RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknummer : 9479248 \ WM VERZ 21-888 CJIB-nummer : [nummer] Uitspraakdatum : 31 januari 2022 Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [adres] woonplaats : [postcode] [woonplaats] (hierna te noemen: betrokkene). Het verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 31 januari
- Op de zitting is geen vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Overwegingen De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden. Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd. De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken die zich in het dossier bevinden – met name uit de verklaring van de verbalisant – voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Betrokkene heeft in het beroepschrift onder meer aangegeven dat haar telefoon standaard in een bakje aan haar rechterhand ligt, en dat zij met de rechterhand de navigatie-app van haar mobiel open klikte zodat zij kon zien waar ze heen moest. Het navigatiescherm van haar auto deed het namelijk ineens niet meer, en ze raakte in paniek. Betrokkene reeds dus aanvankelijk via het navigatie-systeem van haar auto. Als dat navigatie-systeem dan plots weigert, dan is het onaannemelijk dat navigeren via de telefoon maar één klik op een mobiele telefoon vereist. De telefoon zal immers ingeschakeld moeten worden, waar meestal een code of een duimdruk voor nodig is, de navigatie-app zal moeten worden gestart, en daarna zal de bestemming moeten worden ingegeven en de route worden gestart. In dat licht is het juist aannemelijk dat betrokkene de mobiele telefoon in handen heeft genomen. De lezing van betrokkene zorgt er aldus niet voor dat de kantonrechter gaat twijfelen aan de waarneming van de verbalisant. De boete is dus terecht opgelegd. De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,
- Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending: