Rechtbank noord-holland Zittingsplaats Haarlem Bestuursrecht zaaknummer: HAA 17/859 uitspraak van de meervoudige kamer van 17 oktober 2018 in de zaak tussen [X] , wonende te [Z] , eiseres (gemachtigde: drs. J.H. Graham), en de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Eindhoven, verweerder. Procesverloop Verweerder heeft aan eiseres voor het jaar 2012 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) opgelegd, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 7.098 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 12.950. Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar de aanslag gehandhaafd. Eiseres heeft daartegen beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 12 september 2018 te Haarlem. Namens eiseres is verschenen haar gemachtigde, bijgestaan door [A] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door C.E.A. Engels en R.J.A. Slaats. Overwegingen Feiten 1. Eiseres is geboren op [geboortedatum] . In de periode 1 januari 2012 tot 20 maart 2012 heeft eiseres in Italië gewoond. Daarna heeft zij tot 1 juli 2012 in de Verenigde Staten (VS) gewoond. Volgens de Basisregistratie personen woont eiseres met ingang van 9 juli 2012 (weer) in Nederland. 2. Eiseres is begunstigde van twee in de VS gevestigde ‘irrevocable, non-discretionary trusts’. Het gaat om de – door partijen als zodanig aangeduide – ‘Grandchildren’s Trust’ en de ‘Minority Trust’ (hierna respectievelijk aangeduid als G. Trust en M. Trust). Het vermogen van de trusts wordt geïnvesteerd. Uit deze investeringen vloeien onder andere dividenden voort. 3. De vermogenswaarde van G. Trust op 1 januari 2012 bedraagt (omgerekend) € 424.938. De vermogenswaarde van M. Trust op 1 januari 2012 bedraagt (omgerekend) € 194.896. Eiseres heeft in de periode dat zij in 2012 in Nederland woonachtig was een bedrag van € 7.461 aan dividenden uit de VS ontvangen. Ter zake van deze dividenden is in de VS geen (bron)belasting geheven. 4. Eiseres heeft aangifte gedaan naar een verzamelinkomen van € 9.718. Het verzamelinkomen is als volgt samengesteld: Belastbare winst uit onderneming € 7.098 Voordeel uit sparen en beleggen € 2.620 + Verzamelinkomen € 9.718 5. Verweerder is van de aangifte afgeweken en heeft ook de vermogenswaarde van de trusts (€ 424.938 + € 194.896) aangemerkt als voordeel uit sparen en beleggen. Verweerder heeft het voordeel uit sparen en beleggen vastgesteld op € 12.950. Het verzamelinkomen is vastgesteld op € 20.048. 6. Tussen Nederland en de VS is de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen van 18 december 1992 (hierna: Verdrag) van kracht. Geschil 7. In geschil is de vraag of eiseres ingevolge artikel 25, derde lid, van het Verdrag recht heeft op een bedrag aan aftrek op de Nederlandse belasting. Eiseres beantwoordt deze vraag bevestigend en verweerder ontkennend. 8. Eiseres stelt dat zij recht heeft op een bedrag aan aftrek van € 1.120. Dit is 15% van het bedrag aan ontvangen dividenden. Volgens eiseres vloeit dit voort uit de tekst van artikel 25, derde lid, onderdeel b, van het Verdrag. Deze bepaling voorziet aldus eiseres in een aftrek van belasting voor de ontvangen Amerikaanse dividenden zonder dat er daadwerkelijk bronbelasting ingehouden moet zijn. In tegenstelling tot de voorkomingsbepaling (artikel 24) van het Nederlands Standaardverdrag uit 1987 (NSV) waarin voorkoming wordt gegeven voor ‘betaalde belasting’ staat in het Verdrag dat voorkoming wordt verleend voor dividenden die in de VS ‘mogen worden belast’. Eiseres heeft ter zitting desgevraagd verklaart haar subsidiaire standpunt dat het gelijkheidsbeginsel (de meerderheidsregel) is geschonden, ingetrokken. Eiseres concludeert tot gegrondverklaring van het beroep, vernietiging van de uitspraak op bezwaar en vermindering van de aanslag met € 1.120. 9. Verweerder stelt dat eiseres geen recht heeft op aftrek. Verweerder concludeert tot ongegrondverklaring van het beroep. Beoordeling van het geschil 10. De rechtbank stelt voorop dat niet in geschil is dat de vermogenswaarde van de trusts tot het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen (box 3) behoort. Voorts staat vast dat eiseres uit de trusts dividenden heeft ontvangen en dat daarover in de VS geen bronbelasting is geheven. De rechtbank overweegt dat voor de beantwoording van de voorliggende vraag de artikelen 10 en 25 van het Verdrag van belang zijn. In artikel 10 van het Verdrag is geregeld aan welk land het heffingsrecht met betrekking tot de dividenden is toegewezen. Artikel 25 van het Verdrag regelt de wijze waarop de landen voorkoming van dubbele belasting moeten geven. 11. Artikel 10 van het Verdrag luidt – voor zover hier van belang – als volgt: “1. Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat, mogen in die andere Staat worden belast. 2. Deze dividenden mogen echter ook in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is, overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast, maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden inwoner van de andere Staat is, mag de aldus geheven belasting niet overschrijden: a. 5 percent van het brutobedrag van de dividenden, indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is dat onmiddellijk ten minste 10 percent van het totale aantal stemmen in het lichaam dat de dividenden betaalt bezit; en b. 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen.” 12. Artikel 25, derde lid, van het Verdrag luidt – voor zover hier van belang – als volgt: “Nederland verleent voorts een aftrek op de Nederlandse belasting voor de bestanddelen van het inkomen die volgens het tweede lid van artikel 10 (Dividenden), artikel 17 (Bestuurders- en Commissarissenbeloningen) en artikel 18 (Artiesten en Sportbeoefenaars) van de Overeenkomst in de Verenigde Staten mogen worden belast, voor zover deze bestanddelen in de grondslag van de belastingheffing zijn begrepen. Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan a. in het geval van dividenden die mogen worden belast in de Verenigde Staten volgens het tweede lid, letter (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.