ik zeg ik kan zo en zo (ntv) veel meer geld als jou (ntv) en toen was ik ook blij dat ik het ook gewoon top gedaan heb. ‘Ik wil het nog steeds hoor’ zegt ie dan. [medeverdachte 3]: maar toen (ntv) 8 jaar gewoon elke dag.. als je hem nodig had was ie er... [medeverdachte 1]: 8 jaar, alles... alles voor me geregeld [medeverdachte 3]: en dat is loyaliteit. [medeverdachte 1]: hee, ik had eens ene keer een dekbedje.. was ie de week erop op bezoek komt, dan reed ie gewoon s’ middags naar Leeuwarden toe, toen zei ik gap, ik zie je toch van de week, ‘ja maar ik weet toch hoe je bent, dan moet je nog onder die deken liggen’. Nou hup, gewoon rijden hoor., Dan is ie gewoon zo’n 5 uur onderweg, voor wat. En dan geen bezoek he. Nee, echt veel voor me gedaan. En ik had hem ook beloofd, ik zei als ik er uit kom, dan eh.. [medeverdachte 3]: dat is gewoon loyaliteit he. In een ovc-gesprek van 27 december 2011 om 12:30 uur op de [adres 1] bespreekt verdachte met [medeverdachte 3] het volgende: [verdachte]: Ja, ik heb ook zeven jaar bij hem gelopen hoor [medeverdachte 3], zonder dat ik eh weet je wel. (onverstaanbaar) [medeverdachte 3]: Ook toen ie vast zat? [verdachte]: ja, want ik kon hem al een jaar hè toen ie binnen ging. [medeverdachte 3]:(onverstaanbaar) [verdachte]: Overal geweest, ik heb alles buiten voor hem geregeld. Familie, geld,(onverstaanbaar) opgehaald weet je wel, ik was altijd in de weer voor hem. Allemaal echt uit vriendschap. En dat zegt ie ook steeds hoor. Dat hoor ik wel. Achteraf hoor ik dat wel eens terug weet je van mensen. Als er één loyaal is geweest, dan is het [verdachte] zei ie, en die kon ik pas een jaar hè? We konden elkaar net een jaar toen. [medeverdachte 3]: (onverstaanbaar) [verdachte]: En hij kan bij mij echt niet (onverstaanbaar) vaak gelegd weet je wel. [medeverdachte 3]: Ja. [verdachte]: En ik heb ook momenten gehad hoor [medeverdachte 3] dat ik niks had hoor toen hij vast zat hoor. Had ik ook (onverstaanbaar) ik verdiende wel mijn geld maar ik had geen buffetje liggen of zo en moest ik ook kijken doe ik het zo, of ga ik dit doen of ga ik dat doen. Ik kon niet maar onbeperkt strooien. [medeverdachte 3]: Maar nooit pakken (onverstaanbaar) [verdachte]: (onverstaanbaar) Nooit. En ik heb altijd goed mijn geld verdiend weet je wel maar altijd momenten weet je wel en dan kon ik er van leven en dan pakte ik weer even wat weet je wel. In een ovc-gesprek van 31 oktober 2011 om 19:12 uur op de [adres 1] bespreekt medeverdachte [medeverdachte 1] het volgende met [medeverdachte 3]: [medeverdachte 1]: Geloof me nou, die jongen ([verdachte], rechtbank) is zo eerlijk en loyaal, hij was altijd mijn stapvriend met [getuige 17] en zo, wij gingen altijd gewoon weg. En toen ik voor schut zegmaar en toen heeft hij echt acht jaar, zeg maar gewoon uit vriendschap, helemaal niet voor geld, of wat….alles voor me geregeld, daar naar toe naar m’n moeder, naar zus en geloof me nou als ik een lijstje meegaf elke week dan was het echt wel wat (onverstaanbaar)En als ik eruit kom, dan kom je gewoon met mij mee, zo is het gegaan. [medeverdachte 3]: dat is top, als iemand dat voor je doet scheelt je toch een hoop werk. [medeverdachte 1]: en overal hè? Hij is wel eens naar Leeuwarden gereden om schone lakens te brengen, dan zei ik wacht maar ik zie je toch over een paar dagen op bezoek. Neenee, ik weet hoe je erover denkt, dan ging hij echt helemaal naar Leeuwarden om schone lakens te brengen he…dat soort dingen. In het ovc-gesprek van 23 september 2012 vanaf 16:26 uur op de [adres 1] te Amsterdam bespreekt verdachte het volgende met [medeverdachte 3]: [VERDACHTE] Ja, ik heb met die man ook gezeten, weet je wel... en met [medeverdachte 1] ook gepraat enne... [MEDEVERDACHTE 3]: .. .je ding doen. [VERDACHTE]: Hij zei ook tegen mij, dan ga jij lekker je ding doen. Sommige dingen... je weet hoe die is, weet je wel enne...ik heb nu echt genoeg van alles. Ik ben zevenenveertig man, ik loop al zo lang... [MEDEVERDACHTE 3]: ... genieten van je leven man... [VERDACHTE]: ...ik zeg, luister... ik hoef ook niet meer dit dan, weet je, ik loop nergens meer mee met je, dat wil ik ook niet weet je wel... dan moet ik daar gaan zitten en dan hier een keer in de maand komen en dan... zo zit ik ook niet in elkaar [medeverdachte 3], weet je wel. [VERDACHTE]: ... acht jaar lang altijd bij hem en nu nog, nu ben ik nog bezig voor hem... echt wat goeds gedaan voor hem... gaan ik vanavond zien. [MEDEVERDACHTE 3] : Ik kan me wel voorstellen dat je zegt van ehh... [VERDACHTE] : Kijk, ik ben ook nog crimineel [medeverdachte 1]... weet je wel. [MEDEVERDACHTE 3] Maar hij is echt... [VERDACHTE]: Kijk, hij zei ook tegen mij... [verdachte], ik wil met je ruilen... je moet mijn huis ergens pakken, een appartement.. .want hij zegt: Je gaat iedere dag naar die sportschool. Ntv .. .Hij zegt: Iedere dag ga je... ze pakken je. Ik zeg, ja maar ik kan het niet, Ik zeg, ik kan niet. Ik zeg, ik kan niet ergens een appartementje nemen ergens in ehh... niet meer naar de sportschool, niet meer naar de kinderen... (…) [VERDACHTE]: Weet je... dat het me niet achtervolgt en dan heb ik het redelijk goed gedaan [medeverdachte 3], weet je... niet.., weet je en dan kan ik lekker daar blijven enne... ik heb geen zin meer in die hele poespas, joh... [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [VERDACHTE]: Ik ben ook niet meer gemotiveerd daarin, ik ben ook te veel weg, weet je wel... [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [VERDACHTE]: Hij zegt: “Jij kan niet zo leven als mijn en ik heb geen zin om straks een bos bloemen voor je neer te leggen.” Dus ja, daarom. En hij zegt: “Jij komt op de sportschool en jij gaat je kinderen zien en dat vind ik allemaal prima...” hij zegt:”Dan kan je beter niet meet dit doen.” Weet je, kijk, hij is natuurlijk natuurlijk niet te vinden hè, die lange...die heb je niet zo maar... Hij rijdt in een kogelvrije auto... ik rijd gewoon in een gewone BMW met zulke raampjes weet je.. .enne ik ben iedere ochtend in de sportschool, iedere avond in de sportschool. Je hoeft maar twee dagen te gaan zitten [medeverdachte 3] en daar heb je ze... weet je wel... Ja, natuurlijk, hij is erg goed voor me geweest... [MEDEVERDACHTE 3]: Maar ehh... [VERDACHTE]: Ik ook voor hem... [VERDACHTE]: Hij zegt: “Ik neem het je ook echt niet kwalijk...” Hij zegt: “Ik wil je ook niet meetrekken in het moeras...” hij zegt: “Ik loop al langer zo om mijn huis heen, niet daar en niet daar...” [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [VERDACHTE]: Ja, daarom. ..Zo is het gegaan, even goeie vrienden... Door elkaar [VERDACHTE] :Maar dan ben ik ook niet voor dit weet je wel. [MEDEVERDACHTE 3]:ntv [VERDACHTE]: Sluit ik het allemaal af, ga ik gewoon mijn eigen gang. Door elkaar. [MEDEVERDACHTE 3]: Appartementje kijken… [VERDACHTE]: Ja, een mooi appartementje pakken met een beetje bewaking en zo, weet je wel. [MEDEVERDACHTE 3]: Ja, dat moet je zeker doen. [VERDACHTE]: Ja, wij zijn ook wel eens alleen…dus als je denkt nu…ntv [MEDEVERDACHTE 3]: Ik moet eens kijken hoe ik dat kan aankleden dan….daar moet ik diep over nadenken….ntv …met geld gereden worden… [VERDACHTE]: Ja, maar daar zijn genoeg jongens voor…dat kan ik sowieso voor je doen, dan loop ik sowieso met je mee….is geen probleem. In het ovc-gesprek van 23 september 2012 vanaf 17:25 uur op de [adres 1] te Amsterdam bespreekt medeverdachte [medeverdachte 1] het volgende met [medeverdachte 3], waarbij tevens medeverdachte [medeverdachte 6] aanwezig is: [MEDEVERDACHTE 3]: Hij zei het zo...een beetje [medeverdachte 1] zo en [verdachte]... [MEDEVERDACHTE 1] : Ja. ja. [MEDEVERDACHTE 1] :... twee miljoen krijgen, dan had ik weer twee miljoen extra gehad he... voor wat?... voor niks. [MEDEVERDACHTE 3]: Jij hebt toch tegen hem gezegd, dat... [MEDEVERDACHTE 1] : Ja, zo is het niet gegaan. [MEDEVERDACHTE 3] Ik dacht dat jij dat tegen mij zei, man... [MEDEVERDACHTE 1] : jaaa... [MEDEVERDACHTE 3]: Jij zegt tegen mij, ik zeg tegen hem van ehhh... [MEDEVERDACHTE 1] : Ja, ik heb het niet helemaal goed verteld... dus ehhh... effe zo snel, globaal. [MEDEVERDACHTE 3] hij is... gewoon stoppen met je? [MEDEVERDACHTE 1]: Nee... hij zegt... ik zeg... ik wil een keer vier dagen weg, mijn informatie komt over vier dagen. Ik moet nog een keer een week gaan wachten, weet je... Enne, ik zeg: Waarom zeg jij dat nou eigenlijk? Ik heb een dingetje lopen weet je... één dingetje... ntv ... een weekje daar zijn, omdat ik dat dingetje nog heb lopen.., zal ik (ntv) uit de droom helpen... bij deze ben met jou klaar. Ik zeg, enne... dat dingetje loopt wel, maar dat gaat allemaal nou naar mij toe... Ik zeg ehh... dit wordt helemaal mooi... lk zeg ehh... je zit twee jaar lang te graaien... Ik zeg... nou wordt het een beetje heet onder je voeten.. .ik zeg, jij gaat naar de sportschool, terwijl ik gewoon ehh... oorlog moet gaan voeren. Ik zeg, heb jij... de hele dag naar de sportschool... weet je wat... ik ben er klaar mee. Ntv [MEDEVERDACHTE 1]: Ik zeg welk dingetje, er zit helemaal niks voor jou bij... [MEDEVERDACHTE 3]: Hmm, het is toch wel effe anders gegaan dan ik dacht. [MEDEVERDACHTE 1]: Is toch niet leuk. Dus ik heb gezegd, ik ben er klaar mee, is beter zo, weet je? Dus ehh... voelt niet goed. Ik zeg weet je wat het is... toen je aan het graaien was, toen had je dat moeten zeggen. Dan moet je op het hoogtepunt weggaan… dan hoor je gewoon als een kerel te zeggen... [MEDEVERDACHTE 1]: ... samen uit, samen thuis. Ik zeg, ik heb jou niet nodig hoor... jij hebt nog nooit een meerwaarde gedaan, ik heb dat gewoon uit loyaliteit en vriendschap gedaan... een beetje rijden, een beetje geld ophalen, maar... het echte werk, dat moet ik altijd zelf doen... [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [MEDEVERDACHTE 1] ... Niet zo... hoe ik het nu breng weet je, zo... niet zo heel negatief, maar het komt er wel op neer. Ik zeg... nou moet je gewoon vol aan de bak... ik had al, zeven achthonderd ruggen kosten genomen.., op mij. Ik zeg, weet je wat... pak nou maar die roeiboot.. dan ben je daar ook vanaf, dan kun je gewoon, wat je nu hebt, kun je gewoon verdelen. Ik zeg jongen, jij kan toch niet handelen wat ik ga doen... het probleem is, ik ben duizend keer crimineler. Nvt [MEDEVERDACHTE 1] :... moet je gewoon delen. Die had ik beter kunnen delen aan een paar echte soldaten... dan was ik beter af nu. Ik zeg nou... [MEDEVERDACHTE 3]: (stelt vraag) [MEDEVERDACHTE 1]: Ja,... brengt het nou netjes. Op het moment dat hij dat tegen jou gaat zeggen... [MEDEVERDACHTE 3]: Hoe ging het nou? ntv [MEDEVERDACHTE 1]: Hij moet zich doodschamen... hij schaamt zich ook dood... hij was helemaal rood en gloeiend... gewoon gênant was het... [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [MEDEVERDACHTE 1]:... daar komt het ook op neer... nog wel een paar andere dingen... [MEDEVERDACHTE 3]: Hij zegt... ntv [MEDEVERDACHTE 1]: Je voelt die dingen op een gegeven moment aan, weet je. Ntv ... Ik zeg, maar weet je wat het is... dan heb je ook geen kosten meer, dus ehh.weet je wat het is... je bent geen meerwaarde... hoe wou je het anders noemen? Ik ben er echt klaar mee en goed ook. [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [MEDEVERDACHTE 1]:... dan ligt ie gelijk op zijn reet man... ik ben er echt klaar mee... Is ook een beetje mijn eigen schuld achteraf hoor. [MEDEVERDACHTE 1]: Ik heb natuurlijk ook nog mensen, die bij mij uit de pot meedelen, weet je... Die deed ik eigenlijk af en toe een beetje te kort door dat ik de helft van hun pakte... dat waren ook mensen die het werk deden weet je... Kijk eigenlijk ben ik. ..hij is altijd heel loyaal naar mij geweest, toen ik zat... Maar kijk... [getuige 17]e had hem altijd bij zich, maar die liet hem nooit verdienen. Ik begreep dat niet. Ik zeg, [getuige 17] is een gierige gozer. Ik zeg, [getuige 17] waarom laat je hem niet verdienen?... enne, is ie niet voor in de wieg gelegd maar dan nog, weet je, hij is er altijd bij... altijd aan het knokken... die deed dat gewoon niet... Dat vond ik altijd wel een beetje vervelend en zo weet je... Toen had ik dat gedaan toen ik er uit kwam, toen kwam die ouwe ook naar mij toe, die kent hem nog langer als mij... [MEDEVERDACHTE 1]: ... zo en zo... moet ik dat nou gaan delen, het was al anderhalf jaar geleden... ik zeg man, dat is toch gewoon vervelend, dus ik doe dat niet weet je... achteraf had ik dat beter wel kunnen doen... maar ja, ik ben teleurgesteld, heel erg teleurgesteld... dat doet gewoon pijn. [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [MEDEVERDACHTE 1]: Ja, maar weet je, je gaat ook niet alles aan de grote klok hangen en ik zal je zeggen, ik had nog niet een heel duidelijke gedachte... was een half gesprek. Toen heb ik eigenlijk, toen ik jou heb gezien... nog ‘s avonds of de volgende dag met hem gesproken... ik weet niet, ik heb zo veel gesprekken gehad. ..Dus op een gegeven moment zeg ik dan ook tegen hem, langzaam gaat het een beetje... dat wij de baas zijn. Ik zeg want... op het moment dat ik gek ga doen, dan gaan ze jou... en anders is het misschien niet zo. Weet je, ze gaan het op jou botvieren...dus jij... je zit niet onder mijn vleugel. Hij zegt: Maar ja, als ze weten dat ik met jou ben dan zien ze dat allemaal anders... dan zien ze mij ook met aanzien...ntv...lk zeg, voor je eigen veiligheid [MEDEVERDACHTE 1]: Dan ben ik helemaal het haas. Ik zeg, kies nou maar wat jij wil...wat jij ze wijs wil maken... mij interesseert dat niet. Dus dat vond ik een beetje een teleurstellende uitspraak en van ja...maar een beetje zitten... mijn dingetje en kijk maar wat er dan bijkomt... die dingen die ik allemaal zelf allemaal op heb gezet met mijn eigen mensen... mij eigen dingen... ik doe alles daarin... ntv... Eigenlijk had ie moeten zeggen... had ik hem er nog buiten gelaten ... hij had gewoon moeten zeggen: Hé luister, dat doe ik niet, samen uit samen thuis... [MEDEVERDACHTE 1]: hij heb nog gezegd: Ga maar aan de zijlijn, want het heb geen zin met jou...ntv... garage... Weet je wat ik ook niet begreep... dan is ie vier dagen weg, dan wachten we met...ntv... Dat gaat zo een paar keer... wat is er geweest, wat is er gebeurd, dit, dat...ja, en dan die lulverhalen van die sportschool horen. Ik zeg jongen... ik moet gewoon de barricaden op en jij hebt het alleen maar over sportscholen, dat onzingelul. Ik zeg hé, hier heb ik echt geen kracht voor en geen tijd voor.., het werd een beetje vermoeiend hè... [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [MEDEVERDACHTE 1]: Ja, maar dat kan toch niet... Zeg maar, toen ik met jou zat, had ik het nog niet zo... [MEDEVERDACHTE 3]: Nee, oké. [MEDEVERDACHTE 1]: Begrijp je. Toen had ik het nog niet zo erg, alleen dan had ik een gesprek gehad en dat viel eigenlijk nog duizend procent tegen ook nog. Dus toen werd het erger en toevallig spreek ik... ntv... Hij zegt: Kan ikje effe zien? Ntv... Hij kan mij geen goed nieuws meer geven, dus ik zeg, kan het niet een andere keer? Ik zou om acht uur me gaan knippen bij [getuige 18]. “Dus ik ([VERDACHTE]???) zie je acht uur daar.” Ik zeg, nee, nee, doe maar half zes bij [medeverdachte 3] weet je. “Nee, nee, want ik ga me ook laten knippen.” Ik nee, ... geen zin meer... ik ben echt meteen weg, ik heb er geen zin meer in, weet je. [MEDEVERDACHTE 3]: Kan toch niet... [MEDEVERDACHTE 1]: Nee, maar het heeft voor mij geen minderwaarde...dat ik daar voor extra...dat het daardoor minder wordt, dat is het niet. [MEDEVERDACHTE 3] : ntv [MEDEVERDACHTE 1] : Mijn achterban he, die gaat nu zeiken hè, die komt vandaag of morgen naar me toe en dan...ntv... tien ruggen liggen en dan ehh... Het is toch altijd vervelend als mensen iets zeggen en dan later ehh.. het zijn mensen waar ik al meer als twintig jaar mee ben hè...die echt de kastanjes uit het vuur halen. [MEDEVERDACHTE 1]: Maar weet je wat het is, ik kan het hem een ding ook niet kwalijk nemen, hij heeft ook nooit anders gedaan... hij is ook een sterke gozer, hij heb een grote naam, maar hij is zo slap als een... en dat weet ik ook, hij zegt: Dan, jij bent de enige die dat weet. Het is niet mijn ding natuurlijk. Maar ik sta daar gewoon wel achter. Weet je. Hij heeft er ook geen werk aan. Ntv [MEDEVERDACHTE 1]: Maar niet ie dat uit angst doet of zo... [MEDEVERDACHTE 1]: ... denk ik hoor. Ik weet niet wat het precies is hoor, maar goed... ik dek dat het meer is dat ie weet hoe ik ben als ik driftig word... ik ben niet echt pissig met dat verhaal... maken... ik ben er echt goed klaar mee...ntv Maar eigenlijk had ik gehoopt dat ie had gezegd... had ik het nog afgesplitst... sowieso... maar dan had je toch nog een goed gevoel.., dat gebeurde eigenlijk niet... Het is niet mijn ding, maar ik ga toch nog mee tot het einde, klaar. Dat wist ik van te voren nog niet [medeverdachte 3]... Nu is het effe graaien geweest en die roeiboot nou hè...en ik ga lekker met de Titanïc als Leonardo... met dat wijf (lachen)... en als je gewoon tegen hem zegt: Er zitten twee roeiers op.. .d’r zit helemaal geen tien pk op, dan...(lachen). [MEDEVERDACHTE 3]: Espressootje? [MEDEVERDACHTE 1]: Ja. Geluid van de koffiemachine te horen. [MEDEVERDACHTE 1]: Wat denk je als ik morgen in de stad roep: Hé, jij hoort niet meer bij me, ik ben er klaar mee. Het is gewoon loslopend wild hoor, dan wordt hij van alle kanten...ntv... [MEDEVERDACHTE 3]: Ja, dat geloof ik. [MEDEVERDACHTE 1]: Dan willen ze hem graag effe terug pakken hoor. Hij zegt: Nee, nee dat kan niet hoor. Het kan toch niet... ik kan toch niet zeggen dat die Ik zeg, ik denk dat het beter voor jouw is, voor mij is het geen probleem... Het is gewoon klaar zo...ieder zijn eigen weg en ehh... Omstreeks 18:15 uur wordt het gesprek voortgezet, waarbij het volgende wordt besproken: (…) Er is een Nnman te horen, die zegt: We hebben toch alles besproken? Fijne vakantie. [MEDEVERDACHTE 1] : Hé doei [medeverdachte 6]. Er is geratel te horen (geldtelmachine???) en getik, (recht schudden van bankbiljetten op tafel???) [MEDEVERDACHTE 1]: Goed kijken als je wegrijdt hè. Vooral aan het einde van de dag...gevolgd of niet? Diezelfde dag vanaf 18.18 uur bespreekt medeverdachte [medeverdachte 1] met [medeverdachte 3] op de [adres 1] het volgende: [MEDEVERDACHTE 1]: Het is gewoon teleurstellend man. Ik neem hem niks kwalijk. Het was een beetje gênant. Door elkaar. [MEDEVERDACHTE 1]: ntv... dan rijd ik op een fiets en dan rijd ik een park in... midden in de nacht en dan zie ik wel...dat merkt hij niet eens... ntv... hij heb daar geen last van... Wat ik niet leuk vond... ntv dat werkt natuurlijk niet zo...ntv... het is niet dat ik boos op hem ben. [MEDEVERDACHTE 3] : Nee, teleurgesteld. Soms is dat nog erger als boos. [MEDEVERDACHTE 1] :... acht jaar lik, ben je loyaal naar mij geweest en heb ik wel zoiets van weet je... daar voel ik me schuldig over... Maar, dat zegt ie ook... ntv... het was meer ook de reactie... niet te zwaar tillen want ik ben ook een heel andere jongen als hem natuurlijk, begrijp je? ... toen zei die van: "Als ze me willen pakken en ze gaan twintig jaar voor schut...", ik weet niet waarom hij dat zegt. Ja, hij zegt: "Ja, die lange die zet hem gewoon uit, die heb er schijt aan.” Ik weet niet...maar hij ...ntv [MEDEVERDACHTE 1] :... ik breng het misschien wat grover dan het eigenlijk is weet je. En het enigste wat het is, maar daar heb ik zelf voor gekozen, dat heb hij niet gedaan, dat ik eigenlijk een mens, die de kastanjes uit het vuur...die deed ik eigenlijk wat te kort, omdat ik de helft met hem moest delen en ik vond... dan had ik aan het einde van het verhaal zelf dertig procent en hij honderd procent, begrijp je? Daar heb ik wel een beetje een fout in gemaakt, zeg maar. Ntv [MEDEVERDACHTE 1] :... geld interesseert me ook niet zo... door elkaar en ntv... Begin ik daarna weer, weet ik veel... vijftig procent en hij heb die andere vijftig procent. En een jongen waar ik mee werk., die zegt, zegt ie: "Wil je meedoen?’’... ntv... vijfentwintig procent... ntv... het eerste jaar verdien je het...Ik zeg, wat denk je dat je dan gaat over houden? Zegt ie: "Ja, misschien vijf ruggen." Dan moetje appartement gaan huren voor tweeëneenhalve rug... een auto... Ik zeg, wat schiet je er dan mee op? [MEDEVERDACHTE 3]: ntv [MEDEVERDACHTE 1]: Kijk weet je wat ik denk, maar dat is wat ik zelf denk...daar heb ik helemaal geen bewijs voor, maar zo wil ik het niet zeggen want dat klinkt... een beetje...ntv... Ik zal je zeggen, ik ben daar twee weken... ntv... daar bleef ie maar over aan de gang... [MEDEVERDACHTE 3]: ntv. [MEDEVERDACHTE 1]: Ja... ik kan dat ook niet goed inschatten. [MEDEVERDACHTE 3]: Ik ken hem niet goed genoeg om te zeggen, dat ehh... [MEDEVERDACHTE 1]:... weet je waarom... Hij... op loyaliteit kun je hem niet pakken, geloof me nou... Er was helemaal niets aan de hand...dus daarom was het zo vreemd. Dat had ik niet verwacht... daarom was het zo’n teleurstelling, omdat... zeg maar... vijftien jaar of veertien jaar, dat was in een keer helemaal weg, weet je? Dat vond ik zo...ntv...door elkaar... sportschool...barricaden... [MEDEVERDACHTE 1]: En dan vond ik het een beetje teleurstellend weet je en eigenlijk begon hij mij een beetje te... dus ja... Hij stapt zondag naar me toe en zegt dat hij niet meer samen wil want ze gaan zo direct ook terugslaan. En de eerste die ze terugslaan ... (ntv) jou. Nee, dat wil niet zeggen dat ik geen contact meer met jou, dan nemen ze mij ook niet meer voor vol aan. Dat vind ik een hele teleurstellend iets. Ik zeg hè, ik zeg (ntv) tegen hem gezegd ... ntv. Dat vond ik een beetje... Dus dan geef je... dan ga je naar huis, je kinderen komen, gaat het wel goed met je? Toen dacht ik ja... (ntv) Dus toen moest ik eigenlijk denken… ntv haal effe wat uit die sportschool, kon je niet echt beestachtig van leven maar had die altijd wel een dure auto ... ntv per maand. Dat vind hij heel belangrijk een dure auto. Hij vindt.., dat ie in zijn Golfje... dan heb je echt het idee... wat is dat nou. Dan ben je toch zo goed als zeker, weet je ik geef daar om. Dus toen dacht ik, dat gedrag had hij altijd, zeg maar (ntv) ook al heb ie tientallen miljoenen (ntv) Dat vond ik namelijk een beetje typerend voor dat, zeg maar, toen hij dat zei. Ja, maar dan kan ik nou wel ploffen. Kijk, zijn wel bang voor een pak rammel, maar daar zijn ze niet echt bang voor ... ze zijn het meer ... weet je .. .ntv ploffen, maar dan? Dat is een manier van veiligheid hoe ik dat zeg, want ik ga echt .. .ntv want jij bent echt... geloof me nou, jou vreten ze als eerste op om mij wat aan te doen ... weet je. En jij ... kijk ik moet echt zo’n Jacques Mesrine naast mij hebben die onder een tegel gaat liggen en daarvandaan gas geeft ... maar hij heee ... (ntv) tegel en hij zegt gewoon ... ntv en zijn auto staat voor de deur ... ntv ... dus. Tja, en daar ken je zien dat ie niet crimineel is ... een ander zegt ja, hey, jij gaat zo ... ntv ik ga lekker effe... ik pak even mijn dingetje buiten de stad en eh, kom maar op met dat ...ntv, dan kijken we wel even vanaf de zijkant ... ntv opgegroeid en dit en dat ... ntv er over heen en dan euh ... weet je. Dus ja ... dus het was meer teleurstelling was het meer. Dus eigenlijk zeg maar dat ik hem veertien jaar niet op loyaliteit heb kunnen betrappen ... hij ging ook gewoon... het maakte hem ook niet uit, het ging ook helemaal niet ... het was gewoon echt... hij ging bijna huilen ook of zoiets, hij kreeg hele rode ogen. Hij werd helemaal rood van het generen en hij kon niet goed meer praten. Toen liepen we zo zeg maar weet je (ntv) [MEDEVERDACHTE 3]: Grappig. [MEDEVERDACHTE 1]: Maar het is nou eenmaal zo, weet je. Ik ben altijd heel snel. ... je laat me toch gewoon in de steek jongen ... ntv spraakzaam, hij voelde wel ... ntv ik zeg maar dit is toch ook ... ntv [MEDEVERDACHTE 3]: Nu snap ik hem, dat hij ... ntv ([medeverdachte 1] lacht) [MEDEVERDACHTE 1]: Ja, ik wil daar een beetje duidelijk in zijn. Maar kijk, bijvoorbeeld toen die … .. ntv (…) [MEDEVERDACHTE 1]: maar dan ga je niet zeggen (ntv) bespreken. Dus hij zegt wat gaan we nou doen (ntv) ik had doorgegeven (ntv) zijn we aan het schakelen en te p[[slachtoffer 2]eren die 300, is dit nou hetzelfde volgens mij, nu zeg jij twee en een half miljoen pak zo die (ntv) [Te horen is dat [medeverdachte 1] [medeverdachte 1] lacht] Ik weet zeker dat die van hem komt (ntv) [MEDEVERDACHTE 3]: (ntv) [MEDEVERDACHTE 1]: Luister nou hij is naar mij altijd correct geweest. Altijd. Loyaal, altijd goed. Ik heb ook geld met hem verdiend, stukje (ntv) In een ovc-gesprek van 11 mei 2011 in de BMW bespreekt verdachte met medeverdachte [medeverdachte 1] een gesprek dat verdachte heeft gehad met [medeverdachte 4] (de rechtbank begrijpt: [medeverdachte 4]), waarbij het volgende wordt gezegd: [medeverdachte 1] [medeverdachte 1]: Hoe is het met [medeverdachte 4]? [verdachte]: Ja, rustig ook, rustig. [medeverdachte 1]: ntv [verdachte] ntv... had ie het over geld. Hij zegt: “Hoe doe jij dat nou allemaal?” Weet je wel? Ntv... iets meer dan hem, weet je wel, maar ik zie ook wel dat hij wat doet wat hij niet kan ehhh...weet je wel, maar ik vraag nooit weet je wel? [medeverdachte 1] : Hmmm... [verdachte]: Hij zegt: “Hoe doe jij dat nou, want het is toch niet normaal wat alles kost... en ehhh... gaat daarheen, gaat daarheen... [medeverdachte 1]: Oh, dat zegt ie dan? [verdachte]: Ja. [medeverdachte 1] : Oh, echt bijna alsof je je moet verantwoorden. [verdachte] : Ja. Ik heb natuurlijk ooit met hem ... ntv. .. dat was sam sam, weet je wel.. Maar ja, dat is nu wel een beetje verwaterd [medeverdachte 1], weet je wel. [medeverdachte 1] : Ja. [verdachte] : Maar, ja... toen zei ik gewoon, dat ik van jou, weet je wel. ..lk zei, nou, ik ben de hele dag met [medeverdachte 1] en ehhh.. ik ben de hele dag met hem aan het rijden en aan het doen en ehhh...lk zei, die geeft me gewoon af en toe effe een paar ruggen, weet je wel.... Ik zei nou, daar doe ik het van. [medeverdachte 1]: Hmmm. [verdachte]: “Wat geeft ie dan?” (vraag van [medeverdachte 4] aan [verdachte], welke door [verdachte] wordt herhaald). Ik zeg... ntv. [medeverdachte 1] : Ja, dat is echt lekker. [verdachte]: Ik zou dat nooit vragen, weet je wel. [medeverdachte 1]: Nee, dat is echt ehhh... [verdachte]: Ik zeg, nou, af en toe effe een paar ruggen... wat ik nodig heb weet je wel? [medeverdachte 1]: Hmm. [verdachte]: Als ik dan wat nodig heb, kan ik het aan hem vragen en dan krijg ik het van hem. Maar ik ga geen dingen vragen voor nieuwe schoenen of een nieuwe jas, weet je wel, dat is allemaal...Maar als ik echt effe wat nodig heb om dingen te ... dan kan ik zo bij hem terecht. Maar dan zag je toch wel effe die interesse weet je wel... effe wou weten hoe het precies zat, weet je wel. Het is geen verkeerde gozer... [medeverdachte 1]: Nee.. [verdachte]: Echt niet hoor, maar ehh... hij is een beetje te... weet je wel. In een ovc-gesprek van 15 januari 2012 om 20:03:11 uur in de BMW is medeverdachte [medeverdachte 1] in gesprek met verdachte over diens sportschool, waarbij het volgende wordt gezegd: [medeverdachte 1] vraagt wat [verdachte] het komende jaar gaat doen? Praten over veranderingen in de sportschool en over geld erin pompen. Die van [verdachte] zelf, die andere hoeft ook niet. [medeverdachte 1] zegt dat is je basis als je morgen geen geld heb, komt daar nog geld uit. [verdachte] zegt dat de sportschool van hem verlies draait dat er veel leden zijn weggelopen. Praat over personeel, de huur en hij zelf die betaald moeten worden uit de omzet. [verdachte] zegt dat hijzelf voor drieënhalf duizend
(3500)en [getuige 8] voor vijftien
(15)meier op de loonlijst staat. [verdachte] kan het zo redden. [medeverdachte 1]: Maar kan je het niet zo redden dat je niet dit hoeft te doen. [verdachte]: Nog niet. In een ovc-gesprek van 7 december 2011 op de [adres 1] te Amsterdam is verdachte in gesprek met [getuige 5], waarbij het volgende wordt gezegd: [verdachte] is in gesprek met [getuige 5]. Ook [medeverdachte 5] [medeverdachte 5] is te horen. Die lijkt telefonisch in gesprek. Gesprek gaat over de kinderen van [verdachte] en het kind van [getuige 5]. [verdachte] zegt dat zijn dochter nu een vriendje heeft uit Amsterdam. Die had tegen [verdachte] zijn dochter gezegd; ik heb gekeken, ik hoorde van mijn vrienden van je vader... [verdachte] lacht. [verdachte] vervolgt zijn verhaal zegt: een onwijze crimineel he. [verdachte] zijn dochter heeft gezegd dat hij ([verdachte]) niet crimineel is. Hij ([verdachte]) haalt alleen wel eens wat geld op voor mensen... als mensen niet betalen. Zo heeft [verdachte] uitgelegd aan zijn dochter, wat hij een beetje doet. [verdachte] heeft gezegd; Papa is eigenlijk een deurwaarder. [verdachte] heeft uitgelegd dat als je mama de hypotheek niet