RECHTBANK NOORD-HOLLAND Afdeling Privaatrecht Sectie Kanton – locatie Alkmaar zaak/rolnr.: 4871766 \ WM VERZ 16-104 CJIB-nummer: [nummer] Proces-verbaal van de op 8 april 2016 in het openbaar gehouden terechtzitting voor de behandeling van beroepzaken in het kader van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) in de zaak van: naam [naam] adres [adres] [woonplaats] hierna te noemen: betrokkene. Aanwezig: kantonrechter mr. P.G. Vroom en de griffier. Ter zitting is verschenen: de vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie. Betrokkene is verschenen en heeft een toelichting gegeven. De gedraging waarvoor de sanctie is opgelegd luidt – kort omschreven – als volgt: signalen geven in andere gevallen of op andere wijze dan is toegestaan. Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift – dat zich bij de stukken bevindt – de gronden daarvoor aangevoerd. De vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie heeft het standpunt van de officier van justitie verwoord. De kantonrechter beëindigt de behandeling van de zaak en geeft aan direct uitspraak te doen. De kantonrechter deelt de beslissing en de motivering daarvan mee. De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is begaan. Daarbij is naar het oordeel van de kantonrechter het volgende van belang: Er is gehandeld in strijd met het gelijkheidsbeginsel, in verband met het toestaan dan wel gedogen door de overheid van zogeheten “tetteruitlaten” van bijvoorbeeld “Hells Angels”. Dat soort uitlaten, vaak nog uitgerust met een knallende naontsteking maakt een dermate groot lawaai dat de openbare orde en rust veelal ernstig wordt verstoord en gehoorschade bij burgers niet valt uit te sluiten. In een rechtstaat waar zulks is toegestaan is geen ruimte voor het beboeten van een burger die even gebruik maakt van een claxon veelal ter afwering van opdoemend gevaar. Dat een verbalisant achteraf meent dat gevaar niet aanwezig was doet daaraan in het licht van vorenstaande uiteraard niet af. Het beroep is daarom gegrond en de beslissing van officier van justitie zal worden vernietigd. Beslissing: De kantonrechter: verklaart het beroep gegrond; vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de administratieve sanctie is opgelegd; bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan deze terugbetaalt. Waarvan proces-verbaal, De griffier, De kantonrechter, Tegen deze beslissing staat ingevolge artikel 14 WAHV hoger beroep open binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de Sectie Kanton van de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.