RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknr./rolnr.: 9926290 \ CV EXPL 22-2816 Uitspraakdatum: 7 september 2022 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de besloten vennootschap Intrum Nederland B.V., voorheen h.o.d.n. Lindorff B.V., rechtsopvolger van Vattenfall Sales Nederland N.V., voorheen genaamd Nuon Sales Nederland N.V. gevestigd te Amersfoort eiseres verder te noemen: Intrum Nederland gemachtigde: Gerechtsdeurwaarderskantoor Vermeer Schutte & Musen B.V. tegen [gedaagde] wonende te [woonplaats] gedaagde verder te noemen: [gedaagde] 1Het procesverloop 1.
- Intrum Nederland heeft bij dagvaarding van 2 juni 2022 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft mondeling geantwoord. 1.
- Intrum Nederland heeft hierop schriftelijk gereageerd. Hoewel daartoe in de gelegenheid gesteld, heeft [gedaagde] niet meer gereageerd. 2De vordering en het verweer 2.
- Intrum Nederland vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van € 1.443,
- Zij legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat haar rechtsvoorganger met [gedaagde] een overeenkomst heeft gesloten en uit hoofde daarvan energie is geleverd op het door [gedaagde] opgegeven adres. [gedaagde] heeft verschillende termijnbedragen en een jaarafrekening onbetaald gelaten op grond waarvan Vattenfall de overeenkomst heeft ontbonden. Vattenfall heeft de vordering overgedragen aan Intrum Nederland. Intrum Nederland vordert naast betaling van deze vordering de wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. 2.
- [gedaagde] betwist de vordering (gedeeltelijk). Hij voert aan – samengevat – dat hij gelet op zijn inkomen niet alle schuldeisers kan betalen, maar dat hij probeert € 150,00 per maand te betalen aan Intrum Nederland. Verder kloppen de meterstanden volgens [gedaagde] niet. 3De beoordeling 3.
- De overeenkomst tussen Vattenfall (destijds handelsnaam NUON) als handelaar en [gedaagde] als consument is op afstand (online) gesloten. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet ter bescherming van de consument onder meer aan wettelijke (pre)contractuele informatieverplichtingen worden voldaan. De kantonrechter moet er ambtshalve op toezien dat die voorschriften worden nageleefd, dus ook als daartegen geen verweer is gevoerd. 3.
- Intrum Nederland stelt dat is voldaan aan deze consumentenbeschermende voorschriften. Bij haar toelichting op het bestelproces heeft Intrum Nederland gebruik gemaakt van schermafdrukken van www.vattenfall.nl. Intrum Nederland heeft verder toegelicht dat de overeenkomst met [gedaagde] is gesloten onder een andere handelsnaam, namelijk NUON, maar dat dit dezelfde rechtspersoon is als Vattenfall en dat in het kader van de naamswijziging de website is aangepast. Volgens Intrum Nederland zijn de schermafdrukken van NUON niet meer beschikbaar, maar is het bestelproces wat betreft inhoud en informatie gelijk gebleven; alleen de naam en het logo zijn aangepast. 3.
- Anders dan in de zaak zoals gepubliceerd, is in deze zaak verweer gevoerd. [gedaagde] heeft niet weersproken dat het bestelproces bij Vattenfall, zoals weergegeven in de door Intrum Nederland overgelegde schermafdrukken, wat betreft inhoud en informatie gelijk is aan het bestelproces bij NUON dat hij heeft doorlopen tijdens het aangaan van de overeenkomst. Daarom wordt daarvan uitgegaan. 3.
- Daaruit blijkt onder andere dat in het bestelproces bij Vattenfall en dus kennelijk ook bij NUON gebruik wordt gemaakt van een bestelknop waarop de woorden “Aanvraag versturen” staan. Op grond van de hiervoor vermelde wettelijke informatieverplichtingen geldt onder meer dat een handelaar zijn elektronisch bestelproces zodanig moet inrichten dat de consument een aanbod niet kan aanvaarden dan nadat hem op niet voor misverstand vatbare wijze (al dan niet via een bestelknop) duidelijk is gemaakt dat de bestelling een betalingsverplichting inhoudt. Als hieraan niet is voldaan, is de overeenkomst vernietigbaar. Bij de beoordeling of aan deze verplichting is voldaan, moet alleen rekening worden gehouden met de woorden op de bestelknop waarmee de consument het bestelproces afrondt. Met de hiervoor vermelde woorden op de bestelknop is geen duidelijke mededeling gedaan dat de consument met het aanklikken van die knop een betalingsverplichting aangaat. Er is dan ook niet voldaan aan deze verplichting. Als gevolg daarvan is de overeenkomst vernietigbaar, en wel voor wat betreft de betalingsverplichting van [gedaagde] . 3.
- De conclusie is dat de vordering van Intrum Nederland zal worden afgewezen. 3.
- De proceskosten komen voor rekening van Intrum Nederland, omdat zij ongelijk krijgt. De kosten van [gedaagde] , die procedeert in persoon, worden daarbij op nihil gesteld. 4De beslissing De kantonrechter: 4.
- wijst de vordering af; 4.
- veroordeelt Intrum Nederland tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor [gedaagde] worden vastgesteld op nihil. Dit vonnis is gewezen door mr. P.J. Jansen en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter Artikel 6:230m lid 1 en artikel 6:230v van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). Zie het vonnis van deze rechtbank van 10 augustus 2022 (ELCI:NL:RBNHO:2022:6850). Artikel 6:230v lid 3 BW. Zie het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 7 april 2022 (ECLI:EU:C:2022:269).