betaald, er ook een meneer aan de deur staat. [verdachte] zegt; dat doet papa ook, alleen voor mensen met zwart geld, gaat papa ook naar die mensen (ntv) zorgen dat ze betalen, weet je wel, zo. In een ovc-gesprek van 21 januari 2012 in de Volkswagen Golf is verdachte in gesprek met zijn dochter [getuige 19], waarbij het volgende wordt gezegd: [verdachte] wil niet dat [getuige 19] haar moeder afvalt maar ook [verdachte] niet. [verdachte] doet heel veel voor [getuige 19], niet alleen financieel maar ook wat [verdachte] allemaal doet voor [getuige 19]. [verdachte] zegt jullie vinden dat mamma zielig is omdat ze zo hard werkt. Weet je hoe laat pappa thuis was gisteren? Twaalf uur. [verdachte] was half zeven wakker. [verdachte] was de hele dag in de weer geweest. Jullie denken dat pappa....heel makkelijk zijn geld verdient en thuis zit en dat het geld in de brievenbus gegooid wordt. Pappa moet er ook iedere dag voor rij/werken. En dat doe ik al twintig jaar. Gesprek verder over dat [verdachte] vindt dat oma de moeder is van [getuige 19] en [getuige 20] omdat hun moeder altijd op stap was. En dat [verdachte] dan de kinderen niet kreeg. [verdachte] geeft iedere maand 2300 euro aan [getuige 19]’s moeder en daarbuiten nog minimaal 1800 euro extra kwijt aan school, treingeld, schoolreisjes, boeken. Daar zit het zakgeld, kleding, vakantie, scooter, fietsen, computers, extra telefoonkosten. Dat zit er niet bij. Terwijl mamma iedere maand 400 krijgt voor [getuige 19] en 400 voor [getuige 20]. [verdachte] zegt je moeder heeft het mij heel moeilijk gemaakt in de scheiding. [verdachte] zegt ik zal je later nog eens een verhaal vertellen waar je echt van schrikt, wat je moeder heeft gedaan, wat mij heel veel geld heeft gekost alleen omdat ze zelf het geld wil pakken. Gesprek verder over oma die bij [getuige 19] in huis woont. [verdachte] is altijd met zijn kinderen bezig. [verdachte] moest eerst € 2000,- betalen maar [getuige 19]’s moeder wilde € 2300,- [verdachte] zegt ik heb niks met je moeder maar ik stort het geld zodat jullie bij mij in de buurt kunnen wonen. [verdachte] had de sportschool failliet kunnen laten gaan zodat [getuige 19]’s moeder niets had gekregen maar dat wilde [verdachte] niet omdat de kinderen anders in Almere of Turkije zouden wonen. [verdachte] verdient iedere maand € 3000,- uit de sportschool, daarvan gaat € 2300,- naar [getuige 19]’s moeder en houdt [verdachte] € 700,- over. [verdachte] is over drie jaar klaar met betalen en daarom is [getuige 19]’s moeder een zaak begonnen omdat ze anders geen geld heeft. [verdachte] zegt jullie vinden je moeder zo zielig maar ze kan wel naar Dubai, Ibiza, Miami en Turkije. Wat heeft ze met jullie gedaan? Kijk dan naar je vader, ik neem jullie altijd mee en dan kan je zeggen pappa heeft meer geld maar pappa werkt ook tien keer zo hard, daarom heeft [verdachte] meer geld, omdat hij veel harder werkt. Iedereen kan zeggen over pappa wat ze willen maar pappa moet er wel altijd zijn. Ik ben er altijd, ik moet ook m’n dingen doen. [getuige 19] zegt met de sportschool alleen had jij ook niet zoveel geld gehad. [verdachte] zegt dan had ik jullie niet zo kunnen onderhouden. [getuige 19] zegt maar mamma weet niet wat jij aan andere dingen doet. [verdachte] zegt maar die moet pappa ook doen, die krijgt pappa ook niet voor niks, daar heb pappa ook zijn risico mee, pappa kan misschien ook er morgen niet meer zijn. Kan je nagaan hoe ver ik ga om alles maar voor jullie te verwezenlijken, om jullie een goed leven te geven. Mamma betaalt helemaal niks. [verdachte] zegt jij hebt meer geld in de week dan [getuige 24], terwijl zij werkt. In een ovc-gesprek van 7 mei 2011 in de Volkswagen Golf is verdachte in gesprek met zijn vriendin [getuige 8], waarbij het volgende wordt waargenomen en gezegd: [getuige 8] begint een gesprek met [verdachte] over zijn uitgaven. [getuige 8] vind het belangrijk dat [verdachte] oplet wat hij uitgeeft. [verdachte] zegt dat dit nog niet echt hele grote uitgaven zijn. Als je nou in een auto van een ton gaat rijden. [getuige 8] zegt maar als we gaan bekijken wat we nou hebben uitgegeven in één maand is het toch best wel veel. [verdachte] zegt dat het dan 20 a 25 ruggen is. [getuige 8] zegt dat ze het goed bedoelt. [verdachte] weet dat ook wel maar vind het gewoon lekker even een brommertje voor [getuige 19]. [verdachte] heeft ook een brommer voor [getuige 8] gekocht maar dat mag [getuige 19] niet vertellen tegen [getuige 24]. (…) [getuige 8] belt naar [getuige 22] die niet te horen is en zij vertelt dat [getuige 19] en zij een scooter hebben gekregen van [verdachte]. [getuige 8] zegt dat ze een van der Meer scooter heeft, een bedrijfsscooter omdat ze is aangenomen en dat zat bij het contract. [getuige 19] heeft een rooie genomen en [getuige 8] een