RECHTBANK ALKMAAR Wrakingskamer zaaknummer: C/15/225412 HA RK 17-34 Datum uitspraak : 21 februari 2017 BESLISSING op het schriftelijk verzoek tot wraking van: [verzoeker] [adres] , hierna te noemen: verzoeker. 1 PROCESVERLOOP Bij brief van 20 februari 2017 heeft verzoeker een verzoek gedaan tot wraking van mr. M. Wouters (hierna te noemen: de rechter) als behandelend rechter-commissaris van de bij deze rechtbank, locatie Alkmaar, aanhangige zaak met insolventienummer C/15/16/273, hierna te noemen de hoofdzaak. Het betreft hier een tweede verzoek tegen de rechter in deze hoofdzaak.Bij beslissing van 26 januari 2017 is een eerste verzoek door de meervoudige wrakingskamer afgewezen. De wrakingskamer heeft op grond van de hierna opgenomen overwegingen besloten geen datum te bepalen voor een mondelinge behandeling van het verzoek. 2BEOORDELING VAN HET VERZOEK Verzoeker heeft in zijn verzoek voorop gesteld dat zijn grieven zich primair richten tegen [curator] als curator in het faillissement van verzoeker.Het wrakingsverzoek bevat inderdaad slechts grieven tegen [curator] voornoemd.Verzoeker meent dat een wrakingsverzoek de – enige – weg is om zijn klachten aan de orde te stellen. Naar het oordeel van de wrakingskamer dient het verzoek wegens kennelijkeniet-ontvankelijkheid buiten behandeling te worden gesteld. Bij beslissing van 26 januari 2017 heeft de wrakingskamer als oordeel uitgesproken dat inhoudelijke beslissingen van de rechter in de hoofdzaak zich in beginsel niet lenen voor toetsing door de wrakingskamer. Onder verwijzing naar paragraaf 4.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.