witte. [getuige 8] krijgt die van haar maandag de 18e en [getuige 19] met haar verjaardag in oktober. (…) [verdachte] en [getuige 8] praten over het aanschaffen van een aantal tweedehands sportschool fietsen bij [getuige 21]. [verdachte] zegt dat hij dat dan wel gewoon uit zijn zak betaald. Dan beginnen ze het nieuwe seizoen met knappe fietsen. [verdachte] heeft drie ruggen bij [getuige 23] liggen. [verdachte] zegt dat hij vijf ruggen bij [getuige 23] neerlegt en dan kan [getuige 8] met [getuige 23] even wat regelen. Het gesprek is slecht te verstaan door de vele achtergrondgeluiden. Het gesprek gaat verder over de moeder van [getuige 19] die het financieel moeilijk heeft. [verdachte] hoeft haar nog maar vier jaar te betalen. (…) [verdachte] en [getuige 8] stappen in de auto. Er klinkt geritsel op de achtergrond. [verdachte] zegt iets over meteen geld geven. [getuige 8] vraagt iets over [medeverdachte 4]. Is niet goed verstaanbaar. [getuige 8] vraagt of ze mag vragen hoeveel geld dit is. Er klinkt nog steeds geritsel op de achtergrond. Het klinkt alsof er geld wordt geteld. [verdachte] zegt tien en vraagt dan aan [getuige 8] of zij dit even wil tellen. [getuige 8] zegt dit is drie. Er klinkt geritsel op de achtergrond gelijkend op geld tellen.. [getuige 8] zegt deze had je apart gelegd. [verdachte] zegt dat ze die in de tas moet doen. [getuige 8] vraagt of ze dit ook apart moet leggen. Dat is wat ze net heeft geteld. [verdachte] vraagt of dat alles bij elkaar is en vraagt of het negentig is. [getuige 8] zegt dit is vijfhonderd. Er klinkt gekraak en [getuige 8] vraagt of dit voor [medeverdachte 4] is. [verdachte] zegt van wel. [getuige 8] zegt zo. (…) Een portier gaat open en dicht. [verdachte] slaat een kreun en zucht. Er wordt geclaxonneerd en [verdachte] roept hoi. [verdachte] zegt dat het twintig was. [getuige 8] vraagt in totaal. [verdachte] bevestigt dat. [getuige 8] vraagt of zij ([verdachte] en derde) zwart betaald krijgen. [verdachte] vraagt of [getuige 8] een bonnetje ziet liggen dan. [getuige 8] dacht dat [verdachte] dit wit deed. [verdachte] zegt van niet. [verdachte] zegt dat hij iedere maand drie krijgt. Hierna gaat het gesprek over trainen en boodschappen doen. (…) [verdachte] zegt dat hij [getuige 16] en [getuige 25] hier ook van betaald. [verdachte] zegt tegen [getuige 8], dat hij ze allemaal mee laat snoepen. [getuige 16] krijgt iedere maand 7 en een halve meier. [verdachte] zegt dat [getuige 16] hartstikke voor [verdachte] in de weer is en die regelt het allemaal. [getuige 8] zegt dat je [getuige 16] ook niet hoort klagen. [verdachte] zegt dat hij het toch iedere keer naar hem brengt. Op 10 augustus 2011 om 15:56 uur werd de Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 1] geparkeerd op de [adres 1] te Amsterdam ter hoogte van perceel 14. Verdachte en een onbekende man stapten uit en gingen het gebouw aan de [adres 1] binnen. Omstreeks 15:57 stapten verdachte en de onbekende man in de Volkswagen waarna deze wegreed over de [adres 1] te Amsterdam. Omstreeks 15:58 uur stond de Volkswagen stil op de [adres 1] te Amsterdam. Verdachte stond achter de Volkswagen en opende en sloot de kofferbak waarna verdachte als bestuurder weer instapte en wegreed over de [adres 1] te Amsterdam. In een ovc-gesprek van 10 augustus 2011 om 16:05 in de Volkswagen Golf is verdachte (D) in gesprek met een man genaamd [getuige 26] (R), waarbij het volgende wordt waargenomen en gezegd: Om 16:05 uur D: Geld...nvt... dat geld achterin gooien [[slachtoffer 2]. R: Ja D: Effe een Dingetje daaro vastzitten beter, honderd procent Hierna stapt iemand uit en wordt er een ander portier/achterklep (3e/5e deur) geopend. Er is een 'schroevend' geluid hoorbaar. Dan is even alleen de muziek hoorbaar, verder niets. Daarna is weer een 'schroevend' geluid hoorbaar. Hierna volgt een doffe klap gelijkend op het afsluiten/dichtdoen van een achterklep (3e/5e deur). Opmerking verbalisanten; met schroevend geluid wordt bedoeld alsof iemand ergens een dop (met schroefdraad) ergens af en op draait. Hierna stapt er weer iemand in het voertuig en doet zijn gordel om. D: Beter effe wegstoppen of niet dan? R: Ja, zie je het niet hè? D: Ja, het is altijd te veel wat je in je zak hebt weet je wel. R: Ja (…) Om 16:32 uur D: Ik vind dit wel een goed plekje hoor [[slachtoffer 2]. R: Brandblusser? D: Ja. (Schroevend geluid is hoorbaar) D: Maar ja, toch weet je wel. Ik heb het toch liever dan weer in m ’n zak. Als ze je auto pikken kopen ze er nog een auto erbij ook. Er klinkt een geluid alsof er iets los dan wel vastgeschroefd wordt. Opmerking verbalisanten; met schroevend geluid wordt bedoeld alsof iemand ergens een dop (met schroefdraad) ergens af en op draait. R: Doet ie het ook nog, die brandblusser? Of uh.. D: Ja ja hij staat